Uitvoeringsregels Evenementenbeleid 2020

Het college van burgemeester en wethouders,

In zijn vergadering van 10 december 2019,

Gezien het voorstel met reg.nr. 9538287,

 

Besluit

  • In te stemmen met de uitvoeringsregels evenementen 2020.

  • In te stemmen met de locatieprofielen evenementen.

1 Voorwoord

 

In deze Nota Uitvoeringsregels Evenementenbeleid is het uitvoeringsbeleid te vinden van het nieuwe evenementenbeleid. De gemeenteraad heeft de kaders vastgesteld voor dit nieuwe beleid en in deze nota werken het college dit verder uit.

Het is de bedoeling dat deze Nota Uitvoeringsregels Evenementenbeleid voor de komende jaren als basis kan dienen voor het organiseren van evenementen in de openbare ruimte.

2 Inleiding

 

Met circa 650 evenementen per jaar, waarvan ongeveer 100 grote evenementen, hoort 's-Hertogenbosch tot één van de grotere evenementensteden van Nederland. De historische binnenstad, maar ook de dorpen en kernen eromheen, bieden een prachtig decor voor een veelheid aan evenementen op het gebied van cultuur, sport en food.

Evenementen dragen bij aan de levendigheid in onze gemeente. En aan de promotie van ’s-Hertogenbosch. De evenementen trekken jaarlijks honderdduizenden bezoekers die een krachtige bijdrage leveren aan de economische groei van de gemeente ’s-Hertogenbosch en de regio. Bovendien kunnen evenementen in sociaal opzicht van betekenis zijn voor inwoners. Zij leveren vaak een bijdrage aan de leefbaarheid en saamhorigheid.

Ondanks de vele voordelen die evenementen bieden, is er ook een keerzijde aan het grote aantal dat jaarlijks in onze gemeente plaatsvindt. Bewoners en ondernemers ondervinden soms verkeers- en geluidsoverlast. En evenementen brengen dikwijls zwerfvuil met zich mee.

Dit evenementenbeleid is duurzaam en toekomstbestendig. Het doel is een juiste jaarlijkse mix van evenementen die een optimale bijdrage levert aan de promotie, aantrekkingskracht en leefbaarheid van ’s-Hertogenbosch te creëren. Dit in lijn met de nieuwe citymarketingstrategie die op 2 juli 2019 is vastgesteld. De thema’s cultuur en datastad (en gastvrijheid als fundament) vormen hierin de basis. Het aantrekken van méér bezoekers is niet sec ons doel met een nieuw evenementenbeleid. We willen meer op kwaliteit in het aanbod kunnen sturen. En daarmee ook op het type publiek dat onze gemeente bezoekt. Onze inzet is om meer ruimte te kunnen geven aan nieuwe initiatieven. En bijvoorbeeld ‘s-Hertogenbosch aantrekkelijker maken voor studenten en starters. Onder meer door meer ruimte te bieden aan jongerenfestivals.

Met deze nieuwe kaders werken we – in lijn met het bestuursakkoord - aan een duidelijker vergunningssysteem voor organisatoren. Tegelijkertijd biedt het meer mogelijkheden om belangen op een goede wijze tegen elkaar af te kunnen wegen. En ’s-Hertogenbosch gerichter als Cultuurstad van het Zuiden te promoten. We zorgen hiermee dat we niet alleen dat een aantrekkelijke evenementenplaats blijven. Ook borgen we de leefbaarheid rondom evenementenlocaties, waaronder de binnenstad.

Daarnaast werken we – eveneens in lijn met het bestuursakkoord - ook in letterlijke zin aan meer duurzame evenementen. Organisatoren hebben bijvoorbeeld evengoed een verantwoordelijkheid in het verminderen van afval. Bijvoorbeeld door het gebruik van herbruikbare bekers. En zij kunnen meer gebruikmaken van groene stroom.

Hierbij merken we op dat wij voor onze volksfeesten, zoals carnaval, 11-11 en Koningsdag, een andere benadering toepassen. Voor deze feesten hebben wij dezelfde ambities op het gebied van duurzaamheid als voor de evenementen als hierboven bedoeld. Maar de aard van deze feesten, waarbij een (groot) deel van de feestelijkheden ook zonder evenementenvergunning wordt gevierd, vereist een andere weg naar duurzaamheid.

Tegelijkertijd met het beleid van ons college, stelt ook de Burgemeester nieuwe uitvoeringsregels met betrekking tot evenementen vast. Het beleid van de Burgemeester ziet op voorkoming van overlast, openbare orde en veiligheid, gezondheid en milieu.

De twee beleidsstukken vormen samen het evenementenbeleid.

 

3 Waarom uitvoeringsregels

 

Met het vast stellen van nieuwe kaders rondom evenementen is het noodzakelijk om nieuwe uitvoeringsregels op te nemen. Het doel van het evenementenbeleid is niet gewijzigd; aan de ene kant staat het belang van de stad bij kwalitatief goede buitenevenementen en een gedifferentieerd evenementenaanbod. Anderzijds is het waarborgen van de veiligheid van persoenen en goederen en het beperken van de overlast van groot belang. Het doel van het gezamenlijk beleid is om een zorgvuldig evenwicht te vinden tussen deze belangen.

Met name de wens voor kwalitatief goede buitenevenementen en een gedifferentieerd aanbod vereist nadere regels. Ook leggen we vast welke mogelijkheden de verschillende locaties bieden, daarmee ook de beperkingen gevend.

Verder is beleid opgenomen over evenementenvergunningen. Hieronder vallen ook de openbare orde- en veiligheidsafspraken rondom evenementen. We verbeteren de organisatie van het proces verder, maken we het klantvriendelijker voor de organisatoren en worden toezicht en handhaving beter geregeld.

 

4 Beleidskaders voor uitvoeringsregels

 

Het bestuursakkoord 2018 – 2022 met de titel "#073#samen#duurzaam#vernieuwend" bevat vier termen die allemaal terug komen in het nieuwe integrale evenementenbeleid of in de totstandkoming ervan. Daarnaast worden er meerdere onderwerpen besproken in het bestuursakkoord die in (in)directe verbinding staan met het nieuwe integrale evenementenbeleid. 

4.1 Citymarketing

In juli 2019 is de citymarketingstrategie verder aangescherpt. Voor de positionering van de stad vertrekken we te allen tijde vanuit ons fundament: Meest Gastvrije Stad van Nederland. Als bourgondische stad met een menselijk karakter zetten we vervolgens in op twee thema’s; ‘Cultuurstad van het Zuiden’ en ‘Toonaangevende Datastad’. Evenementen worden genoemd als een van de instrumenten om invulling te geven aan de citymarketingstrategie. Belangrijke doelstelling daarbij is om het aantal 'on brand' activiteiten met een sterke merkwaarde en economische waarde voor 's-Hertogenbosch te stimuleren en te financieren uit het beschikbare budget.

 

4.2 Cultuur

Vanuit het Cultuurbeleid zijn er drie invalshoeken om naar evenementen te kijken. Het geeft ons landelijk profiel  Het cultuurbeleid is er op gericht om op een evenwichtige manier te werken aan een landelijk onderscheidend cultuuraanbod en tegelijkertijd een cultuurbeleid dat lokaal effectief is. De ambitie om landelijk onderscheidend te zijn is ook een voortdurende impuls voor de kwaliteit van het aanbod voor de eigen inwoners. Ook genereren  we er aandacht mee in de landelijke media. We hechten dan ook veel belang aan de festivals die een landelijke uitstraling hebben. Ze zijn bovendien geworteld in de stad en dragen zo bij aan het totale culturele klimaat.  Ze versterken het aanbod van activiteiten voor de stad en stimuleren initiatieven

Culturele evenementen hebben doorgaans  ook een bredere functie in het cultuurbeleid. Dat geldt ook voor de evenementen met een meer stedelijk of regionaal profiel. Vaak zijn die gekenmerkt door een grote inbreng van vrijwilligers. Veel van die evenementen zijn belangrijk in het cultuurbeleid omdat ze een betekenisvolle rol spelen in de amateurkunst. Maar ze dragen ook bij aan de culturele levendigheid van de stad. Ze trekken evengoed publiek van buiten. Op kleinere schaal zijn er tal van festivals en evenementen die, ook in de organisatiewijze, niet alleen een culturele functie vervullen, maar ook een sociale. Ze zorgen voor dynamiek waardoor er vernieuwing blijft, ook van initiatiefnemers.

Een derde categorie zijn de evenementen en festivals die niet structureel maar ad hoc worden georganiseerd door partijen in de stad. Daarmee worden nieuwe initiatieven, aanvullend op het structurele beleid, mogelijk. Een deel hiervan wordt gefinancierd uit de flexibele cultuurfondsen, die ook als doel hebben om dynamiek te stimuleren.

4.3 Sport

Het doel van de sportevenementen is om door middel van het organiseren/hosten van (top)sportevenementen een waarneembare bijdrage te leveren aan de bekendheid, aantrekkelijkheid en leefbaarheid van ‘s-Hertogenbosch. Bij de realisering daarvan is er nadrukkelijk aandacht voor duurzaamheid, het stimuleren van een positieve gezondheid en activatie van onze inwoners.

In zijn algemeenheid is het wenselijk om met enige regelmaat aansprekende topsport evenementen te hosten, enerzijds als aantrekkelijk aanbod voor inwoners maar ook vanwege de promotionele, economische en maatschappelijke waarde van dergelijke evenementen. Daarnaast vinden we het belangrijk om jaarlijks twee tot vier aansprekende breedtesportevenementen te organiseren met hetzelfde doel. Het gaat dan om sporten die grote groepen mensen, van jong tot oud, beoefenen in  de openbare ruimte, zoals fietsen, wandelen/hardlopen en zwemmen.

We streven ernaar om bij evenementen te hosten die een verbinding/historie hebben met de stad, dus passen in ons DNA. Je kunt dan denken aan hockey, basketbal, rugby, tennis, wielrennen en paardensport.

 

4.4 Jongeren

We willen meer op kwaliteit in het aanbod kunnen sturen. En daarmee ook op het type publiek dat onze gemeente bezoekt. Onze inzet is om meer ruimte te kunnen geven aan nieuwe initiatieven. En bijvoorbeeld ‘s-Hertogenbosch aantrekkelijker maken voor studenten en starters. Ook streven we naar een aantrekkelijk en vernieuwend aanbod voor en door jongeren op het gebied van cultuur. Dit doen we bijvoorbeeld door meer ruimte te bieden aan jongerenfestivals.

 

4.5 Datastad

De invalshoek ‘datastad is om door middel van het organiseren/hosten van evenementen inhoud te geven en waarde toe te voegen aan de positionering als toonaangevende Datastad.  Hierbij is samenwerking met de belangrijkste regionale stakeholders van onderwijs, bedrijfsleven en overheid, die een bijdrage kunnen leveren aan deze  positionering, cruciaal. Met name de Jheronimus Academy of Data Science, Avans, Provincie Noord-Brabant, bedrijven als SAP, Brand Loyalty, maar ook samenwerkingsverbanden als Driven by Data hebben hier een bijdrage aan. Ook nationale en internationale partners worden in de loop van de komende jaren betrokken bij deze samenwerking. Verspreid over het jaar worden komende tijd diverse data evenementen nieuw ontwikkeld, dan wel evenementen in hun bestaande concept gekoppeld aan data. Deze congressen, workshops, ondernemersbijeenkomsten etc. worden jaarlijks samengevat in de Den Bosch Data Week in de laatste week van oktober/eerste week november. Dit wordt het jaarlijkse ijkpunt waar we staan op het gebied van data en vormt figuurlijk gezien de etalage van ons werk op het gebied van data over alle verschillende doelgroepen.

 

5 Wettelijke kaders

 

In dit hoofdstuk worden de belangrijkste juridische regelingen die bij het evenementenbeleid een rol spelen, kort beschreven.

5.1 Gemeentewet

De bevoegdheid van het college in het kader van evenementen stoelt op artikel 160 Gemeentewet. Op basis van artikel 160 Gemeentewet is het college bevoegd om het dagelijks bestuur van de gemeente te voeren. Voor zover het evenementenbeleid betrekking heeft op belangen die het college aangaan, is het college bevoegd ten aanzien van de uitvoering van het beleid. Het gaat dan om belangen zoals bescherming van het stedelijk milieu door variatie in evenementen, kwaliteit van de verschillende evenementen en de leefbaarheid van de stad in dat kader. Het belang van openbare en veiligheid is echter een belang wat de burgemeester waarborgt. Het college kan geen regels vaststellen die daarop betrekking hebben. Het college stelt wel de uitvoeringsregels vast op de samenstelling van de evenementenkalender.

De bevoegdheid van de burgemeester in het kader van het toezicht op evenementen stoelt op artikel 174 Gemeentewet. In het derde lid van dit artikel is aangegeven dat de burgemeester belast is met de uitvoering van verordeningen voor zover deze betrekking hebben op het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven. Het begrip ‘toezicht’ is ruimer dan alleen de handhaving van de openbare orde. Het gaat hier ook om de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de burger in incidentele gevallen en op bepaalde plaatsen. Het is ook de bevoegdheid van de burgemeester om uitvoeringsregels op de evenementenvergunning vast te stellen.

 

5.2 Algemene Plaatselijke Verordening 's-Hertogenbosch 2016

In hoofdstuk 5 geeft de Algemene Plaatselijke Verordening 2016 ‘s-Hertogenbosch (APV) in artikel 2:9 tot en met 2:10d regels voor evenementen. De APV verstaat onder een evenement elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak.

