Gemeenteblad van Beemster

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
BeemsterGemeenteblad 2019, 26280Verordeningen



Beleidsregels bijzondere bijstand en declaratieregeling maatschappelijke participatie Beemster 2019

 

Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Beemster,

 

gelet op de artikelen 1:3, vierde lid, 3:42, titel 4:3, titel 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

 

gelet op artikel 35 lid 1 en 3 van de Participatiewet;

 

Besluit vast te stellen de:

 

Beleidsregels bijzondere bijstand en declaratieregeling maatschappelijke participatie Beemster 2019

 

Artikel 1 - Begripsbepaling

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    PW: de Participatiewet;

  • b.

    Bijzondere bijstand; bijstand als bedoeld in artikel 35 PW;

  • c.

    Draagkracht: dat deel van het inkomen en vermogen op jaarbasis, exclusief vakantietoeslag, waaruit de aanvrager zelf de bijzondere kosten of declaratieregeling dient te voldoen;

  • d.

    120% van de toepasselijke norm: betreft de op de belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm, verhoogd met 20% van het normbedrag (exclusief vakantietoeslag), zoals genoemd in artikel 21 onderdeel b van de PW;

  • e.

    Maatschappelijke participatie: het kunnen deelnemen aan activiteiten op het gebied van sport, cultuur, en educatie met als doel sociale uitsluiting tegen te gaan;

  • f.

    Maatwerk: bijzondere bijstand wordt primair op grond van de wettelijke bepalingen en deze beleidsregels vastgesteld, maar bij bijzondere individuele omstandigheden die de persoon, zijn sociale omgeving of zijn gezin of kinderen kan raken kan de bijstand worden afgestemd op de individuele situatie;

  • g.

    Voedingscomponent: betreft 35% van de norm (exclusief vakantietoeslag) zoals genoemd in artikel 23 lid 1 onderdeel a PW.

2. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de PW en de Algemene wet bestuursrecht ( Awb ).

Artikel 2 - Rechthebbenden

De bijzondere bijstand en de voorzieningen in het kader van de regelingen maatschappelijke participatie wordt uitsluitend verleend aan personen die:

  • a.

    in Beemster hun woonplaats hebben zoals bedoeld in artikel 40 lid 1 van de wet;

  • b.

    voldoen aan de financiële criteria zoals genoemd in artikel 3 van deze beleidsregels.

Artikel 3 – Draagkracht, Inkomen en Vermogen

  • 1.

    Bij aanvragen voor woonkosten, een geldlening, suppletie voor aflossing van een geldlening of voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, dient het inkomen dat meer bedraagt dan de voor belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm, volledig als draagkracht te worden aangewend.

    • a.

      In alle overige gevallen dient het inkomen dat meer bedraagt dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm volledig als draagkracht te worden aangewend.

    • b.

      Is er sprake van draagkracht bij een aanvraag voor een regeling maatschappelijke participatie zoals genoemd in artikel 4 lid 1 onderdeel a, bestaat er geen recht op een voorziening.

  • 2.

    Artikel 31 tot en met 33 van de Participatiewet zijn van toepassing.

  • 3.

    Het inkomen wordt verminderd met de woonkosten voor zover deze na aftrek van ontvangen huurtoeslag meer bedragen dan de in de Wet op de Huurtoeslag genoemde basishuur een-/meerpersoonshuishoudens.

    Indien sprake is van kostendeling:

    • a.

      worden de binnen de woning voor eigen rekening blijvende woonkosten, gedeeld door het aantal kostendelers. Als de woonkosten niet bekend zijn vindt geen extra aftrek op het inkomen plaats.

    • b.

      wordt rekening gehouden met de in de wet op de Huurtoeslag genoemde basishuur conform de berekening van kostendelersnorm, zoals genoemd in artikel 22a lid 1 PW.

  • 4.

