18e wijziging van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Landgraaf 2008

De raad van L a n d g r a a f ;

 

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 27 juli 2021;

 

overwegende dat het wenselijk is om de in de Algemene plaatselijke verordening gemeente Landgraaf 2008 opgenomen artikelen met betrekking tot evenementen, alsmede enkele daarmee samenhangende artikelen, te actualiseren;

 

gelet op het bepaalde in artikel 149 van de Gemeentewet;

 

b e s l u i t:

 

vast te stellen de volgende 18e wijziging van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Landgraaf 2008:

Artikel I  

De Algemene plaatselijke verordening gemeente Landgraaf 2008 wordt gewijzigd als volgt:

 

A

De inhoudsopgave met betrekking tot afdelingen 2 en 6 wordt gewijzigd als volgt:

 

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

AFDELING 2 TOEZICHT OP EVENEMENTEN

Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen

Artikel 2.2.2. Evenement

 

 

AFDELING 6 VUURWERK

Artikel 2.6.1 Begripsomschrijving

Artikel 2.6.2 Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens verkoopdagen

Artikel 2.6.3 Bezigen van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling

AFDELING 2 TOEZICHT OP EVENEMENTEN

Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen

Artikel 2.2.2. Evenement

Artikel 2.2.2a Ordeverstoring

 

AFDELING 6 VUURWERK

Artikel 2.6.1 Begripsomschrijving

Artikel 2.6.2 Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens verkoopdagen

Artikel 2.6.3 Bezigen van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling

Artikel 2.6.4 Carbidschieten

 

B

Artikel 1.3 wordt gewijzigd als volgt:

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 1.3 Indiening aanvraag

1. Een aanvraag voor een vergunning of ontheffing wordt ingediend tenminste drie weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft.

2. Voor bepaalde, door het bevoegde bestuursorgaan aan te wijzen vergunningen of ontheffingen, kan de in het eerste lid genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste acht weken.

3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan, indien het betreft een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2.2.2. eerste lid, de genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste 26 weken.

Artikel 1.3 Indiening aanvraag

1. Een aanvraag voor een vergunning of ontheffing wordt ingediend tenminste acht weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft.

2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt een aanvraag voor een vergunning voor een evenement als bedoeld in artikel 2.2.1, derde lid, onder c, ingediend tenminste 26 weken voor het tijdstip waarop het evenement plaatsvindt.

 

C

Artikel 1.8 wordt gewijzigd als volgt:

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 1.8 Weigeringsgronden

1. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c. de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

2. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd indien de aanvraag om vergunning of ontheffing niet binnen de op grond van deze verordening gestelde termijn is ingediend.

 

Artikel 1.8 Weigeringsgronden

1. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c. de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

2. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd indien de aanvraag om vergunning of ontheffing niet binnen de op grond van deze verordening gestelde termijn is ingediend.

3. De vergunning of ontheffing wordt geweigerd indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat in strijd zal worden gehandeld met aan de vergunning of ontheffing verbonden beperkingen of voorschriften.

4. Een vergunning of ontheffing ten aanzien van een inrichting, bedrijf of persoon, waarvan de vergunning of ontheffing op grond van artikel 1.6, aanhef, onder a of c, is ingetrokken, kan gedurende een termijn van twee jaar na die intrekking worden geweigerd.

 

 

D

Artikel 2.2.1 wordt gewijzigd als volgt:

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan, elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

a. bioscoopvoorstellingen;

b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en artikel 5.2.4 van deze verordening;

c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

d. het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

f. activiteiten als bedoeld in artikel 2.3.3.1 van deze verordening;

g. kleinschalige activiteiten met een jaarlijks terugkerend karakter, binnen het gebouw van een horeca-inrichting.

 

2. Onder evenement wordt tevens verstaan:

a. een herdenkingsdienst op of aan de weg;

b. een braderie;

c. een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2.1.2.1, op de weg;

d. een feest, muziek of wedstrijd op of aan de weg.

