Gemeenteblad van Beemster

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
BeemsterGemeenteblad 2019, 201765Beleidsregels



Sanctiestrategie horeca Beemster

 

Burgemeester en wethouders en de burgemeester van Beemster, ieder voor zover het de eigen bevoegdheid betreft,

 

gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,

 

besluit:

 

I. De Sanctiestrategie horeca Beemster vast te stellen, met uitzondering van de strategie omtrent de handhavende bevoegdheden die enkel toekomen aan de burgemeester van Purmerend.

II. De Uitvoeringsregels handhaving en horeca- en alcoholverstrekkers gemeente Beemster 2014 in te trekken.

 

Redactionele opmerking: de Sanctiestrategie horeca Purmerend en Beemster in de originele opmaak (pdf), vindt u als externe bijlage.

 

Inhoudsopgave

 

1 INLEIDING 2

1.1 Aanleiding 2

1.2 Wettelijk kader 2

1.3 Beleidskader 3

1.4 Terugblik periode 2014-2018 3

1.5 Leeswijzer 4

2 STAPPENPLANNEN 5

2.1 Categorieën overtredingen en stappenplannen 5

2.2 Aspecten uitgelicht 7

2.3 Handhavingstabel Drank- en Horecawet 9

2.4 Handhavingstabel Apv Purmerend en Beemster 12

2.5 Handhavingstabel Wet op de kansspelen 17

 

1 INLEIDING

 

Voor u ligt de Sanctiestrategie horeca Purmerend en Beemster (hierna: sanctiestrategie horeca). In de sanctiestrategie horeca wordt uiteengezet op welke wijze de burgemeesters van de gemeenten Purmerend en Beemster hun handhavende bevoegdheden zullen inzetten die zij hebben op grond van de Drank- en Horecawet (hierna: DHW) en titel VA, paragraaf 2 van de Wet op de kansspelen (hierna: Wok). Tevens heeft deze sanctiestrategie betrekking op Afdeling 7A van de Algemene plaatselijke verordening Purmerend 2003 (hierna: Apv) en Afdeling 8 en 8B (ten aanzien van de horecabedrijven) van de Apv Beemster 2012.

 

1.1 Aanleiding

De gemeente Purmerend heeft in 2015 de Nota uitvoeringsregels handhaving horeca- en alcoholverstrekkers Purmerend 2015-2018 vastgesteld. Aangezien de looptijd van voornoemde nota is verstreken, dient deze te worden geactualiseerd. De gemeente Beemster heeft de Nota uitvoeringsregels handhaving horeca en alcoholverstrekkers Beemster 2014 vastgesteld, die per 2014 gelding heeft.

 

Vanwege de aankomende fusie tussen Purmerend en Beemster is ervoor gekozen om de voorgaande uitvoeringsregels van beide gemeenten in te trekken en één volledig herziene sanctiestrategie horeca op te stellen die voor zowel Purmerend als de Beemster geldt. De sanciestrategie horeca is afgestemd met de politie Zaanstreek-Waterland, heeft gelding voor onbepaalde tijd en kan indien noodzakelijk en gewenst tussentijds worden gewijzigd. Er is tevens voor gekozen om de titel van het document te vereenvoudigen. Het document is nu getiteld de sanctiestrategie horeca.

 

De sanctiestrategie horeca treedt in werking de dag nadat deze bekend is gemaakt en vanaf dat moment worden overtredingen afgehandeld volgens de in deze sanctiestrategie opgenomen stappenplannen. Tot het moment van inwerkingtreding van deze sanctiestrategie worden overtredingen nog afgehandeld volgens de stappenplannen van de Nota uitvoeringsregels handhaving horeca- en alcoholverstrekkers Purmerend 2015-2018 en de Nota uitvoeringsregels handhaving horeca en alcoholverstrekkers Beemster 2014.

 

1.2 Wettelijk kader

De sanctiestrategie horeca heeft betrekking op de DHW, Apv en Wok. De DHW reguleert de verkoop van alcoholhoudende dranken en bewaakt de verantwoorde verstrekking van alcohol. De uitvoerings- en handhavingsbevoegdheden komen toe aan de burgemeester. Het toezicht op de DHW in de gemeenten Purmerend en Beemster wordt uitgevoerd door het team Toezicht en Handhaving (hierna: T&H).

 

De Wok reguleert en beheerst kansspelen. In Titel VA, paragraaf 2 van de Wok zijn regels opgenomen over het aanwezig hebben van kansspelautomaten in een horeca-inrichting. Voor het aanwezig hebben van kansspelautomaten in een horeca-inrichting is een aanwezigheidsvergunning vereist. Ten aanzien van Purmerend is deze aanwezigheidsvergunning één jaar geldig en kan voor maximaal twee kansspelautomaten afgegeven worden per inrichting. In de Beemster is de aanwezigheidsvergunning één jaar, vier jaar of voor onbepaalde tijd geldig. Daarnaast verbiedt de Wok gokzuilen.

 

In Afdeling 7A, dit zijn de artikelen 110a tot en met 110i van de Apv Purmerend en Afdeling 8 en 8B, dit zijn de artikelen 2.29, 2.30, 2.31 en de artikelen 2.34I tot en met 2.34L van de Apv Beemster zijn regels gesteld met betrekking tot verboden drankgebruik op aangewezen openbare plaatsen, het exploiteren van een horecabedrijf, het exploiteren van een terras, het sluitingsuur van de horeca en regels ter voorkoming van oneerlijke mededinging bij paracommerciële rechtspersonen.

 

 

1.3 Beleidskader

De sanctiestrategie horeca hangt nauw samen met diverse beleidskaders. In de nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Purmerend en Beemster 2016-2019 (hierna: nota VTH) worden de bestuurlijke uitgangspunten en beleidskeuzes over de regelgeving op het gebied van het omgevingsrecht, Apv en bijzondere wetten (waaronder DHW en Wok) beschreven. Ook wordt in de nota VTH de basis nalevingstrategie van de gemeenten Purmerend en Beemster vastgelegd. De nalevingsstrategie bestaat uit een toezicht-, sanctie-, en gedoogstrategie. In uitwerking op nota VTH zetten beide gemeenten jaarlijks middels een uitvoeringsprogramma uiteen welke activiteiten zij voor het komende jaar gaan ontplooien op het terrein van (onder andere) de DHW, Apv en de Wok.

 

Daarnaast hebben beide gemeenten een Preventie- en Handhavingsplan alcohol 2019-2022 vastgesteld. In deze plannen beschrijven de gemeenten Purmerend en Beemster op welke wijze zij alcoholgebruik door jongeren en jongvolwassenen willen voorkomen en terugdringen. Tevens heeft de gemeente Purmerend in 2011 de regeling ontheffing sluitingsuren vastgesteld, zijn in 2013 beleidsregels voor evenementen en terrassen vastgesteld en zijn in het Horecaconvenant Purmerend 2013 afspraken gemaakt om tot een zo veilig mogelijk uitgaansklimaat te komen.

 

Er is een apart handhavingsbeleid voor drugspanden en coffeeshops. Indien in een horeca-inrichting drugs wordt aangetroffen met medeweten van de horecaondernemer wordt conform dit beleid gesanctioneerd. Omdat handhavingsbeleid met betrekking tot drugs een bredere reikwijdte heeft dan alleen de horecabedrijven is ervoor gekozen om deze geen integraal onderdeel van de sanctiestrategie horeca te laten zijn.

 

Ook de Beleidsregels Wet Bibob Purmerend 2014 en de Bibob Beleidslijn Horeca, Seksinrichtingen & Omgevingsvergunning, bouwactiviteit en vechtsportevenementen gemeente Beemster hebben een bredere reikwijdte en zijn daarom geen onderdeel van deze sanctiestrategie horeca. Op grond van de Bibob beleidsregels van Purmerend kan iedere nieuwe horecaondernemer onderworpen worden aan de Bibob-toets (integriteitstoets). Wanneer de vergunning mogelijk wordt gebruikt voor het plegen van strafbare feiten, heeft de burgemeester de mogelijkheid de vergunning te weigeren of in te trekken.

