Gemeenteblad van Enschede

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
EnschedeGemeenteblad 2019, 152277Verordeningen



Subsidieverordening jeugdverenigingen 2019

De raad van de gemeente Enschede;

 

gelezen het voorstel van het college van 9 april 2019

 

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening gemeente Enschede 2016;

 

Gezien het advies van de Wmo-raad van 26 februari 2019

 

Besluit vast te stellen de navolgende:

 

Subsidieverordening jeugdverenigingen 2019

 

Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Asv: algemene subsidieverordening van de gemeente Enschede.

  • b.

    College: het college van Burgemeester en Wethouders van Enschede.

  • c.

    Jeugdvereniging: een in Enschede gevestigde vereniging met volledige rechtsbevoegdheid – niet zijnde een sport- of cultuurvereniging - die onder leiding van vrijwilligers aan haar jeugdleden het hele jaar door een passend aanbod aan vrijetijdsbesteding biedt in actief samenspel met leeftijdsgenoten, daarmee een bijdrage leverend aan de vorming en ontplooiing van jeugdigen.

  • d.

    Jeugdleden: leden tot en met 23 jaar, woonachtig in de gemeente Enschede, die deelnemen aan de activiteiten en contributie betalen als actief lid, alsmede leden tot en met 23 jaar met een verstandelijke of lichamelijke beperking, woonachtig in een gemeente die deel uitmaakt van de Regio Twente, die deelnemen aan de activiteiten en contributie betalen als actief lid.

Artikel 2 Bevoegdheid college

Het college besluit op subsidieaanvragen met inachtneming van deze verordening.

 

Hoofdstuk 2 Subsidiebepalingen

Artikel 3 Toepassingsbereik; doel

  • 1.

    Deze verordening is een bijzondere subsidieverordening als bedoeld in de Asv.

  • 2.

    Het verstrekken van subsidie op basis van deze verordening heeft betrekking op het beleidsterrein Welzijn; het Nieuw Enschedees Welzijn, Richting aan welzijnswerk 2017-2022 is van toepassing. Daarna geldt het meest recente beleidsplan.

  • 3.

    Subsidieverstrekking op basis van deze verordening heeft als doel activiteiten te bevorderen die de sociale en maatschappelijke participatie van jeugdigen stimuleren en daarmee bijdragen aan het realiseren van een inclusieve samenleving. De activiteiten dragen bij aan het verbeteren van de sociale kwaliteit van de leefomgeving van jongeren, het vergroten van hun zelf- en samenredzaamheid en het ontwikkelen en benutten van hun talenten.

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

  • 1.

    Aan een jeugdvereniging kan subsidie worden verstrekt om de door haar georganiseerde activiteiten te ondersteunen gericht op de educatieve, sociale en creatieve vorming en ontplooiing van jeugdigen.

  • 2.

    Subsidie wordt verstrekt als:

    •  

      • a.

        De activiteiten passen binnen de kaders en de doelen zoals genoemd in artikel 3 lid 2 en 3.

      • b.

        De activiteiten te allen tijde toegankelijk zijn voor alle jeugdigen, zonder onderscheid naar beperking, geslacht, seksuele voorkeur, ras, geloof of anderszins.

      • c.

        Bestaansrecht naar het oordeel van het college blijkt uit het aantal leden en de activiteiten.

      • d.

        Per jaar minimaal twee extra activiteiten uitgevoerd worden met een maatschappelijke meerwaarde voor de wijk/stad. De activiteiten zijn beschreven in de toelichting van deze verordening.

      • e.

        De contributie per jeugdlid per jaar minstens gelijk is aan de subsidiehoogte per jeugdlid per jaar.

  • 3.

    Subsidie wordt niet verstrekt als:

    •  

      • a.

        De activiteiten naar het oordeel van het college ten doel hebben politieke, godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuigingen te verspreiden.

      • b.

        De activiteiten passen binnen de kaders en de doelen zoals genoemd in artikel 3 lid 2 en 3.

Artikel 5 Subsidiehoogte

  • 1.

    De subsidie bestaat uit een vast bedrag per jeugdlid.

  • 2.

    De hoogte van het bedrag per jeugdlid is bij de inwerkingtreding van deze verordening vastgesteld op € 45, - per jaar. Het college kan jaarlijks dit bedrag aanpassen.

  • 3.

    De peildatum voor het vaststellen van het aantal jeugdleden is 1 april van het jaar waarin de subsidie is aangevraagd.

Artikel 6 Vereisten subsidieaanvrager

  • 1.

    Subsidie wordt slechts verstrekt aan een in Enschede gevestigde vereniging met volledige rechtsbevoegdheid.

