Gemeenteblad van Utrecht

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
UtrechtGemeenteblad 2016, 188312Verordeningen



Verordening Leges Omgevingsvergunning 2017 gemeente Utrecht

De raad van de gemeente Utrecht;

gelezen het voorstel van het college vanburgemeester en wethouders van 15 november 2016 gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet

gezien het advies van de commissie Mens en Samenleving van 15 december 2016;

besluit vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en de invordering van Leges Omgevingsvergunning 2017, alsmede de daarbij behorende tarieventabel 2017

(Verordening Leges Omgevingsvergunning 2017)

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand;

  • d.

    ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘Leges omgevingsvergunning’ worden rechten geheven voor het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst als bedoeld in artikel 2 dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Tarieven en heffingsmaatstaven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, (elektronische) nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Onder toezending van de schriftelijke kennisgeving wordt mede verstaan verzending langs elektronische weg.

Artikel 6 Termijnen van betaling

  • 1.

    De leges moeten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 5:

    • a.

      mondeling wordt gedaan op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan op het moment van uitreiking van de kennisgeving dan wel in geval van toezending daarvan

      • 1.

        per post, binnen veertien dagen na dagtekening van de kennisgeving

      • 2.

        langs elektronische weg, onverwijld.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 7 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 8 Teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke teruggave van leges ter zake van een in de tarieventabel omschreven dienst wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet (Stb. 1994, 762) en overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de bij deze verordening behorende tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 9 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 10 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De Leges Omgevingsverordening 2016 van 12 november 2015 (Gemeenteblad 2015, nr. 16), wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan en op belastbare feiten waarop de Wet ruimtelijke ordening of de Woningwet zoals deze luidden voor inwerkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht nog moeten worden toegepast.

  • 2.

    Deze verordening treedt in per 1 januari 2017.

  • 3.

    De datum van ingang van heffing is 1 januari 2017.

  • 4.

    De in paragraaf 1 genoemde normbladen worden bekendgemaakt door terinzagelegging op het Stadskantoor, Stadsplateau 1 te Utrecht.

  • 5.

    Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening Leges omgevingsvergunning 2017.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad, gehouden op 22 december 2016.

De griffier,

mr. M. van Hall

De burgemeester,

mr. J.H.C. van Zanen

Tarieventabel behorende bij de verordening Leges omgevingsvergunning 2017  

1 Bebouwde omgeving: Omgevingsvergunning

Paragraaf 1: Begripsomschrijvingen

 

1.1.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

1.1.1.

in vesteringskosten: de investeringskosten als genoemd in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad

 

laatstelijk is vervangen of gewijzigd.

 

Indien het inrichten geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in dit hoofdstuk onder investering nodig voor

 

de uitvoering verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch

 

verkeer zou moeten worden betaald voor het uitvoeren van het werk waarop de aanvraag betrekking heeft.

1.1.2.

bouwkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting,

 

bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve

 

Voorwaarden voor de uitvoering van werken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in dit

 

hoofdstuk onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde

 

in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft

1.1.3.

s l oopkosten: de aannemingsom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve

 

Voorwaarden voor de uitvoering van werken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van

 

de sloopkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in dit hoofdstuk onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft

1.1.4.

Wabo: de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.1.5.

In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

1.1.6.

In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo

 

zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor

 

het toetsingkader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

Paragraaf 2: Indicatie aanvraag omgevingsvergunning

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een

aanvraag:

 

 

2.1.

voor het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project

 

 

 

in het kader van de Wabo vergunbaar is

EUR

309,50

 

Paragraaf 3: Omgevingsvergunning

 

3.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om

 

een omgevingsvergunning voor een project: de som van de

 

verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in deze paragraaf en paragraaf 4 van dit hoofdstuk.

 

In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

3. 1.

Bouwactiviteiten

 

 

3.1.1

     

3.1.2.

 

Indien de aanvraag om een vergunning betrekking heeft op

een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a van de Wabo, bedraagt het tarief:

indien de bouwkosten minder dan € 1.000.000 bedragen

 

         

 

2,26%

 

van de bouwkosten, met een minimum van:

EUR

133,30

3.1.3.

indien de bouwkosten € 1.000.000 tot € 5.000.000 bedragen

 

1,99%

 

van de bouwkosten, met een minimum van:

EUR

22.600,00

3.1.4.

indien de bouwkosten € 5.000.000 tot € 50.000.000 bedragen

 

1,75%

 

van de bouwkosten, met een minimum van

EUR

107.000,00

3.1.5.

indien de bouwkosten meer dan € 50.000.000 bedragen

EUR

970.000,00

 

vermeerderd met

berekend over de bouwkosten meer dan € 50.000.000

 

0,15%

 

3.1.2.

