Verordening tot wijziging van de Verordening Jeugdhulp gemeente Voorst 2015

De raad van de gemeente Voorst;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 30 januari 2018, nummer 2018-02584;

gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, vierde lid van de Jeugdwet;

 

besluit vast te stellen de: Verordening tot wijziging van de Verordening Jeugdhulp gemeente Voorst 2015.

Artikel I  

De Verordening Jeugdhulp gemeente Voorst 2015 wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 5 lid 2 wordt als volgt gewijzigd:

na de eerste zin wordt een zin toegevoegd luidende:

Hierbij brengt het college de jeugdige en zijn ouders op de hoogte van de mogelijkheid om binnen een redelijke termijn een familiegroepsplan als bedoeld in artikel 1.1. van de wet op te stellen. Als de jeugdige en zijn ouders daarom verzoeken, draagt het college zorg voor ondersteuning bij het opstellen van een familiegroepsplan.

B

Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:

lid 2 wordt ingetrokken onder vernummering van de leden 3 tot en met 5 naar de leden 2 tot en met 4

C

Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd:

Lid 4 wordt ingetrokken

D

Artikel 11 wordt volledig vervangen en komt te luiden:

Artikel 11 Regels persoonsgebonden budget

Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1. van de wet.

Onverminderd artikel 8.1.1. derde en vierde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was.

De hoogte van een pgb:

wordt vastgesteld in het onderzoek en aan de hand daarvan stelt de cliënt een pgb-plan op over hoe hij het pgb gaat besteden;

wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede voorzieningen en andere maatregelen die tot de individuele voorzieningen behoren, van derden te betrekken.

bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare individuele voorziening in natura

wordt vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden of er sprake is van formele hulpverlening of informele hulpverlening;

De maximale hoogte van een pgb voor individuele voorzieningen wordt vastgesteld op basis van de kostprijs van de goedkoopst compenserende voorziening welke het college in natura zou verstrekken.

De in het gezinsplan en/of familiegroepsplan vastgestelde doel/doelen dienen binnen het toegekende pgb-budget en de genoemde termijn worden behaald, tenzij er zich nieuwe omstandigheden voordoen die van invloed zijn op de persoonlijke situatie en de doelen.

Een pgb wordt niet verstrekt en mag niet worden aangewend:

als er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende situatie, als bedoeld in artikel; crisishulp/ crisisopvang/ spoedhulp/spoedopvang;

voor zover het pgb wordt besteed in het buitenland langer dan 13 weken per jaar of een aaneengesloten periode langer dan zes weken, tenzij hiervoor expliciet vooraf toestemming is gegeven door het college;

voor bemiddelings- of administratiekosten, coördinatie of voortgezette diagnostiek;

voor het inkopen van voorliggende, algemene en algemeen gebruikelijke diensten of voorzieningen;

Het college kan bepalen dat in verband met de kwaliteitsborging bepaalde voorzieningen, begeleiding of ondersteuning, door een formele hulp moet worden geboden.

Een cliënt kan een individuele voorziening onder voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. De kaders voor het inschakelen van een informele hulp zijn:

voor informele hulpen van 22jaar en ouder geldt een vast maximum uurtarief gedurende maximaal 40 uur per week danwel een maximum tarief per etmaal. In bijlage 1 staan de maximum tarieven vermeld die bij informele hulpverlening worden gehanteerd. Indien sprake is van een informele hulp die parttime danwel fulltime betaalde arbeid verricht, geldt dat het maximum van de te verlenen informele hulp middels een pgb in combinatie met de omvang van de betaalde arbeid tezamen gemiddeld 48 uur per week, gemeten over een periode van 16 aaneengesloten weken, niet mag overschrijden. Dit conform de arbeidstijdenwet.

voor informele hulpen jonger dan 22 jaar geldt maximaal het wettelijk minimumloon.

Bij de beoordeling van de mogelijkheid tot het inzetten van informele hulp middels een pgb wordt het volgende bij de afweging betrokken:

Is de informele hulp in staat om de hulp te bieden die conform de beoogde doelstellingen in het gezinsplan en/of familiegroepsplan benodigd is;

De informele hulp mag niet, dreigend, overbelast zijn;

De cliënt of de vertegenwoordiger, gewaarborgde regievoerder, kan instaan voor de kwaliteit van de geboden hulp;

Het type voorziening, de frequentie van de geboden voorziening, de duur hiervan (tijdelijk of langere periode) en de benodigde continuïteit spelen een rol bij de afweging;

De mogelijkheid om een vervangende voorziening in te kopen of dat er een passende voorziening in natura beschikbaar is.

E

Artikel 17 komt te luiden:

Het beleid wordt doorlopend gemonitord door het college. Over relevante afwijkende ontwikkelingen wordt de raad geïnformeerd.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking op de achtste dag na bekendmaking

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering.

Twello, 12 maart 2018

de raad

drs. B.J.M. Jansen, griffier

drs. J.T.H.M. Penninx, burgemeester

Naar boven