Gemeenteblad van Eemnes

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
EemnesGemeenteblad 2017, 59149Verordeningen



Verordening speelautomatenhal Eemnes 2017

 

 

De raad van de gemeente Eemnes:

gelet op titel V a van de Wet op de kansspelen, het Speelautomatenbesluit

en artikel 149 van de Gemeentewet;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 7 februari 2017;

besluit:

vast te stellen de volgende Verordening speelautomatenhal Eemnes 2017

Artikel 1 Begripsbepalingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    De wet: de Wet op de kansspelen;

  • b.

    Speelautomatenbesluit: KB van 23 mei 2000, Stb. 224, houdende regels ter uitvoering van titel Va van de wet, zoals gewijzigd bij besluit van 1 april 2014, Stb. 2014, 34;

  • c.

    Speelautomaat: een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen;

  • d.

    Behendigheidsautomaat: een speelautomaat waarvan:

    • 1.

      het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen, en

    • 2.

      het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de speelduur verlengd of het recht op gratis spellen verkregen wordt;

  • e.

    Kansspelautomaat: een speelautomaat die geen behendigheidsautomaat is;

  • f.

    Speelautomatenhal: een inrichting, bestemd om het publiek gelegenheid te geven een spel door middel van speelautomaten te beoefenen, als bedoeld in artikel 30 c, eerste lid, onder b, van de wet;

  • g.

    Ondernemer: de natuurlijke of rechtspersoon die de speelautomatenhal exploiteert (exploitant);

  • h.

    Beheerder: degene die met het dagelijks toezicht en de onmiddellijke leiding in de speelautomatenhal is belast;

Artikel 2 Verbodsbepaling

  • 1.

    Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een speelautomatenhal te vestigen of te exploiteren.

  • 2.

    De burgemeester kan voor maximaal één speelautomatenhal een vergunning verlenen.

  • 3.

    De burgemeester kan de vergunning slechts verlenen voor een locatie gelegen binnen de bebouwde kom in de zin van de Wabo (conform het beleid kruimelgevallen), aan of ontsloten middels een snelweg en die onderdeel is van een breder amusementsbedrijf, met een combinatie van ontspanningsfaciliteiten.

  • 4.

    De vergunningaanvraag dient binnen 8 weken na bekendmaking van deze verordening te worden ingediend.

  • 5.

    Indien binnen 8 weken na publicatie van deze verordening slechts één vergunningaanvraag wordt ingediend, zal de aanvraag in behandeling worden genomen. Indien er binnen drie maanden na publicatie van deze verordening meer dan één vergunningaanvraag wordt ingediend, zal de besluitvorming omtrent de aanvragen geschieden overeenkomstig door de burgemeester vast te stellen beleidsregels. Indien er binnen drie maanden na publicatie van deze verordening geen vergunningaanvraag wordt ingediend of indien tijdig ingediende aanvragen niet verleend kunnen worden, vervalt lid 4 van dit artikel.

Artikel 3 Vergunning

  • 1.

    De vergunning is locatie- en (rechts-)persoonsgebonden en niet overdraagbaar. In de vergunning wordt de naam van de beheerder vermeld.

  • 2.

    Aan de vergunning worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze hebben in ieder geval betrekking op:

    • a.

      Het aantal en type speelautomaten dat mag worden opgesteld;b. de sluitingstijden van de speelautomatenhal;

    • c.

      het toezicht in de speelautomatenhal;

    • d.

      de exploitatie van de hal.

    • e.

      de uitvoering van het veiligheidsplan.

  • 3.

    Naast de in de vorige lid genoemde voorschriften kunnen aan een vergunning alle voorschriften worden verbonden, die strekken ter bescherming van het belang van de openbare orde, het woon en leefklimaat daaronder begrepen, en het tegengaan van gokverslaving.

  • 4.

    De vergunning wordt voor een periode van maximaal 5 jaar, met een eenmalige mogelijke verlenging van 5 jaar verleend.