  • 2.

    De aanvrager voert zijn activiteiten uit met inachtneming van de voor de jeugdvereniging geldende gedragsregels.

Artikel 7 Subsidieplafond; verdeling beschikbaar subsidiebedrag

  • 1.

    Het college kan een subsidieplafond instellen.

  • 2.

    Als het totaal van de berekende subsidies het subsidieplafond overschrijdt, wordt door het college de subsidie per aanvrager naar verhouding verminderd.

Artikel 8 Aanvullende weigeringsgronden

De subsidieverlening kan, naast de in artikel 4:25, 4:35 Awb en artikel 12 ASV genoemde gevallen, geheel of gedeeltelijk geweigerd worden als naar het oordeel van het college niet wordt voldaan aan het bepaalde in deze regeling.

 

Hoofdstuk 3 Procedurele bepalingen

Artikel 9 Indiening aanvraag

  • 1.

    Voor 1 oktober dient de aanvrager een subsidieaanvraag voor het volgende kalenderjaar in.

  • 2.

    De subsidie wordt aangevraagd via de internetsite van de gemeente of op een door de gemeente te verstrekken aanvraagformulier.

  • 3.

    De aanvraag gaat vergezeld van de volgende gegevens:

    •  

      • a.

        Een opgave van het aantal geregistreerde, contributie betalende jeugdleden met daarbij een opgave van de hoogte van de contributie per maand.

      • b.

        Een korte inhoudelijke verantwoording over de verrichtte activiteiten van het voorgaande subsidiejaar.

      • c.

        Een opgave van de extra uit te voeren activiteiten zoals bedoeld in artikel 4. Lid 2 onder d.

      • d.

        Een opgave van de financiële status op hoofdlijnen.

      • e.

        Vermelding van contactgegevens en ondertekening van de aanvraag door een bestuurslid.

  • 4.

    Bij wijziging van de statuten of van de inschrijving in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel dienen de gewijzigde statuten of het bewijs van inschrijving bij de Kamer van Koophandel met de subsidieaanvraag te worden meegestuurd.

  • 5.

    Het college kan ook andere dan, of slechts enkele van de in dit artikel genoemde gegevens verlangen.

Artikel 10 Beslistermijn, subsidievaststelling

  • 1.

    Het college beslist op een aanvraag om subsidie uiterlijk 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend, tenzij de aanvraag later dan 1 oktober is ingediend, dan geldt een beslistermijn van 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

  • 2.

    Het college beslist voor subsidies tot € 10.000,- direct tot subsidievaststelling.

  • 3.

    De subsidiebeschikking vermeldt:

    •  

      • a.

        De hoogte van het bedrag van subsidieverlening.

      • b.

        De activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt.

      • c.

        De periode waarvoor de subsidie wordt verstrekt.

      • d.

        De wijze van betaling.

      • e.

        De eventueel aan de subsidie te verbinden verplichtingen.

 

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 11 Intrekking oude verordening

De subsidieverordening vrijwilligers jeugd- en jongerenwerk Enschede 1994, vastgesteld door de raad op 6 december 1993 en 19 november 2001 (euroconversie), wordt ingetrokken.

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1.

    Het college verstrekt de jeugdverenigingen, die voor de inwerkingtreding van deze subsidieverordening subsidie ontvingen, een compensatie, voor zover zij als gevolg van de nieuwe regeling minder of geen subsidie ontvangen:

    •  

      • a.

        Over 2020 50 % van het verschil tussen de subsidie over 2019 en de subsidie over 2020.

  • 2.

    Subsidieaanvragen die zijn ingediend voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening worden afgehandeld volgens de bepalingen van de ingetrokken verordening.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking van de verordening.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Subsidieverordening jeugdverenigingen 2019.’

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 17 juni 2019.

De Griffier, R.M. Jongedijk

de voorzitter, dr. G.O. van Veldhuizen

Bijlage 1 TOELICHTING OP SUBSIDIEVERORDENING JEUGDVERENIGINGEN 2019

 

ALGEMEEN

Met het Nieuw Enschedees Welzijn, Richting aan welzijnswerk 2017-2022 bevordert, ondersteunt en versterkt de gemeente samen met partners de inzet van inwoners op hun eigen woon- en leefomgeving; het draagt bij aan een samenleving waarin iedereen meedoet en er toe doet.

 

Enschede kent een uitgebreid aanbod van vrijetijdsbesteding waaronder sport, culturele activiteiten, speeltuinwerk en jongerenwerk. Jeugdverenigingen nemen binnen het aanbod een belangrijke plaats in.

 

Door het bieden van een passend aanbod aan vrijetijdsbesteding vervult een jeugdvereniging een rol in de sociale en maatschappelijke participatie van jeugdigen en draagt het bij aan het verbeteren van de sociale leefomgeving van jeugdigen, het vergroten van hun zelf- en samenredzaamheid en het ontwikkelen en benutten van hun talenten. Daarmee sluit het aan bij de huidige beleidsuitgangspunten rondom het Nieuw Enschedees Welzijn.

 

De gemeente Enschede waardeert de inspanningen van de jeugdverenigingen op basis van deze verordening met een vaste bijdrage per jeugdlid.

 

De verordening jeugdverenigingen 2019 vervangt de verordening Vrijwilligers jeugd- en jongerenwerk 1994. Deze verordening stamt uit 1993, is verouderd en sluit niet meer aan bij het huidige beleid. Daarom is gekozen voor een geheel nieuwe verordening.

 

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING

 

Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In artikel 1 zijn ter verduidelijking enkele specifieke begrippen nader omschreven.

 

Alleen verenigingen die voldoen aan de omschrijving van jeugdvereniging (lid c) komen in aanmerking voor een subsidie in het kader van deze verordening.

 

Lid d geeft een definitie van het begrip ‘jeugdleden’. Het gaat hier om het aantal Enschedese jeugdleden dat op 1 april van het jaar waarin de subsidie is aangevraagd, geregistreerd staat in de ledenadministratie.

 

De leeftijdsgrens voor jeugdleden tot en met 23 jaar sluit aan bij de leeftijdsgrens opgenomen in de subsidieverordening Sport.

 

Artikel 2 Bevoegdheid college

Dit artikel behoeft geen toelichting.

 

Hoofdstuk 2 Subsidiebepalingen

 

Artikel 3 Toepassingsbereik; doel

In dit artikel is het doel en toepassingsbereik van de subsidieverordening opgenomen.

 

De activiteiten van de jeugdverenigingen moeten aansluiten bij het welzijnsbeleid en de doelstellingen zoals vermeld in lid 2 en 3. Daarmee borgt het college dat de beleidsdoelstellingen worden gerealiseerd.

 

Zie voor de nota Nieuw Enschedees Welzijn, Richting aan welzijnswerk 2017-2022 https://ris2.ibabs.eu/Agenda/Details/enschede/cbe6c801-ba98-4a92-b66b-c32a5f40d6a9.

 

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

In artikel 4 is vastgelegd welke activiteiten subsidiabel zijn en wanneer subsidie wordt verstrekt. Activiteiten die hier buiten vallen worden niet gesubsidieerd op grond van deze verordening.

 

De activiteiten bieden een passend aanbod aan vrijetijdsbesteding in actief samenspel met leeftijdsgenoten en zijn gericht op de educatieve, sociale en creatieve ontwikkeling van jeugdigen. Niemand is bij voorbaat uitgesloten van deelname. De activiteiten en missie van de vereniging zijn zodanig dat iedereen te allen tijde welkom is. Dat moet ook herkenbaar zijn in het karakter van de vereniging. Sport en cultuurbeoefening zijn uitgesloten omdat hiervoor andere regelingen van toepassing zijn.

 

De jeugdvereniging moet aannemelijk kunnen maken dat de activiteiten voldoende voorzien in een behoefte c.q. dat er bestaansrecht is. Dit moet naar het oordeel van het college blijken uit het aantal leden en de geboden activiteiten. De activiteiten bieden het hele jaar door een passend aanbod aan vrijetijdsbesteding.

 

Verder mag verwacht worden dat het jaarlijkse contributiebedrag dat een jeugdlid verschuldigd is aan de jeugdvereniging in redelijke verhouding staat tot de jaarlijkse bijdrage van de gemeente Enschede per jeugdlid. Daarom moet de contributie per lid per jaar minimaal gelijk zijn aan de bijdrage van de gemeente Enschede per jeugdlid.

