SUBSIDIEREGELING AMATEURKUNST 2015

 

Op 14 juli 2015 heeft het college van burgmeester en wethouders de ' Subsidieregeling Amateurkunst 2015' vastgesteld. Dit besluit is op 20 juli 2015 in het Gemeenteblad bekendgemaakt. Deze bekendmaking bevatte niet de volledige tekst van de subsidieregeling. De volledige tekst treft u hieronder aan.

 

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem;

Gelet op artikel 4:23 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 4 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem 2002;

 

B E S L U I T

vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de Subsidieregeling Amateurkunst en de Subsidieregeling Extra Activiteiten Amateurkunst:

 

Subsidieregeling Amateurkunst 2015

 

Artikel 1: Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    amateurkunst: kunst die uit liefhebberij, dat wil zeggen niet beroepsmatig, wordt bedreven;

  • b.

    instelling: een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die zich ten doel stelt om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten ten behoeve van de ingezetenen van de gemeente Arnhem op het gebied van amateurkunst;

  • c.

    actieve leden: contributie betalende leden van een vereniging, die de artistieke activiteiten van de instelling mede uitvoeren dan wel bestuurlijk actief zijn, of deelnemers aan de artistieke activiteiten van een stichting die hieraan een financiële bijdrage leveren. De artistieke leiders, commissarissen, ereleden en dergelijke worden niet als zodanig aangemerkt;

  • d.

    kunstcategorieën: categorieën van kunstuitingen te onderscheiden in:

    • muziek: grote gezelschappen, orkestmuziek, majorettekorpsen;

    • zang: alle koren;

    • theater/dans: alle cultuuruitingen die tot theater, muziek- of bewegingstheater en dans gerekend kunnen worden;

    • overige: beeldende kunst, audiovisueel, nieuwe media, literatuur en mengvormen van

      deze disciplines.

  • e.

    artistieke leiding: een dirigent, instructeur, regisseur, choreograaf, tentoonstellingsmaker, en dergelijke die een erkende opleiding volgt of heeft gevolgd;

  • f.

    activiteit: de artistiek gerichte uitvoerende activiteiten van een instelling met een openbaar karakter;

  • g.

    openbaar karakter: een door de instelling georganiseerde openbare, voor publiek toegankelijke activiteit waaraan door middel van publiciteit bekendheid wordt gegeven, bijvoorbeeld via de media, affiches en programmabladen. Optredens op bedrijfsfeesten, serenades etc. worden niet als openbare optredens gezien;

  • h.

    jeugdige/jeugdlid: een actief lid van de instelling dat de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt;

  • i.

    het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem;

  • j.

    de wet: de Algemene Wet Bestuursrecht;

  • k.

    ASV: Algemene Subsidieverordening Arnhem 2002.

 

Artikel 2: Toepassingsbereik

  • 1.

    Op de in artikel 4, eerste lid van de ASV genoemde beleidsterrein Cultuur – Amateurkunst kan het college eens per jaar subsidie verstrekken aan instellingen die activiteiten met een openbaar karakter op het gebied van amateurkunst verrichten.

  • 2.

    Om voor de subsidie in aanmerking te komen dient een instelling aan alle volgende voorwaarden te voldoen:

    • a.

      minimaal 1 jaar actief op het gebied van de amateurkunst;

    • b.

      gevestigd in Arnhem, blijkend uit de statuten;

    • c.

      voor de leden van de instelling dient een contributieplicht te bestaan;

    • d.

      de instelling werkt onder leiding van gekwalificeerde artistieke leiding;

    • e.

      de instelling heeft minimaal 10 actief betalende leden;

    • f.

      de instelling heeft geen subsidie van de gemeente in het betreffende subsidiejaar ontvangen op grond van een andere regeling.

 

Artikel 3: Subsidieplafond

Het college stelt voorafgaand aan het subsidiejaar voor een periode van één jaar het subsidieplafond vast.

 

Artikel 4: Subsidieaanvraag

  • 1.

    De subsidieaanvraag wordt ingediend tussen 1 juni en 1 juli voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, met dien verstande dat de indieningstermijn voor het subsidiejaar 2016 tussen 1 september 2015 - 1 oktober 2015 is gelegen.

  • 2.

