Start van deze pagina
Skip navigatie, ga direct naar de Inhoud

Overheid.nl - de wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden.

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Tekstgrootte
+


Jaargang 2015
Nr. 123403

Gepubliceerd op 31 december 2015 09:00



Nadere regels voor de graven, asbezorging en grafbedekking op de gemeentelijke begraafplaatsen

 

Het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland,

 

gelet op de “Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen 2016” voor de gemeente Steenwijkerland, d.d. 8 december 2015;

 

b e s l u i t :

 

vast te stellen de volgende:

 

NADERE REGELS voor de graven, asbezorging en grafbedekking op de gemeentelijke

begraafplaatsen.

 

HOOFDSTUK 1 NADERE REGELS VOOR BEGRAVEN EN ASBEZORGING

Artikel 1 Tijden van begraven en asbezorging

  • 1.

    Op zondagen en algemeen erkende feest- en gedenkdagen vinden geen begravingen alsmede het bijzetten of verstrooien van een asbus plaats.

  • 2.

    De tijd van begraven en asbezorging is:

    • a.

      maandag van 11.00 uur tot 15.00 uur begraven (van 1 oktober tot 1 april) en tot 16.00 uur (van 1 april tot 1 oktober), bijzetting urn vanaf 10.00 uur;

    • b.

      dinsdag tot en met vrijdag van 09.00 uur tot 15.00 uur (van 1 oktober tot 1 april) en tot 16.00 uur (van 1 april tot 1 oktober);

    • c.

      op zaterdag van 09.00 uur tot 15.00 uur (van 1 oktober tot 1 april) en tot 16.00 uur (van 1 april tot 1 oktober).

  • 3.

    Begraven, bijzetten of verstrooien buiten de in lid twee, sub a. en b. bedoelde uren wordt als begraven op buitengewone uren aangemerkt.

  • 4.

    Het college kan in bijzondere gevallen van deze dagen en tijden afwijken. Indien dit zich voordoet, wordt deze tijd als buitengewone tijd aangemerkt.

Artikel 2 Het verstrooien van as

Het verstrooien van de as van overledenen geschiedt:

  • a.

    door de gemeente, desgewenst in het bijzijn van de nabestaanden of

  • b.

    door de nabestaanden zelf, zulks onder toezicht van gemeentewege.

Artikel 3 Indeling begraafplaats en uitgifte der graven en asbestemmingen

  • 1.

    Op de begraafplaatsen Meppelerweg, Steenwijkerwold-Kerkbuurt en Steenwijkerwold–nieuwste gedeelte worden geen nieuwe algemene en particuliere graven meer uitgegeven. Alleen bijzettingen van stoffelijke overschotten en asbussen vinden hier plaats, voor zover hiervoor rechten zijn gereserveerd.

  • 2.

    De gemeente biedt op alle gemeentelijke begraafplaatsen, met uitzondering van de begraafplaatsen genoemd in lid 1, de mogelijkheid om te begraven in algemene graven. Op de begraafplaats te Giethoorn bestaat enkel de mogelijkheid om te begraven in algemene graven.

  • 3.

    De gemeente Steenwijkerland onderscheidt twee wijzen van begraven, te weten het begraven in één laag en het begraven in twee lagen per graf.

  • 4.

    Op de begraafplaatsen Blankenham, Duinhof, Het Thijhof, Kuinre, Oldemarkt, Ossenzijl en Scheerwolde worden de volgende graven onderverdeeld:

    • a.

      algemene graven;

    • b.

      particulier graf met één begraaflaag (ook: dubbelgraf met één begraaflaag of grafkelder met één begraaflaag);

    • c.

      particulier kindergraf, kind 1 tot en met 12 jaar;

    • d.

      particulier babygraf, kind tot 1 jaar;

    • e.

      particulier urnengraf;

    • f.

      particuliere urnennis (m.u.v. Duinhof).

  • 5.

    Op de begraafplaatsen Blokzijl, De Nieuwe Landen, De Voorst, Heetveld, Kallenkote-Oud en Toutenburg worden de volgende graven onderverdeeld:

    • a.

      algemene graven;

    • b.

      particulier graf met twee begraaflagen of grafkelder met twee lagen;

    • c.

      particulier kindergraf, kind 1 tot en met 12 jaar;

    • d.

      particulier babygraf, kind tot 1 jaar;

    • e.

      particulier urnengraf;

    • f.

      particuliere urnennis (m.u.v. Toutenburg).

  • 6.

    De gemeente biedt op alle gemeentelijke begraafplaatsen, m.u.v. Duinhof en Toutenburg, de mogelijkheid om asbussen bij te zetten in particuliere urnennissen van een urnenmuur. Een gemeentelijke urnenmuur is gesitueerd op de kerkelijke begraafplaats te Wanneperveen en een columbarium is gesitueerd op de begraafplaats Meppelerweg.

  • 7.

    Op de begraafplaatsen Het Thijhof en De Nieuwe Landen zijn verstrooiingsplaatsen gesitueerd. Desgewenst kan in overleg met de beheerder ook as worden verstrooid op andere locaties op de gemeentelijke begraafplaatsen. Op De Nieuwe Landen staat een gedenkmuur voor het aanbrengen van naamplaatjes.

Artikel 4 Aantal overledenen en asbussen

  • 1.

    In een particulier graf met één begraaflaag, bestemd voor een persoon ouder dan 12 jaar, kan:

    • a.

      maximaal één lijk worden begraven;

    • b.

      en maximaal één asbus, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, één extra asbus, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 2.

    In een particulier dubbelgraf met één begraaflaag, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, kunnen:

    • a.

      maximaal twee lijken naast elkaar worden begraven;

    • b.

      en maximaal twee asbussen, met of zonder urn, naast elkaar worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, bij iedere grafruimte één extra asbus, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 3.

    In een particuliere dubbele grafkelder met één begraaflaag, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, kunnen:

    • a.

      maximaal twee lijken naast elkaar worden begraven;

    • b.

      en kunnen maximaal twee asbussen, met of zonder urn, bij iedere grafruimte worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, bij iedere grafruimte één extra asbus, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 4.

    In een particulier kindergraf, bestemd voor een kind van 1 tot 12 jaar, kan

    • a.

      maximaal één lijk worden begraven;

    • b.

      en maximaal één asbus, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, één extra asbus, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 5.

    In een particulier babygraf, bestemd voor een kind tot 1 jaar, kan:

    • a.

      maximaal één lijk worden begraven;

    • b.

      en maximaal één asbus, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, één extra asbus, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 6.

    In een particulier graf met twee begraaflagen, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, kunnen:

    • a.

      maximaal twee lijken onder elkaar worden begraven;

    • b.

      en maximaal twee asbussen, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, twee extra asbussen, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 7.

    In een particuliere grafkelder met twee begraaflagen, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, kunnen:

    • a.

      maximaal twee lijken onder elkaar worden begraven;

    • b.

      en kunnen maximaal twee asbussen, met of zonder urn, bij het graf worden bijgezet of verstrooid met de mogelijkheid om, op schriftelijk verzoek, bij de grafruimte tweeextra asbussen, met of zonder urn, bij te zetten of te verstrooien.

  • 8.

    In een particulier urnengraf kunnen maximaal twee asbussen met of zonder urn worden bijgezet.

  • 9.

    In een particuliere urnennis kunnen maximaal twee asbussen met of zonder urn worden bijgezet als de afmeting van de nis het toelaat.

  • 10.

    Het aantal lijken dat in een algemeen graf kan worden begraven is gelijk aan het aantal begraaflagen dat toegepast wordt op de begraafplaats.

Artikel 5 Afmetingen grafoppervlak

De afmetingen van het grafoppervlak van:

  • a.

    een graf, bestemd voor maximaal één persoon ouder dan 12 jaar alsmede een enkel graf met twee begraaflagen onder elkaar, bedragen 2.65 m x 1.10 m;

  • b.

    een dubbelgraf met één begraaflaag, bestemd voor maximaal twee personen ouder dan 12 jaar, bedragen 2.65 m x 2.25 m;

  • c.

    een kindergraf, bestemd voor een kind van 1 tot en met 12 jaar, bedragen 1.80 m x 0.85 m;

  • d.

    een babygraf, bestemd voor een kind jonger dan 1 jaar of een levenloos geborene, bedragen 0.80 m x 0.50 m;

  • e.

    een dubbele grafkelder met één begraaflaag, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, bedragen 2.65 m x 2.65 m;

  • f.

    een grafkelder met twee begraaflagen onder elkaar, bestemd voor twee personen ouder dan 12 jaar, bedragen 2.65 m x 1.25 m;

  • g.

    een urnengraf, bedragen 1.00 m x 1.00 m;

  • h.

    een algemeen graf, bedragen 2.65 m x 1.10 m;

Artikel 6 Grafkelders

  • 1.

    Een vergunning voor het plaatsen van een grafkelder dient van tevoren schriftelijk bij het college te worden aangevraagd, onder overlegging van een duidelijke ontwerptekening op schaal 1:10 en in tweevoud. Op de aanvraag wordt het betreffende grafnummer vermeld.

  • 2.

    Op de ontwerptekening dient tenminste een boven-, voor- en zijaanzicht met alle hoogte-, breedte- , lengte- en diktematen vermeld te worden;

  • 3.

    Het college geeft bericht vanaf wanneer de rechthebbende de grafkelder mag plaatsen. De vergunning wordt geweigerd indien de afmetingen de toegestane afmetingen (artikel 5, sub e. en f.) overschrijden.

  • 4.

    Keldergraven mogen enkel in de daarvoor aangewezen grafvelden geplaatst worden.

  • 5.

    Het is niet toegestaan grafkelders aan te brengen in reeds in gebruik genomen graven waarop grafrechten rusten.

HOOFDSTUK 2 NADERE REGELS VOOR DE GRAFBEDEKKING

Vergunning gedenkteken

Artikel 7 Aanvraag vergunning gedenkteken en ontwerptekening

  • 1.

    Een vergunning voor het plaatsen, aanpassen of vervangen van een gedenkteken dient van tevoren schriftelijk door de rechthebbende bij het college te worden aangevraagd, onder overlegging van een duidelijke ontwerptekening op schaal 1:10 en in tweevoud. Op de aanvraag wordt het betreffende grafnummer vermeld.

  • 2.

    Op de ontwerptekening dient tenminste vermeld te worden:

    • a.

      een boven-, voor- en zijaanzicht met alle hoogte-, breedte-, lengte- en diktematen;

    • b.

      de soort, kleur en bewerking van het te gebruiken materiaal;

    • c.

      de tekst en / of figuratie en de plaatsing daarvan alsmede op welke wijze de lettering wordt aangebracht.

  • 3.

    Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt. De onderdelen moeten vast aan het gedenkteken zijn verbonden.

  • 4.

    Niet toegestaan is het plaatsen, aanbrengen of hebben van:

    • a.

      reclameplaatjes of opschriften van leveranciers of steenhouwers.

  • 5.

    Alle gedenktekens en grafbanden moeten op een duurzame wijze worden gefundeerd waarbij een stabiele constructie voor de duur van de grafrusttermijn wordt gegarandeerd.

  • 6.

    Alle gedenktekens worden door de steenhouwer aan de linker zijkant van het voetstuk onder de letterplaat voorzien van het juiste grafnummer. Bij een dubbele plaat betreffen dit de twee betreffende grafnummers.

  • 7.

    Het college geeft de vergunning af waarna het gedenkteken geplaatst mag worden. De vergunning wordt geweigerd indien de afmetingen van het gedenkteken de toegestane afmetingen overschrijden, het ontwerp niet voldoet aan het gestelde in de beheerverordening begraafplaatsen of de daarbij behorende nadere regels of wanneer het gedenkteken gebruikt zal worden om graven samen te voegen die daarvoor niet in aanmerking komen.

  • 8.

    Voor het aanbrengen van een tweede, derde of vierde inscriptie op het gedenkteken bestaat een vergunningsplicht.

