Gemeenteblad van Bronckhorst

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
BronckhorstGemeenteblad 2020, 93595Beleidsregels



Uitvoeringsprogramma Toezicht en Handhaving Bronckhorst 2020

1. Inleiding

 

1.1 Waarom een uitvoeringsprogramma

Voor u ligt het Uitvoeringsprogramma Toezicht en handhaving 2020 van de gemeente Bronckhorst. Het uitvoeringsprogramma geeft aan welke activiteiten de gemeente op het gebied van toezicht en handhaving in 2020 uitvoert. Dit uitvoeringsprogramma is gebaseerd op het Toezicht- en handhavingsbeleid 2017-2022. In het beleid zijn de beleidsuitgangspunten geformuleerd. Op basis van bestuurlijke ambities worden prioriteiten gesteld. Daarnaast geeft het programma inzicht in de benodigde capaciteit en financiële middelen.

 

Het uitvoeringsprogramma is voor het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bronckhorst (hierna: het college) op basis van bestuurlijke ambities in het kader van de planning- en control cyclus een instrument om de doelstellingen voor het komende jaar vast te stellen en de personele inzet te bepalen. Het programma vormt de rode draad bij de uitvoering van de activiteiten.

 

Met het uitvoeringsprogramma geven we invulling aan de wettelijke verplichtingen die opgenomen zijn in het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor).

Het uitvoeringsprogramma dient volgens artikel 7.3 van het Bor te worden vastgesteld en ter kennisname te worden voorgelegd aan de gemeenteraad van de gemeente Bronckhorst (hierna: de raad). In het kader van het Interbestuurlijk Toezicht wordt het vastgestelde uitvoeringsprogramma tevens ter kennisname voorgelegd aan de provincie Gelderland.

 

Tevens zal het college jaarlijks – middels het jaarverslag toezicht en handhaving – verantwoording afleggen aan de raad over de uitvoering van de geplande werkzaamheden.

 

1.2 Afbakening

Dit uitvoeringsprogramma heeft betrekking op het toezicht en de handhaving op het gebied van:

  • het omgevingsrecht (o.a. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo), Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro));

  • de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV);

  • de bijzondere wetten (bijv. Drank- en Horecawet);

  • de Basisregistratie Personen (hierna: BRP);

  • de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (hierna: BAG);

  • de Landelijke aanpak adresfraude (hierna: LAA);

  • de Afvalstoffenverordening en

  • de wet Kinderopvang (inclusief controles door de GGD)

Taken die zijn overgedragen aan de Omgevingsdienst Achterhoek (hierna: ODA) en de brandweer (VNOG, afdeling Risicobeheersing) zijn in dit programma niet meegenomen. Deze partijen zijn zelf verantwoordelijk voor rapportage aan het college.

Om zo breed mogelijk integraliteit te waarborgen, ook bij de uitvoering van taken die aan de ODA en VNOG zijn overgedragen, wordt bij de uitvoering intensief samengewerkt en op casus niveau afgestemd.

 

1.3 Visie

De visie van Toezicht- en handhavingsbeleid 2017-2022 is:

 

‘We bouwen op het gebied van toezicht en handhaving - samen met de inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties - verder aan een leefbare gemeente Bronckhorst. We vinden een schone, veilige, gezonde en mooie leefomgeving belangrijk! In Bronckhorst kun je goed wonen, werken en recreëren. Nu en in de toekomst. Onze inzet is hierop gericht.

 

We willen voorkomen dat onze fysieke leefomgeving te veel wordt belast of aangetast. Hier zorgen we in Bronckhorst voor door afspraken met elkaar te maken, afspraken waar we elkaar aan houden. Dit kunnen lokale afspraken zijn, maar ook landelijke. Iedereen draagt zijn steentje bij om te zorgen voor deze schone, veilige, gezonde en mooie leefomgeving. We gaan er van uit dat iedereen zich wil inzetten om te zorgen voor deze leefomgeving.

 

We gaan uit van het goede in de mensen. Wij zetten in op een goede en actieve communicatie over de afspraken die we met elkaar gemaakt hebben.

 

Het naleven van regels en voorschriften is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van bewoners, ondernemers, verenigingen, instellingen en overheden zelf. Soms wil of kan iemand zich niet (meteen) aan de afspraken houden die we met elkaar hebben gemaakt. Het is dan de taak van de gemeenschap en onze taak als gemeentebestuur om elkaar daar op aan te spreken. Wij vragen dan waarom en denken mee over een oplossing. Het gemeentebestuur heeft - als onafhankelijke partij - de bijzondere positie om regelnaleving af te dwingen. Met deze positie gaan we uiterst zorgvuldig om. Zo zorgen we dat onze controles zo min mogelijk last veroorzaken en tijd kosten en dat belangrijke zaken veel aandacht krijgen en minder belangrijke minder.

 

Als wij vinden dat de leefomgeving te veel of te lang wordt aangetast dan leggen wij herstel- of strafmaatregelen op via een transparant stappenplan. Soms is het helaas nodig om op deze manier te zorgen voor een schone, veilige, gezonde en mooie leefomgeving in de gemeente Bronckhorst voor iedereen!’ 1

 

1.4 Bestuurlijke prioriteiten (coalitieprogramma 2018-2022)

GBB, VVD en GroenLinks hebben een coalitieprogramma voor 2018-2022 opgesteld waarmee zij Bronckhorst samen besturen. Het coalitieprogramma heeft de titel: ‘Gewoon Doen!'.

 

In het coalitieprogramma staan de bestuurlijke prioriteiten benoemd. Op basis van het bestaande beleidsplan werken we het innovatief toezichthouden en verdere digitalisering van het toezicht- en handhavingsproces nader uit.

 

Verder zetten wij extra toezicht en handhaving in op zowel bestaande speerpunten als geformuleerde punten in het coalitieprogramma:

  • natuur en landschap (en landbouw; paragraaf 3.2);

  • ruimtelijke ordening (en wonen; paragraaf 3.3) en

  • leegstand (paragraaf 3.3.8)

We hebben daarnaast specifiek aandacht voor:

  • campings (3.3.6);

  • recreatieparken (paragraaf 3.3.7) en

  • solitaire recreatiewoningen (paragraaf 3.3.7)

2 Ontwikkelingen

Op het gebied van toezicht en handhaving zijn er diverse ontwikkelingen gaande, naast aanstaande wettelijke ontwikkelingen, ook bestuurlijke en ontwikkelingen in de organisatie. In deze paragraaf worden deze ontwikkelingen toegelicht vanuit de mogelijke invloed op de inrichting en uitvoering van de taken van Toezicht en handhaving.

 

2.1 Wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen

Op 1 januari 2021 treedt de nieuwe Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. Op 14 mei 2019 heeft de Eerste Kamer de Wkb aangenomen. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteit borgers. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid van aannemers ten opzichte van particuliere en professionele opdrachtgevers uitgebreid. De wet gaat gefaseerd in. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten, daarna volgen eventueel de meer complexere.

Doelstelling van de Wet Kwaliteitsborging is een verbeterde (borging van de) bouwkwaliteit, een verbeterde positie van de consument en daarnaast het stimuleren van kwaliteitsverbetering en faalkostenvermindering.

Rol van de gemeente veranderd

De vergunninghouder wordt verplicht een onafhankelijke kwaliteitsborger in te schakelen die tijdens de bouw toetst op conformiteit met de bouwtechnische voorschriften uit het Bouwbesluit en verklaart of de getoetste onderdelen aan de voorschriften voldoen. Dit wordt bij private partijen belegd. Het bouw- en woningtoezicht, zoals gemeenten dat nu uitvoeren, wordt een taak van marktpartijen. Een verklaring van de kwaliteitsborger zal bij oplevering voorwaarde zijn voor ingebruikname.

 

De gemeente blijft verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en omgevingsveiligheid en blijft het bevoegd gezag. De vergunninghouder legt inhoudelijk verantwoording af aan het bevoegd gezag. Dit doet hij door de risicobeoordeling voor de aanvang van de bouw en het dossier bevoegd gezag tijdens en bij de afronding van het bouwtraject. De risicobeoordeling kan door het bevoegd gezag worden gebruikt om zijn handhavende taak van waarnemen, beoordelen en interveniëren vooraf inhoud en richting te geven. Voor zijn handhavende taak kan het bevoegd gezag, als hij daarvoor in specifieke gevallen aanleiding ziet op basis van deze risicoanalyse en het bijbehorende borgingsplan, tijdens de bouw informatiemomenten en stopmomenten aan de vergunninghouder opleggen.

 

Naast de veranderende rol van het toezicht heeft de invoering van de Wkb een bredere impact op de gemeentelijke organisatie. Zo spelen er vraagstukken rond het heffen van leges/belastingen, de inhoud van het dossier bevoegd gezag, opleiding en scholing van medewerkers VTH, het aanschaffen van softwarepakketten en zijn er raakvlakken met de Omgevingswet.

Planning

  • de wet zal met ingang van 1 januari 2021 in werking

  • De impact van de Wkb wordt meegenomen bij de implementatie van de Omgevingswet.

2.2 Omgevingswet

De Omgevingswet vervangt het huidige systeem van het omgevingsrecht. Het is een van de grootste wetswijzigingen in 30 jaar en heeft grote impact.

De Omgevingswet nodigt overheden uit om integrale te gaan werken en om ruimte te geven aan initiatieven via uitnodigingsplanologie. Deze wet heeft dan ook gevolgen voor de werkwijzen en interne procedures van de gemeente ten aanzien van initiatieven voor de fysieke leefomgeving. Dit geldt voor zowel toezicht en handhaving als ook voor vergunningverlening.

 

De wet treedt op 1 januari 2021 in werking, tot die tijd wordt er hard gewerkt aan de implementatie. Het cluster Omgeving heeft hier in de lead en samen met Toezicht en handhaving wordt in 2020 aandacht aan diverse zaken besteed om er “klaar” voor te zijn.

  • Zorgen dat kennis bij medewerkers voldoende is (cursussen etc.)

  • Omgevingsvisie en omgevingsplannen

  • Inrichting van systemen en structuren/werkprocessen

Na invoering van de Omgevingswet is de verwachting dat er meer en meer een verschuiving plaatsvindt van toetsing vooraf (vergunningverlening) naar controle achteraf (toezicht en handhaving). De impact hiervan wordt gedurende de implementatie in beeld gebracht.

 

2.3 Algemeen

Verwachting is dat de in invoering van de Omgevingswet en de Wet Private Kwaliteitsborging gevolgen hebben voor de manier van werken. Meer en meer zal en een verschuiving plaatsvinden, van toetsen vooraf naar controle achteraf. De nieuwe wetgeving vraagt om duidelijke kaders en bruikbare instrumenten om daar waar naleving niet spontaan is deze door middel van toezicht en handhaving te bevorderen en indien nodig af te dwingen.

 

Het vertrouwensprincipe (een pijler uit de omgevingswet) en het “sociaal handhaven” zijn en blijven belangrijk. Daarnaast groeit de aandacht voor ondermijning en krijgt dit meer prioriteit. Landelijk is er meer aandacht voor het bestrijden van georganiseerde criminaliteit en ook in Bronckhorst is dit een belangrijk thema. Vanuit ondermijning is het van belang om een goed beeld te hebben van het gebied van de Gemeente Bronckhorst, welke veranderingen zijn er te zien? En zijn deze hoeverre activiteiten vergund? Dit geldt in de breedte van bouw/sloop, openbare orde en veiligheid maar gaat ook over het landschap.

 

Het vertrouwensprincipe en sociaal handhaven lijken haaks op bestrijden van ondermijning te staan maar door zichtbaar te zijn en zicht te hebben zijn we beter in staat om alert te zijn.

 

Hierbij is het belangrijk om de capaciteit van het cluster toezicht en handhaving reëel af te zetten tegen de ambitie en de vraag. Wanneer naleefgedrag alleen door het cluster Toezicht en handhaving een thema is dan bestaat uitsluitend de mogelijkheid om aan de achterkant te corrigeren (door naleefgedrag af te dwingen of door te bestraffen). Beter is om de gehele keten van naleefgedrag bevorderen integraal te benaderen. Dus bij te start van een initiatief met duidelijke communicatie, heldere voorschriften bij vergunningenverlening en intensieve samenwerking tussen de clusters onderling aandacht te hebben voor naleving. Dit alles is van belang om uiteindelijk wanneer er sprake is van een overtreding deze ook succesvol met juridische inzet kan worden beëindigd.

 

Bij de implementatie van de omgevingswet en in de inrichting van de nieuwe VTH-RO applicatie vormt deze integrale benadering van onze leefomgeving het uitgangpunt. Ook bij het opstellen van de Omgevingsvisie en de Omgevingsplannen wordt dit meegenomen.

 

Communicatie over regelgeving en over de werkwijze van de Gemeente Bronckhorst kan ook een effectief instrument zijn om naleving te bevorderen. Bij de invoering van de Omgevingswet is specifieke aandacht voor participatie en communicatie.

 

2.4 Integraal werken

De Gemeente Bronckhorst gaat meer en meer opgave gericht werken. Vanuit de Omgevingswet is het zorgen voor een mooie en veilige leefomgeving nog meer dan nu het geval is een opgave voor een ieder. Het cluster toezicht en handhaving zit vaak aan het einde van het proces terwijl sommige vraagstukken beter op te lossen zijn aan het begin van het proces.

Mede vanuit het Omgevingslab wordt 2020 gebruikt om het integraal werken verder te stimuleren.

 

Naast intern integraal werken werkt het cluster toezicht en handhaving intensief samen met vele interne en externe partners. Zowel beleidsvormend als op casus niveau wordt naar afstemming gezocht. Dit bevorderd de dienstverlening.

Extern wordt samengewerkt met de politie, de ODA, VNOG en GGD.

 

De samenwerking met de politie wordt steeds intensiever, samen met het cluster Participatie wordt er gewerkt aan de weerbaarheid van inwoners en bedrijven om ondermijning tegen te gaan. Zo is er onder andere het Keurmerk veilig ondernemen in het buitengebied. Ook wordt er met meerdere instanties in de keten samengewerkt tijdens de “Groene Nacht” en is er bij ondermijning meer en meer sprake van een gezamenlijke aanpak.

3. Wat zijn de prioriteiten in 2020?

Zoals in de inleiding is aangegeven worden de prioriteiten bepaald op basis van het Toezichts- en Handhavingsbeleid van de gemeente Bronckhorst 2017-2022 bevat onder andere de bestuurlijke prioriteiten (bijlage 2) en de prioriteiten op basis van de uitkomst van de risicoanalyse (bijlage 1). In dit hoofdstuk hebben wij met inachtneming van deze prioritering de vertaalslag gemaakt naar de uitvoering. Hieronder staan de taken die het cluster Toezicht en Handhaving in 2020 uitvoert.

 

3.1 Bestuurlijke prioriteiten (coalitieprogramma 2018-2022)

GBB, VVD en GroenLinks hebben een coalitieprogramma voor 2018-2022 opgesteld waarmee zij Bronckhorst samen besturen. Het coalitieprogramma heeft de titel: ‘Gewoon Doen!'.

 

In het coalitieprogramma staan de bestuurlijke prioriteiten benoemd. Op basis van het bestaande beleidsplan werken we het innovatief toezichthouden en verdere digitalisering van het toezicht- en handhavingsproces nader uit.

 

Verder zetten wij extra toezicht en handhaving in op zowel bestaande speerpunten als geformuleerde punten in het coalitieprogramma:

  • natuur en landschap (en landbouw; paragraaf 3.2);

  • ruimtelijke ordening (en wonen; paragraaf 3.3) en

  • leegstand (paragraaf 3.3.8)

We hebben daarnaast specifiek aandacht voor:

  • campings (3.3.6);

  • recreatieparken (paragraaf 3.3.7) en

  • solitaire recreatiewoningen (paragraaf 3.3.7)

om onder andere niet recreatief gebruik tegen te gaan.

 

3.1.2 Formatie

Voor het jaar 2020 wordt de onderstaande capaciteit ten aanzien van toezicht en handhaving ingezet op bovenstaande speerpunten. Ten opzichte van het vorige jaar (2019) wordt hiermee de formatie gelijk gehouden –na de uitbreiding vorig jaar– om adequate en gedegen uitvoering te geven aan deze extra werkzaamheden op basis van het coalitieakkoord.

 

Voor een nadere toelichting met betrekking tot de formatie zie hoofdstuk vier (4).

Schematisch overzicht formatie 2019 en formatie 2020 cluster Toezicht en handhaving, gemeente Bronckhorst.

 

3.2 Natuur en landschap

 

3.2.1 Inleiding

Gemeente Bronckhorst is een plattelandsgemeente met veel kleinere en grotere kernen in een ruim en groen buitengebied. Bomen vormen zowel in de kernen als in het landschap een belangrijke component voor de kwaliteit en het karakter. Hoewel de bomen een belangrijk gegeven zijn is hun aanwezigheid allerminst vanzelfsprekend. Het landschap en de kernen veranderen continu. Dit is altijd zo geweest en dynamiek zal blijven bestaan. Steeds veranderen de eisen aan de kwaliteit en functionaliteit van de leefomgeving. Denk aan de mechanisatie en schaalvergroting in de landbouw, de toename van recreatie en toerisme, de bereikbaarheid van de Achterhoek en wensen ten aanzien van wonen en werken. Bomen moeten ook in deze veranderende omgeving hun rol blijven houden.

 

Toezicht en handhaving is essentieel om de kwaliteit van natuur- en landschapselementen in de gemeente Bronckhorst te waarborgen. Er wordt om die reden dit jaar ingezet op de onderdelen:

  • herplantplicht (paragraaf 3.2.2);

  • illegale kap (paragraaf 3.2.3);

  • bermbeheer (oneigenlijk grondgebruik; paragraaf 3.2.4) en

  • opgelegde landschapsinpassingen bestemmingsplan (paragraaf 3.2.5).

3.2.2 Herplantplicht

Markante bomen geven een grote toegevoegde waarde aan de landschappelijke omgeving. Hierdoor wordt bij de kap van markante bomen standaard een herplant vereist, volgens de Omgevings- en Bouwverordening van de gemeente. Er wordt toegezien op de opgelegde herplantplicht en indien nodig wordt er handhavend opgetreden. Toezicht en handhaving gebeurt middels:

  • steekproeven: de aanvrager kan melden dat de herplant is uitgevoerd. Van alle meldingen wordt steekproefsgewijs controle uitgevoerd op de naleving van de herplantplicht.

  • periodieke controles: de niet gemelde herplantplicht worden periodiek gecontroleerd. De controle vindt plaats na afloop van de termijn van de herplant, drie jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning.

De uitgevoerde herplant wordt vastgelegd, zodat voor een ieder zichtbaar is op welke locaties herplant nog moet worden uitgevoerd en op welke locaties de herplant niet is uitgevoerd.

Voor herplant welke niet binnen de gestelde termijn is uitgevoerd, geldt het gebruikelijke handhavingsprotocol (zie hoofdstuk 3 van het Toezicht- en Handhavingsbeleid gemeente Bronckhorst 2017–2022).

Doelstelling

Behoud van mooie en gezonde leefomgeving en tegengaan van illegale kap.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.2.3 Illegale kap

Voor het kappen van een esdoorn, paardenkastanje, haagbeuk, beuk, es, noot, plataan, populier, eik, grove den, acacia, linde, iep, wilg (geknot), els (geknot) of tamme kastanje met een stamomtrek van meer dan 95 centimeter op 1,30 meter van het maaiveld is een omgevingsvergunning vereist.2

Maar ook wordt opgetreden aan de hand van meldingen wanneer er bijvoorbeeld een houtwal of landschaps-haag verwijderd wordt..

 

Op basis van meldingen en vrije veld toezicht (zie paragraaf 3.5.8) wordt toegezien of de vereiste omgevingsvergunning is aangevraagd en is verleend. Indien er geen vereiste omgevingsvergunning is aangevraagd en is verleend, is sprake van illegale kap en wordt hiertegen handhavend opgetreden, conform het huidige handhavingsbeleid. Het herstellen van de strijdige situatie is in dergelijke gevallen niet meer mogelijk en hierdoor wordt er strafrechtelijk opgetreden (proces verbaal). Daarnaast kan bepaald worden tevens een herplantplicht op te leggen (zie paragraaf 3.2.2).

Doelstelling

Behoud van mooie en gezonde leefomgeving en het waarborgen, behouden en versterken van de landschappelijke elementen. En tot een minimum beperken van illegale kap.

Rapportage

De rapportage vindt plaat op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing) en

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal.

Dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.2.4 Biodiversiteit en bermbeheer (oneigenlijk grondgebruik)

In oktober 2019 heeft de raad van de Gemeente Bronckhorst het plan “Samen voor Biodiversiteit” opgenomen. Daarin staat over handhaving het volgende gemeld:

“Vanuit de gemeente wordt de biodiversiteit ook vanuit beleid gewaarborgd. Daarbij is de medewerking van bewoners en grondeigenaren van groot belang. Dat gaat niet altijd conform het beleid. Soms vanuit onwetendheid, soms vanuit onwil. Voorafgaand aan eventuele handhaving gaat een intensief communicatietraject waarin we aandacht geven voor de bescherming en verbetering van de biodiversiteit. Daarmee geven mensen de gelegenheid te handelen vanuit kennis. Waar nodig wordt het naleefgedrag bevorderd door het actief aanspreken van mensen”

 

Om deze taak in te vullen is 0,5 fte voor een zogenoemde groene Boa beschikbaar. Deze is echter niet uitsluitend beschikbaar voor biodiversiteit maar voor allerlei toezicht in relatie tot landschapsbeheer, illegale kap, herplant en verevening. (zie ook 3.2.5. opgelegde landschapsinpassingen bestemmingsplan).

Toezicht op al deze aspecten draagt bij aan biodiversiteit. Omdat biodiversiteit vanuit allerlei wet- en regelgeving bevorderd wordt, en de wettelijke kaders bepalend zijn voor het al dan niet succesvol kunnen optreden wordt ten aanzien van biodiversiteit gerapporteerd bij de overige hoofdstukken over dit onderwerp.

 

Oneigenlijk grondgebruik in de kernen is een taak van het cluster Buiten. Om oneigenlijk gebruik van bermen op te pakken wordt volgend jaar door het cluster buiten een nadere uitwerking gemaakt, mede op basis van het beleid rond biodiversiteit. Er wordt een volledige inventarisatie gemaakt en uitgewerkt. Dit wordt projectmatig opgepakt, met afstemming met het cluster Toezicht en handhaving voor een integrale benadering. Mogelijk wordt hier in 2020 al met handhaving gestart.

 

3.2.5 Opgelegde landschapsinpassingen bestemmingsplan

Op verschillende wijze worden bij omgevingsvergunningen en projectbesluiten aanvullende afspraken gemaakt, bijvoorbeeld over landschappelijke inpassing. Soms is één en ander bestuursrechtelijk vastgelegd, soms privaatrechtelijk in een overeenkomst.

 

In 2019 is samen met het cluster Omgeving gestart om oude overeenkomsten te inventariseren (tot 2010). Aan hand van deze ervaringen wordt het werkproces aangepast. Vanaf nu wordt verevening zo veel als mogelijk opgenomen in vergunningen, of in voorwaardelijke verplichtingen in het bestemmingsplan vastgelegd. Zodanig dat bestuursrechtelijke handhaving mogelijk is. Dit in plaats van private overeenkomsten zoals nu vooral het geval is. In 2020 wordt dit verder voortgezet.

Doelstelling

Behoud van mooie en gezonde leefomgeving en het waarborgen, behouden en versterken van de landschappelijke elementen.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal gecontroleerde afspraken middels de vereveningsovereenkomst;

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.3 Bouwen en ruimtelijke ordening

 

3.3.1 Inleiding

Bij het gebruik van bouwwerken (bijvoorbeeld wonen of werken) is het van belang dat dit past in het bestemmingsplan en dat het woon- en leefklimaat voldoende wordt gewaarborgd. Vaak wordt deze activiteit naast een andere activiteit (bijvoorbeeld bouwen) vergund. Het toezicht wordt dan integraal opgepakt. In gevallen waar geen omgevingsvergunning bouw wordt aangevraagd, is sprake van illegale bouw. Dit vormt een risico ten aan zien van de ruimtelijke kwaliteit.

 

Recreatieve bestemmingen dienen hun bestemming als zodanig te behouden. Bestaande en nieuwe gevallen van niet recreatief gebruik van recreatie-objecten zoals recreatiewoningen, chalets, stacaravans etc. welke uit het oogpunt van ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en/of bouwtechnische voorschriften ongewenst zijn, worden doelmatig bestreden om op voorhand te voorkomen.

 

Gelet op vorenstaande wordt dit jaar ingezet op de onderdelen:

  • strijdig gebruik bestemmingsplan (paragraaf 3.3.2);

  • vergunde bouw en sloop (paragraaf 3.3.3);

  • illegale bouw en sloop (niet vergund; paragraaf 3.3.4);

  • bestaande bouw/brandveiligheid (paragraaf 3.3.5);

  • campings (paragraaf 3.3.6);

  • recreatieparken (inclusief solitaire recreatiewoningen (paragraaf 3.3.7);

  • leegstand (paragraaf 3.3.8);

  • vervallen panden (paragraaf 3.3.9) en

  • luchtfoto’s (paragraaf 3.3.10).

3.3.2 Strijdig gebruik bestemmingsplan

In de vigerende twee bestemmingsplannen van de gemeente Bronckhorst staan regels over het gebruik van gronden en de bouwwerken die hier op staan. Er is sprake van strijdig gebruik met betrekking tot het bestemmingsplan bij:

  • strijdig gebruik van een gebouw dan wel bijgebouw;

  • strijdig gebruik van gronden;

  • strijdig gebruik van panden voor bedrijfsdoeleinden;

  • strijdig gebruik van een woning dan wel bedrijfswoning en

  • strijdig gebruik van een recreatiewoning (projectmatige aanpak; zie paragraaf 2.2.4 en 2.2.5).

