Gemeenteblad van Gulpen-Wittem

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Gulpen-WittemGemeenteblad 2020, 13940Beleidsregels



Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouderds van gemeente Gulpen-Wittem houdende regels omtrent Handboek Kabels & Leidingen

Standaardbepalingen voor het opnemen van de sleufverharding, het graven, aanvullen en verdichten van sleuven en het leggen van kabels en leidingen in gronden die in eigendom of beheer zijn bij de gemeente Gulpen-Wittem.

 

G.19.02574

 

Augustus 2019

Afdeling Beleid en Projecten, CCT

 

1. Inleiding

 

Het ‘Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem’, kortweg Handboek genoemd, wordt door de gemeente van toepassing verklaard in alle gevallen waarin de gemeente, al dan niet op grond van een geldende verordening, toestemming verleent voor werkzaamheden aan-, of ten behoeve van kabels en leidingen.

 

Doel van het handboek is:

  • het bevorderen van een veilige ligging en ordening van de kabels en leidingen;

  • het beperken van de overlast en het bevorderen van een veilige omgeving voor de burgers tijdens de werkzaamheden aan kabels en leidingen;

  • het voorkomen van schade aan private- en gemeentelijke eigendommen;

  • het borgen van de kwaliteit van de openbare ruimte.

 

Het bereiken en handhaven van deze doelstellingen wordt ondersteund door gedetailleerd uitgewerkte, uniforme voorbereiding- en uitvoeringsvoorschriften ten behoeve van alle werken in het openbare gebied van de gemeente Gulpen-Wittem.

 

Hiertoe worden nadere eisen gesteld aan de gegevens die moeten worden verstrekt bij het aanvragen van een instemmingbesluit cq vergunning en worden nadere voorwaarden gesteld bij het voorbereiden en uitvoeren van werken in het beheergebied van de gemeente Gulpen-Wittem. Het Handboek is van toepassing op alle leidingen, zowel buisleidingen als kabels.

 

Het instemmingbesluit cq vergunningstraject is het gemeentelijke instrument om zorg te dragen voor de veiligheid, de beperking van overlast, het voorkomen van schade en het borgen van de kwaliteit van de openbare ruimte.

 

Het verband tussen de wetten, verordeningen en Handboek kan in de volgende rangvolgorde worden weergegeven:

  • 1.

    wettelijke bepalingen zoals oa. de Telecommunicatiewet en de Wet Informatie- uitwisseling Boven- en Ondergrondse Netten en Netwerken;

  • 2.

    lokale regelgeving zoals oa. de Algemeen Plaatselijke Verordening gemeente Gulpen-Wittem;

  • 3.

    de overeenkomst met Enexis en WML: OGN-2011 voorzover partijen deze hebben afgesloten met de gemeente Gulpen-Wittem;

  • 4.

    Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2019 gemeente Gulpen-Wittem (AVOI).

 

Voor de volledigheid zijn de AVOI en de toelichting op de AVOI als bijlage in het Handboek opgenomen.

2. Begrippenlijst

2.1. Rolverdeling

In de praktijk kan er een rolverdeling bestaan tussen netbeheerder - instemminghouder - en grondroerder. Ook kan het zijn dat deze rollen door één en dezelfde partij worden vervuld. Voor de gemeente is echter alleen de instemminghouder zowel financieel, operationeel als juridisch te allen tijde aansprakelijk en verantwoordelijk voor het (doen) opvolgen van de bepalingen in het handboek. Dit ongeacht hoe de relatie tussen instemminghouder enerzijds en een eventuele net-beheerder en grondroerder anderzijds. De gemeente behoudt zich het echter het recht voor om in dringende gevallen

handhavingmaatregelen rechtstreeks met grondroerder af te handelen en de instemminghouder pas later daarvan in kennis te stellen.

2.2. Partijen

Gemeente: College van burgemeester en wethouders van gemeente Gulpen-Wittem.

 

Grondroerder: Degene, waaronder de netbeheerder, onder wiens verantwoordelijkheid of leiding graafwerkzaamheden worden verricht.

 

Gedoogplichtige: Degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht of in artikel 5.2, eerste lid, van de Telecommunicatiewet.

 

Netbeheerder: De rechtspersoon die is aangewezen als beheerder van een net of netwerk voor levering van elektriciteit, gas of water, dan wel aanbieder is van een (al dan niet openbaar) elektronisch communicatienetwerk.

 

Instemminghouder: De natuurlijke of rechtspersoon, in de regel een netbeheerder, aan wie de gemeente vergunning of instemming heeft verleend voor het leggen, hebben, houden, onderhouden etc. van kabels en leidingen in gemeentegrond. Een derde partij kan optreden namens de netbeheerder in het instemmingaanvraag proces, mits rechtsgeldig en voldoende door deze gemandateerd.

2.3. Begripsbeschrijvingen

As built tekening: Een tekening die de gerealiseerde ligging aangeeft, welke leidingen gelegd zijn in X- Y-coördinaten volgens het RD-stelsel alsmede hoeveel leidingen gelegd zijn in een sleuf(deel). Het stelsel van de Rijksdriehoeksmeting (RD-stelsel) is het coördinatensysteem van Nederland.

 

Beheerskosten: Dit zijn de administratieve en coördinatiekosten van de gemeente die samenhangen met de (herstel)werkzaamheden van de netwerkbedrijven. Het kan hierbij gaan om coördinatie en behandeling instemmingaanvraag, voorinspectie tracé, coördinatie evenals begeleiding en toezicht van/op de werkzaamheden, inspectie na oplevering, administratieve nazorg, etcetera. Hierin speelt de vraag of een eventueel herstel is gedaan door het netwerkbedrijf of de gemeente geen rol.

 

Boring: Het maken van een holle ruimte in de grond, zonder daarbij de omringende grondslag te ontgraven.

 

Breekverbod: Tijdelijke opschorting, op last van de gemeente, van het instemmingbesluit en/of de melding op grond van extreme weersomstandigheden. Hieronder in ieder geval inbegrepen wateroverlast, zware sneeuwval of ijzel en strenge vorst. Grondslag voor de opschorting is de overlast voor de bewoners en/ of schade voor de gemeente door bijvoorbeeld breuk van vastgevroren bestratingmateriaal en/of niet goed te verdichten ondergrond dan wel het niet (meer) aaneengesloten kunnen afwerken van sleuven of verhardingen.

 

Buisleiding: Holle buis voor het doorstromen van gassen of vloeistoffen, bestemd om hetzij een gas of een vloeistof te transporteren, hetzij een vloeistof als intermediair te gebruiken voor het transport van warmte of een opgelost of verpulverd product. Een voorziening ten behoeve van het inblazen en omvatten van (glasvezel)kabel is geen buisleiding maar wordt gelijkgesteld aan een kabel.

 

Calamiteit: Een onvoorziene gebeurtenis zoals een onderbreking in de voorziening met een overschrijding van de voor verstoringen gehanteerde “normale” tijdsduur en aantal klanten, een aanzienlijke, ongecontroleerde waterlekkage of gasuitstroming onder hoge druk, of een ernstig ongeval door brand of explosie met een grote maatschappelijke impact ten aanzien van openbare orde en/of veiligheid.

 

Clustermelding: Eén of enkele meldingen waarin de individuele werken gebundeld worden aangemeld wanneer er meerdere geplande werken opeenvolgend plaatsvinden binnen dezelfde straat.

 

Definitief herstel: Het terugbrengen van de verhardingsmaterialen op een vakkundige wijze in zijn oorspronkelijk verband.

 

Degeneratiekosten: De vergoeding voor versnelde degeneratie van het verhardingsoppervlak als gevolg van graafwerkzaamheden.

 

Digitaal K&L Platform Dit is een digital platform welke door de gemeente Gulpen-Wittem wordt gehanteerd en waarmee de communicatie over kabels en leidingen met de gemeente Gulpen-Wittem dient te worden gevoerd.

 

Energie: Gas en/of elektrische energie.

 

Fundering: Een draagkrachtige, drukverdelende laag gelegen onder een verhardingslaag. Funderingen zijn onder te verdelen in:

ongebonden of lichtgebonden fundering:

gebonden fundering:

http://www.modelservers.org/public/COINS/Fundering_(weg)-FunctionFulfillerType.html

 

Gemeente: Het College van B&W van de gemeente Gulpen-Wittem.

 

Gesloten verharding: Verhardingsconstructie bestaande uit een bitumen, cement of kunststof gebonden materiaal.

 

Graaflocatie: De locatie waar graafwerkzaamheden worden verricht

 

Handholes: Afsluitbare ondergrondse holle behuizing voor het onderbrengen van voornamelijk telecommunicatie appendages of apparatuur met toegangsluik onder de verharding of op maaiveldniveau. Een handhole moet altijd toegankelijk blijven.

 

Horizontaal gestuurde boring: Een bestuurbare boortechniek, waarbij onder toevoeging van een steunvloeistof, na het uitvoeren van een zogeheten pilotboring en een ruimfase, een buis in de holle ruimte wordt getrokken.

 

(Huis)aansluiting: Het gedeelte van de kabel of leiding door openbare grond dat een netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt ten behoeve van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet Waardering Onroerende Zaken, of met een ander netwerk.

 

Instemmingbesluit: Schriftelijk besluit van het college op een aanvraag van voorgenomen werkzaamheden voor de aanleg, het houden, het onderhoud, vervangen, verwijderen van één of meer kabels en leidingen, waaronder begrepen een netwerk van kabels en/of leidingen.

 

Instemminghouder: De natuurlijke of rechtspersoon, in de regel een netbeheerder, aan wie de gemeente vergunning of instemming heeft verleend voor het leggen, hebben, houden, onderhouden etc. van kabels en leidingen in gemeentegrond. Een derde partij kan optreden namens de netbeheerder in het instemmingaanvraagproces, mits rechtsgeldig en voldoende door de netbeheerder gemandateerd.

 

Kabel- en/of leidingnet: Het samenstel van in de gemeente in, op en/of boven de grond respectievelijk het water, gesitueerde voorzieningen die bedoeld zijn voor transport en distributie van energie en/of water. Te denken valt aan kabels, leidingen, stations, inrichtingen, toestellen, kasten, brandkranen, afsluiters, straatpotten en overige bedrijfsmiddelen die als vast onderdeel tot het net behoren, inclusief signaalkabels.

 

Kadaster-sectie KLIC: Instantie die mede uitvoering geeft aan WIBON en bijdraagt aan het voorkomen van graafschade, met als doelstelling zorgdragen voor de uitwisseling van kabel- en leidinggegevens.

 

Leggen van kabels en leidingen: Het aanbrengen, leggen, onderhouden, omleggen, vernieuwen, herstellen en verwijderen van kabels en leidingen en het verrichten van de hierbij behorende werkzaamheden.

 

Ligginggegevens: Gegevens over de werkelijke plaats van een leiding, zoals deze op het moment van vaststelling visueel waarneembaar en controleerbaar zijn.

 

Mantelbuis: Beschermbuis om een leiding.

 

Montagegat c.q. lasgat: Sleuven met over het algemeen beperkte afmetingen, die worden gemaakt t.b.v. de toegang tot een handhole, het opgraven van een kabelrol t.b.v. klantaansluitingen, het maken van aftakkingen, voor het herstellen van kabels c.q. leidingstoringen of voor inspectiedoeleinden.

 

Net of netwerk: Samenstel van ondergrondse kabel(s) en/of leiding(en), bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie (een, al dan niet openbaar, elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1. van de Telecommunicatiewet).

 

Netbeheerder / Netwerkbedrijf: De rechtspersoon die is aangewezen als beheerder van een net of netwerk;

 

Niet-openbare kabels en/of leidingen:Kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die niet gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden.

 

Onderhoudskosten: De kosten voor het onderhouden van de verharding gedurende het eerste jaar (onderhoudsperiode) na het herstel. Deze worden uitgedrukt in een percentage van de uitvoeringskosten.

 

Openbare gronden: Openbare wegen met inbegrip van de daartoe behorende stoepen, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere werken. Ook wateren met de daartoe behorende bruggen, plantsoenen, pleinen en andere plaatsen die voor iedereen toegankelijk zijn, horen hierbij.

 

Persing: Een niet bestuurbare boortechniek, uitgevoerd vanuit een werkput, waarbij door een horizontaal heiblok een buis nagenoeg horizontaal in de grond wordt gedreven of getrokken.

 

Signaalkabels: Kabels in eigendom van en in gebruik door een netwerkbedrijf, voor de besturing van het energie- of waterleidingnet of voor de besturing van voorzieningen zoals verkeersregelinstallaties (VRI’s), informatieborden en camera’s.

 

Sleuf: De opening die ontstaat door het verwijderen van verharding en/of grond ten behoeve van het leggen van kabels en leidingen.

 

Spoedeisende werkzaamheden: Werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing waarvan uitstel niet mogelijk is. Calamiteiten zijn een mogelijk resultaat van de ernstige belemmering of storing.

 

Storing: Een onvoorziene gebeurtenis zoals een onderbreking in de voorziening, een ongecontroleerde water- of gaslekkage, of een ongeval door brand of explosie waarbij de openbare orde of veiligheid niet in het geding is.

 

Tijdelijk herstel: Het terugbrengen van de verhardingsmaterialen op een vaktechnische wijze, die hoort bij tijdelijk herstel en zodanig dat het functionele gebruik door het verkeer volledig is hersteld en geen gevaar ontstaat voor de weggebruiker.

 

Uitvoeringskosten: De kosten voor herstel na graafwerkzaamheden, conform de in deze overeenkomst aangegeven normen.

 

Verharding: Gedeelte van de wegconstructie boven de funderingslaag

Half-verharding bestaat uit onsamenhangend materiaal dat meer draagkracht levert dan de originele grond.

 

Vervuilde grond en bouwstoffen: Grond en/of bouwstof die op basis van de huidige wetgeving en gebruikelijke regelingen niet meer mag worden gebruikt en waarbij maatregelen ten aanzien van transport en verwerking zijn voorgeschreven.

 

Water: Water dat via het drinkwaternet wordt gedistribueerd.

 

Wegbeheerder: Instantie die verantwoordelijk is voor de inspectie, de inrichting, het beheer en het onderhoud van de openbare wegen zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid onder b van de Wegenverkeerswet, in een nader aangeduid gebied.

 

Wegconstructie: Samenstel van fundering en verharding.

 

Werken: Werken zijn te verdelen in:

 

Werkzaamheden van minder

ingrijpende aard: het aanbrengen of verwijderen van kabels en/of leidingen in reeds aangebrachte

voorzieningen (mantelbuizen);

het maken van (huis)aansluitingen, waarbij geen verhardingen of groenvoorzieningen worden gekruist, tot een gezamenlijke lengte van 25 meter;

het maken van een montagegat c.q. lasgat inclusief een opbreking met een beperkte afmeting (maximaal 2 x 2m²) die wordt gemaakt ten behoeve van:

  • -

    de toegang tot een handhole;

  • -

    het plaatsen van afsluiters;

  • -

    aftakkingen voor het herstellen van kabel- c.q. leidingstoringen;

  • -

    inspectiedoeleinden.

  • -

    werkzaamheden (nieuw aanleg, reparaties of onderhoudswerk) aan kabels en/of leidingen met een gezamenlijke lengte van minder dan 25 meter;

  • -

    een solo te plaatsen handhole c.q. kabelinspectieput.

Grote werken: Alle werken met uitzondering van werkzaamheden van minder ingrijpende aard en spoedeisende werkzaamheden of calamiteiten.

 

Werkterrein: De stallingsplaats van haspel-, vracht-, directie-, materiaalwagens, enz.

 

Werkzaamheden: Handmatige en mechanische (graaf)werkzaamheden in de openbare grond in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen, en daarnaast alle werkzaamheden die de gemeente Gulpen-Wittem uit hoofde van haar functie als beheerder van openbare grond in het kader van kabels en leidingen dient uit te voeren.

 

WIBON: Wet van 21 februari 2018, houdende regels over de informatie-uitwisseling betreffende bovengrondse en ondergrondse infrastructuur van netten en netwerken ter voorkoming van graafschade en ter bevordering van de aanleg van elektronische communicatienetwerken met hoge snelheid, alsmede wijziging van de Telecommunicatiewet ter bevordering van medegebruik van fysieke infrastructuur en van de gecoördineerde aanleg van civiele werken (Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken).

 

Woonerven: De in dit handboek te hanteren term woonerf heeft betrekking op een openbare weg met een inrichting en verkeersbesluit conform een erf in de zin van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Dit is gedaan met de bedoeling om verwarring met het begrip erf uit de Telecommunicatiewet en de Concessiewet te voorkomen.

2.4. Verwijzingen

In dit Handboek wordt op diverse onderdelen verwezen naar wetten, normen, richtlijnen e.d. Hieronder is een beknopte omschrijving weergegeven welke deze betreffen.

 

NEN Nederlands Normalisatie instituut.

Het Nederlandse centrum van normalisatie helpt bedrijven en andere partijen om onderling heldere en toepasbare afspraken te maken. NEN draagt bij aan veiligheid, gezondheid, milieu en innovatie.

Bedrijfsleven en andere partijen maken in normcommissies zelf afspraken over producten en werkwijzen. NEN bemiddelt in het afwegen van de verschillende belangen en zorgt voor neutrale procesbegeleiding. NEN biedt direct toegang tot Europese (NEN-EN) en mondiale normalisatieplatforms.

 

NPR Nederlandse Praktijk Richtlijnen.

De NPR geeft toelichting op en aanwijzingen voor het verantwoord gebruik van de NEN- en NEN-EN normen.

 

C.R.O.W. CROW is het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. Deze organisatie ontwikkelt, verspreidt en beheert praktisch toepasbare kennis voor beleidsvoorbereiding, planning, ontwerp, aanleg, beheer en onderhoud. Dit gebeurt in samenwerking met alle belanghebbende partijen, waaronder Rijk, provincies, gemeenten, adviesbureaus, uitvoerende bouwbedrijven in de grond-, water- en wegenbouw, toeleveranciers en vervoerorganisaties.

 

RAW De RAW-systematiek, beheerd en onderhouden door CROW, is sinds jaar en dag dé standaard voor bestekken in de grond-, water- en wegenbouw (GWW). Bij de meeste werken in de GWW wordt de systematiek gevolgd.

 

W.I.B.O.N Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. 

3. Instemmingen voor (graaf)werkzaamheden

3.1. Voorbereidingstraject

  • 1.

    Nadat instemmingaanvrager de instemmingaanvraag heeft ingediend, wordt deze doorgestuurd naar de interne afdelingen van de gemeente Gulpen-Wittem. De eventuele voorwaarden van deze interne afdelingen, o.a. in het kader van:

    • -

      de bescherming van de archeologische waarden;

    • -

      milieu;

    • -

      verkeersmaatregelen;

    • -

      locaties van objecten;

  • worden naar de instemmingaanvrager gecommuniceerd via het digitaal K&L platform.

  • 2.

    Instemmingaanvrager dient zelf te inventariseren of naast het instemmingbesluit, bijvoorbeeld voor het oprichten/plaatsen van bouwketen of portakabins, materiaalcontainers etc, een separate Omgevingsvergunning en/of Precario noodzakelijk is en deze via de reguliere procedure separaat en tijdig aan te vragen.

  • 3.

    De gemeente hanteert als uitgangspunt dat in nieuw aangelegd straatwerk (tot 5 jaar na aanleg), geen instemming wordt verleend voor werkzaamheden in dat straatwerk.

    De gemeente zal alleen dan een instemmingsbesluit afgeven als in voldoende mate de noodzakelijkheid is aangetoond en de werkzaamheden zijn afgestemd tussen de instemmingaanvrager en de gemeente.

  • 4.

    Instemmingaanvrager dient zelf te inventariseren welke instemmingen en/of vergunningen er van overige beheerders van openbare ruimte, zoals onder andere het Waterschap Limburg, Rijkswaterstaat, Provincie etc. nodig zijn voor het betreffende werk en deze separaat en tijdig aan te vragen. Een afschrift van bedoelde instemming of vergunning moet bij de instemmingaanvraag worden gevoegd.

