Verordening tot tweede wijziging van de verordening op de heffing en invordering van leges 2016

 

 

De raad van de gemeente Noordwijk;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 maart 2016;

gelet op het bepaalde in de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

besluit:

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening tot tweede wijziging van de verordening op de heffing en invordering van leges 2016

ARTIKEL 1A

In de tekst van de (sub)onderdelen 2.3.1.1, 2.3.1.2, 2.3.2.8, 2.3.3.1, 2.3.4 en 2.3.5 tot en met 2.3.13 van de bij de Legesverordening Noordwijk 2016 behorende tarieventabel wordt telkens na ‘bedraagt het tarief’ toegevoegd de tekst ‘onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten’ en de (sub)onderdelen komen als volgt te luiden:

2.3.1

Bouw- en aanlegactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouw- of aanlegactiviteit

 

 

als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a of b, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.1.1.1

indien de bouw- of aanlegkosten minder bedragen dan € 50.000,00

4%

 

van de bouw- of aanlegkosten;

 

2.3.1.1.2

indien de bouw- of aanlegkosten € 50.000,00 tot € 100.000,00 bedragen

3,8%

 

van de bouw- of aanlegkosten met een minimum van

€ 2.000,00

2.3.1.1.3

indien de bouw- of aanlegkosten € 100.000,00 tot € 200.000,00 bedragen

3,3%

 

van de bouw- of aanlegkosten met een minimum van

€ 3.800,00

2.3.1.1.4

indien de bouw- of aanlegkosten € 200.000,00 tot € 1.000.000,00 bedragen

3%

 

van de bouw-of aanlegkosten met een minimum van

€ 6.600,00

2.3.1.1.5

indien de bouw- of aanlegkosten € 1.000.000,00 of meer bedragen

2,5%

 

van de bouw- of aanlegkosten met een minimum van

€ 30.000,00

 

en een maximum van

€ 300.000,00

2.3.1.2

In afwijking van het bepaalde onder 2.3.1.1. bedraagt het tarief, indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft

 

 

op een bouw- of aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a of b, van de Wabo op het terrein van ESA/Estec, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk, indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

12%

 

van de overeenkomstig 2.3.1.1.1 tot en met 2.3.1.1.5 berekende leges.

 

 

 

 

2.3.2.8

2.3.2.8.1

Verlengen instandhoudingtermijn

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlenging van de termijn als bedoeld in artikel 2.12, tweede lid

van de Wabo en artikel 5.16, lid 1 en 4 van het Besluit omgevingsrecht bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde

in de andere onderdelen van dit hoofdstuk, indien tevens sprake is van

de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 165,60

 

 

 

2.3.3

2.3.3.1

Planologisch strijdig gebruik voorafgaand aan een bouwactiviteit of een aanlegactiviteit

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1,

eerste lid, onder c, van de Wabo, welke activiteit voorafgaat aan en los staat van de overige onlosmakelijke activiteiten,

bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 3.280,00

2.3.4

2.3.4.1

2.3.4.2

2.3.4.3

2.3.4.4

2.3.4.5

2.3.4.6

2.3.5

2.3.5.1

2.3.5.2

2.3.5.3

2.3.5.4

2.3.5.5

2.3.6

2.3.6.1

2.3.6.1.1

2.3.6.1.2

2.3.6.2

2.3.7

2.3.8

2.3.9

2.3.10

a

b

c

d

2.3.11

2.3.11.1

2.3.11.2

2.3.12

2.3.13

2.3.13.1

2.3.13.2

2.3.13.2.1

2.3.13.2.2

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste

lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de

Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking of tijdelijke afwijking):

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel

4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast

(afwijking van provinciale regelgeving):

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel

4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12,

eerste lid onder c, van de Wabo wordt toegepast

(afwijking van nationale regelgeving):

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste

lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten, voor bouwwerken met een gebruiksoppervlakte:

tot en met 250 m²;

vermeerderd met € 1,44 per m² gebruiksoppervlakte

van meer dan 250 m² doch niet meer dan 1.500 m²

vermeerderd met € 0,92 per m² gebruiksoppervlakte

van meer dan 1.500 m² doch niet meer dan 7.500 m²

vermeerderd met € 0,58 per m² gebruiksoppervlakte

van meer dan 7.500 m² doch niet meer dan 15.000 m²

vermeerderd met € 0,31 per m² gebruiksoppervlakte

van meer dan 15.000 m²

vermeerderd met € 0,13 per m² gebruiksoppervlakte

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd

monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van

de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd

stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin

dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidings-besluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de

Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

Aanleggen of veranderen weg

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering

brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.1.5.2 van de

Algemene plaatselijke verordening Noordwijk een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid

onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

Uitweg/inrit

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben of veranderen van het gebruik

van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.1.5.3 van de Algemene plaatselijke

verordening Noordwijk een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo,

bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

Kappen

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand,

waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.3.2 van de Algemene plaatselijke verordening Noordwijk een

vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

als de aanvraag betrekking heeft op 1 tot en met 25 bomen

als de aanvraag betrekking heeft op 26 tot en met 50 bomen

als de aanvraag betrekking heeft op 51 tot en met 100 bomen

als de aanvraag betrekking heeft op meer dan 100 bomen

Opslag van roerende zaken

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald

gedeelte van de provincie of de gemeente, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.1.5.1 van de

Algemene plaatselijke verordening Noordwijk een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk, indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:

indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar

roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:

Handelsreclame

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een opschrift

aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, waarvoor ingevolge

een bepaling in een provinciale verordening of in artikel 4.4.2 van de Algemene plaatselijke verordening Noordwijk een vergunning of

ontheffing is vereist, en indien niet tevens sprake is van een activiteit als bedoeld in onderdeel 2.3.1 (bouw- of aanlegactiviteit) bedraagt

het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk, indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

Andere activiteiten

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of

handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke

leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van

invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of

ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning;

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag

om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en

wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste

volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager

ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

ARTIKEL 1B

In de tekst van onderdeel 2.3.2 van de bij de Legesverordening Noordwijk behorende tarieventabel wordt na ‘onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1’ toegevoegd de tekst ‘en het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten’ en het onderdeel komt als volgt te luiden:

€ 76,90

€ 165,60

€ 3.280,00

€ 3.865,00

€ 3.280,00

€ 3.280,00

€ 140,10

€ 338,55

€ 1.031,00

€ 3.420,00

€ 7.557,00

€ 76,90

€ 76,90

€ 76,90

€ 76,90

€ 293,00

€ 117,45

€ 29,30

€ 58,55

€ 117,10

€ 234,25

€ 117,15

€ 117,15

€ 263,65

€ 110,40

€ 110,40

2.3.2

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid

 

 

onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het

 

 

tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 en het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.2.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 76,90

2.3.2.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking of tijdelijke afwijking)

€ 165,60

2.3.2.2.a

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast bij een buitenplanse kleine afwijking en de activiteit past

 

 

binnen het door het college vastgestelde ontheffingenbeleid zoals vastgelegd in de 'Beleidsregels Kruimelgevallen'

50%

 

van de ingevolge 2.3.2.2 verschuldigde leges

 

2.3.2.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

0,64%

 

van de bouwkosten, met een maximum van

€ 10.875,00

2.3.2.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 3.865,00

2.3.2.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel

 

 

4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12,

eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van

 

 

provinciale regelgeving):

0,64%

 

van de bouwkosten, met een maximum van

€ 10.875,00

2.3.2.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens

 

 

artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast

 

 

(afwijking van nationale regelgeving):

0,64%

 

van de bouwkosten, met een maximum van

€ 10.875,00

2.3.15

2.3.15.1

2.3.16

2.3.16.1

2.3.16.1.1

2.3.16.1.2

ARTIKEL 1C

In de tekst van de (sub)onderdelen 2.3.15.1 en 2.3.16.1 van de bij de Legesverordening Noordwijk behorende tarieventabel wordt de verwijzing naar ‘voorgaande onderdelen’ vervangen door ‘andere onderdelen’ en de subonderdelen komen als volgt te luiden:

Advies over de aanvraag en daarbij overgelegde stukken

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk

voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag, de concept aanvraag of het

ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevings-vergunning, alsmede de daarbij overgelegde rapporten en andere

voor de beoordeling van de aanvraag relevante informatie en stukken, het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de

aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager

meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Verklaring van geen bedenkingen

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of

algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de

omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen

van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college

van burgemeester en wethouders is opgesteld.

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het

in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die

door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

ARTIKEL 2

De bepaling die ingevolge de artikelen 1A, 1B en 1C worden gewijzigd, blijven van toepassing op de belastbare feiten die zich voor de in artikel 3, tweede lid, genoemde datum hebben voorgedaan.

ARTIKEL 3

 

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van de ingang van heffing is 8 april 2016.

ARTIKEL 4

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening tot tweede wijziging Legesverordening Noordwijk 2016”.

Aldus vastgesteld in de openbare

raadsvergadering van 7 april 2016

R.S. van Belzen, J. Rijpstra,

griffier voorzitter

Naar boven