Ten aanzien van vorenstaande strijdigheden met betrekking tot gebruik, wordt toezicht gehouden en indien nodig handhavend opgetreden, conform het huidige handhavingsbeleid.

Doelstelling

Mooie, veilige en gezonde leefomgeving en het strijdig gebruik zoals hierboven omschreven zoveel mogelijk beperken.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.3 Vergunde bouw en sloop

Voor veel bouw/sloopactiviteiten wordt een omgevingsvergunning verleend. Wij zien toe op naleving van de voorschriften tijdens de bouw. Toezicht op dit onderdeel wordt uitgevoerd conform de toezichtmatrix gemeente Bronckhorst (bijlage 3).

In 2020 wordt ingezet op verdere ontwikkeling van de toezichtmatrix zodanig dat dit meer uniform wordt opgepakt.

 

Er wordt gebouwd/gesloopt conform de vergunning en volgens de eisen van het Bouwbesluit. Specifieke aandacht is er voor:

  • constructieve veiligheid (dit wordt bij twijfel via het cluster Omgeving uitbesteed aan een extern bureau, de gemeente Bronckhorst heeft deze kennis niet zelf in huis);

  • gebruiksveiligheid/brandveiligheid (prio1&2 wordt in samenspraak met de VNOG uitgevoerd)

  • energie

  • omgevingsveiligheid

Wordt in afwijking van de vergunning gebouwd dan treden wij handhavend op, conform het huidige handhavingsbeleid.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.4 Illegale bouw en sloop (niet vergund)

Soms wordt er gebouwd of gesloopt zonder dat daarvoor de vereiste vergunning is verleend. Dit kan vergunning vrije bouw zijn of illegale bouw. Bij vergunningsvrije bouw is ook het Bouwbesluit van toepassing.

Illegale bouw is zeer onwenselijk en wordt adequaat opgepakt. Hiertegen wordt handhavend opgetreden, conform het huidige handhavingsbeleid.

Omdat ook vanuit illegale bouw ondermijning meer en meer een aandachtspunt is, wordt hier meer urgentie aan toegekend. De verwachting is dat er ca 20 gevallen van illegale bouw in 2020 worden opgepakt.

Doelstelling

Behoud en bevorderen van een mooie, veilige en gezonde leefomgeving en illegale bouw/sloop zoveel mogelijk beperken.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.5 Bestaande bouw (brandveilig gebruik)

Controle op brandveilig gebruik van gebouwen is belegd bij de VNOG. Omdat de VNOG meer risicogericht gaat werken zal bij bestaande bouw wordt in gezamenlijkheid gekeken naar de waar bij de uitvoering de nadruk op ligt. De verantwoordelijkheid voor brandveilig gebruik van de gemeente en de VNOG sluiten op elkaar aan.

Wanneer er sprake is van geconstateerde overtredingen door de VNOG wordt de juridische bestuursrechtelijke opvolging hiervan door het cluster Toezicht en Handhaving opgepakt. Bij prio 1&2 wordt gezamenlijk met de brandweer gecontroleerd naast brand en gebruiksveiligheid wordt dan ook constructieve veiligheid meegenomen in de controle. Primair zorgt VNOG in overleg met de vergunninghouder voor beëindiging van de overtreding. Waar dit niet lukt, wordt de zaak overgedragen aan het cluster Toezicht en Handhaving die dan een handhavingstraject (bestuursrechtelijk) zal opstarten.

 

Bij de controle op grond van de Drank en Horecawet (waaronder prio 3 en 4) het onderdeel brandveiligheid worden meegenomen in de controle.

Doelstelling

Behoud en bevorderen van een mooie, veilige en gezonde leefomgeving en brandveilig gebruik zoveel mogelijk bevorderen.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.6 Campings

Op campingterreinen staan naast kampeermiddelen van passanten doorgaans ook recreatieverblijven als stacaravans en chalets. Controle op deze campings heeft betrekking op niet recreatief gebruik, brandveiligheid en de aard en omvang van de aanwezige bebouwing. In 2017 en 2018 hebben inventarisaties plaatsgevonden. In 2019 is het project voortgezet.

 

In 2020 wordt dit weer voortgezet. Het betreffen negen (9) campings. Toezicht en handhaving vindt plaats op basis van niet recreatief gebruik, bebouwing en brandveiligheid. Daarnaast heeft het toezicht een signalerende functie ten aanzien van ondermijning. We werken daarom mogelijk samen met ketenpartners, zoals de politie, en de provincie Gelderland. Ook het cluster participatie is hierbij betrokken vanuit openbare orde en veiligheid.

Doelstelling

Het leveren van een bijdrage aan en het bevorderen van een gezonde toeristische sector in de gemeente Bronckhorst. Daarnaast om de strijdige situaties in beeld te brengen en indien nodig corrigerend optreden. Tot slot worden de trends en ontwikkelingen opgehaald die als input gelden bij de beleidsontwikkeling ten aanzien van het recreatiebeleid.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd project wordt uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.7 Recreatieparken (inclusief solitaire recreatiewoningen)

De afgelopen jaren is structureel ingezet op toezicht en handhaving op recreatieparken met en zonder en onafhankelijk van de beheerder met betrekking tot niet recreatief gebruik. In 2018 en 2019 was er een tendens zichtbaar van een afname van niet recreatief gebruik.

 

Ook in 2020 wordt de toezicht en handhaving met betrekking tot niet recreatief gebruik op recreatieparken (inclusief solitaire recreatiewoningen) geïntensiveerd. Er vinden 3 maal per jaar controles plaats en indien nodig wordt er handhavend opgetreden. Ook hier werken we daar waar mogelijk samen met ketenpartners, zoals de politie en de provincie Gelderland.

Doelstelling

Het leveren van een bijdrage aan en het bevorderen van een gezonde toeristische sector in de gemeente Bronckhorst. Daarnaast om de strijdige situaties in beeld te brengen en indien nodig corrigerend optreden. Tot slot worden de trends en ontwikkelingen opgehaald die als input gelden bij de beleidsontwikkeling ten aanzien van het recreatiebeleid.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd project wordt uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.8 Leegstand

Sinds 1 januari 2016 wordt er toegezien op leegstand. Leegstand kan wijzen op het samenvoegen van woningen, maar ook op strijdig gebruik van het bestemmingsplan, bijvoorbeeld een woning die wordt gebruikt als bedrijfsruimte.

 

In 2020 wordt op basis van de inventarisatie een integrale clusteroverschrijdende aanpak vastgesteld. Dit resulteert in een projectmatige handhavingsaanpak. Hierbij wordt samengewerkt met het cluster Participatieveiligheid.

Doelstelling

Het creëren van een mooie, veilige en gezonde leefomgeving. Daarnaast het strijdig gebruik, zoals hierboven omschreven, zoveel als mogelijk tot een minimum te beperken.

 

3.3.9 Vervallen panden

Sinds 2017 is het beleid ten aanzien van vervallen gewijzigd en heeft dit thema een hoge prioriteit. Cluster Omgeving tracht ernaar om te komen tot een minnelijke oplossing met de eigenaar van het pand. Indien dit traject geen effect blijkt te hebben, treedt Toezicht en handhaving handhavend op.

 

In 2020 is er ruimte om ten hoogste vijf casus op te pakken.

Doelstelling

Het creëren van een mooie, veilige en gezonde leefomgeving. Daarnaast het strijdig gebruik, zoals hierboven omschreven, zoveel als mogelijk tot een minimum te beperken.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd project wordt uitgevoerd/verzonden.

 

3.3.10 Luchtfoto’s

Voor de betrouwbaarheid van de BAG zijn er luchtfoto’s gemaakt. Uit de vergelijking van de luchtfoto’s en de BAG gegevens, blijkt dat veel gebouwen niet bekend zijn bij ons.

 

In 2020 worden op basis van eerdere inventarisaties in 2018 en 2019 steekproefsgewijs tenminste 10 zaken opgepakt, daar waar een aannemelijk vermoeden van illegale bouw aanwezig is. In voorkomende gevallen wordt onderzocht of legalisatie mogelijk is. Indien dit niet mogelijk is wordt handhavend opgetreden.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

dat in het kader van voornoemd project wordt uitgevoerd/verzonden.

 

3.4 APV en bijzondere wetten

 

3.4.1 Inleiding

Een gemeentelijke verordening is een regeling die geldt voor iedereen binnen de gemeente (algemeen verbindend voorschrift), en die vaak tot doel heeft de gemeente netjes en leefbaar te houden voor iedereen. De gemeente Bronckhorst heeft er een aantal, waaronder de APV en de Omgevings- en Bouwverordening.3 In de APV van de gemeente Bronckhorst4 staat de gemeentelijke regelgeving op het gebied van openbare orde en veiligheid. Wordt er in strijd gehandeld met de bepaling(en) in de APV dan wel de Omgevings- en Bouwverordening, dan is de gemeente bevoegd hiertegen handhavend op te treden.

