Gemeenteblad van Leeuwarderadeel
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leeuwarderadeel | Gemeenteblad 2016, 177910 | Verordeningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leeuwarderadeel | Gemeenteblad 2016, 177910 | Verordeningen |
Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2017 en reinigingsrechten gemeente Leeuwarderadeel 2017.
De raad van de gemeente Leeuwarderadeel;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15 november 2016;
gelet op de artikelen 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer;
VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING
VAN AFVALSTOFFENHEFFING 2017 EN REINIGINGSRECHTEN GEMEENTE LEEUWARDERADEEL 2017
HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
Krachtens deze verordening worden geheven:
Artikel 2 Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld.
HOOFDSTUK II AFVALSTOFFENHEFFING
Artikel 3 Aard van de belasting en belastbaar feit
1. Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer.
2. De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief
De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in bijlage C van de bij de verordening behorende tarieventabel.
Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalender jaar.
1. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 in de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag.
2. De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 8 Ontstaan der belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
1. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 2,-.
4. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt.
5. De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening.
6. Wanneer het bedrag van de heffing minder dan € 10,- bedraagt, dan blijft de aanslag achterwege. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen reinigingsrechten of andere heffingen en belastingen aangemerkt als één belastingbedrag.
Artikel 9 Termijnen van betaling
1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de op grond van artikel 7, eerste lid, bedoelde belasting worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van de aanslag.
2. In afwijking van het 1e lid geldt, dat zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de bankrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen.
De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
3. De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 7, tweede lid:
a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na dagtekening van de kennisgeving.
4. De Algemene Termijnwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen.
HOOFDSTUK III REINIGINGSRECHTEN
Onder de naam "reinigingsrechten" worden rechten geheven zowel voor het genot van de door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.
De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.
Artikel 12 Maatstaf van heffing en belastingtarief
1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 2 en 3 van bijlage C van de bij deze verordening behorende tarieventabel.
2 Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Bij de invordering van de reinigingsheffingen wordt geen kwijtschelding verleend.
1. De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de bijlage C van de bij deze verordening behorende tarieventabel worden geheven bij wege van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.
2. De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de bijlage C van de bij deze verordening behorende tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 16 Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten
1. De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel bijlage C zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvraag van de belastingplicht.
2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn de rechten verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 2,-.
4. Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.
5. Wanneer het bedrag van de heffing minder dan € 10,- bedraagt, dan blijft de aanslag achterwege. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen reinigingsrechten of andere heffingen en belastingen aangemerkt als één belastingbedrag.
Artikel 17 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten
De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel bijlage C zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.
Artikel 18 Termijn van betaling
1. De aanslagen Reinigingsrechten moeten worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van de aanslag.
2. In afwijking van het 1e lid geldt, dat zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de bankrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen.
De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
3. De reinigingsrechten moeten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 15, tweede lid:
a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving.
4. De Algemene Termijnwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen.
HOOFDSTUK IV ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 19 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing en de reinigingsheffing.
De "Verordening reinigingsheffingen gemeente Leeuwarderadeel 2016" van 5 november 2015, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 21, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
TARIEVENTABEL REINIGINGSHEFFINGEN GEMEENTE LEEUWARDERADEEL 2017
behorende bij de " Verordening reinigingsheffingen gemeente Leeuwarderadeel 2017"
Algemeen De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is.
Hoofdstuk 1 Maatstaven en jaarlijkse tarieven afvalstoffenheffing
1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar:
a. indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aan-
vang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één
b. indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar
of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aan-
vang van de belastingplicht, wordt gebruikt door twee
1.2 De belasting als bedoeld in onderdeel 1.1. onder a. en b.
wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belasting-
jaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang
van de belastingplicht, in bruikleen hebben van een extra container
(= boven het geen volgens de gemeentelijke afvalstoffen-
verordening aan het perceel is verstrekt):
- container van 140 liter, bestemd voor papier gratis
- container van 240 liter, bestemd voor groente, fruit- en
tuinafval, per extra met € 125
- container van 240 liter, bestemd voor de overige huis-
houdelijke afvalstoffen per extra container met € 125
Hoofdstuk 3 Maatstaven en jaarlijkse tarieven reinigingsrechten
3.1 Het recht bedraagt per belastingjaar voor het eenmaal per
twee weken verwijderen van bedrijfsafval per container
Deze tarieventabel behoort bij het raadsbesluit van 24 november 2016 tot vaststelling van de Verordening reinigingsrechten gemeente Leeuwarderadeel 2017.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Leeuwarderadeel
in zijn openbare vergadering van 8 december 2016,
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-177910.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.