  • 5.

    Indien de werkzaamheden t.b.v. kabels en leidingen, anders dan ten behoeve van de eigen klantaansluiting, gronden van particulieren kruisen is de instemmingaanvrager verplicht om, schriftelijk overeenstemming met betreffende grondeigenaar te bereiken en een afschrift van deze overeenstemming bij de instemmingaanvraag te voegen.

  • 6.

    Ten behoeve van het verkrijgen van een aanlegvergunning en/of instemmingbesluit kan het noodzakelijk zijn om vooraf verkeersplannen, conform CROW richtlijnen 96a en 96b, in te dienen waarvoor door instemmingaanvrager zelf overleg en afstemming met onder andere politie, verzorging- en hulpdiensten, particuliere- en openbare vervoerders alsmede de gemeente moet worden gevoerd.

  • 7.

    Instemmingaanvrager is tevens gehouden om kennis te nemen van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Gulpen-Wittem en tijdig alle in dat kader voor het werk benodigde vergunningen, ontheffingen etc. aan te vragen en te verkrijgen.

  • 8.

    Instemmingaanvrager is gehouden om de uitvoeringsplanning van het werk zoveel mogelijk af te stemmen met de gemeentelijke Evenementenkalender en de meerjarige gemeentelijke onderhoudsprogramma’s.

  • 9.

    Iedere instemmingaanvraag zal worden beoordeeld op volledigheid:

    • a.

      instemmingaanvraag is volledig: de instemmingaanvraag zal in behandeling worden genomen;

    • b.

      instemmingaanvraag is niet volledig: de gemeente zal via het digitaal K&L platform aangegeven op welke punten de te treffen maatregelen niet voldoende zijn. Deze communicatie vindt via het digitaal K&L platform plaats. De instemmingaanvraag wordt in behandeling genomen, voor zover mogelijk op basis van de aangeleverde gegevens, en wordt daarna op hold gezet tot de nadere gegevens via het digitaal K&L platform zijn verstrekt door de instemmingaanvrager.

  • 10.

    Clustermeldingen zijn als regel niet toegestaan, alle werken dienen individueel te worden aangemeld.

    Op uitdrukkelijk verzoek van de instemmingaanvrager kan de gemeente een clustermelding in overweging nemen. Daarbij is de primaire eis dat alle werkzaamheden in 1 uit te voeren project vallen en de gemeente zal het verzoek daarnaast beoordelen op:

    • -

      het beoogd aantal individuele werken in de betreffende cluster;

    • -

      de uitvoeringsduur van de werken gezamenlijk in de beoogde cluster;

    • -

      de voorgestelde wijze van administratieve afhandeling en facturatie van de werken in de beoogde cluster.

  • 11.

    Voor alle graafwerkzaamheden die uitgevoerd worden in openbare gronden van de gemeente Gulpen-Wittem dient instemminghouder of zijn rechtsgeldig gemandateerde grondroerder, minimaal 3 werkdagen voorafgaand aan de start, via het digitaal K&L platform een melding van een definitieve aanvangsdatum worden gedaan. De kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beleid en projecten van de gemeente Gulpen-Wittem zal, binnen 3 werkdagen deze startdatum, via het digitaal K&L platform, goed- of afkeuren.

  • 12.

    Alle afwijkingen van de informatie, waarop het instemmingsbesluit door de gemeente is genomen, dienen op het moment van ontstaan te worden gemeld aan de gemeente.

    Bij het verzaken hiervan zijn alle kosten die de gemeente (door het niet nakomen van deze verplichting) maakt, voor rekening van de instemminghouder.

  • 13.

    Alle communicatie met betrekking tot de instemmingaanvraag en over werkzaamheden die gerelateerd zijn aan kabel- en leidingwerkzaamheden dienen te geschieden via het digitaal K&L platform.

3.2. Algemene procedure groot werk

  • 1.

    Voordat werkzaamheden > 25 m1 kunnen plaatsvinden, dient bij de afdeling Beleid en projecten, op basis van de geldende verordening of overeenkomst, een instemmingbesluit te zijn verkregen. De procedure voor het aanvragen van een instemmingbesluit staat gedetailleerd omschreven in de Algemene Verordening kabels en leidingen AVOI van de gemeente Gulpen-Wittem. De instemming dient te worden aangevraagd via het digitaal K&L platform.

    Daarnaast kan het ook noodzakelijk zijn een Omgevingsvergunning aan te vragen. Dit is een separate procedure.

    Nadere toelichting:

    De gemeente en de instemmingaanvrager bepalen voor grote werken in onderling overleg, op initiatief van de instemmingaanvrager:

    • -

      de uitvoeringsperiode en de volgorde van uitvoering van werkzaamheden;

    • -

      de juiste plaats van de aan te leggen kabels en/of leidingen;

    • -

      eventuele afwijkingen van de hiervoor bedoelde plaats;

    • -

      de ten behoeve van het werk te nemen verkeersmaatregelen;

    • -

      maatregelen in verband met bereikbaarheid panden en bedrijven;

    • -

      informatievoorziening naar betrokken partijen (bewoners, bedrijven en hulpdiensten)met een afschrift naar de gemeente.;

    • -

      de startdatum van grote werken. Deze wordt minimaal 3 werkdagen vooraf gemeld aan de gemeente, met opgave van de contactpersoon;

    • -

      of er sprake is van gefaseerde uitvoering van grote werken. In dat geval wordt dit in iedere fase minimaal 3 werkdagen voor de start van de uitvoering gemeld aan de gemeente.

  • 2.

    Bij de instemmingaanvraag dient, alleen op aangeven van de gemeente, een algemeen tijdschema en een gedetailleerd werkplan, als bedoeld in paragraaf 26 van de U.A.V. 2012, te worden overlegd. Daarin dient rekening te worden gehouden met de werkzaamheden van derden. De grondroerder dient betreffende deze werkzaamheden van derden een coördinerende rol te vervullen.

  • 3.

    In verband met het bepaalde in paragraaf 31 lid 1 van de U.A.V. 2012 wordt de instemminghouder erop gewezen dat de navolgende werken in elkaar kunnen grijpen:

    • a.

      (ver)leggen van kabels en leidingen door derden;

    • b.

      rooien en/ of planten van bomen en beplantingen;

    • c.

      aanbrengen mantelbuizen door derden;

    • d.

      bodem- en/ of grondwatersanering.

  • 4.

    Indien in opdracht of op initiatief van de gemeente werkzaamheden plaatsvinden heeft de gemeente de coördinerende rol t.a.v. afstemming, planning en samenhang van door derden uit te voeren werkzaamheden.

  • 5.

    Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden dient een afschrift van het instemmingsbesluit achter de voorruit van iedere werkauto aanwezig te zijn.

3.3. Procedure werkzaamheden van minder ingrijpende aard

  • 1.

    Voor het verrichten van werkzaamheden van minder ingrijpende aard is geen instemmingbesluit noodzakelijk maar kan worden volstaan met een melding.

  • 2.

    Voorwaarde voor het maken van een melding voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard is wel dat het werk betrekking heeft op het onderhouden, wijzigen en/of uitbreiden van een reeds rechtsgeldig in de openbare ruimte van de gemeente Gulpen-Wittem aanwezige ondergrondse netwerk-infrastructuur.

  • 3.

    Indien de werkzaamheden, waarvoor een melding is gedaan, door onvoorziene omstandigheden zodanig wordt opgeschaald dat het onder de Procedure groot werk zou moeten worden vallen, dient instemmingaanvrager:

    • -

      dit te melden aan de gemeente met een onderbouwing van de oorzaak;

    • -

      alsnog een instemmingaanvraag in te dienen.

  • 4.

    Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden dient een afschrift van de melding achter de voorruit van iedere werkauto aanwezig te zijn.

3.4. Procedure Spoedeisend werk en Calamiteit

  • 1.

    Spoedeisende werkzaamheden, ten gevolge van een ernstige belemmering of storing in de dienstverlening via het betreffende net, waarvan uitstel niet mogelijk is, mogen direct en zonder voorafgaande instemming worden uitgevoerd. Deze werkzaamheden dienen uiterlijk op de eerstvolgende werkdag te worden gemeld via het digitaal K&L platform.

  • 2.

    In de melding dient de oorzaak en de urgentie te worden gerapporteerd. Als de gemeente redelijke twijfel heeft over de urgentie, zal zij, via het digitaal K&L platform, verzoeken om bewijsstukken aan te leveren.

    Als er misbruik is gemaakt van deze procedure zal de gemeente alle, door haar gemaakte, kosten in rekening brengen bij de melder.

  • 3.

    Uitsluitend wanneer als gevolg van een storing de (verkeers-)veiligheid en/of de volksgezondheid in gevaar komt is er sprake van een opschaling van een spoedeisend werk tot calamiteit.

  • 4.

    Wanneer de calamiteit van dusdanige aard en/of omvang is dat hulpdiensten moeten worden ingeschakeld dient de netbeheerder dit te melden bij alarmnummer 112.

  • 5.

    Indien het noodzakelijk is dat, voor de (verkeers-)veiligheid en/of bescherming van de volksgezondheid, direct afzettingen worden geplaatst en/of (een deel van) de weg(-en) wordt afgesloten dan dient dit ook gemeld te worden bij alarmnummer 112.

  • 6.

    De werkzaamheden zoals genoemd onder lid 5. worden uitgevoerd door de gemeente, mits de werkzaamheden dit toelaten. In het geval de werkzaamheden dit niet toelaten zal hiervoor een aannemer worden benaderd. De kosten die moeten worden gemaakt zullen door de gemeente worden gedeclareerd bij de netbeheerder.

3.5. Voorschriften en beperkingen bij instemming.

  • 1.

    Ter bescherming van haar belangen kan het college in ieder geval aan het instemmingbesluit voorschriften en beperkingen verbinden over het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en geleidingen alsmede het inpassen van zogenaamde weesleidingen en een borgstelling eisen voor de nakoming van verplichtingen die gesteld zijn bij de voorschriften en beperkingen aan het instemmingbesluit.

  • 2.

    De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en medegebruik van voorzieningen dient te geschieden conform de bepalingen in dit handboek.

3.6. Tijdelijk opschorten van het instemmingbesluit

  • 1.

    In geval van extreme weersomstandigheden (bijvoorbeeld wateroverlast, zware sneeuwval of ijzel en strenge vorst), waarbij de uitvoering van de werkzaamheden tot overlast voor de bewoners en/ of schade voor de gemeente door bijvoorbeeld breuk van vastgevroren bestratingmateriaal en/of niet goed te verdichten ondergrond leidt, zal de gemeente overgaan tot het tijdelijk opschorten van het verleende instemmingbesluit c.q. de melding (“Breekverbod”). De instemminghouder en grondroerder zijn gehouden zich aan onderstaande richtlijnen te houden, ook al heeft de gemeente (nog) geen expliciete melding van een breekverbod gemaakt.

    Onder de volgende condities (opgave Meteogroup) gaat het breekverbod in:

    • -

      om 07.00 uur een geregistreerde temperatuur van -4 º C of lager;

    • -

      om 10.00 uur een geregistreerde temperatuur van -2 º C of lager;

  • 2.

    Alle kosten en gevolgen, voortvloeiend uit de opschorting, zijn voor de instemminghouder. Indien grondroerder in gebreke blijft zal de gemeente op kosten van de instemminghouder de benodigde werkzaamheden (laten) uitvoeren.

3.7. Sancties bij het verrichten van werkzaamheden zonder instemmingbesluit/melding

  • 1.

    In het geval door de gemeente ter plaatse geconstateerd wordt dat een werk in uitvoering is zonder dat het voor dat werk vereiste instemmingbesluit is verleend of melding is gedaan en het werk valt niet onder de definitie spoedeisend werk/calamiteit, hanteert de gemeente de volgende procedure:

    • a.

      Het uitreiken van een beschikking aan grondroerder, waarbij grondroerder direct het opbreek-, graaf- en legwerk moet staken;

    • b.

      Het opleggen van de verplichting aan betreffende grondroerder om onverwijld de door betreffende grondroerder aangebrachte voorzieningen, kabels en/of leidingen in de openbare grond te verwijderen, ook indien daarvoor al gegraven en herstelde sleuf moet worden ontgraven;

    • c.

      Het opleggen van de verplichting aan betreffende grondroerder om de ondergrond, verharding en openbare ruimte in het werkingsgebied van het betreffende instemmingbesluit c.q. de melding weer in de oorspronkelijke staat terug te brengen. Het herstel van het straatwerk zal in eerste instantie door het netwerkbedrijf zelf gedaan worden. Mocht de gemeente er voor kiezen het door de gemeente worden uitgevoerd zullen de kosten hiervan in rekening worden gebracht aan de:

      • -

        netbeheerder, in wiens opdracht de grondroerder de werkzaamheden verricht, óf

      • -

        aan de, en als zodanig door de gemeente Gulpen-Wittem geaccepteerde, gemachtigde aannemer van het netwerkbedrijf.

  • 2.

    In het geval door de gemeente achteraf geconstateerd wordt dat een werk is uitgevoerd zonder dat het voor dat werk vereiste instemmingbesluit is verleend of een melding is gedaan en het werk valt niet onder de definitie spoedeisend werk/calamiteit, hanteert de gemeente de volgende procedure:

    • a.

      Het vorderen van de verplichting aan betreffende leidingeigenaar/beheerder om onverwijld de aangebrachte voorzieningen, kabels en/of leidingen in de openbare grond te verwijderen, ook indien daarvoor reeds gegraven en herstelde sleuf moet worden ontgraven en dienstverlening moet worden beëindigd;

    • b.

      Het vorderen van de verplichting aan betreffende leidingeigenaar/beheerder om de ondergrond, verharding en openbare ruimte in het werkingsgebied van betreffende besluit c.q. de melding weer in de oorspronkelijke staat terug te brengen. Het herstel van het straatwerk zal door de gemeente worden uitgevoerd en de kosten hiervan zullen aan de leidingeigenaar/beheerder in rekening worden gebracht.

    • c.

      De uitvoerende grondroerder voor een, in de AVOI aangegeven periode, na constatering niet te accepteren als gemachtigde om namens een netbeheerder werkzaamheden in de openbare ruimte van de gemeente Gulpen-Wittem uit te voeren.

  • 3.

    Indien leidingeigenaar/beheerder bij de onder lid 1 en 2 genoemde vorderingen op eerste aanzegging in gebreke blijft zal de gemeente de benodigde werkzaamheden (laten) uitvoeren. Alle kosten en gevolgen terzake, alsmede de kosten voortvloeiend uit de opschorting en eventuele verdere herstelverplichtingen zullen worden verhaald op de netbeheerder van de infrastructuur waar het werk voor bedoeld is.

4. Richtlijnen ten behoeve van de tracé engineering

4.1. Bepalingen ten aanzien van de tracebepaling

 

4.1.1. Kabel- en leidingstroken

  • 1.

    Ten behoeve van het leggen van kabels en leidingen wijst de gemeente een kabel- en leidingenstrook aan. Voor kabel- en leidingstroken in nieuwbouwsituaties is het door de gemeente Gulpen-Wittem gehanteerde sleufprofiel, het zogenaamde Synfra sleufprofiel, van toepassing. Het zogenaamde Synfra sleufprofiel is bijgevoegd onder bijlage 1.

  • 2.

    De kabel- en leidingstroken moeten in principe vrij toegankelijk zijn voor de aanleg, het beheer en het onderhoud van de kabels en leidingen. Dit houdt onder meer in dat:

    • -

      kabel- en leidingstroken vrij zijn van boven- en ondergrondse obstakels;

    • -

      kabel- en leidingstroken niet worden voorzien van een gesloten verharding met uitzondering van kruisingen met wegen;

    • -

      kabel- en leidingstroken niet gelegen zijn in rijwegen en bij voorkeur niet onder parkeerstroken;

    • -

      kabel- en leidingstroken, bij voorkeur, niet gelegen zijn onder sierbestrating;

    • -

      in of direct nabij de kabel- en leidingstrook mogen geen bomen worden geplant;

    • -

      kabel- en leidingstroken worden gesitueerd in een tracé waarop geen fundering is c.q. wordt aangebracht;

    • -

      de kabel- en leidingstroken zijn gelegen in openbare gronden.

  • 3.

    De minimale diepte van kabels en/of leidingen is 60 cm, gemeten van bovenkant maaiveld en/of bestrating tot onderkant kabel en/of leiding.

  • 4.

    In de nabijheid van parkeerkelders dienen de kabel- en leidingstroken minimaal op 2,50 meter afstand van deze parkeerkelders te worden geprojecteerd.

  • 5.

    De opdrachtgever van het plan (gemeente of projectontwikkelaar) verstrekt van het bouwplan c.q. de reconstructie een gedetailleerd matenplan. Dit matenplan is inclusief hoogtematen ten opzichte van NAP en heeft een relatie naar de meetpunten waaruit ondermeer de begrenzing van het tracé en de percelen ten opzichte van de meetpunten en dergelijke blijken.

  • 6.

    De opdrachtgever van het plan (gemeente of projectontwikkelaar) is verantwoordelijk voor het doorgeven van wijzigingen aan de netwerkbedrijven. Indien de aangeleverde maatvoering bij oplevering niet juist blijkt te zijn, dan zullen de kabels en leidingen op kosten van de opdrachtgever worden verlegd.

  • 7.

    De opdrachtgever van het plan (gemeente of projectontwikkelaar) verzorgt eenmalig een hoogtepeilmerk met hoogte ten opzichte van NAP in de directe omgeving van het werk en verzorgt eenmalig het uitzetten van de assen.

  • 8.

    Bij nieuwbouwplannen c.q. reconstructies moet in verband met het aanbrengen van appendages in de kabels en leidingen het maaiveld van de kabel- en leidingenstrook op nagenoeg de definitieve hoogte worden aangebracht. Is dit niet mogelijk dan moeten de appendages worden beschermd tegen beschadiging door bouwverkeer en dergelijke.

  • 9.

    Bij werkzaamheden aan kabels en leidingen in bestaande situaties wordt het tracé van de kabels en/of de leidingen in overleg met de gemeente bepaald.

  • 10.

    Voor het bepalen van de locatie van transformatoren en andere bovengrondse voorzieningen moet de gemeente goedkeuring geven.

 

4.1.2. Kruisingen

  • 1.

    Bij kruisingen met al aanwezige kabels en/of leidingen of bij aanraking van kunstwerken, gebouwen en dergelijke dient de instemminghouder met de eigenaar of beheerder van de aanwezige kabels, leidingen, kunstwerken, gebouwen en dergelijke overeengekomen voorzieningen worden getroffen. De door partijen overeengekomen te treffen voorzieningen komen ten laste van instemminghouder.

  • 2.

    Kruisingen met gefundeerde verhardingen moeten door middel van boringen of persingen worden uitgevoerd. Als een boring niet mogelijk is, dient er contact te worden opgenomen met de gemeente door de instemminghouder.

  • 3.

    Boringen of persingen moeten loodrecht op de wegas, tot minimaal 1 meter buiten de kant van de verharding en met een minimale dekking van 0,8 meter tot de bovenkant van de verharding, worden gerealiseerd. Dit met een minimale verhouding van 1:1 van zijkant verharding tot uiteinde boring/persing.

    Indien de ruimte buiten de kant van de verharding niet voldoende is om het netwerk aan te leggen en daarom wordt voorgesteld de boring c.q. persing tot 0,6 meter buiten kant van de verharding te realiseren, dient dit bij de instemmingaanvraag c.q. de melding gemotiveerd te worden aangegeven en zal de gemeente Gulpen-Wittem dit verzoek honoreren mits het een redelijk verzoek is.

  • 4.

    Een raketboring met een diameter groter dan 63 mm dient met een zogenaamde voorlopende buis te worden uitgevoerd.

    Bij raketboringen zonder voorlopende buis, een raket toepassen, met een diameter direct volgend op de door te voeren leiding. Holle ruimten tussen de nieuwe leiding en het boorgat dienen zoveel mogelijk vermeden te worden.

  • 5.