Daarnaast is de gemeente het bevoegde gezag voor schillende bijzondere wetten, zoals de Drank- en Horecawet.

 

Dit jaar wordt ingezet op de onderdelen:

  • parkeren (paragraaf 3.4.2);

  • afvaldumpingen en afvalcontainers (onjuiste gebruikswijze; paragraaf 3.4.3);

  • hondenpoep (paragraaf 3.4.4);

  • alcoholpreventie (paragraaf 3.4.5);

  • Drank en Horecawet (paragraaf 3.4.6);

  • evenementen en APV-vergunning (paragraaf 3.4.7) en

  • reclame-uitingen buitengebied (paragraaf 3.4.8).

3.4.2 Parkeren

Het foutief parkeren van motorvoertuigen (en niet-motorvoertuigen) kan leiden tot gevaarlijke situaties. Daarnaast blijkt uit het jaarverslag handhaving 2018 dat meldingen met betrekking tot parkeren op nummer één (1) staan van alle meldingen in de gemeente Bronckhorst (22,2% 90 meldingen). Gelet op het vorenstaande wordt aan dit onderdeel bestuurlijke prioriteit toegekend.

 

In de kern Vorden is een blauwe zone gesitueerd. Er wordt periodiek, ca éénmaal per maand – toezicht gehouden met betrekking tot deze blauwe zone. Op basis van de klachten/meldingen met betrekking tot parkeren wordt signaal gestuurd toezicht gehouden.

Indien noodzakelijk wordt handhavend opgetreden conform het huidige handhavingsbeleid.

Doelstelling

Behoud en bevorderen van een veilige leefomgeving.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controles en

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.4.3 Afvaldumpingen en afvalcontainers (onjuiste gebruikswijze)

Wij treffen veel restafval in onze oranje PMD containers aan. Dit leidt tot afkeur van het PMD en lagere financiële opbrengst. Deze opbrengst derving moeten wij dekken uit de afvalstoffenheffing. Wanneer er meer afval op een goede manier wordt aangeboden heeft dit een positief effect op de kosten. Dit maakt duurzaam hergebruik van afval gemakkelijker.

Op 1 januari 2020 wordt het omgekeerde inzamelen ingevoerd, het grijze afval (reststroom) moet naar ondergrondse containers gebracht worden en wordt niet meer huis-aan-huis ingezameld. Een nieuw systeem vraagt altijd een periode van gewenning. Risico’s bij het nieuwe systeem zijn ongewenste illegale bij plaatsingen en onjuiste aanbieding (grijze reststroom in PMD- of GFT-container)

 

Soms wordt afval gedumpt. Deze dumpingen brengen schade toe aan de groene leefomgeving en afvaldumpingen kunnen gevaarlijk zijn. Uit het jaarverslag handhaving 2018 blijkt dat meldingen met betrekking tot afvaldumpingen en illegaal bijplaatsen bij afvalcontainers op nummer twee (2) staat van alle ergernissen uit de gemeente Bronckhorst. Gelet op het vorenstaande wordt aan dit onderdeel meer bestuurlijke prioriteit toegekend

Doelstelling

Behoud van een mooie en schone leefomgeving.

De afval inzameling zo goedkoop en duurzaam mogelijk uitvoeren

 

In 2020 wordt na de invoering van het omgekeerd inzamelen extra toezicht gehouden op illegale bij-plaatsingen. Ook wordt er periodiek gecontroleerd op onjuiste aanbieding. Bij overtredingen wordt er PV opgemaakt.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal geconstateerde illegale dumpingen;

  • het aantal afgelegde controles (en eventueel gevoerde gesprekken) en

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.4.4 Hondenpoep

Hondenpoep leidt tot ergernis en kan schadelijk zijn voor de volksgezondheid. In 2018 stond overlast door hondenpoep in op de 3e plaats bij het ontvangen aantal meldingen (64x). Het is van belang dat dit zoveel mogelijk opgeruimd wordt, daarom worden hondeneigenaren op diverse manieren actief gestimuleerd om dit op te ruimen.

 

Het is lastig om op te treden tegen hondenpoep omdat het dan altijd moet gaan om een zogenoemde heterdaad constatering. Daarom worden de meldingen over hondenpoep geanalyseerd (locaties en meldingen) en op basis hiervan vinden periodieke risicogerichte controles plaats. Daarnaast stimuleren wij melders van overlast om de overtreders en eigenaren van honden zelf aan te spreken wanneer deze bekend zijn.

 

Wij treden handhavend op, conform het huidige handhavingsbeleid indien de regels niet worden nageleefd. Zoals eerder aangegeven kan dit alleen in het geval van heterdaad wat het optreden lastiger maakt.

Over de regelgeving rondom hondenpoep wordt periodiek gecommuniceerd.

Doelstelling

Behoud van een mooie en gezonde leefomgeving. Het bevorderen dat hondeneigenaren de hondenpoep opruimen en hierdoor de hondenpoepoverlast te beperken of te voorkomen.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken) en

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.4.5 Drank en horecawet

Voor verkoop en/of verstrekken van alcoholhoudende drank in een slijterij, horecabedrijf, sportkantine, verenigingslokaal of bedrijfsrestaurant is een drank- en horeca vergunning vereist. Cafetaria’s en levensmiddelenbedrijven (bijvoorbeeld supermarkten) hoeven geen vergunning te hebben om alcoholhoudende drank te verkopen, maar zij mogen alleen zwak alcoholische drank te verkopen, zoals bier en wijn.

Aan een drank- en horecavergunning zijn voorwaarden en voorschriften verbonden, conform de Drank- en Horecawet en het Besluit eisen inrichtingen Drank- en Horecawet.

 

Om onder andere te voorkomen dat alcoholhoudende dranken worden verstrekt en/of verkocht aan minderjarigen wordt hierop toezicht gehouden. In overeenstemming met het preventie en handhavingsplan wordt geïnvesteerd in de handhaving op dit terrein.

 

In 2018 is gestart met het inventariseren rond de verkoop van alcoholhoudende dranken bij supermarkten en slijterijen. In 2019 wordt op basis van bovenstaande inventarisatie een plan van aanpak opgesteld en wordt er toezicht gehouden op de naleving van de voorwaarden en voorschriften die verbonden zijn aan de drank- en horecavergunningen, conform de Drank- en Horecawet (en het Besluit eisen inrichtingen Drank- en Horecawet). Indien noodzakelijk wordt handhavend opgetreden conform het huidige handhavingsbeleid.

 

Daarnaast is in 2019 gecontroleerd bij de para commerciële instellingen5 gecontroleerd, en indien noodzakelijk, handhavend opgetreden conform het conform het huidige handhavingsbeleid en het Handhavingsprotocol Toezicht Drank- en Horecawet (onder andere oplegging bestuurlijke boete).

Ook zijn alle hotspots (plaatsen waar alcohol verstrekt/verkocht wordt) geïnventariseerd.

 

In 2020 wordt toezicht bij para commerciële instellingen geïntensiveerd

Doelstelling

Behoud van een mooie, gezonde en veilige leefomgeving. Zoveel als mogelijk voorkomen dat er alcoholhoudende drank wordt verstrekt dan wel verkocht aan minderjarigen.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal en

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.4.6 Evenementen en APV-vergunningen

Voor het organiseren van een evenement is een vergunning nodig van de burgemeester, behoudens de limitatieve opsomming in de APV gemeente Bronckhorst. Een evenement mag niet in afwijking van de vergunning plaatsvinden.

 

Er wordt toezicht gehouden op de naleving van de voorwaarden en voorschriften die verbonden zijn aan de evenementenvergunning. Dit spitst zich met name toe op de veiligheid van bezoekers, gebruik en schenken van alcoholhoudende drank en overlastbeperking voor de omgeving (geluidsvoorschriften worden op verzoek gecontroleerd door de ODA).

Evenementen met een hoge bestuurlijke prioriteit worden te allen tijde gecontroleerd (in ieder geval waar gebruik van glaswerk is toegestaan).

Doelstelling

Veilige evenementen voor bezoeker en omgeving. Zoveel als mogelijk voorkomen dat er alcoholhoudende drank wordt verstrekt dan wel verkocht aan minderjarigen.

