Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties 2017

Burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen;

 

Gelet op de vastgestelde kaders en doelen zoals vastgelegd in de Programmabegroting;

 

Gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2015;

Besluiten vast te stellen de volgende subsidieregeling:

 

Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties 2017

 

HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

Artikel 1 Democratisering, anti-discriminatie en emancipatie

Een subsidieontvanger spant zich in om:

  • 1.

    deelnemers, vrijwilligers en beroepskrachten in voldoende mate bij het beleid van de vrijwilligersorganisatie en bij de uitvoering daarvan te betrekken.

  • 2.

    samen te werken met andere organisaties gericht op de verwerkelijking van gezamenlijke en/of samenhangende doelen.

  • 3.

    te voorkomen en tegengaan dat enige activiteit wordt verricht, die discriminatie oplevert wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, burgerlijke staat, leeftijd, seksuele voorkeur, fysieke of verstandelijke beperking of op welke grond dan ook.

  • 4.

    de emancipatie van vrouwen, ouderen, LHTBI-ers, gehandicapten en migranten te bevorderen.

  • 5.

    duurzaamheid, cradle to cradle en fairtrade te bevorderen.

  • 6.

    zich te houden aan het gemeentelijk aanbestedingsbeleid.

  • 7.

    zich te houden aan de eisen van goed, transparant en verantwoord bestuur en toezicht.

Artikel 2 Subsidiebedragen

De bedragen genoemd in deze subsidieregeling zijn de jaarlijks toe te kennen bedragen gebaseerd op de bedragen 2017 (afgerond op hele euro’s). Deze bedragen kunnen jaarlijks worden geïndexeerd op basis van een door burgemeester en wethouders bij de uitgangspunten voor de begroting vast te stellen percentage voor loon- en prijsindexering.

HOOFDSTUK 2 JEUGD- EN JONGERENWERK

Artikel 3 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    activiteit:

    De activiteit die ten doel heeft de ontwikkeling van kinderen en jongeren in de leeftijd van 4 tot 23 jaar te bevorderen door het bieden van een zinvolle vrijetijdsbesteding.

  • 2.

    kindervakantiewerk:

    Activiteiten met een sportief, creatief dan wel educatief karakter die in de zomervakantie worden georganiseerd voor kinderen uit het basisonderwijs.

  • 3.

    dagdeel:

    Als dagdeel wordt aangemerkt: activiteiten van minimaal twee uur in de periode tussen 06.00 uur en 12.00 uur of activiteiten van minimaal drie uur in de periode tussen 12.00 uur en 18.00 uur of activiteiten van minimaal twee uur tussen 18.00 uur en 00.00 uur.

  • 4.

    deelnemers/leden aan jeugd- en jongerenwerk:

    Kinderen en jongeren in de leeftijd van 4 tot 23 jaar die op basis van lidmaatschap in vaste groepen en op vaste dagen, dagdelen en tijdstippen aan activiteiten van een vereniging deelnemen.

  • 5.

    methodisch jeugd- en jongerenwerk:

    Vrije tijd activiteiten voor kinderen en jongeren in de leeftijd van 4 tot 23 jaar, die uitgevoerd worden met vaste groepen die regelmatig (in principe 4 x per maand) bij elkaar komen.

  • 6.

    open jeugd- en jongerenwerk:

    Een aanbod van activiteiten voor kinderen en jongeren van 4 tot 23 jaar die een belangrijke bijdrage leveren aan het preventief lokaal jeugdbeleid.

  • 7.

    speeltuin:

    Een omheind terrein, speciaal ingericht als speelgelegenheid voor kinderen, waarvan het beheer en het toezicht berust bij een speeltuinorganisatie.

  • 8.

    organisatie:

    • -

      Een met naam en adres genoemd, formeel en informeel georganiseerd verband van verschillende mensen, dat activiteiten met een sportief, cultureel, creatief dan wel educatief karakter organiseert, waarbij de uitvoering van de activiteiten primair door vrijwilligers wordt gedaan, of

    • -

      Een vereniging, stichting of andere rechtspersoon, die ten behoeve van kinderen speelmogelijkheden met een sportief, creatief dan wel educatief karakter aanbiedt in een bij haar in exploitatie zijnde speeltuin in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 9.

    buitenspeeldag:

    Een dag waarop activiteiten worden georganiseerd met het doel kinderen te stimuleren om buiten te spelen en te sporten in hun eigen buurt.

Artikel 4 Verplichtingen, criteria en grondslagen voor subsidieverstrekking

Als subsidiegrondslagen, voorwaarden en verplichtingen worden gehanteerd:

Kindervakantiewerk

  • 1.

    Een subsidie van € 17,50 per deelnemer uit het basisonderwijs;

  • 2.

    De hoogte van desubsidie wordt bepaald op basis van het aantal deelnemers in het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend;

  • 3.

    In de zomervakantie moeten minimaal 8 dagdelen kindervakantiewerkactiviteiten worden georganiseerd.

Methodisch jeugd- en jongerenwerk

  • 1.

    Organisaties voor methodisch jeugd- en jongerenwerk ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag mits zij beschikken over minimaal 15 leden:

    15 tot en met 50 leden

    1.749

    51 tot en met 100 leden

    2.914

    101 tot en met 150 leden

    4.080

    151 en meer leden

    5.829

  • 2.