Het doel van de regeling in de APV is het voorkomen van overlast in de openbare ruimte en van verstoring van de openbare orde, het voorkomen van (verkeers-)onveiligheid en het voorkomen van zaken die een gevaar zijn voor de zedelijkheid of de gezondheid. Maar ook de bescherming van het stedelijk milieu is een doel van deze regeling in de APV. Het stedelijk milieu wordt beschermd doordat de regeling als doel heeft dat er een gevarieerde mix van evenementen in de stad wordt toegestaan, waardoor de aantrekkelijkheid van de stad gewaarborgd is.

De burgemeester en het college kunnen hun bevoegdheid nader invullen door het vaststellen van uitvoeringsregels.

In de APV is een technische juridische toelichting op deze artikelen opgenomen.

 

5.3 Drank- en Horecawet

Voor het bedrijfsmatig (tegen betaling) schenken van zwakalcoholische dranken tijdens een evenement, is een ontheffing van artikel 35 van de Drank- en Horecawet vereist. Deze ontheffing wordt niet verleend aan de organisator van het evenement maar rechtstreeks aan degenen, die leiding geven op de locaties waar alcohol wordt verstrekt. Alleen zwakalcoholische dranken (15% volume alcohol of minder) mogen met de ontheffing worden geschonken. De aanvrager van de ontheffing is minimaal 21 jaar oud en mag niet van slecht levensgedrag zijn. Hij moet toezien op een goede verstrekking van alcohol zoals het niet schenken aan jongeren onder de 18 jaar.

 

5.4 WABO/omgevingsvergunning

De evenementen die niet in de openbare ruimte worden georganiseerd zoals in de Brabanthallen, Autotron, Maaspoorthal etc., vinden plaats op grond van de verleende omgevingsvergunning en de voorschriften die daarin worden gegeven. Eventuele overlast in deze inrichtingen c.q. op deze binnenlocaties, wordt langs deze weg voorkomen of beperkt. Een eventuele aanvullende evenementen- vergunning kan alleen worden afgegeven als het evenement is toegestaan krachtens de omgevingsvergunning. Dit laat de bevoegdheden van de burgemeester op grond van de Gemeentewet onverlet.

 

5.5 Wet Natuurbescherming

De Wet natuurbescherming regelt dat beschermde planten en dieren niet mogen worden gedood, verjaagd, gevangen of verontrust en dat het evenement geen significant negatieve effecten mag hebben op Natura 2000 gebieden. Uitvoering van werkzaamheden en dus ook het organiseren van evenementen, kan in strijd zijn met dit verbod. Bestaat er op een evenementenlocatie risico dat dit verbod wordt overtreden, dan moeten er maatregelen worden getroffen of moet er een ontheffing van dit verbod worden gevraagd. De ontheffing is in dat geval een vereiste bij het organiseren van een evenement.

 

5.6 Veiligheidsnormen en richtlijnen

Krachtens diverse wettelijke regelingen en landelijke richtlijnen en normen, bijvoorbeeld het Besluit brandveilig gebruiken basishulpverlening overige plaatsen, worden eisen gesteld aan de fysieke veiligheid. Deze eisen liggen ten grondslag aan de adviezen van de Veiligheidsregio.

 

5.7 Wet Bibob

Op grond van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur kunnen evenementenorganisatoren en organisaties worden getoetst. Als uit die toetsing blijkt dat er redenen zijn om aan te nemen dat de vergunning (mede) gebruikt zal worden om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten of om strafbare feiten te plegen, of dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel gegeven beschikking een strafbaar feit is gepleegd, dan kan de vergunning worden geweigerd.

De toets in het kader van de Wet Bibob wordt bij evenementen altijd uitgevoerd indien het een aanvraag voor evenementenvergunning betreft voor een vechtsportevenement of erotische beurs. Verder kan een bibobtoets plaatsvinden wanneer daartoe aanleiding bestaat door bijvoorbeeld een signaal van politie, justitie, Landelijk Bureau Bibob, RIEC, OM of eigen ambtelijke informatie.

 

5.8 Legesverordening

Voor het verlenen van evenementenvergunningen en de afgifte van ontheffingen en vergunningen worden leges in rekening gebracht. De legesbedragen worden jaarlijks aangepast en vastgesteld en zijn te vinden op de site van de gemeente (Legesverordening).

 

5.9 Verordening houdende regels voor de kermis s‘-Hertogenbosch 2018

De gemeente ‘s-Hertogenbosch kent een eigen verordening voor algemene kermissen op haar grondgebied. Deze kermissen vallen dan ook niet onder het evenementenbeleid en het aanvragen van een evenementenvergunning daarvoor is niet aan de orde.

 

5.10 Wettelijke aansprakelijkheid

Voorop staat dat de vergunninghouder of de organisator zelf, primair aansprakelijk kan worden gesteld voor daardoor veroorzaakte schade. Het arrest Vermeulen/Lekkerkerker (HR 10 maart 1972, NJ 1972, 278) is van overeenkomstige toepassing op de houder van de evenementenvergunning.

De Hoge Raad oordeelt in dat arrest dat het feit dat een Hinderwetvergunning (nu: omgevingsvergunning) is verleend, nog niet betekent dat eigenaren van naburige erven schade en hinder, welke zij in het algemeen niet behoeven te dulden, wel zouden moeten verdragen van een vergunninghouder.

Een dergelijke vergunning vrijwaart de vergunninghouder volgens de Hoge Raad dan ook niet voor zijn aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad, ook niet als door de desbetreffende eigenaar tegen verlening van de vergunning tevoren bezwaren zijn ingebracht, maar deze bezwaren zijn verworpen.

De gemeente aanvaardt ook geen aansprakelijkheid voor schadeclaims van derden ten gevolge van het evenement. De evenementenorganisatoren kunnen voor hun evenement een aansprakelijkheidsverzekering afsluiten.

 

6 Andere relevante beleidskaders

6.1 Geluid

Geluidsoverlast, is een belangrijkste bron van ergernis voor met name bewoners en bedrijven in de binnenstad. Ook al worden de voorgeschreven geluidsnormen volledig in acht genomen, dan nog zal sprake zijn van enige overlast.

Om een betere verdeling van de evenementen met (geluid)overlast heeft de gemeente ’s-Hertogenbosch ervoor gekozen verschillende gebieden aan te wijzen voor het houden van evenementen. De normen zijn per evenement en evenementenlocatie verschillend en worden per evenement beoordeeld. Per evenementenlocatie is het maximum aantal geluidsevenementen per jaar vastgelegd met de bijbehorende maximaal te ontheffen geluidnorm. Daarnaast gelden per evenementenlocatie een aantal eisen, zoals de plaats van het podium, geluidsrichting en de begin- en eindtijden van het evenement.

De maximale ontheffingswaarde die hierbij kan worden afgegeven is 70/80 dB(A) en 85/95 dB(C)/lage tonen, bij een geluidgevoelige bestemming (bv een woning) of op een beoordelingslijn op een bepaalde afstand van de geluidsbron. Dit betekent niet dat alle evenementenorganisatoren op een locatie automatisch het ‘recht’ hebben op de maximale ontheffingswaarde. De ontheffingswaarde wordt bepaald door de sfeer van het evenement, de locatie en de mogelijke belasting op de omgeving.

Wanneer tijdens evenementen klachten van geluidsoverlast worden ingediend, hebben deze vaak te maken met de lage bastonen. De lage frequenties die muziekgeluid veroorzaakt, worden als extra hinderlijk ervaren. Om deze reden nemen wij naast een geluidsnorm in dB(A) ook altijd een geluidsnorm op in dB(C). De C-weging wordt gebruikt omdat de lage tonen hierbij wel worden meegenomen. Hierdoor is de C-weging geschikter als hindermaat. De maximale verschilwaarde tussen de dB(A)-norm en de dB(C)-norm is 15 dB, oftewel 80 dB(A) en 95 dB(C).

Doorgaans worden de geluidsnormen op de grotere locaties opgelegd op de gevels van nabij gelegen woningen. Echter op grotere locaties liggen deze woningen over het algemeen op een grotere afstand van het evenement dan in smalle straten en kleine pleinen. Bij evenementen in de smalle straten en kleine pleinen wordt daarom de geluidsnorm opgelegd op een bepaalde beoordelingslijn. Deze beoordelingslijn wordt gelegd op 15 meter afstand van enige geluidsbron. De formulering ‘beoordelingslijn’ wordt alleen gehanteerd in complexe situaties en bij evenementen die op zeer korte afstand van woningen worden gehouden. Welke geluidsnorm op de beoordelingslijn wordt gelegd, blijft maatwerk. Echter de maximale ontheffingswaarde op de beoordelingslijn ligt op 80 dB(A) en 95 dB(C).

Om extra rekening te houden met de woonomgeving rond de kleine evenementenlocaties, worden evenementen met ’veel lage bastonen’ als hoofdact verboden. Muziek met veel lage bastonen, zoals DJ’s draaien wordt enkel toegestaan wanneer deze de opvulling tussen de optredens verzorgd. Het maximale toegestane geluidniveau vanwege de vele lage bastonen ligt dan minimaal 10 dB(A) onder het toegestane geluidniveau dat is opgelegd in de vergunning van het geluidsevenement.

De afspraak dat in principe maximaal twee geluidsevenementen per locatie per maand mogen plaatsvinden wordt gecontinueerd. Daarnaast wordt per locatie het maximaal aantal evenementendagen per jaar aangegeven (inclusief op- en afbouw).

Er is voor gekozen om voor carnaval geen geluidnorm voor te schrijven. Het evenement/volksfeest vindt plaats door de gehele stad. Het achterwege laten van een geluidsnormering voor carnaval, geldt voor de hele gemeente.

 

6.2 Veiligheid

De veiligheid rondom evenementen valt onder de bevoegdheid van de burgemeester. In dat kader stelt de burgemeester voorwaarden en beperkingen aan evenementen om de openbare orde en veiligheid, gezondheid en milieu te waarborgen. In het uitvoeringsbeleid evenementen van de burgemeester wordt dit nader uitgewerkt.

Sec de veiligheid rondom evenementen levert geen beperkingen op voor het aantal evenementen op een locatie. Wel kan een combinatie van evenementen in dezelfde tijdsperiode of dezelfde omgeving een risico opleveren voor de veiligheid en/of openbare orde. Dan heeft de burgemeester de bevoegdheid om het evenement te verbieden of voorwaarden te verbinden aan een vergunning.

 

6.3 Duurzaamheid

Om evenementen te verduurzamen ontwikkelen we een ‘Bossche duurzaamheidsrichtlijn. Hierdoor moeten evenementen voldoen aan criteria voor duurzame evenementen om in aanmerking te kunnen komen voor een evenementenvergunning. Organisatoren dienen te voldoen aan concrete duurzaamheidscriteria rondom zeven thema’s:

  • Organisatie en communicatie ( opstellen duurzaamheidsdoestelling en communicatie hierover)

  • Energie (bijvoorbeeld; stroomplan met groene stroom, LED-verlichting, energiebesparende maatregelen)

  • Water (bijvoorbeeld; aanbieden leidingwater, duurzaam verwerken afvalwater en urine, milieuvriendelijke schoonmaakmiddelen)

  • Afval (bijvoorbeeld; gescheiden inzamelen en verwerken van afval, geen gebruik single use plastic)

  • Mobiliteit (bijvoorbeeld; ontmoedigen autogebruik, stimuleren duurzaam vervoer)

  • Catering (bijvoorbeeld; zoveel als mogelijk lokale aanbieders, vegetarisch aanbod)

  • Bodem en groen (bijvoorbeeld; bodem- en groenplan ter voorkoming van verstoring van dieren en verontreiniging van de bodem)

 

We werken met een ingroeimodel, waarbij organisatoren ten aanzien van de genoemde thema’s er steeds een stapje bij zetten op het gebied van duurzaamheid. Vanaf 2022 dienen organisatoren te voldoen aan de richtlijn om in aanmerking te komen voor een evenementenvergunning. Waarbij we ervoor kiezen om vanaf 2021 in ieder geval een verbod gaat gelden op single use plastic. Dit verbod wordt opgenomen in de verordening.

De organisatoren van evenementen worden door middel van inspiratiebijeenkomsten en pilots ondersteund om te voldoen aan de richtlijn. Dit traject starten we begin 2020.

Evenementen die vanaf 2022 in bezit zijn van een landelijk bekende milieukeurmerken zoals Future Proof Festival, A Greener Festival Award of de Barometer Duurzame Evenementen kunnen volstaan met het aanleveren van het certificaat voor het betreffende jaar.

 

6.3.1 Vuurwerk

Een specifiek onderdeel van duurzaamheid betreft het gebruik van vuurwerk bij evenementen. Vuurwerk kan overlast veroorzaken voor de omgeving en kan een negatieve invloed hebben op de lucht-, water- en bodemkwaliteit. Anders dan bij Oud en Nieuw is het gebruik van vuurwerk over het algemeen geen traditie die van oudsher al gedurende langere tijd wordt gebruikt bij evenementen. Om die reden geven wij voorkeur aan evenementen die geen vuurwerk gebruiken.

 

7 Partijen in het proces

 

Er zijn veel spelers op het veld van de evenementen met uiteenlopende belangen. Dat maakt het complex en geeft meteen ook de noodzaak aan van goede afspraken en heldere spelregels.

