Wijziging CAR-UWO, aanpassing verplaatsingskostenregeling verhuisplichtige ambtenaren, gemeente Krimpen aan den IJssel

De werkgeverscommissie griffie van Krimpen aan den IJssel

 

gelezen het besluit van het college van 29 maart 2016 over het onderwerp ‘Aanpassing verplaatsingskostenregeling verhuisplichtige ambtenaren’;

 

de LOGA brief van 29 januari 2016 met hetzelfde onderwerp;

 

overwegende dat de gemeenteraad op 10 november 2011 heeft besloten de werkgeverscommissie griffie te belasten met de vaststelling van de rechtspositiepersoneel voor het griffiepersoneel Krimpen aan den IJssel;

 

dat het uitgangspunt is de besluiten van het college over rechtspositionele regelingen voor het gemeentelijk personeel voor het griffiepersoneel ongewijzigd over te nemen, tenzij afwijking voor de griffie gewenst is;

 

dat het besluit van het college van 29 maart 2016 ongewijzigd voor het griffiepersoneel kan worden vastgesteld;

 

gelet op de artikelen 107 tot en met 107e van de Gemeentewet;

 

b e s l u i t

 

1. De CAR-UWO als volgt te wijzigen:

  • A.

    Artikel 18:1:5 lid 1 wordt gewijzigd en komt te luiden: De tegemoetkoming in verhuiskosten kan slechts bestaan uit:

    • a.

      een bedrag voor de kosten van transport van de bagage en van de inboedel van de betrokkene en zijn gezinsleden naar de nieuwe woning, waaronder begrepen de kosten van het in- en uitpakken van breekbare zaken;

    • b.

      een bedrag voor dubbel woonkosten, gelijk aan de noodzakelijk te maken kosten, met een maximum van € 310,51 per maand met dien verstande dat de tegemoetkoming ten hoogste voor vier maanden wordt verleend;

    • c.

      een bedrag voor alle andere direct uit de verhuizing voortvloeiende kosten, met een maximum van € 6.209,70.

 

  • B.

    Artikel 18:1:7, lid 2, lid 3 en lid 4 worden gewijzigd en komen te luiden:

    • a.

      De vergoeding die plaatsvindt op basis van het eerste lid is, voor dat deel dat gebruik wordt gemaakt van de trein, gemaximeerd op het bedrag van € 3.984 per jaar.

    • b.

      De betrokkene die met de trein reist en van de woning of het pension met het ander (aansluitend) openbaar vervoer naar het eerst mogelijke station kan reizen maar van dit openbaar vervoer geen gebruik maakt en in de plaats daarvan met eigen vervoer naar dat station reist, ontvangt een tegemoetkoming van € 103,78 op jaarbasis.

    • c.

      De tegemoetkoming in reiskosten bedoeld in artikel 18:1:6, eerste en vierde lid, is, indien het college de plaats van tewerkstelling van een betrokkene heeft aangewezen als een plaats van tewerkstelling die niet door openbaar vervoer is te bereiken, of indien de betrokkene behoort tot een aangewezen groep voor wie de plaats van tewerkstelling vanwege de opgedragen werktijden niet per openbaar vervoer is te bereiken, € 0,17 per kilometer met een maximum van 20 kilometer enkele reis.

2. Dit besluit treedt in werking de dag na de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2016.

 

 

Krimpen aan den IJssel, 13 mei 2016

De werkgeverscommissie griffie Krimpen aan den IJssel,

De voorzitter

Naar boven