 

Achteraf ingediende aanvraag

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 3.1.1. bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend

na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit

 

         

150%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges,

met een minimum van

 

EUR

 

277,45

 

3.2.

 

Aanlegactiviteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

EUR

309,50

 

3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,

 

onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo,

 

bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 3.1.:

3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 (binnenplanse

 

 

 

afwijking), 2 (buitenplanse kleine afwijking) of 3 (buitenplanse afwijking) van de Wabo, dan wel artikel 2.12, tweede lid (tijdelijke afwijking), van de Wabo, artikel 2.12, eerste lid, onder b (afwijking van exploitatieplan) van de Wabo of artikel 2.12, eerste lid, onder d (afwijking van een voorbereidingsbesluit) van de Wabo

 

 

 

wordt toegepast

 

16%

 

van het op grond van onderdeel 3.1.1 verschuldigde bedrag met

 

 

 

een minimumbedrag van

EUR

309,50

3.3.2.

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld

 

 

 

krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening

 

 

 

en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast

 

16%

 

van het op grond van onderdeel 3.1.1 verschuldigde bedrag

 

 

 

met een minimumbedrag van

EUR

309,50

 

3.3.3.

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de

 

 

activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens

 

artikel 4.3, derde lid , van de Wet ruimtelijke ordening en artikel

 

2.12, eerste lid onder c, van de Wabo wordt toegepast

 

16%

 

van het op grond van onderdeel 3.1.1. verschuldigde bedrag

 

 

 

met een minimumbedrag van

EUR

309,50

 

3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit,

noch zal zijn

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake zal zijn van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

3.4.1

 

 

 

 

artikel 2.12, eerste lid onder b (afwijking van een exploitatieplan)

 

 

 

of d (afwijking van een voorbereidingsbesluit) van de Wabo

 

 

 

wordt toegepast

EUR

309,50

 

 

3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3 van de Wabo

 

 

 

wordt toegepast (buitenplanse afwijking) bij een investering

 

 

 

nodig voor de uitvoering:

 

 

 

Categorie A: > EUR 0 en ≤ EUR 100.000

EUR

9.074,10

 

Categorie B: > EUR 100.000 en ≤ EUR 1.000.000

EUR

15.052,45

 

Categorie C: > EUR 1.000.000 en ≤ EUR 10.000.000

EUR

25.301,25

 

Categorie D: > EUR 10.000.000 en ≤ EUR 20.000.000

EUR

36.618,75

 

Categorie E: > EUR 20.000.000 en ≤ EUR 50.000.000

EUR

51.351,10

 

Categorie F: > EUR 50.000.000

EUR

59.038,50

3.4.3

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft,

 

 

 

de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens

 

 

 

artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en

 

 

 

artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt

 

 

 

toegepast (afwijking van provinciale regelgeving)

EUR

309,50

 

3.4.4

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft,

 

 

de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld

 

 

 

krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke

 

 

 

ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo

 

 

 

wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving)

EUR

309,50

 

 

3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

 

3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,

 

 

 

onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief

EUR

651,15

 

 

3.5.2

Het tarief genoemd onder 3.5.1. wordt verhoogd voor een

 

 

 

bouwwerk of inrichting met een oppervlakte van:

 

 

3.5.2.1

0 t/m 100 m2

EUR

432,25

3.5.2.2

101 m2 t/m 500 m2

EUR

432,25

 

vermeerderd per m2 boven het aantal van 100 m2 met

EUR

2,66

3.5.2.3

501 m2 t/m 2.000 m2

EUR

1.496,25

 

vermeerderd per m2 boven het aantal van 500 m2 met

EUR

1,39

3.5.2.4

2.001 m2 t/m 5.000 m2

EUR

3.581,25

 

vermeerderd per m2 boven het aantal van 2.000 m2 met

EUR

0,41

3.5.2.5

5.001 m2 t/m 50.000 m2

EUR

4.811,25

 

vermeerderd per m2 boven het aantal van 5.000 m2 met

EUR

0,07

3.5.2.6

meer dan 50.000 m2

EUR

7.961,25

 

vermeerderd per m2 boven het aantal van 50.000 m2

EUR

0,01

 

 

3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

 

3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, vande

Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo metbetrekking tot een krachtens provinciale verordening of de Monumentenverordening aangewezen monument, waarvoor op grond

van die provinciale verordening of van die

gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is

vereist, bedraagt het tarief voor het wijzigen van een monument

 