 

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beemster heeft op 8 april 2014 de Bibob Beleidslijn Horeca, Seksinrichtingen & Omgevingsvergunning, bouwactiviteit en vechtsportevenementen gemeente Beemster vastgesteld. In deze beleidslijn wordt een Bibob-toets uitgevoerd bij de aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank en Horecawet voor het uitoefenen van het horecabedrijf of het slijtersbedrijf. Op aanvragen voor een drank- en horecavergunning van paracommerciële horecabedrijven en slijterijen wordt geen Bibob-toets uitgevoerd, tenzij hiervoor aanleiding bestaat door een tip van officier van justitie of een indicatie of vermoeden dat er sprake is van een situatie waar artikel 3 van de Wet Bibob op van toepassing is.

 

1.4 Terugblik periode 2014-2018

Sinds 2014 maakt toezicht en handhaving op de DHW onderdeel uit van het reguliere werk van de gemeentelijke toezichthouders. Het dienstrooster van de toezichthouders is aangepast, zodat zij alcoholverstrekkers en horeca-exploitanten vaker en op verschillende tijdstippen controleren.

In de periode 2014-2018 zijn alcoholverstrekkers en horeca-exploitanten periodiek gecontroleerd. Ook is toezicht gehouden tijdens evenementen waar alcohol werd geschonken. De afgelopen periode is de samenwerking tussen particuliere beveiligers en gemeentelijke toezichthouders verbeterd. Zo worden jongeren onder de 18 jaar die in het bezit zijn van alcohol direct van het evenemententerrein verwijderd. Verder zijn bij de ingang van evenemententerreinen borden met huisregels geplaatst. Tevens hebben de beveiligers van de evenementen de mogelijkheid om jeugdwerkers in te schakelen indien zij jongeren in beschonken staat aantreffen.

 

In overeenstemming met de uitvoeringsregels zijn alle overtredingen volgens vaste stappen afgehandeld. Veel geconstateerde overtredingen werden beëindigd nadat we de ondernemer hadden gewaarschuwd. Verder bleek in de praktijk dat het vorige stappenplan bij overtreding van artikel 8 DHW te strikt was, ontbreekt een stappenplan voor de overtreding ‘wijziging exploitatievorm (activiteit) zonder gewijzigde exploitatievergunning’ en staan enkele onvolkomenheden in de uitvoeringsregels. Bovendien moest per overtreding een ander stappenplan gevolgd worden en zou het overzichtelijker zijn om te werken met een beperkt aantal stappenplannen.

 

In tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de handhavingsactiviteiten die de gemeenten Purmerend en Beemster in de periode van 2014 tot 2018 hebben ondernomen op het gebied van de DHW, horeca-gerelateerde overtredingen van de Apv en Wok. In de kolommen vindt u aan de linkerzijde telkens de cijfers terug van de gemeente Purmerend en aan de rechterzijde de cijfers van de Beemster. In onderstaande tabel zijn vastgestelde overtredingen ten aanzien van het verstrekken van alcohol aan jeugd niet opgenomen. In het kader van het project ‘samen voor de 100%’ zijn alcoholverstrekkers benaderd om mee te doen aan een steekproef naleving leeftijdsgrens verkoop alcohol. Hierbij werd meegedeeld dat bij een overtreding nog geen sancties volgen.

 

Categorie overtreding:

2014

Purmerend /

Beemster

2015

Purmerend /

Beemster

2016

Purmerend /

Beemster

2017

Purmerend /

Beemster

2018

Purmerend /

Beemster

Waarschuwingsbrief

17 / 3

23 / 3

3 / 10

2 / 0

3 / 1

Voornemen last onder dwangsom

0 / 0

0 / 0

1 / 0

2 / 0

0 / 0

Voornemen last onder bestuursdwang

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

Last onder dwangsom

0 / 0

0 / 0

0 / 1

0 / 0

0 / 0

Last onder bestuursdwang

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

Intrekken vergunning

0 / 0

0 / 0

1 / 0

0 / 0

1 / 0

Schorsen vergunning

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

Sluiting inrichting

0 / 0

0 / 0

2 / 0

1 / 0

1 / 0

Bestuurlijke boete

11 / 0

8 / 0

3 / 2

4 / 0

1 / 0

Ontzegging

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

0 / 0

Tabel 1: overzicht handhavingsactiviteiten 2014-2018 gemeenten Purmerend en Beemster

 

1.5 Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk delen we de overtredingen in vier categorieën in en wordt per categorie een stappenplan gepresenteerd dat de gemeenten Purmerend en Beemster gebruiken in geval van overtreding van de DHW, de Apv en titel VA, paragraaf 2 van de Wok. Vervolgens zijn tabellen opgenomen waarin per overtreding van de DHW, Apv en Wok wordt aangegeven welk stappenplan wordt gevolgd.

 

2 STAPPENPLANNEN

 

In dit hoofdstuk worden de overtredingen van de DHW, Apv en Wok naar zwaarte in categorieën opgedeeld. De zwaarte van de bestuurlijke maatregel stemmen we af op het type overtreding per categorie. Per categorie overtreding wordt aangegeven welk stappenplan de gemeenten Purmerend en Beemster volgen en welke handhavingsinstrumenten worden ingezet.

 

2.1 Categorieën overtredingen en stappenplannen

In tabel 2 is een schema opgenomen dat door de gemeenten Purmerend en Beemster als stappenplan wordt gebruikt in geval van overtredingen van DHW, Apv en Wok. In het schema worden de overtredingen naar zwaarte in categorieën opgedeeld. De zwaarte van de bestuurlijke maatregel is vervolgens afgestemd op het type overtreding per categorie.

 

Categorie overtreding:

Stappenplan indien een overtreding wordt geconstateerd:0

Categorie 1

Stap 1: opleggen last onder bestuursdwang

Stap 2: toepassen bestuursdwang

Categorie 2

Stap 0: bestuurlijke waarschuwing

Stap 1: tijdelijke sluiting of schorsing/intrekken (exploitatie)vergunning/ontheffing voor 1 week

Stap 2: tijdelijke sluiting of schorsing/intrekken (exploitatie)vergunning/ontheffing voor 4 weken

Stap 3: intrekken (exploitatie)vergunning/ontheffing voor onbepaalde tijd en opleggen last onder bestuursdwang

Stap 4: toepassen bestuursdwang

Categorie 2a

Stap 0: bestuurlijke waarschuwing terugbrengen sluitingstijd

Stap 1: terugbrengen sluitingstijd voor 1 week

Stap 2: terugbrengen sluitingstijd voor 4 weken

Stap 3: terugbrengen sluitingstijd voor 12 weken

Stap 4: intrekken (exploitatie)vergunning en opleggen last onder bestuursdwang en toepassen bestuursdwang

Categorie 3

Stap 0: bestuurlijke waarschuwing

Stap 1: bestuurlijke boete 1

Stap 2: bestuurlijke boete 2 (verhoging met 50%)

Stap 3: bestuurlijke boete 3 (verhoging met 100%)

Stap 4: bij herhaalde overtreding intrekken vergunning/ontheffing of stilleggen

alcoholverkoop voor 12 weken

Categorie 3a

Stap 1: bestuurlijke boete 1

Stap 2: bestuurlijke boete 2 (verhoging met 50%)

Stap 3: bestuurlijke boete 3 (verhoging met 100%)

Stap 4: bij herhaalde overtreding intrekken vergunning/ontheffing of stilleggen

alcoholverkoop voor 12 weken

Categorie 4

Stap 0: bestuurlijke waarschuwing

Stap 1: last onder dwangsom opleggen per termijn/constatering

Stap 2: last onder dwangsom innen

Stap 3: intrekken vergunning/ontheffing en last onder bestuursdwang

Stap 4: toepassen bestuursdwang

Tabel 2: categorieën overtredingen en stappenplannen

 

Categorie 1-overtredingen

Bij categorie 1-overtredingen gaat het om urgente, ernstige zaken die direct dienen te worden beëindigd, omdat er een acuut gevaar is voor de volksgezondheid, de veiligheid of de omgeving. In deze gevallen moet snel gehandeld worden om tot beëindiging van de overtreding te komen en daarom is het noodzakelijk om direct op te treden.

