Gemeenteblad van Renkum
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Renkum | Gemeenteblad 2016, 23407 | Verordeningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Renkum | Gemeenteblad 2016, 23407 | Verordeningen |
Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum 2015
De raad van de gemeente Renkum;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum];
gelet op de artikelen 2.1.3, 2.1.4, [eerste, tweede,] derde en zevende lid, [2.1.5, eerste lid,] 2.1.6, [2.1.7, 2.3.6, vierde lid,] en 2.6.6, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
gelet op de kadernota Sociaal Domein gemeente Renkum;
gezien het advies van Commissie Inwoners;
|
burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen voor de wijze waarop zij hun leven inrichten en deelnemen aan het maatschappelijk leven; |
besluit vast te stellen de Verordening maatschappelijke ondersteuningRenkum
Hoofdstuk 1. Begripsomschrijvingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Hoofdstuk 2. Melding, gesprek en aanvraag
|
Een ondersteuningsvraag kan door of namens een cliënt vorm vrij bij het college worden gemeld. |
|
|
Het college bevestigt schriftelijk de ontvangst van de melding en maakt zo spoedig mogelijk een afspraak voor een gesprek. |
|
Het college onderzoekt in een gesprek tussen deskundigen en degene door of namens wie de melding is gedaan, dan wel diens vertegenwoordiger en waar mogelijk met de mantelzorger of mantelzorgers en desgewenst familie, zo spoedig mogelijk en voor zover nodig:
|
|||||||||||||
|
Als de gegevens van de cliënt en zijn situatie genoegzaam bekend zijn, kan het college onverminderd het bepaalde in artikel 2.3.2 van de wet, afzien van een gesprek. |
|
Het college zorgt voor schriftelijke verslaglegging van het onderzoek. |
|
|
Het college stelt nadere regels over de verslaglegging van het onderzoek. |
|
Het college kan een door hem daartoe aangewezen adviseur om advies |
|
|
De cliënt, zijn huisgenoten en andere betrokkenen zoals mantelzorgers verlenen hun medewerking aan de totstandkoming van een door de adviseur uit te brengen advies. |
|
|
Het college kan ter uitvoering van het in dit artikel bepaalde nadere regels stellen. |
|
Een cliënt of zijn gemachtigde of vertegenwoordiger kan een aanvraag om een maatwerkvoorziening schriftelijk of elektronisch indienen bij het college. |
|
|
Het college kan ter uitvoering van het in dit artikel bepaalde nadere regels stellen. |
Hoofdstuk 3. Maatwerkvoorziening
Artikel 7 Criteria voor maatwerkvoorziening
|
Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening: iv. met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; v. lgemeente voorzieningen. van a De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het in het voorgaande hoofdstuk bedoelde gesprek, een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven, en/of
iv. met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; v. met gebruikmaking van algemene voorzieningen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het in het voorgaande hoofdstuk bedoelde gesprek, een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zich zo snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving. |
|||
|
Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van het in het eerste lid bepaalde. |
Artikel 8 Voorwaarden en weigeringsgronden
|
Geen maatwerkvoorziening wordt verstrekt:
|
|||||||||||
|
Geen maatwerkvoorziening gericht op zelfredzaamheid en participatie wordt verstrekt indien de cliënt geen ingezetene is van de gemeente Renkum. |
|||||||||||
|
Geen woonvoorziening wordt verstrekt
|
|||||||||||
|
Een cliënt kan voor een maatwerkvoorziening voor vervoer in aanmerking komen wanneer beperkingen, chronische psychische problemen of psychosociale problemen het gebruik van een collectief systeem onmogelijk maken, dan wel slechts gedeeltelijk mogelijk maken, dan wel wanneer een collectief systeem niet aanwezig is. |
|||||||||||
|
Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van het in lid 2, 3 en 4 bepaalde. |
Het college stelt nadere regels over de inhoud van de beschikking.
|
Het college verstrekt een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet; |
|
|
Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de cliënt voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. |
|
|
|
|
|
De hoogte van een pgb voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten |
|
|
Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk op voorwaarde dat dit doelmatiger is dan het betrekken van ondersteuning van een persoon buiten het sociale netwerk, gelet op |
|
|
Een pgb wordt niet besteed aan tussenpersonen en belangenbehartigers. |
|
|
Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van het bepaalde in dit artikel. |
Het college onderzoekt, al dan niet steekproefsgewijs, of de verstrekte voorzieningen worden gebruikt of besteed ten behoeve van het doel waarvoor ze verstrekt zijn.
