Bekendmaking ontwerpbeschikking Wet geluidhinder - Hogere grenswaarden Hobbemastraat 6

Burgemeester en wethouders van Zwolle maken bekend:

Op 23 maart 2017 heeft de Gemeente Zwolle een verzoek tot het vaststellen van een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting voor wegverkeerslawaai ontvangen. Dit verzoek heeft betrekking op de voorbereiding van het bestemmingsplan Diezerpoort, Hobbemastraat 6.

Uit akoestisch onderzoek (ABOVO Acoustics, Rapportage herontwikkelingsplan 28 appartementen Hobbemastraat 6 te Zwolle, 1 november 2016, Z1802a-2-GB)) is gebleken dat de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuw te bouwen woningen aan de Hobbemastraat 6, vanwege het wegverkeerslawaai afkomstig van de A28, hoger is dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB (Lden).

Er wordt een hogere waarde verzocht voor het appartementencomplex van maximaal 53 dB (Lden).

Mogelijkheden tot inzien:

Het ontwerp van de beschikking hogere grenswaarden Wet geluidhinder met ter zake zijnde stukken liggen van 13 april 2017 tot en met 24 mei 2017 ter inzage in het Stadskantoor. Het Stadskantoor is geopend op maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag van 9.00 tot 17.00 uur en op donderdag van 9.00 tot 19.00 uur.

Gedurende genoemde termijn kan een belanghebbende zijn zienswijze over de ontwerp- beschikking naar voren brengen, gericht aan burgemeester en wethouders, bij de Afdeling Ruimtelijke Planvorming, t.a.v. mevrouw J van den Berg, Postbus 10007, 8000 GA Zwolle.

Ook bestaat de mogelijkheid voor een ieder om gedurende genoemde termijn zijn zienswijze mondeling naar voren te brengen. Indien u van deze mogelijkheid gebruik wilt maken dient u voor 19 mei 2017 een afspraak te maken met mevrouw J. van den Berg (tel. 038 498 2396).

Beroepsmogelijkheden:

Het beroepsrecht tegen het definitieve besluit (de beschikking) is beperkt vanwege de mogelijkheid om zienswijzen in te brengen tegen het ontwerp van de beschikking. Het beroep tegen het definitieve besluit kan te zijner tijd uitsluitend worden ingesteld door:

  • 1.

    degenen die schriftelijk dan wel mondeling zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit;

  • 2.

    de betrokken adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over het ontwerp van het besluit;

  • 3.

    degenen die bedenkingen hebben tegen wijzigingen die bij het nemen van het besluit ten opzichte van het ontwerp daarvan zijn aangebracht;

  • 4.

    de belanghebbende(n) aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit.

Naar boven