Gemeenteblad van Losser

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
LosserGemeenteblad 2016, 186579Verordeningen



Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Losser houdende de heffing en invordering van leges Legesverordening 2017

De raad van de gemeente Losser;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Losser d.d. 22 november 2016;

 

Gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

 

BESLUIT:

 

vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2017

(Legesverordening 2017)

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ‘week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ‘maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand;

  • d.

    ‘jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    ‘kalenderjaar’: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

    een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges wordt niet geheven voor:

  • 1.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • 2.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • 3.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets);

  • 4.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning en/of ontheffing op basis van de APV, voor het houden van niet-commerciële activiteiten door organisaties met een politiek, godsdienstig, sociaal, charitatief, cultureel of sportief doel;

  • 5.

    het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het plaatsen van een mobiele onderzoeksunit die wordt gebruikt voor het doen van bevolkingsonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op het bevolkingsonderzoek, voor welk onderzoek op grond van die wet vergunning is verleend.

Artikel 5 Maatstaven en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overigens in dit artikel bepaalde.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

  • 4.

    Het bedrag van de heffing op grond van Titel 2 van de Tarieventabel wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op hele euro’s.

Artikel 6 Wijze van heffing

  • 1.

    De leges op basis van titel 2 van de tarieventabel worden bij wege van aanslag geheven.

  • 2.

    De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke of digitale kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke of digitale kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de aanslag of kennisgeving bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling of digitaal wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening in de loop van het kalenderjaar, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      onderdeel 1.1.5 (afschrift akte burgerlijke stand en verklaring huwelijksbevoegdheid);

    • 2.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 3.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 4.

      onderdeel 1.4.1.2 (papieren verstrekking uit basisregistratie personen);

    • 5.

      onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 6.

      hoofdstuk 16 (kansspelen).

Artikel 11 Nadere regels door het dagelijks bestuur van het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente

Het dagelijks bestuur van het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1.

    De ‘Legesverordening 2016’ van 15 december wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de rechten hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2017.

  • 2.

    De bekendmaking van het in onderdeel 2.1.1.2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel genoemde normblad geschiedt door terinzagelegging.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als de ‘Legesverordening 2017’.

 

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Losser in zijn openbare vergadering van 20 december 2016,

griffier,

voorzitter,

Bijlage 1 Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2017.

 

Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2017.

 

Indeling tarieventabel

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen

Hoofdstuk 5 Kiezersregister (Gereserveerd)

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens (Gereserveerd)

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief (Gereserveerd)

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet (Gereserveerd)

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie (Gereserveerd)

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 16 Kansspelen

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 19 Diversen

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4 Vermindering

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

Hoofdstuk 9 Sloopmelding

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

Hoofdstuk 3 Seksinrichtingen

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte

Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening

Hoofdstuk 6 Kinderopvang

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap, dan wel het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk (met ceremonieel vertoon en is inclusief huwelijks- of partnerschapsboekje. Indien geen boekje gewenst, wordt de leges verlaagd met de prijs genoemd onder 1.1.4) op:

1.1.1.1

maandag t/m vrijdag van 9.00 tot 16.30 uur in het gemeentehuis

€ 435,00

1.1.1.2

zaterdag van 9.00 tot 13.30 uur in het gemeentehuis

€ 735,00

1.1.1.2.1

zondag tussen 9.30 en 13.30 uur, uitsluitend op locatie

€ 899,00

1.1.1.2.2

buiten de in de onderdelen 1.1.1.1 en 1.1.1.2 genoemde uren, uitsluitend op locatie

€ 899,00

1.1.1.3

indien het huwelijk buiten het gemeentehuis op locatie plaatsvindt worden de bedragen onder 1.1.1..1 of 1.1.1.2 verhoogd met

€ 142,00

(Deze legeskosten zijn exclusief de mogelijke huurkosten voor de locatie)

Het is mogelijk om op maandagmiddag tussen 15.45 uur en 16.00 uur een legesvrij huwelijk/partnerschapsregistratie aan te gaan. De formaliteiten huwelijken/partnerschapsregistraties worden niet voltrokken op locatie, tevens zal het worden voltrokken zonder ceremonieel vertoon.

