Gemeenteblad van Kampen

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
KampenGemeenteblad 2017, 224159Verordeningen



Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2018

De raad van de gemeente Kampen;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 oktober 2017 inzake de wijziging van de verordening met ingang van 1 januari 2018, kenmerk 17ADV00438;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

besluit vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2018

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • -

    algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken voor bepaalde of onbepaalde tijd;

  • -

    asbus: een bus ter berging van as van een overledene;

  • -

    begraafplaats: de zeven (7) begraafplaatsen binnen de gemeente Kampen: één (1) begraafplaats te respectievelijk Kampen, Grafhorst, Kamperveen, Zalk en Wilsum en twee (2) begraafplaatsen te IJsselmuiden;

  • -

    eigen graf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot:

    • a.

      het doen begraven en begraven houden van lijken;

    • b.

      het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

    • c.

      het doen verstrooien van as;

  • -

    eigen herdenkingsplaats: een plaats op een speciaal daarvoor monument, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het aanbrengen van een herdenkingsplaatje na een asverstrooiïng;

  • -

    eigen kindergraf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot:

    • a.

      het doen begraven en begraven houden van lijken van kinderen tot twaalf jaar;

    • b.

      het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

    • c.

      het doen verstrooien van as;

  • -

    eigen urnengraf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

  • -

    eigen urnennis: een nis, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

  • -

    urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;

  • -

    verstrooiingsplaats: een daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid.

 

Artikel 2 Belastbaar feit

Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

 

Artikel 3 Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

De rechten worden niet geheven voor:

  • a.

    het lichten van een lijk op rechterlijk gezag;

  • b.

    het begraven van doodgeboren kinderen of van zuigelingen die met de overleden moeder in één kist worden begraven.

 

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1.

    De rechten worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

 

Artikel 6 Belastingjaar

  • 1.

    Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

  • 2.

    Met betrekking tot de rechten genoemd in hoofdstuk 5.2 van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht.

 

Artikel 7 Wijze van heffing

  • 1.

    De onderhoudsrechten, bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel, worden geheven bij wege van aanslag.

  • 2.

    Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

 

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten

  • 1.

    De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt zijn de rechten bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, naar aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 50,00.

 

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichting.

 

Artikel 10 Termijn van betaling

  • 1.

    De aanslagen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, zijn invorderbaar in één termijn, die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet staat vermeld.

  • 2.

    De gedagtekende schriftelijke kennisgeving als bedoeld in artikel 7, tweede lid, zijn invorderbaar in één termijn, die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving staat vermeld.

  • 3.

    Voor de aanslagen als bedoeld in artikel 7, eerste lid waarvan de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, bedraagt de incassotermijn één maand. De termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet.

  • 4.

    Ten aanzien van het derde lid is het “Incassoreglement 2018” van toepassing, zoals door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld of zoals deze laatstelijk is gewijzigd.

  • 5.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de genoemde termijnen.

 

Artikel 11 Kwijtschelding

Bij de invordering van lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de lijkbezorgingsrechten.

 

Artikel 13 Overgangsrecht

De 'Verordening lijkbezorgingsrechten 2017', vastgesteld op 15 december 2016, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

 

Artikel 14 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.

 

Artikel 15 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2018’.

 

 

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 14 december 2017,

De raad van de gemeente Kampen,

drs. H.A. van der Meulen,

griffier

drs. mr. B. Koelewijn,

voorzitter

Tarieventabel behorende bij de Verordening lijkbezorgingsrechten 2018

Hoofdstuk 1 Verlenen van rechten

 

1.1

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf inclusief

 

 

- het afgeven van een vergunning voor het plaatsen of vernieuwen van de voorwerpen bedoeld in de beheersverordening;

 

 

- het inschrijving van het bedoelde recht in het daartoe bestemde register, wordt geheven:

 

1.1.1

voor een periode van 30 jaar:

 

 

- voor een 2 diep kindergraf (1.00 x 1.50 m) = 40%

€ 390,00

 

- voor een 2 diep graf (1,00 x 2,50 m) = 70%

€ 682,50

 

- voor een 3 diep graf (1,00 x 2,50 m) = 100%

€ 975,00

1.1.2

voor onbepaalde tijd:

 

 

- voor een 2 diep kindergraf (1.00 x 1.50 m) = 40%

€ 1.140,00

 

- voor een 2 diep graf (1,00 x 2,50 m) = 70%

€ 1.995,00

 

- voor een 3 diep graf (1,00 x 2,50 m) = 100%

€ 2.850,00

 

