Verordening krediethypotheek en pandrecht WIHW 2016

 

Hoofdstuk 1 Krediethypotheek

De gemeenteraad van de gemeente Korendijk;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 januari 2016;

gelet op artikel 50 van de Participatiewet;

overwegende dat het noodzakelijk is, het verstrekken van uitkeringen ingeval van een eigen woning bij verordening te regelen;

besluit vast te stellen:

de Verordening krediethypotheek en pandrecht WIHW 2016

Artikel 1
  • 1.

    Indien voor de belanghebbende die eigenaar is van een door zichzelf of zijn gezin bewoonde woning met bijbehorend erf, recht op bijstand bestaat als bedoeld in artikel 50, eerste lid van de Participatiewet en die bijstand de vorm heeft van een geldlening, als bedoeld in artikel 50, tweede lid van de Participatiewet, wordt die verleend onder verband van hypotheek.

  • 2.

    Indien bijzondere bijstand wordt verleend, kan het college, wanneer wordt voldaan aan de in artikel 50, tweede lid van de Participatiewet genoemde voorwaarden, deze bijstand verstrekken in de vorm van een geldlening, onder verband van hypotheek.

  • 3.

    Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing op de zelfstandige.

  • 4.

    Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de voorwaarden waaronder bijstand in de vorm van een geldlening in verband van hypotheek wordt verleend.

Hoofdstuk 2 Pandrecht

Artikel 2
  • 1.

    Indien voor belanghebbende die eigenaar is van een door zichzelf of zijn gezin bewoonde woonwagen met bijbehorend erf of een bewoond woonschip onder een bepaald tonnage met bijbehorend erf, overeenkomstig het bepaalde in artikel 50, eerste lid van de Participatiewet recht op bijstand bestaat en die bijstand de vorm heeft van een geldlening, als bedoeld in artikel 50, tweede lid van de Participatiewet, wordt die verleend onder vestiging van een pandrecht.

  • 2.

    Indien bijzondere bijstand wordt verleend, kan het college, wanneer wordt voldaan aan de in artikel 50, tweede lid van de Participatiewet genoemde voorwaarden, deze bijstand verstrekken in de vorm van een geldlening onder vestiging van een pandrecht.

  • 3.

    Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing op de zelfstandige.

  • 4.

    Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de voorwaarden waaronder bijstand in de vorm van een geldlening onder vestiging van een pandrecht wordt verleend.

Hoofdstuk 3 Meewerkingsplicht en Afstemming

Artikel 3
  • 1.

    Het college verbindt aan de verlening van bijstand onder verband van hypotheek c.q. onder vestiging van pandrecht, als bedoeld in artikel 1 en 2, de verplichting dat de belanghebbende meewerkt aan de vestiging van hypotheek dan wel pandrecht.

  • 2.

    Indien belanghebbende in een voorkomend geval niet meewerkt aan het vestigen van de hypotheek c.q. pandrecht, dan dient de bijstand in zijn geheel te worden geweigerd vanaf de ingangsdatum van de bijstand. Reeds verleende bijstand is terstond opeisbaar.

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 4

Deze verordening wordt aangehaald als:

‘Verordening krediethypotheek en pandrecht WIHW 2016

Artikel 5

De ‘Verordening krediethypotheek en pandrecht WIHW 2016’ treedt in werking op de dag na publicatie en heeft terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2016.

Besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Korendijk

d.d. 16 februari 2016

de griffier, de voorzitter,

drs. A. Goslings drs. S. Stoop

Naar boven