Burgemeester en wethouders van Zwolle maken bekend
:
Op 25 april 2016 heeft de Gemeente Zwolle een verzoek tot het vaststellen van een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting voor wegverkeerslawaai ontvangen. Dit verzoek heeft betrekking op de voorbereiding van het bestemmingsplan Binnenstad, Thorbeckegracht 82.
Uit onderzoek is gebleken (akoestische rapport kenmerk: Akoestisch onderzoek bouwplan Thorbeckegracht 82 en Friesewal te Zwolle d.d. 11 januari 2016, Buijvoets Bouw- en geluidsadvisering) dat de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuw te bouwen woningen aan de Thorbeckegracht 82, Gemeente Zwolle, sectie F, nummers 4986, 5987, 4988, 8555, 8520 (gedeeltelijk) vanwege het wegverkeerslawaai afkomstig van de A28 en de Schuttevaerkade, hoger is dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB (Lden).
Er wordt een hogere waarde verzocht voor de woningen van maximaal 51 dB (Lden).
Mogelijkheden tot inzien:
Het ontwerp van de beschikking hogere grenswaarden Wet geluidhinder met ter zake zijnde stukken liggen van 26 mei 2016 tot en met 6 juli 2016 ter inzage in het Stadskantoor. Het Stadskantoor is geopend op maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag van 9.00 tot 17.00 uur en op donderdag van 9.00 tot 19.00 uur.
Gedurende genoemde termijn kan een belanghebbende zijn zienswijze over de ontwerp- beschikking naar voren brengen, gericht aan burgemeester en wethouders, bij de Afdeling Ruimtelijke Planvorming,t.a.v. mevrouw J van den Berg,Postbus 10007, 8000 GA Zwolle.
Ook bestaat de mogelijkheid voor een ieder om gedurende genoemde termijn zijn zienswijze mondeling naar voren te brengen. Indien u van deze mogelijkheid gebruik wilt maken dient u voor 1 juli a.s.een afspraak te maken met mevrouw J. van den Berg (tel. 038 498 2396).
Beroepsmogelijkheden:
Het beroepsrecht tegen het definitieve besluit (de beschikking) is beperkt vanwege de mogelijkheid om zienswijzen in te brengen tegen het ontwerp van de beschikking. Het beroep tegen het definitieve besluit kan te zijner tijd uitsluitend worden ingesteld door:
- -
degenen die schriftelijk dan wel mondeling zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit;
- -
de betrokken adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over het ontwerp van het besluit;
- -
degenen die bedenkingen hebben tegen wijzigingen die bij het nemen van het besluit ten opzichte van het ontwerp daarvan zijn aangebracht;
- -
de belanghebbende(n) aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit.