Verkeersbesluit aanwijzen parkeerschijfzone Amsterdamsevaart thv. no. 52 RD (wijzigingsbesluit)

Nr. 2021/547890

Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW).

Overwegende:

dat de Amsterdamsevaart gelegen is binnen de bebouwde kom van Haarlem;

dat de Amsterdamsevaart in beheer is bij de gemeente Haarlem;

dat de Amsterdamsevaart een weg is zoals bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;

dat gelet op dit artikel het college van burgemeester en wethouders van Haarlem bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor de genoemde weg;

dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem is gemandateerd aan het afdelingshoofd Beheer en Beleid Openbare Ruimte;

dat de parallelweg van de Amsterdamsevaart in de Structuurvisie Openbare Ruimte (hierna: SOR) is gecategoriseerd als erftoegangsweg en daarmee deel uitmaakt van een verblijfsgebied;

dat de parallelweg een hoofdfietsroute is en voorbestemd om fietssnelweg te worden, van Amsterdam via Haarlem naar de kust van Zandvoort v.v.;

dat aan de noordzijde van de rijbaan een fietsstrook ligt met doorgetrokken streep;

dat stilstaan op de rijbaan hierdoor niet is toegestaan;

dat het een partiële eenrichtingsweg is, fietsverkeer in de tegenrichting is daarbij toegestaan;

dat de verkeersfunctie in een verblijfsgebied ondergeschikt is aan de verblijfsfunctie;

dat de Amsterdamsevaart gelegen is nabij het centrum van Haarlem;

dat nabij het centrum diverse locaties zijn met een behoefte aan kort parkeren;

dat aan de parallelweg van de Amsterdamsevaart, in de percelen 46-52 de Voedselbank is gevestigd;

dat deze voedselbank meerdere dagen per week frequent wordt bezocht;

dat langs de rijbaan, ter hoogte van de voedselbank een parkeerstrook is gelegen;

dat die parkeerstrook vooral gebruikt wordt door langparkeerders;

dat op die parkeerstrook in de huidige situatie niet een gedeelte is aangewezen waar kortdurend kan worden geparkeerd;

dat daardoor bezoekers van de voedselbank niet altijd gebruik kunnen maken van een deel van deze parkeerstrook;

dat het wenselijk is om de loopafstand met bijvoorbeeld voedselkratten zo kort mogelijk te houden;

dat in de huidige situatie bezoekers van de voedselbank om die reden op de rijbaan stilstaan om te kunnen laden;

dat daarmee regelmatig de doorgang voor het overige verkeer wordt gehinderd of zelfs belemmerd;

dat het halen van boodschappen niet valt onder stilstaan(laden & lossen);

dat in een parkeervak ook geladen en gelost mag worden door leveranciers;

dat in voorkomende gevallen deze parkeervakken daar ook voor gebruikt kan worden voor dat laden & lossen;

dat de momenten van bezoek van de voedselbank beperkt is tot een aantal dagen -zogenaamde ophaaldagen- per week;

dat het ‘winkelen’ bij de voedselbank past binnen de max.parkeerduur op het bord;

dat die maximale parkeerduur is afgestemd met de voedselbank;

dat hiermee het kortparkeren bevorderd wordt en dus voor het maximale aantal bezoekers van de ‘winkel’ beschikbaar komt;

dat het om bovenstaande redenen gewenst is om twee parkeervakken beschikbaar te houden gedurende die dagen en tijden;

dat buiten de venstertijden de parkeerruimte beschikbaar is voor langparkeren;

dat dit mogelijk is door deze twee vakken aan te wijzen als parkeerschijfzone, waarbij de werkingssfeer daarvan wordt wordt beperkt door middel van een onderbord waarop de dagen en tijdstippen waarop de parkeerschijfzone geldt, staan vermeld;

dat het gebruik van een parkeerschijf hierbij verplicht wordt gesteld door middel van het aanbrengen van een blauwe streep in lengterichting langs deze twee parkeervakken;

dat ter bevordering van een optimaal gebruik van de parkeervoorziening en een eerlijke verdeling van de parkeercapaciteit de maximum parkeertijd wordt vastgesteld op een half uur;

dat deze maximale parkeertijd op het bord wordt vermeld;

dat dit gebruik geregeld is in artikel 25, lid 1 en 2, van het RVV 1990, namelijk 1) ‘Het is verboden in een parkeerschijf-zone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep’, en 2) ‘Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan indien het motorvoertuig is voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Indien het motorvoertuig is voorzien van een voorruit, wordt de parkeerschijf achter de voorruit geplaatst’;

dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen van het verkeersbord E10 van bijlage 1 van het RVV 1990 -tezamen met de onderborden- een verkeersbesluit is vereist;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor genoemde verkeersmaatregel strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer in het geding komt bij het treffen van deze verkeersmaatregel;

dat het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer voor deze verkeersmaatregel minder belangrijk wordt geacht dan het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat op 16 augustus 2021 in het Gemeenteblad het verkeersbesluit aanwijzen parkeerschijfzone Amsterdamsevaart thv. no. 52RD kenmerk 2021/358766, is gepubliceerd;

dat de in dat verkeersbesluit vermelde reservering niet blijkt te voldoen aan de behoeftes tot het op die wijze aanwijzen van de parkeerschijfzone;

dat dit voortschrijdend inzicht een aanpassing van de dagen en tijden vermeld op het onderbord noodzakelijk maakt;

dat om bovenstaande redenen het eerdergenoemde verkeersbesluit met bovenvermeld kenmerk wordt ingetrokken en thans een nieuw besluit wordt genomen waarin de gewijzigde dagen en tijden van de werkingssfeer van het bord parkeerschijfzone zijn opgenomen;

dat de parkeerschijfzone in het voorliggende verkeersbesluit wordt aangewezen door middel van het plaatsen van het verkeersbord E10 van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord waarop met tijdvakken, te weten van maandag tot en met woensdag tussen 9 en 17 uur, de werkingssfeer wordt beperkt, alsmede het plaatsen van een onderbord met pijlen waarmee wordt aangegeven dat deze zone geldt voor 2 parkeervakken;

dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;

dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregel, mits voldaan wordt aan het gestelde in het BABW en de daarbij behorende uitvoeringsvoorschriften.

dat het dan ook noodzakelijk is voorliggend wijzigingsbesluit te nemen.

Het besluit:

Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem besluit:

  • 1.

    het verkeersbesluit met het kenmerknummer 2021/358766, welke op 16 augustus 2021 is gepubliceerd in het Gemeenteblad, in te trekken;

  • 2.

    door middel van het plaatsen van het verkeersbord E10 van bijlage 1 van het RVV 1990 een parkeerschijfzone voor 2 parkeervakken met een maximum parkeertijd van een half uur aan te wijzen op de Amsterdamsevaart ter hoogte van no. 52, met onderbord met de tekst: ‘ma t/m wo 9 - 17 h’, en een onderbord waarmee wordt aangegeven dat de parkeerschijfzone voor die 2 parkeervakken geldt.

Situatieschets:

 

Aldus vastgesteld te Haarlem

Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

Sylvia van Egmond

Hoofd afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte

Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in de Staatscourant. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in de Staatscourant bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Haarlem, Postbus 511, 2003 PB te Haarlem. Het bezwaarschrift moet de naam en het adres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Haarlem. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.

Naar boven