 

7.1 De organisatoren en hun sponsoren

De organisatoren zijn verantwoordelijk voor het goede verloop van een evenement. De organisator is ook voor wiens rekening en risico een evenement plaatsvindt. De gemeente faciliteert middels ambtelijke ondersteuning en door middel van (fysieke) voorzieningen (in principe tegen betaling). Het doel van de organisatoren is om een aantrekkelijk en kwalitatief goed evenement te organiseren. De sponsoren van evenementen, waaronder soms  ook de gemeente, zien hier ook kritisch op toe. Naast de thematische inhoud van het evenement, zit de kwaliteit van een evenement ook voor een belangrijk deel in de uitvoering: de aankleding/entourage van de evenementenlocatie, het verkeer, de bereikbaarheid, de veiligheid, de logistiek, de horeca, de communicatie etc. De verantwoordelijkheid voor deze uitvoering en ook de aansprakelijkheid, liggen bij de organisatie van het evenement.

 Het is daarom ook in het belang van de organisatoren om mee te denken met de gemeente, die de publieke belangen beschermd: het toetsen van de veiligheid en het beperken van overlast en hinder voor de omgeving.

 

7.2 De omgeving

Bewoners en bedrijven in de omgeving van de evenementenlocatie ondervinden bijna altijd in een bepaalde mate overlast en (geluids-)hinder van evenementen. De beleving van bewoners en bedrijven kan heel verschillend zijn maar het is te kort door de bocht om ervan uit te gaan dat zij de overlast maar moeten accepteren voor het goede doel. Het is daarom ook een voortdurend zoeken naar het evenwicht tussen het belang van het evenement voor de stad en een acceptabel niveau van overlast voor de omgeving. De ervaring leert dat door duidelijke afspraken vooraf, de omgeving weet waar zij aan toe is en dat dit de acceptatiegraad vergroot.

 

7.3 Gemeente

De gemeente is vergunningverlener, toezichthouder maar ook handhaver. Dit betekent dat de gemeente de aanvraag voor een vergunning onafhankelijk toetst op alle facetten. Dit tezamen met haar adviseurs. De gemeente is geen adviseur van de organisator. De gemeente houdt toezicht en bij overtredingen van de voorwaarden handhaaft ze.

De gemeente zorgt voor de veiligheid (crowdmanagement) en de coördinatie. Voorbereiding en handhaving liggen daarbij in elkaars verlengde. Vanwege de nauwe samenhang tussen het vergunningproces en de uitvoering, vindt in de voorbereidende fase al nauwe afstemming plaats.

Organisatoren kunnen de gemeente inschakelen voor diensten. Soms gaat het om activiteiten die door of namens de gemeente verricht moeten worden (bijvoorbeeld het verwijderen van straatmeubilair, verstrekken van parkeervergunningen). In een aantal gevallen gaat het om diensten, waarvoor men ook derden kan inschakelen (bijv. afvalinzameling, constructieve werkzaamheden, het nemen van tijdelijke verkeersmaatregelen etc.). De evenementenorganisator dient de voorzieningen zelf te regelen of via de gemeente (conform de Wet Markt en Overheid) of door particuliere bedrijven te contracteren. Voor het opruimen van het afval kan bijvoorbeeld de Afvalstoffendienst worden ingehuurd maar ook andere bedrijven.

 

7.4 Politie

Naast de beveiliging waar de organisatoren van evenementen zelf voor moeten zorgen, heeft de politie ook een taak bij de uitvoering van een evenement; afhankelijk van de aard en de grootte van het evenement, van kennis hebben van het evenement tot actieve betrokkenheid.

De politie adviseert bij evenementen over veiligheid. De adviezen van de politie worden vertaald naar voorschriften in de evenementenvergunning. De jaarlijkse planning van evenementen is voor de politie van groot belang voor het plannen van de benodigde, in te zetten capaciteit.

 

7.5 Veiligheidsregio (Brandweer/GHOR)

Brandweer en GHOR zijn betrokken bij alle evenementen in de openbare ruimte en kunnen betrokken worden bij (grote) inpandige evenementen. Zij kunnen op verzoek van de gemeente zowel adviseren in de voorbereiding van evenementen als specifiek op een aanvraag voor de evenementenvergunning. De adviezen worden vertaald naar voorschriften in de evenementenvergunning. De evenementenkalender van ’s-Hertogenbosch wordt geïntegreerd in de regioplanning. Brandweer en GHOR worden waar nodig betrokken in het vooroverleg over de kalender en over grote publiekstrekkende evenementen. Zij controleren mede bij de uitvoering op de naleving van de voorschriften. Ook dienen de hulpdiensten op de hoogte te zijn van tijdelijke verkeersmaatregelen als afsluitingen en omleidingen.

 

7.6 Overige externe partijen

De zelfstandige busmaatschappij Arriva is ook structureel betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van evenementen. Vaak heeft een groot evenement gevolgen voor busroutes (waaronder ook de routes van en naar de Bossche Transferia). Een tijdelijke wijziging moet zodanig gestalte worden gegeven dat de openbaarvervoersvoorziening op orde blijft. Soms ook zorgt Arriva voor extra busvoorzieningen (maatwerk), geheel of gedeeltelijk tegen betaling.

Bij een aantal grote evenementen wordt de NS (Nederlandse Spoorwegen) betrokken in de voorbereiding. Het gaat hier om evenementen die veel bezoekers op de been brengen naar ’s-Hertogenbosch, zoals carnaval. Bij deze evenementen heeft de NS een belangrijke rol om een groot deel van de bezoekers de stad in, en later ook weer uit te krijgen.

Ook de horeca vormt een belangrijke externe partij. De horeca heeft op diverse manieren belang bij evenementen: als organisator van, deelnemer aan of als sponsor van een evenement en soms als free rider. Evenementen kunnen voor de horeca ook zelfstandige publiekrechtelijke consequenties hebben.

 

8 Procedure toetsing evenementen

8.1 Evenementenkalender

8.1.1 Dienstenwet en schaarste

Sinds 2009 geldt in Nederland de Dienstenwet. Deze wet is een uitvloeisel van de Dienstenrichtlijn van de Europese Unie. Deze regelgeving regelt, onder andere, de schaarste-doctrine. Er is sprake van schaarste wanneer de som van de omvang van de aanvragen het aantal beschikbare publieke rechten overtreft.1 Bij schaarste geldt een mededingingsplicht.

Het organiseren van een evenement kan, in het kader van de Dienstenrichtlijn en Dienstenwet, worden gezien als een dienst. Bij de verdeling van een dergelijke schaars publiek recht moet aan iedere geïnteresseerde de mogelijkheid worden geboden om mee te dingen naar die schaarse vergunning. Het gelijkheidsbeginsel vereist dit geval tot het bieden van gelijke kansen.

De procedure tot verdeling van de schaarse rechten dient een passende mate van openbaarheid te kennen. Het college moet hierover tijdig, voor de start van de aanvraagprocedure, duidelijkheid scheppen over de procedure en dit zodanig bekendmaken dat potentiële gegadigden daarvan kennis kunnen nemen (transparantiebeginsel).

Deze eisen hebben betrekking op:

  • a.

    De beschikbaarheid van de schaarse vergunning;

  • b.

    De verdelingsprocedure;

  • c.

    Het aanvraagtijdvak; en

  • d.

    De toe te passen criteria

In de APV staat vervolgens de procedure beschreven hoe de evenementenkalender tot stand komt.

 

Wanneer de beleidsregels een knelpunt opleveren tussen verschillende evenementen (schaarste) komen de kwaliteitscriteria aan bod om een keuze te maken tussen deze evenementen.

Met deze kwaliteitscriteria beschermen we het stedelijk milieu in de openbare ruimte in onze gemeente. Door voorrang te verlenen aan gewenste evenementen kunnen we sturen op diversiteit aan evenementen (geen monotoon aanbod), spreiding in de stad, herstel- en rusttijd op de verschillende locatie (geen aaneengesloten blok van evenementen) en evenementen die een meerwaarde hebben voor de bevolking van ’s-Hertogenbosch (gratis toegankelijk, duurzaam, voor jongeren).

 

8.1.2 Gemeentelijke kaders

In de APV wordt geregeld dat het college de evenementenkalender vaststelt. De gemeenteraad heeft daarvoor kaders bepaald. De kaders bestaan uit:

  • a.

    De locatieprofielen voor evenementenlocaties: hierin zijn de criteria openomen met betrekking tot aard en soort van het evenement, veiligheid, belasting voor de woon- en leefomgeving en duurzaamheid;

  • b.

    De beleidsregels met betrekking tot het aantal evenementen en/of evenementendagen en/of geluidbelastende evenementen in zijn totaliteit voor de gemeente en per locatie en de spreiding daarvan binnen de gemeente;

  • c.

    De beleidsregels met kwaliteitscriteria waarbij de volgende criteria een rol spelen bij plaatsing op de evenementenkalender;

    • I.

      Bijdragen aan de positie van 's-Hertogenbosch als toonaangevende datastad.

    • II.

      Bijdragen van het aan cultuurparticipatie en Cultuurstad van het Zuiden

    • III.

      Zonder winstoogmerk zijn en vrij en gratis toegankelijk zijn

    • IV.

      Terugkerend evenement met een positieve integrale evaluatie

    • V.

      Subsidie ontvangen vanuit de Gemeente s-Hertogenbosch en/of Provincie Noord-Brabant

    • VI.

      Voor jongeren worden georganiseerd

    • VII.

      Een lokale binding hebben

    • VIII.

      Maatschappelijk en duurzaam ondernemen

    • IX.

      Evenementen zonder vuurwerk.

 

Op deze manier wil de gemeente sturen op de programmering van de verschillende evenementen. Doordat er steeds meer evenementen komen, is kwaliteit en spreiding van evenementen in de gemeente over het jaar van belang. Het college voert deze sturing uit door middel van de evenementenkalender.

 

Vermelding van een evenement op de kalender houdt niet automatisch in dat een vergunning wordt verleend. Het geeft de aanvrager een beginseltoestemming voor een datum waar, bij ongewijzigde omstandigheden, zijn aanvraag op gebaseerd kan worden. Echter, de concrete invulling van de aanvraag kan alsnog leiden tot een afwijzing in verband met bijvoorbeeld veiligheid. Het verzoek om een evenement op de kalender te plaatsen is immers geen aanvraag om vergunning.

 

Het niet vermeld staan op de evenementenkalender kan een weigeringsgrond zijn voor een evenement, net zoals het feit dat al een ander evenement op de kalender vermeld staat. Ook locaties in de nabijheid van een opgenomen evenement worden daarin meegenomen.

 

De evenementenkalender is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. De kalender heeft immers een rechtsgevolg; een vergunning kan worden geweigerd wanneer een evenement niet op de kalender is geplaatst of wanneer daar al een ander evenement is opgenomen. De evenementenkalender dient om die reden te voldoen aan de eisen zoals die in de Awb worden gesteld aan een besluit inclusief de publicatie van het besluit.

 

8.1.3 Ontheffing voor evenementen buiten de evenementenkalender

In de APV is opgenomen dat het verboden is om evenementen die niet zijn opgenomen in de evenementenkalender te organiseren. Ook levert het een weigeringsgrond op voor de evenementenvergunning. Maar soms kan een evenement dat niet is opgenomen op de evenementenkalender, wel doorgang vinden. Bijvoorbeeld omdat er geen ander evenement gepland staat op die dag en locatie. Of omdat de gemeente van mening is dat het evenement van zodanig belang is voor de stedelijke en/of internationale uitstraling of citymarketing.

 

Voor dit soort gevallen is een ontheffing van het college opgenomen. Hierdoor is het mogelijk om bepaalde evenementen toch mogelijk te maken. Het gaat hierbij om alle evenementen in de categorieën B en C.

Er is een onderscheid gemaakt in evenementen die passen binnen de regels voor tijd en plaats; er was simpelweg nog ruimte voor het evenement qua aantal evenementdagen, eventueel geluidsdagen, een vrije locatie etc. Door middel van de ontheffing is het wel mogelijk om deze evenementen te toetsen aan de regels voor tijd en plaats. Zo voorkomen we dat er alsnog teveel evenementen op een bepaalde locatie plaatsvinden.

 

De tweede categorie zijn de evenementen die niet meer passen binnen de regels voor tijd en plaats. Maar deze evenementen worden vanuit stedelijk of internationaal belang voor de stad, vanuit cultuur, sport of citymarketing van zodanig belang geacht, dat ze toch doorgang moeten vinden. Ook hiervoor kan het college een ontheffing verlenen. Het moet dan wel gaan om incidentele unieke evenementen die ’s-Hertogenbosch op de kaart zetten. Daarbij moet gedacht worden aan een goede doelenactie zoals Nederland staat op tegen kanker of een groot sportevenement zoals de Vuelta of WK Archery.

 

8.2 Locatieprofielen en beleidsregels voor tijd en plaats

8.2.1 Inhoudelijke beleidsregels voor toetsing

In de APV staat de procedure beschreven hoe de evenementenkalender tot stand komt.

 

Locatieprofielen

De locatieprofielen beschrijven de locaties waar evenementen kunnen plaatsvinden. In de profielen wordt beschreven welke soort en aard evenementen op de locatie kunnen plaatsvinden. Vanuit het oogpunt van citymarketing is het voor bepaalde locaties wenselijk om te sturen op het soort en aard evenement. Daarnaast zijn de praktische (uitvoerings)eisen opgenomen zoals maximaal aantal personen passend op de locatie, ecologie, verkeers- en omgevingsaspecten.

De locatieprofielen zijn een weigeringsgrond om een evenement op te nemen op de evenementenkalender. Dit kan leiden tot weigering van de evenementenvergunning.

 

In bijlage 1 zijn alle locatieprofielen te vinden. Deze maken integraal onderdeel uit van dit uitvoeringsbeleid.

 

Beleidsregels verdeling tijd en plaats

Als tweede stap in de procedure is toetsing aan de beleidsregels met betrekking tot het aantal evenementen en/of evenementendagen en/of geluidbelastende evenementen in zijn totaliteit voor de gemeente en per locatie en de spreiding daarvan binnen de gemeente (hierna beleidsregels verdeling tijd en plaats).