    De aanvrager maakt bij indiening van de aanvraag gebruik van een door het college vast te stellen en te verstrekken aanvraagformulier.

  • 3.

    Een aanvraag wordt in behandeling genomen indien is bijgevoegd:

    • a.

      een volledig ingevuld en ondertekend subsidieformulier;

    • b.

      een kopie van het Curriculum Vitae van de artistieke leiding;

    • c.

      de jaarrekening van het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar waar in de subsidie wordt aangevraagd;

    • d.

      een begroting voor het komende subsidiejaar;

    • e.

      (optioneel) jeugdplan waarin omschreven staat welke activiteiten (minimaal 2) er ondernomen worden in het subsidiejaar gericht op de actieve werving van jeugdleden.

       

Artikel 5: Verlening en vaststelling van de subsidie

  • 1.

    Na het einde van de indieningstermijn als bedoeld in artikel 4, eerste lid, beoordeelt het college of de volledige aanvragen in aanmerking komen voor subsidiëring. Het college beslist uiterlijk binnen 3 maanden na ontvangst van de aanvraag op de subsidieaanvraag. Het college maakt deze beslissing schriftelijk bekend aan de aanvrager binnen drie weken nadat zij is genomen. De verleningsbeschikking is tevens de vaststellingsbeschikking.

  • 2.

    Aanvragen om subsidie kunnen worden gehonoreerd tot een maximum bedrag, afhankelijk van de kunstcategorie waarin de instelling actief is en met dien verstande dat geen hoger bedrag aan subsidie wordt verstrekt dan de aanvraag vermeldt:

    • a.

      Muziek

      tot een maximum van € 4.000,-

    • b.

      Theater/dans

      tot een maximum van € 4.000,-

    • c.

      Zang

      tot een maximum van € 2.000,-

    • d.

      Overige disciplines

      tot een maximum van € 2.000,-.

  • 3.

    Het subsidiebedrag als bedoeld in het tweede lid kan worden verhoogd met € 500 indien bij de subsidieaanvraag een jeugdplan is gevoegd. Dit jeugdplan beschrijft minimaal twee activiteiten die zijn gericht op werving van jeugdleden en geeft, voor zover van toepassing, een terugblik (met resultaten) op een eerder uitgevoerd jeugdplan.

  • 4.

    Indien het totaal van de voor subsidie in aanmerking komende subsidieaanvragen (inclusief de eventuele verhoging van het subsidiebedrag als bedoeld in het derde lid) het subsidieplafond overschrijdt, zal verdeling naar rato plaatsvinden.

  • 5.

    Betaling van het subsidiebedrag vindt plaats zo spoedig mogelijk na verzending van de beschikking.

     

Artikel 6: Weigeringsgronden

De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4:25 en 4:35 van de wet genoemde gevallen in ieder geval geweigerd worden indien:

  • 1.

    gegronde reden bestaat aan te nemen dat:

    • a.

      de activiteiten van de aanvrager niet in voldoende mate in het algemeen gemeentelijk belang zijn;

    • b.

      de aanvrager ook zonder subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken;

    • c.

      de activiteiten zoals blijkt uit de ingediende begroting een onvoldoende betrouwbare

    • d.

      financiële basis hebben;

    • e.

      de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;

    • f.

      de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;

    • g.

      de activiteiten een politiek, godsdienstig of levensbeschouwelijk karakter hebben

  • 2.

    de aanvraag niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet.

     

Artikel 7: Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend en het subsidieplafond wordt vastgesteld onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de raad van de gemeente Arnhem.

 

Artikel 8: Verplichting

Bij een besluit tot subsidieverlening wordt aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opgelegd:

  • a.

    de instelling verricht minimaal 1 (semi-) openbaar optreden per jaar in de gemeente Arnhem;

  • b.

    de subsidieontvanger verleent alle medewerking aan evaluatie en monitoring;

  • c.

    de subsidieontvanger meldt onmiddellijk iedere wijziging ten opzichte van de gegevens die bij de aanvraag zijn overgelegd.

     

Artikel 9: Afwijkingsbevoegdheid

Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van een aanvrager afwijken van een of meerdere bepalingen van deze regeling.

 

Artikel 10: Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking ervan.

 

Artikel 11: Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Amateurkunst 2015.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van

De secretaris, De burgemeester,

Naar boven