Artikel 8 Voorwaarden aan afmetingen gedenktekens

  • 1.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier graf voor één persoon ouder dan 12 jaar, alsmede een enkel graf met twee begraaflagen onder elkaar, bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

180 x 90 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

190 x 90 x 15 cm.

  • 2.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier dubbelgraf met één begraaflaag, voor maximaal twee personen ouder dan 12 jaar, bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

180 x 180 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

190 x 180 x 15 cm.

  • 3.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier kindergraf voor een kind van 1 tot 12 jaar bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

90 x 70 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

120 x 70 x 15 cm.

  • 4.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier babygraf voor een kind tot 1 jaar bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

90 x 70 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

120 x 70 x 15 cm.

  • 5.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier dubbel keldergraf met één begraaflaag, voor twee personen ouder dan 12 jaar, bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

180 x 180 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

220 x 220 x 15 cm.

  • 6.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een particulier keldergraf met twee begraaflagen onder elkaar voor twee personen ouder dan 12 jaar, bedraagt:

 

 

 

- staand gedenkteken (hxbxd):

180 x 100 x 15 cm;

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

220 x 100 x 15 cm.

  • 7.

    De maximale afmeting van een aan te brengen gedenkteken op een urnengraf, bedraagt:

 

 

 

- liggend gedenkteken (lxbxd):

80 x 60 x 15 cm.

  • 8.

    De in de lid 1 tot en met 7 genoemde diktematen van 15 cm zijn maximale maten. De minimale diktemaat voor de gedenktekens bedraagt 5 cm. Daar waar afwijking gewenst is, moet voorafgaand aan de vergunningsaanvraag overlegd worden met de beheerder.

  • 9.
    • a.

      De afmetingen van een afsluitplaat voor een urnennis op de begraafplaats aan de Meppelerweg in een urnenmuur worden ter plaatse door de steenhouwerij opgenomen en hebben een dikte van minimaal 12 mm, maximaal 35 mm.

    • b.

      De afmetingen van een afsluitplaat voor een urnennis in de andere urnenmuren bedragen (lxb) 50 x 43 cm en hebben een dikte van minimaal 12 mm, maximaal 35 mm.

     

  • 10.

    Aan de gedenkmuur kan, op verzoek van de nabestaande, door de gemeente voor de duur van 5, 10, 20, 30 of 40 jaar jaar een naamplaat worden aangebracht. Deze termijn kan, indien gewenst, na afloop met 5, 10, 15 of 20 jaar worden verlengd.

Uitvoering geven aan werkzaamheden

Artikel 9 Tijdstip van plaatsing

  • 1.

    Het tijdstip van plaatsing van het gedenkteken dient tenminste twee werkdagen van tevoren kenbaar gemaakt te worden aan de beheerder. In overleg met de beheerder wordt bepaald wanneer en onder welke voorwaarden de werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd. Eventuele aanwijzingen dienen stipt te worden opgevolgd.

  • 2.

    Het plaatsen van de gedenktekens dient plaats te vinden tijdens openingstijden mits geen begrafenis of asbezorging plaatsvindt.

  • 3.

    De uitgevoerde werkzaamheden dienen ter goedkeuring te worden gemeld bij de beheerder dan wel het daartoe aangewezen personeel. Eventueel geconstateerde onvolkomenheden of gebreken dienen alsnog te worden uitgevoerd of verholpen.

Artikel 10 Verwijderen en herplaatsen grafbedekking

Met uitzondering van het bijzetten van asbussen in een urnennis moeten, voor zover nodig, voor het

bijzetten van een lijk of een asbus in een particulier graf, grafbedekkingen twee dagen voor de

bijzetting door of namens de rechthebbende worden verwijderd en later worden herplaatst.

Artikel 11 Aanbrengen van voorwerpen

  • 1.

    Alleen op een particulier graf kunnen potplanten en bloemen in vazen alsmede beelden of andere losse voorwerpen worden geplaatst. Op alle graven is het toegestaan losse bloemen te leggen.

  • 2.

    Voor een particulier urnennis geldt dat bloemen, potplanten en andere losse voorwerpen alleen op de daarvoor bestemde locatie mogen worden geplaatst.