In deze beleidsregels bepalen we hoeveel evenementen acceptabel zijn in de gehele gemeente, per locatie en om hoeveel geluidsevenementen het dan mag gaan. Deze regels verschillen per locatie aangezien elke locatie eigen kenmerken kent.

Hieronder volgen de specifieke regels die op elke locatie gelden. De opsomming van de locaties is niet limitatief. Dit betekent dat ad hoc ook andere locaties voor evenementen gebruikt kunnen worden. Ook voor deze locaties worden door de gemeente in dat geval specifieke voorwaarden geformuleerd. De aantallen (geluids-)evenementen, die per locatie worden toegestaan, vloeien voort uit de aantallen evenementen die de laatste jaren op deze locaties hebben plaatsgevonden en uit het streven naar evenwicht tussen de overlast die wordt ervaren – dit blijkt onder meer uit overlastmeldingen en de contacten met de omgeving – en het belang van de locatie voor het organiseren van evenementen.

Algemene uitgangspunten

Er zijn enkele algemene uitgangspunten te benoemen die voor elke locatie gelden.

  • Definities:

    • (brede)Binnenstad: Het gehele gebied gelegen binnen de stadswallen van de historische binnenstad, het Paleiskwartier en het gebied rondom de Tramkade.

    • Dance event: evenement voornamelijk gericht op elektronische dansmuziek, geproduceerd met elektronische muziekinstrumenten, waardoor de muziek over het algemeen niet live gespeeld wordt

    • Food event: evenement waarbij eten en proeven centraal staat

    • Volksfeest: een evenement dat vanuit de traditie door (een groot deel van) de bevolking op straat gevierd wordt

    • ‘SH-evenementen versterken het fundament van de stad; meest gastvrij stad van Nederland. Als bourgondische stad met een menselijk karakter, zetten we in op twee thema’s, Cultuurstad van het Zuiden en toonaangevende datastad. Het ‘SH-evenement straalt verbinding uit naar de stad.

    • Klein evenement tot en met 500 bezoekers

    • Middelgroot evenement tot en met 5000 bezoekers

    • Groot evenement vanaf 5000 bezoekers

  • Een jaar op de evenementenkalender duurt van 01-01 t/m 31-12. Voor deze periode worden de locatieprofielen ieder jaar opnieuw vastgesteld.

  • Een evenementendag loopt op maandag t/m donderdag van 8.00 uur tot 24.00 uur en op vrijdag en zaterdag van 8.00 uur tot 01.00 uur, tenzij anders bepaald in het locatieprofiel. Een geluidsevenement mag maximaal twee dagen duren excl op- en afbouw.

  • De op- en afbouw van een evenement vindt alleen plaats tussen 07.00 uur ‘s ochtends en 23.00 uur ’s avonds. Indien in een concrete, unieke situatie het noodzakelijk is dat buiten deze tijden wordt opgebouwd, kan het college besluiten tot een ontheffing van deze op- en afbouwtijden.

  • Tijdens het op- en afbouwen is het niet toegestaan gebruikt te maken van muziek. Dit met uitzondering van de korte periode waarin het geluid moet worden ingeregeld.

  • Wanneer in de binnenstad van ’s-Hertogenbosch een evenement plaatsvindt waar meer dan 10.000 bezoekers worden verwacht, wordt er in principe geen toestemming gegeven voor andere evenementen in de binnenstad;

  • Per kalendermaand worden maximaal 2 geluidsevenementen per locatie georganiseerd.2

 

Volgorde

De volgorde van het selecteren van een knelpunt zal als volgt verlopen:

  • 1.

    Knelpunt op basis van twee evenementen, waarvan 1 evenement meer dan 10.000 bezoekers heeft in de binnenstad.

  • 2.

    Knelpunt per locatie omdat het aantal geluidsevenementen overschreden wordt.

  • 3.

    Knelpunt per locatie omdat het aantal evenementen overschreden wordt.

  • 4.

    Knelpunt per locatie omdat het aantal evenementendagen overschreden wordt.

  • 5.

    Knelpunt per locatie op datum van het evenement.

 

Locatie gebonden regels

Locaties

Maximaal te ontheffen geluidniveau*

Maximaal aantal geluid-

evenemen-

ten*

Geluidniveau overige evenementen

Maximaal aantal evenemen-

tendagen inclusies op- en afbouw

Eindtijd muziek-activiteiten op weekdagen

Eindtijd muziekactiviteiten op vrijdag, zaterdag en weekdagen

waarop een feestdag volgt.

De Tramkade ‘s-Hertogenbosch

60 dB(A)/75 dB(C)

5x

50 dB(A)/65 dB(C) 7x

50

23:00 uur

24:00 uur

Parade ’s-Hertogenbosch**

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

6x

 

6x

60 dB(A)/75 dB(C)

160

24:00 uur

1:00 uur

Pettelaarse Schans ’s-Hertogenbosch***

60 dB(A)/75 dB(C)

5x

50 dB(A)/65 dB(C)

50

23:00 uur

23:00 uur

Markt ’s-Hertogenbosch****

80 dB(A)/ 95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

4x

 

6x

60 dB(A)/75 dB(C)

60

24:00 uur

1:00 uur

Karrenstraat ’s-Hertogenbosch

80 dB(A)/95 dB(C)

3x

60 dB(A)

15

24:00 uur

1:00 uur

Korenbrugstraat ’s-Hertogenbosch

80 dB(A)/95 dB(C)

3x

60 dB(A)

20

24:00 uur

1:00 uur

Hooge Steenweg****

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

4x

 

6x

60 dB(A)/75 dB(C)

60

24:00 uur

1:00 uur

Pensmarkt****

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)

3x

 

0x

60 dB(A)/75 dB(C)

15

24:00 uur

1:00 uur

De Driesprong Rosmalen ****

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

3x

 

1x

60 dB(A)/75 dB(C)

18

24:00 uur

1:00 uur

Kerkstraat/ Kerkplein ’s-Hertogenbosch**

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

2x

 

1x

60 dB(A)

25

24:00 uur

1:00 uur

Gildeplein Rosmalen

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

1x

 

3x

60 dB(A)/75 dB(C)

25

24:00 uur

1:00uur

Groote Wielenplas

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

3x

 

0x

60 dB(A)/75 dB(C)

15

24:00 uur

1:00 uur

Kerkplein Nuland**

80 dB(A)/95 dB(C)

70 dB(A)/85 dB(C)

3x

 

0x

60 dB(A)/75 dB(C)

15

24:00

1:00 uur

Prins Bernhardplein Nuland

80 dB(A)/95 dB(A)

70 dB(A)/85 dB(C)

3x

 

0x

60 dB(A)/75 dB(C)

15

24:00 uur

1:00 uur

De Rekken Vinkel/Nuland

70 dB(A)/85 dB(C)

2x

60 dB(A)

20

24:00 uur

1:00 uur

Stadsstrand de Witte Sieb ’s-Hertogenbosch*****

60 dB(A)/75 dB(C)

8x

 

30

23:00 uur

24:00 uur

*geluidniveaus worden gemeten in equivalent geluidniveau LAeq/LCeq. Een geluidsevenement mag maximaal twee dagen duren excl op- en afbouw

**op zondag wordt voor 13:30 uur geen versterkt geluid toegestaan

***maximaal 2 dance evenementen en maximaal 1 food evenement

****warenmarkt krijgt voorrang

*****een geluidsevenement mag maximaal 1 dag duren

 

Indien een andere locatie door een organisator wordt voorgedragen als evenementenlocatie dan hierboven is weergegeven, dan kan het bevoegd gezag de organisator verzoeken om met een akoestisch onderzoek te onderbouwen welke geluidniveaus dienen te worden gehanteerd, podiumopstelling en richting van muziek het beste is.

 

8.3 Kwaliteitscriteria

Wanneer de verzoeken van organisatoren zijn beoordeeld aan de hand van de beleidsregels verdeling tijd en plaats, kan het voorkomen dat er knelpunten ontstaan tussen verschillende evenementen. Bijvoorbeeld omdat zich meer (geluids)evenementen hebben aangemeld dan is toegestaan op de locatie of omdat organisatoren op dezelfde dag een soortgelijk evenement willen organiseren.

 

Op dat moment ontstaat er beleidsmatige schaarste; in dit beleid is immers bepaald hoeveel evenementen, evenementdagen, geluidsevenementen etc zijn toegestaan. Deze schaarste wordt verdeeld via een aantal kwaliteitscriteria die in de APV zijn opgenomen. In dit beleid worden deze criteria nader uitgewerkt.

 

De evenementen worden getoetst aan de criteria en ontvangen punten wanneer zij voldoen aan de vereisten. Het evenement met de meeste punten heeft als eerste voorrang om geplaatst te worden op de evenementenkalender.

Bij een aantal criteria zijn meerdere factoren van belang en kunnen er meer punten gescoord worden. Bij een aantal factoren kan slechts eenmaal gescoord worden. Deze factoren worden tezamen benoemd en gescheiden door het woord ‘óf’.

Het aantal punten wordt verder als volgt verdeeld:

 

Kwaliteitscriteria

Punten

  • i.

    Bijdragen aan de positie van ’s-Hertogenbosch als toonaangevende datastad

    • a.

      Het evenement richt zich inhoudelijk op de verwerking van data:

    • b.

      Het evenement maakt op innovatieve wijze gebruik van data:

 

1

1

  • ii.

    Bijdragen van het aan cultuurparticipatie en Cultuurstad van het zuiden

 

  • a.

    Het evenement is landelijk onderscheidend cultuuraanbod

  • b.

    Het evenement heeft een landelijke uitstraling

  • c.

    Het evenement draagt bij aan het totale culturele klimaat in de gemeente

 

 

1

1

1

  • iii.

    Zonder winstoogmerk en vrij en gratis toegankelijk

 

  • a.

    Het evenement kent geen winstoogmerk

  • b.

    Het evenement is geheel vrij en gratis toegankelijk, óf;

  • c.

    Het evenement is gedeeltelijk vrij en gratis toegankelijk

 

 

1

2

1

  • iv.

    Voor jongeren georganiseerd

 

  • a.

    Het evenement richt zich geheel op jongeren tussen 16-25 jaar óf:

  • b.

    Het evenement richt zich ook op jongeren tussen 16-25 jaar

 

 

2

1

  • v.

    Een lokale binding hebben

 

  • a.

    De organisatie is geworteld in de gemeente

  • b.

    De organisatie bestaat uit Bossche jongeren tussen 16-25 jaar

  • c.

    De organisatie heeft binding met de locatie van het evenement

  • d.

    Het evenement wordt georganiseerd door Bossche vrijwilligers

 

1

1

1

1

  • vi.

    Maatschappelijk en duurzaam ondernemen

 

  • a.

    Het evenement heeft het keurmerk Future Proof Festival, A Greener Festival Award of de Barometer Duurzame Evenementen of voldoet aan de Bossche richtlijn

 

 

2

  • vii.

    Evenement zonder vuurwerk

 

  • a.

    Het evenement maakt geen gebruik van vuurwerk

 

 

1

  • viii.

    Constateringen uit evaluatie

 

  • a.

    Bij hetzelfde voorgaand evenement van dezelfde organisator zijn overtredingen geconstateerd van de evenementenvergunning en/of andere wettelijk voorgeschreven eisen en dit blijkt uit de eindevaluatie.

 

 

-2

 

In totaliteit zijn maximaal 17 punten te scoren. Het evenement dat bij een knelpunt de meeste punten scoort krijgt voorrang op de evenementenkalender. Vervolgens wordt gekeken naar het evenement dat op een na hoogst scoort of plaatsing op de kalender nog mogelijk is. Daarna het evenement dat op twee na hoogst scoort en zo verder.

Op een gegeven moment zal de evenementenkalender ‘vol’ zijn op basis van deze beleidsregels. De andere evenementenverzoeken worden dan niet meer op de kalender geplaatst.

 

Op het moment dat er een knelpunt is voor de evenementenkalender én meerdere verzoeken zijn ingediend én deze verzoeken hetzelfde aantal punten scoren én er niet voldoende plaats is voor al deze concrete verzoeken op de evenementenkalender, zal loting plaatsvinden.

 

De evenementenkalender zal eerst door het college worden vastgesteld zonder deze evenementen. Daarna vindt loting plaats bij de notaris. De notaris ontvangt per knelpunt de verschillende verzoeken van organisatoren. Per knelpunt trekt de notaris een lot waarop het evenement staat dat voorrang verkrijgt. De ingelote verzoeken worden, na vaststelling van de evenementenkalender, alsnog op de evenementenkalender geplaatst.

 

De bekendmaking van de evenementenkalender vindt plaats nadat de ingelote verzoeken op de evenementenkalender zijn bijgeplaatst. Nadat de evenementenkalender bekend is gemaakt, staat bezwaar en beroep open tegen het besluit.

 

9 Vergunningverlening

9.1 Categorisering evenementen

In het kader van de vaststelling van de evenementenkalender vindt onder regie van de gemeente ‘s-Hertogenbosch een veiligheidsoverleg plaats met verschillende disciplines van de gemeente, de hulpdiensten (politie, brandweer & GHOR) en andere partners. Tijdens dit veiligheidsoverleg wordt de behandelscan behandeld voor alle (grotere) aangemelde evenementen in de openbare ruimte die geclassificeerd moeten worden.

 

De behandelscan is het instrument dat gebruikt wordt om de evenementen te classificeren. In de behandelscan wordt een evenement beoordeeld door te kijken naar het publieksprofiel, ruimtelijk profiel en het activiteitenprofiel van het evenement. Met het invullen van de behandelscan worden de evenementen geclassificeerd en daarmee wordt de behandelmethode van de evenementen voor het volgende jaar bepaald. De behandelscan wordt ook ingevuld voor nieuwe evenementen die gaandeweg het jaar binnenkomen.

