het bestuur van Servicepunt71

 

Gelet op artikel 4a:3 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten (CAR/UWO);

met instemming van het (gemeenschappelijk) georganiseerd overleg op 23 september 2015;

besluit:

vast te stellen de navolgende

CAFETARIAREGELING SERVICEPUNT71

§ 1. Algemeen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

a.medewerker: 1. de ambtenaar als bedoeld in artikel 1, eerste lid

onderdeel a, van de CAR/UWO;

2.de werknemer op grond van artikel 2:5:1 van de

CAR/UWO;

  • b.

    eindejaarsuitkering: de uitkering als bedoeld in artikel 3:6 van de CAR/UWO;

  • c.

    vakantietoelage: de toelage als bedoeld in artikel 6:3 van de CAR/UWO;

  • d.

    LOGA: Landelijk Overleg Gemeentelijke Arbeidsvoorwaarden.

§ 2. Algemene bepalingen

Artikel 2 Algemene bepalingen bij gebruikmaking van de regeling

  • 1.

    Tenminste het minimumloon dient als salaris te worden uitbetaald, parttimers naar rato. Het uit te keren vakantiegeld dient minstens 8% van het minimumloon te bedragen.

  • 2.

    De bestedingsmogelijkheden zijn afgestemd op de belastingtechnische mogelijkheden en wijzigen als de belastingwetgeving aan de werkgever andere voorwaarden stelt.

  • 3.

    Gebruikmaking van de mogelijkheden van de cafetariaregeling heeft consequenties voor de toepassing van sociale verzekeringswetten en de pensioengrondslag

  • 4.

    Bij ontslag vindt verrekening plaats.

Artikel 3 Bestedingsmogelijkheden

Als nadere uitwerking van artikel 4a:3, tweede lid CAR/UWO worden de hieronder vermelde bestedingsmogelijkheden en voorwaarden vastgesteld:

  • 1.

    aanschaf fiets voor woon- werkverkeer:

    • a.

      de fiets moet voor het woon- werkverkeer worden gebruikt op meer dan de helft van de werkdagen;

    • b.

      aanschaf van een fiets via de cafetariaregeling kan eens per 3 kalenderjaren plaatsvinden;

    • c.

      verrekening van de aankoopprijs van de fiets kan in termijnen geschieden, met een maximum van de in het vorige lid genoemde periode van 3 kalenderjaren;

    • d.

      er geldt een maximumbedrag van € 82 per jaar, dat onbelast vanuit het salaris kan worden aangewend voor met de fiets samenhangende zaken.

    • e.

      er geldt een maximumbedrag van Є 749 per 3 jaar, dat onbelast vanuit het salaris kan worden aangewend voor de aanschaf van een fiets.

  • 2.

    studiekosten en vakliteratuur:

voor zover zij niet door het bestuur aan de medewerker worden vergoed en dus voor eigen rekening van de medewerker blijven, komen voor verrekening in aanmerking.

3.contributie vakbond:

voor zover de vakbond partij is bij het Arbeidsvoorwaardenoverleg in het LOGA komt de contributie voor verrekening in aanmerking.

Artikel 4 Fiscale uitruil reiskosten woon- werkverkeer of dienstreis

  • 1.

    Voor zover de ambtenaar voor de kosten van het woon-werkverkeer een lagere vergoeding ontvangt, dan de werkgever volgens de belastingwetgeving maximaal per kilometer onbelast mag verstrekken, kan hij verzoeken de niet benutte fiscale ruimte te ontvangen door uitruil met een beloningscomponent. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden:

    • a.

      de extra reiskosten kunnen alleen worden uitgeruild met bruto salaris, vakantiegeld of, de eindejaarsuitkering;

    • b.

      het reizen met het openbaar vervoer wordt gelijkgesteld aan het reizen met eigen vervoer;

    • c.

      bij uitdiensttreding vindt zo nodig verrekening met het nettoloon plaats;

    • d.

      bij langdurige afwezigheid, dat wil zeggen langer dan zes weken aaneengesloten, wordt de vergoeding stopgezet per de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van ziekmelding. De vergoeding wordt weer gestart vanaf de maand na de maand waarin de ambtenaar zijn (re-integratie)werkzaamheden weer heeft hervat;

    • e.

      voor de bepaling van de vrij te verstrekken bedragen zoals genoemd in sub a van dit lid, wordt gebruik gemaakt van de door de Belastingdienst aangegeven regeling, waarbij de reisafstand wordt bepaald door het woonadres en de standplaats te berekenen via Routenet.nl, waarbij wordt gekozen voor de snelste route met de auto;

    • f.

      als de enkele reisafstand tussen de woon- en standplaats meer dan 75 kilometer is, moet het aantal gewerkte dagen geregistreerd worden. Jaarlijks wordt dit, ondertekend door de ambtenaar doorgegeven aan de salarisadministratie. Als de vergoeding bovenmatig blijkt, vindt correctie plaats.

  • 2.

    De berekening van de vergoeding van de extra reiskosten woon- werkverkeer is als volgt: (dagen 214) x afstand retour per dag x € 0,19 x aantal werkdagen per week/5. Het berekende bedrag wordt verminderd met de reeds ontvangen vergoeding reiskosten woon- werkverkeer en gedeeld door 12 om de vergoeding per maand te berekenen.

  • 3.

    Bij dienstreizen wordt met behulp van de declaraties de lagere vergoeding (bv. door eerste klas reizen of met de auto reizen zonder toestemming) aangetoond, de uitbetaling hiervan leidt tot een verrekening in het lopend jaar.

  • 4.

    De vergoeding van de extra reiskosten wordt als volgt verrekend: ineens door verlaging (naar keuze van de ambtenaar) van het bruto salaris, vakantiegeld of de eindejaarsuitkering.

  • 5.

    Bij verlaging van het bruto salaris, betekent dit dat zowel de loonbelasting als de sociale verzekeringen (maar ook de bijbehorende uitkeringen) en andere loongerelateerde uitkeringen (bv. de vakantie-uitkering) lager worden.

§ 3. Overige bepalingen

Artikel 5 Datum aanvraag uitwisselen arbeidsvoorwaarden

De aanvraagdatum 1 november uit de artikelen 4a:1 en 4a:2 CAR/UWO wordt niet gehanteerd. De uitwisseling moet tenminste plaatsvinden voor 1 december in het kalenderjaar waarin de uitwisseling plaats heeft.

Artikel 6 Onvoorziene gevallen

Voor gevallen waarin deze regeling niet of niet naar billijkheid voorziet, treft het bevoegd gezag een bijzondere regeling.

Artikel 7 Slotbepalingen

1.Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug

tot en met 1 januari 2016, onder intrekking van de op 5 februari 2015 vastgestelde cafetariaregeling Servicepunt71.

2.Wijzigingen in de CAR-UWO of de belastingwetgeving die van invloed zijn op deze regeling zullen zo spoedig mogelijk na lokale bekrachtiging worden verwerkt in deze regeling.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur van Servicepunt71 op 14 april 2016.

voorzitter, waarnemend secretaris,

dhr. M.H. van der Eng dhr. R.L.W.M.R. Cortjens

Naar boven