    De draagkracht uit vermogen bestaat uit:

    • a.

      alle beschikbare vermogensbestanddelen indien het betreft een tegemoetkoming voor algemeen gebruikelijke kosten en duurzame gebruiksgoederen

    • b.

      het vermogen voor zover dit meer bedraagt dan het in artikel 34 lid 3 van de wet genoemde vrij te laten bescheiden vermogen in alle andere gevallen.

Artikel 4 – Regelingen maatschappelijke participatie:

  • 1.

    Onder maatschappelijke participatie vallen de volgende regelingen:

    • a.

      het kosteloos halen van zwemdiploma A voor kinderen vanaf 5 jaar;

    • b.

      een declaratieregeling voor sportieve, culturele en educatieve activiteiten tot een bedrag van maximaal:

      - € 100,- per jaar voor personen van 18 jaar of ouder

      - € 350,- per jaar per kind tot 18 jaar.

  • 2.

    In de bijlage is een lijst gevoegd van zaken die gedeclareerd kunnen worden in het kader van de declaratieregeling voor sportieve, culturele en educatieve activiteiten

Artikel 5 Bijzondere bijstand

  • 1.

    Bijzondere bijstand is in principe mogelijk als:

    • a.

      geen beroep kan worden gedaan op ondersteuning vanuit een eigen netwerk, eigen sociale omgeving of voorliggende voorziening en de belanghebbende daarin voldoende eigen verantwoordelijkheid heeft getoond;

    • b.

      geen sprake is van financiële draagkracht in inkomen en bescheiden vermogen;

    • c.

      sprake is van noodzakelijke kosten door bijzondere individuele omstandigheden;

    • d.

      een (wettelijke) voorliggende voorziening ontbreekt;

    • e.

      maatwerk geboden is in het individuele geval.

  • 2.

    In geval van tekortschietend besef van eigen verantwoordelijkheid kan de gevraagde bijstand gedeeltelijk of volledig worden geweigerd.

  • 3.

    Voordat maatwerk geboden is, is het genoemde in het eerste lid, onderdeel a tot en met d, in beschouwing genomen.

  • 4.

    Bij maatwerk wordt de bijdrage afgestemd op de meest adequate oplossing.

Artikel 6 - Huiswerk PC / Laptop

  • 1.

    Recht op een tegemoetkoming heeft het huishouden die geen draagkracht heeft als bedoeld in artikel 3 lid 1 onderdeel a en waartoe één of meer ten laste komende kinderen behoren die het voortgezet onderwijs volgen.

  • 2.

    Er moet vastgesteld zijn dat er in het huishouden geen PC of Laptop jonger dan 5 jaar beschikbaar is.

  • 3.

    Een huishouden kan maximaal één maal per 5 jaar voor een tegemoetkoming in aanmerking komen.

    • a.

      Een tegemoetkoming betreft een bijdrage in de kosten van aanschaf van een computer of laptop met printer en benodigde software op basis van een door de aanvrager ingediende rekening.

  • 4.

    De tegemoetkoming bedraagt maximaal € 625,-.

  • 5.

    Overige kosten zoals een tweede PC of laptop, internet, reparaties, cartridges, verzekering e.d. vallen niet onder deze regeling.

Artikel 7 - Bijzondere bijstand 18 tot en met 20 jarigen

  • 1.

    Ter uitwerking van artikel 12 van de wet wordt bij de beoordeling van de noodzakelijke kosten van het bestaan rekening gehouden met alle omstandigheden van de belanghebbenden waaronder het te gelde kunnen maken van een onderhoudsbijdrage en de vaststelling van de noodzaak tot zelfstandige huisvesting.

  • 2.

    Zelfstandige huisvesting wordt in elk geval noodzakelijk geacht indien:

    • a.

      beide ouders zijn overleden;

    • b.

      beide ouders in het buitenland wonen en zij niet in staat zijn hun onderhoudsplicht na te komen;

    • c.

      de belanghebbende op grond van een officiële maatregel uit huis geplaatst is;

    • d.

      belanghebbende voorafgaand aan de bijstandsaanvraag langer dan één jaar de beschikking had over zelfstandige huisvesting;

    • e.

      belanghebbende niet officieel uit huis geplaatst is, maar naar het oordeel van de casemanager (na onderzoek en onderbouwd met eventuele bewijsstukken) het niet verantwoord is dat belanghebbende bij zijn ouders woont;

    • f.

      belanghebbende de zorg heeft over ten laste komende kinderen.

