De gemeenteraad van Zwolle maakt ingevolge het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 3:12 van de Algemene wet bestuursrecht bekend dat zij op 18 januari 2021 (besluitnummer 20210118-12) het bestemmingsplan Buitengebied, Beukenallee 37 heeft vastgesteld.
Het bestemmingsplan voorziet in het wijzigen van een perceelsgedeelte grenzend aan de achtertuin van het perceel Beukenallee 37 met de bestemming 'agrarisch met waarden - Landschap" in de bestemming ‘Tuin” behorende bij de woning aan de Beukenallee 37. Het perceel is volledig bestemd, dus ook de huidige bestemming “Wonen” is meegenomen.
Het bestemmingsplan Buitengebied, Beukenallee 37 met de daarbij behorende stukken zijn met ingang van 28 januari 2021 gedurende zes weken tot en met 10 maart 2021 digitaal te raadplegen op de website
www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/?planidn=NL.IMRO.0193.BP20006-0004
De bronbestanden zijn beschikbaar via
https://publiek.tercera-ro.nl/officieel/0193/NL.IMRO.0193.BP20006-0004/
Een ieder kan op een computer in het Stadskantoor het digitale plan raadplegen.
U kunt in het stadskantoor alleen op afspraak terecht.
De openingstijden van het stadskantoor zijn:
maandag, woensdag en vrijdag 08.00-17.00 uur. Dinsdag en donderdag 08.00-19.00 uur.
De stukken kunnen, gedurende de periode van terinzagelegging, ook worden opgevraagd bij Jolanda van den Berg (tel. (038) 498 2396 email: j.van.den.berg@zwolle.nl)
Beroepsmogelijkheid
Gedurende de beroepstermijn van 28 januari 2021 tot en met 10 maart 2021 kan een belanghebbende, die tijdig zijn zienswijze bij de gemeenteraad kenbaar heeft gemaakt, alsmede een belanghebbende, aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten dat hij niet overeenkomstig artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening juncto afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht zijn zienswijze bij de gemeenteraad naar voren heeft gebracht, beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.
Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beroepstermijn afloopt, tenzij binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend bij de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.