Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort houdende regels omtrent subsidie Subsidieregeling verslavingspreventie jongeren - gemeente Amersfoort 2019

Het college van Burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort;

 

gelet op

  • -

    de geldende Algemene Subsidie Verordening

  • -

    de beleidsnota Gezondheid en uitvoeringskader 2017 - 2022

 

 

BESLUIT

de volgende subsidieregeling vast te stellen:

 

SUBSIDIEREGELING VERSLAVINGSPREVENTIE JONGEREN – GEMEENTE AMERSFOORT 2019

 

Artikel 1. Doelstelling

De subsidieregeling is geënt op het huidige beleid omtrent Volksgezondheid, zoals verwoord in de beleidsnota 2017-2022 ‘een gezonder Amersfoort in 2022’

De gemeente Amersfoort benoemt hierin dat zij de komende periode hard blijft werken aan de gezondheid van haar inwoners. Een van de speerpunten is een gezonde start voor jongeren in de stad. (Overmatig) gebruik van drugs, tabak, alcohol en/of internet (social media) kan deze gezonde start in de weg staan. Deze regeling past binnen de context van de IJslandse aanpak. Dit is een duurzame aanpak om middelen gebruik bij jongeren te verminderen. Amersfoort heeft zich in 2018 voor drie jaar aan het beleidsvormend leertraject van de IJslandse aanpak gecommitteerd.

De doelstelling van de gemeente Amersfoort met deze regeling is: voorkomen van maatschappelijke- en/of gezondheidsschade door tabak, alcohol- , drugsgebruik en overmatig internetgebruik bij jongeren in het voorgezet onderwijs en het MBO.

Artikel 2. Activiteiten

Het verzorgen van voorlichting aan jongeren, hun peers, ouders en intermediairs in Amersfoort en het vroegtijdig signaleren van problematisch middelengebruik bij jongeren.

ARTIKEL 3. EISEN AAN DE SUBSIDIEAANVRAAG

3.1 Doelgroep

  • -

    De activiteiten richten zich op jongeren in het Voorgezet Onderwijs en het Middelbaar Beroeps Onderwijs in de gemeente Amersfoort;

  • -

    De aanpak is gericht op zowel de jongere als diens omgeving en richt zich naast verslavingspreventie ook op ondersteuning met samenhangende problematiek;

  • -

    De voorlichting in het basisonderwijs dient zich te richten op ouders. Uit onderzoek blijkt dat voorlichting aan leerlingen in het basisonderwijs geen effect heeft. Ook in het voortgezet onderwijs is het cruciaal om ouders mee te nemen in de aanpak. (zie Nationaal Preventieakkoord pag. 55).

 

3.2 Plan van aanpak

  • 1.

    De aanvrager stuurt met de subsidieaanvraag een plan van aanpak mee.

  • 2.

    Het ingediende plan van aanpak dient het volgende te omschrijven;

    • -

      de methodiek die wordt gebruikt bij de voorlichting voor de verschillende doelgroepen (jongeren en hun ouders, peers, intermediairs en professionals);

    • -

      de wijze waarop aandacht wordt besteed aan risicojongeren staat nadrukkelijk in het plan van aanpak verwoord. Onder risicojongeren verstaan we jongeren, die meerdere, vaak samenhangende en elkaar versterkende problemen ervaren, waardoor ze het risico lopen op maatschappelijke uitval en/of verval in criminaliteit;

    • -

      de wijze waarop ouders betrokken worden;

    • -

      uit de gehanteerde methodiek/ interventie komt helder naar voren op welke wijze verslavende middelen en overmatig internetten worden ontmoedigd en/ of op welke wijze verslavingspreventie deel uitmaakt van een bredere weerbaarheids- of karaktervormende aanpak;

    • -

      de wijze waarop wordt samengewerkt met partners in Amersfoort om de doelstelling te realiseren;

    • -

      concrete formulering van de beoogde effecten;

    • -

      een gedetailleerde omschrijving van de wijze van monitoring van de preventieaanpak;

    • -

      de samenhang met andere interventies op scholen en in wijken die zijn gericht op een gezonde leefstijl en op de buurtteams sociaal en jeugd en gezin;

    • -

      een overzicht waaruit blijkt wat de in het plan van aanpak omschreven inzet op verslavingspreventie kost;

    • -

      het aantal jongeren dat de aanvrager met het plan van aanpak bereikt

3. De aanvrager gebruikt minimaal één goed onderbouwde en bij voorkeur erkende interventie (of een combinatie van interventies) in de aanpak. Ook online interventies kunnen meegenomen worden.

 

 

3.3 Eisen aan de subsidieaanvrager

Subsidie kan worden aangevraagd door aanvragers die voldoen aan onderstaande eisen:

  • -

    aanvrager heeft professionals in dienst die aantoonbaar ervaring hebben op het gebied van verslavingspreventie gericht op jongeren, hun ouders en peers.

Artikel 4. Indieningstermijn aanvraag

Aanvragen voor subsidie, zoals bedoeld in artikel 2 kunnen worden ingediend in de periode van 28 januari 2019 vanaf 9.00 uur tot en met 18 februari 2019 tot 17.00 uur.

Artikel 5. Subsidieplafond

  • 1.

    Voor deze regeling geldt een subsidieplafond van € 20.000,-.

  • 2.

    Als het totaal van alle te verlenen subsidieaanvragen het subsidieplafond overschrijdt, wordt de subsidie verstrekt op basis van de verdeelregels zoals genoemd in artikel 6.

Artikel 6. Verdeelregels

  • 1.

    Het college behandelt aanvragen die passen binnen deze regeling op volgorde van binnenkomst. Een aanvraag wordt slechts in de volgorde opgenomen indien zij voldoet aan de eisen die eraan worden gesteld.

  • 2.

    Indien als gevolg van het verlenen van subsidie op grond van een aanvraag die is ingediend op een dag waarop meerdere aanvragen zijn ingediend het subsidieplafond zou worden bereikt, wordt de volgorde als bedoeld in het eerste lid bepaald door loting.

  • 3.

    Voor zover door verstrekking van subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden, wordt de subsidieaanvraag geheel geweigerd.

Artikel 7. Verplichtingen

De subsidieontvanger voert de activiteiten uit overeenkomstig het plan van aanpak waarop de subsidieverlening betrekking heeft en voltooit de activiteiten uiterlijk op het bij de verlening bepaalde tijdstip. Binnen drie maanden na afloop van de activiteiten en uiterlijk op 1 april 2020 stuurt de subsidieontvanger een rapportage toe waaruit blijkt welke de doelen zijn bereikt, wat goed ging in de aanpak, wat voor verbetering vatbaar is en wat de daadwerkelijk gemaakte kosten zijn.

Artikel 8. Werkingsduur

Deze regeling treedt in werking op de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 31 december 2019

Naar boven