    Bij boringen/persingen, in welke vorm ook, is de diepteligging afhankelijk van de situatie ter plaatse. De minimale verticale dagmaat ten opzichte van de te kruisen leidingen (waaronder ook riolen) bedraagt ten minste 0,30 m. Genoemde minimale verticale dagmaat dient aantoonbaar te worden gegarandeerd om afwijkingen tijdens de uitvoering op te vangen.

    • -

      bij het kruisen van riolen door middel van boringen c.q. persingen, dient na uitvoering van de boring/persing een camerainspectie van de desbetreffende rioolstreng te worden uitgevoerd om aan te tonen dat het riool niet beschadigd is. Dit is niet van toepassing voor de riool-huisaansluitingen;

    • -

      een camerainspectie is niet nodig, indien de afstand:

      • -

        bij een kruising boven het riool, tussen bovenzijde riool en onderzijde boorbuis én

      • -

        bij een kruising onder het riool, tussen onderzijde riool en bovenzijde boorbuis 0,75 m1 is.

    • Als gebruik wordt gemaakt van deze optie dient:

      • -

        bij de instemmingsaanvraag of de melding de hoogte van de binnen onderkant buis (b.o.b.) en de diameter van de rioolbuis en de hoogte b.o.b. en diameter van de boorbuis te worden aangegeven;

      • -

        bij oplevering de opgemeten b.o.b. van de 2 uiteinden van de boorbuis te worden ingeleverd.

    • -

      bij het kruisen van sloten/open watergangen dient een minimale gronddekking van 1,00 m ten opzichte van de ontwerpdiepte van de bodem van de watergang te worden aangehouden. Als het waterschap de beheerder van de betreffende sloten/open watergangen is dienen de eisen van het waterschap te worden gevolgd.

    • -

      indien de aanwezige bodem van de watergang lager ligt dan de ontwerpdiepte dient een gronddekking van 2,00 m ten opzichte van de aanwezige bodem te worden aangehouden;

  • 6.

    Indien kabels en/of leidingen geprojecteerd zijn onder waterbodems en dergelijke dan kan de gemeente- in goed overleg met de instemminghouder - en afhankelijk van de plaatselijke situatie, nadere voorwaarden stellen.

 

4.1.3. Bodemverontreiniging

zie evt. hoofdstuk 8.

 

4.1.4. Groenvoorzieningen

  • 1.

    Werkzaamheden aan- of bij groenvoorzieningen en bomen worden zoveel mogelijk vermeden. Is dit toch onvermijdelijk dan wordt eerst overleg met de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud gevoerd, ongeacht er sprake is van een verlegging in een nieuw- of een bestaand tracé.

  • 2.

    Bij het passeren van bomen moeten een aantal, in dit handboek omschreven, voorzorgsmaatregelen worden getroffen die schade aan de betreffende boom en later aan de te leggen kabel/leiding voorkomt. Hiermede moet bij het traceren terdege rekening gehouden te worden en waar mogelijk zullen bij voorkeur alternatieve routes worden gekozen.

 

4.1.5. Ligging nabij andere objecten

  • 1.

    Objecten die kunnen worden beïnvloed door de tracering en aanleg van leidingen dienen vooraf door de aanvrager te worden geïdentificeerd. Objecten kunnen onder meer zijn: bestaande wegen, spoorwegen, waterlopen, voetpaden, kademuren, viaducten, tunnels, naastliggende leidingen, bomen en gebouwen.

 

 

4.1.6. Ketenprincipe

  • 1.

    In een tracé kunnen secties voorkomen waarvoor door derden toestemming en/of instemming moet worden verleend. Deze secties kunnen onder meer zijn: kruisingen van spoor- rijks- en provinciale wegen, kruisingen van waterwegen of kruisingen van particuliere eigendommen.

  • 2.

    De gemeente zal pas overgaan tot afhandeling van de instemmingaanvraag als deze compleet is, waaronder ook te verstaan dat alle door betreffende derde belanghebbenden schriftelijk toestemming en/of instemming is verleend en deze instemming is verstrekt aan de gemeente.

    Als de instemmingaanvrager hier van af wil wijken, in verband met de voortgang van een project, zal de instemmingverlener dit verzoek honoreren mits het verzoek gefundeerd wordt gemotiveerd in de instemmingaanvraag en het verzoek als redelijk wordt beoordeeld door de instemmingverlener.

4.2. Bepalingen ten aanzien van de engineering/werkvoorbereiding

  • 1.

    De instemmingaanvrager is verplicht om in zijn werkvoorbereiding te inventariseren welke netbeheerders belangen hebben in het beoogde tracé om daar ook infrastructuur aan te leggen. Instemmingaanvrager dient afspraken te maken om de werkzaamheden in één arbeidsgang (in combinatie) uit te voeren. Dit om de overlast voor de omgeving en de degeneratie van het straatwerk te beperken.

  • 2.

    Tijdelijk aan te brengen voorzieningen in de openbare ruimte dienen de goedkeuring te hebben van de afdeling Beheer en Onderhoud. Deze tijdelijke voorzieningen, zoals damwanden, heipalen, etc. dienen na voltooiing van de werkzaamheden te worden verwijderd. Mocht dit om welke reden dan ook niet mogelijk zijn, dan kan alleen door de afdeling Beheer en Onderhoud, besloten worden deze voorzieningen tot een nader te bepalen maat onder het maaiveld te verwijderen. In de regel is deze maat minimaal 2,50 m.

  • 3.

    Er worden geen obstakels boven leidingen geplaatst. Indien geen andere oplossing mogelijk is, dan kan in overleg met de betreffende leidingexploitant(en) onder voorwaarden en/of voorzieningen alsnog tot plaatsing boven leidingen worden overgegaan.

  • 4.

    Huisaansluitingen worden zo veel mogelijk haaks op het distributienet aangelegd om geen beslag te leggen op de ruimte voor distributieleidingen.

  • 5.

    Er kan sprake zijn van voorbereide huisaansluitingen, waarbij de voor de huisaansluiting bedoelde buis, kabel of leiding al op de volledig benodigde lengte vanaf de hoofdleiding tot aan de klantaansluiting in de openbare grond tijdelijk moet worden opgeborgen (voornamelijk bij CAI-, FTTH- en Datanetten). In die gevallen moet deze voorbereiding zo strak mogelijk opgerold en gebundeld, verticaal op de juiste diepte te worden weggezet evenwijdig tegen de erfgrens van het perceel waar de voorziening voor bedoeld is. Het hiervoor eventueel benodigde tracé of straatoversteken dienen tegelijk met de aanleg van de hoofdsleuf te worden aangebracht.

4.3. Situering handholes

  • 1.

    Voor aanleg van handholes, gelijktijdig met de aanleg van de bijbehorende leidingtracés, dient in de instemmingaanvraag iedere handhole specifiek genoemd te worden. De locatie van de handhole dient aangegeven te zijn.

  • 2.

    Voor solo aanleg van handholes in bestaande tracés dient afzonderlijk instemming te worden verkregen. Het instemmingverzoek c.q. de melding dient eveneens te zijn voorzien van een schets van de geplande locatie.

  • 3.

    Tijdens de uitvoering kan alsnog de instemming voor de aangevraagde locatie worden ingetrokken als blijkt dat plaatsing tot onoverkomelijke problemen voor de gemeente Gulpen-Wittem of derden leidt. De instemminghouder zal in die gevallen samen met de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud, een alternatief moeten zoeken.

  • 4.

    Nadat het gat ten behoeve van de handhole is ontgraven dient de toezichthouder van De afdeling Beheer en Onderhoud, in de gelegenheid te worden gesteld aanwezig te zijn bij de daadwerkelijke plaatsing van de handhole(s).

  • 5.

    De handhole(s) en/of de ingaande en uitgaande buizen mogen geen hinder veroorzaken voor de bereikbaarheid van kabels en leidingen en bijbehorende onderdelen van de infrastructuur van derden en de gemeente Gulpen-Wittem. De instemminghouder is hiervoor te allen tijde verantwoordelijk.

  • 6.

    Handholes mogen niet in doorgaande tracés worden geplaatst.

  • 7.

    Handholes mogen niet geplaatst worden nabij (hoofd)rioleringen, (hoofd)leidingen en/of huis- en bedrijfsaansluitingen van de netwerkbedrijven. Minimale afstand is 1,00 meter. Wanneer niet aan deze voorwaarden kan worden voldaan, dient instemmingaanvrager zelf contact op te nemen met de betreffende eigenaar van de aansluiting teneinde van hem schriftelijke toestemming te verkrijgen voor een belemmering van zijn rechten. Deze toestemming is onderdeel van de instemmingaanvraag.

  • 8.

    De handholes in het centrum (zie bijlage 3), waarvan, in overleg tussen instemmingverzoeker c.q. melder en de gemeente Gulpen-Wittem, bepaald wordt dat deze bij normale bedrijfsvoering maximaal 4x per jaar geopend gaan worden dienen zodanig aangebracht te worden dat het deksel van de handhole een minimale dekking heeft van 25 cm onder maaiveld. Verder dient de handhole ingebed en afgedekt te worden met straatzand conform de standaardvoorwaarden RAW.

  • 9.

    Voor handholes in het centrum, zie bijlage 3, die bij normale bedrijfsvoering meer dan 4x per jaar geopend gaan worden is het uitgangspunt dat deze voorzien zijn van een zwart gecoate, geprofileerd stalen putdekselconstructie van de ter plaatse vereiste verkeersklasse. Een en ander zal in overleg tussen instemmingverzoeker c.q. melder en de gemeente Gulpen-Wittem, bepaald worden.

    De handhole dient zodanig aangebracht te worden dat het deksel van de handhole na zetting van het omringende straatwerk gelijk ligt met het peil van het omringende maaiveld (bovenkant elementenverharding). Verder dient de elementenverharding rond de handhole ingeknipt te worden in het bestaande verband.

  • 10.

    De maximale toegestane uitwendige breedte van de handhole is 70 centimeter. Indien deze niet toepasbaar is door ruimtegebrek een andere locatie bepalen of meerdere handholes van een kleiner formaat toepassen. Bij handholes van afwijkend formaat deze vooraf ter goedkeuring aan de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beleid en projecten van de gemeente Gulpen-Wittem, voorleggen.

  • 11.

    De handhole(s) blijft eigendom van de instemminghouder. De instemminghouder draagt zorg voor het beheer van de handhole, waaronder het op eerste aanzegging van de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud, op de juiste hoogte te stellen van de handhole.

  • 12.

    De instemminghouder blijft te allen tijde aansprakelijk voor alle schade en gevolgschade die mogelijkerwijs ontstaat door de aanwezigheid van de handhole c.q. ondergrondse lasmof.

  • 13.

    De handholes mogen, bij voorkeur, niet aangebracht worden in kabel- en leidingtracés, rijbanen, parkeerplaatsen, uitwegen, op kruisingen, ter plaatse van de aansluitlocatie van woningen en binnen een afstand van 3 meter vanaf bomen. De instemminghouder zal in situaties, waarbij dit artikel niet opgevolgd kan worden, samen met de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beleid en projecten een alternatief moeten zoeken.

5. Voorwaarden en eisen ten aanzien van de uitvoering

5.1. Algemeen

  • 1.

    Werkzaamheden aan of ten behoeve van ondergrondse infrastructuur van de verschillende netwerkbedrijven dienen in één arbeidsgang (in combinatie) uitgevoerd te worden om de overlast voor de omgeving en de degeneratie van het straatwerk te beperken.

  • 2.

    De instemminghouder oefent tijdens de uitvoering van de werkzaamheden het toezicht uit dat in redelijkheid van hem/haar verlangd mag worden.

  • 3.

    Op initiatief van de instemminghouder wordt samen met de gemeente het tracé of een gedeelte daarvan voorafgaande aan het uitvoeren van de werkzaamheden geschouwd. Herstel van geconstateerde gebreken achteraf, zonder dat deze gebreken vooraf zijn vastgelegd, is voor rekening van de instemminghouder.

  • 4.

    Alle voorwerpen van historische of wetenschappelijke waarde, die bij de uitvoering van het werk in gemeente-eigendommen worden gevonden, gaan meteen naar de gemeente. Deze zal dan de procedure van de Nederlandse wetgeving voor behoud van monumenten volgen. De daadwerkelijke vinder ontvangt een vindersbeloning van de gemeente, in overeenstemming met het daaromtrent in het Burgerlijk Wetboek, boek 5 artikel 13 gestelde.

  • 5.

    De uitvoering van de werkzaamheden dient zodanig te worden georganiseerd, dat nooit meer lengte sleuf open ligt dan strikt noodzakelijk is. Indien plaatselijke of actuele omstandigheden daartoe aanleiding geven, dan bepalen partijen in onderling overleg een beperking van de openliggende sleuf. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden zullen, waar nodig, over de openliggende sleuven, overbruggingen van voldoende breedte en draagkracht voor hulpdiensten en bestemmingsverkeer worden aangebracht. Dit gebeurt mede ter beoordeling van de bevoegde toezichthouder.

  • 6.

    Verstoringen ten gevolge van de kabel- en/of leidingaanleg aan punten aangegeven door KAD-stenen, markeringsstenen of buizen, moeten worden gemeld aan de gemeente.

    De meetkosten voor herstel van deze vaste punten zijn voor rekening van de veroorzaker van deze schade.

  • 7.

    Op plaatsen waar ten gevolge van de werkzaamheden de rijweg, trottoirs of fietspaden verontreinigd zijn, zullen deze na aanvulling van de sleuf direct worden schoongemaakt door en voor rekening van de instemminghouder.

  • 8.

    Op nader aan te wijzen locaties kan door de gemeente worden aangegeven dat er, ter voorkoming van schade, buiten werktijden geen losliggende materialen mogen achterblijven op het werk.

    Toelichting:

    Voorbeelden van dergelijke locaties zijn winkel- en uitgaansgebieden. Voor deze locaties kunnen ook extra eisen worden gesteld aan ondermeer de afzetting. De wijze waarop dit gebeurt, bepalen de gemeente en de instemminghouder in overleg

  • 9.

    De aard van de ondergrond, in de gemeente Gulpen-Wittem is zodanig, dat de minimale breedte bij herstraatwerkzaamheden 60 cm is.

  • 10.

    De netwerkbedrijven dienen aan de gemeente Gulpen-Wittem beheer- en degeneratiekosten te vergoeden:

    • a.

      Enexis en WML: deze vergoeding wordt als een bedrag per aansluiting éénmaal per jaar per 1 juli betaald.

    • b.

      Telecombedrijven, die vallen onder de Telecomwet: de gehanteerde tarieven Beheer- en Degeneratiekosten worden jaarlijks door het college van Gulpen-Wittem vastgesteld. Na afloop van de werkzaamheden worden de kosten in rekening gebracht bij de instemminghouder.

    • c.

      Niet genoemde netbeheerders: tarieven zijn gerelateerd aan de tarieven genoemd onder b., evenals de facturering.

      De tarieven zijn benoemd in bijlage 5: Tarieven Beheer- en Degeneratiekosten en worden jaarlijks door het college geïndexeerd.

5.2. Inventariseren bestaande kabels en leidingen

  • 1.

    De instemminghouder dient zich te overtuigen van de plaats van alle al in het werk gelegen leidingen.

  • 2.

    Dit dient te geschieden door het tijdig op vragen van de leidinggegevens en overige voorwaarden bij het Kadaster-sectie KLIC c.q. bij de betreffende netbeheerders. Op het werk dient, naast een kopie van het instemmingbesluit of de melding en de gewaarmerkte instemmingtekening(en) tenminste één exemplaar van de in lid 1 bedoelde tekening(en) aanwezig te zijn.

  • 3.

    Indien bij het maken van de proefsleuven afwijkingen van het vigerende Normprofiel dan wel van het door gemeente aangewezen tracé worden geconstateerd zal:

    • -

      instemminghouder de maatvoeringen van de aangetroffen kabels en leidingen registreren en op eerste aanzeggen van de toezichthouder of kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beleid en projecten aan deze overhandigen;

    • -

      de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud, in overleg met instemminghouder, een nieuw tracé aangeven.

5.3. Informatie en communicatie

  • 1.

    Namens de instemminghouder dient er altijd één aan te spreken verantwoordelijke persoon op het werk aanwezig te zijn. De naam van deze persoon moet bij alle betrokken partijen bekend zijn. Deze persoon heeft tot taak te controleren en te verifiëren dat alle gespecificeerde materialen worden toegepast en dat de constructiewerkzaamheden worden uitgevoerd volgens het bestek, de specificaties, de tekeningen en de gemaakte afspraken, alsmede dat de uitvoering geschiedt in overeenstemming met het gestelde in het instemmingbesluit. Hij dient de door gemeentelijke en andere toezichthouders gevraagde informatie te verstrekken en de nodige medewerking te verlenen om hun werk mogelijk te maken.

  • 2.

    De voertaal op het werk is Nederlands, de instemmingaanvrager dient ervoor zorg te dragen dat de sleutelfunctionarissen in zijn projectorganisatie c.q. van zijn grondroerder deze taal voldoende beheersen

  • 3.

    Bij projecten zullen, ter beoordeling van de Instemminghouder en/of Grondroerder, op regelmatige tijden bouwvergaderingen worden gehouden, waarbij in ieder geval de kabel- en leidingcoördinator of toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten wordt uitgenodigd.

  • 4.

    Van deze vergaderingen zal de Instemminghouder en/of Grondroerder notulen opmaken en aan de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beleid en projecten toezenden. Deze notulen zullen op de gebruikelijke wijze worden beoordeeld en vastgesteld door de vergadering.

  • 5.

    In aanvulling op het gestelde in de AVOI zal bij werkzaamheden, waarbij de bereikbaarheid van belanghebbenden c.q. omwonenden tijdelijk wordt verminderd, alsmede bij grotere wegafzettingen, de Grondroerder namens de instemminghouder minimaal 3 werkdagen voor aanvang van de werkzaamheden de belanghebbenden en omwonenden schriftelijk op de hoogte te stellen. De gemeente zal de wijze waarop dit dient te geschieden vaststellen, waarbij de gemeente de omvang en de gevolgen van het werk in haar beoordeling zal betrekken.

5.4. Handhaving

  • 1.

    Namens de gemeente zal een toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten toezien op het naleven van de voorschriften door de instemminghouder en grondroerder. De toezichthouder zal controleren op de naleving van onder andere:

    • -

      de naleving van de instemmingvoorwaarden;

    • -

      de naleving van de afspraken met bewoners, politie etc. ;

    • -

      de bereikbaarheid van de woonomgeving;

    • -

      de ongestoorde exploitatie van andere leidingen;

    • -

      de verdichting van de sleuf;

    • -

      de kwaliteit van het herstel van de sleuf;

    • -

      de schade aan verharding/groen binnen de invloedssfeer van het werk;

    • -

      de veiligheid, wegafzetting, etc.

  • 2.

    Het afdelingshoofd Beleid en projecten dan wel de gemachtigde projectleider, kabel- en leiding-coördinator en toezichthouders van de afdeling Beleid en projecten is/zijn bevoegd de werkzaamheden direct stil te leggen, zonder vergoeding van kosten, indien:

    • -

      er wordt gewerkt zonder instemmingbesluit en/of voorafgaande melding, als bedoeld in de AVOI, anders dan in het geval van spoedeisende werkzaamheden als bedoeld in artikel 5 lid 4;

    • -

      er wordt gewerkt in strijd met het in het instemmingbesluit opgenomen tijdstip van aanvang of voltooiing, de wijze van uitvoering of andere van toepassing verklaarde voorschriften;

    • -

      er wordt gewerkt buiten de in het Handboek en/of instemmingbesluit aangegeven dagelijkse tijdstippen van aanvang of einde werk;

    • -

      er wordt gewerkt tijdens een periode waarin een breekverbod, zoals aangegeven in paragraaf 3.6 van dit handboek, van kracht is;

    • -

      aanwijzingen en geboden die door vertegenwoordigers van de gemeente worden gegeven, niet onverwijld worden opgevolgd;

    • -

      uitvoerend personeel van grondroerder zich onbehoorlijk, kwetsend en/of overlastgevend gedraagt;

    • -

      er onacceptabele verkeershinder en/of gevaarzetting voor het publiek ontstaat.