1.1.2

Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk

€ 48,65

1.1.3

Het tarief bedraagt voor het op verzoek eenmalig benoemen van een "externe" buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand

€ 241,00

1.1.4

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapboekje bij een legesvrij huwelijk of vervanging

€ 28,40

1.1.5

Terzake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het legesbesluit akten burgerlijke stand.

1.1.6

Het tarief bedraagt voor het doen van naspeuringen in de registers van de burgerlijke stand, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 25,00

1.1.7

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van daartoe geschikte opgaven voor publicatie in nieuwsbladen van geboorten, huwelijksaangiften, voltrokken huwelijken, partnerschaps-registraties en sterfgevallen per jaar

€ 273,00

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

1.2.

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

1.2.1

van een nationaal paspoort:

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 64,75

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 51,45

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort):

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 64,75

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 51,45

1.2.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 64,75

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 51,45

1.2.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

€ 51,45

1.2.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 50,65

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 28,60

1.2.6

voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van

€ 47,55

1.2.7

Het tarief als genoemd in 1.2.6 wordt bij een gecombineerde spoedlevering van een nieuw reisdocument als bedoeld in 1.2.1 tot en met 1.2.5, slechts één keer per document berekend

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 39,10

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

1.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.4.1.1

tot het verstrekken van een bewijs van opneming in de basisregistratie personen, per verstrekking

€ 16,10

1.4.1.2

tot het verstrekken van gegevens, als bedoeld in artikel 3.17 lid 1 juncto artikel 1.14 wet BRP geldt het tarief zoals dat door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is of wordt vastgesteld. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de BRP moet worden geraadpleegd.

1.4.1.3

Het in 1.4.1.2 bedoelde tarief worden, gelet op artikel 17 lid 2 van het besluit basisregistratie personen, voor een ieder daaraan besteed kwartier, indien op verzoek de gemeentelijke basis administratie persoonsgegevens wordt doorgenomen, verhoogd met

€ 25,00

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het kiezersregister

Gereserveerd

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens

Gereserveerd

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.7.1.1

een afschrift van de programmabegroting (inclusief porto)

€ 21,00

1.7.1.2

een afschrift van de programmarekening (inclusief porto)

€ 21,00

1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar:

1.7.2.1

op de agenda van de raadsvergaderingen (inclusief portokosten)

€ 43,30

1.7.2.2

op de agenda van de vergaderingen van een raadscommissie

€ 7,15

1.7.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.7.3.1

een afschrift van de het Bouwbesluit (inclusief toelichting)

€ 71,40

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.8.1.1

tot het verstrekken van een uittreksel uit de kadastrale legger

€ 7,15

1.8.1.2

tot het verstrekken van een kadastrale kaart, per perceel, in formaat A4

€ 7,15

1.8.1.3

tot het verstrekken van een kadastrale kaart, per perceel, in formaat A3

€ 15,30

1.8.1.4

tot het verstrekken van een kadastrale kaart, per perceel, in formaat A2

€ 21,10

1.8.1.5

tot het verstrekken van een kadastrale kaart, per perceel, in formaat A1

€ 28,60

1.8.1.6

tot het verstrekken van een kadastrale kaart, per perceel, in formaat A0

€ 35,60

1.8.2

Voor toezending van de gegevens bedoeld in 1.8.1 worden de kosten verhoogd met

€ 7,15

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.8.3.1

tot het verstrekken van een totaal aangemaakt digitaal bestand van een verkavelings- c.q. matenplan, ongeacht de grootte

€ 178,50

1.8.3.2

voor een deel uit het onder 1.8.3.1 genoemde digitale bestand

€ 107,10

1.8.3.3

tot het verstrekken van een digitaal bestand vanuit de GBKN en overige gemeentelijke topografie:

1.8.3.3.1

betreffende de aanmaakkosten van het bestand

€ 51,80

1.8.3.3.2

verhoogd per hectare buitengebied

€ 7,15

1.8.3.3.3

verhoogd per hectare stedelijk gebied

€ 15,30

1.8.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

1.8.4.1

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen

€ 12,00

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.9.1

tot het verstrekken van verklaring omtrent gedrag voor natuurlijke personen

€ 41,35

1.9.2

tot het verkrijgen van een bewijs van leven

€ 16,10

1.9.3

tot het verstrekken van een legalisatie van een handtekening of fotokopie

€ 16,10

1.9.4

tot het verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap

€ 16,10

1.9.5

tot het verstrekken van iedere andere verklaring omtrent een bepaalde persoon

€ 16,10

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek verrichten van naspeuringen in en het verstrekken van gegevens uit de in het archief respectievelijk in het informatiesysteem berustende stukken terzake van milieugegevens, bestemmingsplangegevens en omgevingsvergunningen, zoals van bodem, hinder en bouwtekeningen, voor ieder daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 21,20

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.10.2.1

voor het scannen van een foto, per scan

€ 6,45

1.10.2.2

voor het scannen van elk ander document tot A3, per scan

€ 4,30

1.10.2.3

voor het scannen van elk ander document groter dan A3, per scan

€ 8,60

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

Gereserveerd

Hoofdstuk 12 Leegstandswet

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.12.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandswet

€ 279,95

1.12.2

tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, negende lid, van de Leegstandswet

€ 48,90

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

Gereserveerd

Hoofdstuk 14 (Markt)standplaatsen = niet op week- of jaarmarkt

1.14.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.14.1.1

tot het verlenen van een vergunning voor het innemen van een standplaats als bedoeld in artikel 5:18 van de APV

€ 280,00

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

1.15

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.15.1

tot het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet

€ 279,95

Hoofdstuk 16 Kansspelen

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,50

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,50

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.16.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van vier jaar

€ 226,50

1.16.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van vier jaar, voor de eerste kansspelautomaat

€ 226,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 136,00

1.16.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 0,00

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet

€ 348,70

1.17.1.1

indien met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met

€ 241,80

1.17.2

Indien met betrekking tot een melding, als bedoeld in 1.17.1, onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

1.17.3

Indien een begroting als bedoeld in 1.17.2 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

1.17.4

Het tarief bedoeld in onderdeel 1.17.1 wordt verminderd met de van de melder verkregen of te verkrijgen privaatrechtelijke vergoeding voor beheerskosten in verband met de werkzaamheden, met dien verstande dat de uitkomst van de vermindering niet minder dan nihil kan bedragen.

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

1.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.18.1

tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

€ 39,30

1.18.2

tot uitgifte van een parkeerkaart

€ 18,10

1.18.3

tot het verstrekken van een gehandicaptenparkeerkaart

€ 80,70

1.18.3.1

Het tarief bedraagt indien de aanvraag als bedoeld in onderdeel 1.18.3 wordt afgewezen

€ 50,20

1.18.3.2

Het tarief voor het verstrekken van een duplicaat van een reeds eerder verstrekte gehandicaptenparkeerkaart bedraagt

€ 30,50

1.18.4

Het tarief bedraagt voor het inrichten van een gehandicaptenparkeerplaats

€ 171,80

1.18.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verstrekken van een ontheffing in artikel 22 van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (WVGS)

€ 125,30

1.18.6

Het tarief bedraagt voor het treffen van een verkeersmaatregel overeenkomstig art. 62 RVV 1990 en artikel 34 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 0,00

Hoofdstuk 19 Diversen

1.19.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag :

1.19.1.1

tot het verlenen van een vergunning voor het plaatsen van verwijsborden of informatiekasten

€ 89,20

1.19.1.2

tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 van de APV (opslag/uitstallen op trottoir)

€ 100,30

1.19.1.3

tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 van de APV voor het ophangen van een spandoek

€ 0,00

1.19.1.4

tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 van de APV voor het inzamelen van goederen

€ 100,30

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.19.2.1

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

1.19.2.1.1

per pagina op papier van A4-formaat

€ 0,08

1.19.2.1.2

per pagina op papier op A3-formaat

€ 0,16

1.19.2.1.3

per pagina op papier op A-2 formaat

€ 0,31

1.19.2.1.4

per pagina op papier op A-1 formaat

€ 0,61

1.19.2.1.5

per pagina op papier op A-0 formaat

€ 1,22

1.19.2.2.1

per pagina op papier van A4-formaat, in kleur

€ 1,90

1.19.2.2.2

per pagina op papier van A3-formaat, in kleur

€ 3,80

1.19.2.2.3

per pagina op papier van A3-formaat, in kleur

€ 7,60

1.19.2.2.4

per pagina op papier van A1-formaat, in kleur

€ 15,20

1.19.2.2.5

per pagina op papier van A0-formaat, in kleur

€ 30,40

1.19.2.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, niet behorend bij de in het onderdeel 1.19.2.1 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk, per A4

