Gemeenteblad van Werkendam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Werkendam | Gemeenteblad 2018, 121492 | Overige besluiten van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Werkendam | Gemeenteblad 2018, 121492 | Overige besluiten van algemene strekking |
Regeling melden vermoeden misstand (‘Klokkenluidersregeling’) gemeente Werkendam
Hoofdstuk 2 De interne melding
Artikel 4 Bescherming van de melder tegen benadeling
Artikel 5 Het tegengaan van benadeling van de melder
Artikel 6 Bescherming van andere betrokkenen tegen benadeling
Artikel 7 Intern en extern onderzoek naar benadeling van de melder
Artikel 8 Vertrouwelijke omgang met de melding en de identiteit van de melder
Artikel 9 Vastlegging, doorsturen en ontvangstbevestiging van de interne melding
Artikel 10 Behandeling van de interne melding door de werkgever
Artikel 11 De uitvoering van het interne onderzoek
Artikel 12 Standpunt van de werkgever
Artikel 13 Hoor en wederhoor van onderzoeksrapport en standpunt werkgever
Artikel 16 Intrekking regeling en inwerkingtreding regeling
Regeling melden vermoeden misstand Werkendam (klokkenluidersregeling gemeente Werkendam)
Burgemeester en wethouders van gemeente Werkendam;
gelezen het voorstel, d.d. 14 mei 2018;
gelet op de Wet Huis voor klokkenluiders en het bepaalde in artikel 15:2 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector Gemeenten;
gelet op de door de ondernemingsraad verleende instemming d.d. 25 april 2018;
In deze regeling wordt verstaan onder:
de persoon die werkt of heeft gewerkt voor gemeente Werkendam zoals bedoeld in artikel 1, onderdeel h, van de Wet Huis voor klokkenluiders;
het college van burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris als aangewezen verantwoordelijke voor de uitvoering van de voorliggende regeling, of het dagelijks bestuur of directie die handelen zoals bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de Wet Huis voor klokkenluiders;
het vermoeden van een werknemer, dat binnen de organisatie waarin hij werkt of bij een andere organisatie indien hij door zijn werkzaamheden met die organisatie in aanraking is gekomen, sprake is van een misstand voor zover:
1° de (dreigende) schending van een wettelijk voorschrift, waaronder een (dreigend) strafbaar feit,
2° een (dreigend) gevaar voor de volksgezondheid,
3° een (dreigend) gevaar voor de veiligheid van personen,
4° een (dreigend) gevaar voor de aantasting van het milieu,
5° een (dreigend) gevaar voor het goed functioneren van de organisatie als gevolg van een onbehoorlijke wijze van handelen of nalaten,
6° een situatie die niet passend is in het normale maatschappelijke verkeer
een persoon die door zijn functie een geheimhoudingsplicht heeft en die door een werknemer in vertrouwen wordt geraadpleegd over een vermoeden van een misstand;
de persoon die is aangewezen om als vertrouwenspersoon voor de gemeente Werkendam te fungeren;
•afdeling advies van het Huis voor klokkenluiders:
de afdeling advies van het Huis voor klokkenluiders, bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de Wet Huis voor klokkenluiders;
•afdeling onderzoek van het Huis voor klokkenluiders:
de afdeling onderzoek van het Huis voor klokkenluiders, bedoeld in artikel 3a, derde lid, van de Wet Huis voor klokkenluiders;
de schriftelijke of mondelinge melding van een vermoeden van een misstand op grond van deze regeling;
de werknemer of de vertrouwenspersoon die een vermoeden van een misstand heeft gemeld op grond van deze regeling;
de persoon of personen aan wie de gemeentesecretaris of het college het onderzoek naar de misstand opdraagt;
de instantie die naar het redelijk oordeel van de melder het meest in aanmerking komt om de externe melding van het vermoeden van een misstand te onderzoeken.
Hoofdstuk 2 De interne melding
Artikel 5 Het tegengaan van benadeling van de melder
Als de melder vindt dat er daadwerkelijk sprake is van benadeling, kan hij dat bespreken met de vertrouwenspersoon. De vertrouwenspersoon en de melder bespreken welke maatregelen genomen kunnen worden om benadeling tegen te gaan. De vertrouwenspersoon maakt een verslag van deze bespreking en stuurt dit na goedkeuring door de melder naar de gemeentesecretaris of het college als er een vermoeden is dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is.