    De werkzaamheden mogen pas worden hervat na toestemming van de gemeente, deze wordt in de regel pas verleend als de situaties die tot stilleggen hebben geleid naar genoegen van de gemeente afdoende en duurzaam zijn opgelost.

  • 3.

    In het geval dat sprake is van bovengenoemde situatie(s) hanteert de gemeente de volgende procedures:

    • -

      het uitreiken van een waarschuwing aan betreffende grondroerder, waarbij grondroerder direct over moet gaan tot het opheffen van de ongewenste situatie(s), waarbij het reguliere werk nog door mag gaan en de instemminghouder aansluitend wordt geïnformeerd;

    • -

      indien bij dezelfde grondroerder meerdere keren een van deze situaties wordt geconstateerd: Het uitreiken van een beschikking aan de grondroerder, waarbij grondroerder direct het opbreek-, graaf- en legwerk moet staken in het werkingsgebied van de betreffende instemming of melding, direct moet overgaan tot het aanvullen van de gegraven sleuf alsmede het herstellen van de fundering en er eerst door gemeente wordt overlegd met instemminghouder over het tijdstip en de condities waaronder het graafwerk weer mag worden hervat.

  • 4.

    Alle kosten en gevolgen, voortvloeiend uit het opleggen van extra voorwaarden en/of opschorting en/of eventuele herstelverplichtingen, zullen worden verhaald op de instemminghouder.

  • 5.

    Indien de grondroerder die het betreffende werk uitvoert na eerste sommatie in gebreke blijft bij het opvolgen van de door de gemeente uitgebrachte aanwijzingen of verplichtingen zal de gemeente de benodigde werkzaamheden (laten) uitvoeren.

5.5. Opnemen en herstel verharding

  • 1.

    Tenzij anders is overeengekomen, mag per dag geen grotere sleuflengte worden gemaakt, dan op die dag weer volledig kan worden dichtgemaakt. Zie voor gedetailleerde bepalingen hoofdstuk 6 van het handboek

  • 2.

    De instemminghouder is verplicht de ondergrond en de verharding na afloop van de werkzaamheden minimaal weer terug te brengen in de hoedanigheid en kwaliteit zoals deze bestond voor het aanvangen van de werkzaamheden. Verharding dient na het aanbrengen ingeveegd te worden met straatzand.

  • 3.

    De instemminghouder moet voor zijn rekening en risico de door- of namens instemmingshouder herstelde ondergrond en verharding zoals bedoeld in lid 2, gedurende 1 jaar na de schriftelijke goedkeuring van de acceptatie (oplevering) van het herstel door de gemeente, onderhouden (garantie).

  • 4.

    Het openbreken van asfalt moet gebeuren door het asfalt aan de zijkanten tot de benodigde diepte en minimaal 0,5 meter (klinkermaatvoering) breed in te zagen.

  • 5.

    Het opbreken van de open verhardingen dient zorgvuldig te worden uitgevoerd. Als de zorgvuldigheid niet in voldoende mate is betracht en de opgebroken c.q. beschadigde hoeveelheid is groter dan redelijkerwijs mag worden verwacht van het desbetreffende werk, zijn de kosten van herstel voor de instemminghouder.

  • 6.

    Asfalt- en overige gesloten verhardingen dienen door instemminghouder tijdelijk te worden hersteld met door instemminghouder voor diens rekening aan te leveren funderingsmaterialen en door gemeente ter beschikking te stellen betonklinkers. De instemminghouder draagt tot 12 maanden na dato einde werkzaamheden de zorg voor het tijdelijk herstelde gedeelte.

    Het definitieve herstel wordt, op kosten van de instemminghouder, uitgevoerd door de gemeente.

  • 7.

    Ter plaatse van nieuwbouw-, reconstructie-, herinrichting-, herbestrating- en in/uitbreidingsprojecten kunnen er tussen de gemeente en civiele aannemers garantie afspraken bestaan inzake de aanwezige verharding. In die gevallen kan gemeente van vergunninghouder verlangen dat het herstel van de verharding, op kosten- en onder regie van vergunninghouder door betreffende contractpartij wordt uitgevoerd.

  • 8.

    Verplichtingen voor de instemminghouder ten aanzien van het aanbrengen van de verharding door de gemeente:

    • -

      instemminghouder dient te zorgen voor het instandhouden van de afzetting tot een maximale termijn van 2 werkdagen tot na gereedmelding van het werk. De gemeente is na deze termijn verantwoordelijk voor de afzetting en kan instemminghouder verzoeken het afzetmateriaal niet te verwijderen. De gemeente is dan verantwoordelijk voor de beschadiging, verdwijning en verplaatsing van het afzetmateriaal en de kosten voor het hebben en houden van het afzetmateriaal zijn voor de gemeente;

    • -

      instemminghouder dient indien van toepassing de gemeente zo goed mogelijk te informeren over het tijdstip waarop deze kan beginnen met het herbestraten. Uiterlijk 1 werkdag voordat instemminghouder met haar werkzaamheden gereed is.

      Indien instemminghouder hierin in gebreke blijft, zijn de eventuele extra kosten van de gemeente voor de instemminghouder en zullen bij de instemminghouder in rekening worden gebracht;

    • -

      instemminghouder dient de verhardingen tijdelijk te herstellen daar waar dit noodzakelijk is voor de toegankelijkheid van panden en percelen.

5.6. bouwstoffen

  • 1.

    De instemminghouder zorgt voor de uit het werk komende bouwstoffen. Verlies, vermissing of beschadiging van deze bouwstoffen zijn voor rekening van de instemminghouder tot het tijdstip dat de werkzaamheden door of vanwege de instemminghouder zijn gerealiseerd.

  • 2.

    Door het college voor haar niet van waarde verklaarde oude bouwstoffen worden eigendom van de instemminghouder en dienen volgens de bestaande regelgeving te worden afgevoerd voor kosten en risico van de instemminghouder.

5.7. Verkeersmaatregelen

  • 1.

    De instemminghouder draagt zorg voor een veilige en deugdelijke uitvoering van de voorgeschreven verkeersmaatregelen zoals die zijn vastgelegd in de laatst gepubliceerde richtlijnen van de CROW voor werkzaamheden in uitvoering. De instemminghouder dient te zorgen dat de uitvoering van het werk plaatsvindt conform alle van toepassing zijnde wettelijke bepalingen en regelingen. Aanwijzigingen van daartoe bevoegde instanties, zoals politie, brandweer en gemeente dienen onverkort en onmiddellijk te worden uitgevoerd.

  • 2.

    De te treffen verkeersmaatregelen dienen te voldoen aan CROW richtlijnen 96a en 96b.

  • 3.

    Alleen als er sprake is van stremmingen in de verkeersstromen, bij gehele of gedeeltelijke wegafsluitingen met omleidingen, dient bij de instemmingaanvraag, via het digitaal K&L platform, aangegeven te worden welke de te treffen verkeersmaatregelen, ten tijde van de werkzaamheden, zullen zijn. In het plan dient aangegeven te worden op welke wijze de bereikbaarheid van panden, woonerven etc tijdens de werkzaamheden wordt gegarandeerd, welke omleidingroutes er worden uitgezet en welke voorzieningen hier tijdelijk voor worden getroffen/aangebracht. De gemeente zal de wijze waarop de informatie aan bewoners wordt verstrekt vaststellen, waarbij de gemeente de omvang en de gevolgen van het werk in haar beoordeling zal betrekken.

  • 4.

    Indien de gemeente het noodzakelijk acht, vooral bij afsluiten van belangrijke verkeerswegen, kan instemminghouder worden verplicht zoveel mogelijk ´s nachts of in de avonduren de werkzaamheden uit te voeren.

  • 5.

    Verkeersvoorzieningen, die tijdelijk geen dienst doen, dienen door instemminghouder terstond verwijderd c.q. afgedekt te worden tot het tijdstip dat deze weer nodig zijn.

  • 6.

    Indien de tijdelijke verkeersmaatregelen in een verharding aangebracht moeten worden dient het te verwijderen verhardingsmateriaal door instemminghouder voor diens rekening te worden afgevoerd en na verwijderen van de verkeersmaatregel weer terug aangebracht te worden.

  • 7.

    Instemminghouder dient bij parkeerstroken, die moeten worden afgesloten in verband met de werkzaamheden van instemminghouder, 14 dagen voor aanvang van de werkzaamheden bebording te plaatsen met het aanvangstijdstip en de duur van de afsluiting. Deze bebording dient te worden geplaatst bij de desbetreffende parkeerstroken.

  • 8.

    Instemminghouder draagt zorg voor een regelmatige en voldoende controle op de instandhouding van verkeersborden, wegbebakening en –afzettingen, ook buiten de normale werktijden en dient zorg te dragen voor het spoedig mogelijk herstel van deze verkeersmaatregel. Dit geldt ook voor de door de gemeente geplaatste verkeersvoorzieningen.

  • 9.

    De verkeersmaatregelen en voorzieningen mogen maximaal 72 uur voor aanvang van de werkzaamheden, afgedraaid, worden aangebracht. Het omdraaien mag pas twee uur voorafgaand aan de aanvang van de werkzaamheden geschieden. Na afloop van de werkzaamheden dienen de verkeersmaatregelen en voorzieningen, direct zodra de situatie dit toelaat, weer te worden afgedraaid. Indien de werkzaamheden worden onderbroken en de situatie laat dit toe dan dienen de verkeersmaatregelen en voorzieningen te worden afgedraaid gedurende het staken van de werkzaamheden. Twee uur voor de hernieuwde opstart van het werk dient het afdraaien ongedaan gemaakt te worden.

  • 10.

    Tijdelijke bebording mag niet aangebracht worden aan bestaande verticale elementen inclusief lichtmasten.

  • 11.

    Instemminghouder draagt zorg voor de bereikbaarheid van woningen, winkels, openbare gebouwen e.d. voor (minder valide) voetgangers en (brom)fietsers en voor de brandkranen of brandputten. In overleg met de betrokkenen kan door de gemeente de mate van bereikbaarheid nader inhoud worden gegeven.

  • 12.

    Instemminghouder houdt het gemotoriseerde bestemmingsverkeer naar woningen, winkels, bedrijven, bouwwerken, landerijen enz. in overleg met de betrokkenen zoveel mogelijk in stand. Indien met de betrokkenen geen overeenstemming kan worden bereikt over de beperking van de bereikbaarheid, treedt de instemminghouder tijdig, minimaal 3 weken vooraf, in overleg met de gemeente.

  • 13.

    De stallingsplaats van onder andere haspel-, vracht-, directie- en materiaalwagens en werkauto’s met aanhangers in de openbare ruimte van de gemeente dient in overleg met de gemeente te worden bepaald. De stallingplaats dient deugdelijk te zijn afgezet.

  • 14.

    Plaatsing van obstakels dient te voldoen aan CROW publicatie 130, “richtlijn voor het markeren van onverlichte obstakels” (ISBN 90 6628 283 5).

  • 15.

    Alle kosten, die gepaard gaan met verkeersmaatregelen, zijn voor de instemminghouder.

5.8. Maatregelen ten behoeve van de overlast beperking

  • 1.

    Het is niet toegestaan om op werkdagen voor 07.00 uur en na 18.00 uur opbreek- , graaf-, kabel-, aanvulling-, verdichting-, en/of bestratingswerkzaamheden uit hoofde van regulier werk in de openbare ruimte te verrichten, tenzij in het instemmingbesluit anders is aangegeven.

  • 2.

    Tijdens de verkeersspits (7.00 u. tot 9.00 u. en 15.30 u. tot 18.30 u.)mogen geen werkzaamheden op of langs hoofd- en/of gebiedsontsluitingswegen plaatsvinden. De betreffende wegen zijn aangegeven op de kaart, welke is bijgevoegd als bijlage 4.

    De toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten kan de instemminghouder verplichten werkzaamheden in de nacht uit te voeren.

  • 3.

    In erfontsluitingswegen mogen tussen 20.00 uur s’avonds en 7.00 uur s’ochtends geen werkzaamheden worden uitgevoerd.

  • 4.

    In de winkelstraten en evenementenpleinen mogen geen opbrekingen zijn of worden uitgevoerd gedurende de door de afdeling Vergunningen en Toezicht namens Burgemeester en Wethouders vergunde evenementen, inclusief de opbouw- en afbreekperiode. Hieronder vallen onder andere:

    • -

      de periode tussen de derde zondag van november en nieuwjaarsdag;

    • -

      koningsdag;

    • -

      de wekelijkse marktdagen.

  • Een overzicht van de geplande activiteiten is aangegeven op de website van de gemeente Gulpen-Wittem.

  • 5.

    Op de locaties in het centrum, zoals aangegeven in bijlage 3, is een breekverbod van toepassing voor de reguliere werkzaamheden op de donderdagen, zaterdagen en op de zon- en feestdagen. Het breekverbod is niet van toepassing bij calamiteiten en spoedeisende werkzaamheden.

  • 6.

    De dag voorafgaande aan een zaterdag of nationale feestdag dient uiterlijk om 12.00 uur het graven van geulen en het leggen/trekken van kabels etc. te worden gestaakt en dient onverwijld over te worden gegaan tot het aanvullen en verdichten van geulen en het terug aanbrengen van bestratingen en het opruimen van de werkomgeving. Om uiterlijk 16.00 uur moeten alle werkzaamheden gereed zijn.

  • 7.

    Voorafgaand aan het graven van hoofdgeulen dienen, indien op het werk van toepassing, de voorzieningen tbv de klantaansluitingen op/in/onder de eigen erven te worden aangebracht.

  • 8.

    Instemminghouder dient een minimale voetgangersdoorloop van 1,20 met te waarborgen. Is dit niet mogelijk dan dient een veilige oversteek te worden gerealiseerd.

  • 9.

    Instemminghouder dient te alle tijde een vrije verkeersdoorgang van:

    • -

      3,50 meter op rechte stukken wegen én

    • -

      4,50 meter in bochten

  • te waarborgen voor de hulpdiensten en de brandweer.

  • 10.

    Instemminghouder dient alles te doen wat op grond van de meest actuele inzichten redelijkerwijs mogelijk is en verwacht mag worden om hinder als gevolg van bv. lawaai, stank, modder e.d. veroorzaakt door voertuigen, machines, apparaten etc. tot een aanvaardbaar niveau te beperken. Indien instemminghouder bij hoge uitzondering door de gemeente wordt toegestaan ‘s avonds c.q. ‘s nachts te werken is instemminghouder verplicht in verband hiermee aanwijzingen van de gemeente op te volgen en zelf zorg te dragen voor de benodigde aanvullende instemmingen/ontheffingen.

  • 11.

    Instemminghouder dient bij en na het uitvoeren van werkzaamheden de begaanbare trottoir- en wegverhardingen vrij van verontreinigingen te houden.

5.9. Voorbereide huis/klantaansluitingen

  • 1.

    Er kan sprake zijn van voorbereide huisaansluitingen, waarbij de voor de huisaansluiting bedoelde buis, kabel of leiding al op de volledig benodigde lengte gemeten vanaf de hoofdleiding tot aan de klantaansluiting, in de openbare grond tijdelijk moet worden opgeborgen (voornamelijk bij CAI-, FTTH- en Datanetten). In die gevallen moet deze voorbereiding zo strak mogelijk opgerold en gebundeld, verticaal op de juiste diepte onder een beschermende voorziening te worden weggezet evenwijdig aan- en tegen de erfgrens van het perceel waar de voorziening voor bedoeld is. Het hiervoor eventueel benodigde tracé of straatoversteken dienen tegelijk met de aanleg van de hoofdsleuf te worden aangebracht.

5.10. Werkzaamheden in de nabijheid van beplantingen

  • 1.

    In openbare groenvoorzieningen worden de sleuven zodanig ontgraven, dat de bovengrond, gescheiden van de mindere kwaliteit ondergrond, wordt opgeslagen en bij het dichten van de sleuf weer bovenin wordt verwerkt.

  • 2.

    Bij het maken van sleuven door gazons of grasbermen of -stroken worden de graszoden vakkundig verwijderd en tijdelijk opgestapeld. Na aanvulling zullen de zoden goed aansluitend worden herlegd, met kruimelaarde afgedekt en zo nodig enige tijd nat gehouden. In onderling overleg kan voor een andere werkwijze worden gekozen.

  • 3.

    Beplanting mag niet worden opgenomen of verwijderd zonder instemming van de gemeente. Opgenomen beplanting moet worden ingekuild.

  • 4.

    De gemeente en de instemminghouder komen vóór aanvang van de werkzaamheden overeen welke maatregelen nodig zijn om schade aan de te handhaven beplanting te beperken. Ook bekijken ze welke te handhaven beplanting als waardevol wordt beschouwd.

  • 5.

    Voor de werkzaamheden bij bomen zijn van toepassing de bepalingen zoals vermeld op de folder “Boombescherming op bouwlocaties” (laatste uitgave) van de vereniging Stadswerk Nederland, Vakgroep Groen, Natuur en Landschap.

  • 6.

    Bij waardevolle beplanting moet graven in de wortelzone worden voorkomen.

  • 7.

    Indien voor nieuwe leidingen een tracé buiten de wortelzone niet mogelijk is, dan moet de wortelzone worden gepasseerd door het boren van mantelbuizen onder de wortelzone.

  • 8.

    Van te handhaven beplanting mogen wortels dikker dan 25 mm in diameter niet worden verwijderd. Vrijgegraven wortels moeten worden beschermd tegen uitdroging, vorst en beschadiging.

  • 9.

    Ontgravingen binnen de wortelzone van de te handhaven beplanting moeten zo snel mogelijk met uitkomende grond worden aangevuld.

  • 10.

    Het is verboden door of namens de instemminghouder te snoeien aan bomen of beplanting.

  • 11.

    Het inrichten van werkterrein binnen de wortelzone van de te handhaven beplantingen is in principe niet toegestaan, tenzij in overleg met de bevoegde ambtenaar voldoende beschermende maatregelen worden getroffen.

  • 12.

    Na één groeiseizoen kan worden bekeken of en hoeveel schade is ontstaan aan de beplanting. Hierna kan alsnog de schade aan de instemminghouder in rekening worden gebracht, mits aantoonbaar door gemeente.

5.11. Oplevering

  • 1.

    De instemminghouder verstrekt via het digitaal K&L platform, binnen 10 werkdagen na het geheel gereedkomen van een groot of klein werk, de gegevens van de verdichtingsmetingen.

    Bij het niet nakomen van deze verplichting zijn de eventuele extra kosten voor de gemeente voor rekening van de instemminghouder.

6. Voorwaarden en eisen ten aanzien van het grondwerk

6.1. Operationele eisen civieltechnische werkzaamheden

  • 1.

    Instemminghouder dient zelf het dagelijkse toezicht te houden op de uitvoering c.q. grondroerder. Het toezicht van de afdeling Beleid en projecten beperkt zich tot het controleren van het naleven van de bepalingen uit de instemming, de APV, AVOI (OGN en telecomwet) en het Handboek kabels en leidingen door de grondroerder.

  • 2.

    Voor het aanvullen van de sleuf of een pers- c.q. lasput moet(en) de netbeheerder(s) van de vrijgegraven naastliggende en/of kruisende kabels en leidingen altijd in de gelegenheid worden gesteld om zijn / hun kabels en leiding(en) te inspecteren. Instemminghouder is verplicht om de informatie en coördinatie terzake uit te voeren.

  • 3.

    Tenzij vooraf schriftelijk anders is overeengekomen mag nimmer meer dan 40 meter straat of erf moeilijk bereikbaar zijn voor gemotoriseerde hulpdiensten zoals brandweer en/of ambulance. Indien een en ander niet mogelijk of niet praktisch is dienen in overleg en ter goedkeuring van betreffende hulpdiensten noodmaatregelen te worden getroffen zodat de hulpverlening gegarandeerd blijft.

  • 4.