 

Bij constatering van de overtreding wordt direct bestuursdwang aangezegd. De bestuursdwang wordt toegepast indien een exploitant niet eigenhandig de illegale situatie doet stoppen. De horecagelegenheid kan dan worden gesloten.

 

Categorie 2 en 2a-overtredingen

Bij overtredingen in deze categorie gaat het om ernstige zaken, maar is geen sprake van een acute, gevaarlijke situatie. Het gaat bijvoorbeeld om de exploitatie in strijd met de vergunning of niet meer voldoen aan de eisen die aan de leidinggevende(n) worden gesteld. In deze gevallen volgt eerst een bestuurlijke waarschuwing, als voorloper op de eerste stap, namelijk een tijdelijke schorsing/intrekking van de vergunning of ontheffing. De zichtbaarheid van de maatregel wordt bij deze overtredingen van belang geacht voor de effectiviteit.

 

Soms moet de vergunning op grond van de DHW en Wok worden ingetrokken. Daarnaast zal de vergunning of ontheffing worden ingetrokken indien het in stand blijven van de vergunning een gevaar vormt voor de openbare orde, veiligheid of volksgezondheid. De wettelijke grondslag voor het intrekken van een vergunning of ontheffing is gelegen in de artikelen 30f en 30l Wok, 31 DHW, 5 Apv Purmerend en 1.6 Apv Beemster.

 

De DHW-vergunning kan voor maximaal 12 weken worden geschorst. De schorsing wordt ingezet als een directe intrekking van de vergunning of ontheffing buitenproportioneel is ten opzichte van de overtreding. Het aantal weken van de schorsing wordt verhoogd wanneer dezelfde overtreding nogmaals wordt begaan. De wettelijke grondslag voor het schorsen van een vergunning of ontheffing is gelegen in de artikelen 32 DHW, 5 Apv Purmerend en 1.6 Apv Beemster.

 

Categorie 2a heeft betrekking op overtredingen van de Apv ten aanzien van de sluitingstijden. In de tabellen wordt aangegeven met hoeveel uur de sluitingstijd teruggebracht zal worden.

 

Categorie 3 en 3a-overtredingen

De categorie 3-overtredingen hebben betrekking op een aantal specifieke overtredingen die niet meer te herstellen zijn. Wanneer de burgemeester voornemens is om een bestuurlijke boete op te leggen, wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen tegen de op te leggen boete. Hiervoor hanteren wij een termijn van twee weken. Daarna wordt de sanctie definitief opgelegd.

 

Categorie 3a heeft betrekking op overtredingen van de DHW ten aanzien van het verstrekken alcoholhoudende drank aan personen kennelijk jonger dan 18 jaar of het anderszins verstrekken van alcohol terwijl dit niet is toegestaan. De gemeenten Purmerend en Beemster willen gezondheidsschade bij jeugdigen door alcoholgebruik tegengaan en hanteren bij deze overtredingen een lik-op-stukbeleid. Beide gemeenten vinden overtredingen ten aanzien van het verstrekken van alcohol aan minderjarigen zodanig ernstig, dat bij deze overtredingen niet wordt gewaarschuwd en direct een bestuurlijke boete wordt opgelegd. Tevens kan de verkoop van alcohol in de detailhandel voor maximaal twaalf weken worden verboden wanneer voor de derde maal in één jaar wordt geconstateerd dat alcohol wordt verstrekt aan personen die niet onmiskenbaar de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt (artikel 19a DHW).

 

Categorie 4-overtredingen

Deze categorie bevat de overtredingen waarvan de verwachting is dat een financiële prikkel er toe leidt dat de overtreding in de toekomst wordt voorkomen. Daarbij valt te denken aan het niet ter plaatse kunnen tonen van een verstrekte vergunning of een terras dat buiten de vergunde afmetingen is uitgestald. In dat geval wordt als voorloper op een bestuurlijke sanctie eerst een waarschuwing gegeven, vervolgens als eerste stap het opleggen van een last onder dwangsom en pas als stap 2, bij volharding in de overtreding, volgt het innen van de dwangsom.

 

De dwangsom wordt in principe per termijn of per constatering opgelegd. Wanneer de dwangsom niet leidt tot het gewenste nalevingsgedrag kan vervolgens een last onder bestuursdwang of een nieuwe last onder dwangsom met hogere dwangsombedragen worden opgelegd. De hoogte van de dwangsommen voor de DHW en de Wok zijn gekoppeld aan de bedragen van de bestuurlijke boetes. Bij de hoogte van de dwangsommen bij de Apv wordt gekeken naar de aard van de overtreding en de financiële prikkel die we met de dwangsom willen geven om te komen tot beëindiging van de overtreding.

 

2.2 Aspecten uitgelicht

 

Doelstellingen sanctiestrategie horeca

De doelstellingen van de sanctiestrategie horeca zijn:

  • dat de uitvoering van de handhaving zal leiden tot een beter naleefgedrag met als resultaat een grotere leefbaarheid, veiligheid en gezondheid;

  • dat de handhaving in beginsel in alle gevallen gelijk en uniform wordt uitgevoerd;

  • dat burgers, bedrijven en instellingen weten welke middelen worden ingezet voor de handhaving en dat de gemeente daar verantwoording over aflegt.

 

Communicatie

Handhaving vindt plaats aan de hand van een helder stappenplan. Alle alcoholverstrekkers en horeca-exploitanten worden op de hoogte gesteld van deze sanctiestrategie. De sanctiestrategie wordt gepubliceerd op www.overheid.nl en op de websites van de gemeenten Purmerend en Beemster. Hierdoor zijn de ondernemers op de hoogte van de consequenties van overtredingen.

 

Bestuurlijke waarschuwing

Bij overtredingen in de categorieën 2, 3 en 4 wordt bij een eerste constatering van een overtreding eerst een bestuurlijke waarschuwing gegeven (stap 0). Bij de tweede constatering binnen een jaar wordt een bestuurlijke maatregel opgelegd. Tegen de waarschuwing staat geen bezwaar en beroep open. Bij overtredingen in de categorie 1 en 3a wordt direct bestuursrechtelijk opgetreden.

 

Bestuurlijke boete

De wettelijke grondslag van de bestuurlijke boete is gelegen in afdeling 5.4 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), de artikelen 44 en verder van de DHW en artikel 35c Wok. De bestuurlijke boete zetten wij in om een zogenaamd lik op stuk beleid te kunnen voeren op overtredingen die zo ernstig zijn dat we daar meteen op willen treden. Door een directe consequentie (financiële prikkel) te verbinden aan een overtreding wordt het naleefgedrag vergroot.

