Beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet 2015-2:
1e Wijziging
In Hoofdstuk 3. Collectieve Aanvullende Ziektekostenverzekering worden de voorwaarden als volgt gewijzigd:
Eerste voorwaarde:
tot 110% wordt: van maximaal 120%
Tweede voorwaarde
110% wordt 120 %
2e Wijziging
In 4.1 wordt het volgende gewijzigd:
€ 300,- wordt: € 210,-
3e Wijziging
In 4.2 wordt het volgende gewijzigd:
€ 500,- wordt: € 409,-
4e Wijziging
In 4.1 t/m 4.3 wordt het volgende gewijzigd:
is lager dan de 110% wordt: bedraagt maximaal 120%
5e Wijziging
Na 4.4 worden de paragrafen 4.5, 4.6 en 4.7 toegevoegd:, luidende aldus:
4.5 Overgangsregeling (geldig van 1-1-2018 t/m 31-12-2018 )
Indien een ouder in 2017 gebruik heeft gemaakt van de participatieregeling en ook in 2018 nog voldoet aan de voorwaarden hiervoor, kan gedurende het kalenderjaar 2018 nog aanspraak worden gemaakt op een bedrag van maximaal €300,- per kind”.
Indien een ouder in 2017 aanspraak kon maken op de PC regeling maar pas in 2018 gebruik gaat maken van deze regeling wordt in 2018 nog een eenmalig een maximum vergoeding van € 500,- verstrekt.
4.6 Jeugdsportfonds, Jeugdcultuurfonds en Stichting Leergeld
Vanaf 2018 kunnen kinderen gebruik maken van het Jeugdsportfonds en het Jeugdcultuurfonds indien het in aanmerking te nemen inkomen van de ouder(s) maximaal 120% van de toepasselijke bijstandsnorm is. Daarbij geldt dat kinderen gelijktijdig gebruik mogen maken van zowel Jeugdsportfonds als het Jeugdcultuurfonds. Aanvragen kunnen ingediend worden bij een intermediair die samenwerkt met het Jeugdsportfonds dan wel het Jeugdcultuurfonds
Het Jeugdsportfonds en Jeugdcultuurfonds worden aangemerkt als voorliggende voorzieningen. Dit betekent dat een vergoeding op grond van de Participatieregeling slechts mogelijk is indien deze kosten niet vanuit het Jeugdsportfonds of het Jeugdcultuurfonds kunnen worden vergoed. Indien de kosten aantoonbaar niet volledig vanuit deze fondsen worden vergoed, is het mogelijk een beroep te doen op de Participatieregeling voor de aanvullende noodzakelijke kosten.
4.7 Stichting Leergeld
Stichting leergeld verleent lokaal steun aan schoolgaande kinderen van 4 tot 18 jaar die vanwege armoede onvoldoende kunnen deelnemen aan schoolse en/of buitenschoolse activiteiten. De steun kan variëren van een gift, renteloze lening of een voorschot.
Stichting leergeld hanteert eigen voorwaarden, de belangrijkste zijn:
De ouder(s) hebben een inkomen van maximaal 120% van de toepasselijke bijstandsnorm
Er zijn geen voorliggende voorzieningen, zoals minimabeleid of bijzondere bijstand
De ouders hebben geen enkele financiële ruimte om de kosten zelf te betalen
De ondersteuning duurt maximaal 3 jaar met een maximum van € 350,- per kind per jaar
Stichting Leergeld geldt niet als voorliggende voorziening.
6e Wijziging
De titel van het Gemeenteblad 2016 nr. 17690315 december 2016
wordt als volgt gewijzigd:
Beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet 2015-2
wordt:
Beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet 2018
Inwerkintreding
Deze wijzigingen treden in werking op 1 januari 2018.