  • 3.

    Het is verboden zelf voorwerpen nagelvast aan de urnenmuur of onderdelen daarvan te bevestigen.

Artikel 12 Afmetingen beplanting zoals in verordening genoemd

  • 1.

    De oppervlakte van een particulier graf kan door de rechthebbende van het graf worden beplant met beplantingen. Het gebruik van bomen, struikrozen en klimplanten is hierbij niet toegestaan.

  • 2.

    De beplanting mag, ook bij volle wasdom, de voor de grafbedekking beschikbare oppervlakte, zoals in artikel 5 is beschreven, niet overschrijden of moet door snoei binnen de gestelde proporties worden gehouden. De gewassen mogen niet hoger zijn dan 150 cm.

  • 3.

    Gewassen die overhangen of de in dit artikel genoemde hoogte overschrijden, kunnen van gemeentewege verwijderd worden, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is. Dit geldt ook voor afgestorven beplanting.

  • 4.

    Voor, achter of terzijde van een graf mogen geen beplantingen worden aangebracht.

Artikel 13 Verwijdering grafbedekking zonder vergunning

Indien en voor zover de gemeente overgaat tot het verwijderen van zonder vergunning of in afwijking

van deze verordening aangebrachte grafbedekkingen of voorwerpen, zal deze gedurende acht

weken ter beschikking van de rechthebbende worden gehouden. Na verloop van deze termijn zullen

de verwijderde zaken aan de gemeente vervallen zonder dat tot enige aanspraak op vergoeding, in

welke vorm of onder welke naam dan ook over hoeft te worden gegaan.

Artikel 14 Afval en beschadigingen

  • 1.

    Alle sporen van afval, ontstaan tengevolge van werkzaamheden op of aan de grafbedekkingen door of namens rechthebbenden of gebruikers dienen van de begraafplaats te worden meegenomen.

  • 2.

    Beschadigingen, ontstaan tengevolge van werkzaamheden door of namens rechthebbenden of gebruikers op of aan de grafbedekkingen moeten binnen een termijn van acht weken worden hersteld.

HOOFDSTUK 3 SLOTBEPALINGEN

Artikel 15 Beslissingsbevoegdheid

In de gevallen waarin deze nadere regels niet voorzien of in geval van verschil van mening over de

uitleg van haar bepalingen, beslist het college.

Artikel 16 Citeertitel

  • 1.

    Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als: “Nadere regels voor de gemeentelijke begraafplaatsen 2016”.

  • 2.

    Deze verordening treedt op de eerste dag na bekendmaking in werking.

  • 3.

    De oude nadere regels worden ingetrokken bij inwerkingtreding van deze nadere regels, met dien verstande dat alle voorgaande nadere regels van kracht blijven op de grafrechten die daaraan onderhevig waren.

 

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in haar vergadering van 27 oktober 2016.

 

De secretaris, drs. S.S. Weistra

 

De burgemeester, M.A.J. van der Tas

 

 

 

Artikelsgewijze toelichting op de nadere regels voor de graven, asbezorging en grafbedekking

Artikel 1 Tijden van begraven en asbezorging

Artikel 35 van de wet op de lijkbezorging: “Tenminste elke dag welke geen zondag of algemeen erkende feestdag is, wordt gelegenheid tot begraven gegeven gedurende een redelijke tijd, bij gemeentelijke verordening te bepalen.”

Er zijn gevallen denkbaar waarin de nabestaanden er een belang bij hebben om op een zon- of feestdag een begrafenis of asbezorging te kunnen doen plaatshebben. In de praktijk is het mogelijk om de begraafplaats alleen in bijzondere gevallen hiervoor open te stellen.

Een bijzonder geval kan zich voordoen als de burgemeester toestemming heeft gegeven om een lijk binnen 36 uur te begraven. Sommige nabestaanden vragen deze toestemming om godsdienstige redenen.

