Op grond van het door ons college op 9 december 2008 vastgestelde compensatieplan Oosterveld Norg moeten ten aanzien van de locatie Oosterveld een drietal maatregelen worden getroffen. In hoofdstuk 6 Planning wordt aangegeven dat de maatregelen in de eerste fase worden uitgevoerd en wel vóór het bouwrijp maken van het bestemmingsgebied. Concreet gaat het voor de locatie Oosterveld om het verwijderen van een sparrenbosje, de aanleg van houtwallen en het herstel van zandpaden. Van deze maatregelen moeten de aanleg van de houtwallen en het herstel van de zandpaden nog worden uitgevoerd.
Omdat het Oosterveld niet langer in één keer bouwrijp gemaakt, uitgegeven en woonrijp gemaakt wordt is het niet langer voor de hand liggend om de houtwallen direct voor het gehele bestemmingsgebied aan te leggen en de zandpaden direct voor het gehele bestemmingsgebied te herstellen. Doordat het Oosterveld fasegewijs bouwrijp gemaakt wordt, fasegewijs uitgegeven wordt en fasegewijs woonrijp gemaakt wordt is er naar het oordeel van het college sprake van gewijzigde omstandigheden. Het is ongewenst om vóór de start van het bouwrijp maken van de eerste fase alle beoogde houtwallen aan te leggen en alle zandpaden te herstellen. Het college heeft het voornemen om de houtwallen gefaseerd aan te leggen en de zandpaden gefaseerd te herstellen.
Beleidsvoornemen waarop inspraak wordt verleend:
Het voornemen waarop inspraak wordt verleend betreft het voornemen om de aanleg van de houtwallen en het herstel van de zandpaden gefaseerd uit te gaan voeren. Het komt er dan op neer dat deze werkzaamheden met de oplevering van het woonrijp maken van de betreffende deelfase moeten zijn uitgevoerd. Het voornemen is opgenomen in het collegebesluit van 11 juli 2017 (BW17.0303).
Voor alle duidelijkheid: het compensatieplan zelf blijft inhoudelijk ongewijzigd. Alleen de planning van het moment van uitvoering van de eerste fase (bladzijde 19) van het compensatieplan wordt aangepast. Bedoeling is om het moment waarop de eerste fase van het compensatieplan zal worden uitgevoerd aan te passen aan de ontwikkeling van de verschillende deelfasen.
Aan wie wordt inspraak verleend:
De gemeenteraad verleent inspraak aan ingezetenen en aan natuurlijke en rechtspersonen die in de gemeente Noordenveld een belang hebben.
De wijze waarop deelnemers aan de inspraakprocedure in staat worden gesteld hun zienswijzen over het voornemen kenbaar te maken en daarover met het gemeentebestuur van gedachten te wisselen:
Het voornemen tot aanpassing van de fasering van de eerste fase van het compensatieplan Oosterveld-Norg wordt met ingang van 6 september 2017 gedurende zes weken ter inzage gelegd in het gemeentehuis te Roden. Daarnaast wordt een link naar het voorstel gepubliceerd op de website van de gemeente Noordenveld.
Gedurende de hiervoor genoemde termijn van zes weken bestaat de gelegenheid om schriftelijk zienswijzen kenbaar te maken ten aanzien van het voornemen. Uw zienswijzen kunt u richten aan het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordenveld, Postbus 109, 9300 AC Roden. Degenen die over een internetaansluiting beschikken kunnen hun zienswijze naar wens eveneens via e-mail gedurende de hiervoor genoemde termijn van zes weken kenbaar maken. Het e-mailadres van de gemeente Noordenveld is postbus@gemeentenoordenveld.nl.
Op 18 september 2017 zal van 16:00 tot 17:00 uur een hoorzitting worden gehouden. Tijdens deze hoorzitting bestaat de gelegenheid om mondeling met een vertegenwoordiger van het gemeentebestuur van gedachten te wisselen over het voorstel, daarbij kunnen ook mondeling zienswijzen kenbaar worden gemaakt. Hiervan wordt een schriftelijk verslag gemaakt.
Rapportage:
Ter afronding van de inspraakprocedure wordt door het college een eindverslag gemaakt en vastgesteld. Dit verslag bevat een weergave van de zienswijzen die tijdens de inspraakperiode zowel schriftelijk als mondeling naar voren zijn gebracht. Tevens bevat het eindverslag een reactie op de zienswijzen, waarbij ten aanzien van de tijdig naar voren gebrachte zienswijzen met redenen omkleed wordt aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van het voornemen zou kunnen worden overgegaan.
Het college betrekt dit eindverslag bij het besluit om al dan niet de planning van het moment van uitvoering van de eerste fase (bladzijde 19) van het compensatieplan aan te passen. Het besluit tot aanpassing moet worden bekendgemaakt. Degenen die een zienswijze kenbaar hebben gemaakt worden na het besluit omtrent de vaststelling van het eindverslag op de hoogte gebracht van de standpuntbepaling van de gemeente ten aanzien van hun zienswijze.