    Tenzij anders is overeengekomen, mag per dag geen grotere sleuflengte worden gemaakt, dan op die dag kan worden gedicht en verdicht. Volledig herstellen van bestrating moet binnen 24 uur na afloop van de werkzaamheden volledig en compleet geschieden. Uitgezonderd hierop zijn de werkdagen voorafgegaan aan een zaterdag of nationale feestdag. Op deze dagen moet de bestrating nog diezelfde dag voor 16.00 uur volledig zijn hersteld.

  • 5.

    Dwarssleuven in trottoir, fietspad en/of rijweg alsmede langssleuf ter hoogte van in/opritten naar parkeergelegenheden op eigen erf, garageboxen, erven en terreinen van bedrijven dienen dezelfde dag, met tijdelijk straatwerk, te worden bestraat en afgewerkt. Indien een en ander niet mogelijk of niet praktisch is dienen noodmaatregelen te worden getroffen zodat de bereikbaarheid van genoemde objecten dezelfde dag weer gegarandeerd is.

  • 6.

    Na het afwerken van de sleuf mag geen grond, zand (uitgezonder voegzand) en/of afval van de werkzaamheden op het werk meer voorkomen.

  • 7.

    De visuele- en fysieke (elektronische conuswaarderegistratie) controle op het aanvullen en verdichten van de sleuven dient plaats te vinden door of namens de instemminghouder. De instemminghouder levert op aan de kabel- en leidingcoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud.

    Indien de aanvulling c.q. verdichting niet aan de door de gemeente gehanteerde normen voldoet, wordt instemminghouder in de gelegenheid gesteld dit binnen 1 week te herstellen. Na deze periode vindt wederom een controle door de gemeente plaats waarbij instemminghouder verplicht kan worden om ter plaatse, op aanwijzing van de toezichthouder van de afdeling Beheer en Onderhoud, een aantal fysieke (elektronische conuswaarderegistratie) verdichtingsmetingen uit te voeren.

  • 8.

    Indien na deze termijn herstel uitblijft c.q. onvoldoende is uitgevoerd is de gemeente gerechtigd om het herstel op kosten van de instemminghouder te herstellen.

  • 9.

    De overtollige grond en/ of bouwstoffen dienen op kosten van de instemminghouder te worden afgevoerd naar een erkende, gecertificeerde verwerker. De bijkomende kosten, zoals acceptatie- en beheerskosten komen eveneens voor de rekening van instemminghouder.

6.2. Technische eisen grondwerkzaamheden

  • 1.

    Te ontgraven grond, zand, teelaarde enz. moet zoveel mogelijk gescheiden ontgraven, vervoerd, aangevuld of in depot (afgedekt) gezet worden.

  • 2.

    Elementen verhardingen moeten handmatig worden uitgebroken. De uitkomende materialen moeten worden schoongemaakt en gesorteerd.

  • 3.

    Alvorens een asfaltconstructie wordt verwijderd moeten de zijkanten tot de gewenste diepte op steenmaat worden ingezaagd en met behulp van een compressor worden verwijderd. De vrijgekomen materialen dienen te worden onderscheiden naar:

    • -

      teerhoudend;

    • -

      niet teerhoudend.

  • 4.

    Teerhoudende vrijgekomen materialen dienen voor rekening van instemminghouder te worden vervoerd naar een gespecialiseerde erkende, gecertificeerde verwerker. Er dient door de instemminghouder zelf voor de benodigde afvalstroomnummers te worden gezorgd. De acceptatie/ en verwerkingskosten komen in alle gevallen voor rekening van instemminghouder.

  • 5.

    Niet teerhoudende materialen dienen voor rekening van instemminghouder te worden vervoerd naar een gespecialiseerde, erkende gecertificeerde verwerker. De acceptatie/ en verwerkingskosten komen in alle gevallen voor rekening van instemminghouder.

  • 6.

    Alle aanvullingen dienen te worden uitgevoerd in lagen van maximaal 0,30 m, waarbij elke laag mechanisch moet worden verdicht. Het verdichten van de sleuf door middel van inwateren. c.q. plempen is niet toegestaan.

  • 7.

    De gegraven sleuf in berm of onverharde grond moet over de volle breedte worden aangevuld en verdicht conform de in dit hoofdstuk aangegeven bepalingen. Het uitgegraven materiaal moet, met zorg in de juiste volgorde, worden ingebracht om de oorspronkelijke profielopbouw zoveel mogelijk te herstellen. Daar waar nodig aanvullen met schone teelaarde.

  • 8.

    De aanvulling van de sleuf in berm of onverharde grond mag na verdichting niet hoger zijn dan het omringende maaiveld. Tevens mag geen belemmering voor de afwatering ontstaan.

  • 9.

    De gegraven sleuf in elementenverharding moet over de volle breedte worden aangevuld en verdicht conform de in dit hoofdstuk aangegeven bepalingen. Het uitgegraven materiaal moet, met zorg in de juiste volgorde, worden ingebracht om de oorspronkelijke profielopbouw zoveel mogelijk te herstellen. Minimaal de laatste 10 cm van de aanvulling, tot direct onder de elementenverharding dient met gewassen rivierzand te zijn aangevuld.

  • 10.

    Bij rijbanen, parkeervakken en fietspaden en alle overige voor gemotoriseerd verkeer toegankelijke verhardingen moet de aanvulling te alle tijde met zand (kwaliteit cunetzand volgens de RAW-bepalingen) geschieden.

  • 11.

    De gegraven fundering onder een asfaltverharding moet over de volle breedte worden opgevuld en verdicht met minimaal dezelfde kwaliteit funderingsmateriaal als het oorspronkelijke funderingsmateriaal. Eventueel te korte aan funderingsmateriaal dient door- en voor rekening van instemminghouder te worden geleverd en verwerkt.

  • 12.

    Direct aansluitend moet de sleuf zoals bedoeld in lid 11 worden dichtgestraat in tenminste 100 mm straatzand met betonstenen in halfsteensverband haaks op de rijrichting, op een wijze die geen gevaar oplevert. De bovenzijde van de stenen dienen gelijk te liggen met het ingezaagde asfalt. De stenen dienen vlak ten opzichte van elkaar te worden bestraat. De betonstenen zullen door de gemeente op de gemeentewerf om niet ter beschikking worden gesteld.

  • 13.

    De instemminghouder dient door middel van elektronisch vastgelegde verdichtingsmetingen aan de afdeling Beleid en projecten aan te tonen dat de verdichtingsgraden zoals in de in dit hoofdstuk genoemde normen zijn bereikt. Per meting dient in ieder geval aan weerszijden van de grondroering twee referentiemetingen te zijn genomen tot de diepte van de ontgraving en een doelmeting in de verdichte ontgraving in de as tussen de twee referentiemetingen met uitzondering van metingen bij asfaltverhardingen.

  • 14.

    De verdichtingseisen gelden onverkort, ook indien er tijdens de werkzaamheden puin in de grond wordt aangetroffen en/of de grondsamenstelling een goede verdichting onmogelijk maakt. Het is dan aan de instemminghouder om op zijn kosten maatregelen te treffen om een correcte verdichting te bereiken.

  • 15.

    De instemminghouder dient de verdichtingswaarden aan het begin en vervolgens iedere 50 meter strekkende sleuf alsmede op 2 locaties bij werkzaamheden van minder ingrijpende aard op te meten, vast te leggen en deze gegevens dienen bij de oplevering te worden ingeleverd via het digitaal K&L platform.

  • 16.

    De verdichtingseisen zijn:

    • a.

      sleuven in bermen: voor alle lagen geldt, behalve de teelaarde, de verdichting moet zodanig zijn dat de indringings- weerstand niet meer dan 2,5% afwijkt van die van de omringende grond. Teelaarde dient niet te worden verdicht;

    • b.

      sleuven onder open verhardingen: de verdichting moet zodanig zijn dat de indringingsweerstand niet meer dan 2,5% afwijkt van die van de omringende grond;

    • c.

      sleuven onder gesloten verhardingen: de ondergrond van de fundering dient na verdichting te voldoen aan RAW standaard 2005 artikel 24.02.05 lid 2. De funderingslaag van de gefundeerde verharding dient hersteld en verdicht te zijn volgens RAW standaard 2005 artikel 28.12.02.

7. Vervallen kabels en leidingen

7.1. Algemeen

  • 1.

    Kabels en/of leidingen van de netbeheerder die blijvend buiten gebruik worden gesteld dan wel kabels en/of leidingen die de afgelopen 10 jaar geen dienst hebben gedaan/niet in gebruik zijn genomen, worden -zoveel mogelijk gelijktijdig met de uit te voeren werkzaamheden- op kosten van de netbeheerder opgeruimd, of na overleg, op een door het college aan te geven tijdstip dan wel in uitzonderlijke gevallen gedämmerd.

  • 2.

    De netbeheerder blijft te allen tijde eigenaar van en verantwoordelijk voor zijn buiten gebruik gestelde kabels en/of leidingen. Buiten gebruik gestelde kabels en/of leidingen moeten altijd door de betreffende netbeheerder fysiek van het net worden afgekoppeld en verwijderd.

  • 3.

    Kabels en leidingen van de netbeheerder die door het instemmingplichtige werk blijvend buiten gebruik zijn gesteld dan wel kabels en leidingen die de afgelopen 10 jaar geen dienst hebben gedaan/niet in gebruik zijn genomen, dienen te worden verwijderd. De gemeente zal besluiten hoe de netbeheerder dient te handelen, waarbij als uitgangspunt geldt dat de netbeheerder op zijn kosten deze verlaten kabels en leidingen moet verwijderen op een door de gemeente aan te geven tijdstip.

  • 4.

    Een vervallen kabel of leiding moet worden verwijderd indien deze bij graafwerkzaamheden over een lengte van meer dan 10 meter wordt vrijgegraven. Het verwijderen en afvoeren van een vrijgegraven kabel of leiding gebeurt op kosten van het netwerkbedrijf.

  • 5.

    Indien de gemeente na overleg met de eigenaar, een kabel of leiding verwijdert, dan moet het betreffende netwerkbedrijf binnen een week na verwijdering worden geïnformeerd.

  • 6.

    Aan de, in paragraaf 5.2 van de Telecommunicatiewet opgenomen, gedoogplicht komt een einde wanneer de aangelegde kabels gedurende een aaneengesloten periode van tien jaar geen deel uitmaken van een openbaar electronisch communicatienetwerk. In dat geval is de aanbieder van een electronisch communicatienetwerk verplicht, op verzoek van degene op wie de gedoogplicht rustte, de kabels op te ruimen.

  • 7.

    Gesloten netwerken zullen door de gemeente Gulpen-Wittem worden verwijderd als deze zijn vervallen. Daartoe zal door de gemeente Gulpen-Wittem, na oplevering, een verwijderingsbijdrage in rekening worden gebracht bij de instemminghouder. In bijlage 5 is de hoogte van de verwijderingsbijdrage aangegeven.

8. Voorwaarden en eisen ten aanzien van vervuilde grond

8.1. Voorschriften voor werken in verontreinigde grond

  • 1.

    De gemeente Gulpen-Wittem stelt, op verzoek en indien aanwezig, de aanwezige bodeminformatie middels een zgn. bodemkwaliteitsrapportage als ook de vigerende beleidsnotities kosteloos digitaal ter beschikking aan de verzoeker voor het uitvoeren van graafwerkzaamheden.

  • 2.

    Als het vermoeden bestaat, gebaseerd op concrete aanwijzingen, dat het tracé, waar de werkzaamheden zijn voorzien, sterk verontreinigd is dient de verzoeker voor het instemmingbesluit een zogenaamd verkennend bodemonderzoek uit te voeren.

    De gemeente levert de betreffende concrete aanwijzingen aan.

  • 3.

    Wanneer is vastgesteld dat het tracé, waar de werkzaamheden zijn voorzien, sterk is vervuild, dient een melding ex. artikel 28, 39 Wet Bodem Bescherming (Wbb) of melding Besluit Uniforme Sanering tijdelijke uitname; de zogenaamde BUS-melding, voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden plaats te vinden.

  • 4.

    Als bij de instemmingaanvraag is aangegeven dat er géén grondwater hoeft te worden onttrokken en dit moet tijdens de werkzaamheden wel gebeuren, dient instemminghouder of grondroerder voorafgaande aan het onttrekken van het grondwater contact op te nemen met de afdeling Beleid en projecten en het waterschap Limburg.

  • 5.

    Indien een netbeheerder een kabel c.q. leidingtracé wil laten lopen door een gebied waarvan vooraf is vastgesteld dat de bodem verontreinigd is, dan vervalt elke aansprakelijkheid van de gemeente. De gemeente heeft in die situatie geen saneringsplicht. De netbeheerder dient zich te houden aan de vigerende regelgeving en alle kosten komen voor rekening van de netbeheerder.

  • 6.

    Door de gemeente worden op eigen initiatief geen bodemonderzoeken verricht bij het aanleggen van kabels en leidingen door netwerkbedrijven. Wel neemt de gemeente ten behoeve van haar in- en uitbreidingsgebieden in haar overeenkomsten tot aan- en verkoop van de grond de zogenaamde „Milieuclausule” op. Hierin staat dat er geen concentraties van stoffen in de bodem aangetroffen zijn, die het perceel ongeschikt maken voor de door de koper beoogde bestemming. Hieraan ten grondslag ligt dan wel een bodemonderzoek. De netbeheerder kan hieraan jegens de gemeente geen aanspraken ontlenen voor wat betreft de milieuhygiënische geschiktheid van de grond voor het leggen etc. van kabels e.d. Instemminghouder kan de gemeente aanspreken als in de grond belemmeringen worden aangetroffen voor het leggen etc. van kabels e.d. en die belemmeringen blijken afkomstig te zijn van minder deugdelijke werkzaamheden bouwrijp maken door of in opdracht van de gemeente.

  • 7.

    Grond en/ of bouwstoffen die vrijkomen uit de sleuf zijn te onderscheiden naar:

    • a.

      Niet verontreinigd;

      De overtollige grond en/ of bouwstoffen dienen op kosten van de instemminghouder te worden afgevoerd naar een erkende, gecertificeerde verwerker. De bijkomende kosten, zoals acceptatie- en beheerskosten komen eveneens voor de rekening van instemminghouder.

    • b.

      Verontreinigd;

      De overtollige grond en/ of bouwstoffen dienen op kosten van de instemminghouder te worden afgevoerd naar een erkende, gecertificeerde verwerker. Kosten in verband met aantoonbare stagnatie in het door instemminghouder uit te voeren werk komen niet voor rekening van de gemeente. De acceptatiekosten voor het storten c.q. verwerken van deze grond en/ of bouwstoffen alsmede de werkelijke onderzoekskosten komen eveneens voor rekening van instemminghouder.

  • 8.

    Het werken in de grond valt o.a. onder de Wet bodembescherming en als zodanig dient instemminghouder aan te tonen dat de vereiste procedures zijn doorlopen, alvorens tot afvoer word overgegaan. Hiertoe dient de correspondentie met de betrokken instanties c.q. bedrijven, alleen op verzoek van de gemeente, te worden overhandigd aan de gemeente.

  • 9.

    Bij het verhelpen van een calamiteit tijdens kantooruren kan de betreffende netbeheerder direct informatie inwinnen over de kwaliteit van de bodem ter plaatse bij de Milieudienst van de provincie Limburg. Als er bij het verhelpen van een calamiteit buiten kantooruren grond vrijkomt, dient de betreffende netbeheerder er zorg voor te dragen dat grond op milieuhygiënische verantwoorde wijze, op haar kosten, tijdelijk wordt opgeslagen. De tijdelijk opgeslagen grond moet daarna, inden deze vervuild blijkt, op kosten van de betreffende netbeheerder op een milieuhygiënische verantwoorde wijze worden afgevoerd naar een erkende, gecertificeerde verwerker. Indien bij het verhelpen van een calamiteit grondwater moet worden onttrokken, dien te allen tijde, als mogelijk, voorafgaand aan het onttrekken van grondwater door de betreffende netbeheerder contact te worden opgenomen met het waterschap Limburg. Indien niet mogelijk voorafgaand dan op de eerstvolgende werkdag.

  • 10.

    Grond (technisch) niet geschikt voor sleufaanvulling c.q. verdichting; dient door de instemminghouder op haar kosten te worden afgevoerd naar een erkende, gecertificeerde verwerker. De bijkomende kosten, zoals acceptatie- en beheerskosten komen voor rekening van de instemminghouder.

  • 11.

    Incidenteel kan een fundering met milieutechnische randvoorwaarden voorkomen. Indien zogenaamde IBC-bouwstoffen zijn toegepast, dient verstoring van de islolering te worden voorkomen. Uitkomende IBC-bouwstof moet op dezelfde plaats worden teruggebracht, dan wel worden afgevoerd naar een erkende verwerker.

  • 12.

    Indien de situatie zich voordoet zoals bedoeld in artikel 1 lid 2 of 3 van het bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterenbescherming en er sprake is van verontreinigde grond en/ of bouwstof, dan zal instemminghouder hiervan melding maken aan de gemeente. Instemminghouder dient vervolgens de aanwijzingen/ instructies van de gemeente op te volgen.

  • 13.

    De onderzoekskosten als ook de kosten voor het treffen van eventuele specifieke maatregelen die als gevolg van de verontreiniging van de bodem noodzakelijk zijn, zijn voor rekening van de verzoeker van het instemmingbesluit of de instemminghouder.

8.2. Arbeidsomstandigheden bij werken in verontreinigde grond

  • 1.

    De kosten gemoeid met de uitvoering van het Bouwprocesbesluit Arbeidsomstandigheden komen voor rekening van instemminghouder.

9. Aansprakelijkheid, schade en verzekeringen

9.1. Aansprakelijkheid

  • 1.

    Voortvloeiend uit het Burgerlijk Wetboek en ondanks de instemmingverlening door de gemeente en/of goedkeuring door andere bevoegde instanties, acht de gemeente de instemminghouder of zijn gemachtigde grondroerder aansprakelijk voor toerekenbare schade veroorzaakt in of tijdens de uitvoering van het werk.

  • 2.

    Schade die de netbeheerder, grondroerder en/of derden lijden doordat, vanwege afwijking op de door of namens gemeente gegeven aanwijzingen en richtlijnen, leidingen van verschillende netbeheerders in lengterichting boven elkaar of te dicht bij elkaar zijn of worden gelegd, komt niet voor rekening van de gemeente.

  • 3.

    De gemeente acht de netbeheerder of zijn gemachtigde grondroerder, conform het aansprakelijkheidsrecht, aansprakelijk voor aanspraken van derden wegens schade, die het gevolg is van het (ver)leggen, verwijderen, repareren e.d. van leidingen in opdracht van de netbeheerder.

  • 4.

    De gemeente acht de netbeheerder of zijn gemachtigde grondroerder aansprakelijk voor de toerekenbare schade aan gemeente-eigendommen die het gevolg is van het (ver)leggen, verwijderen repareren e.d. van leidingen in zijn/haar opdracht. Bij gecombineerde leidingaanleg gaat de gemeente conform het Burgerlijk Wetboek uit van hoofdelijke aansprakelijkheid van de deelhebbende bedrijven jegens de gemeente.

  • 5.

    Het bepaalde in lid 3 en 4 geldt evenzeer indien het (ver)leggen c.q. verwijderen van kabels en leidingen wordt uitgevoerd in opdracht van c.q. op verzoek van de gemeente.

  • 6.

    Leidingen die zijn gelegd in afwijking van aanwijzingen, richtlijnen e.d. van de gemeente dienen op eerste aanzegging door de gemeente door en voor rekening van de betreffende instemminghouder of zijn gemachtigde grondroerder, te worden verlegd naar de door de gemeente aan te geven plaats c.q. hoogte.

9.2. Schade

  • 1.

    Instemminghouder zal de redelijkerwijs mogelijke maatregelen nemen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden tengevolge van het werk schade lijden.

  • 2.

    Schade aan gemeentelijke of andere eigendommen dient te worden vermeden. Mochten toch beschadigingen optreden dan dient instemminghouder deze direct te melden aan de toezichthouder van de afdeling Beheer en Onderhoud en aan de beheerder van het beschadigde eigendom. Hierna geeft instemminghouder zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen 24 uur nadat hem daarvan is gebleken, schriftelijk kennis aan de gemeente.