 

Om recht te doen aan de doelstelling en een steeds grotere bewustwording bij zowel ouders als minderjarigen te creëren is in 2019 intensief samengewerkt met diverse ketenpartners (Politie, Iriszorg, Halt beveiligingsbedrijven en de evenementen organisatie) Deze aanpak en samenwerking is zeer succesvol en zal in 2020 voortgezet worden.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken/gecontroleerde vergunningen (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal en aard van de geconstateerde overtredingen;

  • het aantal verleende vergunningen;

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.4.7 Reclame-uitingen buitengebied

Om bij te dragen aan een mooie en schone leefomgeving is het van belang reclame-uitingen in het buitengebied zoveel mogelijk tegen te gaan. Worden de reclame-uitingen wel geconstateerd in het buitengebied, bijvoorbeeld middels vrije veld toezicht (zie paragraaf 3.5.8), dan treden wij hier handhavend tegen op conform het huidige handhavingsbeleid. Gelet op het huidige coalitieprogramma wordt aan dit onderdeel meer bestuurlijke prioriteit toegekend.

Doelstelling

Behoud van een mooie en schone leefomgeving.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal geconstateerde illegale reclame-uitingen;

  • het aantal afgelegde controles (en eventueel gevoerde gesprekken) en

  • het aantal uitgeschreven processen verbaal.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.5 Specifieke taken

 

3.5.1 Inleiding

Naast de inhoudelijk speerpunten, zoals in de paragrafen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 beschreven, wordt nog geïnvesteerd in specifieke taken en werkzaamheden. Op basis van het coalitieprogramma wordt ingezet op:

  • aanpak ondermijning (paragraaf 4.6.2);

  • kinderopvang ((paragraaf 4.6.3);

  • BRP, BAG en LAA (paragraaf 4.6.4) en

  • asbest (paragraaf 4.6.6);

3.5.2 Ondermijning

Georganiseerde criminaliteit ondermijnt het lokale gezag, verslechtert veiligheid en leefbaarheid en levert schade op voor ondernemers. De aanpak van georganiseerde criminaliteit richt zich op de cruciale ondersteunende activiteiten van ‘de bovenwereld’ aan ‘de onderwereld’. De onderwereld maakt voor illegale activiteiten gebruik van diensten van 'de bovenwereld', bijvoorbeeld voor distributie, financiële handelingen, vergunningen en huisvesting. Ook zijn criminelen vaak op zoek naar manieren om illegaal verkregen vermogen wit te wassen. Bijvoorbeeld door te investeren in vastgoed.

 

Het signaleren en herkennen van ondermijning is van cruciaal belang in de aanpak van ondermijning. De toezichthouders spelen hierbij een zeer belangrijke rol. Dit jaar wordt geïnvesteerd in de bewustwording en kennisontwikkeling met betrekking tot het herkennen van signalen van ondermijning. De aanpak van ondermijning is niet één dimensionaal en vraagt een gemeente brede integrale aanpak en samenwerking. Hiervoor is een nauwe samenwerking met de politie en andere netwerkpartners van belang. De coördinatie van de aanpak van ondermijning, waar bewustwording ook een onderdeel van is, ligt bij openbare orde en veiligheid van het cluster participatie.

 

Cluster Toezicht en handhaving is verantwoordelijk voor de bestuurlijke handhaving en de advisering over de juridische bevoegdheden. Hieronder vallen onder andere de:

  • Opiumwet (13b-bevoegdheid: sluiting drugspanden)

  • Woningwet (sluiting panden in strijd met bouwbesluit i.c.m. verstoring openbare orde)

  • Bestuurlijke boete, zie paragraaf 2.2.9)

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal afgelegde controlebezoeken/gecontroleerde casus (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal en aard van de geconstateerde overtredingen;

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.5.3 Kinderopvang

Kinderopvangvoorzieningen en gastouders moeten zich houden aan regels. De toezichthouders van de GGD controleren jaarlijks of dat ook gebeurt (GGD is de formele toezichthouder volgens de wet). Hierover adviseert zij de gemeente die het bevoegde gezag is. Indien uit het advies volgt dat de regels niet worden nageleefd, treedt de gemeente handhavend op conform het huidige handhavingsbeleid kinderopvang.

Doelstelling

Bevorderen van de veiligheid bij kinderopvangvoorzieningen en gastouders.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal door de GGD gecontroleerde kinderopvangvoorzieningen;

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.5.4 BRP, BAG en LAA

Om onder andere fraude tegen te gaan is het van belang dat feitelijke (woon)situatie zoveel mogelijk overeenkomt met de gegevens die in de basisregistraties bekend is.

Doelstelling

Bevorderen van de juistheid van de diverse registratiesystemen, zoals de BRP en de BAG, en het zo veel als mogelijk voorkomen van fraude.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal ambtelijke in- of uitschrijvingen in het BRP;

  • het aantal gecontroleerde adressen;

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.5.5 Milieu (Omgevingsdienst Achterhoek)

De Omgevingsdienst Achterhoek (hierna: ODA) zorgt voor vergunningverlening, toezicht en handhaving op het terrein van milieu, veiligheid en cultureel erfgoed in opdracht van onder andere de gemeente Bronckhorst. De ODA draagt bij aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving voor bedrijven en inwoners.

 

In de concept-opdracht gaat de ODA uit van ‘volledige’ reguliere controles. Net als 2019 wordt ook in 2020 weer voor bepaalde branches met aspectcontroles gewerkt (conform het huidige handhavingsbeleid). Dit is een consequente lijn.

 

Nieuw in de opdracht is de controle op en beoordelen van energiebesparingsmaatregelen (EML). Bij deze controles wordt aansluiting gezocht bij het lopende project voor het midden- en kleinbedrijf. De gemeente Bronckhorst neemt deel aan dit project.

 

3.5.5 Asbest

Op daken en in gebouwen is vaak asbest aanwezig. Dit moet onder speciale omstandigheden verwijderd en afgevoerd worden. In 2019 is het verbod op asbestdaken opgeschort. De taken rondom asbesttoezicht zijn overgedragen naar de ODA. Ondanks deze opschorting van het verbod wil de gemeente Bronckhorst het verwijderden van asbestdaken versnellen en stimuleren door deelname aan de zogenoemde Achterhoekse Asbest trein.

 

De kans op illegale verwijdering en stort van asbest is een groot risico. Het cluster Toezicht en handhaving heeft met name een oog en oor functie voor de ODA. Mogelijke signalen van illegale verwijdering en stort worden teruggekoppeld aan de ODA. Bij illegale sanering/verwijdering wordt altijd handhavend opgetreden door de ODA.

Doelstelling

Behoud en bevorderen van een veilige leefomgeving en het bevorderen dat de asbestdaken worden gesaneerd. Bevorderen dat de regels omtrent asbest zoveel mogelijk worden nageleefd.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal geconstateerde illegale saneringen;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.5.6 Bestuurlijke boete

Een bestuurlijke boete – ook wel administratieve boete genoemd – maakt onderdeel uit van de handhaving in het bestuursrecht. Een bestuurlijke boete is een punitieve (bestraffende) sanctie. Dit betekent dat de maatregel niet gericht is op herstel van een onrechtmatige situatie, zoals een last onder dwangsom en een last onder bestuursdwang, maar juist op het straffen van de overtreder. Deze straffende maatregel valt niet onder het strafrecht, maar onder het bestuursrecht.

 

In 2019 zijn de sanctiebeleidsregels door het college vastgesteld. In 2020 wordt de bestuurlijke boete als instrument onderzocht c.q. aan het college voorgelegd ten voor de BRP en mogelijk ook andere taakvelden.

Beeld is dat wanneer het instrument bestuurlijke boete meer ingezet wordt dit ook leidt tot kennisontwikkeling op dit gebied.

Doelstelling

Het bevorderen van naleefgedrag en effectiever optreden tegen overtredingen waarop het sanctie beleid ten aanzien van bestuurlijke boetes van toepassing is.

 

3.6 Algemeen

 

3.6.1 Inleiding

Naast inhoudelijk speerpunten, zoals in de paragrafen 3.1, 3.2, 3.3 en 3.4 beschreven, en de specifieke taken en werkzaamheden, wordt nog geïnvesteerd in algemene taken en werkzaamheden. Hiermee trachten wij naar het meer optimaliseren van de werkprocessen, kwaliteitsverbetering en professionalisering. Hierdoor kunnen wij adequater en gedegener uitvoering van onze wettelijke bevoegdheden met als uiteindelijke doel: het dienen van de samenleving van de gemeente Bronckhorst.

 

Dit jaar wordt geïnvesteerd op de onderdelen:

  • juridische behandeling (paragraaf 3.5.2);

  • systeem en structuur (paragraaf 3.5.2);

  • communicatie (paragraaf 3.5.3);

  • integraal werken (paragraaf 3.5.4);

  • bestuurlijke boete (paragraaf 3.5.5);

  • verzoeken om handhaving (paragraaf 3.5.6);

  • klachten/meldingen (paragraaf 3.5.7) en

  • vrije veld toezicht (paragraaf 3.5.8);

3.6.2 Juridische behandeling

Overtredingen en strijdigheden worden in beginsel opgelost in het gesprek (sociaal handhaven). Echter, in bepaalde situaties heeft het versturen van een niet-juridische brief (sociaal handhaven) niet het beoogde effect. Bestuursrechtelijke handhavingsprocedures (inclusief handhavingsverzoeken en bezwaar en beroep) is in die situaties derhalve onontbeerlijk.