 

De bestuurlijke boete is een bestraffende sanctie. Dit betekent dat een aantal waarborgen, zoals de plicht tot het geven van cautie (horen), gelden wanneer de burgemeester voornemens is een bestuurlijke boete op te leggen. In de bijlage van het Besluit Bestuurlijke Boete DHW zijn regels opgenomen over de hoogte van de boete. De hoogte van de bestuurlijke boete voor overtredingen van de Wok zijn bepaald aan de hand van de bedragen van de van toepassing zijnde categorieën zoals bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

 

Toepassen bestuursdwang

De last onder bestuursdwang wordt opgelegd wanneer sprake is van een ernstige en spoedeisende overtreding en de overtreder zelf niet in staat of bereid is de overtreding te beëindigen of ongedaan te maken. Voor zover in de stappenplannen een last onder bestuursdwang is opgenomen, is sprake van een besluit waarin een termijn wordt gegeven waarbinnen de inrichting de exploitatie moet beëindigen of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen. Wordt aan de last niet voldaan, dan wordt de inrichting door de burgemeester gesloten.

 

Indien een situatie zo spoedeisend is, dat een besluit niet kan worden afgewacht, kan terstond bestuursdwang worden toegepast, maar wordt zo spoedig mogelijk nadien alsnog een besluit van bestuursdwang opgemaakt. De wettelijke grondslag is gelegen in de artikel 125 van de Gemeentewet en afdeling 5.3 van de Awb.

 

Hersteltermijn/begunstigingstermijn

Daar waar een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang wordt opgelegd, dient op grond van artikel 5:24 en 5:32a van de Awb een termijn te worden gesteld waarbinnen de in het besluit voorgeschreven herstelmaatregelen kunnen worden uitgevoerd. Na afloop van die termijn is toepassing van bestuursdwang mogelijk en wordt de dwangsom verbeurd. De gemeenten Purmerend en Beemster hanteren een hersteltermijn/begunstigingstermijn van twee weken.

 

Verjaring

Voor het stappenplan geldt dat een volgende stap wordt gezet wanneer binnen een jaar na een vorige constatering en/of overtreding opnieuw een overtreding plaatsvindt. Een overtreding blijft vijf jaar meetellen. Vindt een overtreding binnen vijf jaar na de vorige overtreding plaats, maar is de vorige keer langer dan een jaar geleden, dan wordt de handhavingsstap herhaald.

 

Overigens worden de maatregelen per ondernemer toegepast. Indien een ondernemer zijn onderneming tussentijds overdraagt en geen zeggenschap meer heeft over de onderneming en de nieuwe ondernemer een overtreding begaat, dan volgt eerst een bestuurlijke waarschuwing.

 

Zienswijze

Voorafgaand aan een besluit tot het nemen van een bestuurlijke maatregel worden belanghebbenden (zoals de alcoholverstrekker of horeca-exploitant) uitgenodigd voor een zienswijzengesprek. Uiterlijk twee weken voor aanvang van het zienswijzengesprek ontvangen de belanghebbenden een schriftelijke uitnodiging. Tijdens het zienswijzengesprek worden de belanghebbenden in de gelegenheid gesteld zijn of haar reactie te geven over het voorgenomen besluit. De belanghebbenden kunnen zich hierbij laten vertegenwoordigen door een gemachtigde.

 

Belangenafweging besluit

Op basis van het voorgenomen besluit en eventueel ingediende zienswijzen weegt de burgemeester in zijn besluitvorming over het treffen van een bestuurlijke maatregel het belang van de belanghebbenden af tegen het belang dat het overtreden artikel beoogt te beschermen.

 

De burgemeester weegt in zijn belangenafweging ook eventuele verzachtende of verzwarende omstandigheden mee. Van verzachtende omstandigheden is bijvoorbeeld sprake als de betrokkene in het verleden geen overtredingen heeft begaan, hij/zij uit eigen beweging maatregelen neemt ter beëindiging van de overtreding of voorkoming van overtreding in de toekomst. Verzwarende omstandigheden kunnen zijn:

  • -

    meerdere overtredingen begaan;

  • -

    omvang eventuele gevolgen van de overtreding;

  • -

    vermoedens van verwijtbaar gedrag.

 

Besluit

Uiteindelijk resulteert de belangenafweging in een besluit. Indien een belanghebbende het niet eens is met het besluit, kan hij/zij binnen zes weken na de dag van verzending van het besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de burgemeester. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en bevat tenminste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar.

 

Een bezwaarschrift schorst de werking van het besluit niet. De belanghebbende kan de voorzieningenrechter verzoeken een voorlopige voorziening te treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Voorwaarde is dat verzoeker ook een bezwaarschrift heeft ingediend. Een verzoek moet worden ingediend bij de voorzieningenrechter van de sector bestuursrecht van de Rechtbank Noord-, Afdeling bestuursrecht, onder vermelding van voorlopige voorzieningen, Postbus 1621, 2003 BR Haarlem.

 

Afwijken van handhavingstabellen

In specifieke situaties kan gemotiveerd worden afgeweken van de voorgestelde stappenplannen, termijnen en handhavingsinstrumenten. Op grond van artikel 4:84 Awb moet de burgemeester overeenkomstig de handhavingstabellen handelen, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen. Indien de burgemeester van de regels afwijkt, moet dit gemotiveerd worden.

 

2.3 Handhavingstabel Drank- en Horecawet

In tabel 3 geven we per overtreding van de DHW aan welk stappenplan wordt gevolgd en wat de eventuele bijzonderheden zijn per overtreding.

 

Artikel

Overtreding

Stappenplan categorie:

Bijzonderheden

3

Uitoefenen horecabedrijf of slijtersbedrijf zonder vergunning, maar deze is wel aangevraagd.

4

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--

3

Uitoefenen horecabedrijf of slijtersbedrijf terwijl geen vergunning is aangevraagd, de vergunning is geweigerd, geschorst, buiten behandeling gesteld of ingetrokken.

1

De exploitatie dient binnen uiterlijk 48 uur te zijn gestaakt.

Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen.

 

Overtreding van dit artikel levert een delict op in de zin van de Wet op de economische delicten. Daarom kan deze overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk worden afgedaan.

8

Niet (meer) voldoen aan de eisen die aan de leidinggevende(n) worden gesteld.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 31 lid 1 onder b DHW worden ingetrokken. Voordat wordt besloten de vergunning in te trekken, wordt de alcoholverstrekker eerst door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek om te bespreken in hoeverre en binnen welke termijn de overtreding kan worden beëindigd.

9 lid 3

Registratie van barvrijwilligers die voorlichtingsinstructie sociale hygiëne hebben gehad niet aanwezig in de inrichting.

4

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,--

9 lid 4

Bestuursreglement paracommerciële inrichting niet aanwezig.

4

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,--

10

Inrichting voldoet niet langer aan één of meerdere gestelde inrichtingseisen.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 31 DHW worden ingetrokken. Voordat wordt besloten de vergunning in te trekken, wordt de alcoholverstrekker eerst door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek om te bespreken in hoeverre en binnen welke termijn de overtreding kan worden beëindigd.

12 lid 1 en 2

Verstrekken alcohol in een niet op de vergunning vermelde lokaliteit.

3

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

13 lid 1

Verstrekking alcohol horecalokaliteit/ terras voor gebruik elders dan ter plaatse.

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

13 lid 2

Verstrekking alcohol voor gebruik ter plaatse in slijtersbedrijf (dit is slechts toegestaan indien de klant vraagt om de alcoholhoudende drank te proeven).

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

14 lid 1

Verrichten van andere bedrijfsactiviteiten in slijtersbedrijf.

4

In het Besluit aanvulling omschrijving slijtersbedrijf staat welke activiteiten in het slijtersbedrijf zijn toegestaan. De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,-- Deze overtreding is een economisch delict.

14 lid 2 en 3

Horecalokaliteit of terras tevens in gebruik hebben voor het uitoefenen van de kleinhandel, zelfbedieningsgroothandel of in het derde lid genoemde activiteiten.

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

 

Het verkopen van pakketjes lachgas kan als kleinhandel worden aangemerkt en daarom is deze handel vanuit een horecalokaliteit of terras op grond van dit artikel verboden.