  • 3.

    Het herstel van de schade vindt plaats in overleg en voor rekening van de veroorzaker. Uitgangspunt bij het herstel van de (voorziene) schade als gevolg van de werkzaamheden is dat de instemminghouder de situatie in oorspronkelijke staat herstelt. Daarop zijn ook de instemmingvoorwaarden en deze uitvoeringsvoorschriften gericht.

  • 4.

    Omdat bij straatwerk al op voorhand bekend is dat er, ook bij goed herstel van de verharding, toch sprake is van een kwaliteitsachteruitgang is de instemminghouder aan de gemeente een vergoeding verschuldigd. De aard van de vergoedingen is aangegeven in de AVOI van de gemeente Gulpen-Wittem.

  • 5.

    Echter, niet alle schades die de gemeente als gevolg van leidingwerkzaamheden lijdt kunnen door de vastgestelde schadetarieven worden gedekt. Dit is het geval bij:

    • -

      schade bij groenwerkzaamheden;

    • -

      schade die ontstaat buiten de sleuf;

    • -

      verborgen gebreken.

  • 6.

    In geval van schade of vervanging aan/van groenvoorzieningen zal de afdeling Beleid en projecten voor herstel c.q. vervanging zorgdragen. De marktconforme kosten hiervan zullen voorafgaand aan het herstel worden geraamd en worden doorbelast aan de instemminghouder.

  • 7.

    Schade aan groenwerkzaamheden is aan de orde in de volgende situaties:

    • -

      werkzaamheden waarbij de overlevingskans van de aanwezige beplanting gering is en dus moet worden vervangen;

    • -

      werkzaamheden waarbij dicht in de buurt van bomen moet worden gewerkt;

    • -

      aantasting (ecologische) kwaliteit groeiplaats.

  • In deze gevallen zullen al vóór het verstrekken van de instemming specifieke afspraken worden vastgelegd.

  • 8.

    De schade aan bomen wordt vastgesteld op basis van:

    • -

      indien mogelijk, de werkelijke kosten van de schade;

    • -

      indien niet mogelijk: Richtlijnen NVTB (Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen) Versie 2010.

  • De gemeente Gulpen-Wittem beslist welke optie van toepassing is.

  • 9.

    Van schade welke ontstaat buiten de sleuf is sprake als ten gevolge van werkzaamheden schade ontstaat buiten de sleuf (aan materialen, lantaarnpalen, verkeerslichten, geparkeerde auto’s, e.d.). Voorzover het gemeentelijke eigendommen betreft zal de gemeente deze schade verhalen op instemminghouder. Afhankelijk van de specifieke situatie kan het wenselijk zijn dat er, voorafgaand aan de werkzaamheden, een gezamenlijke schouw en vastlegging plaatsvindt. Ontstane schades zullen zoveel mogelijk door de toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten worden vastgelegd in een schaderapport en op foto.

  • 10.

    Verborgen gebreken is de definitie voor buitenproportionele verzakking van straatwerk (met opgeleverde en goedgekeurde verdichte sleufaanvulling). Als norm voor “buitenproportioneel” wordt een verzakking aangehouden van meer dan 0,03 m, welke zich binnen één jaar na het eerste herstel voordoet (CROW-norm voor “ernstige schade”).

9.3. Verzekeringen

  • 1.

    Instemminghouder, of zijn gemachtigde grondroerder, dient een Construction All Risk verzekering af te sluiten, welke dekking biedt voor een bedrag van minimaal € 5.000.000,00 tegen:

    • -

      beschadiging, verlies of vernietiging van het werk, waaronder de voor het werk bestemde materialen;

    • -

      het risico van aansprakelijkheid voor schade aan goederen van de gemeente Gulpen-Wittem en derden, en de daaruit voortvloeiende gevolgschade, alsmede voor dood en/ of lichamelijk letsel van personen, veroorzaakt door de uitvoering van het werk.

  • 2.

    De dekking van de bouwverzekering loopt minstens vanaf de dag dat dit werk op het werkterrein een aanvang neemt tot het eind van de onderhoudsperiode.

  • 3.

    De gemeente hanteert een standaard onderhoudstermijn van 12 maanden na schriftelijke acceptatie van het werk de gemeente.

  • 4.

    Onverminderd het in voorgaande artikelen van deze paragraaf bepaalde zullen instemminghouder en haar mede- en onderaannemers voor eigen rekening zorg moeten dragen voor de verzekeringen tegen schade als gevolg van Wettelijke Aansprakelijkheid welke voortvloeit uit het gebruik van aannemersmateriaal bij de uitvoering van het werk.

  • 5.

    Objecten waarvoor een verzekeringsplicht krachtens de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorvoertuigen (WAM) geldt, dienen in overeenstemming met de voorschriften van de WAM, evenals tegen het werkrisico verzekerd te zijn. Alleen door de in de vorige zin bedoelde verzekering gedekte motorrijtuigen mogen voor het werk worden gebruikt.

9.4. Veiligheid

  • 1.

    Alle werkzaamheden moeten worden uitgevoerd met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving ten aanzien van veiligheid en arbeidsomstandigheden. De op dit gebied van kracht zijnde voorschriften moeten op het werk beschikbaar zijn.

  • 2.

    Het personeel dat bij de werkzaamheden is betrokken moet zijn geïnstrueerd met betrekking tot de op de bouwplaats geldende wetten en regels ten aanzien van veiligheid en arbeidsomstandigheden. Leidinggevend personeel van de uitvoerende partij en de instemminghouder moeten erop toezien dat de van toepassing zijnde voorschriften worden nageleefd.

  • 3.

    Het personeel dat bij de werkzaamheden is betrokken moet zijn geïnstrueerd met betrekking tot de op de bouwplaats geldende V&G plan. Leidinggevend personeel van de uitvoerende partij en de instemminghouder moeten erop toezien dat het gestelde in het plan stip worden nageleefd.

  • 4.

    De toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten controleert vanuit de publieke taakstelling van de gemeente of het werk veilig wordt uigevoerd en is bevoegd om, bij onveilige situaties, correctieve maatregelen te af te dwingen.

9.5. Bereikbaarheid belendende gebouwen

  • 1.

    De bereikbaarheid van woningen, openbare gebouwen en dergelijke voor (mindervalide) voetgangers dient te worden gewaarborgd. In dit verband dient rekening gehouden te worden met de toegankelijkheid voor hulpmiddelen zoals rollators en scootmobielen. In overleg met de betrokkenen en de toezichthouder van de afdeling Beleid en projecten Openbare Ruimte moet de bereikbaarheid worden gegarandeerd.

  • 2.

    Indien de beperking van de bereikbaarheid tot gevolg heeft dat de hulpdiensten objecten niet voldoende kunnen naderen of dat de bevoorrading van winkels en bedrijven anders dan normaal moet worden geregeld moet vooraf overleg worden gevoerd met de belanghebbenden en de toezichthouder van de afdeling Beheer en Onderhoud.

  • 3.

    Bij werkzaamheden op of in de nabijheid van eigendommen en installaties van derden moet vooraf overleg plaats vinden over eventueel te nemen specifieke veiligheidsvoorzorgsmaatregelen. Deze maatregelen moeten tevens worden verwerkt in het veiligheidsplan.

9.6. Peilen en hoofdafmetingen

  • 1.

    De gemeente Gulpen-Wittem hanteert voor het leggen van kabels en leidingen een standaard Tracétekening.

    Deze is leidend.

  • 2.

    In geval van aanleg van kabels en leidingen in een nieuwbouwsituatie, waarbij (nog) geen woningen etc aanwezig zijn om als vaste punt voor maatvoering voor K&L tracering en revisie te dienen, zal de afdeling Beheer en Onderhoud, op aanvraag en kosten van de instemminghouder, maatvoering uitvoeren en een aantal maten middels piketpaaltjes en/of krijtmarkeringen borgen. Dit geldt alleen voor gronden die eigendom zijn van de gemeente. Bij graafwerk in particulier eigendom zal grondroerder met betreffende grondeigenaar en/of projectontwikkelaar rechtstreeks afspraken moeten maken, de gemeente is hierin geen partij.

  • 3.

    De aanwijzing door de afdeling Beleid en projecten zal zich in artikel 2 genoemde situatie beperken tot het aangeven van hoofdassen en extra punten in bochten en dergelijke, zodat de bedrijven d.m.v. eenvoudig meetwerk in horizontale en in verticale zin zelfstandig de tracés in detail kunnen uitzetten. De gemeente treedt slechts toetsend c.q. controlerend op. Het tijdstip van aanwijzing dient door instemminghouder tenminste 1 week vooraf aan de afdeling Beheer en Onderhoud, kenbaar gemaakt te worden.

  • 4.

    Het verklikken en het instandhouden van de peilen en hoofdafmetingen vallen onder de verantwoordelijkheid van instemminghouder. De kosten voor het opnieuw aanbrengen c.q. aanwijzen van de door de gemeente aangegeven punten komen voor rekening van instemminghouder.

9.7. Grondwaterstanden

  • 1.

    Afwijkingen of veranderingen in de opgegeven grondwaterstanden geven geen recht op schadevergoeding of enigerlei andere financiële tegemoetkoming.

10. Weesleidingen

 

De omgang met weesleidingen dient te voldoen aan de WIBON bepalingen.

 

Indien bij werkzaamheden weeskabels en/of weesleidingen worden aangetroffen dient te worden gehandeld conform de WIBON en daarnaast is het mogelijk om deze tevens te melden bij de kabel- en leidingencoördinator van de afdeling Beheer en Onderhoud, waarbij deze kan worden verzocht de weeskabel- en/of -leiding te (laten) verwijderen.

In het laatste geval zal de gemeente binnen 2 werkdagen, als mogelijk via het digitaal K&L platform, kenbaar maken of de kabel/leiding (voor kosten van de gemeente) moet worden verwijderd, waarbij de gemeente een veiligheidsknip op weeskabels of een veiligheidsaanboring op weesleidingen zal laten uitvoeren.

 

 

11. Bijlagen

Bijlage 1: Sleufprofiel gemeente Gulpen-Wittem

Bijlage 2: Herstel openbare ruimte - omschrijvingen van verhardingen

 

Inhoudsopgave bijlage 2:

algemene opmerkingen bij de tarieven

omschrijving soort verhardingen

opmerkingen bij omschrijving soort verhardingen

bijbehorende foto’s

 

Tarieven 2019

De tarieven staan aangegeven in bijlage 5.

 

Algemene opmerkingen bij de tarieven

Deze eenheidsprijzen zullen jaarlijks worden verhoogd met het % stijging straatmakersploeg.

De eenheidsprijzen betreffen herstraat- en onderhoudskosten.

De eenheidsprijzen zijn exclusief degeneratie- en beheerkosten.

 

Omschrijving soort verhardingen

1 en 2

Tegels

Betontegels maximale afmetingen 30x30 / 30x15 cm

3 en 4

Klinkers

Klinkers waalformaat beton en gebakken en klinkers beton en gebakken

5

Trottoirband

Trottoirbanden beton en natuursteen en inritblokken per stuk

6

Opsluitband

 

7

Herstel asfalt

 

8

Zaaiklaar maken en inzaaien bermen

 

9

Zaaiklaar maken en inzaaien gazons

 

10

Bestrating type 1

Betontegels > 30x30cm, Artholiettegels, Cobble stones, Clifstone, Rockstone.

11

Bestrating type 2

Padang, Klinkers met configuratie, Belano in figuratie, Boulevard

12

Bestrating type 3

Klein plaveisel, Platines, Keibestrating, Chinese steen, Vietnamese steen.

13

Meerprijs gebonden voegvulling

 

14

Natuursteen incl. fundering en incl.

gebonden voegvulling

 

15

Herstel rood asfalt

 

16

Straatmakersploeg

 

 

Opmerkingen bij omschrijvingen soort verhardingen

1 en 2

Tegels

Te kort of verloren gegane materialen zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

3 en 4

Klinkers

Te kort of verloren gegane materialen zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

5

Trottoirband

Trottoirbanden stellen in beton

Te kort of verloren gegane materialen worden tot 5% door de gemeente bijgeleverd.

Inritblokken worden per stuk verrekend, trottoirbanden per m1

6

Opsluitband

Opsluitband stellen in zand

Te kort of verloren gegane materialen worden zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

Betreft opsluitbanden 6/20 en 10/20, lengte 100 cm.

7

Herstel asfalt < 100 m2

Herstel asfalt > 100 m2

 

Aaneengesloten oppervlakte: Tarief is 70% van < 100 m2

8

Zaaiklaar maken en inzaaien bermen

 

9

Zaaiklaar maken en inzaaien gazons

 

10

Bestrating type 1

Te kort of verloren gegane materialen zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

Tegels dienen machinaal te worden verwerkt i.v.m. Arbo eisen.

11

Bestrating type 2

Te kort of verloren gegane materialen zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

Bij Padang bestrating worden afstandhouders toegepast en wordt de bestrating ingewassen met speciaal voegzand. (zoals Geomix en Rompox)

12

Bestrating type 3

Voor straatwerk gestraat in bogen of waaierveband moet de gehele boog of waaier worden herbestraat.

Te kort of verloren gegane materialen zijn tot 5% inbegrepen in het tarief.

13

Meerprijs gebonden voegvulling

 

14

Natuursteen incl. fundering en incl.

gebonden voegvulling

Vooraf wordt de bestrating door de gemeente ingezaagd op aanwijzing van de instemminghouder of diens gemachtigde (grondroerder)

15

Herstel rood asfalt

 

16

Straatmakersploeg

De onderbouwing van dit tarief is te vinden in de “Grondslagen van de tarieven voor herstel van de schaden aan de verharding in de provincie Limburg 2013”

 

 

 

 

 

Bijlage 3: Gebied waarop breekverbod van toepassing is op donderdagen zaterdagen en zon- en feestdagen

Bijlage 4: Wegen warop een tijdsbeperking van toepassing is

 

Bijlage 5: Tarieven 2019

 

Inhoudsopgave bijlage 5:

Tarieven verhardingen

Tarieven beheer- en degeneratiekosten

Tarieven camerainspectie riolen

Verwijderingsbijdrage bij gesloten netwerken

Tarieven voor de uitgifte van een instemmingsbesluit voor verzoekers die vallen onder het regiem van de Telecom-wet

 

5.1. Tarieven verhardingen

Tarieven zijn opgenomen in de “Grondslagen van de tarieven voor herstel van schade aan verharding en groen voor de telecombedrijven in de gemeente Gulpen-Wittem 2019 G.19.02613 en worden jaarlijks bijgesteld gebaseerd op de uitgangspunten van GPKL/VNG”

 

5.2. Tarieven beheer- en degeneratiekosten

 

5.2.1. Enexis en WML

De tarieven zijn gebaseerd op de werkomvang van Enexis en WML (OGN2011) voor het jaar 2014.

Uitgaande van gemiddelde degeneratiekosten van 4% over klinker-, tegel- en sierbestrating en 11,5% onderhoudskosten over alle sleufbedekkingen zijn de tarieven per electriciteits-, gas- resp. wateraansluiting per jaar:

Enexis : € 0,54 = tarief 2018

WML : € 0,31 = tarief 2018

Hierover is geen BTW verschuldigd.

De percentages zijn gerelateerd aan de uitvoeringskosten.

De tarieven zijn bepaald op basis van het prijspeil 2009 en worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de CBS-loonindex.

Het aantal aansluitingen is gebaseerd op de stand per 1 januari van het betreffende jaar.

 

5.2.2. Telecombedrijven

Het tarief is vastgesteld door de gemeenteraad van Gulpen-Wittem en worden jaarlijks door het college van de gemeente Gulpen-Wittem geïndexeerd.

Voor 2019 is het tarief: € 1,35 / meter sleuf

 

5.2.3. Niet nader genoemde netwerkbedrijven

De tarieven zijn gerelateerd aan de tarieven voor de Telecombedrijven en worden jaarlijks door het college van de gemeente Gulpen-Wittem geïndexeerd.

Het tarief wordt per netwerkbedrijf vastgesteld met behulp van de volgende formule:

sleufbreedte (in cm) / 60 x € 1,35 per meter sleuf.

 

5.3. Tarieven Camerainspectie riolen

 

Het uitvoeren van een camera - rioolinspectie per streng: € 175,-

 

5.4. Tarieven voor de uitgifte van een instemmingsbesluit voor verzoekers die vallen onder het regiem van de Telecomwet

 

De tarieven zijn vastgesteld door de gemeenteraad van Gulpen-Wittem en worden jaarlijks door de gemeente Gulpen-Wittem geïndexeerd.

 

Bijlage 6: Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (Concept)

 

De raad van de gemeente Gulpen-Wittem;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gulpen-Wittem d.d. 15 oktober 2019;

 

gelet op artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht, artikelen 5.2 en 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikelen 149, 154, 156 en 229 van de Gemeentewet;

 

Besluit:

vast te stellen de volgende verordening: “Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2019 gemeente Gulpen-Wittem” (AVOI 2019) welke luidt als volgt:

 

 

Hoofdstuk 1: Inleidende bepalingen

 

Artikel 1 – Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

 

  • a.

    breekverbod

    verbod voor het uitvoeren van breek- en graafwerkzaamheden in de grond;

 

  • b.

    college

    college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gulpen-Wittem;

 

  • c.

    degeneratiekosten

    de vergoeding voor de versnelde degeneratie van het verhardingsoppervlak als gevolg van graafwerkzaamheden;

 

  • d.

    gedoogplichtige

    degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 1, van de Belemmeringenwet Privaatrecht of in artikel 5.2, eerste lid, van de Telecommunicatiewet;

 

  • e.

    grondroerder

    degene, waaronder de netbeheerder, onder wiens verantwoordelijkheid of leiding, graafwerkzaamheden worden verricht;

 

  • f.

    (huis)aansluiting

    het gedeelte van de kabel of leiding door openbare grond dat een netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt ten behoeve van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet Waardering Onroerende Zaken, of met een ander netwerk;

 

  • g.

    instemming, vergunning

    deze woorden worden tekstueel aan elkaar gelijk gesteld. Onder de Telecommunicatiewet is het altijd een instemming vallende onder de gedoogplicht;

 

  • h.

    instemmingbesluit

    schriftelijk besluit van het college op een aanvraag van voorgenomen werkzaamheden voor de aanleg, het houden, het onderhoud, vervangen, verwijderen van één of meer kabels en leidingen, waaronder begrepen een netwerk van kabels en/of leidingen.

 

  • i.

    instemminghouder

    de natuurlijke of rechtspersoon, in de regel een netbeheerder, aan wie de gemeente vergunning of instemming heeft verleend voor het leggen, hebben, houden, onderhouden etc. van kabels en leidingen in gemeentegrond. Een derde partij kan optreden namens de netbeheerder in het instemmingaanvraag proces, mits rechtsgeldig en voldoende door deze gemandateerd;

 

  • j.

    kabels en leidingen

    kabels en/of leidingen als onderdeel van een net(werk), daaronder mede begrepen de daarmee verbonden transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations en andere hulpmiddelen, behoudens voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen liggen binnen de installatie van een producent of van een afnemer, en tevens omvattende lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken; voorbeelden van deze kabels en leidingen zijn kabels als bedoelt in de Telecommunicatiewet, elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen (transport-, distributie- en dienstleidingen), waterleidingen, rioleringen (buizen) en kabels en leidingen ten behoeve van industriële netwerken;

 

  • k.

    marktconforme kosten

    kosten zoals deze onder normale omstandigheden in een markteconomie op de desbetreffende markt worden gemaakt;

 

  • l.