  • 3.

    De bijzondere bijstand wordt vastgesteld op basis van de voedingscomponent, verhoogd met de werkelijke woonlasten.

  • 4.

    De hoogte van de bijzondere bijstand bedraagt ten hoogste:

    • a.

      voor de zelfstandig wonende alleenstaande van 18, 19 of 20 jaar het verschil tussen de voor belanghebbende geldende bijstandsnorm en 60% van de bijstandsnorm zoals genoemd in artikel 21 onderdeel b van de PW.

    • b.

      voor zelfstandig wonende alleenstaande ouders van 18, 19 of 20 jaar het verschil tussen de van toepassing zijnde bijstandsnorm en de bijstandsnorm zoals genoemd in artikel 21 onderdeel a van de PW.

    • c.

      voor zelfstandig wonende samenwonenden of gehuwden met één of twee meerderjarige personen van 18, 19 of 20 jaar zonder ten laste komende kinderen, het verschil tussen de van toepassing zijnde bijstandsnorm en 90% van de bijstandsnorm zoals genoemd in artikel 21 onderdeel b van de PW.

    • d.

      voor zelfstandig wonende samenwonenden of gehuwden met één of twee meerderjarige personen van 18, 19 of 20 jaar met ten laste komende kinderen, het verschil tussen de van toepassing zijnde bijstandsnorm en de bijstandsnorm voor gehuwden als bedoeld in artikel 21 onderdeel b van de PW.

    • e.

      De bijzondere bijstand kan op een lager bedrag worden vastgesteld bij andere woonsituaties.

      De gemeentelijke beleidsregels verlaging uitkeringen Participatiewet zijn overeenkomstig van toepassing.

  • 5.

    De noodzaak van de bijzondere bijstandsverlening wordt telkens na een periode van maximaal 6 maanden opnieuw beoordeeld en vastgesteld.

Artikel 8 – De collectieve verzekering

  • 1.

    Recht op aanmelding voor deelname aan de collectieve verzekering van de gemeente Beemster heeft de rechthebbende van 18 jaar of ouder met de eventueel tot zijn last komende kinderen, die geen draagkracht heeft als bedoeld in artikel 3 lid 1 onderdeel a.

    Om deel te kunnen nemen aan de collectieve verzekering, dient de rechthebbende zelf een ziektekostenverzekering te hebben afgesloten bij Zilveren Kruis.

  • 2.

    De gemeente hanteert als volledige dekking bij het Zilveren Kruis:

    - basisverzekering (Basis Zeker)

    - aanvullende verzekering (Optimaal aanvullend 3)

    - tandartsverzekering (aanvullend tand 2 sterren)

    - zonder vrijwillig eigen risico

    Deze verzekering is met name geschikt voor chronisch zieken en gezinnen

  • 3.

    Personen die verwachten minder medische kosten te maken kunnen, op eigen risico, gebruik maken van de volgende 2 (goedkopere) alternatieven:

    • a.

      Basisverzekering (Basis Zeker)

      - aanvullende verzekering (Optimaal aanvullend 1)

      - tandartsverzekering (aanvullend tand 1 ster)

      - zonder vrijwillig eigen risico

      Deze verzekering is met name geschikt voor jongeren en lage zorgverbruikers

    • b.

      Basisverzekering (Basis Zeker)

      - aanvullende verzekering (Optimaal aanvullend 2)

      - tandartsverzekering (aanvullend tand 1 ster)

      Deze verzekering is met name geschikt voor startende gezinnen en meer zorgbehoefte

  • 4.

    De in lid 2 genoemde aanvullende verzekering geeft een uitgebreidere dekking dan de aanvullende verzekeringen genoemd onder lid 3 onderdeel a en b.