    Een bedrag van € 758 voor een activiteit die wekelijks voor een bepaalde doelgroep wordt georganiseerd gedurende minimaal 10 maanden per kalenderjaar.

  • 3.

    De hoogte van de subsidie wordt bepaald op basis van het door de organisatie jaarlijks in te dienen activiteitenverslag van het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend.

  • 4.

    Peildatum voor bepaling van het subsidiabele aantal leden is 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, zoals vermeld op een gewaarmerkte ledenlijst.

Open jeugd- en jongerenwerk

  • 1.

    Een bedrag van € 583 voor een activiteit die eenmaal per maand plaatsvindt.

    Een bedrag van € 1.166 voor een activiteit die tweemaal per maand plaatsvindt.

    Een bedrag van € 1.749 voor een activiteit die driemaal per maand plaatsvindt.

    Een bedrag van € 2.332 voor een activiteit die wekelijks plaatsvindt.

  • 2.

    De subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt uitsluitend verleend wanneer de activiteiten plaatsvinden gedurende minimaal 10 maanden in een kalenderjaar.

  • 3.

    De hoogte van de subsidie wordt bepaald op basis van het jaarlijks in te dienen activiteitenverslag van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend.

Speeltuinwerk

  • 1.

    De subsidie voor de organisatie omvat:

    • a.

      een bijdrage van € 522 voor de kosten van het gebouw en de organisatie;

    • b.

      een bijdrage van € 1.043 voor de inzet van vrijwilligers voor de toezichthoudende functie;

    • c.

      een bijdrage voor speeltuinen met permanent toezicht die:

      • 5 dagen per week open zijn van € 1.043

      • 6 dagen per week open zijn van € 1.565

      • 7 dagen per week open zijn van € 2.086;

    • d.

      een bijdrage voor speeltuinen zonder permanent toezicht die:

      • 5 dagen per week open zijn van € 522

      • 6 dagen per week open zijn van € 782

      • 7 dagen per week open zijn van € 1.043;

    • e.

      een bijdrage voor speeltuinen die:

      • tot 10 toestellen hebben van € 522

      • van 10 tot 20 toestellen hebben van € 1.043

      • van 20 tot 30 toestellen hebben van € 1.565

      • meer dan 30 toestellen hebben van € 2.086;

    • f.

      een bijdrage voor speeltuinen die:

      • 5 activiteiten per jaar organiseren van € 522

      • 6 activiteiten per jaar organiseren van € 607

      • 7 activiteiten per jaar organiseren van € 692

      • 8 activiteiten per jaar organiseren van € 777

      • 9 activiteiten per jaar organiseren van € 862

      • 10 activiteiten per jaar organiseren van € 947

      • meer dan 10 activiteiten per jaar organiseren van € 1.043.

  • 2.

    Een organisatie komt voor een subsidie in aanmerking onder de volgende voorwaarden:

    • a.

      de organisatie heeft een beheerovereenkomst met de gemeente Sittard-Geleen afgesloten,

    • b.

      de organisatie neemt deel aan het (jaarlijks) gemeentelijk speeltuinoverleg,

    • c.

      de speeltuin is tenminste 5 dagen per week open gedurende 6 maanden,

    • d.

      de organisatie organiseert minimaal 3 activiteiten per jaar, en

    • e.

      de activiteiten zijn gericht op het bevorderen van de sociale cohesie in de wijk.

Buitenspeeldag

Een organisatie kan in aanmerking komen voor een subsidie van € 350 voor het organiseren van een buitenspeeldag in de maand juni van enig jaar. Een organisatie kan deze subsidie maximaal eenmaal per jaar aanvragen.

HOOFDSTUK 3 AMATEURSPORT

Artikel 5 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    sportvereniging:

    een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die statutair gevestigd is in de gemeente Sittard-Geleen en waarvan de sportactiviteiten in of vanuit de gemeente Sittard-Geleen plaatsvinden.

  • 2.

    jeugdleden:

    Actieve (sportende) leden van een sportvereniging, welke op de peildatum de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt en die woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    leden:

    Jeugdleden en overige actieve (sportende) leden van een sportvereniging.

  • 4.

    gehandicapte leden:

    Leden van een sportvereniging, welke door een chronische functiebeperking niet zelfstandig kunnen deelnemen aan de activiteiten van de sportvereniging en/of waarvoor extra voorzieningen noodzakelijk zijn en die woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 5.

    peildatum:

    1 januari voorafgaande aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

  • 6.

    sportaccommodatie:

    De voor de feitelijke sportbeoefening benodigde accommodatie.

Artikel 6 Criteria voor subsidieverstrekking

  • 1.

    Een sportvereniging komt uitsluitend in aanmerking voor subsidie, indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

    • a.

      De sportvereniging moet aangesloten zijn bij een overkoepelende organisatie, die is aangesloten bij het NOC*NSF en heeft als doelstelling het beoefenen van de sport door leden in clubverband en die geen bedrijfsorganisatie is of een specifieke jeugdorganisatie,

    • b.

      Minimaal 50% van de leden van de vereniging is woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen, en

    • c.

      De sportvereniging biedt sportactiviteiten aan de leden aan, in ieder geval ook in competitieverband onder auspiciën van de overkoepelende organisatie.

  • 2.

    De sportvereniging dient op 1 januari voorafgaande aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft tenminste 15 contributie betalende jeugdleden te hebben.

