Gemeenteblad van Woerden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
WoerdenGemeenteblad 2018, 278546Verordeningen



Verordening van de raad van Woerden houdende regels voor de heffing en invordering van toeristenbelasting 2019 (Verordening toeristenbelasting 2019)

 

De raad van de gemeente Woerden;

 

 

gelezen het voorstel d.d. 20 november 2018 van:

- burgemeester en wethouders

 

 

gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;

 

b e s l u i t:

 

vast te stellen

 

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2019

 

 

Artikel 1 - Belastbaar feit

Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.

Artikel 2 - Belastingplicht

  • 1.

    Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1.

  • 2.

    De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.

  • 3.

    Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.

Artikel 3 - Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:

  • 1.

    van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;

  • 2.

    van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.

Artikel 4 - Maatstaf van heffing

De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar.

Artikel 5 - Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

  • 1.

    Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:

    • a.

      kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.

    • b.

      kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen geheel of nagenoeg geheel ten behoeve van recreatief nachtverblijf.

    • c.

      vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een jaar.

    • d.

      volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen.

    • e.

      woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen.

    • f.

      particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.

    • g.

      particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.

  • 2.

    Voor particulier verhuurde woningen en voor kampeermiddelen op vaste of volgtijdige standplaatsen kan het aantal overnachtingen bedoeld in artikel 4 op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. Bij de forfaitaire vaststelling wordt het aantal overnachtingen gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten, overeenkomstig het bepaalde in het derde tot en met vierde lid.

  • 3.

    Bij de forfaitaire berekening voor particulier verhuurde woningen wordt per woning:

a. het aantal overnachtende personen gesteld op het aantal slaapplaatsen.

b.

het aantal nachten gesteld op:

als een woning in het belastingjaar geschikt is voor

gebruik of alleen mag worden gebruikt gedurende:

 

 

meer dan

maar niet meer dan

 

1° 25 nachten

-

3 maanden

 

2° 50 nachten

3 maanden

6 maanden

 

3° 70 nachten

6 maanden

9 maanden

 

4° 100 nachten

9 maanden

-

  • 4.

    Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op vaste en volgtijdige standplaatsen wordt per standplaats:

a. het aantal overnachtende personen gesteld op 2 personen;

b.

het aantal nachten gesteld op:

als een kampeermiddel in het belastingjaar geschikt is voor

gebruik of alleen mag worden gebruikt gedurende:

 

 

meer dan

maar niet meer dan

 

1° 25 nachten

-

3 maanden

 

2° 50 nachten

3 maanden

6 maanden

 

3° 70 nachten

6 maanden

9 maanden

 

4° 100 nachten

9 maanden

-

 

Artikel 6 - Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing

In afwijking van het bepaalde in artikel 5 wordt op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op grond van artikel 5 berekende aantal.

Artikel 7 - Belastingtarief

1. Het tarief bedraagt:

  • a.

    voor belastingjaar 2019:

    • 1.

      voor hotels: € 1,50 per persoon per overnachting

    • 2.

      voor overige verblijven: € 1,12 per persoon per overnachting

    • 3.

      voor standplaatsen: € 53,58 per standplaats per jaar

Artikel 8 - Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 9 - Wijze van heffing

  • 1.

    De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

  • 2.

    De belasting voor personen die overnachten op een vaartuig gelegen in een passantenhaven wordt geïnd door Watersportvereniging De Greft en afgedragen aan gemeente Woerden.

Artikel 10 - Aanslaggrens

Belastingaanslagen van minder dan € 10,- worden niet opgelegd.

Artikel 11 - Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk drie maanden na de dagtekening van het aanslag¬biljet.

  • 2.

    De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 12 - Kwijtschelding

Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend

Artikel 13 - Aanmeldingsplicht

De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, dat schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeente-ambtenaar, als bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet.

Artikel 14 - Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.

Artikel 15 – Overgangsrecht

De 'Verordening toeristenbelasting 2018' van 20 december 2018, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 16, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 16 – Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

Artikel 17 – Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening toeristenbelasting 2019.

 

 

Aldus besloten door de raad van de gemeente Woerden in zijn openbare vergadering,

gehouden op 19 december 2018.

De griffier, De voorzitter,

drs. M.J.W. Tobeas V.J.H. Molkenboer