Gemeente Uitgeest: Subsidieverordening monumentale molens en monumentale kerktorens Uitgeest 2016

Verordening op het verlenen van subsidies in het onderhoud van monumentale wind- en watermolens en monumentale kerktorens in de gemeente Uitgeest

Gebaseerd op artikel 147, 149 van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Artikel 1 Begripsbepalingen

1. Deze verordening verstaat onder:

a. Monumentaal object: een van de volgende in de gemeente aangewezen Rijksmonumenten:

  • 1.

    Molen De Kat;

  • 2.

    Molen De Dog;

  • 3.

    De Tweede Broekermolen;

  • 4.

    Kerktoren RK Kerk, Langebuurt 35.

b. Eigenaar: de natuurlijke of de rechtspersoon, die het recht van eigendom of een ander gelijkwaardig zakelijk recht heeft op een monumentaal object; 

c. Onderhoud: periodieke werkzaamheden aan het exterieur of casco van een monumentaal object, welke tot doel hebben het in goede staat houden van het monumentaal object,  of onderdeel hiervan, om toekomstig kostbaar herstel te voorkomen of te verminderen;

d. Restauratie: werkzaamheden aan een monumentaal object, welke noodzakelijk zijn voor de instandhouding van de cultuur-historische waarden van het monumentale object of onderdelen hiervan;

e. Onderhoudsubsidie: een financiële en facilitaire bijdrage die de gemeente levert om de instandhouding van het exterieur of casco van een monumentaal object te bevorderen en/of te verwezenlijken;

f. Subsidiabele restauratie/onderhoudskosten: het bedrag van de door burgemeester en wethouders geaccepteerde kosten voor de instandhouding van het exterieur of casco van een monumentaal object.

g. Subsidieplafond: het bedrag dat maximaal beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies.

Artikel 2 Bijdrage grondslag

1. De gemeenteraad stelt het subsidieplafond vast op € 11.500,- per monumentaal object vast, zoals genoemd in artikel 1, lid 1, onder a genoemde monumentale objecten.

2. Elk monumentaal object heeft recht op maximaal € 11.500, - voor het laten uitvoeren van restauratie/onderhoudswerkzaamheden aan het exterieur of casco van het betreffende monument.

3. Bij zelfwerkzaamheid worden alleen de materiaalkosten vergoed.

4. Indien het maximale bedrag in lid 2 is uitgekeerd, stopt de subsidiemogelijkheid voor het betreffende object.

Artikel 3. Algemene bepalingen inzake aanvraag en beslissing

1. De aanvraag om subsidie dient door of namens de eigenaar schriftelijk bij het college van burgemeester en wethouders te worden ingediend en te zijn voorzien van offertes en foto’s van desbetreffende onderdelen die worden gerestaureerd.

2. Indien het college van burgemeester en wethouders op een aanvraag een beslissing neemt tot het verlenen van een subsidie op grond van deze verordening, ontvangt de aanvrager een beschikking waarin de door de gemeente goedgekeurde restauratiekosten en het verleende subsidie worden vermeld.

3. Het college van burgemeester en wethouders neemt een besluit tot het vaststellen van een subsidie na ontvangst van de definitieve rekeningen en na afschouwing van de gedane werkzaamheden.

4. Uitbetaling geschiedt uitsluitend op een door de eigenaar in de subsidieaanvraag op te geven bankrekening. 

Artikel 4 Weigering subsidieverlening

Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 Awb, wordt de subsidie geweigerd indien:

1. de kosten van de voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat;

2. met het treffen van de voorzieningen het belang van de monumentenzorg niet of in onvoldoende mate wordt gediend;

3. de omgevingsvergunning voor de benodigde aanpassingen aan het monument niet is verleend, voor zover is vereist;

4. het pand waaraan de voorzieningen worden getroffen bestemd is om binnen een periode van 10 jaar na de aanvraag om subsidie te worden afgebroken;

5. indien reeds voor indiening van de subsidieaanvraag gestart is met de uitvoering van de restauratie van het monumentale object;

Artikel 5 Sanctiebepalingen

Indien de eigenaar onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt of de voorschriften vastgesteld bij of krachtens deze verordening niet nakomt, kan het college van burgemeester en wethouders de subsidie intrekken.

Artikel 6 inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die waarop zij bekend is gemaakt.