 

De volgende classificaties worden onderscheiden:

  • 0-evenementen: evenement met een laag risicoprofiel, waarbij sprake is van een zeer beperkte impact op de directe omgeving en het verkeer, waarvoor geen vergunning hoeft te worden aangevraagd.

  • A-evenementen: evenementen met laag risico en beperkte impact voor de openbare orde, omgeving en verkeer (regulier evenement).

  • B-evenementen: evenementen met middelgroot risico en vergrote impact op de openbare orde, directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer(aandacht-evenement).

  • C-evenementen: evenementen met groot risico en grote impact op de openbare orde, de gemeente en/of regionale gevolgen voor het verkeer (risico-evenement).

 

A. evenement

B. evenement

C. evenement

Monodisciplinaire advisering3

Optioneel

Ja

Ja

Integrale advisering

Nee

Optioneel

Ja

Behandelaanpak per categorie evenement

 

0-evenement

In de APV is bepaald welke evenement vallen onder een 0-evenement. De daarin genoemde criteria zorgen ervoor dat alleen kleinschalige evenementen zonder of zeer weinig impact op de omgeving en het verkeer, vallen onder de meldingsplicht. De burgemeester stelt nadere voorschriften vast waar meldingsplichtige evenementen aan moeten voldoen (zie bijlage A)

 

A- evenement

Indien de classificatie uitkomt op een A evenement, dan voldoen in basis de standaardvoorwaarden van de hulpdiensten. Het kan voorkomen dat er specifieke risico’s zijn voor bepaalde onderdelen van een evenement op gebied van de openbare orde & veiligheid en/of de volksgezondheid. In dat geval wordt voor deze onderdelen advies gevraagd bij de hulpdiensten.

 

B- evenement

Bij B evenementen wordt standaard advies gevraagd aan de hulpdiensten. Door de risico’s en (ver)grote impact op de omgeving kan de organisator gevraagd worden een risico analyse en een veiligheidsplan op te stellen. In het veiligheidsplan beschrijft de organisator de risico’s, scenario’s en de daarvoor te nemen maatregelen. De gemeente kan de organisator adviseren en ondersteunen, maar de organisator blijft te allen tijde zelf verantwoordelijk voor de veiligheid bij het evenement.

 

C-evenement

Bij C evenementen wordt er naast een mono-advies, ook om integraal advies gevraagd aan de Veiligheidsregio. Daarnaast wordt er bij C evenementen voor gekozen om een specifiek projectoverleg op te zetten door het hoge risicoprofiel. Bij een hoog risicoprofiel is een integrale voorbereiding van belang om de risico’s in kaart te brengen voor het evenement. Het projectoverleg dient tevens ter begeleiding van de voorbereidingen van het evenement op het gebied van o.a. openbare veiligheid, crowd management en mobiliteit.

Met het invullen van de behandelscan is het mogelijk voor de politie, brandweer en GHOR om hun capaciteit op tijd in te plannen. Daarnaast kan het invullen van de scan een rol spelen bij de spreiding van de grote evenementen door het kalenderjaar heen in tijd en locatie.

Het is op basis van de APV verboden om zonder vergunning of melding een evenement te organiseren. De vergunning wordt door de burgemeester verstrekt. Om voor een evenementenvergunning in aanmerking te komen, moet aan een aantal eisen worden voldaan op het gebied van:

  • openbare orde;

  • openbare veiligheid;

  • volksgezondheid;

  • de bescherming van het milieu.

 

9.2 Indienen aanvraag

Hieronder worden drie soorten aanvragen van elkaar onderscheiden. Het is mogelijk dat een melding voor een evenement volstaat, waarvoor standaardvoorwaarden beschreven staan. Verder worden er twee soorten aanvragen onderscheiden. Het aanvragen van een evenementenvergunning voor een klein evenement (overwegend A-evenementen) en het aanvragen van een evenementenvergunning voor een groot evenement (overwegend B-C evenementen). In de APV zijn de voorwaarden vermeld waar een aanvraag aan moet voldoen.

 

0-evenement (melding)

Voor het organiseren van een evenement is niet altijd een noodzakelijk om een vergunning aan te vragen. De raad heeft kleine evenementen uitgezonderd van de vergunningplicht en heeft een meldingsplicht voorgeschreven voor 0 evenementen. In overleg met de gemeente kan er een verkeersplan gemaakt worden voor de organisatie.

 

Klein evenement (overwegend A- evenementen)

Een organisator van een evenement tot 500 bezoekers moet een aanvraag middels het aanvraagformulier voor een klein evenement indienen. Bij bepaalde evenementen kan gevraagd worden om toch het aanvraagformulier voor een groot evenement in te vullen, omdat uit de behandelscan blijkt dat er (ver)grote risico’s zijn voor de openbare orde & veiligheid.

 

Het aanvragen van een A- evenement moet 8 weken voor aanvang van het evenement worden ingediend, volgens het vastgestelde formulier. Het formulier omvat alle onderdelen die nodig zijn om het evenement in behandeling te kunnen nemen. Een organisator van een klein evenement kan om een risico inschatting, veiligheidsplan en plattegrond van het evenement worden gevraagd.

 

Groot evenement (overwegend B- C evenementen)

Een organisator van een evenement met meer dan 500 bezoekers moet een aanvraag middels het aanvraagformulier voor een groot evenement indienen. Bij bepaalde evenementen kan gevraagd worden om toch het aanvraagformulier voor een klein evenement aan te vragen, omdat uit de behandelscan blijkt dat de risico’s voor de openbare orde & veiligheid minimaal zijn.

 

Het aanvragen van een B- of C- evenement moet 12 weken voor aanvang van het evenement gebeuren, volgens het vastgestelde formulier. Het formulier omvat alle onderdelen die nodig zijn om het evenement in behandeling te kunnen nemen. Een organisator van een groot evenement moet zorgen voor het indienen van een risico-inschatting, veiligheidsplan en een plattegrond van het evenement.

 

9.3 Intake

Voor alle B-, en C evenementen wordt een intake gepland met de organisator van het evenement. De intake wordt gepland nadat de organisator zijn eerste aanvraag heeft ingediend. Op deze manier wordt aan de hand van de ingediende stukken de aanvraag besproken en kan eventueel om aanvullingen worden gevraagd. Daarnaast wordt, indien mogelijk, het evaluatie formulier van het voorgaande jaar besproken met de aandachtspunten uit voorgaande jaren. Naar aanleiding van deze informatie kan om aanvullingen worden gevraagd.

 

Bij kleine evenementen (A- evenement) volstaat informatie waarbij alle activiteiten beschreven staan die tijdens het evenement georganiseerd worden. Daarnaast vragen wij organisatoren om na te denken over de beslissingsbevoegdheid tijdens evenementen. “Wie alarmeert bijvoorbeeld de hulpdiensten?” is een vraag waar een organisator van een klein evenement over na moet denken. Echter kan daarnaast om een veiligheidsplan worden gevraagd indien het evenement (vergrote) impact heeft op de openbare orde & veiligheid.

 

Voor alle grote evenementen (B-, en C categorie) is het verplicht om bij de vergunningsaanvraag een veiligheidsplan in te dienen. In het veiligheidsplan beschrijft een organisator de veiligheidsmaatregelen die hij/ zij gaat treffen op gebied van openbare orde & veiligheid en volksgezondheid. Het veiligheidsplan vormt een belangrijke input voor de risico-inschatting van het evenement.

 

Op basis van de risico-inschatting kan het vervolgens nodig zijn dat een organisator het veiligheidsplan verder uit moet breiden. Voor het schrijven van een veiligheidsplan is een vastgesteld infoblad ontwikkeld waarin alle onderdelen staan beschreven die in het veiligheidsplan terug moeten komen.

Zo moet het veiligheidsplan o.a. bestaan uit de volgende onderdelen:

  • omschrijving evenement (publieksprofiel, activiteitenprofiel en het ruimtelijk profiel);

  • programmering;

  • risico’s tijdens het evenement;

  • scenario’s op basis van de risico’s;

  • maatregelen om risico’s te beheersen.

Het veiligheidsplan is een belangrijk onderdeel van de toetsing van het evenement door de gemeente en haar partners.

 

9.4 Toetsing

De aanvraag wordt bij binnenkomst getoetst op volledigheid (ontvankelijkheidstoets). Nadat een aanvraag compleet is wordt deze ter advisering opgestuurd naar betrokken partners. Indien de aanvraag onvolledig is wordt de aanvrager verzocht om de aanvraag aan te vullen en compleet te maken. De aanvrager krijgt hiervoor een redelijke termijn waarbinnen de aanvraag compleet moet zijn. Is de aanvraag na de gestelde termijn (nog) niet compleet, dan kan de aanvraag buiten behandeling worden gesteld.

 

Gedurende het proces van vergunningverlening wordt duidelijk welke fysieke voorzieningen het evenement nodig heeft, welke veiligheidseisen worden gesteld en welke kosten hieraan zijn verbonden. Op basis van de door de gemeente gevraagde adviezen aan de Brandweer, GHOR, Politie, de interne gemeentelijke afdelingen en mogelijk externe partners, worden aan de evenementenvergunning voorwaarden verbonden of wordt er om aanvullende informatie gevraagd.

 

Bij de aanvraag van een evenementenvergunning wordt een veelheid aan aspecten getoetst. Enerzijds om overlast, onveiligheid en gevaarzetting te voorkomen en anderzijds om te kunnen beoordelen welke voorschriften concreet aan de vergunning moeten worden verbonden. Als er sprake is van te grote risico's, waarvoor geen oplossingen zijn of risico's die niet kunnen worden geminimaliseerd, kan deze toetsing leiden tot weigering van de vergunning.

 

9.5 Weigeringsgronden voor vergunningverlening

De burgemeester kan het verlenen van een evenementenvergunning weigeren op basis van de in de APV genoemde weigeringsgronden

 

Besluit, bezwaar en beroep

De evenementenvergunning of weigering daartoe is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Binnen zes weken na afgifte van het besluit staat het belanghebbende vrij om een bezwaar in te dienen bij de burgemeester.

 

9.6 Wijzigingen

Nadat een vergunning is verleend, is het voor organisatoren verplicht om veranderingen te melden als het gaat om de inrichting van het evenement. Wijzigingen kunnen namelijk gevolgen hebben voor de veiligheid en geluidsniveau op en rondom het evenemententerrein en moeten daarom opnieuw getoetst worden. Met de evenementenvergunning wordt namelijk akkoord gegeven voor de al ingediende plannen en niet voor latere wijzigingen.

 

10 Toezicht en Handhaving

 

De doelstelling van toezicht en handhaving is de naleving van opgestelde voorschriften aan de evenementenvergunning en andere relevante wet- en regelgeving. Hiermee wordt beoogd dat openbare ordeproblemen zoals overlast voor de omgeving worden tegengegaan en de veiligheid voor, tijdens en na het evenement wordt gewaarborgd.

 

10.1 Uitgangspunten toezicht & handhaving

Hieronder worden de uitgangspunten rondom toezicht & handhaving bij evenementen in de gemeente ’s-Hertogenbosch nader omschreven. Deze paragraaf gaat in op de verantwoordelijkheid van de organisator, de beoordelingsruimte, proportionaliteit en subsidiariteit, de afwijkingsbevoegdheid en de overtreding van meerdere voorschriften.

 

10.1.1 Verantwoordelijkheid

De organisator van het evenement is primair verantwoordelijk voor de veiligheid op het evenemententerrein, zowel voor, tijdens als na het evenement. De organisator is daarmee verantwoordelijk voor de naleving van de evenementenvergunning en dient ervoor te zorgen dat het evenement ordelijk, beheersbaar en veilig verloopt. In de evenementenvergunning worden hierover duidelijke voorschriften opgenomen. Met het verlenen van deze vergunning wordt dan ook het vertrouwen gegeven aan een organisator dat hij zich houdt aan de aan hem gegeven verantwoordelijkheid.

 

10.1.2 Beoordelingsruimte

Uit de jurisprudentie blijkt dat als hoofdregel moet gelden dat in beginsel moet worden opgetreden tegen geconstateerde overtredingen. Hierop zijn slechts weinig uitzonderingen mogelijk. Het bestuursorgaan heeft wel beoordelingsruimte in de wijze waarop wordt opgetreden. In deze uitvoeringsregels wordt de beoordelingsruimte nader ingevuld. Vastgelegd wordt op welke wijze wordt opgetreden tegen de meest voorkomende overtredingen. Uiteraard kunnen zich altijd uitzonderingsgevallen voordoen. In die gevallen kan van het beleid worden afgeweken. Hierbij wordt gemotiveerd waarom een lichtere of een zwaardere sanctie wordt gegeven.

 

10.1.3 Proportionaliteit en subsidiariteit

In de handhaving is het wegen van de aard en de ernst van een overtreding het uitgangspunt voor de wijze van sanctionering. De toezichthouder/ handhaver kijkt naar de ernst van de overtreding, het doel van het voorschrift en weegt af welk middel hij of zij kan inzetten. De straf of sanctie moet in verhouding zijn tot de overtreding. Uitgangspunt is om op de minst ingrijpende manier op te treden. Het toepassen van een dwangmiddel is niet geoorloofd als het doel op een minder ingrijpende manier kan worden bereikt.

De proportionaliteit komt ook terug in de keuze om bij aanhoudende overtredingen zwaarder te sanctioneren dan bij een éénmalige fout.