    Moor

    betekenis is: Meldingen Opbrekingen Openbare Ruimte. Dit is een digitaal platform welke door de gemeente Gulpen-Wittem wordt gehanteerd en waarmee de communicatie over kabels en leidingen met de gemeente Gulpen-Wittem dient te worden gevoerd;

 

  • m.

    net of netwerk

    samenstel van ondergrondse kabel(s) en/of leiding(en), bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie via een, al dan niet openbaar, elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1. van de Telecommunicatiewet;

 

  • n.

    netbeheerder

    de rechtspersoon die is aangewezen als beheerder van een net of netwerk voor levering van elektriciteit, gas of water, dan wel aanbieder is van een, al dan niet openbaar, elektronisch communicatienetwerk;

 

  • o.

    niet openbare kabels en/of leidingen

    kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die, direct of indirect, niet gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden;

 

  • p.

    openbare gronden

    openbare ruimte van de gemeente Gulpen-Wittem, waaronder openbare wegen met inbegrip van de daartoe behorende stoepen, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaduc¬ten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere werken. Ook wateren met de daartoe behorende bruggen, plant¬soenen, pleinen en andere plaatsen die voor iedereen toegankelijk zijn, horen hierbij;

 

  • q.

    werken

    een constructie, of werkzaamheden, niet zijnde een gebouw, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;

 

  • r.

    werkzaamheden

    handmatige en mechanische (graaf)werkzaamheden in de openbare grond in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen, en daarnaast alle werkzaamheden die de gemeente Gulpen-Wittem uit hoofde van haar functie als beheerder van openbare grond in het kader van kabels en leidingen dient uit te voeren.

 

Artikel 2 – Toepasselijkheid

  • 1.

    Deze verordening is van toepassing op de procedures en voorschriften voor het aanleggen, instandhouden en opruimen van kabels en leidingen in of op openbare gronden, voor zover de gemeente Gulpen-Wittem deze gronden beheert, in bezit heeft dan wel daarover coördinatieverplichtingen heeft conform de Telecommunicatiewet en de Belemmeringenwet Privaatrecht.

  • 2.

    Voor Enexis en WML staat de inhoud van de van toepassing zijnde OGN2011 in rangorde boven de inhoud van deze verordening. Deze verordening heeft bijgevolg een aanvullende werking op de OGN2011 voor Enexis en WML.

 

Artikel 3 – Nadere regels

Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen.

Deze zijn ondermeer vastgelegd in het Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem, waarnaar deze verordening in diverse bepalingen verwijst; deze verwijzingen worden ook geacht betrekking te hebben op eventuele door het college in de toekomst vast te stellen nieuwe versies van het Handboek Kabels en Leidingen.

 

 

Hoofdstuk 2: Aanvragen en melden van graafwerkzaamheden

 

Artikel 4 – Instemmingvereiste

  • 1.

    Het is verboden zonder of in afwijking van een door het college genomen instemmingbesluit omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden, medegebruik van voorzieningen en de afstemming van voorgenomen werkzaamheden met overige netbeheerders, kabels en/of leidingen in of op openbare gronden aan te leggen, in stand te houden of op te ruimen.

  • 2.

    Voor het verrichten van werkzaamheden van minder ingrijpende aard en voor spoedeisende werkzaamheden (voor definities hiervan, zie Handboek kabels en leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem, onderdeel begripsbepalingen) is geen instemming of vergunning, als bedoeld in het eerste lid, noodzakelijk maar kan worden volstaan met een melding aan het college.

  • 3.

    Het instemmingbesluit vervalt indien daarvan geen gebruik wordt gemaakt binnen 6 maanden na de datum waarop het besluit onherroepelijk is geworden.

 

Artikel 5 – Aanvragen en melden

  • 1.

    Een netbeheerder, of haar gemachtigde hoofdaannemer, die werkzaamheden wil verrichten, vraagt daarvoor een instemmingbesluit aan of doet een melding, als bedoeld in artikel 4, bij het college.

  • 2.

    Een netbeheerder, of haar gemachtigde hoofdaannemer, die werkzaamheden wil verrichten kan hierover vooroverleg voeren met het college ten einde de instemmingaanvraag, als bedoeld in het eerste lid, voor te bereiden.

  • 3.

    Behoudens voor zover artikel 5.5 van de Telecommunicatiewet van toepassing is, wordt, wanneer de werkzaamheden mede betrekking hebben op gronden van een andere gedoogplichtige dan de gemeente Gulpen-Wittem, uiterlijk vier werkweken na ontvangst van de instemmingaanvraag, als genoemd in het eerste lid, het college schriftelijk in kennis gesteld van de uitkomsten van het (voor)overleg tussen de grondroerder en de overige gedoogplichtige(n).

  • 4.

    De melding voor het verrichten van werkzaamheden van minder ingrijpende aard dient 3 werkdagen voor aanvang te worden gedaan.

  • 5.

    De melding voor spoedeisende werkzaamheden dient, indien mogelijk, voorafgaand aan de start van de werkzaamheden te worden gedaan. Indien niet mogelijk dan dient dit op de eerst mogelijke werkdag na optreden te geschieden.

 

Artikel 6 – Gegevensverstrekking

  • 1.

    Voor het aanvragen van een instemmingbesluit, als bedoeld in artikel 4, dient gebruik te worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde digitale platform Moor.

  • 2.

    Bij een aanvraag voor een instemmingbesluit, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, dienen de volgende gegevens te worden verstrekt:

    • a.

      eenmalig het vigerende uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel van de netbeheerder;

    • b.

      een machtiging indien het een instemmingaanvraag betreft voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels of leidingen voor of namens een netbeheerder;

    • c.

      naam, adres en woonplaatsgegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de kabels en/of leidingen en van de (onder)aannemer, evenals de naam en telefoonnummer van de uitvoerder, zijnde een Nederlands sprekende contactpersoon voor de werkzaamheden;

    • d.

      een opgave van het aantal, de soort en het beoogde gebruik van de kabels en/of leidingen;

    • e.

      welke belanghebbenden en instanties vooraf in kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van aanvang, beëindiging en aard van de werkzaamheden;

    • f.

      een uitvoeringsplan met daarin opgenomen:

      • -

        een opgave van het gewenste tracé;

      • -

        een opgave van de objecten die ten tijde van de werkzaamheden worden geplaatst, van permanente als tijdelijke aard, evenals van de situering daarvan;

      • -

        een opgave of er een riool, niet zijnde een huisaansluiting, wordt gekruist middels een persing of (gestuurde) boring;

      • -

        de, ten behoeve van het werk, te nemen verkeersmaatregelen;

      • -

        de te nemen maatregelen in verband met bereikbaarheid van panden en bedrijven;

      • -

        de informatievoorziening naar en afstemming met betrokken partijen zoals bewoners, bedrijven, hulpdiensten en openbaar vervoerbedrijven;

      • -

        faseringen van de werkzaamheden;

      • -

        het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden.

  • 3.

    Indien de werkzaamheden betrekking hebben op kabels en leidingen van elektronische communicatienetwerken dient, aanvullend op het tweede lid, bij de instemmingaanvraag tevens (eenmalig) een kopie van de door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) afgegeven registratie te worden verstrekt.

  • 4.

    Bij een melding, als bedoeld in artikel 4, tweede lid, dienen de volgende gegevens te worden verstrekt:

    • a.

      een machtiging indien het een melding betreft voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels of leidingen voor of namens een netbeheerder;

    • b.

      naam, adres en woonplaatsgegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de kabels en/of leidingen, naam en adres van de aannemer(s) en onderaannemer(s) die belast zijn met de werkzaamheden, evenals de naam en telefoonnummer van de uitvoerder, zijnde een Nederlands sprekende contactpersoon voor de werkzaamheden;

    • c.

      de dagtekening van de melding;

    • d.

      de lengte van de sleuf die wordt opengebroken;

    • e.

      het oppervlak van het lasgat dat wordt opengebroken.

  • 5.

    Het college kan nadere regels stellen betreffende de te verstrekken gegevens evenals over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt.

 

Artikel 7 – Termijnen

  • 1.

    Een beslissing op een aanvraag voor een instemmingbesluit wordt genomen uiterlijk 2 werkweken na de dag van ontvangst van de volledige instemmingaanvraag. Betreft het een instemmingaanvraag waarbij meerdere gedoogplichtigen zijn betrokken dan beslist het college binnen acht werkweken na de dag van ontvangst van een volledig ingevulde instemmingaanvraag.

  • 2.

    Een beoordeling, of een aanvraag voor een instemmingbesluit volledig is, wordt genomen uiterlijk 5 werkdagen na de dag van ontvangst van de instemmingaanvraag.

  • 3.

    Een beslissing, op een melding van een definitieve aanvangsdatum werkzaamheden en voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard, wordt genomen uiterlijk 1 werkdag na de dag van ontvangst van de melding.

  • 4.

    De termijnen, zoals bedoeld in het eerste lid, kunnen ten hoogste tot acht werkweken worden verdaagd.

  • 5.

    Indien van de bevoegdheid tot verdaging gebruik wordt gemaakt, doet het college daarvan vóór afloop van de termijnen zoals genoemd in het eerste lid, een schriftelijke bevestiging met motivering toekomen aan de grondroerder.

  • 6.

    Na het besluit voor instemming dienen de werkzaamheden, waarvoor het instemmingbesluit is genomen, binnen 6 maanden in uitvoering te worden genomen. Als deze termijn is verstreken en de werkzaamheden zijn niet opgestart, is het instemmingbesluit op dat moment vervallen.

 

Artikel 8 – Voorschriften en beperkingen

  • 1.

    Het college kan aan het instemmingbesluit nadere voorschriften of beperkingen verbinden in het belang van:

    • a.

      de openbare orde;

    • b.

      veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het verkeer;

    • c.

      het voorkomen of beperken van schade of overlast; waaronder mede verstaan wordt de bescherming van eventuele archeologische vondsten, van groenvoorzieningen, bomen en beplantingen en van het uiterlijke aanzien van de omgeving;

    • d.

      de bereikbaarheid van gronden of gebouwen; waaronder mede verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare gronden en gebouwen en het doelmatig beheer en onderhoud ervan en het belang van nader aan te geven grote lokale evenementen als weekmarkten en kermissen;

    • e.

      de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt het zo min mogelijk hinder veroorzaken voor reeds in de grond aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder mede verstaan worden werken ten behoeve van de riolering en de levering of het transport van elektronische informatie, gas, water en elektriciteit.

  • 2.

    De voorschriften of beperkingen, zoals genoemd in het eerste lid, kunnen slechts betrekking hebben op:

    • a.

      het tijdstip, de plaats en wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen;

    • b.

      het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en geleidingen, die door derden of de gemeente Gulpen-Wittem tegen marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld;

    • c.

      afstemming met betrekking tot overige in de grond aanwezige werken;

    • d.

      kasten en andere toebehoren behorende bij het netwerk.

  • 3.

    De grondroerder dient omwonenden ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden voor de start van de werkzaamheden schriftelijk te informeren over aanvang, duur, aard en plaats van de werkzaamheden:

    • a.

      voor werkzaamheden waarvoor een instemmingsbesluit is vereist: minimaal drie (3) werkdagen én,

    • b.

      voor werkzaamheden waarvoor een melding is vereist: minimaal één (1) werkdag.

  • 4.

    De grondroerder vergoedt aan de gemeente Gulpen-Wittem de schade voortvloeiend uit de werkzaamheden, waarbij de omvang beperkt is tot vergoeding van de marktconforme kosten van de voorzieningen en van de marktconforme kosten van onderhoud.

  • 5.

    Conform het bepaalde in de Telecommunicatiewet, worden voor de uitgifte van instemmingbesluiten marktconforme tarieven in rekening gebracht aan die verzoekers die vallen onder het regiem van de Telecommunicatiewet. Deze marktconforme kosten, ten behoeve van de uitgifte van een instemmingsbesluit, zijn aangegeven in het Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem.

  • 6.

    De gemeente beslist omtrent het herstraten. De grondroerder vergoedt aan de gemeente de schade voortvloeiend uit de werkzaamheden, zijnde de marktconforme kosten van de voorzieningen en van extra onderhoud. Voor de hoogte van de schadevergoeding aan bestrating hanteert de gemeente de OGN VNG Tarieven (graaf)werkzaamheden, waarbij herstel wordt uitgevoerd door de grondroerder conform de bepalingen in het Handboek, en waarbij de grondroerder gedurende 12 maanden het onderhoud verzorgt, en waarvoor als vergoedingen degeneratiekosten, beheerkosten en legeskosten in rekening worden gebracht. Na het eerste jaar neemt, middels een opleveringsopname, de gemeente het onderhoud over. Aan herstel van bijzondere bestrating kan het college nadere voorwaarden stellen. De tarieven zijn aangegeven in het Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem.

  • 8.

    Indien binnen één jaar na groot onderhoud of herinrichting van openbare gronden een grondroerder werkzaamheden moet uitvoeren, verlangt het college specifiek schadeherstel ten einde de situatie terug te brengen in de “oude staat”. De hiermee gepaard gaande marktconforme kosten zijn voor rekening van de grondroerder.

  • 9.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een instemmingbesluit door een aanvrager, die opereert onder het regiem van de Telecommunicatiewet, zijn leges verschuldigd conform de Legesverordening van de gemeente Gulpen-Wittem.

 

Artikel 9 – (Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg

  • 1.

    Een grondroerder dient op verzoek van het college bij de aanleg van kabels en leidingen in openbare gronden zoveel mogelijk (mede)gebruik te maken van bestaande, hetzij door overige netbeheerders dan wel door of in opdracht van het college aangelegde, voorzieningen. Indien dit technisch haalbaar is en medegebruik geen belemmering vormt voor de veiligheid, toegankelijkheid en leveringszekerheid.

  • 2.

    Het vooroverleg als bedoeld in artikel 5, tweede lid, dan wel een door het college geïnitieerd overleg naar aanleiding van een instemmingaanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, is er mede op gericht te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste lid.

  • 3.

    Indien een grondroerder een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken van vooraangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten, of kabel- en leidingentunnels, is de grondroerder verplicht om voor de aanleg of uitbreiding van zijn netwerk van deze voorzieningen gebruik te maken.

  • 4.

    Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe kabels en leidingen, dient de grondroerder, in overleg met de gemeente Gulpen-Wittem, een alternatief tracé te kiezen.

 

 

Hoofdstuk 3: Overige bepalingen

 

Artikel 10 – Verleggingen

  • 1.

    Op het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, waaronder het verplaatsen, op verzoek van de gemeente zijn de wettelijke regels van de Telecommunicatiewet van toepassing.

  • 2.

    Op het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en/of leidingen die ten dienste staan van een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen, niet zijnde de kabels volgens artikel 10 sub 1, in of op openbare gronden, waaronder het verplaatsen, gelden de volgende bepalingen, tenzij en voor zover daarover andersluidende afspraken zijn overeengekomen tussen partijen:

    • a.

      de netbeheerder is verplicht op aanwijzing van de gemeente over te gaan tot het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en leidingen ten dienste van zijn netwerk, waaronder het verplaatsen, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken door of vanwege de gemeente;

    • b.

      compensatie kan worden verleend:

      • x.

        op basis van afzonderlijke schriftelijke overeenkomsten tussen netbeheerders en het college van B&W van de gemeente Gulpen-Wittem. Als deze niet zijn gemaakt dan:

      • y.

        conform de door het college eventueel nog vast te stellen van de verlegregeling.

    • c.

      Na een aanwijzing tot het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en leidingen gaat de netbeheerder zo snel mogelijk over tot de uitvoering, doch niet later dan vijftien (15) werkweken na de datum van ontvangst van de aanwijzing.

 

Artikel 11 – Breekverbod

  • 1.

    Als er sprake is van extreme weersomstandigheden is het college bevoegd een breekverbod in te stellen. De vaststelling dat er sprake is van extreme weersomstandigheden is een bevoegdheid van het college.

  • 2.

    Tijdig of in ieder geval één dag voor beëindiging van het breekverbod, zal het college de betrokken grondroerders hierover informeren.

  • 3.

    Indien er sprake is van een breekverbod is het verboden breek- en graafwerkzaamheden uit te voeren in de openbare grond en/of bestrating.

  • 4.

    Het breekverbod is niet van toepassing in geval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing en waarvan uitstel niet mogelijk is.

 

Artikel 12 – Eigendom

  • 1.

    Indien de eigendom, exploitatie of beheer van de kabel of leiding wordt overgedragen aan een andere netbeheerder, draagt de oude netbeheerder zorg voor het overdragen van de rechten en plichten die betrekking hebben op de kabel of leiding op de nieuwe netbeheerder.

  • 2.

    De netbeheerder stelt het college onverwijld in kennis van het feit dat het eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel of leiding verandert.

  • 3.

    Op het eigendom van de kabels en leidingen zijn de desbetreffende wettelijke bepalingen van toepassing.

 

Artikel 13 – Niet-openbare kabels en leidingen

  • 1.

    Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van niet-openbare kabels en leidingen in openbare wegen en wateren is het bepaalde in deze verordening van overeenkomstige toepassing.

  • 2.

    Het opnemen van het eerste lid in deze verordening houdt geen gedoogplicht in voor de gemeente Gulpen-Wittem met betrekking tot niet-openbare kabels en leidingen.

  • 3.

    Met betrekking tot verzoeken voor het verleggen van niet-openbare kabels geldt dat deze op verzoek van de gemeente, op kosten van de eigenaar van de kabels, uitgevoerd dienen te worden mits de noodzaak wordt aangetoond.

  • 4.

    In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kunnen burgemeester en wethouders op een aanvraag een instemmingbesluit verlenen voor de aanleg van een ander netwerk dan een openbaar telecommunicatiewerk of een omroepnetwerk, indien krachtens een door de aanvrager bij de aanvraag over te leggen overeenkomst tussen de aanvrager en aanbieder:

    • a.

      het netwerk wordt aangelegd en onderhouden door een aanbieder;

    • b.

      de leidingen op de beheertekeningen van deze aanbieder worden/zijn geregistreerd.

  • 5.

    Indien de overeenkomst/instemming/vergunning waarin de ligging van het netwerk is vastgelegd wordt beëindigd, kan het netwerk door of van wegen de gemeente worden verwijderd. Met het oog hierop betaalt de aanvrager bij de instemmingaanvraag een verwijderingsbijdrage aan de gemeente overeenkomstig een marktconform tarief.

  • 6.

    Het overige in deze verordening bepaalde is van overeenkomstige toepassing op netwerken die met toepassing van het derde lid worden aangelegd.

 

Artikel 14 – Digitale gegevens

Het college verlangt dat het aanvragen van een instemmingbesluit en het verstrekken van gegevens in digitale vorm geschiedt in het digitale platform Moor.

 

Artikel 15 – Overleg

  • 1.

    Het college organiseert periodiek een overleg, waarvoor in elk geval de bij de gemeente Gulpen-Wittem bekende netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen worden uitgenodigd.

  • 2.

    In dit overleg worden de plannen van de gemeente Gulpen-Wittem en van de diverse netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen besproken en eventueel afgestemd in het kader van de bepalingen van deze verordening.

 

 

Hoofdstuk 4: Handhavings- en toezichtbepalingen

 

Artikel 16 – Toezicht en handhaving door ambtenaren

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college aangewezen ambtenaren.

 

Artikel 17 – Naleving voorschriften

  • 1.

    Indien een grondroerder zich niet houdt aan de voorschriften en beperkingen uit het instemmingbesluit, kan het college het instemmingbesluit intrekken.

  • 2.

    Wanneer het college een besluit neemt op grond van het eerste lid, kan het college verlangen dat de oorspronkelijke situatie wordt hersteld op grond van een besluit inhoudende een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang.

 

Artikel 18 – Handhaving en sancties

  • 1.

    Het college is bevoegd de werkzaamheden stil te leggen, indien er wordt gewerkt:

    • a.

      zonder voorafgaand instemmingbesluit of melding, als bedoeld in artikel 5 van deze verordening;

    • b.

      in afwijking van de voorschriften uit het instemmingbesluit;

    • c.

      in strijd met het geldende breekverbod.

  • 2.

    Het college is bevoegd sancties op te leggen indien werkzaamheden worden verricht zonder instemmingbesluit:

    • a.

      bij de eerste overtreding volgt een waarschuwing aan het desbetreffende netwerkbedrijf en de uitvoerend grondroerder;

    • b.

      bij de tweede overtreding wordt de desbetreffende uitvoerende grondroerder voor een periode van 1 maand na constatering niet geaccepteerd om als gemachtigde namens de netbeheerder werkzaamheden in de openbare ruimte van de gemeente Gulpen-Wittem uit te voeren;

    • c.

      bij de derde overtreding is de periode , zoals bedoeld onder sub b., 3 maanden en bij de vierde overtreding en alle overtredingen daarna: 6 maanden.