De bestuurlijke handhavingsprocedures kunnen aangevangen worden door geconstateerde overtredingen, verzoeken om handhaving en ingediende bezwaar- en beroepschriften waarbij een juridisch handhavingstraject noodzakelijk is. De formele behandeling van bezwaar- en beroepsprocedures ligt bij cluster Juridische Zaken. Het cluster Toezicht en handhaving levert de inhoudelijke handhavingsexpertise bij deze bezwaar- en beroepsprocedures. Hierover vindt nauwe afstemming plaats.

Doelstelling

Met het inzetten van een bestuurlijke handhavingsprocedure tijdig en effectief beëindigen van overtredingen dan wel strijdigheden.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal behandelde handhavingstrajecten;

  • het aantal behandelde/verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal behandelde/verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang;

  • het aantal opgelegde bestuurlijke boetes.

dat in het kader van voornoemd thema is uitgevoerd/verzonden.

 

3.6.3 Communicatie

De communicatie met betrekking tot de handhavingstaken en -procedures speelt een belangrijke rol in het bevorderen van naleefgedrag.

 

Burgers en ondernemers worden middels diverse communicatiekanalen geïnformeerd over de huidige wet- en regeling met betrekking toezicht en handhaving en de ontwikkelingen daaromtrent.

Er vindt te allen tijde afstemming plaats met cluster Communicatie.

Doelstelling

  • Bevorderen van de naleving van wet- en regelgeving met betrekking tot toezicht en handhaving.

  • Kenbaarheid van (nieuwe) wet- en regelgeving vergroten.

  • Onderlinge communicatie van burgers met elkaar versterken.

3.6.4 Verzoeken om handhaving

Handhavingsverzoeken – ongeacht de prioritering – betreffen een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en dienen altijd in behandeling te worden genomen. Cluster Toezicht en handhaving stelt in dergelijke gevallen vast of er sprake is van een overtreding. Op basis hiervan wordt er een schriftelijke besluit genomen (afwijzing of toewijzing van het verzoek om handhaving).

Doelstelling

Het adequaat en gedegen onderzoeken van de aard van het verzoek om handhaving en dit binnen de wettelijke termijn van acht weken (zonder opschorting) afhandelen.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal ingediende verzoeken om handhaving (uitgesplitst in toegewezen en afgewezen);

  • het aantal afgelegde controlebezoeken (en eventueel gevoerde gesprekken);

  • het aantal verstuurde niet-juridische brieven (waarschuwing);

  • het aantal verstuurde vooraankondigingen last onder dwangsom dan wel bestuursdwang en

  • het aantal verstuurde last onder dwangsom dan wel bestuursdwang

naar aanleiding van een verzoek om handhaving.

 

3.6.5 Klachten/meldingen

Via de website (www.bronckhorst.nl/meldingdoen) of telefonisch (0575-75 02 50) kunnen klachten dan wel meldingen worden ingediend over de woon- en leefomgeving. Op basis van de aard en de prioritering van de klacht dan wel melding wordt deze door toezicht en handhaving adequaat opgepakt. Ten opzicht van de verzoeken om handhaving (paragraaf 3.5.6) zijn klachten/meldingen geen aanvraag in de zin van de AWB en worden er bij de afhandeling van klachten/meldingen geen besluit genomen.

Doelstelling

Klachten en meldingen worden adequaat en binnen twee werkdagen opgepakt in het kader van de High Five. Vragen die via sociaal media binnenkomen worden op dezelfde werkdag beantwoord. In de praktijk is dit niet altijd haalbaar. Daarom vindt er per januari een wijziging plaats. Alle binnengekomen meldingen krijgen een telefonische reactie met de mededeling wie de klacht in behandeling neemt en dat we zo spoedig mogelijk inhoudelijk reageren.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal ontvangen klachten en meldingen per categorie;

  • het aantal controlebezoeken en gesprekken die in het kader worden uitgevoerd en

  • het aantal hieruit voortvloeiende vervolgacties.

3.6.6 Vrije veld toezicht

Tijdens ons reguliere werk is vaak sprake van zogenoemde ‘vrije veld toezicht’. De waarnemingen komen tot stand, doordat de toezichthouders in het veld aan het werk zijn en niet naar aanleiding van een vergunning, verzoek om handhaving, klacht of melding. Het kan daarbij gaan om vele soorten overtredingen: strijdig gebruik in het kader van het bestemmingsplan, reclame-uitingen, niet vergunde bouw, afval dumpingen etc.

Doelstelling

Het creëren van een mooie, veilige en gezonde leefomgeving en het strijdig gebruik, zoals hierboven omschreven, zoveel als mogelijk tot een minimum te beperken.

Rapportage

De rapportage vindt plaats op basis van:

  • het aantal waarnemingen als gevolg van vrije veld toezicht en

  • het aantal hieruit voortvloeiende vervolgacties.

4. Wat is hiervoor nodig

 

4.1 Beschikbare en benodigde capaciteit

De capaciteit die beschikbaar is voor de uitvoering van de in dit uitvoeringsprogramma genoemde projecten en acties is geborgd in de begroting. Voor 2020 is bij het cluster Toezicht en handhaving in totaal 10.98 fte beschikbaar.

 

Op basis van het bestaande beleidsplan werken we het innovatief toezichthouden en verdere digitalisering van het toezicht- en handhavingsproces nader uit. Verder zetten wij extra toezicht en handhaving in op zowel bestaande speerpunten als geformuleerde punten in het coalitieprogramma: wonen, natuur, landbouw, landschap, leegstand en ruimtelijke ordening. We hebben daarnaast specifiek aandacht voor recreatieparken, campings en solitaire recreatiewoningen om onder andere niet recreatief gebruik tegen te gaan.

In 2020 wordt steeds verdergaand door de gehele organisatie ingezet op integraal werken, dit zal vooral vorm krijgen vanuit de implementatie van de Omgevingswet. Invoering van deze wet vraagt een meer integrale aanpak. De omgevingsvisie en omgevingsplannen worden in afstemming met het cluster toezicht worden opgesteld. Vanuit het cluster wordt hiervoor capaciteit beschikbaar gesteld.

Mogelijk leidt de invoering van de omgevingswet tot verdere verschuiving van vergunning plichtig naar vergunningsvrij, met andere woorden naar toetsing vooraf naar controle achteraf.

Afhankelijk van de in te zetten instrumenten aan de voorkant en aan de achterkant is bijstelling van het bestaande beleid toezicht en handhaving mogelijk te overwegen.

 

Met dit uitvoeringsprogramma geven we invulling aan de beschreven bestuurlijke prioriteiten en onze should en must lijsten (bijlage 1 en 2).

 

De externe inzet van bijvoorbeeld de ODA, de GGD Noord- en Oost-Gelderland en de VNOG, afdeling Risicobeheersing, laten we hier financieel buiten beschouwing. Bij de uitvoering van het werk wordt intensief met de vorenstaande partijen samengewerkt.

 

4.2 Financiën

Voor de toezicht- en handhavingstaken is financiële dekking georganiseerd via de begroting van 2020. In dit uitvoeringsprogramma gaan wij uit van de personele capaciteit en overige middelen die daarin zijn vastgelegd.