 

3. In deze afdeling wordt verstaan onder:

a. A-evenement: een evenement met beperkte impact op de omgeving en beperkte gevolgen voor het verkeer (weinig risico);

b. B-evenement: een evenement met grote impact op de omgeving en/of gevolgen voor het verkeer (gemiddeld risico);

c. C-evenement: een evenement met grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor het verkeer (hoog risico).

Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan, elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

a. bioscoop- en theatervoorstellingen;

b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet en artikel 5.2.4 van deze verordening;

c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

d. het in een lokaliteit in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen,tenzij heteen dance-evenement betreft, dat wil zeggen een evenement waar hoofdzakelijk electronische muziek wordt gemaakt van onder andere de stijlen acid-house, drum and bass, dubstep, hardcore, hardstyle, hardtrance, hiphop, house, industrial, jungle, techno en trance;

e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

f. activiteiten als bedoeld in artikel 2.3.4.1en artikel 2.1.4.1 van deze verordening;

g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f;

h. kleinschalige activiteiten binnen het gebouw van een horeca-inrichting.

 

2. Onder evenement wordt tevens verstaan:

a. een herdenkingsplechtigheid op of aan de weg;

b. een braderie;

c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2.1.2.1;

d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

e. een straatfeest of buurtbarbecue;

f. een door de B urgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s.

 

3. In deze afdeling wordt verstaan onder:

a. A-evenement: een evenement met beperkte impact op de omgeving en beperkte gevolgen voor het verkeer (weinig risico); integrale operationele voorbereiding en uitvoering door de OOV-diensten zijn in de regel niet noodzakelijk;

b. B-evenement: een evenement met grote impact op de omgeving en/of gevolgen voor het verkeer (gemiddeld risico); operationele voorbereiding en uitvoering door een of meer OOV-diensten worden voorstelbaar geacht;

 

c. C-evenement: een evenement met grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor het verkeer (hoog risico); operationele voorbereiding en uitvoering door een of meer OOV-diensten worden noodzakelijk geacht.

 

E

Artikel 2.2.2 wordt gewijzigd als volgt:

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2.2.2 Evenement

1. Het is verboden zonder vergunning van de Burgemeester een B-of C-evenement te organiseren.

2. Indien het een A-evenement betreft, waarvan in elk geval sprake is indien:

a. het aantal bezoekers niet meer bedraagt dan 150 personen;

b. het evenement tussen 10.00 uur en 24.00 uur plaatsvindt;

c. niet langer dan tot 23.00 uur live/versterkte muziek ten gehore wordt gebracht;

d. het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan, fiets-, bromfiets-of parkeergelegenheid of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten;

e. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m2 per object;

f. er een organisator is, dan dient die organisator de Burgemeester tenminste 4 weken voorafgaand aan het evenement in kennis te stellen van het voorgenomen evenement met een door de Burgemeester vastgesteld meldingsformulier. Het evenement mag slechts doorgang vinden indien binnen 2 weken na ontvangst van het meldingsformulier door de Burgemeester geen bericht aan de organisator is verzonden dat het evenement zoals gemeld niet kan plaatsvinden.

 

3. De Burgemeester kan toestemming voor het evenement zoals bedoeld in het tweede lid weigeren in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c. de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

 

4. Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op feesten, muziekvoorstellingen en wedstrijden op of aan de weg, voor zover artikel 10 jo artikel 148 van de Wegenverkeerswet 1994 in deze situatie voorziet alsook op evenementen in een horeca-inrichting.

5. De Burgemeester kan aan de melding zoals bedoeld in lid 2 en lid 3 voorschriften verbinden.

6. Bij de indiening van de vergunningaanvraag als bedoeld in lid 1 respectievelijk melding als bedoeld in lid 2 worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3. van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

7. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8

kan de Burgemeester de vergunning

weigeren indien:

a. de aanvraag om vergunning niet vóór 1 november voorafgaand aan het jaar waarin het evenement zal plaatsvinden ontvangen is en het maximaal mogelijk aantal evenementen op een bepaalde locatie reeds is aangevraagd of is vergund;

b. de aanvraag om vergunning vóór 1 november voorafgaand aan het jaar waarin het evenement zal plaatsvinden ontvangen is, maar het maximaal mogelijk aantal evenementen op een bepaalde locatie reeds is bereikt, waarbij als uitgangspunt geldt dat een jaarlijks terugkerend evenement voorrang heeft op een nieuw te houden evenement en voor het overige de volgorde van binnenkomst van de aanvraag om vergunning geldt;

c. de aanvraag om vergunning voor een C-evenement niet binnen de in artikel 1.2 vierde lid genoemde termijn is ingediend;