€ 0,73

1.19.2.4

kleurenplots van reeds geproduceerde werken, per:

1.19.2.4.1

A4

€ 15,30

1.19.2.4.2

A3

€ 21,10

1.19.2.4.3

A2

€ 29,30

1.19.2.4.4

A1

€ 35,60

1.19.2.4.5

A0

€ 43,30

1.19.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.19.3.1

tot het verstrekken van een schriftelijke verklaring van bestemming, per perceel

€ 54,10

1.19.3.2

tot het verstrekken van een schriftelijke verklaring van gebruik, per perceel

€ 54,10

1.19.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van:

1.19.4.1

een vergunning als bedoeld in artikel 2, lid 1, van de Verordening op de verblijfsrecreatie

€ 625,00

1.19.4.2

een ontheffing als bedoeld in artikel 2, lid 3, van de Verordening op de verblijfsrecreatie

€ 0,00

1.19.5.1

een beschikking/vergunning/ontheffing op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze titel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 280,00

 

 

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

 

 

 

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

 

 

 

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

 

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft;

 

 

 

 

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

 

 

A. Uitgangspunten “standaard” bouwwerken: Bij het berekenen van de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt voor in onderstaande tabel genoemde bouwwerken voor de legesbepaling het legesbedrag afgeleid van de kubieke meters of de oppervlakte berekend volgens NEN 2580 (oppervlakte- en inhoudsberekening bouwwerken) vermenigvuldigd met de in onderstaande tabel naar de aard van het bouwwerk opgenomen standaardbouwkosten exclusief BTW:

 

 

 

 

 

BOUWKOSTEN.

 

 

 

 

Woningen :

 

 

Rijtjeswoningen

€ 200,= per m3

 

 

 

Twee onder één kapwoningen

€ 225,= per m3

 

 

 

Vrijstaande woning tot en met 600 m3

€ 260,= per m3

 

 

 

Vrijstaande woning > 600 m3

€ 290,= per m3

 

 

 

Appartement, één of meer bouwlagen

€ 260,= per m3

 

 

 

 

 

 

 

 

II. Bijgebouwen bij woningen:

 

 

 

 

Latere aanbouw zoals een erker

 

€ 350,= per m3

 

 

Garage / berging / tuinhuisje

Hout

€ 95,= per m3

 

 

 

Halfsteens met plat dak

€ 125,= per m3

 

 

 

Halfsteens met kap

€ 135,= per m3

 

 

 

Spouw met plat dak

€ 150,= per m3

 

 

 

Spouw met kap

€ 170,= per m3

 

 

Dakkapel

 

€ 1.000,= per m breedte

 

 

Carport

 

€ 150,= per m2

 

 

Schuttingen en hekwerken

 

€ 100,= per m

 

 

 

 

 

 

 

III. Agrarische bouwwerken:

 

 

 

 

1. Stallen

 

€ 43,= per m3

 

 

2. Werktuigberging / schuur Damwandprofiel

 

€ 25,= per m3

 

 

Metselwerk

 

€ 48,= per m3

 

 

3. Mestkelders onder de stallen

 

€ 83,= per m3

 

 

4. Kassen

 

€ 31,= per m2

 

 

 

 

 

 

 

IV. Niet agrarische bouwwerken:

 

 

 

 

1. Opslagloodsen

(plaatstaal damwandprofiel)

€ 19,= per m3

 

 

 

(metselwerk)

€ 52,= per m3

 

 

2. Kantoren / showroom / winkel / horeca

 

€ 273,= per m3

 

 

3. Scholen / sporthal / verkoophal (grootschalige detailhandels vestiging)

 

€ 258,= per m3

 

 

4. Noodschool / kleedgebouw (sportvereniging) / semi-permanente unit

 

€ 185,= per m3

 

 

5. Industriehal

(plaatstaal geïsoleerd)

€ 62,= per m3

 

 

 

(metselwerk)

€ 105,= per m3

 

 

 

 

 

 

 

B. Uitgangspunt “niet-standaard” bouwwerken:

 

 

 

 

Voor bouwwerken die niet in bovenstaande tabel Bouwkosten zijn genoemd worden de bouwkosten (exclusief BTW) als uitgangspunt genomen. Onder bouwkosten wordt in deze gevallen verstaan de aan een derde te betalen aanneemsom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1 van de “Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), van het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de aan een derde te betalen bouwkosten berekend op de wijze als bedoeld in normblad NEN 2699, uitgave 2013, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd (exclusief BTW).

 

 

 

 

 

 

 

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

 

 

2.1.1.4

Moment van indienen: voor de aanvrager is een ontvangstbevestiging aangemaakt waarin vermeld staat dat de aanvraag ontvangen is en geregistreerd.

 

 

 

2.1.1.5

Perceel: het gebied waarop de (partiele) herziening / wijziging van het bestemmingsplan betrekking heeft

 

 

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

 

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

 

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.2.1

om beoordeling van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a of c, van de Wabo (Indien een aanvraag tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor een op basis van een concept aanvraag uitgewerkt plan in behandeling wordt genomen, worden de daarvoor geheven leges, indien de aanvrager en locatie hetzelfde zijn, met deze leges verrekend):

€ 147,30

 

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

 

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning vanaf het moment van indienen voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.1.1.1.

indien de bouwkosten minder dan € 2.500,-- bedragen:

€ 204,40

 

2.3.1.1.2

indien de bouwkosten € 2.500,-- of meer bedragen, doch minder dan € 46.000,--:

€ 402,80

 

vermeerderd met 2,20 % van het bedrag waarmee die bouwkosten € 2.500,-- te boven gaan;

 

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten € 46.000,-- of meer bedragen, doch minder dan € 114.000,--:

€ 1.672,30

 

vermeerderd met 1,80 % van het bedrag, waarmee die bouwkosten € 46.000,-- te boven gaan;

 

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 114.000,-- of meer bedragen, doch minder dan € 455.000,--:

€ 3.356,90

 

vermeerderd met 1,60 % van het bedrag, waarmee die bouwkosten € 114.000,-- te boven gaan;

 

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten € 455.000,-- of meer bedragen:

€ 10.510,10

 

vermeerderd met 1,50% van het bedrag waarmee die bouwkosten € 455.000,-- te boven gaan, tot een maximum van:

€ 284.000

 

 

Welstandstoets

 

2.3.1.2

Indien het bouwplan uit een oogpunt van welstand is beoordeeld, worden de onder 2.3.1.1 berekende bedragen vermeerderd met de door de stadsbouwmeester voor deze beoordeling aan de gemeente in rekening gebrachte kosten. Deze vermeerdering bedraagt:

 

- 3 ‰ van het deel van de bouwkosten dat ligt tussen € 0,-- en € 230.000,-- met een minimum van € 75,--;

 

- plus 0,5 ‰ van het deel van de bouwkosten dat ligt tussen € 230.000,-- en € 455.000,--;

 

- plus 0,25 ‰ van het deel van de bouwkosten dat ligt tussen € 455.000,-- en € 680.000,--;

 

- plus 0,13 ‰ van het deel van de bouwkosten dat € 680.000,-- te boven gaat.

 

 

Verplicht agrarisch commissie

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische beoordelingscommissie wordt beoordeeld:

€ 377,70

 

Erfinrichtingsplan

 

2.3.1.4

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1. bedraagt het tarief voor de beoordeling van een erfinrichtingsplan, als bedoeld in 5.2.1 onder d van het bestemmingsplan Buitengebied, bij de in dit onderdeel bedoelde aanvraag

€ 119,40

 

2.3.1.5

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1. bedraagt het tarief voor de beoordeling van een landschappelijk inpassingsplan, als bedoeld in 5.2.1 onder d van het bestemmingsplan Buitengebied, bij de in dit onderdeel bedoelde aanvraag

€ 237,80

 

2.3.1.6

Achteraf ingediende aanvraag

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

10%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges.

 

2.3.1.7

Anders dan via het Omgevingsloket online(OLO) ingediende aanvraag

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag niet wordt ingediend via het omgevingsloket online, maar op papier

€ 87,20

 

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

2.3.2.1

indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 439,30

 

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

vervallen

 

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, al dan niet in combinatiemet een bouwactiviteit of een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, onderscheidenlijk b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.4.1

indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (binnenplanse afwijking):

€ 268,30

 

2.3.4.2

indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (buitenplanse kleine afwijking en tijdelijke afwijking):

€ 433,00

 

2.3.4.3

indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken (buitenplanse afwijking):

€ 2.348,10

 

2.3.4.4

indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo van het exploitatieplan is afgeweken:

€ 353,60

 

2.3.4.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van de krachtens artikel 4.1, derde of vijfde lid, van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens provinciale verordening, onderscheidenlijk provinciale verklaring gegeven regels is afgeweken:

€ 433,00

 

2.3.4.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft en met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van de krachtens artikel 4.3, derde of vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening bij of krachtens algemene maatregel van bestuur, onderscheidenlijk ministeriële verklaring gegeven regels is afgeweken:

€ 433,00

 

2.3.4.7

indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo van een voorbereidingsbesluit is afgeweken:

€ 433,00

 

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 290,10

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een beschermd monument:

€ 377,90

 

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een beschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 377,90

 

2.3.6.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de Erfgoedverordening gemeente Losser aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of de gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

 

2.3.6.2.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een provinciaal of gemeentelijk monument:

€ 317,50

 

2.3.6.2.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een provinciaal of gemeentelijk monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 317,50

 

2.3.6.3

Indien een bouwplan voor een monument wordt getoetst door de monumentencommissie wordt 150% extra welstandsleges in rekening gebracht.

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 317,50

 

 

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 377,90

 

2.3.9

Uitweg/inrit

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 100,30

 

2.3.10

Kappen

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 70,00

 

2.3.11

Opslag van roerende zaken

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente, waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.11.1

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:

€ 100,30

 

2.3.11.2

indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:

€ 100,30

 

2.3.12

Projecten of handelingen in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998

 

gereserveerd

 

2.3.13

Handelingen in het kader van de Flora- en Faunawet

 

gereserveerd

 

 

2.3.14

Andere activiteiten

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 377,90

 

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 377,90

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning;

 

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

beoordeling bodemrapport

 

2.3.16

Onverminderd het bepaalde in de andere bepalingen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport indien de aanvraag uitsluitend een vooronderzoek als bedoeld in de NEN 5725 uitgave 2009, naar historisch gebruik en naar de bodemgesteldheid:

€ 179,80

 

2.3.16.2

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport indien de aanvraag een verkennend onderzoek volgens NEN 5740, uitgave 2009, naar bodemgesteldheid

€ 359,60

 

2.3.16.3

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport indien de aanvraag een nader onderzoek als bedoeld in de NTA5755, uitgave 2010 of het protocol voor nader onderzoek, 1995 is,

€ 179,80

 

2.3.16.4

Voor de beoordeling van een onderzoek naar asbest in de bodem conform de NEN 5707, uitgave 2003

€ 179,80

 

2.3.17

Advies

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.17.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.18.1.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 1.512,10

 

2.3.18.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 1.512,00

 

 

Hoofdstuk 4 Vermindering

 

2.4.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3.

 

2.4.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.16 en 2.3.17. De vermindering beloopt:

 

2.4.2.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

2%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

3%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.3

bij 15 of meer activiteiten:

5%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 

2.4.2.4

Indien de gevraagde vergunning niet wordt verleend in verband met niet-ontvankelijk verklaring wegens het niet op tijd aanleveren van alle benodigde gegevens, wordt

70%

 

van de op basis van artikel 2.3.1.1 geheven leges verminderd.

 

 

2.5

Teruggaaf

 

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

Als een aanvrager zijn aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

60%

 

van de op basis van artikel 2.3.1.1 geheven leges.

 

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt

25%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt

40%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in subonderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

2.5.3.3

De leges voor het in behandeling nemen van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten worden verrekend met de leges van een eerdere weigering van een omgevingsvergunning, indien de aanvrager en de locatie hetzelfde zijn en de nieuwe aanvraag geen compleet nieuw bouwplan is. De nieuwe aanvraag dient te worden ingediend binnen twaalf maanden na de weigering.

 

 

2.5.4

Teruggaaf als gevolg van het niet verlenen van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten in verband met niet-ontvankelijk verklaring

 

2.5.4.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 niet verleend in verband met niet-ontvankelijk verklaring wegens het niet op tijd aanleveren van alle benodigde gegevens, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt

70%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.4.2

De leges voor het in behandeling nemen van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten worden verrekend met de leges van een eerdere niet behandelde aanvraag om een omgevingsvergunning, indien de aanvrager en de locatie hetzelfde zijn en de nieuwe aanvraag geen compleet nieuw bouwplan is. De nieuwe aanvraag dient te worden ingediend binnen twaalf maanden na de weigering.

 

 

2.5.5

Teruggaaf als gevolg van het van rechtswege verlenen van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

Indien de aangevraagde vergunning niet binnen de daarvoor wettelijk gestelde termijn wordt verleend (vergunning van rechtswege), bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

50%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

2.5.6

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

Een bedrag minder dan

€ 50,00

 

wordt niet teruggegeven.

 

 

2.5.7

Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.16 en 2.3.17 wordt geen teruggaaf verleend.

 

2.5.8

Indien een besluit inhoudende, dat voor de aangevraagde activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, zijn er geen leges verschuldigd.

 

 

Hoofdstuk 6 Intrekking Omgevingsvergunning

 

Gereserveerd

 

 

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

 

 

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

2.7.1

indien de bouwkosten minder dan € 2.500,-- bedragen:

€ 69,60

2.7.2

indien de bouwkosten € 2.500,-- of meer bedragen, doch minder dan € 46.000,--:

€ 69,60

vermeerderd met 0,60 % van het bedrag waarmee die bouwkosten € 2.500,-- te boven gaan;

2.7.3

indien de bouwkosten € 46.000,-- of meer bedragen, doch minder dan € 114.000,--:

€ 433,20

vermeerderd met 0,45 % van het bedrag, waarmee die bouwkosten € 46.000,-- te boven gaan;

2.7.4

indien de bouwkosten € 114.000,-- of meer bedragen, doch niet minder dan € 455.000,-

€ 866,60

vermeerderd met 0,30 % van het bedrag, waarmee die bouwkosten € 114.000,-- te boven gaan;

2.7.5

indien de bouwkosten € 455.000,-- of meer bedragen:

€ 2.307,20

vermeerderd met 0,20% van het bedrag waarmee die bouwkosten €455.000,-- te boven gaan.

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen

2.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

2.8.1

tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 3.501,00

2.8.2.1

tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 1.911,00

2.8.2.2

tot het uitwerken van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6 eerste lid onder b van de Wet ruimtelijke ordening

€ 1.911,00

2.8.3

Het in 2.8.1 en 2.8.2 genoemde bedrag wordt verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van een aanvraag tot het starten van de bestemmingsplanprocedure aan de aanvrager meegedeelde externe kosten voor advies, onderzoek, publicatie en het opstellen van een ontwerp bestemmingsplan, blijkend uit een begroting die ter zake door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.8.4

indien een begroting als bedoeld in 2.8.3 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

2.8.5

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een verzoek om een principe-uitspraak omtrent de bereidheid tot het vaststellen, wijzigen of uitwerken van een bestemmingsplan dan wel het afwijken van een bestemmingsplan

€ 246,00

Indien naar aanleiding van de principe-uitspraak als bedoeld in artikel 2.8.5 een aanvraag tot vaststelling, wijziging of herziening van het bestemmingsplan dan wel tot het afwijken van een bestemmingsplan wordt gedaan, wordt het in artikel 2.8.5 genoemde bedrag in mindering gebracht op het tarief dat verschuldigd is in verband met het in behandeling nemen van de aanvraag tot vaststelling, wijziging of herziening van het bestemmingsplan dan wel de aanvraag tot afwijking van het bestemmingsplan.

2.8.6

Indien de procedures onder 2.8.1., 2.8.2.1 en 2.8.2.2 niet afzonderlijk worden behandeld, maar in gezamenlijk verband (veegplan), dan worden de legeskosten met 50 % verminderd.

