Gemeenteblad van Amsterdam

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
AmsterdamGemeenteblad 2016, 131231Overige besluiten van algemene strekking



Vaststelling snelheidsbeperking voor alle schepen

 

Vaststelling snelheidsbeperking voor alle schepen

De algemeen directeur van de Stichting Waternet

Overwegende:

  • -

    dat burgemeester en wethouders, op grond van het bepaalde in artikel 2, eerste lid onder a, 3˚ van de Scheepvaartverkeerswet (SVW) voor de toepassing van die wet zijn aangewezen als bevoegd gezag voor alle scheepvaartwegen binnen de gemeente, behalve die welke worden beheerd door andere publiekrechtelijke organen;

  • -

    dat burgemeester en wethouders met hun besluit van 22 april 2014 (Gemeenteblad 2014, afdeling 3B, nummer 94) de algemeen directeur van de Stichting Waternet hebben aangewezen om namens hen de bevoegdheden uit te oefenen als bedoeld in de Scheepvaartverkeerswet, het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer en het Binnenvaartpolitiereglement;

  • -

    Gelet op het jaarmandaat 2016 voor de algemeen directeur van de Stichting Waternet

  • -

    voor de beleidsvoorbereiding en uitvoering van de (drink)water-, riolerings- en

binnenwaterbeheertaken c.a. d.d. 29 maart 2016 (nr. ZD2016-002240);

  • -

    dat burgemeester en wethouders bij besluit van 13 december 1996 ( Gemeenteblad 1996, afdeling 3, volgnummer 100) voor alle schepen op het binnenwater van Amsterdam- behalve op het afgesloten IJ en het havengebied waar een maximum van 16,5 kilometer per uur geldt - een maximum vaarsnelheid hebben ingevoerd van 7,5 kilometer per uur;

  • -

    dat burgemeester en wethouders bij besluit van 8 april 2008 (Gemeenteblad 2008, afdeling 3B, volgnummer 39) de Regeling doorvaartprofielen binnenwateren Amsterdam hebben vastgesteld;

  • -

    dat voor de Amsterdamse vaarwegen in de Regeling doorvaartprofielen binnenwateren Amsterdamse doorvaartprofielen zijn vastgesteld variërend in breedte van minimaal 50 meter tot minimaal 10 meter (profielen A1 t/m E® );

  • -

    dat bij de vaststelling van deze doorvaartprofielen conform de Richtlijnen vaarwegen RVW algemeen is gekozen voor de krapste variant van de mogelijke doorvaartprofielen teneinde de bruikbaarheid van de vaarwegen voor het (bestaande) scheepvaartverkeer zoveel mogelijk te borgen;

  • -

    dat de keuze voor de krapste doorvaartprofielen betekent dat verhoudingsgewijs grotere schepen van de vaarwegen gebruik kunnen maken, zodat in voorkomend geval slechts de minimaal aanvaardbare manoeuvreerruimte beschikbaar is;

  • -

    dat de drukte op het water alsmede de diversiteit van de schepen en de vaarweggebruikers sinds het vaststellen van de huidige maximum vaarsnelheid van 7,5 kilometer per uur in 1996 aanmerkelijk is toegenomen, met name in het centrumgebied, en dat verlaging van de maximumvaarsnelheid tot 6 kilometer per uur noodzakelijk wordt geacht om een vlot en veilig scheepvaartverkeer te blijven waarborgen;

  • -

    dat die noodzaak in de toekomst alleen maar groter zal worden gelet op de verwachting dat het aantal bezoekers van Amsterdam ook de komende jaren zal blijven toenemen en daarmee ook de vraag naar rondvaarten;

  • -

    dat een verdere verlaging van de maximum vaarsnelheid niet noodzakelijk wordt geacht om de veiligheid te borgen en bovendien ten koste zal gaan van een vlot scheepvaartverkeer;

  • -

    dat het met het oog op de rechtszekerheid, duidelijkheid, bestendigheid en handhaafbaarheid noodzakelijk wordt geacht om de verlaging van de maximum vaarsnelheid tot 6 kilometer per uur in te voeren op alle vaarwegen waar op grond van onderdeel I van het besluit d.d. 13 december 1996 sprake is van een maximum vaarsnelheid van 7,5 kilometer per uur;

  • -

    dat een uitzondering wenselijk is voor de aangewezen doorgaande hoofddoorvaartroutes;

  • -

    dat een uitzondering wenselijk is voor een aantal direct aan het IJ grenzende wateren gezien hun zeer brede profiel en de hogere vaarsnelheid op het IJ;

