Gemeenteblad van Delfzijl
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Delfzijl | Gemeenteblad 2016, 188201 | Overige besluiten van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Delfzijl | Gemeenteblad 2016, 188201 | Overige besluiten van algemene strekking |
Nadere regels subsidie voor Peuteropvang en Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) 2017 gemeente Delfzijl
Algemene Subsidie verordening Delfzijl 2017 en nadere regelingen.
De raad van de gemeente Delfzijl heeft in de vergadering van 22 december 2016 de Algemene Subsidie verordening Delfzijl 2017 vastgesteld. Deze verordening treedt op 1 januari 2017 in werking.
Het college van burgemeester en wethouders hebben de volgende nadere regels behorende bij de Algemene Subsidieverordening vastgesteld:
De genoemde nadere regels treden op 1 januari 2017 in werking.
De documenten liggen ter inzage in het gemeentehuis. U kunt zich hiervoor melden bij de receptie van het Klant Contact Centrum. U vindt de documenten ook op www.delfzijl.nl.
Nadere regels subsidie voor Peuteropvang en Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE)
Burgemeester en wethouders van de gemeente Delfzijl;
overwegende dat in de "Algemene Subsidieverordening Delfzijl 2017" de wettelijke grondslag voor de subsidieverstrekking ten behoeve van activiteiten is vastgelegd;
dat zij op grond van artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Delfzijl 2017 bevoegd zijn nadere regels te stellen waarin de te subsidiëren activiteiten, de doelgroepen en de verdeling van de subsidie per beleidsterrein worden beschreven;
gelet op de Wet kinderopvang en de Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie (OKE);
besluiten vast te stellen de volgende:
Nadere regels voor Peuteropvang en Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) 2017
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
zorgroute: een stappenplan dat geldt als een handleiding voor beroepskrachten om in een zo vroeg mogelijk stadium problemen op te sporen en te signaleren en vervolgens een passende oplossing te vinden voor deze problematiek, zodat de ontwikkeling van het kind hierdoor zo min mogelijk uit balans wordt gebracht. (De zorgroute is door het college vastgesteld op d.d. 16 december 2014.)
Artikel 2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
De bezettingsgraad van de peuteropvang bedraagt minimaal 8 per peutergroep. Het meetmoment is jaarlijks op 1 oktober. Wanneer een peuteropvanggroep onder de bezetting van 8 deelnemers komt, kan het college besluiten voor deze groep toch subsidie te verlenen indien continuering van de peuteropvang noodzakelijk wordt geacht. Dit ter beoordeling van het college.
Artikel 3 De subsidie aanvraag
Met de aanvraag tot subsidieverlening dient een activiteitenplan te worden meegezonden, dat voorzien is van ten minste:
een meerjarenonderhoudsplan voor het onderhouden van de peuteropvanglocaties. Leidend voor het onderhoud zijn de inspectierapporten van de GGD. Door een meerjarenplan in te dienen, kan de subsidie hiervoor over meerdere jaren worden verspreid. Het is wenselijk om in het meerjarenplan rekening te houden met de wettelijke verzwaring van de inrichtingseisen aan de peuteropvang. Vanuit het meerjareninvesteringsplan dient een vertaalslag naar de kostprijs per peuterplaats gemaakt te zijn;
De subsidie op grond van deze regeling kan worden geweigerd indien de houder niet voldoet aan de volgende voorwaarden:
Elke aanvrager voor subsidie VVE dient uitsluitend te werken met pedagogisch medewerkers, die mondelinge en leesvaardigheden beheersen op taalniveau 3F. (Het niveau 3F maakt onderdeel uit van het referentiekader dat is vastgesteld in de wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen.) Op een groep van maximaal 16 peuters is het toegestaan om te werken met één VVE-gecertificeerde leidster met taalniveau 3F en een leidster in opleiding voor VVE-certificering met taalniveau 3F onder de navolgende voorwaarden:
Artikel 5. Berekening subsidie peuteropvang
De ouderbijdrage wordt maandelijks betaald. Voor ouders die een deel van een jaar gebruik maken van de voorziening wordt de maandelijkse bijdrage berekend op het beschikbare aantal dagdelen in de betreffende periode. Deze werkwijze komt hiermee overeen met de werkwijze die aanbieders voor toeslagouders hanteren.
Artikel 6 Verdeling van het subsidieplafond
Het college verdeelt de subsidie voor peuteropvang en VVE als volgt:
Peuteropvang: Indien het totaal van de aangevraagde subsidie voor peuteropvang het door de raad vastgestelde plafond overschrijdt, wordt voorrang gegeven aan reeds geplaatste peuters. Hiervoor wordt uitgegaan van de geplaatste peuters van niet-toeslagouders op 1 november voor het jaar van uitvoering.
Artikel 7 Reservevorming en verrekening
Een reserve kan alleen gevormd worden vanuit de middelen voor peuteropvang. Jaarlijks mag maximaal 10% van het subsidiebedrag aan de reserve worden toegevoegd. De gevormde reserve kan alleen aangewend worden om onvoorziene uitgaven te doen ten behoeve van het peuteropvang in de gemeente Delfzijl. Deze reserve mag niet groter zijn dan 50% van de jaarlijkse subsidie die de houder krijgt uit de middelen voor peuteropvang. Indien de reserve wordt overschreden, wordt de overschrijding verrekend met het subsidiebedrag van het daarop volgende jaar. De middelen in deze reserve komen ten goede aan de peuteropvang in de gemeente Delfzijl.
De houder stelt vóór 1 juli een risicoanalyse op om te bepalen welke risico’s financieel in welke mate afgedekt moeten worden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-188201.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.