Artikel 7. Slotbepaling

Deze verordening wordt aangehaald als:

“1. Deze verordening verstaat onder:

a. Monumentaal object: een van de volgende in de gemeente aangewezen Rijksmonumenten:

  • 1.

    Molen De Kat;

  • 2.

    Molen De Dog;

  • 3.

    De Tweede Broekermolen;

  • 4.

    Kerktoren RK Kerk, Langebuurt 35.

b. Eigenaar: de natuurlijke of de rechtspersoon, die het recht van eigendom of een ander gelijkwaardig zakelijk recht heeft op een monumentaal object; 

c. Onderhoud: periodieke werkzaamheden aan het exterieur of casco van een monumentaal object, welke tot doel hebben het in goede staat houden van het monumentaal object,  of onderdeel hiervan, om toekomstig kostbaar herstel te voorkomen of te verminderen;

d. Restauratie: werkzaamheden aan een monumentaal object, welke noodzakelijk zijn voor de instandhouding van de cultuur-historische waarden van het monumentale object of onderdelen hiervan;

e. Onderhoudsubsidie: een financiële en facilitaire bijdrage die de gemeente levert om de instandhouding van het exterieur of casco van een monumentaal object te bevorderen en/of te verwezenlijken;

f. Subsidiabele restauratie/onderhoudskosten: het bedrag van de door burgemeester en wethouders geaccepteerde kosten voor de instandhouding van het exterieur of casco van een monumentaal object.

g. Subsidieplafond: het bedrag dat maximaal beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies.

Artikel 2 Bijdrage grondslag

1. De gemeenteraad stelt het subsidieplafond vast op € 11.500,- per monumentaal object vast, zoals genoemd in artikel 1, lid 1, onder a genoemde monumentale objecten.

2. Elk monumentaal object heeft recht op maximaal € 11.500, - voor het laten uitvoeren van restauratie/onderhoudswerkzaamheden aan het exterieur of casco van het betreffende monument.

3. Bij zelfwerkzaamheid worden alleen de materiaalkosten vergoed.

4. Indien het maximale bedrag in lid 2 is uitgekeerd, stopt de subsidiemogelijkheid voor het betreffende object.

Artikel 3. Algemene bepalingen inzake aanvraag en beslissing

1. De aanvraag om subsidie dient door of namens de eigenaar schriftelijk bij het college van burgemeester en wethouders te worden ingediend en te zijn voorzien van offertes en foto’s van desbetreffende onderdelen die worden gerestaureerd.

2. Indien het college van burgemeester en wethouders op een aanvraag een beslissing neemt tot het verlenen van een subsidie op grond van deze verordening, ontvangt de aanvrager een beschikking waarin de door de gemeente goedgekeurde restauratiekosten en het verleende subsidie worden vermeld.

3. Het college van burgemeester en wethouders neemt een besluit tot het vaststellen van een subsidie na ontvangst van de definitieve rekeningen en na afschouwing van de gedane werkzaamheden.

4. Uitbetaling geschiedt uitsluitend op een door de eigenaar in de subsidieaanvraag op te geven bankrekening.

 

Artikel 4 Weigering subsidieverlening

Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 Awb, wordt de subsidie geweigerd indien:

1. de kosten van de voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat;

2. met het treffen van de voorzieningen het belang van de monumentenzorg niet of in onvoldoende mate wordt gediend;

3. de omgevingsvergunning voor de benodigde aanpassingen aan het monument niet is verleend, voor zover is vereist;

4. het pand waaraan de voorzieningen worden getroffen bestemd is om binnen een periode van 10 jaar na de aanvraag om subsidie te worden afgebroken;

5. indien reeds voor indiening van de subsidieaanvraag gestart is met de uitvoering van de restauratie van het monumentale object;

Artikel 5 Sanctiebepalingen

Indien de eigenaar onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt of de voorschriften vastgesteld bij of krachtens deze verordening niet nakomt, kan het college van burgemeester en wethouders de subsidie intrekken.

Artikel 6 inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die waarop zij bekend is gemaakt.

Artikel 7. Slotbepaling

Deze verordening wordt aangehaald als:

“Subsidieverordening monumentale molens en monumentale kerktorens Uitgeest 2016”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de

raad van de gemeente Uitgeest op 26 mei 2016

 

de griffier, de voorzitter

”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de

raad van de gemeente Uitgeest op 26 mei 2016

 

de griffier, mevr. B.C. Slijkerman

de voorzitter, mevr. W.J.A. Verkleij

Naar boven