    Het subsidiabele ledenaantal wordt bepaald aan de hand van de ledenlijst.

  • 3.

    Een sportvereniging met een minder aantal jeugdleden, maar wel met één of meer gehandicapte leden, kan in aanmerking komen voor een subsidiebedrag per contributie betalend gehandicapt lid, woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen.

Artikel 7 Subsidiegrondslagen

  • 1.

    Het basisbedrag per sportvereniging bedraagt:

    € 1.166 indien het aantal jeugdleden van 15 tot en met 100 bedraagt;

    € 1.749 indien het aantal jeugdleden van 101 tot en met 200 bedraagt;

    € 2.332 indien het aantal jeugdleden van 201 tot en met 500 bedraagt;

    € 3.506 indien het aantal jeugdleden 501 of meer bedraagt.

  • 2.

    Het basisbedrag genoemd in lid 1 wordt verhoogd met een bedrag van € 23 per contributie betalend jeugdlid.

  • 3.

    Het basisbedrag genoemd in lid 1 wordt verhoogd met een bedrag van € 12 per contributie betalend gehandicapt lid.

  • 4.

    Het basisbedrag genoemd in lid 1 wordt verhoogd met € 2.000 per tennisbaan voor tennisverenigingen die zelf het beheer en onderhoud uitvoeren van de tennisaccommodatie gelegen in de gemeente Sittard-Geleen. De bijdrage wordt verstrekt voorzover dit tenniscomplex volgens het gemeentebestuur noodzakelijk is voor het tennissen van de vereniging. Voor de bepaling van het aantal tennisbanen van de vereniging waarop deze regeling van toepassing is, worden de KNLTB-normeringen als leidraad gehanteerd.

  • 5.

    Een bijdrage aan de binnensportvereniging van 36% in de door de gemeente goedgekeurde huurkosten van in de gemeente Sittard-Geleen gelegen gemeentelijke sportaccommodaties. De volgende soorten binnensportverenigingen komen daarvoor in aanmerking: badminton, basketbal, boksen, gymnastiek, judo/budo, karate, taekwondo, tafeltennis, korfbal, watersporten, ijshockey, handbal, volleybal en zaalvoetbal.

  • 6.

    In afwijking van het gestelde in lid 5 kan tevens subsidie worden verstrekt in de huurkosten van niet gemeentelijke sportaccommodaties en/of niet in de gemeente gelegen sportaccommodaties, mits naar het oordeel van burgemeester en wethouders de in lid 5 bedoelde accommodatie niet voorhanden is of daarin naar het oordeel van burgemeester en wethouders geen geschikte uren worden aangeboden. In deze situaties moet tevens het huurbedrag vooraf door burgemeester en wethouders worden goedgekeurd. Burgemeester en wethouders kunnen daarbij het voor subsidie in aanmerking komend huurbedrag lager vaststellen dan het werkelijk verschuldigde bedrag.

HOOFDSTUK 4 TOPSPORT

Artikel 8 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    competitiejaar:

    Het jaar, zoals dat door de betreffende sportbond wordt gehanteerd, (in beginsel) lopend van 1 juli tot en met 31 juni.

  • 2.

    sportvereniging:

    een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die statutair gevestigd is in de gemeente Sittard-Geleen en waarvan de sportactiviteiten in of vanuit de gemeente Sittard-Geleen plaatsvinden. Organisaties, die het topsportteam hebben ondergebracht in een afzonderlijke stichting worden hiermee gelijk gesteld.

Artikel 9 Criteria voor subsidieverstrekking

  • 1.

    De sportvereniging moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

    • a.

      Men moet aangesloten zijn bij een overkoepelende organisatie, die is aangesloten bij het NOC*NSF, en heeft als doelstelling het beoefenen van de sport door leden in clubverband en is geen bedrijfsorganisatie,

    • b.

      Het seniorenteam dient deel te nemen aan de competitie in de hoogste landelijke klasse van een bij het NOC*NSF aangesloten sportbond,

    • c.

      De sportvereniging dient te beschikken over een jeugdplan,

    • d.

      Minimaal 20% van de selectie van het seniorenteam komt voort uit de eigen jeugdopleiding of uit de jeugdopleiding van organisaties, waarmee een samenwerkingsverband is aangegaan en heeft minimaal 3 jaar de eigen jeugdopleiding gevolgd, en

    • e.

      De sportvereniging verzorgt op jaarbasis minimaal 5 presentaties/clinics/demonstraties/trainingen ten behoeve van onderwijs, verenigingen of sportstimuleringsprojecten.

  • 2.

    Per sportvereniging kan maar één team per sportdiscipline in aanmerking komen voor een bijdrage in het kader van deze subsidieregeling, met uitzondering van die situaties waarbij binnen één en dezelfde sportvereniging zowel een heren- als een damesteam uitkomt in de hoogste landelijke competitie.

  • 3.

    Betaald Voetbal Organisaties vallen niet onder deze subsidieregeling.

Artikel 10 Subsidiegrondslagen

  • 1.

    De subsidie bedraagt 100% van de door burgemeester en wethouders goedgekeurde huurkosten voor gemeentelijke sportaccommodaties toe te rekenen aan de selectie van het seniorenteam dat deelneemt aan de hoogste landelijke competitie tot een maximum van de goedgekeurde huurkosten tot 400 uur per competitiejaar.