  • -

    dat met het onderhavige besluit wordt beoogd om de veiligheid van de gebruikers van de betrokken vaarwegen blijvend te waarborgen en tevens omstandigheden te scheppen die bevorderlijk zijn voor een ongestoorde, vlotte en gelijkmatige doorstroming van het scheepvaartverkeer op die vaarwegen, zowel van de pleziervaart als van de beroepsvaart;

  • -

    dat hiermee tevens wordt beoogd om tegelijkertijd de noodzakelijk voorwaarden te realiseren om de betrokken vaarwegen blijvend in stand te houden en de duurzame bruikbaarheid hiervan te waarborgen alsmede om schade door het scheepvaartverkeer aan de waterhuishouding, de oevers, de waterkeringen of weken gelegen in, of over vaarwegen te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken;

  • -

    dat in verkeersbesluiten, ingevolge het bepaalde in artikel 5 van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS), dient te zijn vermeld welke doelstellingen ermee worden beoogd en welke in artikel 3 SVW genoemde belangen aan die besluiten ten grondslag liggen;

  • -

    dat overeenkomstig het bepaalde in artikel 6 van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS) overleg heeft plaatsgevonden met de Regiopolitie Amsterdam/Amstelland, Waterteam, de Nationale Politie, Landelijke Eenheid, Unit Noordwest, Dienst Infra en de stadsdelen Centrum en West;

Gelet op het bepaalde in de artikelen 2, 5 en 6 van de Scheepvaartverkeerswet en de artikelen 2, 5en 6 van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeerswet,

Brengt ter algemene kennis dat hij op 15 september 2016, met het oog het verzekeren van de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer, het instandhouden van scheepvaartwegen en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan en het voorkomen of beperken van schade door het scheepvaartverkeer aan de waterhuishouding, oevers en waterkeringen of werken gelegen in of over scheepvaartwegen, heeft besloten om het besluit van 13 december 1996 (Gemeenteblad, afdeling 3, volgnummer 100) als volgt te wijzigen,

I te bepalen dat in afwijking van het bepaalde in onderdeel I van het besluit d.d. 13 december 1996 voor alle schepen op het binnenwater van Amsterdam een maximum vaarsnelheid geldt van 6 kilometer per uur daar waar tot de inwerkingtreding van dit besluit een maximum vaarsnelheid gold van 7,5 kilometer per uur, met uitzondering van:

a) de volgende hoofddoorvaartroutes:

• de Kostverlorenvaartroute vanaf het Binnen-IJ via het Westerkanaal, de Singelgracht, de Kattensloot, de Kostverlorenvaart, de Schinkel en het Nieuwe Meer naar de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder;

• de Amstelroute, vanaf het Oosterdok via de Schippersgracht, de Nieuwe

Herengracht en de Amstel naar Ouderkerk aan de Amstel

b) de volgende vaarwegen:

• de Ertshaven

• de Entrepothaven

• het Spoorwegbassin

II te bepalen dat de onder I vermelde snelheidsbeperking wordt kenbaar gemaakt door middel van verkeerstekens model B.6 uit bijlage 7 van het Binnenvaartpolitiereglement met daarop de aanduiding ‘6’, die zijn geplaatst aan het begin van en zo nodig langs de vaarwegen waar die snelheid van toepassing is;

III te bepalen dat dit verkeersbesluit in werking zal treden op de eerste dag na publicatie in afdeling 3B van het Gemeenteblad.

De algemeen directeur van de Stichting Waternet,

namens burgemeester en wethouders,

Ir. R.R.Kruize

Bezwaarschrift en voorlopige voorziening

Ingevolge de Algemene Wet Bestuursrecht kan een belanghebbende, binnen zes weken

nadat het bekend is gemaakt, tegen een besluit bezwaar maken door het indienen van

een bezwaarschrift. Bezwaarschrift en tegen het onderhavige besluit dienen gericht te

worden aan Burgemeester en Wethouders van Amsterdam, Amstel 1, postbus 2012,

1000AE Amsterdam. Het bezwaarschrift dient te worden ondertekend en bevat ten minste

de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit

waartegen het bezwaar is gericht, alsmede de gronden van het bezwaar.

Het indienen van een bezwaar heeft geen schorsende werking. Indien onverwijlde spoed

dit vereist kan, hangende de bezwaarschriftenprocedure, een schorsing of andere

voorlopige voorziening worden gevraagd aan de Voorzieningenrechter van de Rechtbank

Amsterdam, afdeling publiekrecht, team bestuursrecht algemeen, Parnassusweg 220,

postbus 75850, 1070 AW Amsterdam. Hieraan zijn griffiekosten verbonden.