De gemeente moet van maandag tot en met zaterdag gelegenheid geven tot het begraven op de gemeentelijke begraafplaats, gedurende een redelijke tijd. Op maandagmorgen en de dag na een algemeen erkende feestdag kan pas begraven worden na 11.00 uur in verband met het voorbereiden en delven van het graf. De zaterdag is aangemerkt als buitengewone dag voor begraven, evenals de uren buiten de in het artikel genoemde tijden. Voor het begraven op zondagen en algemeen erkende feestdagen bestaat er geen verplichting tot het gelegenheid geven tot begraven.

 

Vijfde lid: Om het begraven dan wel het bezorgen van as op zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag te beperken, worden hiervoor in de heffingsverordening hogere tarieven opgenomen. Voor deze dagen zal de gemeente immers met hogere arbeidskosten worden geconfronteerd. Hier kan een vergelijking worden gemaakt met het crematorium die ook voor de zaterdagen een hoger tarief hanteert.

 

Zesde lid: Joodse begrafenissen vinden niet plaats op de sabbat. Moslims worden binnen 36 uur begraven. Het Nederlands-Israëlitisch kerkgenootschap en ook de Moslimgemeenschap heeft er daarom belang bij dat de begraafplaatsen op zon- en feestdagen voor een begrafenis kunnen worden opengesteld. Daarnaast zijn er ook andere gevallen denkbaar waarin de nabestaanden er een belang bij hebben om op een zon- of feestdag een begrafenis of asbezorging te kunnen doen plaatshebben. In de praktijk is het mogelijk om de begraafplaats alleen in bijzondere gevallen hiervoor open te stellen.

Artikel 2 Het verstrooien van as

Om er op toe te zien dat as met toestemming van de gemeente en op de juiste wijze wordt verstrooid, is altijd de beheerder aanwezig.

Artikel 3 Indeling begraafplaats en uitgifte der graven en asbestemmingen

Binnen de gemeente zijn 16 begraafplaatsen gelegen en is er tevens een urnenmuur in gebruik op een bijzondere begraafplaats. Middels dit artikel is bepaald welke bijzonderheden er per begraafplaats gelden, welke specifieke diensten op bepaalde begraafplaatsen worden aangeboden en welke typen graven er op de begraafplaatsen worden uitgegeven.

Artikel 4 Aantal overledenen en asbussen

Het college stelt met deze nadere regels vast hoe diep mag worden begraven. Per begraafplaats is middels artikel 3 al bepaald tot welke begraaflagen begraven mag worden. Middels dit artikel wordt per graftype bepaald hoeveel lijken en asbussen begraven of bijgezet mogen worden.

Artikel 5 Afmetingen grafoppervlak

De rechthebbenden zijn in principe verantwoordelijk voor het onderhoud van het grafoppervlak. Middels dit artikel is bepaald welk oppervlak dit per graftype is. De afmetingen van een eventueel te plaatsen gedenkteken vallen hier niet onder: deze zijn in artikel 8 genoemd.

Artikel 6 Grafkelders

De gemeente biedt de mogelijkheid om grafkelders te doen aanbrengen in graven. Het college heeft hiervoor nadere regels vastgesteld. Zo dient er, net als bij het plaatsen van een gedenkteken, een vergunning te worden aangevraagd. Om te voorkomen dat rechthebbenden een grafkelder aan kunnen brengen in een graf waarin al eerder is begraven, is lid 5 opgenomen.

Artikel 7 Aanvraag vergunning gedenkteken en ontwerptekening

In dit artikel staat aangegeven aan welke voorwaarden moet worden voldaan bij de aanvraag van een vergunning om een gedenkteken te mogen plaatsen. Het college geeft bericht wanneer het gedenkteken geplaatst mag worden.

Niet het materiaal dat gebruikt wordt voor de gedenktekens is bepalend maar de duurzaamheid van de materialen en de toepassing ervan is doorslaggevend. Dit houdt in dat meerdere, uiteenlopende materialen mogen worden gebruikt als grafbedekking wat positief is voor de rechthebbende die een individuele, afwijkende grafsteen wil plaatsen. De gemeente komt zo tegemoet aan de wens die leeft bij veel nabestaanden om een eigenzinnig en uniek gedenkteken aan te mogen brengen zonder dat de kwaliteit en de duurzaamheid in het geding komt.