Artikel 7Intern en extern onderzoek naar benadeling van de melder
De melder die meent dat sprake is van benadeling in verband met het doen van een melding van een vermoeden van een misstand, kan de gemeentesecretaris of het college als er een vermoeden is dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is verzoeken om onderzoek te doen naar de wijze waarop er binnen de organisatie met hem wordt omgegaan.
Artikel 9Vastlegging, doorsturen en ontvangstbevestiging van de interne melding
De leidinggevende of de vertrouwenspersoon die de melding ontvangt, stuurt de melding met instemming van de melder door aan de gemeentesecretaris of naar het college als de werknemer, melder en/of vertrouwenspersoon een vermoeden heeft dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is.
Artikel 10Behandeling van de interne melding door de werkgever
Als de gemeentesecretaris of het college als er een vermoeden is dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is besluit geen onderzoek in te stellen, informeert hij de melder schriftelijk binnen twee weken na de interne melding. Daarbij wordt aangegeven waarom geen onderzoek wordt ingesteld.
De gemeentesecretaris of het college als er een vermoeden is dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is beoordeelt of een externe instantie van de interne melding van een vermoeden van een misstand op de hoogte moet worden gebracht. Indien de gemeentesecretaris een externe instantie op de hoogte stelt, stuurt hij de melder hiervan een afschrift tenzij het onderzoeksbelang daardoor kan worden geschaad.
Als de gemeentesecretaris of het college als er een vermoeden is dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is een externe instantie op de hoogte gesteld heeft van de interne melding, kan hij voor het onderzoek aansluiten bij het onderzoek dat deze externe instantie (mogelijk) laat verrichten.
Artikel 12Standpunt van de werkgever
Als duidelijk is dat het standpunt niet binnen acht weken kan worden gegeven, dan informeert de werkgever de melder daar schriftelijk over onder opgaaf van reden binnen deze termijn. Daarbij wordt aangegeven binnen welke termijn de melder het standpunt alsnog tegemoet kan zien. Als de totale termijn daardoor meer dan twaalf weken is, wordt dit gemotiveerd.
Na afronding van het onderzoek beoordeelt de werkgever of een externe instantie van de interne melding, van het onderzoeksrapport en/of van het standpunt van de werkgever op de hoogte moet worden gebracht. Indien de werkgever een externe instantie op de hoogte stelt, stuurt hij de melder hiervan een afschrift, tenzij het onderzoeksbelang of het handhavingsbelang daardoor kunnen worden geschaad.
De personen op wie de melding betrekking heeft, worden op dezelfde manier geïnformeerd als de melder, tenzij het onderzoeksbelang of het handhavingsbelang daardoor kunnen worden geschaad. Dit ter beoordeling van de gemeentesecretaris of het college indien de melder en/of vertrouwenspersoon een vermoeden heeft dat de gemeentesecretaris bij de vermoede misstand betrokken is.
Artikel 13Hoor en wederhoor ten aanzien van onderzoeksrapport en standpunt werkgever
Als de melder of de personen op wie de melding betrekking heeft in reactie op het onderzoeksrapport of het standpunt van de werkgever onderbouwd aangeeft dat het vermoeden van een misstand niet daadwerkelijk of niet deugdelijk is onderzocht of dat in het onderzoeksrapport of het standpunt van de werkgever sprake is van wezenlijke onjuistheden, reageert de werkgever hier schriftelijk op en stelt hij zo nodig een nieuw of aanvullend onderzoek in. Op dit nieuwe of aanvullende onderzoek gelden dezelfde regels als voor het eerste onderzoek.
Als de werkgever een externe instantie op de hoogte brengt of heeft gebracht, stuurt hij ook de hiervoor bedoelde reactie van de melder of de personen op wie de melding betrekking heeft op het onderzoeksrapport en het standpunt van de werkgever aan die externe instantie toe. De melder ontvangt hiervan een kopie.
De werknemer kan direct een externe melding doen van een vermoeden van een misstand als het eerst doen van een interne melding in redelijkheid niet van hem kan worden gevraagd. Dat is in ieder geval aan de orde indien dit uit enig wettelijk voorschrift voortvloeit of sprake is van:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2018-121492.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.