 

 

Hoofdstuk 5: Overgangs- en slotbepalingen

 

Artikel 19 – Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

  • 2.

    Op de datum van inwerkingtreding van de in het eerste lid genoemde verordening wordt de huidige Telecommunicatieverordening gemeente Gulpen-Wittem (vastgesteld 2 april 2009) ingetrokken.

 

Artikel 20 – Overgangsbepalingen

De aanwezigheid van kabels en/of leidingen in of op openbare gronden, voor zover deze zijn aangelegd met toepassing van de Telecommunicatieverordening gemeente Gulpen-Wittem en/of op basis van andere aantoonbare en gelegaliseerde afspraken, zoals die hebben gegolden tot de inwerkingtreding van deze verordening, worden met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening eveneens beheerst door de regels van deze verordening.

 

Artikel 21 – Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2019 gemeente Gulpen-Wittem”.

 

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Gulpen-Wittem in zijn openbare vergadering van xx xxxxxxxxxxx

 

 

Bijlage 7: Toelichting Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI)

 

Hoofdstuk 1: Inleidende bepalingen

 

Artikel 1 Begripsbepalingen

 

College:

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gulpen-Wittem. Het college is bevoegd de taken voortvloeiende uit de verordening af te handelen, waarbij deze voor wat betreft de uitvoering naar wens en behoefte uit praktische overweging deels gemandateerd kunnen worden aan één of meer daartoe aangewezen ambtenaren.

 

Net of netwerk:

De definitie is afgeleid van de omschrijving zoals die gehanteerd wordt in de Wet Informatie- uitwisseling Boven en Ondergrondse Netten (WIBON). De omschrijving maakt met name duidelijk dat het om ondergrondse netten gaat, en dan zowel de distributie- en transportnetten voor energie (gas, water, elektriciteit, riool) als de elektronische communicatienetwerken (zoals specifiek geregeld in en krachtens de Telecommunicatiewet).

In de tekst wordt geen inhoudelijk onderscheid gemaakt tussen de termen net en netwerk.

 

Kabels en leidingen:

De AVOI ziet enerzijds op netwerken bestaande uit fysieke kabels en/of leidingen inclusief ondergrondse ondersteuningswerken (zoals mantelbuizen, kabelgoten, handholes, lasdozen, duikers), beschermingswerken, signaalinrichtingen (zoals optische en elektrische versterkers en kasten) en dergelijke en anderzijds op componenten voor het verbinden van kabels en leidingen in de openbare grond met die in de gebouwen. Inhoudelijk en procedureel is geen onderscheid gemaakt in de begrippen kabels en leidingen.

 

Netbeheerder, grondroerder:

Het begrip netbeheerder wordt gehanteerd als uniforme term voor enerzijds de beheerders van de netten voor de levering van energie en anderzijds de aanbieders van (niet-)openbare elektronische communicatienetwerken.

Veelal zal de netbeheerder in het geval van voorgenomen graafwerkzaamheden de rol van opdrachtgever op zich nemen. In aansluiting bij de recente wet- en regelgeving op het gebied

van graafrechten wordt de opdrachtgever meer dan voorheen medeverantwoordelijk gehouden voor een juiste uitvoering en naleving van de rechten en verplichtingen met betrekking tot graafwerkzaamheden.

De grondroerder is de partij die daadwerkelijk de graafwerkzaamheden verricht of laat verrichten. Dit zal veelal een aannemer of installateur zijn, maar kan ook een interne afdeling van een netbeheerder betreffen als die dergelijke werkzaamheden zelf uitvoeren. Indien een grondroerder namens een netbeheerder optreedt, wordt nu expliciet naar een machtiging gevraagd, dit ter wille van rechtszekerheid en rechtsgeldigheid. Ook kan de grondroerder een partij zijn die voor eigen naam en rekening netwerken aanlegt, maar niet zelf exploiteert en het netwerk of netwerkcapaciteit daarna verhuurt of verkoopt. De grondroerder is verplicht om over een instemmingsbesluit te beschikken voor aanvang van de werkzaamheden.

De grondroerder is gehouden een melding van de voorgenomen graafwerkzaamheden te verzorgen richting het college en eventuele overige betrokken partijen.

 

Gedoogplichtige:

De gemeentelijke betrokkenheid is vooral gericht op haar rol als beheerder van de openbare gronden. Hiertoe worden conform wettelijke omschrijving gerekend de openbare wegen inclusief trottoirs/voetpaden, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten, duikers, tunnels, beschoeiingen en andere werken, alsmede wateren inclusief bruggen, plantsoenen en pleinen, die voor ieder toegankelijk zijn. In deze hoedanigheid is de gemeente Gulpen-Wittem voor wat betreft de elektronische openbare communicatienetwerken gedoogplichtige althans voor zover van toepassing conform de Telecommunicatiewet. Het begrip gedoogplichtige slaat tevens op andere partijen die krachtens de Telecommunicatiewet gedoogplichtig zijn en op partijen en rechtspersonen die krachtens de Belemmeringenwet Privaatrecht gedoogplichtig zijn. Gedoogplichtigen moeten de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen toestaan in en op hun gronden.

 

Werkzaamheden:

Hoewel gezien de consequenties ervan de regelingen van de AVOI met name betrekking hebben op mechanische werkzaamheden, vallen handmatige werkzaamheden er ook onder. Voor zover die beperkt van karakter zijn, zullen ze overigens veelal betrekking hebben op de separaat onderscheiden categorieën spoedeisende werkzaamheden of minder ingrijpende werkzaamheden. Tot de werkzaamheden die deze AVOI betreffen behoren eveneens de werkzaamheden in verband met het medegebruik van voorzieningen, zoals dat van kabelgoten of geleidingen. Vanuit de te behartigen belangen kan het nastreven of voorschrijven van medegebruik door het college gestimuleerd worden.

 

Instemmingsbesluit:

Werkzaamheden als bedoeld in deze verordening dienen steeds (in principe) vooraf gemeld te worden, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen reguliere (graaf)werkzaamheden, werkzaamheden van minder ingrijpende aard en spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing. Voor de reguliere (graaf)werkzaamheden en werkzaamheden van minder ingrijpende aard geldt dat pas gestart mag worden met die werkzaamheden als op basis van een aanvraag een instemmingsbesluit is verleend.

 

Breekverbod:

In de verordening zijn bepalingen over het breekverbod opgenomen die het college de bevoegdheid geven een verbod op te leggen tot uitvoering van breekwerkzaamheden bij extreme weersomstandigheden. Dit ter voorkoming van schade door deze werkzaamheden. Het verbod wordt opgelegd naar oordeel van het college.

 

Artikel 2 - Toepasselijkheid

Met de vaststelling van de AVOI wordt tegelijkertijd op grond van artikel 19 besloten tot intrekking van de bestaande Telecommunicatieverordening (vastgesteld 2-04-2009). Door vaststelling van de AVOI zullen tegelijkertijd de volgende besluiten worden gepubliceerd met eenzelfde datum van inwerkingtreding:

  • 1.

    raadsbesluit tot vaststelling van de “Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2019 gemeente Gulpen-Wittem” (via artikel 19 besluit de raad dan tevens tot intrekking van de bestaande “Telecommunicatieverordening”);

  • 2.

    Collegebesluit tot vaststelling van het “Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem”;

 

Deze AVOI geeft invulling aan de wettelijke verplichting voor de gemeente Gulpen-Wittem om een Telecommunicatieverordening op te stellen.

Vooralsnog is niet voorzien in een algemene wettelijke grondslag voor een vergelijkbare regeling voor de energienetten. Daarom wordt vooruitlopend op mogelijke toekomstige nationale basisregelgeving hiermee voorzien in uniforme, lokale afspraken met daarbij een zo gelijk mogelijke behandeling van beheerders/aanbieders van deze infrastructuren. Dit vereist wel afstemming met de (al dan niet) contractuele afspraken tussen de gemeente Gulpen-Wittem en de beheerders van de energienetten.

De feitelijke situatie is zo dat de fysieke ondergrond vol raakt met een veelheid aan kabels en leidingen en dit noodzaakt tot betere afstemming van werkzaamheden en belangen.

 

De gemeente Gulpen-Wittem heeft contractuele afspraken met de netwerkbedrijven Enexis en WML. Deze contractuele afspraken zijn vastgelegd in de OGN 2011.

Voor Enexis en WML staat de inhoud van de van toepassing zijnde OGN2011 in rangorde boven de inhoud van deze verordening.

Deze verordening heeft bijgevolg een aanvullende werking op de OGN2011 voor Enexis en WML.

 

 

De volgende artikelen bevatten aanvullingen op de OGN2011 en de overeenkomst van levering en afname van gas tussen NGU en de gemeente Gulpen-Wittem dd 11 november 1988 en de vergunning voor het leggen van gasleidingen d.d. 8 februari 1968:

artikel 4 – instemmingsvereiste;

artikel 5 – aanvragen en melden;

artikel 6 – gegevensverstrekking;

artikel 7 – termijnen;

artikel 8 – voorschriften en beperkingen;

artikel 11 – breekverbod;

artikel 14 – informatieplicht

artikel 15 – digitale gegevens

artikel 18 – naleving voorschriften

artikel 19 – bevoegdheid college

 

Artikel 3 - Nadere regels

Het college krijgt de mogelijkheid toegekend door de raad om in voorkomende gevallen nadere regels ter uitvoering van deze verordening vast te stellen. Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op: de wijze van uitvoering bij de aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen, het medegebruik van voorzieningen en het opstellen van voorschriften op het gebied van markering, afzetting en het toepassen van proefsleuven.

Het college heeft al nadere regels vastgelegd in het “Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem”. Verwijzingen in deze verordening naar handboek worden ook geacht betrekking te hebben op eventuele door het college in de toekomst vast te stellen nieuwe versies van deze regelingen.

 

 

Hoofdstuk 2: Aanvragen en melden van graafwerkzaamheden

 

Artikel 4 - Instemmingsvereiste

Het in de Telecommunicatiewet wettelijk vastgelegde principe van graafrechten in relatie tot de vereiste instemming van het college is vertaald naar de AVOI in dit artikel en wordt toegepast op alle werkzaamheden. Conform het wettelijk bepaalde geldt dat die instemming betrekking heeft op de plaats, het tijdstip en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden.

 

Het reguleringsonderscheid tussen reguliere werkzaamheden en werkzaamheden van minder ingrijpende aard wordt duidelijk indien dit artikel wordt gelezen in samenhang met het “Handboek Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem”. Tot de minder ingrijpende werkzaamheden behoren werkzaamheden waarvoor slechts gedurende relatief korte tijd in een beperkt gedeelte van het netwerk werkzaamheden worden verricht, en waarvan de impact voor de omgeving relatief beperkt en kortstondig is. Er wordt als norm een lengte van de kabels en leidingen korter of gelijk aan 25 meter gehanteerd.

 

Artikel 5 - Aanvragen en melden

De voorgenomen werkzaamheden moeten via een aanvraag of melding aan het college worden kenbaar gemaakt. Dat kan bij het college van burgemeester en wethouders of bij de daarvoor gemandateerde ambtenaren. Voor spoedeisende werkzaamheden en storingen wordt een uitzondering gemaakt. Deze dienen voor aanvang van de werkzaamheden gemeld te worden. De uitzonderingsbepaling voor spoedeisende werkzaamheden geldt echter niet als werkzaamheden dienen te worden verricht in door het college aan te wijzen gebieden.

 

In dit artikel wordt beschreven dat de voorgenomen (graaf)werkzaamheden ook betrekking kunnen hebben op gronden van andere gedoogplichtigen. Dit kunnen andere instanties of rechtspersonen zijn. Ook kan de situatie aan de orde zijn dat er naast het instemmingsbesluit ook nog andere vergunningen aangevraagd moeten worden voor aanvang van de werkzaamheden. De grondroerder is allereerst zelf verantwoordelijk voor afstemming en overeenstemming tussen al deze partijen.

Echter als de grondroerder dat verzoekt kan de gemeente Gulpen-Wittem inhoudelijke afstemming van de beoordeling van de aanvragen bij andere bestuursorganen nastreven. De grondroerder blijft zelf verantwoordelijk voor de afstemming met private partijen. De grondroerder doet een terugkoppeling aan het college over de uitkomst van het overleg dat is gevoerd met alle betrokken gedoogplichtigen.

 

Artikel 6 - Gegevensverstrekking

In dit artikel is verduidelijkt op welke wijze een aanvraag dient te worden gedaan en welke gegevens daarbij verstrekt moeten worden. Het betreft informatie die de gemeente Gulpen-Wittem als beheerder van de openbare gronden nodig heeft om een juiste beoordeling te maken en inzicht te krijgen in de belangen die door de voorgenomen werkzaamheden worden geraakt. Duidelijk is ook gemaakt dat instemming steeds op aanvraag van de verzoekende partij zal plaatsvinden en niet op eigen initiatief van de gemeente Gulpen-Wittem.

 

De aanvraag dient te geschieden door middel van de door het college vastgestelde formulieren. Voor aanvragen voor minder ingrijpende werkzaamheden moeten slechts een beperkt aantal gegevens verstrekt worden. Voor reguliere aanvragen moeten meer gegevens verstrekt worden.

Het vereiste dat een aanvraag aangetekend verstuurd moet worden is niet als uniforme eis opgenomen in de AVOI. De verzending is voor risico van de grondroerder. Het kan in het belang van de verzoekende partij zijn om via aangetekende verzending duidelijkheid te hebben over datum en tijd van de verzending.

 

Artikel 7 - Termijnen

De beslistermijn van het college is maximaal acht weken en is afgeleid uit de Algemene Wet Bestuursrecht. Op grond van de AWB is een gemeente verplicht binnen een redelijke termijn een besluit te nemen, waarbij die redelijke termijn geacht te zijn verstreken na verloop van acht weken. In navolging van de Wet Dwangsom en Beroep moet een gemeente zich bewust zijn van het belang van de voortgang van de activiteiten en zich inspannen om de termijn tot besluitvorming zo kort mogelijk te houden. Dit geldt met name voor aanvragen voor minder ingrijpende werkzaamheden. Het college kan onder bepaalde voorwaarden de termijn tot besluitvorming verlengen.

 

Artikel 8 - Voorschriften en beperkingen

Grondroerders moeten aan een aantal verplichtingen voldoen indien zij werkzaamheden gaan verrichten als bedoeld in de AVOI. Daarnaast kan het college aan het instemmingsbesluit aanvullende voorschriften of beperkingen verbinden. Omwille van de uniformiteit is in de verordening geregeld onder welke voorwaarden dit kan en welke soort voorschriften en beperkingen dit zijn. De voorschriften hebben vooral te maken met de wijze van uitvoering en zijn gericht op de (deels wettelijk vastgelegde) belangen die de gemeente Gulpen-Wittem geacht wordt te behartigen.

Dit artikel omschrijft ook dat toegebrachte schade vergoedt moet worden en op basis waarvan de hoogte van deze vergoeding berekend wordt. Uitgangspunt hierbij is dat de vergoeding beperkt is tot de marktconforme kosten. De grondroerder moet eventuele verhardingen en beplanting terugbrengen in de oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hiervoor zelf zorg te dragen. Dit naar keuze van het college.

 

Ook is geregeld dat als er binnen één jaar na uitvoering van groot onderhoud werkzaamheden uitgevoerd moeten worden speciale eisen gesteld kunnen worden met betrekking tot schadeherstel. Dit geldt ook voor gebieden waar bijzondere bestrating is toegepast. Dit naar oordeel van het college.

 

Artikel 9 - (Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg

Dit artikel beschrijft dat een grondroerder op verzoek van een gedoogplichtige verplicht is gebruik te maken van reeds aanwezige voorzieningen indien deze tegen een marktconforme prijs worden aangeboden. Het doel hiervan is te voorkomen dat onnodig gegraven wordt in gemeentegrond. De verplichting tot medegebruik wordt opgenomen in het instemmingsbesluit.

 

 

Hoofdstuk 3: Overige bepalingen

 

Artikel 10 - Verleggingen

Op het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en/of leidingen ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, waaronder het verplaatsen, op verzoek van de gemeente zijn de wettelijke regels van de Telecommunicatiewet van toepassing.

 

Op het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en/of leidingen die ten dienste staan van een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen in of op openbare gronden, waaronder het verplaatsen, gelden de in lid 2 geformuleerde bepalingen, tenzij en voor zover daarover andersluidende afspraken zijn overeengekomen tussen partijen.

Lid 2 B, sub y vormt de wettelijke basis voor het college van burgemeester en wethouders om nadere regels vast te stellen met betrekking tot het thema “verleggingen” en verwijst naar de door het college vastgestelde “Verlegregeling Kabels en Leidingen 2019 gemeente Gulpen-Wittem”.

 

Artikel 11 - Breekverbod

Het college is bevoegd een breekverbod in te stellen als er sprake is van extreme weersomstandigheden. Dit naar oordeel van het college. Een afweging die gemaakt wordt is de kans op de omvang van schade aan de openbare gronden als er gegraven wordt. Het breekverbod wordt op de dag dat het breekverbod geldt gecommuniceerd naar de betrokken grondroerders. In ieder geval één dag voor het beëindigen van het breekverbod wordt dit medegedeeld aan de betrokken grondroerders. Ten tijde van het breekverbod mogen er op geen enkele wijze breek- en/of graafwerkzaamheden plaatsvinden in de grond en/of bestrating. In het geval van spoedeisende werkzaamheden is het breekverbod niet van toepassing. Overtreding van het breekverbod leidt tot stillegging van het werk.

 

Artikel 12 - Eigendom

Het zakelijk karakter van de verkregen instemming is gewenst opdat ook een nieuwe netbeheerder, die gebruik maakt van de kabel en/of leiding de betreffende graafrechten heeft, maar ook gehouden is aan de geldende voorschriften. Het college moet op de hoogte gesteld worden van het feit dat het eigendom wordt overgedragen. De wettelijke bepalingen zijn van toepassing op het eigendom van kabelnetwerken in grond van anderen.

 

Artikel 13 - Niet-openbare kabels en leidingen

Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van niet-openbare kabels en leidingen in openbare wegen en wateren is het bepaalde in de AVOI in beginsel van overeenkomstige toepassing zoals beschreven in dit artikel.

 

Artikel 14 - Digitale gegevens

Het college wenst dat aanvragen voor een instemmingsbesluit en aan te leveren gegevens op digitale wijze verstrekt worden. De gemeente Gulpen-Wittem maakt momenteel gebruik van het digitale systeem Moor.

 

Artikel 15 – Overleg

Ter afstemming van allerlei zaken wordt een periodiek overleg gepland tussen de gemeente Gulpen-Wittem en netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen. Dit op initiatief van de gemeente Gulpen-Wittem. Dit kan ook in samenwerking met andere gemeenten gebeuren.

 

 

Hoofdstuk 4: Handhavings- en toezichtbepalingen

 

Artikel 16 - Toezicht en handhaving door ambtenaren

Dit artikel geeft aan dat het college ambtenaren kan aanwijzen die belast zijn met toezicht op de naleving van het bepaalde krachtens deze AVOI.

 

Artikel 17 - Naleving voorschriften

Geen nadere toelichting.

 

Artikel 18 – Handhaving en sancties

Afgezien van voornoemde preventieve en vooral correctieve of repressieve acties kan het college in voorkomende gevallen ook ingrijpen in het lopende proces en werkzaamheden (onder bepaalde voorwaarden) ook tijdelijk stil leggen. In dit artikel staat beschreven in welke gevallen dit kan.

 

 

Hoofdstuk 5: Overgangs- en slotbepalingen

 

Artikel 19 - Inwerkingtreding

Zie de toelichting op artikel 2- Toepasselijkheid.

 

Artikel 20 - Overgangsbepalingen

Geen nadere toelichting.

 

Artikel 21 - Citeertitel

Geen nadere toelichting.