    In afwijking van het bovenstaande kan subsidie worden verstrekt in de huurkosten van niet gemeentelijke- en/of niet in de gemeente gelegen sportaccommodaties, mits naar het oordeel van burgemeester en wethouders een geschikte accommodatie in de gemeente niet voorhanden is of daarin naar het oordeel van burgemeester en wethouders geen geschikte uren worden aangeboden. In deze gevallen moet tevens het huurbedrag vooraf door burgemeester en wethouders worden goedgekeurd. Burgemeester en wethouders kunnen daarbij het voor subsidie in aanmerking komend huurbedrag lager vaststellen dan het werkelijk verschuldigde bedrag. Tevens kunnen burgemeester en wethouders, in afstemming met de sportvereniging, het subsidie direct overmaken aan de eigenaar van de sportaccommodatie.

  • 2.

    Seniorenteams, welke degraderen naar het een na hoogste niveau, kunnen in het jaar na degradatie nog aanspraak maken op een subsidie van 50% van het reguliere topsportsubsidie, dit onder de voorwaarde dat men voorafgaande aan de degradatie 3 jaar op het hoogste niveau heeft gespeeld.

  • 3.

    Een seniorenteam, dat op grond van de eindstand van de nationale competitie deelneemt aan een door de Europese bond georganiseerde internationale competitie kan vanaf de tweede ronde van deze internationale competitie een bijdrage ontvangen in de kosten van deelname. De bijdrage bedraagt € 2.133 per ronde.

Artikel 11 Termijnenen subsidievaststelling

  • 1.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2015 geldt een indieningsdatum van 1 april voorafgaande aan het competitiejaar.

  • 2.

    Subsidievaststelling op grond van het gestelde in artikel 10 lid 1 vindt plaats op basis van een vóór 1 november na afloop van het competitiejaar ingediende aanvraag.

  • 3.

    Subsidievaststelling, zonder voorafgaande subsidieverlening, vindt plaats voor aanvragen op grond van het gestelde in artikel 10 lid 3. Aanvragen hiervoor dienen ingediend te worden uiterlijk 1 week voordat de betreffende uitwedstrijd plaatsvindt.

HOOFDSTUK 5 CULTUUR

Artikel 12 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    lid:

    Een natuurlijke persoon woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen ten behoeve van wie een organisatie een product of een activiteit aanbiedt.

  • 2.

    uniform dragend lid:

    Een lid dat een verenigingsuniform draagt.

  • 3.

    musicerend lid:

    Een lid dat een instrument bespeelt. Voor HaFa-organisaties dient dit een instrument te zijn, waarvoor conform de landelijke HaFa-reglementen een examenmogelijkheid bestaat.

  • 4.

    cursist:

    Iemand die een cursus volgt.

  • 5.

    vereniging:

    Een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die statutair gevestigd is in de gemeente Sittard-Geleen en waarvan de culturele activiteiten in of vanuit de gemeente Sittard-Geleen plaatsvinden.

Artikel 13 Algemeen

Peildatum voor bepaling van het subsidiabele aantal leden of cursisten is 1 januari van het jaar c.q. jaren voorafgaande aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, zoals vermeld op de ledenlijst of lijst van cursisten.

Artikel 14 Verplichtingen, criteria en subsidiegrondslagen

Als subsidiegrondslagen, voorwaarden en verplichtingen worden gehanteerd:

Harmonieën en fanfares

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 5.246 per vereniging.

  • 2.

    Een subsidiebedrag van € 25 voor elk musicerend lid van de harmonie, fanfare of bijbehorende drumband, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    Een aanvullend subsidiebedrag van € 29 voor elk musicerend lid van de harmonie, fanfare of bijbehorende drumband, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen, jonger is dan 21 jaar en een instrument bespeelt.

  • 4.

    Het minimum aantal musicerende leden moet 30 bedragen en minimaal 50% van die leden moet woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 5.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt over hoeveel musicerende leden de vereniging beschikt.

  • 6.

    Jaarlijks worden minimaal vier uitvoeringen in de gemeente Sittard-Geleen verzorgd.

Schutterijen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 1.749 per vereniging.

  • 2.

    Een bedrag van € 18 per uniform dragend lid, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    Een aanvullend subsidiebedrag van € 12 voor elk uniform dragend lid van de schutterij of bijbehorende drumband, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen en jonger is dan 21 jaar.

  • 4.

    De vereniging heeft minimaal 20 leden en minimaal 50% van die leden moet woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 5.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel uniform dragende leden de vereniging bestaat.

  • 6.

    Jaarlijks worden minimaal twee publieke optredens verzorgd in de gemeente Sittard-Geleen.

Majorettegroepen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 547 per vereniging.

  • 2.

    Een bedrag van € 22 per uniform dragend lid, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    De vereniging heeft minimaal 4 uniform dragende leden en minimaal 50% van die leden moet woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 4.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel uniform dragende leden de vereniging bestaat.

  • 5.

    Jaarlijks worden minimaal twee publieke optredens in de gemeente Sittard-Geleen verzorgd.

Toneelverenigingen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 699 per vereniging.

  • 2.

    Een extra subsidie van € 233 voor minimaal 1 première per jaar.

  • 3.

    Jaarlijks worden minimaal twee openbare toneeluitvoeringen geven in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 4.

    Een toneelvereniging dient elk jaar een activiteitenoverzicht te overleggen.

