Uitvoeringsbesluit APV Baarn Standplaatsen

 

Besluit van burgemeester en wethouders van Baarn.

In artikel 5:18, lid 4 van de Algemene plaatselijke verordening Baarn 2018 (APV) is vastgelegd dat het college nadere regels kan stellen ten aanzien van de dagen, aantallen en locatie van de standplaatsen. Met dit besluit wordt van deze mogelijkheid gebruik gemaakt.

 

 

Dit besluit is gepubliceerd op: 17 april 2019 en treedt in werking op 18 april 2019.

Besluit.

  • 1.

    Het “Besluit standplaatsen Baarn 2012” van 18 december 2012 wordt ingetrokken.

  • 2.

    Voor de volgende locaties kan een standplaatsvergunning worden afgegeven:

    a. voor maximaal drie standplaatsen op de Brink;

    b. voor maximaal één standplaats nabij de winkels in de Prof. Krabbelaan;

    c. voor maximaal één standplaats nabij de winkels in de Reigerstraat; zijde Oosterstraat;

    d. voor maximaal één standplaats, namelijk een poffertjeskraam, in de Pekingtuin;

    e. voor maximaal twee standplaatsen in het centrumgebied, dat wordt omsloten door de navolgende wegen (die wegen daarbij inbegrepen): Faas Eliaslaan, Kerkstraat, Dalweg, Eemnesserweg, Nieuw Baarnstraat, Leestraat, Stationsweg en Javalaan.

  • 3.

    De vergunningen worden uitsluitend verleend voor vrijdagen en/of zaterdagen, tussen 8.00 en 18.00 uur. Deze bepaling is niet van toepassing voor de standplaats, genoemd onder 2.d.

  • 4.

    De vergunningen kunnen worden verleend voor één of twee dagen per week, dan wel gedeelten daarvan, met dien verstande dat de onder 2. genoemde maxima niet mogen worden overschreden.

  • 5.

    In afwijking van het gestelde onder 2. en 3. kan een vergunning voor een standplaats worden verstrekt voor een andere locatie. Het maximum aantal commerciële standplaatsvergunningen mag niet hoger zijn dan tien.

  • 6.

    In afwijking van het gestelde onder 2., 3. en 5. kan een vergunning voor een incidentele standplaats ( voor maximaal drie dagen per kalenderjaar) worden verstrekt.

  • 7.

    In afwijking van het gestelde onder 2., 3. en 5. kan een vergunning voor een standplaats worden verstrekt voor het bakken en/of verkopen van oliebollen in de maand december.

  • 8.

    Voor de locaties, genoemd onder 2., waar meer standplaatsen zijn toegestaan, wordt geen vergunning verleend als reeds voor de aangevraagde dag(en) een standplaatsvergunning is verstrekt voor dezelfde goederen of diensten (dezelfde branche artikelen).

  • 9.

    De standplaatsvergunning wordt verleend voor maximaal één kalenderjaar.

  • 10.

    De standplaatsvergunningen, die op het moment van vaststelling van dit uitvoeringsbesluit voor onbepaalde tijd zijn afgegeven, blijven gelden tot uiterlijk 1 januari 2020.

  • 11.

    Indien het maximum aantal standplaatsvergunningen (tien vergunningen) is verstrekt en er komen nieuwe aanvragen binnen, dan wordt een wachtlijst aangelegd en bijgehouden. In het systeem worden in ieder geval de naam van de aanvragers genoteerd, met datum van ontvangst aanvraag, aangevraagde locatie en de branche, waarvoor de vergunning wordt aangevraagd.

  • 12.

    Voor het innemen van een standplaats op gemeentegrond is de vergunninghouder een vergoeding verschuldigd aan de gemeente.

  • 13.

    De vaste standplaatsen worden met een permanente markering in het straatweg aangeduid. Deze markering wordt door de gemeente aangebracht.

  • 14.

    Het gestelde onder 2. tot en met 13. geldt voor standplaatsen voor commerciële doeleinden.

  • 15.

    Voor het innemen van een standplaats voor de verkoop van krantenabonnementen en dergelijke – voor zover dit valt onder artikel 7 van de Grondwet – is geen vergunning vereist, mits geen voorzieningen als een (party)tent worden geplaatst en de doorgang voor het verkeer niet wordt belemmerd.