 

De activiteiten moeten passen binnen het welzijnsbeleid en de beschreven doelstelling. Concreet betekent dit dat gevraagd wordt naast de reguliere activiteiten jaarlijks zelf (dus actief) minimaal twee extra activiteiten te organiseren. Deze extra activiteiten moeten een maatschappelijke meerwaarde hebben voor de wijk/stad. Te denken valt o.a. aan:

  • Aanbieden van kennismakingsactiviteiten onder en/of na schooltijd

  • Organiseren van een evenement in Enschede, specifiek voor niet-leden uit Enschede (eigen leden mogen ook deelnemen)

  • Aanbieden van activiteiten aan buurtbewoners

  • Ontplooien van activiteiten die een maatschappelijke bijdrage aan de wijk/stad leveren

  • Als vereniging meehelpen bij c.q. organiseren van terugkerende evenementen in de stad/wijk

  • Activiteiten gericht op zelfredzaamheid en weerbaarheid van jongeren (bijvoorbeeld weekbaarheidstrainingen, zakgeldproject)

  • Activiteiten en/of scholing gericht op het tijdig signaleren en onderkennen van problemen bij jongeren

  • Activiteiten aanbieden gericht op opvang van risicojongeren op het gebied van (school)uitval en zorg

  • Het aanzetten van jongeren tot structureel vrijwilligerswerk

  • Specifieke activiteiten voor mensen met een beperking (lichamelijk, verstandelijk op gedragsproblematiek)

  • Activiteiten voor integratie van anderstalige nieuwkomers

Deze lijst is niet limitatief.

 

Bij deze activiteiten kan samenwerking worden gezocht met één of meer andere jeugdvereniging(en) of maatschappelijke non-profit organisatie(s). Het stadsdeelmanagement van de gemeente Enschede kan helpen verbindingen te leggen. Zie www.enschede.nl voor de contactgegevens per stadsdeel.

 

Artikel 5 Subsidiehoogte

Dit artikel geeft aan hoe de subsidiehoogte wordt bepaald.

 

Op grond van de verordening kan de aanvrager geen aanspraak maken op specifieke subsidie voor huisvesting of kaderkosten. De financiële ondersteuning van de gemeente Enschede is vooral een subsidie ter waardering voor de jeugdverenigingen. De basis hiervoor vormt het ledenaantal. Subsidie wordt berekend op basis van het aantal actieve, contributie betalende jeugdleden tot en met 23 jaar, woonachtig in Enschede. Peildatum is 1 april van het jaar waarin subsidie is aangevraagd.

De hoogte van de bijdrage is € 45,- per jeugdlid. Dit bedrag is gelijk aan het bedrag dat sportverenigingen per jeugdlid ontvangen. Het college houdt het recht om de hoogte van het bedrag aan te passen.

 

Artikel 6 Vereisten subsidieaanvrager

In dit artikel zijn nadere eisen gesteld aan de subsidieaanvrager.

Artikel 6 lid 1 geeft de verbondenheid met de gemeente Enschede weer.

In lid 2 is wordt benadrukt dat de activiteiten moeten passen binnen de voor de jeugdvereniging geldende gedragsregels. Scouting Nederland heeft bijvoorbeeld een gedragscode opgesteld die voor alle leden van toepassing is. Deze gedragscode vormt een aanvulling op het Wetboek van Strafrecht waarin is opgenomen wat de (juridische) grenzen zijn in de omgang met minderjarigen.

De jeugdvereniging is primair verantwoordelijk voor naleving hiervan.

 

Artikel 7 Subsidieplafond; verdeling beschikbaar subsidiebedrag

In dit artikel is het subsidieplafond beschreven en de verdeling van de subsidie in het geval dat het totaal van de subsidies het subsidieplafond overschrijdt.

 

Door het instellen van een subsidieplafond legt de gemeente het maximale bedrag vast dat gedurende een bepaalde tijd ten hoogste beschikbaar is voor subsidieverstrekking op grond van de verordening.

Als het subsidieplafond is bereikt, dan wordt de subsidie per aanvrager naar evenredigheid verminderd. Deze bevoegdheid is gedelegeerd aan het college. Het subsidieplafond wordt jaarlijks voorafgaand aan het subsidiejaar door de Raad vastgesteld in de gemeentebegroting.

 

Artikel 8 Aanvullende weigeringsgronden

In dit artikel zijn aanvullende weigeringsgronden opgenomen. Een belangrijke weigeringsgrond staat in de Algemene Subsidieverordening (ASV) artikel 12 lid g. Daarin staat aangegeven dat subsidie in ieder geval geheel of gedeeltelijk kan worden geweigerd, ingetrokken en teruggevorderd als naar het oordeel van het college een doublure ontstaat met reeds door het college gesubsidieerde activiteiten. Zo komen bijvoorbeeld sport- en culturele activiteiten op basis van deze verordening niet in aanmerking omdat hiervoor andere regelingen van toepassing zijn.

 

Hoofdstuk 3 Procedurele bepalingen

 

Artikel 9 Indiening aanvraag

In dit artikel is geregeld waar een aanvraag om subsidie in ieder geval aan moet voldoen; de indieningstermijn en welke stukken moeten worden overgelegd.