Revue gezelschappen

De volgende revue gezelschappen ontvangen een vast subsidiebedrag:

Zittesje revue

2.646

Lindenheuvelse revue

1.166

Houtumse revue

1.166

Kommitee Revu Awt-Gelaen

1.166

Verplichting:

Jaarlijks worden vier, of eens in de twee jaar zeven, of eens in de drie jaar tien uitvoeringen in de gemeente Sittard-Geleen verzorgd.

Zanggezelschappen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 1.166 per vereniging.

  • 2.

    Een bedrag van € 10 per musicerend/zingend lid, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    Minimaal 10 musicerende/zingende leden moeten woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen en minimaal 50% van die leden moet woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen en,

  • 4.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel musicerende/zingende leden de vereniging bestaat.

  • 5.

    Een vereniging die uitsluitend of hoofdzakelijk kerkelijke muziek ten gehore brengt, komt niet voor subsidie in aanmerking.

  • 6.

    Jaarlijks worden minimaal twee zanguitvoeringen in de gemeente Sittard-Geleen gegeven.

Accordeonorkesten

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 1.982 per vereniging.

  • 2.

    Een bedrag van € 18 per musicerend lid, dat woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    Minimaal 10 musicerende leden moeten woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen en,

  • 4.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel musicerende leden de vereniging bestaat.

  • 5.

    Jaarlijks worden minimaal twee uitvoeringen in de gemeente Sittard-Geleen gegeven.

Beeldende kunst groepen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 525 per vereniging.

  • 2.

    Een bedrag van € 14 per lid, woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    Minimaal 10 leden/cursisten moeten woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen en minimaal 50% van die leden/cursisten moet woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 4.

    De vereniging moet per peildatum een leden- of cursistenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel leden/cursisten de vereniging bestaat.

  • 5.

    Jaarlijks wordt minimaal een expositie gehouden in de gemeente Sittard-Geleen.

Heemkundeverenigingen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 874 per vereniging.

  • 2.

    Jaarlijks worden in de gemeente Sittard-Geleen minimaal vier aan de vereniging gerelateerde bijdragen geleverd op historisch gebied (bijvoorbeeld publicatie, excursie, educatief bezoek).

Carnavalsverenigingen

  • 1.

    Een vast subsidiebedrag van € 408 per wijkcarnavalsvereniging.

  • 2.

    Een vast subsidiebedrag van € 1.457 voor de Stadscarnavalsverenigingen De Flaarisse en De Marotte voor de organisatie van stedelijke carnavalsactiviteiten.

  • 3.

    Een vast subsidiebedrag van € 291 voor de verenigingen uit Munstergeleen, Limbricht, Einighausen en Guttecoven voor de sleuteloverdracht in hun dorp.

  • 4.

    Een vast subsidiebedrag van € 2.914 voor de Stadscarnavalsverenigingen De Flaarisse en De Marotte en voor de organiserende vereniging uit het stadsdeel Born voor de verzorging van de sleuteloverdracht.

  • 5.

    Een vast subsidiebedrag van € 9.326 voor de Optochtcomités in Sittard, respectievelijk Geleen.

  • 6.

    De verenigingen organiseren activiteiten in hun stadsdeel c.q. wijk ter versterking van de carnaval.

Overige culturele organisaties

De volgende organisaties ontvangen een vast subsidiebedrag:

Barbaracomité Geleen

816

Voorwaarde:

 

 

Het verzorgen van de jaarlijkse herdenking van de Heilige Barbara op of rond 4 december.

 

 

 

 

 

Krombroodrapencomité Sittard

256

Krombroodrapencomité Munstergeleen

181

Nonnevotteclub Sittard

256

De Mander Sittard

500

Voorwaarde:

 

 

Het jaarlijks organiseren van activiteiten om deze tradities in stand te houden.

 

 

 

 

 

Schutterijen

3.000

Voorwaarde:

 

 

Het organiseren van een bondsschuttersfeest binnen de gemeente Sittard-Geleen.

 

 

 

 

 

Limburgs Toneel

2.914

Voorwaarde:

 

 

Het verzorgen van minimaal 3 toneelvoorstellingen in de gemeente Sittard-Geleen per jaar.

 

 

 

 

 

Muziekcollectief Sittard

4.488

Voorwaarde:

 

 

Het ter beschikking stellen van oefenruimtes voor muziekbandjes.

 

 

 

 

 

St. Oude Salviuskerk

1.107

Voorwaarde:

 

 

Het organiseren van culturele activiteiten om het monument in stand te houden.

 

 

 

 

 

Comité Open Monumenten Dag

4.850

Voorwaarde:

 

 

Het jaarlijks organiseren van activiteiten in de gemeente Sittard-Geleen inzake de Open Monumenten Dag.

 

 

 

 

 

Orgelkring Geleen

1.107

Voorwaarde:

 

 

Het verzorgen van minimaal 3 orgelconcerten in de gemeente Sittard-Geleen per jaar.

 

 

 

 

 

Theater Karroessel

13.226

St. Pitboeltheater

2.645

Voorwaarde:

 

 

Het verzorgen van dagelijkse theateractiviteiten in de theaterzaal (exclusief vakanties).

 

 

 

 

 

Big Band Beeg

385

Voorwaarde:

 

 

Jaarlijks worden minimaal twee uitvoeringen in de gemeente Sittard-Geleen verzorgd.