  • 16.

    Voor ideële doeleinden kan een (veelal incidentele) standplaatsvergunning worden afgegeven:

    a. voor maximaal vijf standplaatsen tegelijkertijd op de Brink;

    b. voor maximaal drie standplaatsen tegelijkertijd in de Laanstraat;

    c. voor andere locaties, mits goed wordt gemotiveerd waarom de onder a. en b. genoemde locaties ongeschikt zijn.

Baarn, 9 april 2019

Burgemeester en wethouders van Baarn,

drs. A. Najib M.A. Röell

gemeentesecretaris burgemeester

Toelichting op het besluit.

De concentraties van winkels vormen het voornaamste doel van de vraag naar vergunningen voor het innemen van een standplaats. Daar bestaat, gelet op de in de verordening genoemde belangen, de meeste behoefte aan regulering van die standplaatsen naar aantal, dagen en plaatsen. Ook voor andere locaties bestaat belangstelling voor het innemen van een standplaats. Om deze reden geldt het uitvoeringsbesluit voor het grondgebied van de gehele gemeente.

Voor wat betreft de bepaling van de soorten goederen waarvoor vergunning kan worden verleend moet worden gesteld dat het college weinig voelt voor vergaande regulering. Met een dergelijke regulering zal al snel het verboden terrein van de vestigingswetgeving worden betreden, en het is het uitdrukkelijke uitgangspunt om dat te voorkomen. Soms zal er echter niet aan kunnen worden ontkomen om de soort goederen waarvoor vergunning kan worden verleend aan te duiden. Een goed voorbeeld hiervan vormt een vergunning voor het plaatsen van een poffertjeskraam in de Pekingtuin. De uitzonderlijke aard van een dergelijke standplaats is de enige rechtvaardigingsgrond voor een vergunning op deze locatie. Voor de gebruikelijke commerciële standplaatsen als groenten- en fruitkramen, poelierkramen, viskramen, et cetera kan die rechtvaardigingsgrond niet gelden. In verband hiermee kan bij het verlenen van vergunningen voor het innemen van een standplaats rekening worden gehouden met de goederen waarvoor die vergunning wordt gevraagd.

Het uitvoeringsbesluit heeft betrekking op standplaatsen die in de praktijk regelmatig over een langere periode plegen te worden gebruikt. De standplaatsen zijn meestal gewild en de aanvragen overtreffen de beschikbare plaatsen. Om die reden is de vergunning persoonsgericht, geldt de vergunning voor bepaalde tijd en wordt een wachtlijst aangelegd en bijgehouden. Daarnaast bevat het uitvoeringsbesluit ook ruimte voor het afgeven van incidentele standplaatsen; dus standplaatsen voor een korte periode: één of enkele dagen.

Of een standplaats als commercieel of als ideëel moet worden aangemerkt hangt af van de omstandigheden. Als uitgangspunt van de toetsing worden de volgende definities gehanteerd:

Commercieel: Een standplaats kan als commercieel worden beschouwd als de houder ervan het doel heeft om door verkoop of propaganda (handelsreclame) winst te maken of winstkansen te vergroten, om zichzelf of de onderneming waarvoor hij werkt te bevoordelen. Ook als die winstverwachtingen niet worden bewaarheid blijft het een commerciële standplaats.

Ideëel: Een standplaats kan als ideëel worden beschouwd:

a. in ieder geval wanneer vanaf die standplaats uitsluitend propaganda (niet zijnde handelsreclame) wordt gemaakt voor goede doelen of sociaal-culturele doeleinden dan wel voor levensbeschouwelijke, religieuze of politieke overtuigingen;

b. als vanaf die standplaats propaganda als bedoeld onder a. wordt gemaakt, die gepaard gaat met een collecte (waarvoor een afzonderlijke vergunning is vereist) of met verkoop van waren en goederen, waarmee ondergeschikt aan het hoofddoel van de standplaatshouder bescheiden winst wordt gemaakt, die ten goede zal komen aan het hoofddoel waarvoor propaganda wordt gemaakt en waarbij van bevoordeling van de bij de betrokken organisatie betrokken personen geen sprake is.

Naar boven