Wijzigingsbesluit Delegatiebesluit Ede

De raad van de gemeente Ede;

gelezen het voorstel van het presidium van 13 januari 2020;

gelet op de artikelen 107 en 107e van de Gemeentewet, paragraaf 2,3 en 4 van de Ambtenarenwet 2017 en titel 10 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;

besluit:

Artikel I

Het Delegatiebesluit Ede wordt als volgt gewijzigd:

 

Artikel 2 komt als volgt te luiden:

Artikel 2. Werkgeverschap griffie

  • 1.

    De navolgende bevoegdheden van de raad worden gedelegeerd aan de werkgeverscommissie, bedoeld in het Instellingsbesluit werkgeverscommissie griffie Ede;

    • a.

      het aanwijzen van de griffier;

    • b.

      het aangaan, wijzigen en beëindigen van de arbeidsovereenkomst met de griffier;

    • c.

      het aangaan, wijzigen en beëindigen van arbeidsovereenkomsten met de op de griffie werkzame ambtenaren;

    • d.

      het uitoefenen van alle rechten, plichten en bevoegdheden namens de overheidswerkgever gemeente Ede, voor zover deze de griffier en de op de griffie werkzame ambtenaren betreffen.

  • 2.

    De werkgeverscommissie kan de griffier volmacht verlenen voor het bedoelde onder c en d voor zover het betreft de op de griffie werkzame ambtenaren.

Artikel II.

Deze wijzigingsverordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Vastgesteld in de openbare vergadering van 23 januari 2020, zaaknummer 118906.

De raad voornoemd,

dr. G.H. Hagelstein

de griffier,

mr. L.J. Verhulst

de voorzitter.

Toelichting

Algemeen

Op 1 januari 2020 is de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren in werking getreden. Het personeel dat in dienst is bij de gemeente is hierdoor niet langer werkzaam op basis van een ambtelijke aanstelling. Daarvoor in de plaats is een arbeidsovereenkomst gekomen met de overheidswerkgever gemeente Ede. De raad heeft zeggenschap over een deel van de rechten, plichten en bevoegdheden van de gemeente Ede als overheidswerkgever, namelijk daar waar het de griffier en het op de griffie werkzame ambtenaren betreft. Verwezen wordt naar de Memorie van Toelichting op de Aanpassingswet Wnra (Kamerstukken II 2018/2019 35 073, nr. 3, p. 13-15).

Voor 1 januari 2020 werd het werkgeversgezag uitgeoefend door de werkgeverscommissie griffie. Deze situatie wordt gehandhaafd. Dit betekent in de eerste plaats dat de werkgeverscommissie griffie bevoegd is tot het aanwijzen van de griffier en het aangaan van een arbeidsovereenkomst met de griffier en de op de griffie werkzame ambtenaren. Daarnaast worden ook alle andere taken, plichten en bevoegdheden die op de overheidswerkgever rusten uitgeoefend door de werkgeverscommissie griffie. Hierbij valt onder meer te denken aan: het doen afleggen van de eed of belofte door ambtenaren, het vaststellen van integriteitsbeleid, het toekennen van een beloning of opleggen van een sanctie en het vaststellen van een lokaal personeelshandboek.

De werkgeverscommissie griffie kan de volmacht verlenen voor het uitoefenen van bevoegdheden ten aanzien van de overige op de griffie werkzame ambtenaren. Hierbij valt in de eerste plaats te denken aan het aangaan of wijzigen van arbeidsovereenkomsten. Maar ook bijvoorbeeld het toekennen van een beloning.

Naar boven