De wijzigingen in de Beleidsregels jeugdhulp gemeente Zoetermeer 2016 vast te stellen aan de hand van de volgende uitgangspunten:
4.1 Jeugdhulp wordt niet met terugwerkende kracht bekostigd.
4.2 Beleid eigen kracht
a. Bij een geconstateerd tekort in de algemeen dagelijkse levensverrichtingen wordt onderzocht of het gezin dit tekort op eigen kracht, dat wil zeggen zonder een (jeugdhulp)voorziening, aan kan. Hiervoor wordt een afwegingskader gehanteerd dat gebaseerd is op de zelfredzaamheid van de jeugdige en de draagkracht en draaglast verhouding bij de ouders eventueel met inzet van personen uit het sociaal netwerk. Bij voldoende eigen kracht wordt er geen pgb afgegeven.
b. De financiële draagkracht van het gezin wordt berekend aan de hand van de gratis digitale tool ‘het persoonlijk budgetadvies’ van de NIBUD en de uitkomst daarvan wordt meegewogen in het oordeel of er voldoende eigen kracht is. Als een ander persoon uit het sociaal netwerk wordt ingezet, dan worden naast de financiën van ouders ook de financiën van deze persoon beoordeeld.
4.3 Conform de bedoeling van het Rijk wordt de noodzakelijke jeugdhulp in natura afgegeven als de ingekochte hulp redelijkerwijs als passend kan worden gezien of kan worden gemaakt. Als dit in een individuele situatie niet het geval is, dan kan een persoonsgebonden budget een optie zijn.
4.4 De kwaliteitsnormen die gelden voor een gekwalificeerde zorgaanbieder die ingekocht wordt met een persoonsgebonden budget worden aangevuld met het volgende:
a. De zorgaanbieder voert de norm van verantwoorde werktoedeling uit;
b. De zorgaanbieder verleent veilige, doeltreffende, doelmatige en cliëntgerichte hulp; en
c. De zorgaanbieder beschikt over een Kamer van Koophandel nummer.
4.5 Het college meldt nieuwe zorgaanbieders bij het inspectieloket Sociaal Domein en Jeugd.
4.6 Het weigeren om een aanvraag onder een andere wet dan wel een declaratie op grond van de (aanvullende) zorgverzekering in te dienen binnen de daarvoor door het college gestelde termijn van twee weken is een afwijzingsgrond voor de jeugdhulpaanvraag.
4.7 Een persoonsgebonden budget voor een persoon uit het sociaal netwerk wordt afgegeven in het geval dat de inzet aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt en aantoonbaar doelmatiger is dan professionele hulpverlening.
4.8 Tarieven persoonsgebonden budget
a. Het tarief voor een gekwalificeerde zorgaanbieder wordt verlaagd van 100% naar 90% van het tarief waarvoor het college zorgaanbieders heeft gecontracteerd.
b. Het tarief voor een zelfstandig werkende gekwalificeerde zorgaanbieder wordt verlaagd van 85% naar 75% van het tarief waarvoor het college zorgaanbieders heeft gecontracteerd.
c. Het tarief per uur voor de inzet van personen uit het sociaal netwerk en voor niet-gekwalificeerde zorgaanbieders is het wettelijk minimumloon per uur (inclusief vakantiegeld) bij een werkweek van 36 uur.