 

 

 

 

 

Bonnefantenmuseum kunstuitleen, locatie Sittard-Geleen

3.068

Voorwaarde:

 

 

Het organiseren van kunstuitleen in de gemeente Sittard-Geleen

 

 

 

 

 

St. Museum en Expositie Geleen (MEG)

1.323

Comité Dialectdag Geleen / Heemkunde

1.585

St. Historisch Jaarboek Land van Zwentibold

794

Kerkenwachtgilde

1.322

Federatie Historie Sittard-Geleen-Born

3.174

Vereniging Veldeke

132

St. Cultuur-Historische Uitgaven Geleen (SCHUG)

583

St. Monografieën uit het land van Sittard

583

Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap (LGOG) WM

583

St. Pieter Ecrevisse

583

Voorwaarde:

 

 

Jaarlijks worden in de gemeente Sittard-Geleen minimaal vier aan de organisatie gerelateerde bijdragen op historisch gebied geleverd, zoals een publicatie, excursie, lezing en/of educatief bezoek.

 

 

HOOFDSTUK 6 WELZIJN EN ZORG

Artikel 15 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    organisatie:

    Een met naam en adres genoemd, formeel en informeel georganiseerd verband van verschillende mensen, dat activiteiten organiseert in het kader van welzijn en zorg zoals buurtverenigingen, minderhedenorganisaties, ouderenorganisaties, organisaties voor mensen met een beperking, vrouwenorganisaties, organisaties die zich inzetten voor het terugdringen van de effecten van armoede bij gezinnen met kinderen/jongeren, organisaties voor educatie en adviesraden.

  • 2.

    religieuze instelling:

    Een kerkgenootschap als bedoeld in artikel 2 boek 2 BW dan wel een genootschap op religieuze/geestelijke grondslag die de rechtspersoonlijkheid vereniging of stichting bezit.

  • 3.

    lid/deelnemer:

    Een natuurlijk persoon woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen ten behoeve van wie een organisatie een product of een activiteit aanbiedt.

  • 4.

    kind/jongere:

    Kinderen en jongeren in de leeftijd van 0 tot 23 jaar die woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

Artikel 16 Algemeen

Peildatum voor bepaling van het subsidiabele aantal leden of deelnemers is 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar c.q. jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, zoals vermeld op een leden- of deelnemerslijst.

Artikel 17 Verplichtingen, criteria en subsidiegrondslagen

Algemeen: De activiteiten, waarvoor subsidie wordt verleend, moeten een bijdrage leveren aan de sociale cohesie, sociale integratie, het voorkomen van sociale uitsluiting of het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie.

 

Naast bovenstaande criterium gelden voor subsidieverlening aan de hierna genoemde organisaties voor welzijn en zorg en religieuze instellingen de volgende criteria:

Ouderenorganisaties

  • 1.

    Verenigingen of stichtingen ontvangen het volgendevaste subsidiebedrag:

    van minimaal 25 tot en met 100 leden/deelnemers

    291

    van 101 tot en met 200 leden/deelnemers

    350

    van 201 tot en met 350 leden/deelnemers

    466

    vanaf 351 leden/deelnemers

    583

  • 2.

    De leden of deelnemers zijn 55 jaar en ouder.

  • 3.

    Een bedrag van € 15 per lid c.q. deelnemer van 55 jaar en ouder, woonachtig in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 4.

    Subsidie wordt slechts verleend als minimaal 80% van de leden of deelnemers woonachtig zijn in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 5.

    De vereniging moet per peildatum een lijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel leden/deelnemers de vereniging bestaat.

Buurtverenigingen

  • 1.

    Buurtverenigingen ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

    van minimaal 25 tot en met 50 leden

    117

    van 51 tot en met 100 leden

    175

    van 101 tot en met 150 leden

    233

    vanaf 151 leden

    350

  • 2.

    De vereniging moet per peildatum een ledenlijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel leden de vereniging bestaat.

  • 3.

    Onder leden wordt verstaan aangesloten huishoudens in de gemeente Sittard-Geleen.

Organisaties die zich bezighouden met het terugdringen van de effecten van armoede bij gezinnen met kinderen/jongeren

  • 1.

    Organisaties met een aanbod dat gericht is op het terugdringen van de effecten van armoede bij gezinnen met kinderen/jongeren en gericht op de ontwikkeling en participatie van kinderen en jongeren, ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

    van minimaal 25 tot en met 100 kinderen/jongeren

    500

    van 101 tot en met 250 kinderen/jongeren

    600

    vanaf 251 kinderen/jongeren

    700

  • 2.

    Een bedrag van € 15 per kind/jongere.

  • 3.

    Subsidie wordt slechts verleend indien minimaal 80% van het aantal kinderen/jongeren woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen.

  • 4.

    De organisatie moet per peildatum een lijst overleggen waaruit blijkt hoeveel gezinnen met kinderen/jongeren zijn ondersteund.

  • 5.

    De organisatie moet aantonen dat zij minimaal één activiteit per maand organiseert.

  • 6.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2015 geldt voor het subsidiejaar 2018 een uiterste indieningsdatum van 1 april 2018.

EHBO-verenigingen en Rode Kruis

  • 1.

    EHBO-verenigingen ontvangen een vast bedrag van € 525 per vereniging.

  • 2.