  • 5.

    Het is de vergunninghouder verboden personen toegang te verlenen tot de speelautomatenhal.

    • a.

      die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt;

    • b.

      waarvan niet op deugdelijke wijze is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.

  • 6.

    De vergunninghouder verkrijgt binnen een termijn van maximaal 1 jaar na ingebruikname van de speelautomatenhal het DEKRA-certificaat inzake amusementscentra.

Artikel 4 Vergunningaanvraag

De exploitant dient de vergunning aan te vragen onder overlegging van:

  • 1.

    Een nauwkeurige beschrijving van de inrichting waarbij is opgenomen de oppervlakte daarvan, alsmede een plattegrond waarin is aangegeven op welke plaats in de speelautomatenhal en in welk aantal kansspel- en/of behendigheidsautomaten worden opgesteld.

  • 2.

    Een bewijs van inschrijving bij de Kamer van Koophandel.

  • 3.

    Een bewijs waaruit blijkt wat de totale investering is en dat deze met voldoende zekerheden is afgedekt met een financiering dan wel uit eigen middelen kan worden gefinancierd.

  • 4.

    Een verklaring waaruit blijkt dat hij gerechtigd is over de ruimte te beschikken.

  • 5.

    Een verklaring omtrent het gedrag van de ondernemer dan wel, indien de ondernemer een rechtspersoon is, van degene(n) die de onderneming krachtens de statuten vertegenwoordigt(en) en van de beheerder.

  • 6.

    Een bewijs dat in de speelautomatenhal sprake is van een toegangscontrole waarbij de leeftijd op deugdelijke wijze wordt gecontroleerd.

  • 7.

    Bescheiden waaruit blijkt dat aan de krachtens artikel 30d, vierde lid onder b van de Wet gestelde eis inzake kennis en inzicht met betrekking tot het gebruik van speelautomaten en de daaraan verbonden risico's van gokverslaving wordt voldaan.

  • 8.

    Een overzicht van de aard en locatie van de overige recreatieve functies binnen het complex, of in het geval van vestiging in een zelfstandig gebouw een overzicht van de gevestigde recreatieve functies die de speelautomatenhal met hun functie kunnen aanvullen en ondersteunen.

  • 9.

    Een veiligheidsplan., waarin wordt aangetoond welke maatregelen worden genomen om de openbare orde en de veiligheid van het parkeerterrein van de locatie te waarborgen.

Artikel 5 Beslistermijn

  • 1.

    De burgemeester beslist binnen twaalf weken na de datum waarop hij de aanvraag met bijbehorende bescheiden heeft ontvangen. De beslissing kan eenmaal voor ten hoogste acht weken worden verdaagd. De beslissing wordt alleen verdaagd als de complexiteit van de aanvraag dat noodzakelijk maakt.

  • 2.

    Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Artikel 6 Weigeringsgronden

De vergunning wordt geweigerd indien:

  • 1.

    Reeds een (1) vergunning voor een speelautomatenhal is verleend.

  • 2.

    De beheerder(s) de leeftijd van 25 jaar nog niet heeft (hebben) bereikt.

  • 3.

    De ondernemer niet voldoet aan alle eisen zoals genoemd in artikel 4 van het Speelautomatenbesluit.

  • 4.

    De beheerder niet voldoet aan alle eisen zoals genoemd in artikel 4 van het Speelautomatenbesluit.

  • 5.

    In de speelautomatenhal meer dan 200 kansspelautomaten worden opgesteld.

  • 6.

    Ten aanzien van de ondernemer faillissement is aangevraagd of een procedure van vereffening of surseance van betaling of akkoord aanhangig is gemaakt

  • 7.

    Indien het woon- en leefklimaat in de omgeving, dan wel de openbare orde of veiligheid nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de speelautomatenhal, dit ter beoordeling van door de gemeente aangewezen externe deskundigen.

  • 8.

    Indien de aanvrager de bij of krachtens titel VA van de wet gestelde bepalingen heeft overtreden in de drie jaren voorafgaand aan het moment van aanvraag van de vergunning.

  • 9.

    De exploitatie of vestiging van de speelautomatenhal strijd oplevert met het geldende bestemmingsplan en het bevoegd gezag niet bereid is deze strijd op te heffen.

  • 10.

    De exploitatie of vestiging van de speelautomatenhal geen deel uitmaakt van een breder amusementsbedrijf, met een combinatie van ontspanningsfaciliteiten.

  • 11.

    De speelautomatenhal niet voldoet aan vereiste kwaliteit en uitstraling en productdifferentiatie.

  • 12.

    De ondernemer onvoldoende heeft aangetoond te kunnen en zullen bijdragen aan preventie en bestrijding van gokverslaving.

  • 13.

    Indien ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om:

a) uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of

b) strafbare feiten te plegen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

14.De burgemeester kan ontheffing verlenen van het leeftijdsvereiste, gesteld in het tweede lid.

Artikel 7 Wijzigingsgronden

  • 1.

    Indien een overeenkomstig artikel 3, lid 5, in de vergunning vermelde beheerder de hoedanigheid van beheerder heeft verloren, dient de exploitant onder overlegging van de in artikel 4, lid 5 genoemde bescheiden een nieuwe vergunning aan te vragen binnen twee weken nadat de in artikel 4 lid 5 bedoelde verklaring omtrent het gedrag aan hem is verzonden.

  • 2.

    In het geval van wisseling van exploitant dient binnen vier weken na overname van de speelautomatenhal een nieuwe vergunning te worden aangevraagd.

  • 3.

    De vergunning vervalt indien de beslissing op een aanvraag voor een nieuwe vergunning, als bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, voor het vestigen of exploiteren van een speelautomatenhal in hetzelfde pand onherroepelijk is geworden dan wel indien geen aanvraag is ingediend binnen zes maanden na het verlies van de hoedanigheid als bedoeld in het eerste lid.

Artikel 8 Intrekkingsgronden

De burgemeester kan de vergunning intrekken:

  • 1.

    Indien blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend.

  • 2.

    Indien de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is afgegeven zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan als bedoeld in artikel 6 lid 7;

  • 3.

    Indien gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen.

  • 4.

    Indien de exploitatie van een speelautomatenhal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken.

  • 5.

    Indien het DEKRA-certificaat inzake amusementscentra wordt verloren door de ondernemer.

  • 6.

    Indien in de inrichting strafbare feiten hebben plaatsgevonden dan wel de vergunninghouder dan wel de beheerder(s) in enige opzicht van slecht levensgedrag zijn bevonden.

Artikel 9 Gebruik van de vergunning

Indien een vergunning is verleend en tevens een omgevingsvergunning dient te worden verkregen mag van de vergunning op basis van deze verordening geen gebruik worden gemaakt totdat de omgevingsvergunning is verleend.

Artikel 10Toezicht en handhaving

  • 1.

    Met het toezicht op de naleving van het bij deze verordening bepaalde zijn belast de bij besluit van de burgemeester aan te wijzen personen.

  • 2.

    Het bevoegd gezag kan gelet op de handhaving van de in deze verordening gestelde bepalingen en voorschriften, krachtens artikel 125 Gemeentewet juncto de artikelen 5.21 en 5.32 van de Algemene wet bestuursrecht, respectievelijk bestuursdwang toepassen dan wel een dwangsom opleggen.

Artikel 11 Aanwezigheid vergunning

De ondernemer of beheerder van een krachtens deze verordening verleende vergunning is verplicht deze aanwezig te hebben op eerste vordering van degenen die belast zijn met het toezicht of de opsporing van overtredingen van deze verordening terstond aan hen ter inzage te geven.

Artikel 12 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening speelautomatenhal Eemnes 2017.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van haar bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 27 maart 2017

De griffier, De voorzitter,

J.A. de Bruijn R. van Benthem