- voor een 3 diep graf (1,50 x 2,50 m) = 150%

€ 4.275,00

1.2

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf inclusief

 

 

- het afgeven van een vergunning voor het plaatsen of vernieuwen van de voorwerpen bedoeld in de beheersverordening;

 

 

- het inschrijven van het bedoelde recht in het daartoe bestemde register, wordt geheven:

 

1.2.1

voor een periode van 20 jaar, 50% van het tarief van 1.3.1

€ 575,00

1.3

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnennis inclusief

 

 

- het afgeven van een vergunning voor het plaatsen of vernieuwen van de voorwerpen bedoeld in de beheersverordening;

 

 

het inschrijven van het bedoelde recht in het daartoe bestemde register, wordt geheven:

 

1.3.1

voor een periode van 20 jaar

€ 1.150,00

1.4

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een herdenkingsplaats ten behoeve van asverstrooiing inclusief

 

 

- het afgeven van een vergunning voor het plaatsen of vernieuwen van de voorwerpen bedoeld in de beheersverordening;

 

 

- het inschrijven van het bedoelde recht in het daartoe bestemde register, wordt geheven:

 

1.4.1

voor een periode van 20 jaar

€ 290,00

1.5

Voor het verlengen van een uitsluitend recht als bedoeld in 1.1.1 met 10 jaar wordt een recht geheven gelijk aan de helft van het bedrag dat wordt geheven voor het verlenen van het uitsluitend recht.

 

1.6

Voor het verlengen van de rechten als bedoeld in 1.2, 1.3 en 1.4 met 10 jaar wordt een recht geheven gelijk aan 75% van het bedrag dat wordt geheven voor het verlenen van die rechten.

 

 

Hoofdstuk 2 Begraven

 

2.1

Voor het begraven van een lijk van een persoon van 12 jaar of ouder wordt een bedrag geheven inclusief:

 

 

- het overboeken van het in artikel 1.1., 1.2 en 1.3 bedoelde recht in het daartoe bestemde register een en ander voorzover de overledene rechthebbende van het graf was;

 

 

- het gebruik van een geluidsinstallatie bij het graf;

 

 

- het luiden van klokken;

 

 

een en ander voor zover aanwezig en gebruikt

 

2.1.1

in een graf:

€ 960,00

2.2

Voor het begraven van een lijk van een kind jonger dan één jaar wordt een bedrag geheven inclusief:

 

 

- het overboeken van het in artikel 1.1., 1.2 en 1.3 bedoelde recht in het daartoe bestemde

 

 

- register een en ander voor zover de overledene rechthebbende van het graf was;

 

 

- het gebruik van een geluidsinstallatie bij het graf;

 

 

een en ander voor zover aanwezig en gebruikt

 

2.2.1

in een graf:

€ 320,00

2.3

Voor het begraven van een lijk van een kind ouder dan één jaar maar jonger dan 12 jaar wordt een bedrag geheven inclusief:

 

 

- het overboeken van het in artikel 1.1., 1.2 en 1.3 bedoelde recht in het daartoe bestemde register een en ander voor zover de overledene rechthebbende van het graf was;

 

 

- het gebruik van een geluidsinstallatie bij het graf;

 

 

- het luiden van klokken;

 

 

een en ander voor zover aanwezig en gebruikt

 

2.3.1

in een graf:

€ 640,00

2.4

Voor het begraven op zaterdag wordt het recht bedoeld in 2.1, 2.2 en 2.3 verhoogd met 50%.

 

2.5

Voor het begraven op zon- en feestdagen wordt het recht bedoeld in 2.1, 2.2 en 2.3 verhoogd met 75%.

 

2.6

Voor het begraven van 2 lijken op dezelfde dag in hetzelfde graf wordt geheven het tarief als vermeld in 2.1, 2.2, 2.3, 2.4 en 2.5 verhoogd met 15%.

 

2.7

Voor het gebruik van de aula ten behoeve van een (korte) plechtigheid wordt een bedrag geheven van:

€ 100,00

2.8

Voor het ruimen van een vervallen graf ten behoeve van een nieuwe uitgifte van hetzelfde graf, ten dienste van de R.K. Begraafplaats IJsselmuiden:

€ 54,50

 

Hoofdstuk 3 Bijzetten van asbussen en urnen

 

3.1

Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven:

 

3.3.1

in een urnennis

€ 252,50

3.1.2

in een eigen graf

€ 252,50

3.3.3

in een urnengraf

€ 252,50

 

Hoofdstuk 4 Grafbedekking

 

