Besluit verlenging plaatsingsduur cameratoezicht Diamantbuurt

 

De burgemeester van Amsterdam,

Overwegende:

dat de gemeenteraad van Amsterdam op 24 januari 2007 overeenkomstig artikel 151c Gemeentewet aan de burgemeester van Amsterdam in artikel 2.24 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) de bevoegdheid heeft verleend te kunnen besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats als dat naar zijn oordeel noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de openbare orde;

dat de burgemeester op 7 december 2015 heeft besloten de plaatsingsduur van het cameratoezicht in de Diamantbuurt te verlengen tot en met 31 december 2017;

dat uit de Centrale Evaluatie Cameratoezicht Amsterdam 2017 voor het cameraproject Diamantbuurt blijkt dat:

  • -

    Het totaal aantal door de politie geregistreerde incidenten in 2017 (resp. 164) hoog is en ten opzichte van 2016 (resp. 145) licht is toegenomen (13%);

  • -

    de meest voorkomende door de politie geregistreerde incidenten ruzie (19%), jeugdoverlast (18%), diefstal van fiets, bromfiets, snorfiets (18%) en vernielingen van of aan auto’s, gebouwen en overige objecten (13%) betreft en deze zijn toe- en afgenomen met resp. 82%, 71%, -9% en -24%;

  • -

    de criminaliteits- en overlastindex van de Diamantbuurt bedraagt resp. 51 en 108, ten opzichte van de regionale index van resp. 90 en 97;

  • -

    dat het gerapporteerd slachtofferschap rondom de Diamantbuurt met 18% veel hoger dan gemiddeld is en er is een ongunstige trend;

  • -

    dat 19% van de bewoners en bezoekers van de Diamantbuurt aangeeft zich weleens onveilig te voelen, dit is gemiddeld;

  • -

    het effect van cameratoezicht op de veiligheidsbeleving is veel minder positief is dan gemiddeld;

  • -

    dat er door het cameratoezicht weinig incidenten (59) worden waargenomen, waarvan 5% prioritair (waar het cameratoezicht op is gericht, te weten: Overlast jeugd/personen, vernieling/vandalisme). Dit is minder dan het gemiddelde van 21 %;

  • -

    de doormelding van alle incidenten is 32%, en ligt daarmee onder het gemiddelde. Echter 67% van de door het cameratoezicht waargenomen prioritaire incidenten wordt doorgemeld aan politie (gemiddeld)( dit betreft echter 3 incidenten);

Dat er verschillende maatregelen zijn genomen om de situatie te verbeteren zoals:

dat politie veelvuldig in het gebied aanwezig is, zij

• houdt intensief toezicht op de Carillonstraat/Smaragdplein (informatiegestuurd);

• treedt repressief op tegen hangen in de onderdoorgang (APV);

• verwijdert groepen jeugd die in de onderdoorgang hangen;

• heeft veel aandacht voor jeugd binnen het wijkteam.

dat Stadsdeel Zuid ter handhaving van de openbare orde daarnaast de Stichting Aanpak Overlast Amsterdam (SAOA) heeft ingezet.

Dat daarnaast de volgende ontwikkelingen gaande zijn:

  • -

    dat de camera op de kruising Van Woustraat/Carillonstraat een substantieel aantal incidenten waarneemt en zich ernstige incidenten hebben voorgedaan op deze locatie zoals een poging tot liquidatie;

  • -

    dat er een toename is van het aantal meldingen inzake jeugdoverlast van 17 in 2016 naar 29 in 2017 (71%);

  • -

    dat de overlast heeft geleid tot sluiting van horecagelegenheden aan de Van Woustraat;

  • -

    dat overlastgevende personen op verschillende locaties in de Diamantbuurt bijeen komen, waardoor er een verhoogd risico op incidenten is;

  • -

    Volgens professionals houden de camera’s criminele personen weg van bepaalde locaties, zoals het Smaragdplein zodat kwetsbare jongeren daar gebruik van kunnen maken;

dat gelet op de uitkomsten van de Centrale Evaluatie Cameratoezicht Amsterdam 2017 en bovenstaande ontwikkelingen vragen om een nadere analyse van het cameratoezicht en een inventarisatie van mogelijke maatregelen;

dat het inzetten van cameratoezicht in dit kwetsbare gebied in aanvulling op de bestaande maatregelen, als ook de ontwikkelingen in het gebied, derhalve noodzakelijk blijft ter handhaving van de openbare orde;

dat de burgemeester in afwachting van bovengenoemde nadere analyse, de looptijd van het cameratoezicht met een half jaar verlengt;

dat de burgemeester het belang van een effectieve handhaving van de openbare orde enerzijds en de daarmee gepaard gaande mogelijke inperking van het recht op privacy anderzijds tegen elkaar heeft afgewogen;

dat in die afweging aan het algemene belang om de verstoring van de openbare orde te herstellen meer gewicht moet worden toegekend dan aan het belang om geen inmenging te dulden in de privacy;

dat de burgemeester de (verstoringen van de) openbare orde in de Diamantbuurt permanent volgt;

dat het besluit tot cameratoezicht onmiddellijk zal worden ingetrokken indien cameratoezicht niet meer noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde;

Gelet op artikel 151c Gemeentewet juncto artikel 2.24 APV;

Brengt ter algemene kennis dat hij op 11 december 2017 heeft besloten:

  • 1.

    Het cameraproject Diamantbuurt dat een looptijd heeft tot en met 31 december 2017, te verlengen tot en met 30 juni 2018. De begrenzing van het gebied waar de camera’s worden ingezet is aangegeven in bijgevoegde plattegrond;

  • 2.

    Te bepalen dat dit besluit geldt voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 30 juni 2018;

  • 3.

    Te bepalen dat dit besluit wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad en in werking treedt op 1 januari 2018.

J.J. van Aartsen

Waarnemend burgemeester

Op grond van de Algemene Wet Bestuursrecht kan binnen zes weken na publicatie van dit besluit een bezwaarschrift worden ingediend bij de Burgemeester. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. U kunt een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening (schorsing) indienen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam, Sector Bestuursrecht, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam.

Bijlage

Plattegrond Diamantbuurt

Naar boven