 

 

 

 

1,13%

 

van de kosten van de uit te voeren werkzaamheden, met een

minimum van

 

EUR

 

136,35

 

 

3.6.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

 

 

 

heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads-

 

of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van

 

de Wabo, op het slopen van een bouwwerk in een krachtens provinciale

 

verordening of de gemeentelijke verordening aangewezen

 

stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder c,

 

van de Wabo, waarvoor op grond van die provinciale verordening

 

of van die gemeentelijke verordening een vergunning

 

of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief

 

2,20%

 

van de kosten van de uit de voeren werkzaamheden, met een

 

 

 

minimum van

EUR

136,35

 

met een maximum van

EUR

13.635,00

 

3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft

op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in

 

 

 

een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald bedoeld inartikel 2.1, eerste lid, onder g, vande Wabo

 

 

 

bedraagt het tarief:

EUR

309,50

 

 

3.8

 

Uitweg/inrit

 

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning

betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of

veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of

de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid,

aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief

               

 

 

EUR

               

 

 

290,65

 

3.9

               

3.9.1

 

Kappen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief

indien de aanvraag betrekking heeft op maximaal vijf bomen

                   

 

 

EUR

                   

 

 

540,85

3.9.2

indien de aanvraag betrekking heeft op meer dan vijf bomen

geldt het tarief van 3.9.1 voor de eerste vijf bomen vermeerderd

voor elke boom meer dan vijf bomen op dezelfde locatie in hetzelfde project

 

 

EUR

       

 

15,00

 

3.10

 

Handelsreclame

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op het aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als

bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder h, van de Wabo, bedraagt het tarief

                         

 

 

EUR

                         

 

 

151,55

 

per m2 voor handelsreclame bestemde oppervlakte

met een minimum van

 

EUR

 

136,35

 

en een maximum van

EUR

4.900,20

 

 

3.11.

Projecten of handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming

 

 

3.11.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voorde dieren of planten

 

 

 

als bedoeld in de Wet nauurbescherming, bedraagt het tarief

EUR

309,50

 

 

3.11.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

 

 

 

heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen

 

 

 

met gevolgen voor habitats en soorten in een door de minister

 

 

 

van landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen gebied

 

 

 

als bedoeld in de Wet natuurbescherming, bedraagt het tarief

EUR

309,50

 

 

3.12.

Handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op een handeling waarvoor op grond van de Wet natuurbescherming

ontheffing nodig is, bedraagt het tarief

 

 

 

EUR

 

 

       

309,50

 

3.13.

           

3.13.1

 

Andere activiteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking

heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen

 

 

 

categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke

leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief

     

EUR

     

309,50

3.13.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke

verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief

         

EUR

         

309,50

 

3.14.

       

3.14.1

 

Omgevingsvergunning in twee fasen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid,

van de Wabo, bedraagt het tarief:

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een

 

 

         

3.14.2

beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat

voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase

betrekking heeft.

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een

 

 

 

beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag

dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk

voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

3.15.

 

Advies

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning

                 

EUR

                 

309,50

 

3.16.

 

Verklaring van geen bedenkingen

Indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven bedraagt het tarief

     

EUR

     

309,50

 

Paragraaf 4 Vermindering

 

4.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten waarvoor leges zijn verschuldigd, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen, handelingen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 3.11, 3.12, 3.15 en 3.16 bedraagt de vermindering bij vijf en meer activiteiten waarvoor leges

 

 

verschuldigd zijn

5%

 

van de voor de activiteiten verschuldigde leges.

 

4.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de onderdelen 3.1 en 3.3 betrekking heeft op

 

4.2.1

de nieuwbouw van woningen met een EPC ≤ 0, bedraagt de vermindering

50%

 

van de verschuldigde leges.

 

4.2.2

de nieuwbouw van woningen met een EPC ≤ -2, bedraagt de vermindering

100%

 

van de verschuldigde leges.

 

4.2.3

de nieuwbouw van gebruiksfuncties, waarvoor in het Bouwbesluit art 5.2

 

 

een grenswaarde voor de energieprestatiecoëfficiënt is gegeven, met een gewogen EPC minimaal 50% scherper dan de norm uit het Bouwbesluit,

 

 

bedraagt de vermindering

50%

 

van de verschuldigde leges.

 

4.2.4  

de verbouw van woningen en gebruiksfuncties, waarvoor in het Bouwbesluit art 5.2 een grenswaarde voor de energieprestatiecoëfficiënt is gegeven, met een gewogen EPC minimaal 75% scherper dan de bestaande gewogen EPC,

 

 

bedraagt de vermindering

50%

 

van de verschuldigde leges.