    Indien de rechthebbende een aanvullende verzekering heeft afgesloten zoals genoemd onder lid 3, blijven de kosten die op basis van de aanvullende verzekeringen genoemd onder lid 2 wel door Zilveren Kruis zouden worden vergoed volledig voor eigen rekening. Deze kosten komen dus niet in aanmerking voor een vergoeding via de bijzondere bijstand.

  • 5.

    Personen die een volledige gebitsprothese hebben, hoeven geen tandartsverzekering af te sluiten.

  • 6.

    Een via de gemeente afgesloten collectieve aanvullende Optimaal-verzekering kan alleen worden gewijzigd bij aanvang van een nieuw kalender jaar.

  • 7.

    Bij personen die een bijstandsuitkering ontvangen van de gemeente Beemster wordt zover dat mogelijk is de premie zorgverzekering ingehouden op de uitkering en doorbetaald aan Zilveren Kruis.

  • 8.

    Deelname aan de collectieve aanvullende verzekering wordt beëindigd met ingang van de eerste van de maand, volgend op de maand waarin de belanghebbende geen rechthebbende meer is (bijvoorbeeld verhuizing, wijziging financiële situatie):

  • 9.

    Personen die recht hebben op deelname aan de collectieve verzekering maar daar geen gebruik van maken komen in beginsel niet in aanmerking voor een vergoeding voor ziektekosten via de bijzondere bijstand, tenzij zij zich bij een andere maatschappij aanvullend voor ziektekosten en voor de tandartskosten hebben verzekerd voor een vergelijkbaar pakket als dat van Zilveren Kruis, zoals vermeld bij lid 2.

Artikel 9 - Compensatie wettelijk eigen risico ziektekostenverzekering

  • 1.

    Als de belanghebbende geen draagkracht heeft als bedoeld in artikel 3 lid 1 onderdeel a kan men in aanmerking komen voor compensatie van het eigen risico.

  • 2.

    Per deelnemer bestaat recht op compensatie als door de ziektekostenverzekeraar minimaal € 200,- aan wettelijke eigen risico in rekening is gebracht.

  • 3.

    De compensatie bedraagt € 200,- per kalender jaar en wordt uitbetaald na overlegging van de bewijsstukken waaruit blijkt dat de kosten zijn gemaakt.

Artikel 10 – Aanvraagprocedure

  • 1.

    Het recht op bijzondere bijstand, een tegemoetkoming en voorziening wordt beoordeeld op aanvraag.

    • a.

      Indien de aanvraag niet compleet, met de benodigde gegevens, wordt aangeleverd, wordt aan de aanvrager eenmaal de mogelijkheid geboden om, binnen een gestelde termijn, de benodigde gegevens te verstrekken.

    • b.

      Als niet (tijdig) wordt voldaan aan het gestelde in artikel 10 lid 1 onderdeel a, wordt de aanvraag buiten behandeling gelaten.

  • 2.

    Een aanvraag voor bijzondere bijstand dient in principe te worden ingediend voordat de kosten zijn gemaakt

    • a.

      Van tijdige indiening van de aanvraag is ook sprake als deze wordt ingediend binnen een maand nadat de eerste kosten zijn gemaakt.

    • b.

      Bij indiening van de aanvraag zoals genoemd in lid 2 onderdeel a van dit artikel, loopt belanghebbende het risico dat:

      • -

        niet alle kosten worden vergoed, als niet is gekozen voor de meest adequate oplossing;

      • -

        de noodzakelijk van de kosten niet meer kan worden aangetoond, waardoor de aanvraag voor bijzondere kosten zal worden afgewezen.

  • 3.

    Voor de regelingen genoemd in artikel 4, 8 en 9 geldt dat een aanvraag kan worden ingediend tot en met 31 december van het betreffende jaar.

    • a.

      De kosten moeten bovendien in het betreffende jaar zijn gemaakt en gedeclareerd.

    • b.