    Een EHBO-vereniging ondersteunt jaarlijks tenminste 3 activiteiten in de gemeente Sittard-Geleen waarbij conform de vergunning EHBO aanwezig moet zijn.

  • 3.

    Rode Kruis afdeling Sittard en Rode Kruis afdeling Geleen ontvangen een vast bedrag van € 3.124 per vereniging.

Overige organisaties voor welzijn en zorg

  • 1.

    De volgende organisaties voor welzijn en zorg ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

    Zonnebloem (overkoepelende organisatie)

    2.623

    Stichting Burg Geleen

    2.349

    Stichting Leergeld W.M. Sittard

    20.150

    Voedselbank afdeling Sittard-Geleen

    10.000

  • 2.

    Organisaties die zich inzetten voor de ondersteuning van mensen met een beperking of gezinnen met kinderen/jongeren die in armoede verkeren, aanvullend aan het bestaande aanbod van organisaties, komen in aanmerking voor een subsidie wanneer zij aantonen minimaal vier activiteiten te organiseren gericht op sociale cohesie en het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie van de betreffende doelgroep in de samenleving. Deze organisaties ontvangen een bedrag van maximaal 30% van de door burgemeester en wethouders goedgekeurde begroting tot een maximum van € 2.500.

Organisaties voor educatie

De volgende organisaties ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

Gilde Westelijke Mijnstreek

5.246

IVN Born

1.049

IVN Munstergeleen

1.049

IVN Sittard-Geleen

2.098

Adviesraden

De volgende adviesraden ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

Sociaal Overleg Sittard-Geleen

8.743

Adviesraad WMO

21.000

Jongeren Cliëntenraad

7.500

Voorwaarde:

De adviesraden moeten een convenant (overeenkomst) afsluiten met het gemeentebestuur of moeten ingesteld zijn bij wet of verordening.

Minderhedenorganisaties

De volgende organisaties ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag wanneer de organisatie beschikt over minimaal 25 leden (bij verenigingen) of 25 deelnemers (bij stichtingen of werkgroepen) en tevens jaarlijks een activiteitenlijst met begroting overleggen die gericht is op integratie en participatie van de leden/deelnemers:

Moluks Welzijnswerk Merpati

11.780

Platform Allochtonen Geleen Breed

2.332

Casa Mama Lisi

26.000

Overige organisaties die zich inzetten voor groeperingen, die de belangen behartigen van inwoners van Sittard-Geleen die niet afkomstig zijn uit of geboren zijn in Nederland, komen in aanmerking voor een subsidie wanneer zij aantonen minimaal vier activiteiten te organiseren, die gericht zijn op integratie en participatie van de betreffende doelgroep in de samenleving. De organisatie moet per peildatum een leden/deelnemerslijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel leden respectievelijk deelnemers de organisatie bestaat.

Deze organisaties ontvangen een bedrag van € 350 per jaar.

Vrouwenorganisaties

Vrouwenorganisaties ontvangen het volgende vaste subsidiebedrag:

van minimaal 25 tot en met 50 leden/deelnemers

175

van 51 tot en met 100 leden/deelnemers

291

van 101 tot en met 200 leden/deelnemers

408

vanaf 201 leden/deelnemers

525

Subsidie wordt slechts verleend als minimaal 80% van de leden of deelnemers woonachtig is in de gemeente Sittard-Geleen en de organisaties aantonen minimaal vier activiteiten te organiseren gericht op emancipatie, educatie en participatie in de gemeente Sittard-Geleen. De organisatie moet per peildatum een leden/deelnemerslijst overleggen waaruit blijkt uit hoeveel leden respectievelijk deelnemers de organisatie bestaat.

Religieuze instellingen

Religieuze instellingen ontvangen een vast subsidiebedrag van € 1.398 per religieuze instelling. De religieuze instelling dient gevestigd èn werkzaam te zijn binnen het grondgebied van de gemeente Sittard-Geleen. Uit de statuten van religieuze instellingen moeten de volgende kenmerken blijken:

  • -

    de religieuze instelling is een blijvende vereniging van personen en

  • -

    de religieuze instelling stelt zich tot doel de gemeenschappelijke godsverering van haar leden op grondslag van een gemeenschappelijke godsdienstige opvatting.

Voor de Rooms-Katholieke Kerk betreft het de zelfstandige onderdelen parochies en voor de Nederlandse Hervormde Kerk zijn het de plaatselijke gemeenten. Voor wat betreft overige geloofsgemeenschappen, die onder het begrip religieuze instelling vallen, zijn de statuten bepalend.

 

Voorwaarde:

Subsidie wordt slechts verleend als de instelling aantoont minimaal vier activiteiten te organiseren in de gemeente Sittard-Geleen gericht op het algemene criterium genoemd in artikel 17. Diensten zijn hiervan uitgesloten.

HOOFDSTUK 7 ORANJEFEESTEN

Artikel 18 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    Oranjevereniging:

    Een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die statutair gevestigd is in de gemeente Sittard-Geleen en die activiteiten in het kader van de Oranjefeesten bij gelegenheid van Koningsdag organiseert in de gemeente Sittard-Geleen.

Artikel 19 Verplichtingen, criteria en grondslagen voor subsidieverstrekking

  • 1.

    Aan Oranjeverenigingen kan subsidie worden verleend voor het organiseren van activiteiten in het kader van oranjeviering rondom Koningsdag.