7. a. Op een aanvraag om vergunning voor een evenement als bedoeld in het eerste lid, welk naar het oordeel van de burgemeester veel invloed op de woonomgeving kan hebben, is de openbare voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdeling 3.4. Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

b. Er is in ieder geval sprake van een evenement welk naar het oordeel van de Burgemeester veel invloed op de woonomgeving heeft, indien:

- er meer dan 10.000 bezoekers verwacht worden en

- er sprake is van negatieve evaluatie-en/of ervaringsgegevens met betrekking tot een soortgelijk evenement dat in de gemeente Landgraaf of elders heeft plaatsgehad dan wel;

- uit concrete feiten blijkt dat een negatieve uitstraling van het evenement te verwachten is.

 

Artikel 2.2.2 Evenement

1. Het is verboden zonder vergunning van de Burgemeester een A-, B-of C-evenement te organiseren.

2. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor een A-evenement dat voldoet aan de volgende voorwaarden:

a. het aantal bezoekers bedraagt niet meer dan 150 personen;

b. het evenement vindt plaats tussen 10.00 uur en 24.00 uur;

c. live of versterkte muziek bedraagt niet meer dan 70 db(A), gemeten op de gevel van de dichtstbijzijnde geluidgevoelige bestemming, en wordt niet langer dan tot 23.00 uur ten gehore gebracht;

d. het evenement vindt niet plaats op de rijbaan, een (brom)fietspad of een parkeerplaats en vormt ook anderszins geen belemmering voor het verkeer en de hulpdiensten;

e. er worden slechts objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m ² per object;

f. er is een organisator;

g. de organisator heeft tenminste 4 weken voorafgaand aan het evenement een melding voor het evenement ingediend middels een door de B urgemeester vastgesteld meldingsformulier.

 

3. De Burgemeesterkan binnen twee weken na ontvangst van de melding besluiten het organiseren van een evenement als bedoeld in het tweede lid te verbieden, in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c. de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

 

4. De Burgemeester is bevoegd in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu voorschriften te verbinden aan het organiseren van een evenement, waarvoor op grond van het tweede lid geen vergunning is vereist.

5. Het is verboden een evenement zoals bedoeld in het tweede lid te organiseren indien de Burgemeester een besluit heeft genomen als bedoeld in het derde lid.

6. Het is verboden te handelen in strijd met de aan het evenement verbonden voorschriften als bedoeld in het vierde lid.

7. Het tweede lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2.2.1, tweede lid, onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s.

8. Bij de indiening van de vergunningaanvraag als bedoeld in het eerste lid, respectievelijk melding als bedoeld in het tweede lid, worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3. van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

9. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de Burgemeester de vergunning weigeren indien het, in beleid of in een bestemmingsplan vermelde, maximaal aantal mogelijke evenementen of evenementdagen op een bepaalde locatie reeds is vergund.

10. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de B urgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2.2.1, tweede lid, onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

11. De B urgemeester draagt zorg voor een onpartijdige en transparante verlening van beschikbare vergunningen.

 

 

F

Na artikel 2.2.2 wordt een nieuw artikel toegevoegd, dat luidt als volgt:

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

 

 

Artikel 2.2.2a Ordeverstoring

1. Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

2. Het is verboden enig gereedschap, voorwerp of middel te vervoeren of bij zich te hebben met de kennelijke bedoeling daarmee bij een evenement de orde te verstoren.

3. Het is verboden bij een evenement zichtbaar goederen te dragen, bij zich te hebben of te vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een organisatie die bij rechterlijke uitspraak verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een doel of werkzaamheid in strijd met de openbare orde .

4. Het verbod in het derde lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.

 

 

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking de dag na bekendmaking.

Aldus besloten in de openbare besluitvormende raad, gehouden op 21 oktober 2021.

De griffier, De voorzitter,

Naar boven