Regeling tot wijziging van de Subsidieregeling conciergetaken in primair en voortgezet onderwijs Den Haag 2017

 

Toelichting

Voorafgaand aan de vaststelling van de Subsidieregeling conciërgetaken in primair en voortgezet onderwijs Den Haag 2017, is overleg gevoerd met de schoolbesturen. Op uitdrukkelijk verzoek van de schoolbesturen is in de regeling vastgelegd dat, behalve uitkeringsgerechtigden van 56 jaar of ouder of met een lage loonwaarde, ook leerlingen uit het Praktijkonderwijs die niet-uitkeringsgerechtigd zijn, ingezet kunnen worden voor de uitvoering van conciërgetaken. De bedoeling was deze uitstroommogelijkheid te creëren voor maximaal 15 leerlingen. Er zijn namelijk circa 10 scholen met 15 locaties. Dit zijn ook de aantallen die steeds zijn genoemd in de communicatie met de schoolbesturen.

 

In de regeling is de beperking opgenomen dat per schoollocatie subsidie wordt verleend van maximaal € 10.000,00 voor 0,8 fte. Er geldt een subsidieplafond van € 1.000.000,00. In de regeling staat echter géén beperking ten aanzien van het aantal Praktijkschoolleerlingen dat voor conciërgetaken wordt ingezet. Er zijn schoolbesturen die daarvan maximaal gebruik willen maken. Als bovenvermeld, is dat nooit de intentie geweest maar naar de letter van de regeling kàn het wel. Beoogd was om de inzet van enkele niet-uitkeringsgerechtigden ook op grond van de regeling te subsidiëren. Afname van het aantal uitkeringsgerechtigden op grond van de Participatiewet is en was net als bij de Subsidieregeling STiP-banen Den Haag 2017 een belangrijk doel.

 

Indien de scholen tot het maximum leerlingen plaatsen bij scholen, treedt een significant nadelig effect op. Vanuit de budgetten van SZW wordt een aanzienlijk bedrag aan loonkostensubsidie verstrekt terwijl daar bij niet-uitkeringsgerechtigde Praktijkschoolleerlingen geen reductie van het aantal bijstandsgerechtigden tegenover staat.

 

In de Regeling tot wijziging van de Subsidieregeling conciërgetaken in primair en voortgezet onderwijs Den Haag 2017 wordt bovengeschetst probleem opgelost door in artikel 2:1, tweede lid op te nemen dat de inzet van leerlingen van het Praktijkonderwijs uitsluitend wordt gesubsidieerd tot een maximum van 15 leerlingen waarbij per locatie de inzet van maximaal één leerling wordt gesubsidieerd.

 

 

B esluitvorming

 

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,

 

 

gelet op artikel 13 van de Verordening personele en materiële voorzieningen onderwijs gemeente Den Haag 2014,

 

besluit vast te stellen de Regeling tot wijziging van de Subsidieregeling conciërgetaken in primair en voortgezet onderwijs Den Haag 2017:

Artikel I

De Subsidieregeling conciërgetaken in primair en voortgezet onderwijs Den Haag 2017 wordt gewijzigd als volgt:

 

Artikel 2:1 komt te luiden:

Artikel 2:1 Activiteiten

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor de uitvoering van conciërgetaken door:

a.personen die een uitkering van de gemeente Den Haag op grond van de Participatiewet

ontvangen en die 56 jaar of ouder zijn of een lage loonwaarde hebben (te bepalen door burgemeester en wethouders);

b.maximaal 15 leerlingen van het Praktijkonderwijs die onder het doelgroepenregister vallen en

niet uitkeringsgerechtigd zijn, waarbij per locatie voor de inzet van maximaal één leerling subsidie wordt verstrekt.

Artikel II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad, waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 1 mei 2017.

 

Den Haag, 6 juni 2017

 

Het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris,

Annet Bertram

 

de burgemeester,

Pauline Krikke

Naar boven