15 lid 1

Bezoeker van slijtersbedrijf moet eerst door een horecalokaal gaan om bij het slijtersbedrijf te komen, terwijl er ook nog een andere mogelijkheid is waarbij de bezoeker rechtstreeks de slijtlokaliteit betreedt.

4

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,-- Deze overtreding is een economisch delict.

15 lid 2

Rechtstreekse verbinding tussen slijterij en andere ruimte voor kleinhandel.

4

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,-- Deze overtreding is een economisch delict.

16

Automatenverkoop alcohol (met uitzondering van hotelkamers).

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

17

Supermarkt of slijterij verstrekt alcoholhoudende drank anders dan in gesloten verpakking.

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

18 lid 1

Verkoop zwakalcoholische drank anders dan in slijtersbedrijf of levensmiddelenbedrijf voor gebruik elders dan ter plaatse (uitzonderingen op verbod staan in lid 2).

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

18 lid 3

Onderscheid tussen zwakalcoholhoudende en alcoholvrije dranken ontbreekt in ruimte van het levensmiddelenbedrijf.

4

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,-- Deze overtreding is een economisch delict.

19 lid 1

Bestelservice sterke drank voor ander bedrijf dan slijtersbedrijf en partijen-catering.

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

19 lid 2

Bestelservice zwakalcoholhoudende drank, behalve vanuit de uitzonderingen genoemd in artikel 19 lid 2.

3a

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

20 lid 1

Verkoop alcoholhoudende drank aan persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt.

3a

De gemeenten Purmerend en Beemster zetten testkopers in bij de handhaving van dit verbod. In het ‘Werkproces inzet testkopers DHW’ wordt nader omschreven hoe testkopers worden geselecteerd, de omstandigheden die aanleiding geven tot de inzet van testkopers en welke instructies aan de testkopers wordt gegeven. De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

20 lid 2

Bezoeker in slijtersbedrijf toegelaten van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, zonder toezicht van persoon 21 jaar of ouder.

3

De hoogte van de boete is vastgelegd in het Besluit Bestuurlijke Boete DHW. Deze overtreding is een economisch delict.

20 lid 4

Leeftijdsgrens niet duidelijk aangegeven bij toegang horeca-/slijtlokaliteit.

2

Deze overtreding is een economisch delict.

20 lid 5

Personen in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van drugs verkeert toegelaten in horeca- en slijtersbedrijf of terras.

1

Indien vanwege de spoedeisendheid geen besluit kan worden afgewacht, wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast. Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen.

Tevens kan de burgemeester op grond van artikel 36 DHW aan andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met de DHW alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte te ontzeggen.

 

Deze overtreding wordt ook strafrechtelijk afgedaan, want blijkens artikel 252 lid 1.2 van het Wetboek van Strafrecht wordt: met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van de derde categorie gestraft: 1°. hij die aan iemand die in kennelijke staat van dronkenschap verkeert, bedwelmende drank verkoopt of toedient.

20 lid 6

In kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van drugs aan het werk zijn in horeca- en slijtersbedrijf.

1

Indien vanwege de spoedeisendheid geen besluit kan worden afgewacht, wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast. Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen. Tevens kan de burgemeester op grond van artikel 36 DHW aan andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met de DHW alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte te ontzeggen. Deze overtreding is een economisch delict.

21

Verstrekken alcoholhoudende drank indien moet worden vermoed dat dit tot verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid zal leiden.

1

Indien vanwege de spoedeisendheid geen besluit kan worden afgewacht, wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast. Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen. Tevens kan de burgemeester op grond van artikel 36 DHW aan andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met de DHW alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte te ontzeggen.

22 lid 1

Verstrekken alcoholhoudende drank bij tankstations, winkels bij wegrestaurants en andere ruimten langs de autosnelweg die geen horecabedrijf zijn.

1

De exploitatie dient binnen uiterlijk 48 uur te zijn gestaakt.

Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen. Deze overtreding is een economisch delict. Tevens kan de burgemeester op grond van artikel 36 DHW aan andere personen dan hen, die wonen in de ruimte, waarin in strijd met de DHW alcoholhoudende drank wordt verstrekt, de toegang tot die ruimte te ontzeggen.

24 lid 1 en 2

In een commerciële of paracommerciële inrichting een horecalokaliteit of slijtlokaliteit voor het publiek geopend houden terwijl geen leidinggevende of vereiste persoon aanwezig is.

2

Deze overtreding is een economisch delict.

24 lid 3

Gedurende de tijd dat alcoholhoudende dranken worden verstrekt, een persoon jonger dan 16 jaar dienst laten doen.

2

Deze overtreding is een economisch delict.

25 lid 1

Verbod aanwezigheid alcoholhoudende drank behoudens uitzondering.

2

Deze overtreding is een economisch delict.

25 lid 2

Verbod nuttiging alcoholhoudende drank ter plaatse, in niet zijnde horecabedrijf, behoudens uitzondering.

2

Indien de overtreder geen drank- en horecavergunning heeft, wordt het stappenplan van categorie 4 gevolgd en bedraagt de dwangsom € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

Deze overtreding is een economisch delict.

25 lid 3

Verbod alcoholhoudende drank in vervoermiddel kleinhandel, behoudens enkele uitzonderingen.

2

Indien de overtreder geen drank- en horecavergunning heeft, wordt het stappenplan van categorie 4 gevolgd , en bedraagt de dwangsom € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--, ook omdat de burgemeester ter zake van deze overtreding geen bestuurlijke boete mag opleggen (dit blijkt uit artikel 44a lid 1). Deze overtreding is een economisch delict.

29 lid 3

Vergunning en het daarbij behorende aanhangsel en in voorkomende gevallen een afschrift van de aanvraag en de ontvangstbevestiging daarvan zijn niet aanwezig in de inrichting.

4

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,-- Deze overtreding is een economisch delict.

30 en 30a lid 1

Vergunninghouder heeft geen melding gedaan van wijziging in inrichting of de vergunninghouder heeft geen melding nieuwe leidinggevende of doorhaling gedaan.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 31 lid 1 onder d DHW worden ingetrokken. Voordat wordt besloten de vergunning in te trekken, wordt de alcoholverstrekker eerst door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek om te bespreken in hoeverre en binnen welke termijn de overtreding kan worden beëindigd.

35 lid 1

Zonder ontheffing zwakalcoholhoudende drank verstrekken.

1

Indien vanwege de spoedeisendheid geen besluit kan worden afgewacht, wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast. Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de tap of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen.

35 lid 2

Niet voldoen aan beperkingen/voorschriften die gekoppeld zijn aan de ontheffing.

2

Deze overtreding is een economisch delict.

35 lid 4

Ontheffing niet aanwezig.

4

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,-- Deze overtreding is een economisch delict.

38

Ter zake van een aanvraag voor vergunning of een ontheffing bewust onjuiste of onvolledige gegevens verstrekken.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 31 lid 1 onder d DHW worden ingetrokken. Deze overtreding is een economisch delict.

44

Niet alle medewerking verlenen zoals door de toezichthouder is gevraagd (artikel 5:20 Awb).

1

Toepassen bestuursdwang ter handhaving van de bij artikel 5:20 Awb gestelde verplichting.

45

Persoon jonger dan 18 jaar, met uitzondering van personen van 16 en 17 jaar die werken in een horecabedrijf, heeft alcohol op publiek toegankelijke plaats aanwezig.

n.v.t.

Deze overtreding wordt strafrechtelijk afgedaan.

