Gemeenteblad van Barneveld

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
BarneveldGemeenteblad 2018, 146112Overige besluiten van algemene strekking



Nadere regels behorend bij de Stimuleringslening Duurzaamheid gemeente Barneveld

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Barneveld;

 

gelet op artikel 15 van de Verordening Stimuleringslening Duurzaamheid gemeente Barneveld;

besluit:

 

vast te stellen de Nadere regels behorend bij de Stimuleringslening Duurzaamheid gemeente Barneveld

Deze nadere regels betreffen een nadere specificatie van de begrippen, het toepassingsbereik, de duurzaamheidsmaatregelen en de aanvraag.

 

I. Nadere regels behorend bij artikel 1: Begrippen

Alleen bevoegde vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en VvE’s kunnen de stimuleringslening aanvragen.

 

II. Nadere regels behorend bij artikel 2: Toepassingsbereik

Deze verordening is van toepassing op bestaand, te verbouwen en nieuw te bouwen onroerend goed, dat geschikt en bestemd is voor permanente bewoning (VvE) c.q. voor gebruik voor uitoefening van de functie van de maatschappelijke organisatie. Vrijstaande bijgebouwen op het perceel behorende bij dit onroerend goed valt ook onder deze verordening.

 

Hieronder vallen ook woningen met een inpandige kantoorruimte van maximaal 135 kubieke meters en eventuele bijgebouwen. In bijzondere gevallen (bijvoorbeeld monumenten) kan het college besluiten hiervan af te wijken.

 

In het geval van een verbouwing of aanbouw kan de lening aangevraagd worden voor het financieren van de energiebesparende maatregelen, die onderdeel zijn van de verbouwing of aanbouw, maar niet voor de verbouwing zelf.

 

III. Nadere regels behorend bij artikel 5: Duurzaamheidsmaatregelen

  • a)

    Warmtepomp

     

    Het betreft:

    • Een warmtepompboiler voor het verwarmen van tapwater, bestaande uit een warmtepomp die warmte onttrekt aan ventilatielucht en een warmte opslagvat;

    • Een gaswarmtepomp voor ruimteverwarming, die is gekoppeld aan een centraal verwarmingssysteem dat geschikt is voor een aanvoertemperatuur (Taanvoer) van maximaal 55° C;

    • Een elektrische warmtepomp voor ruimteverwarming, die is gekoppeld aan een centraal verwarmingssysteem dat geschikt is voor een aanvoertemperatuur (Taanvoer) van maximaal 55° C.

  • b)

    Zonnepanelen

     

    Het betreft:

    • Zonnepanelen met fotovoltaïsche zonnecellen en de daarbij behorende spanningsomvormer.

  • c)

    Zonneboiler

     

    Het betreft:

    • Een zonneboiler voor het verwarmen van tapwater met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmte opslagvat.

  • d)

    Kleinschalige windturbine

     

    Het betreft:

    • Kleinschalige windturbine die geschikt is voor de stedelijke omgeving.

  • e)

    Gevelisolatie

     

    Het betreft:

    • Gevelisolatie (binnen of buiten) met een Rd≥ 3,5;

    • Spouwmuurisolatie met een Rd≥ 1,1.

  • f)

    Dakisolatie

     

    Het betreft:

    • Dak/zolder/vlieringisolatie met een Rd≥ 3,5 en de aanleg van een vegetatiedak.

  • g)

    Vloerisolatie

     

    Het betreft:

    • Vloer/bodemisolatie met een Rd≥ 3,5.

  • h)

    Raam isolatie

     

    Het betreft:

    • Raam (met kozijn) isolatie door isolerende beglazing minimaal Triple glas. U ≤ 0,8;

    • Geïsoleerde buitendeur met U-waarde die kleiner of gelijk is aan 2,0 W/m2K.

  • i)

    Verwarmingsinstallatie

     

    Het betreft:

    • Warmtepomp (minimale eisen ISDE regeling);

    • Micro-warmtekrachtsysteem (met een minimaal rendement van 19%);

    • HR-ketels, Hre-ketels met een minimale rendement van 109%;

    • Combi-zonneboiler voor het verwarmen van tapwater en voor ruimteverwarming met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmte opslagvat met een al dan niet geïntegreerde CV-brander;

    • Pelletketel (geen pelletkachel);

    • Brandstofcel;

    • Verwarmingssysteem dat geschikt is voor een aanvoertemperatuur (Taanvoer) van maximaal 55° C.

IV. Nadere regels behorend bij artikel 6: De aanvraag

Per vereniging van eigenaren of maatschappelijke organisatie kan de duurzaamheidslening maar één keer per vier jaar worden aangevraagd.

 

V.  

  • 1.

    De Nadere regels behorende bij de Stimuleringslening Duurzaamheid gemeente Barneveld, vastgesteld op 23 augustus 2016, worden ingetrokken.

  • 2.

    Deze nadere regels treden in werking op 11 juli 2018.

  • 3.

    De nadere regels kunnen worden aangehaald als Nadere regels behorend bij de Verordening Stimuleringslening Duurzaamheid gemeente Barneveld.

Aldus vastgesteld op 12 juni 2018,

Burgemeester en wethouders voornoemd,

H.F.B. van Steden

Secretaris

dr. J.W.A. van Dijk,

Burgemeester