 

4.2.5

de realisatie van een grondgebonden zonne-energiesysteem, bedraagt de

 

 

vermindering

50%

 

van de verschuldigde leges.

 

4.2.6

een initiatief dat anderszins een bijdrage levert aan de gemeentelijke

 

 

duurzaamheidsdoelstellingen, bedraagt de vermindering maximaal 100% van de verschuldigde leges. Hierbij staat de vermindering in verhouding tot de bijdrage aan de gemeentelijke duurzaamheidsdoelstellingen.

 

.

 

 

 

 

 

4.3

Voor de vermindering als genoemd in de onderdelen 4.2.1. t/m 4.2.6 geldt een maximumbedrag van EUR 50.000,-. 

 

 

 

 

4.4

Ten aanzien van de vermindering als genoemd in art. 4.2.6. stelt het college nadere beleidsregels op

 

 

Paragraaf 5 Teruggaaf

 

5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, wijziging- of sloopactiviteiten

 

5.1.1  

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, wijziging- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 3.1, 3.6, en

 

 

3.7., intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de

 

 

gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

 

 

 

5.2

De teruggaaf bedraagt:

 

5.2.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van vier

 

 

weken na het in behandeling nemen ervan

75%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit

 

 

verschuldigde leges

 

 

 

5.2.2

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.2.1. aan te

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet minder zijn dan

EUR

136,35

5.2.3

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.2.1. aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet meer zijn dan

EUR

2.083,85

5.2.4.

indien de aanvraag wordt ingetrokken na vier weken na het in

 

 

 

behandeling nemen ervan

 

60,0%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende

 

 

 

activiteiten verschuldigde leges

 

 

5.2.5

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.2.4. aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet minder zijn dan

EUR

136,35

5.2.6

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.2.4. aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet meer

EUR

3.334,10

 

 

5.3

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning

 

 

 

voor bouw-, wijziging- of sloopactiviteiten, met inbegrip van

 

 

 

monumenten

 

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 3.1, 3.6

 

 

 

en 3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 26 weken na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt.

 

 

 

De teruggaaf bedraagt

 

25%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

5.3.1

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.3. aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet minder zijn dan

EUR

136,35

5.3.2

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.3. aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet meer zijn dan

EUR

6.251,60

 

 

 

 

5.4

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, wijziging- of sloopactiviteiten, met inbegrip van monumenten

 

 

5.4.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat

 

 

 

geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, wijziging- of sloopactiviteiten

 

 

 

als bedoeld in de onderdelen 3.1, 3.6, of 3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

 

 

De teruggaaf bedraagt

 

30%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit

 

 

 

verschuldigde leges.

 

 

5.4.2

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.4.1 aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet minder zijn dan

EUR

136,35

5.4.3

Het na de verrekening als bedoeld in onderdeel 5.4.1 aan te

 

 

 

betalen leges resterende bedrag mag niet meer zijn dan

EUR

5.834,75

 

 

 

 

5.5

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

 

Een bedrag minder dan

EUR

277,70

 

wordt niet teruggegeven

 

 

 

 

 

 

5.6

Geen teruggaaf legesdeel overige onderdelen Uitsluitend van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 3.1, 3.6 en 3.7 wordt teruggaaf verleend.

 

 

 

6. Intrekking omgevingsvergunning

6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid,

onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 5.3. van toepassing is

EUR

309,50

 

7. Wijzigen omgevingsvergunning als gevolg van wijzigen project

 

7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging

in het project

 

 

 

5%

 

van het verschuldigde legesbedragvoor de oorspronkelijke

 

 

 

van het verschuldigde legesbedragvoor de oorspronkelijke

omgevingsvergunning

 

 

 

met een minimum van

EUR

136,35

 

met een maximum van

EUR

6.251,60

 

 

 

 

 

8. In deze tarieventabel niet genoemde beschikking

 

8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, indeze tarieventabel niet genoemde

beschikking

 

EUR

 

309,50

 

9. Niet ontvankelijke aanvraag

 

9.1

De leges voor het niet verder in behandeling nemen van een

niet ontvankelijke aanvraag tot hetverkrijgen van een vergunning,

een ontheffing, een vrijstelling of een andere beschikking voor zover daarvoor niet elders in deze tarieventabel een tarief is

opgenomen bedragen

 

 

 

EUR

 

 

 

136,35

 

Besluit UAV 2012  

[Het Besluit UAV 2012 is aan de linkerkant te downloaden.]