Tabel 3: handhavingstabel Drank- en Horecawet

 

2.4 Handhavingstabel Apv Purmerend en Beemster

In de Apv van Purmerend zijn regels gesteld over het exploiteren van een horecabedrijf, terrassen, het sluitingsuur van de horeca en voorkoming van oneerlijke mededinging bij paracommerciële rechtspersonen. In de Apv van Beemster zijn regels gesteld over het sluitingsuur van de horeca en voorkoming van oneerlijke mededinging bij paracommerciële rechtspersonen

 

Om een horecabedrijf met eventueel terras te exploiteren in Purmerend zijn vergunningen benodigd. Om buiten de voorgeschreven openingstijden van de Apv geopend te mogen zijn, kan men een ontheffing van het sluitingsuur aanvragen. De beschikkingen worden onder voorschriften afgegeven. In de Regeling ontheffing Sluitingsuren 2011 van de gemeente Purmerend zijn de regels opgenomen waaraan een horecabedrijf moet voldoen om in aanmerking te komen voor een ontheffing van het sluitingsuur. In het Terrassenbeleid van Purmerend wordt aangegeven waar, wanneer en wat er op de terrassen is toegestaan. Om een integrale aanpak te bevorderen zijn in tabel 4 van deze sanctiestrategie horeca de sancties voor de overtredingen van de exploitatie van een horecabedrijf, terrassen, het sluitingsuur en oneerlijke mededinging opgenomen.

 

Artikel

Overtreding(en)

Stappenplan categorie:

Bijzonderheden

110b lid 1

Purmerend

Exploiteren van een horecabedrijf zonder exploitatievergunning.

1

Er is sprake van illegale exploitatie als:

  • a.

    wordt geëxploiteerd bij een overname terwijl er nog geen vergunning is verleend;

  • b.

    wordt geëxploiteerd terwijl de vergunning is ingetrokken of geweigerd;

  • c.

    wordt geëxploiteerd nadat de exploitatievergunning is vervallen.

De exploitatie dient binnen uiterlijk 48 uur te zijn gestaakt.

Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden) wordt gesloten of dat de drank direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen.

Idem

Wijziging exploitatievorm (activiteit) zonder gewijzigde exploitatievergunning.

Uitbreiding zonder gewijzigde exploitatievergunning terwijl de inrichting een zodanige verandering (uitbreiding in vierkante meters en/of ruimtes) heeft ondergaan dat zij niet langer in overeenstemming is met de in de vergunning omschreven aantal vierkante meters en/of ruimten.

 

De horecaondernemer (en personeel, waaronder portiers) houden zich bij het toelatingsbeleid en de overige bedrijfsvoering niet aan de "Gedragscode anti-rassendiscriminatie horeca".

 

 

 

Overtreding van de overige voorschriften van de exploitatievergunning.

2

De exploitatievergunning wordt voor respectievelijk 1 week en 4 weken geschorst.

 

 

                   

De horecaondernemer (en personeel, waaronder portiers) moeten ervoor zorgdragen dat:

  • a.

    duidelijk is dat discriminatie op welke grond dan ook niet wordt geaccepteerd in de inrichting;

  • b.

    bezoekers worden terechtgewezen indien zij zich schuldig maken aan discriminatie.

 

 

Wijziging exploitant en/of in zeggenschap exploitant(en) zonder gewijzigde exploitatievergunning.

2

De exploitant is verplicht elke wijziging in de zeggenschap (bijv. wijziging in rechtsvorm) door te geven.

 

In afwijking van het stappenplan van categorie 2, worden deze stappen gevolgd:

  • -

    bij stap 0: waarschuwing intrekken exploitatievergunning;

  • -

    bij stap 1: intrekken exploitatievergunning.

 

Schijnbeheer (als blijkt dat niet de vergunninghouder feitelijk zeggenschap heeft over en leiding geeft aan het horecabedrijf, maar een persoon die niet als zodanig op de vergunning staat vermeld).

 

Slecht (levens)gedrag van exploitant.

2

In afwijking van het stappenplan van categorie 2, wordt bij deze overtreding de exploitatievergunning direct ingetrokken.

 

Ontbreken van portiers wanneer dit als voorschrift in de exploitatievergunning is opgenomen in verband met het vereiste veiligheidsniveau ter plaatse.

   

2

De inrichting wordt voor respectievelijk 1 week en 4 weken gesloten.

 

Ernstig geweld in, vanuit of in de directe omgeving van het horecabedrijf. Als ernstige geweldsincidenten worden in ieder geval beschouwd:

  • a.

    incidenten waarbij één of meer vuur-, steek-, of slagwapens is/zijn gebruikt (of met gebruik ervan is gedreigd of aanwezig waren);

  • b.

    incidenten waarbij één of meer dodelijke slachtoffer(s) is/zijn gevallen;

  • c.

    incidenten waarbij één of meer slachtoffer(s) (zeer ernstig) gewond is/zijn geraakt;

  • d.

    (grootschalige) vechtpartijen waarbij grote groepen bezoekers, dan wel personeel, van het horecabedrijf bij betrokken zijn;

  • e.

    ernstige zedendelicten (zoals verkrachting)

  • f.

    (onvrijwillige) toediening van bedwelmende middelen zoals GHB (lijst II Opiumwet).

2

In afwijking van het stappenplan van categorie 2, wordt bij deze overtreding niet gewaarschuwd en wordt bij:

  • -

    een eerste constatering de horeca-inrichting voor 2 weken gesloten. In het kader van openbare orde en veiligheid wordt tijdens deze 2 weken onderzocht of sprake is van verwijtbaarheid. Indien sprake is van verwijtbaarheid wordt de horeca-inrichting daarna voor 12 weken gesloten.

  • -

    een tweede constatering de horeca-inrichting voor 2 weken gesloten. In het kader van openbare orde en veiligheid wordt tijdens deze 2 weken onderzocht of sprake is van verwijtbaarheid. Indien sprake is van verwijtbaarheid wordt de horeca-inrichting daarna voor 26 weken gesloten en wordt de exploitatievergunning ingetrokken.

 

Geweld in, vanuit of in de directe omgeving van het horecabedrijf, voor zover er geen sprake is van ernstige geweldsincidenten.

   

Strafbare feiten in of vanuit een horecabedrijf. Niet zijnde drugs- of wapenhandel maar bijvoorbeeld heling.

2

Bij:

  • -

    een eerste constatering wordt gesproken met de exploitant en wordt een waarschuwing sluiten horeca-inrichting verstuurd.

  • -

    een tweede constatering wordt de horeca-inrichting voor 1 week gesloten. In het kader van openbare orde en veiligheid wordt tijdens deze week onderzocht of sprake is van verwijtbaarheid. Indien sprake is van verwijtbaarheid wordt de horeca-inrichting daarna voor 6 weken gesloten.

  • -

    een derde constatering wordt de horeca-inrichting voor 1 week gesloten. In het kader van openbare orde en veiligheid wordt tijdens deze week onderzocht of sprake is van verwijtbaarheid. Indien sprake is van verwijtbaarheid wordt de horeca-inrichting daarna voor 12 weken gesloten.

  • -

    een vierde constatering wordt de horeca-inrichting voor 1 week gesloten. In het kader van openbare orde en veiligheid wordt tijdens deze week onderzocht of sprake is van verwijtbaarheid. Indien sprake is van verwijtbaarheid wordt de horeca-inrichting daarna voor 26 weken gesloten en wordt de exploitatievergunning ingetrokken.

 

Ten aanzien van de exploitatie: overlast (m.u.v. geluidsoverlast) in, vanuit of in de directe omgeving waar in ieder geval:

  • a.

    duidelijke effecten zijn op de woon- en leefomgeving (situering horecabedrijf en het karakter van de omgeving wordt daarbij meegewogen); en

  • b.

    de overlast te herleiden is tot het horecabedrijf waarop de klachten betrekking hebben; en

  • c.

    het gaat om objectiveerbare overlast.