 

10.1.4 Afwijkingsbevoegdheid

De burgemeester heeft bij zijn besluitvorming over de te treffen maatregelen een inherente afwijkingsbevoegdheid. Hierdoor bestaat de mogelijkheid om van de uitvoeringsregels af te wijken. Indien sprake is van verzwarende omstandigheden of excessen, dan kan besloten worden om een zwaardere sanctie op te leggen dan de uitvoeringsregels voorschrijven. Daarnaast is het mogelijk om in onvoorziene uitzonderingssituaties een lichtere of geen sanctie op te leggen. Bij het bepalen van de wijze waarop handhavend wordt opgetreden worden eerdere ervaringen met de organisator en/of met het evenement meegewogen. In beide gevallen geldt een verzwaarde motiveringsplicht.

 

10.1.5 Overtreding van meerdere voorschriften

Het komt voor dat voor, tijdens of na het evenement meerdere overtredingen worden geconstateerd. In dat geval zal in de regel de zwaarste sanctie volgen. In sommige gevallen kan ervoor worden gekozen om meerdere sancties tegelijk op te leggen.

 

10.2 Organisatie rondom Toezicht & Handhaving

Het is belangrijk dat de voorschriften uit de evenementenvergunning worden nageleefd door de organisatoren van het evenement. Dit is niet alleen belangrijk voor de veiligheid op het evenemententerrein, maar dient ook ter voorkoming van overlast in de omgeving. Het gaat daarbij niet alleen om het naleven van de voorschriften tijdens de uitvoering van het evenement maar ook tijdens de opbouw- en afbouw van een evenement.

 

De gemeente is in beginsel tijdens een evenement als toezichthouder aanwezig of bereikbaar. De gemeente kan besluiten om niet aanwezig te zijn bij evenementen indien de risico’s voor de openbare orde en veiligheid minimaal zijn. De burgemeester neemt voorschriften op in de evenementenvergunning ter bevordering van de veiligheid op het evenemententerrein. De toezichthouders zien toe op naleving van de vergunningsvoorschriften.

Om handhaving van geconstateerde overtreding te voorkomen worden aan de evenementenvergunning concrete voorschriften gekoppeld. De voorschriften kunnen betrekking hebben op de situatie voor, tijdens en/ of na het evenement.

 

10.3 Momenten van overtredingen

Voor, tijdens en na evenementen kunnen er overtredingen geconstateerd worden door de gemeente waartegen vervolgens door de gemeente handhavend kan worden opgetreden. Voor en na het evenement kan handhavend worden opgetreden, omdat de vergunning van toepassing is op de gehele periode van het evenement, dus inclusief op- en afbouw. De overtredingen zijn ingedeeld in twee soorten:

  • 1.

    Overtredingen waarbij optreden noodzakelijk is door het directe gevaar voor de openbare orde, openbare veiligheid, voor de volksgezondheid en/of voor het milieu;

  • 2.

    Overtredingen die niet spoedeisend zijn en direct optreden niet noodzakelijk is.

 

De gemeente kan in drie fasen optreden tegen overtredingen bij een evenement. Het gaat hier om de fase (1) voor het evenement, (2) tijdens het evenement en (3) na het evenement. Hieronder worden de drie fasen nader toegelicht:

 

10.3.1 Voor het evenement

Voorafgaand aan een evenement kan het voorkomen dat een organisator de gemaakte afspraken/ voorschriften niet nakomt en/of er wordt geconstateerd dat de organisator niet kan voldoen aan de regels uit de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV) en/of het evenementenbeleid. Er zijn twee mogelijkheden om hier tegen op te treden, te weten het intrekken van de evenementenvergunning of door extra voorschriften aan de vergunning te verbinden. Hierbij geldt dat het intrekken van een vergunning kan bij een ernstige vrees voor de openbare orde en veiligheid. De intrekking moet worden gezien als een laatste middel. Hiervoor moeten voldoende concrete bewijzen zijn. Als de intrekking niet proportioneel is, kan de gemeente extra voorschriften opleggen.

 

10.3.2 Tijdens het evenement

De gemeente treedt op bij overtredingen van de vergunning en algemene voorschriften. Indien de overtreding niet spoedeisend is, kan de gemeente handhavend optreden door bijvoorbeeld een last onder dwangsom op te leggen.

 

Het kan ook voorkomen dat er een ernstig gevaar is voor de openbare orde en veiligheid. Daarbij kan gedacht worden aan grote verstoring van de openbare orde en veiligheid tijdens het evenement (rellen en opruiing of extreme weersomstandigheden). In dergelijke gevallen kan spoedeisende bestuursdwang toegepast worden of is het mogelijk noodbevelen uit de Gemeentewet in te zetten. Bij spoedeisende bestuursdwang voert de gemeente de maatregelen direct uit (op kosten van de overtreder) of wordt het evenement stilgelegd. Het besluit van deze maatregel wordt zo spoedig mogelijk na het evenement op papier aan de overtreder toegezonden. Dit is de meest vergaande maatregel en moet voldoende worden gemotiveerd.

 

10.3.3 Na het evenement

Indien tijdens het evenement een overtreding wordt begaan, maar de openbare orde en veiligheid niet ernstig in het geding komt, vindt eventueel optreden plaats na het evenement. In deze gevallen wordt de overtreding tijdens het evenement gemeld, maar ontvangt de organisator het besluit later. Zo kan de organisator een waarschuwing ontvangen en wordt dit meegenomen naar een toekomstig evenement.

 

Na afloop van het evenement wordt gecontroleerd of de organisator het terrein oplevert zoals deze vooraf is afgegeven door de gemeente bij de 0- meting. De organisator moet zich ook na afloop conformeren aan de voorschriften uit de vergunning. Na het evenement vindt een evaluatie plaats. Afhankelijk van het evenement en de behoefte van de betrokken partijen, vindt deze evaluatie plaats samen met de organisator van het evenement. In de evaluatie met een organisator worden geconstateerde overtredingen besproken om de oorzaak te achterhalen en overtredingen bij een volgend evenement van de organisator te voorkomen. Geconstateerde overtredingen kunnen gevolgen hebben voor volgende evenementen.

 

10.3.4 Geen evenementenvergunning, wel evenement

Er komen situaties voor waarbij er een evenement gaande is zonder dat daar een evenementenvergunning aan ten grondslag ligt. Het is niet toegestaan om een evenement te organiseren zonder vergunning omdat het evenement in dat geval niet is getoetst aan de APV en het integraal evenementenbeleid. Handhavend optreden zal dan in overleg met de veiligheidspartners worden ingezet en per individueel geval wordt bekeken welke vorm van optreden proportioneel en subsidiair is. Dit kan leiden tot een volledige stillegging en/of ontruiming van het evenement.

 

10.4 Stappenplan

Hieronder staat de stappenplan beschreven die de gemeente ’s-Hertogenbosch toepast bij handhaving rondom evenementen. Hiermee wordt beoogd dat openbare ordeproblemen zoals overlast voor de omgeving worden tegengegaan en de veiligheid voor, tijdens en na het evenement wordt gewaarborgd. In onderstaand schema worden de meest voorkomende overtredingen benoemd die plaatsvinden tijdens een evenement. De vergunningsvoorschriften die zijn opgesteld, worden gecontroleerd aan de hand van een checklist. Elk geconstateerd gebrek wordt gerapporteerd en daaraan is handhavingsinstrument gekoppeld, zoals een last onder dwangsom. Dit gaat aan de hand van het onderstaande stappenplan waarin aangegeven staat op welke wijze gesanctioneerd wordt. Dit stappenplan betekent in de regel, dat ondanks een eerdere sanctie wederom een overtreding wordt begaan, een volgende zwaardere stap volgt.

 

 

Overtreding

Stap

Handhaving/sanctie

1.

Plaatsen van niet aangevraagde voorwerpen / niet conform tekening

1

  • Waarschuwing (mondeling) of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang en last onder dwangsom voor herhaling.

 

 

2

  • Last onder dwangsom of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang.

 

 

3

  • Volgend jaar kan evenement geweigerd worden.

2.

Overtreding van de veiligheidsvoorschriften uit de evenementenvergunning

1

  • Waarschuwing (mondeling) of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang en last onder dwangsom voor herhaling.

 

 

2

  • Last onder dwangsom of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang.

 

 

3

  • Volgend jaar kan evenement geweigerd worden.

3.

Overtreding van de eindtijd van het evenement per dag.

1

  • Last onder dwangsom of bestuursdwang

 

 

2

  • Volgend jaar kan evenement geweigerd worden.

4.

Op- en afbouw: Constateren van overtreden eindtijd.

1

  • Waarschuwing (mondeling)

 

 

2

  • Last onder dwangsom.

 

 

3

  • Volgend jaar kan evenement geweigerd worden.

5.

Onvoldoende beveiliging en/of EHBO aanwezig.

1

  • Waarschuwing (mondeling) of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang en last onder dwangsom voor herhaling.

 

 

2

  • Last onder dwangsom of bij direct gevaar voor openbare orde en veiligheid: spoedeisende bestuursdwang.

 

 

3

  • Volgend jaar kan evenement geweigerd worden.

6.

Vernieling aan openbare voorziening / ruimte door organisator

1

  • Schade wordt verhaald op de organisator.

7.

Schenken aan minderjarigen onder de 18 (aansluitend op uitvoeringsregels handhaving Drank- en Horeca).

1

  • Bestuurlijke boete.

 

 

2

  • (Hogere) bestuurlijke boete.

 

 

3

  • (Hogere) bestuurlijke boete.

 

 

4

  • Volgend evenement geen vergunning.

8.

Geen ontheffing drank en horecawet (artikel 35 DHW) aansluitend op uitvoeringsregels handhaving Drank- en Horeca).

1

  • (Mondelinge) waarschuwing en gelegenheid om activiteit direct te stoppen.

 

 

2

  • Bestuursdwang of last onder dwangsom strekkende tot sluiting van het evenement.

9.

Afwezigheid leidinggevende (aansluitend op uitvoeringsregels handhaving Drank- en Horeca).

1

  • Waarschuwing (mondeling)

 

 

2

  • Last onder dwangsom.

 

 

3

  • Volgend evenement geen vergunning.

10.

Geluidoverschrijding

1

  • Waarschuwing (mondeling).

 

 

2

  • Last onder dwangsom.

 

 

3

  • Volgend evenement geen vergunning.

 

10.4.1 Overige overtredingen

Niet alle mogelijke overtredingen zijn hierboven genoemd. Bij overige overtredingen treedt de gemeente op passende wijze op. Denk hierbij aan het opleggen van een last onder dwangsom. Hierbij wordt rekening gehouden met de proportionaliteit. De straf of sanctie moet namelijk in verhouding zijn met de overtreding. Uitgangspunt is om op de minst ingrijpende manier op te treden. Het toepassen van een dwangmiddel is niet geoorloofd als het doel op minder ingrijpende manier kan worden bereikt.

 

10.4.2 Evaluatie en gevolgen

De B- en C- evenementen worden geëvalueerd. A- evenementen evalueren we wanneer het proces of de uitvoering van het evenement daar aanleiding toe geven. Eventuele verbeteringen passen we het daaropvolgende jaar toe. De resultaten van de eerdere evaluatie kunnen gevolgen hebben voor de plaatsing op de evenementenkalender en toekomstige vergunningverlening bij een negatieve rapportage. Deze evenementen kunnen in het volgende jaar strengere voorschriften krijgen of geweigerd worden in het geval dat het risico van bovenmatige hinder te groot wordt beoordeeld.

 

11 Richtlijnen bij vergunningverlening

 

 

11.1 Verkeer

De organisator is verantwoordelijk voor goede bereikbaarheid voor bezoekers en hulpdiensten bij de op- en afbouw en uitvoering van een evenement en dient maatregelen te nemen om de gevolgen van een evenement voor de lokale verkeerssituatie zo veel mogelijk te beperken. Richtlijnen hieromtrent worden opgenomen in de evenementenvergunning.

 

Afhankelijk van de aard en omvang van een evenement kunnen de volgende acties van een organisator verlangd worden:

  • Bij grotere evenementen het opstellen van een verkeerscirculatieplan inclusief een hekken- en bordenplan op basis van de CROW richtlijnen.

  • Het opstellen van een ontruimingsplan (als onderdeel van het veiligheidsplan).

  • Het inzetten van verkeersregelaars. Bij grotere evenementen dienen beroeps verkeersregelaars ingezet te worden, bij kleinere evenementen kan volstaan worden met evenementen verkeersregelaars (vrijwilligers).

Uitgangspunt is dat evenementen prioriteit hebben boven wegwerkzaamheden. Dit betekent dat bij werkzaamheden rekening wordt gehouden met de programmering van de evenementenkalender.

 

11.2 Alcohol

Wanneer op een evenement alcohol wordt geschonken, is de organisator verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen in het kader van verantwoord alcoholgebruik. Dit betekent dat de organisator maatregelen moet nemen om dronkenschap en het schenken aan minderjarigen te voorkomen.

Tijdens een evenement is het toegestaan om zwakalcoholhoudende drank te verstrekken of aanwezig te hebben. Pre-mixed dranken zijn daarmee toegestaan, ter plaatse gemixte alcoholhoudende drank echter niet. Dit laatste wordt aangemerkt als sterk alcoholhoudende drank.

De organisator moet een ontheffing ex artikel 35 van d Drank en Horecawet aanvragen voor het verstrekken en schenken van alcoholhoudende drank.

 

11.3 Drugs bij (dance) evenementen

Een dance evenement is een voor publiek toegankelijk evenement waar dance, house, techno, trance, hardstyle en hardcore muziek wordt afgespeeld. Het is algemeen bekend dat dit soort evenementen een verhoogd risico hebben op intoxicaties door drugsgebruik. Hierdoor kan de veiligheid en volksgezondheid in het gedrang komen.

