Verkeersbesluit instellen van een geslotenverklaring voor autobussen op de Verlengde Nieuwstraat te Rotterdam

 

Rotterdam Centrum AS21/ 09371 , 21 /0013582

 

 

 

De directeur van cluster Stadsontwikkeling,

overwegende,

 

  • dat er op 6 oktober 2021 een verkeersbesluit met kenmerknummer AS21/09371, 21/0013582 is gepubliceerd voor het instellen van een geslotenverklaring voor autobussen op de Dominee Jan Scharpstraat;

  • dat deze maatregel ten onrechte is genomen en het daarom nodig is om dit verkeersbesluit in te trekken;

  • dat eenzelfde maatregel wel dient te worden toegepast op de Verlengde Nieuwstraat;

  • dat de Verlengde Nieuwstraat is gelegen in stadsdeel Centrum van de gemeente Rotterdam;

  • dat de Verlengde Nieuwstraat is gelegen met een keer mogelijkheid voor licht tot middelzwaar verkeer;

  • dat aan de Verlengde Nieuwstraat de Markthal is gelegen;

  • dat hierdoor regelmatig autobussen met toeristen rijden in de Dominee Jan Scharpstraat en de Verlengde Nieuwstraat;

  • dat voor dergelijke voertuigen geen ruimte aanwezig is om te keren en het voorkomt dat dergelijke voertuigen achteruit dienen te rijden;

  • dat dit voor ongewenste en onveilige situaties kan veroorzaken;

  • dat de gemeente klachten heeft ontvangen van bewoners over overlast door bovengenoemde autobussen;

  • dat het daarom gewenst is dat autobussen niet meer in beide richtingen gebruik kan maken van de Verlengde Nieuwstraat;

  • dat de Verlengde Nieuwstraat zodoende ook de faco niet meer gebruikt kan worden door autobussen, aangezien er geen andere toegangswegen voor gemotoriseerd verkeer richting de Verlengde Nieuwstraat zijn;

  • dat daarom een geslotenverklaring voor autobussen wordt ingesteld op de Verlengde Nieuwstraat;

  • dat de maatregel, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april

  • 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:

• het verzekeren van de veiligheid op de weg;

• het beschermen van weggebruikers en passagiers;

• het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

  • dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;

  • dat het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van de betrokkenen behoren te blijven.

  • dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie, eenheid Rotterdam, te kennen heeft gegeven akkoord te zijn met de voorgestelde verkeersmaatregelen.

 

Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2016 (gemeenteblad 2016-6556, zoals nadien gewijzigd);

Besluit:

namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

  • tot het intrekken van het verkeersbesluit met kenmerknummer AS21/09371, 21/0013582 voor het instellen van een geslotenverklaring voor autobussen op de Dominee Jan Scharpstraat;

  • tot het instellen van een geslotenverklaring voor autobussen op de Verlengde Nieuwstraat door het plaatsen van bord C07A van bijlage 1 van het RVV 1990 ter hoogte van de kruising met de Dominee Jan Scharpstraat onder de bestaande bebording;

Te bepalen dat de verkeersmaatregelen worden uitgevoerd conform bijgevoegd bordenplan.

  •  

De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

Dit besluit wordt op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.

 

Rotterdam, 25 oktober 2021

Namens het college van Burgemeester en Wethouders

de directeur van het cluster Stadsontwikkeling,

voor deze, het hoofd Mobiliteit,

M.A. van Kruiningen

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na datum van publicatie, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders.

 

Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:

- naam en adres van de indiener

- datum bezwaarschrift

- de gronden van het bezwaar

- een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.

 

Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar:

Het college van burgemeester en wethouders,

t.a.v. de Algemene Bezwaarschriftencommissie, postbus 1011, 3000 BA te ROTTERDAM.

Faxnummer Algemene Bezwaarschriftencommissie: (010) 2676300.

 

U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen op: www.rotterdam.nl/bezwaar

U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:

Rechtbank Rotterdam, sector Bestuursrecht, postbus 50951, 3007 BM te ROTTERDAM.

Voor een dergelijk verzoek is griffiegeld verschuldigd.

Naar boven