Hoofdstuk 4. Bijdrage in de kosten
Artikel 12 Bijdrage in de kosten
|
Een cliënt kan een bijdrage in de kosten verschuldigd zijn voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning. |
|||
|
Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening, in natura of in de vorm van een pgb. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening in natura of in de vorm van een pgb: |
|||
|
Het totaal van de bijdragen voor een maatwerkvoorziening in natura of in de vorm van een pgb gaat de kostprijs niet te boven. |
|||
|
Het college kan bij nadere regeling bepalen:
|
|||
|
Het college bepaalt bij nadere regeling: |
Hoofdstuk 5. Wijzigingen in de situatie, intrekking en terugvordering
Artikel 13 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
|
Onverminderd artikel 2.3.8 van de wet doet een cliënt aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beschikking als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de wet. |
|
|
Onverminderd artikel 2.3.10 van de wet kan het college een beschikking als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de wet herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: |
|
|
Een beschikking als bedoeld in artikel 9 kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. |
|
|
Als het college een beschikking op grond van het tweede lid, onder a, d en e heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens door de cliënt opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van de cliënt en degene die daaraan opzettelijk zijn medewerking heeft verleend, geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening in natura of het ten onrechte genoten pgb. |
|
|
Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte maatwerkvoorziening is ingetrokken, kan deze maatwerkvoorziening worden teruggevorderd. |
|
|
Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte maatwerkvoorziening is ingetrokken, kan deze maatwerkvoorziening worden teruggevorderd. |
Hoofdstuk 6. Kwaliteit en veiligheid
Artikel 14 Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning
|
Aanbieders zorgen voor een goede kwaliteit van voorzieningen, waaronder voldoende deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen, door: |
|
|
Het college kan nadere regels stellen over verdere eisen aan de kwaliteit van voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen. |
|
|
Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek en het zo nodig in overleg met de cliënt ter plaatse controleren van de geleverde voorzieningen. |
Artikel 15 Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door derden
|
Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren diensten, in ieder geval rekening met: |
|
|
Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren overige voorzieningen, in ieder geval rekening met: i. aanmeten, leveren en plaatsen van de voorziening; ii. instructie over het gebruik van de voorziening; |
Artikel 16 Meldingsregeling calamiteiten en geweld
|
Het college treft een regeling voor het melden van calamiteiten en geweldsincidenten bij de levering van een voorziening door een aanbieder en wijst een toezichthoudend ambtenaar aan. |
|
|
Aanbieders melden iedere calamiteit en ieder geweldsincident dat zich heeft voorgedaan bij de verstrekking van een voorziening onverwijld aan de toezichthoudend ambtenaar. |
|
|
De toezichthoudend ambtenaar, bedoeld in artikel 6.1, van de wet, doet onderzoek naar de calamiteiten en geweldsincidenten en adviseert het college over het voorkomen van verdere calamiteiten en het bestrijden van geweld. |
Hoofdstuk 7 Waardering mantelzorgers en tegemoetkoming meerkosten
Artikel 17 Jaarlijkse waardering mantelzorgers
Het college bepaalt bij nadere regeling waaruit de jaarlijkse blijk van waardering voor mantelzorgers van cliënten in de gemeente bestaat.
Artikel 18 Tegemoetkoming meerkosten personen met een beperking of chronische problemen
|
Het college kan op aanvraag van personen met een beperking of chronisch psychische of psychosociale problemen die daarmee verband houdende aannemelijke meerkosten hebben, een tegemoetkoming verstrekken ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en de participatie. |
|
Hoofdstuk 8 Klachten, medezeggenschap en inspraak
|
Aanbieders dienen te beschikken over een regeling voor de afhandeling van klachten van cliënten ten aanzien van geleverde diensten of voorzieningen. |
|
|
Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders en een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek |
|
Aanbieders dienen te beschikken over een regeling voor de medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder die voor de gebruikers van belang zijn ten aanzien van geleverde diensten of voorzieningen. |
|
|
Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders en een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek. |
Artikel 21 Betrekken van ingezetenen bij het beleid
|
Het college betrekt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval cliënten of hun vertegenwoordigers, bij de voorbereiding van het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning, overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. |
|
|
Het college stelt ingezetenen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende maatschappelijke ondersteuning, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. |
|
|
Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning. |
Hoofdstuk 9 Overgangsrecht en slotbepalingen
Het College indexeert jaarlijks, voor het eerst op 1 januari 2016, de in het kader van deze verordening en het op deze verordening berustende besluit geldende bedragen aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie.
|
Een cliënt houdt recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum van januari 2013, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen. |
|
|
Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum van januari 2013 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening. |
|
|
Een beslissing op een bezwaarschrift tegen een besluit op grond van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum van januari 2013, geschiedt op grond van die Verordening die ten aanzien van de betreffende zaak zijn rechtskracht behoudt. |
|
|
Van het in lid 2 en 3 gestelde kan in bijzondere omstandigheden ten gunste van de cliënt worden afgeweken. |
Artikel 24 Inwerkingtreding, intrekking en citeertiel
|
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015, onder gelijktijdige intrekking van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum van januari 2013. |
|
|
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Renkum 2015. |
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 29 oktober 2014
DE RAAD VAN DE GEMEENTE RENKUM
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-23407.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.