Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam houdende regels omtrent de vervangingsregeling van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam (Vervangingsregeling college van burgemeester en wethouders Amsterdam)

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

 

gelet op artikel 77, eerste lid, van de Gemeentewet,

 

besluit de volgende regeling vast te stellen:

 

Vervangingsregeling college van burgemeester en wethouders Amsterdam

Artikel 1  

Voor de vervanging van de burgemeester wordt de volgende volgorde van het locoburgemeesterschap gehanteerd:

  • 1e locoburgemeester: wethouder Kukenheim

  • 2e locoburgemeester: wethouder Groot Wassink

  • 3e locoburgemeester: wethouder Moorman

  • 4e locoburgemeester: wethouder Ivens

  • 5e locoburgemeester: wethouder Van Doorninck

  • 6e locoburgemeester: wethouder Everhardt

  • 7e locoburgemeester: wethouder De Vries

  • 8e locoburgemeester: wethouder Meliani

Artikel 2  

Voor de vervanging van wethouders wordt het volgende gehanteerd:

  • Wethouder Groot Wassink vervangt wethouder Meliani en vice versa;

  • Wethouder Kukenheim vervangt wethouder Moorman en vice versa;

  • Wethouder Ivens vervangt wethouder Van Doorninck en vice versa;

  • Wethouder Everhardt vervangt wethouder De Vries en vice versa.

Artikel 3  

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 26 januari 2021.

Artikel 4  

Dit besluit wordt aangehaald als Vervangingsregeling college van burgemeester en wethouders Amsterdam.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van 26 januari 2021.

De voorzitter

Femke Halsema

De gemeentesecretaris

Peter Teesink

Naar boven