  • 2.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen dient de Oranjevereniging jaarlijks voor 1 maart een aanvraag voor subsidie in met daarbij een activiteitenprogramma en een begroting.

  • 3.

    Het subsidiebedrag bedraagt maximaal voor:

    a.

    Oranjevereniging Geleen

    6.317

    b.

    Oranjevereniging Grevenbicht

    635

    c.

    Oranjevereniging Guttecoven/Einighausen

    519

    d.

    Oranjevereniging Holtum

    247

    e.

    Oranjevereniging Born

    1.097

    f.

    Oranjevereniging Buchten

    414

    g.

    Oranjevereniging Obbicht

    396

    h.

    Oranjevereniging Sittard

    7.338

    i.

    Oranjevereniging Munstergeleen

    1.029

    j.

    Oranjevereniging Limbricht

    525

HOOFDSTUK 8 DODENHERDENKING

Artikel 20 Begripsbepalingen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • 1.

    Dodenherdenking:

    De Nationale Dodenherdenking en door het college aan te wijzen herdenkingsbijeenkomsten.

  • 2.

    Dodenherdenkingscomité:

    Een organisatie die activiteiten in het kader van dodenherdenking organiseert.

Artikel 21 Verplichtingen, criteria en grondslagen voor subsidieverstrekking

  • 1.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2015 dient het dodenherdenkingscomité jaarlijks voor 1 maart van het jaar waarop de subsidie betrekking heeft een aanvraag voor subsidie in met daarbij een activiteitenverslag en een financieel verslag van het jaar daarvoor.

  • 2.

    De subsidie bedraagt maximaal € 1.000 per subsidiejaar voor dodenherdenking en door het college aangewezen herdenkingsbijeenkomsten, zoals vermeldt in artikel 20, lid 1.

  • 3.

    Indien er meerdere dodenherdenkingscomités in een stadsdeel een gelijksoortige dodenherdenking organiseren, wordt de subsidie gelijkelijk over alle in aanmerking komende dodenherdenkingscomités verdeeld.

  • 4.

    De organiserende comités volgen de richtlijnen / adviezen zoals die zijn opgesteld door het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

  • 5.

    Jongeren en oorlogsbetrokkenen worden bij de dodenherdenking betrokken.

HOOFDSTUK 9 SLOTBEPALINGEN

Artikel 22 Bijzondere gevallen

  • 1.

    Van deze subsidieregeling mag worden afgeweken indien de toepassing zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard.

  • 2.

    De portefeuillehouder is bevoegd bij overschrijding van de indieningstermijn(en) het betreffende verzoek alsnog in behandeling te nemen, indien de termijnoverschrijding naar zijn oordeel verschoonbaar kan worden geacht.

  • 3.

    Over de bevoegdheid genoemd onder 2 wordt jaarlijks aan burgemeester en wethouders gerapporteerd.

Artikel 23 Werkingssfeer

Organisaties die voor het eerst een beroep doen op een subsidie komen hiervoor slechts in aanmerking indien het activiteitenaanbod aanvullend is op het reeds bestaande voorzieningenniveau.

Artikel 24 Subsidieplafond

Op deze subsidieregeling kunnen meerdere subsidieplafonds van toepassing zijn. Indien het in de begroting opgenomen budget per categorie zoals genoemd in de hoofdstukken 2 tot en met 8 van deze subsidieregeling ontoereikend is voor honorering van alle aanvragen wordt de subsidie van elke aanvrager, die aan de subsidiecriteria voldoet, gekort met een percentage dat gelijk is aan het percentage waarmee het totaal beschikbare subsidiebedrag wordt overschreden.

Artikel 25 Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als ‘Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties 2017’.

Artikel 26 Inwerkingtreding en overgangsrecht

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking de dag na bekendmaking en geldt met ingang van het subsidiejaar 2018.

  • 2.

    Met inwerkingtreding van deze subsidieregeling worden de volgende beleidsregels c.q. subsidieregeling ingetrokken:

    • -

      Beleidsregels subsidiëring Oranjefeesten;

    • -

      Beleidsregels subsidiëring Dodenherdenking;

    Beide door burgemeester en wethouders vastgesteld in zijn vergadering van 28 april 2009;

    • -

      Subsidieregeling vrijwilligerswerk 2015;

    Door burgemeester en wethouders vastgesteld in zijn vergadering van 19 mei 2015.

  • 3.

    Aanvragen om subsidieverlening die op basis van de in lid 2 genoemde Subsidieregeling vrijwilligerswerk 2015 zijn ingediend en waarvoor bij de inwerkingtreding van de Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties 2017 nog niet is beslist, worden geacht op basis van de Subsidieregeling vrijwilligerswerk 2017 te zijn ingediend.

  • 4.

    Op subsidies die voor de inwerkingtreding van de Subsidieregeling vrijwilligersorganisaties 2017 zijn verleend en die nog niet zijn vastgesteld, blijven de bepalingen zoals opgenomen in de in lid 2 genoemde subsidieregeling van toepassing.

  • 5.

    Op bezwaarschriften wordt beslist met toepassing van de subsidieregeling zoals die gold bij de primaire besluitvorming.

Aldus besloten in de vergadering van 21 november 2017.

Het college voornoemd,

De burgemeester,

drs. G.J.M. Cox

De secretaris,

G.J.C. Kusters

Naar boven