2a

Ter voorkoming van overlast zijn ook voorschriften opgenomen in de exploitatievergunning van het horecabedrijf. 

In afwijking van het stappenplan van categorie 2a, wordt:

  • -

    bij stap 1: de sluitingstijd voor 4 weken teruggebracht van 02.00 uur naar 24.00 uur (met ontheffing sluitingsuur) of van 24.00 uur naar 22.00 uur (zonder ontheffing sluitingsuur).

  • -

    bij stap 2: de sluitingstijd voor 12 weken teruggebracht van 02.00 uur naar 24.00 uur (met ontheffing sluitingsuur) of van 24.00 uur naar 22.00 uur (zonder ontheffing sluitingsuur).

  • -

    bij stap 3: intrekken exploitatievergunning.

 

Drugshandel of aanwezigheid handelshoeveelheid drugs in horeca-inrichting.

2

Er wordt gehandhaafd conform het ‘Handhavingsbeleid coffeeshops, grow-, smart- en headshops en drugspanden’. Daarnaast wordt bij een eerste constatering de exploitatievergunning voor 4 weken geschorst en bij een tweede constatering wordt de exploitatievergunning ingetrokken.

110b lid 6 en 7 jo. 13 Purmerend

Opslag terrasmeubilair en attributen gevelterras (indien de eigenaar/leidinggevende niet aanwezig is): niet zodanig verzekerd opgesteld dat er geen gebruik van gemaakt kan worden gestapeld tegen de gevel of in het horecabedrijf, of attributen in het horecabedrijf niet goed bevestigd, of gasflessen niet in het horecabedrijf opgeslagen.

 

Opslag terrasmeubilair zomerterras (indien eigenaar/leidinggevende niet aanwezig is): niet zodanig verzekerd opgesteld dat er geen gebruik van gemaakt kan worden en gestapeld tegen de gevel of in het horecabedrijf.

 

Exploitatie van terrassen tijdens evenementen (direct gevaar en/of hinder) zonder expliciete goedkeuring van de burgemeester. 

1

Indien vanwege de spoedeisendheid geen besluit kan worden afgewacht, wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast.

                                       

 

 

 

 

 

Bereikbaarheid calamiteitenverkeer: niet waarborgen van een vrije baan van minimaal 4.50 m breed en 4.50 m hoog.

 

Ten behoeve van calamiteitenverkeer dient te allen tijde een vrije baan van minimaal 4.50 m breed en 4.50 m hoog te zijn gewaarborgd. Zie voor de Koemarkt de inrichtingskaart.

Idem

Opslag terrasmeubilair en attributen gevelterras (indien de eigenaar/leidinggevende aanwezig is): niet zodanig verzekerd opgesteld dat er geen gebruik van gemaakt kan worden en gestapeld tegen de gevel of in het horecabedrijf, of attributen in het horecabedrijf niet goed bevestigd, of gasflessen niet in het horecabedrijf opgeslagen.

 

Opslag terrasmeubilair zomerterras (indien eigenaar/leidinggevende aanwezig is): niet zodanig verzekerd opgesteld dat er geen gebruik van gemaakt kan worden en gestapeld tegen de gevel of in het horecabedrijf. 

4

In afwijking van het stappenplan van categorie 4 wordt bij al deze overtredingen niet gewaarschuwd, maar wordt direct een last onder dwangsom opgelegd. 

De begunstigingstermijn bij deze overtredingen bedraagt, op een paar hieronder te noemen uitzondering na, 1 uur en de dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

                   

 

 

Gebruiken terrasverwarming anders dan op gas of elektra of niet voorzien van een CE keurmerk.

 

De ondernemer is verantwoordelijk voor het gebruik en van de juiste goedgekeurde materialen.

 

Exploitatie van terrassen tijdens evenementen (zonder direct gevaar en/of hinder) zonder expliciete goedkeuring van de burgemeester.

 

De terrasvergunning is voor evenementen niet geldig tenzij de burgemeester expliciet heeft aangegeven dat het terras geheel of gedeeltelijk geplaatst kunnen worden.

 

Binnen een straal van 0.9 m van een brandkraan obstakels plaatsen.

 

Voor de gevels van Koemarkt 5, 14, 37-39 en 40 zijn (gemarkeerde) brandkranen aanwezig. Brandkranen dienen duidelijk zichtbaar en voor de brandweer bereikbaar te blijven.

 

Losse snoeren, leidingen en kabels over calamiteitenroutes neerleggen.

 

 

 

Alle (nood)uit- en toegangen van/tot het terras en de horeca-inrichting zijn niet zowel aan de binnen- en als aan de buitenzijde onbelemmerd bereikbaar.

 

De dwangsom bedraagt € 2.000,-- per week met een maximum van € 20.000,--.

 

Het zonder evenementenvergunning plaatsen van buitentaps en buitenbars.

 

De dwangsom bedraagt € 2.000,-- per week met een maximum van € 20.000,--.

 

Muziek (directe overlast voor de omgeving) ten gehore te brengen op het terras.

 

Tijdens evenementen is dit wel toegestaan, mits hiervoor vergunning is verleend. De begunstigingstermijn bedraagt 30 minuten.

 

Het gevelterras bevindt zich niet tegen de gevel van het horecabedrijf of is breder dan de gevel van het bedrijf.

4

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

 

Zonder een vergunning een terras meer dan 1.20 m uit de gevel plaatsen en welke uit meer dan 3 tafels en 9 stoelen bestaat.

 

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

 

Zonder een vergunning een terras op de Koemarkt plaatsen.

 

Een terras op de Koemarkt is altijd vergunningsplichtig. De dwangsom bedraagt € 2.000,-- per week met een maximum van € 20.000,--.

 

Schenden openingstijden terrassen. Terrassen mogen geopend zijn van 08.00 tot 23.45 uur (of 01.45 uur indien ontheffing is verleend).

 

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

 

Terrasmeubilair (tafels (lig)stoelen, banken en parasols) zijn niet direct en makkelijk verplaatsbaar of de rugleuning is hoger dan 1 m.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Parasols in de binnenstad zijn niet één egale kleur per terras of vierkant of rechthoekig qua vorm of komt boven de opkroonhoogte van bomen uit.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Terrasschotten gevelterras op de Koemarkt is hoger dan 1.50 m of breder dan 3.50 m of voorbij de historische paaltjes.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Terrasschot zomerterras op de Koemarkt aanwezig.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Terrasschotten algemeen zijn hoger dan 1.50 m of breder dan 2.00 m.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Attributen: alleen beelden, plantenbakken, potten en terrasverwarming zijn toegestaan op het gevelterras. Het aanwezig hebben van overige attributen is niet toegestaan.

 

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,--.

 

Het aanwezig hebben van attributen op het zomerterras, met uitzondering van terrasverwarming in de parasols.

 

De dwangsom bedraagt € 250,-- per week met een maximum van € 2.500,--.

 

Terrasverwarming zomerterras is niet geïntegreerd in de parasols.

 

Terrasverwarming op de zomerterrassen is alleen toegestaan als dit is geïntegreerd in de parasols. De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Mantelpijpen Koemarkt: kabels en leidingen naar het zomerterras toe, zijn niet via de mantelbuizen aangelegd, of vloeistoffen en leidingen/kabels worden door dezelfde mantelpijp geleid, of kabels en leidingen zijn niet zodanig opgeborgen dat deze niet meer zichtbaar zijn (als geen gebruik meer wordt gemaakt van het zomerterras) of de kabels zijn niet stroomloos gemaakt.

 

De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

 

De horecaondernemer (vergunninghouder) zorgt er niet voor dat het terras en zijn omgeving schoon, schadevrij en in oorspronkelijke blijft.

 

Eventuele schade wordt verhaald op de vergunninghouder. De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Gebruiken van materialen op terrassen dat gemakkelijk ontvlambaar of en bij verbranding veel rook doet ontwikkelen of is gemaakt van glas dan wel vergelijkbaar materiaal.

