Wijziging van de Beleidsregels parkeernormen Leiden

Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiden,

 

besluit vast te stellen de volgende wijziging van de Beleidsregels parkeernormen Leiden

Artikel 1 Wijziging beleidsregel

A Artikel 4e wordt vernummerd naar artikel 4f

 

B Artikel 4e komt te luiden

4e Afwijkingsmogelijkheid

  • 1.

    Geheel of gedeeltelijk afwijken van de parkeereis kan als de ruimtelijke activiteit, zijnde het realiseren van woningen:

    • -

      gelegen is binnen een zone als bedoeld in de Parkeerverordening 2017 op een loopafstand van minimaal 500 m tot het dichtstbij gelegen gebied buiten een zone, dan wel op een loopafstand van minimaal 500 m tot de dichtstbij gelegen openbare parkeergelegenheid buiten een zone;

      en

    • -

      tenminste het bezoekersdeel van de parkeereis op eigen terrein gerealiseerd wordt, wanneer het bouwplan gelegen is buiten de binnenstad en stationsomgeving (zone A); en

    • -

      toekomstige bewoners niet in aanmerking kunnen komen voor een bewoners- en bezoekersparkeervergunning.

  • 2.

    De loopafstand betreft de kortste route te voet over de openbare weg, gemeten vanaf de grens van het reguleringsgebied, dan wel de dichtstbij gelegen openbare parkeergelegenheid in het reguleringsvrije gebied, tot de dichtstbij gelegen gevel van het project

  • 3.

    Onder bezoekersdeel van de parkeernorm wordt verstaan hetgeen in de kencijfers parkeren van het CROW (publicatie 317) wordt aangegeven voor het aandeel bezoekers per functie.

  • 4.

    In het geval sloop van woningen en nieuwbouw van woningen op dezelfde locatie resulteert in een parkeereis, kan voor (een deel van) het bezoekersdeel van de parkeereis gebruik gemaakt worden van de door de sloop vrijgekomen openbare parkeergelegenheid.

Artikel II Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking

Aldus vastgesteld in de vergadering van 24 juni 2019

de secretaris,

mw. P.M. van Vliet

de voorzitter,

dhr. drs. H.J.J. Lenferink

Toelichting

Wanneer het bevoegd gezag afwijkt van beleidsregel 1, moet voorkomen worden dat het parkeren van bewoners en hun bezoekers afgewenteld wordt naar de openbare ruimte. Het bevoegd gezag kan door middel van de uitgifte van parkeervergunningen het parkeren op straat reguleren. Indien er bij woningbouwprojecten niet (volledig) aan de parkeereis wordt voldaan, kan het bevoegd gezag de (toekomstige) bewoners van het betreffende woningbouwproject een bewoners- en bezoekersparkeervergunning weigeren. Hiermee wordt voorkomen dat de parkeerdruk in de omgeving van het woningbouwproject stijgt. Voorwaarde is wel dat het woningbouwproject gelegen is binnen het parkeerreguleringsgebied. Om overloop te voorkomen, dient het woningbouwproject ook op voldoende loopafstand van het reguleringsvrije gebied te liggen. Een loopafstand van minimaal 500 m, gemeten vanaf de grens van het reguleringsgebied, dan wel gemeten vanaf de dichtstbij gelegen openbare parkeergelegenheid in het reguleringsvrije gebied, tot de dichtstbij gelegen gevel van het project via de kortste route te voet over de openbare weg, wordt geacht voldoende te zijn. Het parkeren van de bezoekers van bewoners kan niet gereguleerd worden met parkeervergunningen. Daarom dient het bezoekersdeel van de parkeernorm bij nieuwbouwprojecten op het eigen terrein gerealiseerd te worden. Dit geldt niet voor nieuwbouwprojecten die gelegen zijn in de binnenstad of stationsomgeving. Hier kunnen bezoekers parkeren in de openbare parkeervoorzieningen. Voor het bepalen van het bezoekersdeel van de parkeernorm wordt gebruik gemaakt van de kencijfers van het CROW (publicatie 317). In het geval van sloop van woningen en nieuwbouw van woningen op dezelfde locatie mag er voor het bepalen van de parkeereis gesaldeerd worden. Dit wil zeggen dat de oude parkeervraag in mindering mag worden gebracht op de nieuwe parkeervraag. Wat resulteert is de extra parkeervraag (parkeereis), die als gevolg van de nieuwbouw ontstaat. De parkeereis bestaat uit een bewonersdeel en een (kleiner) bezoekersdeel. Voor het bewonersdeel kan ontheffing worden verleend op grond van onderliggend artikel. Voor (een deel van) het bezoekersdeel van de parkeereis, mag de – door de sloop van woningen – vrijgekomen openbare parkeergelegenheid gebruikt worden. Dit geldt dus alleen voor bezoekers. De bezoekers die in de (vrijgevallen) openbare ruimte parkeren vallen gewoon onder het gemeentelijk parkeerregime. Indien het bezoekersdeel van de parkeereis voor de nieuwbouw groter is dan de parkeerruimte die vrijvalt in de openbare ruimte door de sloop van woningen, dient het deel dat niet in de openbare ruimte kan worden opgevangen op eigen terrein te worden gerealiseerd.

Naar boven