2.8.7

Teruggaaf en bestemmingsplan uitwerking- of wijzigingsplan

2.8.7.1

Als een aanvrager zijn aanvraag om herziening, uitwerking of wijziging van een bestemmingsplan zoals bedoeld in de onderdelen 2.8.1, 2.8.2.2. en 2.8.3 voordat hierover bestuurlijke besluitvorming heeft plaatsgevonden, intrekt, of de aanvraag door de gemeente buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt

75%

van de op grond van die onderdelen voor de betrokken aanvraag verschuldigde leges.

2.8.7.2

Als de aanvraag om herziening uitwerking of wijziging van een bestemmingsplan zoals bedoeld in de onderdelen 2.8.1, 2.8.2.2. en 2.8.3 nadat de formele voorbereidingsprocedure voor besluitvorming is gestart door de aanvrager wordt ingetrokken, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt

25%

van de op grond van die onderdelen voor de betrokken aanvraag verschuldigde leges.

Hoofdstuk 9 Sloopmelding

vervallen

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

2.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 280,00

 

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn 

 

Hoofdstuk 1 Horeca

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

3.1.1.1

een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet

a. voor het uitoefenen van het horecabedrijf

€ 546,60

b. voor het uitoefenen van het slijtersbedrijf

€ 282,40

3.1.1.2

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:29 van de APV

€ 280,00

3.1.1.3

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Drank- en Horecawet

€ 145,30

3.1.1.4

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 159,20

3.1.1.5

een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Drank- en Horecawet

€ 159,20

3.1.1.6

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 76,90

3.1.1.7

Iedere andere vergunning, ontheffing of wijziging op grond van de Drank- en horecaverordening/wet, voor zover niet anders is bepaald

€ 145,30

3.1.1.8

Als een aanvraag voor een vergunning genoemd in Titel 3, hoofdstuk 1 wordt ingetrokken, geweigerd of buiten behandeling wordt gelaten wordt 50% van de leges in rekening gebracht.

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

3.2.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.24 van de Algemene plaatselijke verordening

€ 0,00

Hoofdstuk 3 Seksinrichtingen

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van:

3.3.1

een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:4, lid 1, van de Algemene plaatselijke verordening (APV), anders dan een wijziging bedoeld in onderdeel 3.4:

3.3.1.1

voor een seksinrichting met niet meer dan één werkruimte

€ 1.008,30

3.3.1.2

voor een seksinrichting met meer dan één werkruimte

€ 1.206,90

3.3.2

wijziging van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van de exploitatie of het beheer van een seksinrichting, als bedoeld in artikel 3:16 en 3:17 van de APV

€ 280,00

3.3.3

een geschiktheid verklaring als bedoeld in artikel 2.1 van de Nadere regels Seksinrichtingen en escortbedrijven

€ 299,20

3.3.3.1

vermeerderd met voor een seksinrichting met een oppervlakte van:

3.3.3.1.1

niet meer dan 100 m2

€ 292,70

3.3.3.1.2

meer dan 100 m2, maar niet meer dan 500 m2

€ 142,50

3.3.3.1.2.1

vermeerderd per m2 met

€ 1,45

3.3.3.1.3

meer dan 500 m2, maar niet meer dan 1.000 m2

€ 384,40

3.3.3.1.3.1

vermeerderd per m2 met

€ 1,02

3.3.3.1.4

meer dan 1.000 m2, maar niet meer dan 1.500 m2

€ 642,90

3.3.3.1.4.1

vermeerderd per m2 met

€ 0,73

3.3.3.1.5

meer dan 1.500 m2, maar niet meer dan 2.500 m2

€ 1.143,00

3.3.3.1.5.1

vermeerderd per m2 met

€ 0,49

3.3.3.1.6

meer dan 2.500

€ 1.476,70

3.3.3.1.6.1

vermeerderd per m2 met

€ 0,24

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte

Gereserveerd

Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening

3.6

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een gebruiksvergunning op grond van de Brandbeveiligingsverordening met betrekking tot het brandveilig gebruik van een inrichting anders dan een bouwwerk in de zin van artikel 1.1 van de Bouwverordening, bedraagt:

€ 0,00

Hoofdstuk 6 Kinderopvang

Gereserveerd

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

3.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 280,00

 

 

 

Behoort bij raadsbesluit van 20 december 2016

De griffier van de gemeente Losser,

B. Pikula