|
Artikel2.1 Horeca, coffeeshops, speelautomatenhalen en seksbedrijven
1. In geval van een aanvraag om (wijziging van) een vergunning als bedoeld in de artikelen 3 en 30a van de Drank- en Horecawet, de artikelen 2 en 12a van de Horecaverordening Utrecht (exploitatievergunning horeca en coffeeshops), artikel 2, eerste lid van de Verordening op de speelautomatenhallen (vergunning speelautomatenhal), artikel 3:4, eerste lid van de APV (vergunning seks- en escortbedrijf) zal het bestuursorgaan in beginsel een Bibob-onderzoek starten indien:
a. sprake is van nieuwe vestiging van een inrichting of bedrijf en/of
b. sprake is van een overname of wijziging van een exploitant en/of
c. op grond van:
• eigen ambtelijke informatie, en/of
• informatie verkregen van het LBB, en/of
• informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC, en/of
• vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob (OM-tip) en/of
• overige signalen
vragen ontstaan of bestaan over de betrokkene en/of zijn potentiele, huidige of voormalige Bibob-relaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid van de Wet Bibob en/of over de organisatiestructuur en/of wijze van financiering.
|
Artikel2.1 Horeca, coffeeshops, speelautomatenhalen, seksbedrijven en overige bedrijven
1. In geval van een aanvraag om (wijziging van) een vergunning als bedoeld in de artikelen 3 en 30a van de Drank- en Horecawet, de artikelen 2 en 12a van de Horecaverordening Utrecht (exploitatievergunning horeca en coffeeshops), artikel 2, eerste lid van de Verordening op de speelautomatenhallen (vergunning speelautomatenhal), artikel 3:4, eerste lid van de APV (vergunning seks- en escortbedrijf), artikel 2:47 van de APV zal het bestuursorgaan in beginsel een Bibob-onderzoek starten indien:
a. sprake is van nieuwe vestiging van een inrichting of bedrijf en/of
b. sprake is van een overname of wijziging van een exploitant en/of
c. vragen ontstaan of bestaan over de betrokkene en/of zijn potentiele, huidige of voormalige Bibob-relaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid van de Wet Bibob en/of over de organisatiestructuur en/of wijze van financiering op grond van:
• eigen ambtelijke informatie, en/of
• informatie verkregen van het LBB, en/of
• informatie afkomstig van een van de partners uit
het samenwerkingsverband RIEC, en/of
• vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld
in artikel 26 van de Wet Bibob (OM-tip) en/of
• overige signalen.
|