 

Subsidieaanvragen worden ingediend voor 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. Aanvragen die na 1 oktober worden ingediend worden in principe niet in behandeling genomen. De aanvrager wordt hier schriftelijk van op de hoogte gebracht. Met redenen omkleed kan hiervan worden afgeweken.

 

De aanvraag voor subsidie wordt bij voorkeur gedaan via de gemeentelijke website.

 

In dit artikel is aangegeven welke gegevens bij de aanvraag gevoegd moeten worden. Het college heeft het recht om aanvullende, andere of slechts enkele gegevens te vragen, als die voor het nemen van een beslissing op de aanvraag naar het oordeel van het college noodzakelijk of voldoende zijn. Bijvoorbeeld als het college al in het bezit is van bepaalde gegevens. Of als aanvullende informatie nodig is bijvoorbeeld ter controle van het aantal jeugdleden. Als hier sprake van is wordt de aanvrager hiervan op de hoogte gebracht.

 

Naast opgave van het aantal leden en contributie per maand, wordt er ook om een korte inhoudelijke verantwoording gevraagd over het voorgaande subsidiejaar en een omschrijving van de extra uit te voeren activiteiten. Ten slotte wordt gevraagd op hoofdlijnen inzicht te bieden in de financiële status. Dit inzicht wordt geboden door aan te geven of het meest recente boekjaar is afgesloten met een positief of negatief resultaat en met een positief of negatief eigen vermogen. Daarbij zijn ook evt. andere subsidie-inkomsten vermeld. Een bestuurslid ondertekent de aanvraag en geeft daarmee aan de gegevens juist en volledig zijn ingevuld.

 

Artikel 10 Beslistermijn, subsidievaststelling

Artikel 10 geeft aan wat de beslistermijn is, wat er in de subsidiebeschikking staat en hoe de controle is geregeld.

 

Het college beslist op een aanvraag om subsidie uiterlijk 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend. Bij aanvragen die na 1 oktober zijn ingediend en in behandeling worden genomen, geldt een beslistermijn van 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

 

In de ASV artikel 17 lid 2 is bepaald dat een structurele subsidie tot € 10.000,- in principe zonder voorafgaande verlening wordt vastgesteld als de aanvraag is voorzien van een korte inhoudelijke en financiële verantwoording over de verrichte activiteiten in het voorgaande boekjaar. Voor de financiële verantwoording volstaat hier een opgave van de financiële status op hoofdlijnen.

 

In art 10.3.e. gaat het om eventuele verplichtingen die opgelegd kunnen worden op grond van de Algemene subsidieverordening van de gemeente Enschede.

 

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

 

Artikel 11 Intrekking oude verordening

De Subsidieverordening jeugdverenigingen 2019 vervangt de bestaande Subsidieverordening vrijwilligers jeugd en jongerenwerk Enschede 1994. Met het vaststellen van de verordening wordt de verordening vrijwilligers jeugd en jongerenwerk Enschede 1994, ingetrokken. De nieuwe subsidieverordening is voor het eerst van toepassing op aanvragen voor 2020.

 

Artikel 12 Overgangsrecht

Er is gekozen voor een eenmalige afbouwregeling voor de jeugdverenigingen die op basis van de ingetrokken verordening Vrijwilligers Jeugd en Jongerenwerk Enschede 1994 een subsidie ontvingen. Als deze jeugdverenigingen als gevolg van de nieuwe regeling minder of geen subsidie ontvangen, hebben zij over het subsidiejaar 2020 recht op een compensatie. Compensatie wordt berekend door het verschil te nemen tussen de subsidie over het subsidiejaar 2019 en 2020. Van dit verschil wordt over 2020 50% gecompenseerd.

 

Rekenvoorbeeld: vereniging x ontvangt over het subsidiejaar 2019 € 2000,- en over het subsidiejaar 2020 € 1000,-. Van dit verschil wordt 50 % gecompenseerd, dus € 500,-. Over 2020 ontvangt deze vereniging €1000 + €500 = € 1500,-.

 

Dit artikel maakt verder duidelijk dat aanvragen die voor de inwerkingtreding van de verordening jeugdverenigingen 2019 zijn ingediend, worden afgehandeld volgens de bepalingen van de ingetrokken verordening.

 

Artikel 13 Inwerkingtreding

Voor inwerkingtreding van een verordening is bekendmaking vereist. Dit gebeurt elektronisch in het gemeenteblad. De verordening is terug te vinden op www.overheid.nl.

 

Artikel 14 Citeertitel

Behoeft geen nadere toelichting.