Het (drugs)beleid van de gemeente ’s-Hertogenbosch is daarom gericht op het inzetten van preventieve maatregelen en op het beperken van de gezondheidsrisico’s op het evenemententerrein. Hieronder is opgenomen voor de verschillende stadia (voor, tijdens en na het evenement) wat de aandachtspunten zijn en waar de organisatoren aan dienen te voldoen.

 

11.3.1 Voorafgaand aan het evenement

 

Organisatoren van dance evenementen dienen een aanvraag in. Bij het indienen van de aanvraag moet de organisator een paragraaf opnemen in het veiligheidsplan over het drugs(gebruik). Deze paragraaf zorgt ervoor dat de organisatoren zelf gaan nadenken over de risico’s en de maatregelen voor drugs(gebruik). Hierbij dient in te worden gegaan op de huisregels, voorlichting, het plaatsen van een Dropbox, visitatie, het plaatsen van een drugskluis en temperatuurregulering. Indien uit de aanvraag blijkt dat het nodig is, kan de burgemeester aan de vergunning vergunningsvoorschriften verbinden omtrent drugs(gebruik).

 

Om ervoor te zorgen dat verschillende betrokken partijen op de hoogte zijn van de aanpak omtrent drugs(gebruik), worden er vooraf afspraken gemaakt. In ieder geval wordt er gehandeld conform de afspraken van het OM, de politie, de beveiliging en de burgemeester.

 

11.3.2 Tijdens het evenement

Huisregels

Een organisator is verplicht om huisregels op te stellen. In deze huisregels dient in ieder geval te staan dat het verboden is om hard- en softdrugs in bezit te hebben op het evenementen(terrein) of mee te brengen naar het evenementen(terrein).

 

Deze huisregels moeten voor aanvang van het evenement kenbaar worden gemaakt. Ook moeten deze huisregels kenbaar worden gemaakt bij de toegang van het evenement. De beveiliging kan daardoor op basis van de huisregels optreden, aangezien de bezoeker stilzwijgend akkoord gaat met de huisregels na betreding van het evenementen(terrein).

 

Voorlichting

Het is van belang om bewustwording te creëren bij bezoekers. De organisatie dient dan ook actief voorlichting te geven voor en tijdens het evenement. Dit kan bijvoorbeeld door voorlichting te geven op de website of via social media en door het plaatsen van een stand van Celebrate Safe tijdens het evenement waar voorlichting wordt gegeven.

 

Dropbox

Een Dropbox biedt bezoekers de gelegenheid om vrijwillig en anoniem afstand te doen van drugs, voordat zij door de toegangscontrole van een evenement gaan. De organisatie dient een Dropbox te plaatsen voor de ticketcontrole. Deze Dropbox is gesloten en bevat een gleuf. Alleen de politie heeft toegang tot de inhoud van de Dropbox.

 

Visiteren

Iedere bezoeker wordt bij de toegang gevisiteerd. Dit betekent dat de bezoeker van het evenement wordt gevraagd om zijn of haar zakken te legen en zijn of haar tas te openen. De beveiliging kan daardoor het naar binnen brengen van drugs tegengaan.

 

Drugskluis

Er dient een drugskluis aanwezig te zijn. Deze is gesloten, bevat een gleuf en alleen de politie heeft hiervan de sleutel. Als de drugs niet vrijwillig worden gedeponeerd in de Dropbox en er drugs worden aangetroffen bij de bezoekers, dan worden de drugs in beslag genomen. De drugs worden dan in de drugskluis gedeponeerd. Mocht de aangetroffen drugs aanleiding geven tot een strafrechtelijk onderzoek, dan zal de persoon verwijderd worden van het evenementen(terrein).

 

Temperatuurregulering

Gebruikers van drugs kunnen diverse acute gezondheidsproblemen ervaren als direct gevolg van het drugsgebruik, zoals misselijkheid, hoofdpijn en oververhitting. De omgeving waarin het drugsgebruik plaatsvindt, kan van bepalende invloed zijn op het ontstaan of verergeren van deze gezondheidsproblemen. Het is daarom wenselijk dat de organisator hier maatregelen voor treft, zoals het analyseren van de temperatuur en de luchtvochtigheid, het beschikbaar stellen van gratis drinkwater en het inrichten van een chill-ruimte. Een chill-ruimte is een ruimte waar mensen kunnen uitrusten en afkoelen. Er wordt dan geen harde muziek gedraaid, er zijn zitplaatsen en mensen kunnen vrij in- en uitlopen.

 

Handhaving

De vergunningsvoorschriften die zijn opgesteld, worden gecontroleerd door een toezichthouder aan de hand van een checklist. Elk geconstateerd gebrek wordt gerapporteerd en daaraan kan een handhavingsinstrument worden gekoppeld, zoals een last onder dwangsom.

 

11.3.3 Na het evenement

Het evenement wordt geëvalueerd. Door gezamenlijk een evaluatie uit te voeren, worden potentiële verbeteringen voor toekomstige evenementen in beeld gebracht. Bovendien wordt de samenwerking tussen de organisator, gemeente en ander partners gestimuleerd. De checklist wordt meegenomen in de evaluatie en heeft mogelijk gevolgen voor een volgende editie.

 

Indien bij evenementen anders dan dance evenementen uit de behandelaanpakscan van de Veiligheidsregio een verhoogd risico op drugs (gebruik) volgt, dan zijn bovenstaande aandachtspunten eveneens van toepassing.

 

11.4 Gratis drinkwater

Wanneer de buitentemperatuur hoger oploopt, wordt de kans op oververhitting van bezoekers groter. De organisator heeft een verantwoordelijkheid om hiertegen maatregelen te nemen. In voorkomende gevallen kan verplicht worden gesteld om drinkwater gratis toegankelijk te maken en gekoeld drinkwater beschikbaar te stellen bij de EHBO-posten en/of verzorgingsposten.

Bij evenementen waarbij deelnemers grote inspanning leveren, zoals sportevenementen, kan de organisatie verplicht worden om gratis drinkwater toegankelijk te maken.

 

11.5 Lachgas

Het gebruik van lachgas is sinds juli 2016 sterk gestegen. Vanaf dat moment valt lachgas niet meer onder Geneesmiddelenwet, maar onder de Warenwet. Daarmee is lachgas een legaal middel geworden dat recreatief gebruikt mag worden.

Waar voorheen geen gevaar werd gezien in recreatief gebruik, wordt inmiddels door professionals getwijfeld over de schadelijkheid van lachgas. Eerste onderzoeken laten een beeld zien, waarbij (veelvuldig) gebruik van lachgas schadelijk is voor de gezondheid.

Net zoals bij drugsgebruik zet de burgemeester bij lachgas in op het tegengaan van het gebruik. Om die reden wordt het verbod op verkoop dan wel het gebruik daarvan, als standaard voorwaarde in alle evenementenvergunningen opgenomen. Met het verbod wordt in ieder geval voorkomen dat op evenemententerreinen lachgas wordt verkocht en wordt gebruikt.

 

11.6 Geluid

Voor de belangrijkste evenementenlocaties worden de geluidsnormen per evenement vastgesteld. Bij het indienen van de aanvraag voor een evenementenvergunning moeten de akoestische gegevens over het evenement worden aangeleverd met daarop onder andere de plaats van het podium en de geluidsbronnen, met de afstand tot de meest dichtbij gelegen woningen/panden. Bij een geluidsevenement dient een volledig akoestisch onderzoek op basis van de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai, 1999 (of diens opvolger) te worden aangeleverd.

Aan de hand van deze gegevens wordt getoetst of aan de geluidsnormen kan worden voldaan. Is dit niet het geval, dan moeten alternatieven worden afgewogen of er moet een bestuurlijk besluit genomen worden over de vraag ontheffing of niet en onder welke voorwaarden. Indien wel aan de normen kan worden voldaan, worden er voorschriften in de vergunning opgenomen om binnen de geluidsnormen te blijven.

Specifiek voor de Parade en Kerkplein wordt in het kader van de vergunningverlening nauwgezet gecontroleerd of er qua geluid conflicten kunnen ontstaan met kerkdiensten in de Sint Jan, de Hervormde kerk op het Kerkplein en voorstellingen in het Theater aan de Parade. Zo nodig worden er voorschriften in de vergunning opgenomen om conflicten te voorkomen.

De organisatie draagt er zorg voor dat de omwonenden worden geïnformeerd over het evenement en de activiteiten die gaan plaatsvinden. Tevens wordt door de organisatie aan omwonenden kenbaar gemaakt waar zij eventuele geluidsklachten kunnen indienen. Dit wordt als voorwaarde in de vergunning opgenomen.

 

11.7 Bomen

Bij evenementen kunnen bomen (zwaar) beschadigd raken. Denk aan schades door aanrijding, takschades door het bevestigen van materialen en verdichting van de groeiplaats door parkeerdruk. Als bij de beoordeling van een aanvraag voor een evenementenvergunning blijkt dat er bomen in het spel zijn, kan een bomendeskundige ingeschakeld worden voor advies. De bomendeskundige adviseert over de voorwaarden die in de vergunning gesteld kunnen worden ter bescherming van bomen. Deze verhaalschade kan bestaan uit het herstellen van de schade of het vergoeden van de herplanting.

Bij de voorwaarden die ter bescherming van bomen worden opgenomen in de vergunning, spelen de aan- en afvoerroutes van het materiaal een rol, het te gebruiken materieel en de locaties van tijdelijke bouwwerken, hekwerken etc.

Bij de inrichting van een terrein dient een organisator te zorgen dat de bomen beschermd worden. De eisen worden, indien nodig, als bijlage bij alle vergunningen gevoegd.

De gemeente kan als voorwaarde stellen dat er een boombeschermingsplan wordt gemaakt en dat bij de opbouw en afbouw een bomenwacht aanwezig is en zo nodig ook tijdens het evenement.

 

11.8 Duurzaamheid

Vanaf 2022 dienen organisatoren aan te tonen dat ze voldoen aan de Bossche duurzaamheidsrichtlijn of kunnen aantonen dat ze in bezit zijn van een landelijk erkend milieukeurmerk. De voorwaarde om aan deze eisen te voldoen worden opgenomen in de vergunning.

Voor wat betreft single use plastics dient al in 2021 te worden voldaan aan het verbod op deze materialen. Ook deze voorwaarde zal in de vergunning worden opgenomen.

 

11.8.1 Vuurwerk

In het nieuwe evenementenbeleid is veel aandacht voor duurzaamheid. Ook evenementen moeten duurzamer worden door bijvoorbeeld minder plastic verbruik, scheiden van afval, schone energie etc.

Een specifiek onderdeel van duurzaamheid betreft het gebruik van vuurwerk bij evenementen. Vuurwerk kan overlast veroorzaken voor de omgeving en kan een negatieve invloed hebben op de lucht-, water- en bodemkwaliteit. Anders dan bij Oud en Nieuw is het gebruik van vuurwerk over het algemeen geen traditie die van oudsher al gedurende langere tijd wordt gebruikt bij evenementen. De gemeenteraad heeft aangegeven een voorkeur te hebben voor evenementen die geen vuurwerk gebruiken. Het college geeft om die reden voorrang aan evenementen die geen vuurwerk gebruiken.

 

11.9 Toegankelijkheid

De Gemeente s-Hertogenbosch is een gastvrije gemeente voor alle inwoners en bezoekers. Om die reden hechten wij eraan dat iedereen evenementen kan bezoeker, ook de bezoekers met beperkingen. Hierbij kan gedacht worden aan toegankelijkheid van infrastructuur, toegankelijkheid van informatie, bereikbaarheid van de locatie, zichtbaarheid van podia en toegankelijkheid van sanitair. Per concreet evenement zal samen met de organisatie onderzocht worden wat de mogelijkheden zijn.

 

11.10 Circussen

Gemeenten zijn bij de besluitvorming over het toelaten van evenementen met dieren gebonden aan een juridisch kader dat wordt gevormd door de evenementenregeling in de APV en de voorschriften in de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD).

Hoewel dierwelzijn in de APV geen aparte weigeringsgrond is, kan uit diverse rechterlijke uitspraken worden afgeleid dat gemeenten de mogelijkheid hebben om evenementen met dieren (mede) te beoordelen op dierwelzijnsaspecten.

In ’s-Hertogenbosch wordt de evenementenvergunning voor evenementen met dieren (circussen) geweigerd:

  • a.

    als er sprake is van dierenmishandeling (strijd met de openbare orde)

  • b.

    als de dieren op een weinig respectvolle wijze worden behandeld (strijd met de zedelijkheid)

 

12 Kosten van evenementen

12.1 Leges

Vergunningverlening, toezicht en handhaving rondom evenementen zijn taken van de gemeente. De kosten van deze taken kunnen worden doorberekend aan organisatoren van evenementen door middel van leges. Het gaat ook om kosten als advisering, begeleiding en voorbereiding van evenementen. Leges mogen maximaal 100% bedragen van alle kosten die gemaakt worden voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving. De aanvrager is deze leges ook verschuldigd als de vergunning niet wordt verleend. De hoogte van de leges worden elk jaar vastgesteld in de legesverordening van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

 

12.2 Schade en vervuiling in de openbare ruimte

Wanneer organisatoren schade veroorzaken door niet naleving van de vergunningsvoorwaarden of ten gevolge van het treffen van onvoldoende maatregelen, is de lijn dat deze schade op hen wordt verhaald. Deze schade wordt geconstateerd door middel van en voor- en eindcontrole. Hierbij valt te denken aan schade aan de ondergrond, straatmeubilair, bomen etc. Daarbij wordt de organisator eerst in de gelegenheid gesteld de ontstane schade zelf te herstellen. Gebeurt dit niet, dan wordt de schade voor rekening van de organisator hersteld. Het kwijtschelden van deze kosten is niet aan de orde, omdat daarmee ongewenst gedrag wordt beloond.