 

De dwangsom bedraagt € 500,-- per week met een maximum van € 5.000,--.

 

Muziek (geen directe overlast voor de omgeving) ten gehore te brengen op het terras.

 

Tijdens evenementen is dit wel toegestaan, mits hiervoor vergunning is verleend. De begunstigingstermijn bedraagt 30 minuten en de dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--.

110c lid 1

Purmerend

Houder van een horecabedrijf laat horecabedrijf voor bezoekers geopend en/of laat bezoekers toe of verblijven tussen 00.00 en 07.00 uur in het horecabedrijf.

2a

De horecaondernemer kan ontheffing van het sluitingsuur krijgen. De overtreding van artikel 110c lid 1 betreft de situatie dat de ondernemer geen ontheffing heeft en zich niet houdt aan de sluitingstijden zoals deze in de Apv zijn neergelegd. In geval van overtreding wordt de sluitingstijd voor respectievelijk 1, 4 en 12 weken teruggebracht van 24.00 uur naar 22.00 uur.

2.29 lid 1 en 2 Beemster

Houder van een horecabedrijf laat horecabedrijf voor bezoekers geopend en/of laat bezoekers toe of verblijven op maandag tot en met vrijdag tussen 01.00 uur en 07.00 uur, of op zaterdag en zondag tussen 02.00 uur en 07.00 uur in het horecabedrijf.

 

Overtreding ontheffing sluitingsuur of overige voorschriften van de ontheffing.

 

In geval van overtreding wordt de sluitingstijd voor respectievelijk 1, 4 en 12 weken met 2 uur teruggebracht.

110c lid 2

Purmerend

 

&

   

110c lid 5 en 6 Purmerend

Overtreding ontheffing sluitingsuur of overige voorschriften van de ontheffing.

 

 

 

 

Houder van een nachtzaak laat tussen 00.00 uur en de sluitingstijd de aanwezigheid toe van personen jonger dan 16 jaar, tenzij het een restaurant betreft en de persoon jonger dan 16 jaar wordt begeleid door een persoon van 21 jaar of ouder.

2a

Bij de ontheffing sluitingsuur maakt de gemeente Purmerend het volgende onderscheid:

  • a.

    ontheffing sluitingsuur natte horeca tot 05.00 uur (na 02.00 uur mogen geen bezoekers meer worden toegelaten tot de horeca-inrichting);

  • b.

    ontheffing sluitingsuur droge horeca van maandag t/m vrijdag tot 02.00 uur, zaterdag en zondag tot 05.00 uur (na 04.30 uur mogen geen bezoekers meer worden toegelaten tot de horeca-inrichting).

De sluitingstijd wordt voor respectievelijk 1, 4 en 12 weken teruggebracht van 05.00/02.00 uur naar 24.00 uur.

110d Purmerend

& 2.30 Beemster

In het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of bijzondere omstandigheden, kunnen tijdelijk andere dan de in de Apv aangegeven sluitingstijden worden vastgesteld.

2a

In afwijking van het stappenplan van categorie 2a, wordt:

  • -

    bij stap 1: de sluitingstijd voor 4 weken teruggebracht van 02.00 uur naar 24.00 uur (met ontheffing sluitingsuur) of van 24.00 uur naar 22.00 uur (zonder ontheffing sluitingsuur).

  • -

    bij stap 2: de sluitingstijd voor 12 weken teruggebracht van 02.00 uur naar 24.00 uur (met ontheffing sluitingsuur) of van 24.00 uur naar 22.00 uur (zonder ontheffing sluitingsuur).

  • -

    bij stap 3: intrekken exploitatievergunning.

110g Purmerend & 2.34J Beemster

In paracommerciële inrichting wordt alcoholhoudende drank verstrekt buiten de periode beginnende met één uur voor aanvang en eindigende met twee uur na beëindiging van activiteiten die passen binnen de statutaire doelomschrijving.

2

 

110h Purmerend & 2.34K Beemster

In paracommerciële inrichting wordt alcoholhoudende drank verstrekt tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard of tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet (rechtstreeks) bij de activiteiten van de beherende paracommerciële rechtspersoon zijn betrokken.

2

 

Tabel 4: handhavingstabel Apv Purmerend en Beemster

 

2.5 Handhavingstabel Wet op de kansspelen

In tabel 5 geven we ten slotte voor de overtredingen van titel VA, paragraaf 2 van de Wok aan welk stappenplan wordt gevolgd en wat de eventuele bijzonderheden zijn per overtreding.

 

Artikel

Overtreding

Stappenplan categorie:

Bijzonderheden

30b lid 1

Aanwezigheid kansspelautomaten zonder vergunning.

1

De exploitatie dient binnen uiterlijk 48 uur te zijn gestaakt. Het toepassen van bestuursdwang houdt in dat de inrichting

feitelijk voor de duur van 4 weken (indien nodig verlenging van 3 maanden)wordt gesloten of dat de kansspelautomaten direct verwijderd moet worden en anders in beslag wordt genomen. Dit is tevens een economisch delict en dus kan deze overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk worden afgedaan.

30b lid 1 onder c

Niet meer in het bezit van een drank- en horecavergunning o.g.v. de DHW.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning direct worden ingetrokken.

30c lid 2

Aanwezigheid kansspelautomaten in een laagdrempelige inrichting (door activiteiten met een zelfstandige betekenis is de inrichting laagdrempelig geworden).

4

De begunstigingstermijn bedraagt 48 uur. De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--

30c lid 2

Aanwezigheid van meer kansspelautomaten dan wettelijk toegestaan (maximaal 2).

4

De begunstigingstermijn bedraagt 48 uur. De dwangsom bedraagt € 1.000,-- per week met een maximum van € 10.000,--

30d lid 1

Handelen in strijd met nadere voorschriften en beperkingen aanwezigheidsvergunning.

3a

Op grond van artikel 35c lid 4 Wok mag de boete ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, zoals bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht bedragen. De burgemeester bepaalt de hoogte van de boete, welke afhankelijk is van alle relevante omstandigheden.

30d lid 4

Niet (meer) voldoen aan de eisen die aan de betrokken personen worden gesteld.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 30f Wok worden ingetrokken. Voordat wordt besloten de vergunning in te trekken, wordt de exploitant eerst door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek om te bespreken in hoeverre en binnen welke termijn de overtreding kan worden beëindigd.

30f lid 1 en 2

Verstrekken onjuiste of onvolledige gegevens op basis waarvan een andere beslissing genomen zou zijn en/of gewettigde vrees dat van kracht blijven van de vergunning ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid.

2

In afwijking van de te volgen stappen van categorie 2, moet de vergunning op grond van artikel 30f Wok worden ingetrokken. Voordat wordt besloten de vergunning in te trekken, wordt de exploitant eerst door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek om te bespreken in hoeverre en binnen welke termijn de overtreding kan worden beëindigd.

30g lid 1

Vergunninghouder laat personen beneden de leeftijd van 18 jaar een kansspelautomaat bespelen.

3a

Op grond van artikel 35c lid 4 Wok mag de boete ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, zoals bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht bedragen. De burgemeester bepaalt de hoogte van de boete, welke afhankelijk is van alle relevante omstandigheden.

30g lid 2

Persoon beneden de leeftijd van 18 jaar bespeelt een kansspelautomaat.

3

De bestuurlijke boete bedraagt € 250,--

Tabel 5: handhavingstabel Wet op de kansspelen

       

Beemster, 21 mei 2019

burgemeester en wethouders van Beemster,

loco-secretaris,

A.G. Dehé

burgemeester,

A.J.M van Beek

de burgemeester van Beemster,

A.J.M. van Beek