4.1

het wegnemen en/of (her-)plaatsen van de voorwerpen bedoeld in de beheersverordening wordt geheven:

 

4.1.1

voor de aanleg van een grafkelder per persoon

€ 720,00

4.1.2

voor de aanleg van een urnenkelder voor 2 asbussen4.1.2

€ 252,50

4.1.3

voor het wegnemen en/of (her-)plaatsen van een staand grafmonument

€ 213,00

4.1.4

voor het wegnemen en/of (her-)plaatsen van een volledige grafbedekking

€ 286,00

4.1.5

voor het wegnemen en/of voor het aanleggen van een graftuin of andere beplanting

€ 252,50

4.1.6

bij 4.1.3, 4.1.4 en 4.1.5, ingeval het een dubbelgraf betreft twee maal het tarief als daar vermeld.

 

 

Hoofdstuk 5 Algemeen onderhoud

 

5.1

Voor het door of vanwege de gemeente onderhouden van de begraafplaatsen wordt per rechthebbende van een eigen graf, eigen urnengraf, eigen urnennis of eigen herdenkingsplaats geheven per jaar:

€ 78,50

5.2

De rechten als bedoeld in 5.1 kunnen worden afgekocht voor bepaalde tijd door voldoening van een bedrag volgens onderstaande tabel. De afkoopsom bedraagt de contante waarde van de op dat tijdstip van afkoop nog vast te stellen belastingbedragen en wordt berekend door vermenigvuldiging van het jaarlijkse belastingbedrag met de hierna te noemen factor.

 

 

Aantal jaren waarvoor wordt afgekocht:

Vermenigvuldigingsfactor:

 

 

10 jaar

8

 

 

20 jaar

15

 

 

30 jaar

20

 

 

De afkooptermijn kan nimmer de nog resterende looptijd van de lopende grafrechttermijn, van graven voor bepaalde tijd, overschrijden.

 

 

Hoofdstuk 6 Overboeken van eigen graven en urnennissen

 

6.1

Voor het overboeken van een uitsluitend recht als bedoeld in 1.1, 1.2, 1.3 en 1.4 in een daartoe bestemd register wordt geheven:

€ 27,50

 

Hoofdstuk 7 Opruimen, ruimen en verstrooien

 

7.1

Voor het opgraven van een lijk wordt geheven het tarief van 2.1, 2.2 en 2.3 vermeerderd met 20%.

 

7.2

Voor het opgraven van een lijk en het daarna weer (dieper) opnieuw begraven in hetzelfde graf wordt geheven het tarief van 7.1 vermeerderd met 10%.

 

7.3

Voor het na opgraven weer begraven in een ander graf op dezelfde begraafplaats wordt geheven het tarief van 2.1, 2.2 en 2.3.

 

7.4

Voor het na opgraven weer begraven in een ander graf op één van de andere gemeentelijke begraafplaatsen wordt geheven het tarief van 7.3 vermeerderd met 100%.

 

7.5

Voor het opgraven of verwijderen van een asbus of urn wordt geheven het tarief als vermeld in 3.1.

 

7.6

Voor het opgraven van een asbus weer terugplaatsen van een asbus wordt geheven het tarief als vermeld in 3.1.

 

7.7

Voor het ruimen van een lijk op verzoek van rechthebbende een en ander in samenhang met het openen van het graf wordt geheven per lijk:

€ 495,00

7.8

Voor het schudden van een lijk op verzoek van rechthebbende een en ander in samenhang met het openen van het graf wordt geheven per lijk:

€ 495,00

7.9

Voor het verstrooien van as wordt per asbus geheven:

 

7.9.1.

op een verstrooiingsveld

€ 252,50

7.9.2

op een eigen graf als bedoeld in 1.1.1, 1.1.2 en 1.2

€ 252,50

 

Hoofdstuk 8 Dienstverlening op niet-gemeentelijke begraafplaatsen

 

8.1

Indien de gemeente werkzaamheden als bedoeld in de hoofdstukken 2,3, 4 en 7 uitvoert op niet bij de gemeente in beheer zijnde begraafplaatsen worden de tarieven vermeerderd met het BTW tarief van 21%

 

 

NB Waar wordt gesproken over de beheersverordening wordt bedoeld de “Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Kampen 2004”.

 

Deze tarieventabel behoort bij de ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2018’,

 

Aldus vastgesteld door de gemeenteraad in zijn vergadering van 14 december 2017,

De raad van de gemeente Kampen,

drs. H.A. van der Meulen, griffier drs. mr. B. Koelewijn, voorzitter