 

12.3 Subsidie

Veel evenementen ontvangen een subsidie vanwege het belang dat aan de inhoud van het evenement wordt gehecht. De uitgangspunten hiervoor zijn onder meer vastgelegd in de Nota citymarketing 's-Hertogenbosch en de Nota Evenementenbeleid uit 2006. Naast gemeentelijke bijdragen zijn veel organisatoren ook afhankelijk van andere subsidies, sponsoren, pachtinkomsten, entreegelden, etc.

Indien het beschikbaar stellen van bepaalde faciliteiten onontbeerlijk is voor het evenement, dienen deze kosten bij de subsidieverlening betrokken te worden. Het om niet beschikbaar stellen van faciliteiten is een verkapte vorm van subsidie. Bovendien dient de afweging over nut en noodzaak van het gebruik van door de gemeente te leveren diensten (in relatie tot de kosten) bij de organisatie te liggen en niet bij de gemeente.

 

12.4 Sponsorgelden

Los van de subsidierol, kunnen de gemeente of gemeentelijke onderdelen in voorkomende gevallen ook optreden als sponsor. Dan staat er ook een tegenprestatie tegenover. Een voorbeeld daarvan is het plaatsen van advertenties met een publieke boodschap ( bijv. extra openstelling fietsenstallingen of transferia) in evenementenkranten.

 

12.5 Facilitaire zaken

Voor de facilitaire diensten die de gemeente biedt zoals schoonmaken/vegen, verwijderen van straatmeubilair, parkeerontheffingen en toegangspassen, rioolaansluitingen etc., krijgt de organisator de rekening. Bij bepaalde evenementen neemt de gemeente deze kosten voor zijn rekening. In principe wordt dit beperkt tot de zogenaamde volksfeesten. Vaststelling van deze bijdragen vindt jaarlijks plaats bij besluit van het college in het kader van de jaarlijkse vaststelling van de evenementenkalender door de burgemeester.

Waar het gaat over nutsvoorzieningen, beschikt de gemeente op de meeste evenementenlocaties over elektriciteits- en wateraansluitingen. Dit om te voorkomen dat iedere organisator dit afzonderlijk moet aanvragen, wat omslachtiger is en meer kosten voor de organisator met zich meebrengt. De kosten van openen en sluiten, vastrecht en het daadwerkelijk gebruik zijn voor rekening van de organisator. Het gaat hier om relatief hoge bedragen maar het is gemakkelijker voor de organisator en de kosten zijn aanzienlijk lager dan wanneer men zelf deze voorzieningen zou moeten aanvragen.

Al deze diensten worden aangeboden op basis van een offerte, zodat de organisator vooraf kan bepalen of hij wel of niet van de diensten van de gemeente gebruik wil maken.

Deze diensten worden door meerdere onderdelen van de gemeentelijke organisatie geleverd en in rekening gebracht.

Om te voorkomen dat achteraf discussie ontstaat over de kosten, worden de voorzieningen die de organisator van de gemeente verlangt op basis van offerte aangeboden. De organisator geeft aan welke diensten hij van de gemeente wil ontvangen en de gemeente zendt vooraf een offerte ter goedkeuring.

Het komt vaak voor dat op het laatste moment nog zaken op straat geregeld moeten worden of dat er schade is ontstaan aan de inrichting van de openbare ruimte. In de praktijk blijkt het achteraf verhalen van de kosten van deze aanvullende faciliteiten, het niet schoon opleveren van het terrein of schades aan het terrein, een behoorlijke administratieve druk op de gemeente te leggen, vooral omdat het vaak om relatief kleinere bedragen gaat. De gemeente kan in die gevallen vooraf door de evenementenorganisator een waarborgsom laten storten. Na afloop van het evenement wordt deze som teruggestort, met verrekening van eventuele aanvullende faciliteiten. De hoogte van de waarborgsom wordt per evenement bepaald (omvang, risico's, ervaring met naleefgedrag). Ook de beslissing wel of geen waarborgsom, wordt per evenement bepaald. Ook wanbetaling bij een vorige gelegenheid kan reden zijn om een waarborgsom te vragen.

 

12.6 Huur openbare ruimte

In het verleden is besloten het gebruik van de openbare ruimte voor evenementen niet kosteloos te laten zijn. Huurprijzen worden per jaar per locatie vastgesteld door het College.

Deze huur wordt alle evenementen doorberekend. Het maken van onderscheid tussen verschillende evenementen bv op basis van commercieel/ niet commercieel of winstoogmerk is lastig. Er zijn immers voldoende evenementen die in het grijze gebied van deze termen opereren.

Er wordt daarom voor een objectieve oplossing gekozen. Alleen de evenementen die de gemeente zodanig belangrijk vindt, dat er een subsidie wordt verstrekt of waarbij anderszins sprake is van een tegemoetkoming, betalen geen huur voor het gebruik van de openbare ruimte. Dit lijkt een afwijking van het principe standpunt over de vergoeding van de facilitaire kosten. Dat is echter niet het geval. De facilitaire kosten hebben een bedrijfsmatige achtergrond; de gemeente verleent diensten en daarvoor moet worden betaald. Bij de verhuur van de openbare ruimte ligt dit anders; hier gaat het enkel om de (privaatrechtelijke) toestemming voor gebruik, niet om concreet verrichte (publieke) diensten.

 

13 Communicatie

13.1 Gemeentelijke communicatie

Met circa 650 evenementen per jaar, waarvan ongeveer 100 grote evenementen, behoort 's-Hertogenbosch tot één van de grotere evenementensteden van Nederland. De communicatie over deze evenementen is een belangrijk aspect. De evenementenkalender is digitaal beschikbaar zijn. De kalender staat op de gemeentesite, waar per maand actuele informatie wordt gegeven over de inhoud, locatie en openingstijden van de evenementen. De communicatie over evenementen voor inwoners en bezoekers vindt ook plaats via www.denbosch.nl en www.bezoekdenbosch.nl. Ook publiceren we maandelijks de evenementenkalender in de parkeergarages en op de transferia.

In regionaal verband worden de Bossche evenementen opgenomen op de zogenaamde digimak-kalender om op het niveau van de Veiligheidsregio afstemming te kunnen laten plaatsvinden en de hulpdiensten actuele informatie te bieden

 

13.2 Communicatie richting organisatoren

Het is van belang dat de evenementenorganisatoren goed geïnformeerd zijn over de randvoorwaarden en spelregels die horen bij het organiseren van een evenement in onze gemeente.. Voor de organisatoren zal deze evenementennota en de bijbehorende locatieprofielen beschikbaar zijn op de site van de gemeente. Op de site staat ook andere relevante informatie over het organiseren van evenementen. Wanneer een organisatie een evenement wil organiseren vindt er een “brede” intake plaats. Tijdens deze intake zal de organisatie worden geïnformeerd over alle aspecten die komen kijken tijdens het organiseren van een evenement in onze gemeente.

 

13.3 Communicatie met omwonenden

Evenementen zijn belangrijk voor de gemeente ’s-Hertogenbosch. Het beperken van overlast voor omwonenden is een belangrijk aandachtspunt om de leefbaarheid te kunnen waarborgen. Dit neemt niet weg dat deze evenementen voor (over)last kunnen zorgen voor bewoners en ondernemers in de omgeving. Daarbij kan gedacht worden aan extra parkeerdruk, geluidsoverlast, toestroom van bezoekers en/ of wegen die afgesloten worden voor een evenement. Bij het afgeven van een evenementenvergunning worden ook deze aspecten meegewogen en getoetst.

 

Een organisator is en blijft verantwoordelijk voor een goede, duidelijke communicatie met omwonenden en ondernemers. Bewoners en gebruikers van nabijgelegen woningen en bedrijven worden moeten vooraf door de organisatie geïnformeerd worden over het evenement en de gevolgen daarvan voor bewoners en gebruikers. Het is daarbij van groot belang dat bewoners en ondernemers op tijd en correct worden geïnformeerd over bijvoorbeeld verkeersmaatregelen en contactgegevens van de organisatie. Verder dienen de omwonenden op de hoogte worden gesteld door de organisator waar men zich kan melden bij ervaren overlast tijdens het evenement.

 

13.4 Reclame-uitingen in de openbare ruimte

Daarnaast maakt de organisatie zelf reclame voor haar evenementen. Op diverse manieren en vaak ook met een eigen site op internet. Ook exploiteert de gemeente een aantal vaste reclamedragers zoals een vlaggenmast, banierhouders, digitale schermen en een reclamezuilen in de stad. Deze mediaruimte wordt door de gemeente ter beschikking gesteld voor reclame ten behoeve van evenementen in ’s-Hertogenbosch alsmede voor maatschappelijke en culturele doeleinden. Deze ruimte kan in overleg en volgens de reclamerichtlijnen, ter beschikking worden gesteld voor evenementenpromotie en voor uitingen met een maatschappelijk en/of cultureel doel. Tenslotte beschikken we verspreid in de gemeente ’s-Hertogenbosch over 20 vrije plakplaatsen.

 

Het college van burgemeester en wethouders,

De secretaris,

Drs. B. van der Ploeg

De burgemeester,

Drs. J.M.L.N. Mikkers

Bijlage A

Voorschriften bij meldingsplichtige evenementen (0-evenementen)

 

Algemeen

  • a.

    Een melding dient minimaal 10 werkdagen voorafgaande aan het evenement te worden ingediend.

  • b.

    Een kopie van de melding wordt onverwijld op verzoek van de politie, brandweer of een daartoe bevoegd functionaris getoond.

  • c.

    Gedurende het hele evenement dient er een contactpersoon direct bereikbaar te zijn voor de gemeente en hulpdiensten.

  • d.

    De aanwijzingen of bevelen door of namens de burgemeester, de politie, Stadstoezicht en/of brandweer dienen onmiddellijk te worden opgevolgd.

  • e.

    Overtreding van één of meerdere voorschriften, of indien noodzakelijk in het belang van de openbare orde en veiligheid, kan leiden tot het onmiddellijk stopzetten van het evenement en het (laten) ontruimen van de locatie(s). In dit geval is aanspraak op schadevergoeding niet mogelijk.

  • f.

    De gemeente aanvaardt geen aansprakelijkheid voor derden, als gevolg van het evenement.

  • g.

    Na afloop van het evenement moet de openbare weg schoon, onbeschadigd en zonder afval worden achtergelaten. Daarvoor worden voldoende voorzieningen getroffen in het kader van afvalinzameling.

  • h.

    Van de organisator wordt verwacht, dat hij al het (redelijkerwijs) mogelijke doet om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden schade lijden ten gevolge van het evenement.

  • i.

    Schade, berokkend aan gemeente-eigendom, evenals achtergebleven aval, zullen de gemeente op kosten van de organisator worden herstel/verwijderd.

  • j.

    Er mag geen overlast voor omwonenden en de verdere omgeving worden veroorzaakt.

  • k.

    Omwonenden dienen tijdig en vooraf geïnformeerd te worden.

  • l.

    In de bestrating mag, met welk oogmerk dan ook, niet worden gebroken, geen pennen, haringen, palen en dergelijke worden aangebracht. Aan bomen en straatmeubilair zoals straatkolken, goten, verkeerspalen, straatpotten, rooster e.d. mogen geen elementen worden bevestigd.

  • m.

    Geen beschadigingen mogen worden toegebracht aan de groenvoorzieningen (inclusief bomen).

 

Algemene regels voor een veilige evenementenlocatie:

  • a.

    Voorkom het ontstaan en uitbreiden van brand zo goed als mogelijk. Denk daarbij aan blusmiddelen, maar ook aan preventieve maatregelen.

  • b.

    Voorkom ongevallen en onveilige situaties zo goed als mogelijk.

  • c.

    Zorg dat er niet te veel mensen op een te kleine oppervlakte aanwezig zijn.

  • d.

    Houd vluchtwegen vrij over de gehele breedte, zodat de bezoekers onbelemmerd het terrein/ evenementenlocatie kunnen verlaten als de situatie daarom vraagt. Een nooduitgang moet onmiddellijk te openen zijn.

  • e.

    Zorg dat hulpdiensten het evenement(enterrein) altijd kunnen bereiken. Houd daarbij rekening met een minimale doorgangsbreedte van 4,5 meter (waarvan 3,25 meter verhard) en een minimale doorgangshoogte van 4,2 meter.

  • f.

    Zorg dat hekwerken of andere obstakels, die de doorgaande route blokkeren, snel en gemakkelijk kunnen worden verwijderd.

  • g.

    Zorg dat de aanwezige brandkranen of andere bluswatervoorzieningen worden vrij gehouden.

  • h.

    Brandbare vloeistoffen, gasflessen, verwarmingstoestellen en aggregaten moeten op minimaal vijf meter van een tent of ander bouwwerk geplaatst worden.

 

Alcohol

  • a.

    Alcohol mag niet bedrijfsmatig worden geschonken. Dit betekent dat bij verkoop of bij het vragen van een bijdrage, de prijs niet hoger mag zijn dan de kostprijs.

  • b.

    Er mogen alleen zwakalcoholische dranken worden geschonken zoals bier en wijn.

 

Wegafsluitingen

Wegen waar het evenement wordt gehouden dienen deugdelijk te worden afgesloten middels drankhekken met het verkeersbord C01RVV conform door de gemeente goedgekeurd verkeersplan.

 

Oplaten ballonnen

Het oplaten van ballonnen is niet toegestaan.

Naar boven