      Als pas na het betreffende jaar duidelijk wordt dat het wettelijk eigen risico, genoemd in artikel 9 lid 2 is verbruikt, kan de belanghebbende tot 1 maand na ontvangst van de nota een aanvraag kan indienen.

  • 4.

    De bijdrage op grond van artikel 4 lid 1 onderdeel b kan per kalenderjaar in individuele omstandigheden afwijkend lager worden vastgesteld.

Artikel 11 - Verplichtingen

  • 1.

    Belanghebbende is verplicht de tegemoetkoming, genoemd bij artikel 4 lid 1 onderdeel b te besteden aan één of meerdere sportieve, culturele en/of educatieve activiteiten zoals genoemd in de bijlage.

  • 2.

    Op verzoek van het college is belanghebbende verplicht mee te werken aan een onderzoek naar de besteding van zijn/haar tegemoetkoming op grond van artikel 4 lid 1 onderdeel b. Belanghebbende dient tot een jaar na toekenning van de aanvraag de op de tegemoetkoming betrekking hebbende bewijsstukken te bewaren waaruit blijkt waaraan de tegemoetkoming is besteed.

Artikel 12 - Terugvordering

Verstrekkingen die ten onrechte dan wel tot een te hoog bedrag zijn uitgekeerd, kunnen van de belanghebbende worden teruggevorderd.

Artikel 13- Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “beleidsregels bijzondere bijstand en declaratieregeling maatschappelijke participatie 2019”.

Artikel 14 - Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze beleidsregels treden in werking op 1 januari 2019.

  • 2.

    De beleidsregels bijzondere bijstand en declaratieregeling maatschappelijke participatie Beemster 2016 vervallen met ingang van de in het eerste lid genoemde datum.

     

Beemster, 8 januari 2019

Burgemeester en wethouders van Beemster,

De secretaris,

H.C.P. van Duivenvoorde

de burgemeester,

A.J.M. van Beek

Bijlage bij beleidsregels declaratieregeling sportieve, culturele en educatieve activiteiten Purmerend 2019 (artikel 4 lid 2)

 

  • Aanschaf fiets

  • Abonnement voor fitness en sportscholen

  • Activiteiten en cursussen in Beemster

  • Activiteiten en cursussen Clup Welzijnswerk

  • Activiteiten en cursussen Creativiteitscentrum Wherelant

  • Activiteiten en cursussen NKT

  • Activiteiten en cursussen Spurd

  • Activiteiten en cursussen Regiocollege

  • Activiteiten voor ouderen

  • Bioscoopkaartjes

  • Concerten in Beemster en Purmerend

  • Contributie voor sportverenigingen, per gezinslid wordt één sportvereniging per jaar vergoed

  • Contributie voor toneel-, dans-, zang- of muziekverenigingen

  • Cultureel Jongeren Paspoort

  • Dierentuin of pretpark

  • Entree grootschalige evenementen, Entree musea

  • Instrument huren

  • Internetabonnement, maximaal € 150 per kalenderjaar per huishouden.

  • Internetcursus

  • Kindervakantieweek

  • Lesgeld voor culturele activiteiten (bijvoorbeeld muzieklessen)

  • Lidmaatschap bibliotheek

  • Lidmaatschap hobbyvereniging

  • Lidmaatschap scouting

  • Lidmaatschap speeltuinvereniging

  • Meerbadenkaart zwembad/zwemlessen/zwemmen/(zomer)abonnement zwembad

  • Ouderbijdrage voor schoolfonds

  • Paspoort, identiteitsbewijs, rijbewijs en pasfoto’s. Van de leges wordt 25% vergoed.

  • Schoolreisjes en schoolexcursies waarvoor een extra ouderbijdrage wordt gevraagd.

  • Sportkleding, sportattributen of knutselkleding gerelateerd aan sport of hobby.

  • Teken- en schilderclubs

  • Toegangskaarten voor Purmerendse Culturele Centra (De Purmaryn, P3, Theater De Verbeelding, De Kleine Verbeelding)