Bijlage 1 Uitkomst risicoanalyse, januari 20176

1. Bouwen, slopen

Handhavingstaak

Handhavingsonderdeel

Prioriteit

Controle omgevingsvergunning bouw

Publieksfunctie > 1.000.000

hoog

Controle omgevingsvergunning bouw

Wonen cat III > 1.000.000

hoog

Bouw zonder vergunning, grote bouwwerken

 

hoog

Controle omgevingsvergunning bouw

Bedrijfsfunctie > 1.000.000

hoog

Controle omgevingsvergunning bouw

Publieksfunctie 100.000 - 1.000.000

hoog

Controle omgevingsvergunning bouw

Publieksfunctie < 100.000

hoog

Controle omgevingsvergunning bouw

Wonen cat. II 100.000 – 1.000.000

gemiddeld

Bouw zonder vergunning, middel bouwwerken

 

gemiddeld

Controle omgevingsvergunning bouw

Bedrijfsfunctie 100.000 – 1.000.000

gemiddeld

Controle omgevingsvergunning bouw

Wonen cat I < 100.000 complex

gemiddeld

Bestaande bouw

 

gemiddeld

Bouw zonder vergunning, bouwwerken geen gebouw zijnde

 

laag

Controle omgevingsvergunning bouw

Bedrijfsfunctie < 100.000

laag

Wonen tijdelijke bouw

 

laag

Bouwwerk geen gebouw zijnde complex

 

laag

Controle omgevingsvergunning bouw

Wonen cat I < 100.000 eenvoudig

laag

Sloopmelding zonder asbest

 

laag

Bouwwerk geen gebouw zijnde eenvoudig

 

laag

2. APV en bijzondere wetten

Handhavingstaak

Prioriteit

Evenementenvergunning > 100 personen

hoog

Milieu (zwerfafval en afvaldumpingen)

hoog

Tentvergunning

hoog

Kermis organiseren

hoog

Overlast hinderlijke dieren

gemiddeld

Ontheffing carbidschieten

gemiddeld

Braderie organiseren

gemiddeld

Ontheffing geluidshinder

gemiddeld

Evenementenvergunning < 100 personen

gemiddeld

Buurthuis of kantine (para commercieel)

gemiddeld

Reclame plaatsen, ook illegaal

gemiddeld

Autowrakken/caravans

gemiddeld

Melding vuur stoken

gemiddeld

Verkeer (incl. parkeren blauwe zone)

gemiddeld

Spandoek plaatsen

gemiddeld

Kapvergunning

gemiddeld

Ontheffing tijdelijk schenken alcoholische dranken

gemiddeld

Vergunning drank- en horecawet (commercieel)

gemiddeld

Parkeren grote voertuigen en reclamevoertuigen

gemiddeld

Hinderlijke beplanting tav verkeersveiligheid

gemiddeld

Vergunning bruikbaarheid van de weg/verkeersmaatregelen

gemiddeld

Snuffelmarktvergunning

gemiddeld

Speelautomaten exploiteren

gemiddeld

Groene regelgeving (bescherming van groene elementen)

gemiddeld

Meldingen BRP, BAG, LAA

gemiddeld

Afvalstoffen huishoudens

gemiddeld

Loterij organiseren

laag

Optreden straatartiest

laag

Informatiestand organiseren

laag

Vergunning organiseren betogingen

laag

Sluitingsuur winkels en horecabedrijven

laag

Ongeregistreerd grondgebruik

laag

Gevaarlijke honden

laag

Verwijzingsborden, ontheffing

laag

Geluidswagen gebruiken

laag

Ontheffing beperking verkeer in natuurgebieden

laag

Ontheffing bezigen vuurwerk

laag

Verkoopdemonstratie in horecagelegenheid organiseren

laag

Vergunning standplaatsen

laag

Ventvergunning

laag

Vergunning inzameling geld of goederen

laag

Uitritvergunning en aanleg (incl. inritten/duikers)

laag

3. Ruimtelijke ordening/strijdig gebruik

Handhavingstaak

Prioriteit

Illegale bewoning; permanente bewoning recreatieverblijven

hoog

Illegaal gebruik wonen

hoog

Illegaal bewoning zorgcomplexen, illegale kamerverhuur

hoog

Illegaal gebruik bedrijf

gemiddeld

Illegaal gebruik gronden

gemiddeld

Illegaal recreatief gebruik

gemiddeld

Illegale aanleg

gemiddeld

Tijdelijke ontheffing omgevingsvergunningen

laag

4. Milieu

Handhavingstaak

Prioriteit

C4/ D4/ D5 (o.a. IPPC vergunningsplichtige inrichtingen)

hoog

C3 agrarisch sector (vergunningsplichtige inrichtingen)

hoog

Milieutoezicht vuurwerkopslag- en verkooppunt

hoog

Milieutoezicht Wet Bodembescherming

hoog

B1 (meldingsplichtige inrichtingen)

gemiddeld

B2 (meldingsplichtige inrichtingen)

gemiddeld

B3 (OBM-meldingsplichtige inrichtingen)

gemiddeld

Kwaliteit grond/ bagger/ bouwstoffen (Besluit Bodemkwaliteit)

gemiddeld

Geluidsoverlast

gemiddeld

Milieutoezicht slopen/ puinbreken/ asbestverwijdering

gemiddeld

A1/ A2 (niet-meldingsplichtige inrichtingen)

laag

C3 industrie sector (vergunningsplichtige inrichtingen)

laag

5. Brandveiligheid

Handhavingstaak

Prioriteit

Risicoprofielcategorie A (zeer hoog risico)7

bijv. grotere horeca > 500 personen, verpleeghuizen

hoog

Risicoprofielcategorie B (hoog risico)

bijv. Evenementen > 100 personen, grotere horeca < 500

hoog

Risicoprofielcategorie C (gemiddeld risico)

bijv. kleine horeca

gemiddeld

Risicoprofielcategorie D (beperkt risico)

bijv. gymnastiekzaalinkeven/kantoren

laag

6. Kinderdagverblijf en kinderopvang

Specifiek voor dit onderwerp zijn de beleidsregels handhaving Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen gemeente Bronckhorst vastgesteld (datum inwerkingtreding 15 april 2014). Dit beleid zal in 2017/2018 geactualiseerd worden. De huidige beleidsregels bevatten ook een prioritering voor dit onderwerp.

Bijlage 2 Bestuurlijke prioriteiten8

 

Naast de gestelde prioriteiten op basis van de risicoanalyse geeft de gemeente ook nog bestuurlijke prioriteit aan bepaalde zaken. Daarbij maakt zij onderscheidt tussen:

  • Must – bestuurlijke prioriteiten: zaken die opgepakt moeten worden.

  • Should – bestuurlijke prioriteiten: zaken die wenselijk zijn om op te pakken.

Bestuurlijke prioriteiten

Must

Should

Bouwen en ruimtelijke ordening

• Duurzaamheid en veiligheid op en tijdens de bouw.

• Het in strijd met het bestemmingsplan permanent verblijven op campings.

• Constructieve veiligheid van gebouwen en evenementen/kermissen waar grote groepen mensen verblijven.

• De landschappelijke kwaliteit behouden en/of bevorderen (o.a. herplantplicht, vergunningsplicht voor activiteit kappen en activiteit aanleggen).

 

Bouwen en ruimtelijke ordening

• Het in strijd met het bestemmingsplan gebruiken van (bedrijfs)woningen.

• Het in strijd met het bestemmingsplan permanent verblijven op een recreatiepark en/of in een recreatiewoning.

• Het bouwen zonder omgevingsvergunning (naar aanleiding van signalen en/of n.a.v. eigen constatering).

• Het in strijd met het bestemmingsplan wonen in (bij)gebouwen.

• Het in strijd met het bestemmingsplan gebruik van panden voor bedrijfsdoeleinden (illegale bedrijvigheid).

• Brandveiligheid van gebouwen en evenementen/kermissen waar grote en/of kwetsbare groepen mensen verblijven.

 

APV en bijzondere wetten

• Het opruimen van de hondenpoep.

• Schenken van alcohol aan minderjarigen tijdens een evenement /kermis en in een horecagelegenheid

APV en bijzondere wetten

• Het stallen van camper, caravans en aanhangwagens.

• Het parkeren van auto’s in de blauwe zones.

• Afvaldumpingen in de openbare ruimte.

• Reclame-uitingen in het buitengebied

Brandveiligheid

• De brandveiligheid van recreatieve objecten op campings.

• Preventieve acties in verband met de brandveiligheid bij mensen die gebrek hebben aan zelfredzaamheid. Bijvoorbeeld bij ouderen, mensen die langer thuis (moeten) blijven wonen, scholen, dagverblijven, intramurale instellingen.

 

Brandveiligheid

• De brandveiligheid van recreatiewoningen.

 

Klachten/meldingen en verzoeken om handhaving

• Verzoeken om handhaving (op grond van een wettelijke beginselplicht).

• Klachten en meldingen met betrekking tot de Must of Should-bestuurlijke prioriteiten en/of naar aanleiding van een hoge of gemiddelde prioritering op grond van het risico-analysemodel.

 

Milieu

• De agrarische sector met een accent op:

○ eisen vanuit het Besluit emissiearme huisvesting (o.a. geur, beweiding, stalsystemen);

○ gevaarlijke stoffen (o.a. dieselolietank, bestrijdingsmiddelen);

○ mestopslagen en digestaat (o.a. bassins zonder certificaat).

 

Overige

• De veiligheid bij een kindercentrum, een voorziening voor gastouderopvang, een gastouderbureau of een peuterspeelzaal.

 

Overige

• De feitelijke situatie van een adres ten behoeve van de Basis Registratie Personen (BRP), Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en het project Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA).

• Saneren van asbestdaken.

• Leegstaande panden (in verband met de Opiumwet en het woningcontingent).

• Verpauperende panden.

Bijlage 3 Toezichtmatrix bouw gemeente Bronckhorst

 

Bijlage 4 uitvoeringsprogramma Omgevingsdienst Achterhoek