Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning

 

gelezen het voorstel van griffier en voorzitter van de raad van Opmeer van 12 april 2011;

 

gelet op het advies van de commissie Bestuurlijke Zaken & Verantwoording van 31 maart 2011;

 

De raad van de gemeente Opmeer;

 

Gelet op artikel 33, derde lid, van de Gemeentewet;

 

Besluit te wijzigen en vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning

 

PARAGRAAF 1: AMBTELIJKE BIJSTAND

 

Artikel 1. Verzoek om informatie

1. Een raadslid of fractie-assistent wendt zich tot de griffier of een ambtenaar met

een verzoek om:

a. feitelijke informatie van geringe omvang;

b. inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn;

2. Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld onder het

eerste lid, onderdeel a of b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.

3. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om bijstand bij het opstellen van

voorstellen, amendementen en moties of andere bijstand.

4. De bijstand, bedoeld in het derde lid, wordt verleend door de griffier of een medewerker van de

griffie. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan

worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen,

die de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk verlenen.

 

Artikel 2. Verlenen van ambtelijke bijstand

1. Een ambtenaar verleent op verzoek van de griffier of de secretaris ambtelijke bijstand tenzij:

a. het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de

werkzaamheden van de raad;

b. dit het belang van de gemeente kan schaden.

2. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het eerste lid geweigerd wordt.

3. Indien de bijstand op grond van het eerste lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met

redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend.

4. De secretaris verstrekt de betreffende portefeuillehouder in het college desgewenst een afschrift

van het verzoek.

5. Indien (leden van) het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of de

inhoud van het gegeven advies, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

 

Artikel 3. Weigering verzoek ambtelijke bijstand

Indien het verzoek om bijstand van een ambtenaar door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

 

Artikel 4. Geschil over ambtelijke bijstand

1. Indien een raadslid niet tevreden is over door een ambtenaar verleende bijstand, doet hij of de

griffier hiervan mededeling aan de secretaris.

2. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de burgemeester. De burgemeester voorziet zo spoedig mogelijk in de kwestie.

 

Artikel 5. Register ambtelijke bijstand

1. Elk raadslid heeft recht op ambtelijke bijstand als bedoeld in artikel 1, derde lid.

2. De griffier houdt in een register bij hoeveel verzoeken om ambtelijke bijstand, als bedoeld in

artikel 1, een raadslid per jaar doet.

 

PARAGRAAF 2: FRACTIEONDERSTEUNING

 

Artikel 6. Recht op financiële vergoeding

1. De fracties, zoals bedoeld in artikel 7 van het Reglement van orde voor de vergaderingen van de

raad, hebben jaarlijks recht op een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het

functioneren van de fractie.

2. Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 300,00 voor elke fractie.

 

Artikel 7. Besteding financiële vergoeding

1. Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en

controlerende rol te versterken;

2. De bijdrage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:

a. uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en overige regelingen;

b. betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of

natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen)

geleverd ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie;

c. giften;

d. uitgaven die bestreden dienen te worden uit vergoedingen die de leden ingevolge het

rechtspositiebesluit raads- en commissieleden toekomen;

e. algemene opleidingen voor raads- en commissieleden tenzij deze inhoudelijk gerelateerd

zijn aan de politieke uitgangspunten van de deelnemers.

 

Artikel 8. Gevolgen splitsen fractie

Bij splitsing van een fractie wordt de op grond van artikel 6, tweede lid, de vastgestelde bijdrage voor de oorspronkelijke fractie verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het

aantal bij de splitsing betrokken leden.

 

Artikel 9. Reserve

1. De raad reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage toekomend aan een

fractie ter besteding door die fractie in volgende jaren.

2. De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar

toekwam op grond van artikel 6.

3. Het beroep in enig jaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de verrekening over

dat jaar.

4. De reserve blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam

terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan

kan worden beschouwd.

5. Als bij zetelverlies de reserve voor een fractie hoger zou worden dan aangegeven in het tweede

lid, vervalt het recht op dat meerdere.

6. Bij splitsing van een fractie, wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar

evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer

bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke fractie in het voorgaande kalenderjaar

ontving.

 

Artikel 10. Uitbetaling vergoeding, verantwoording en controle

1. Indien een fractie aanspraak wil maken op (een deel) van de vergoeding, dient zij een gespecificeerde factuur/declaratie in bij de griffier. De griffier zorgt voor uitbetaling en houdt per fractie een overzicht bij van de uitbetaalde bedragen.

2. Binnen drie maanden na het einde van het kalenderjaar, maakt de griffier een overzicht op van de uitbetaalde fractievergoedingen en legt deze aan de raad voor.

3. De raad stelt na ontvangst van het overzicht de bedragen vast van:

a. de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn;

b. de wijziging van de reserve;

c. de resterende reserve;

 

Artikel 11. Toepassing Awb

Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de financiële middelen die een fractie ontvangt.

 

PARAGRAAF 3 SLOTBEPALING

 

Artikel 12. Intrekking oude verordening

De verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning (2006) wordt ingetrokken m.i.v. 1 januari 2012.

 

Artikel 13. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012.

 

Artikel 14. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning.

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Opmeer

van 21 april 2011.

 

M.C.G.M. de Vree-Bekker G.J.A.M. Nijpels

Raadsgriffier Raadsvoorzitter

Naar boven