Voor het aanbrengen van een tweede, derde of vierde inscriptie op een reeds geplaatst gedenkteken is een vergunning nodig. Hiervoor hoeven echter geen leges te worden betaald. Ook voor de aanpassing van een monument is een vergunning nodig. Als de wijzigingen binnen de eerder vergunde maatvoering passen en voldoen aan de gestelde voorwaarden, geldt hiervoor een bijzonder tarief.

Artikel 8 Voorwaarden aan afmetingen gedenktekens

Deze maatvoeringen zijn erop gericht om kaders te stellen waarbinnen een vrijere invulling van de grafbedekking kan plaatsvinden. Per graftype zijn de voorwaarden aan de minimale en maximale afmetingen gegeven.

Ook de in lid 10 genoemde naamplaten kunnen in variabele uitgiftetermijnen worden geplaatst en verlengd. De gemeente brengt de platen aan.

Artikel 9 Tijdstip van plaatsing

Dit artikel is opgenomen om er zeker van te zijn dat de beheerder op de hoogte is van de aanstaande plaatsing van het gedenkteken en hierbij aanwezig kan zijn, mede vanwege het gestelde onder artikel 7 van deze toelichting. Het artikel spreekt voor zich, het biedt de beheerder de mogelijkheid om op te treden tegen steenhouwers die afwijken van de beheerverordening.

Artikel 10 Verwijderen en herplaatsen grafbedekking

Dit artikel behoeft geen nadere uitleg.

Artikel 11 Aanbrengen van voorwerpen

Dit artikel gaat in op de mogelijkheid om losse voorwerpen aan te brengen op de graven. Er wordt duidelijk onderscheid gemaakt tussen wat een los voorwerp is, namelijk een voorwerp dat niet duurzaam aan het grafoppervlak is verbonden, en wat geen los voorwerp is. In het kader van netheid is het alleen toegestaan om bossen bloemen, kransen en andere losse voorwerpen op de daarvoor aangewezen plekken te plaatsen. Zelf voorwerpen aan urnenmuren of onderdelen daarvan bevestigen is niet toegestaan.

Artikel 12 Afmetingen beplanting zoals in verordening genoemd

Naast de afmetingen van de gedenktekens zijn ook de afmetingen van de grafbeplanting van belang. Om overgroeien van grafbedekkingen te voorkomen is de regel opgenomen dat de grafbeplanting de voor het particulier graf beschikbare oppervlakte en hoogte niet mag overschrijden dan wel door snoei binnen de gestelde proporties moet worden gehouden. Aan dit artikel zijn maatregelen verbonden.

Artikel 13 Verwijdering grafbedekking zonder vergunning

Dit artikel spreekt voor zich. Het geeft de gemeente meer armslag om te beschikken over zonder vergunning geplaatste grafbedekkingen.

Artikel 14 Afval en beschadigingen

Een nadrukkelijke bepaling waarin gesteld wordt dat eenieder die afval produceert door werkzaamheden op de begraafplaats, dit afvoert van de begraafplaats en dit niet stort op de voor (groen)afval bestemde verzamelpunten op de begraafplaats.

De termijn voor het herstellen van beschadigingen die tengevolge van de werkzaamheden zijn veroorzaakt is acht weken. Indien door de rechthebbende of de gebruiker geen gehoor wordt gegeven aan deze bepaling kan de gemeente stappen ondernemen voor het in verzuim blijven van een op grond van deze verordening op hem rustende verplichting.

Artikel 15 Beslissingsbevoegdheid

Dit artikel spreekt voor zich.

Artikel 16 Citeertitel

Dit artikel spreekt voor zich.

Inhoudsopgave


SnelzoekenInfo

Snelzoeken
U kunt dit veld gebruiken om te zoeken op
–een vrije zoekterm voor het zoeken op tekst (bijvoorbeeld "milieu")
–een betekenisvolle zoekterm voor het zoeken naar specifieke publicaties (bijvoorbeeld dossiernummer '32123' of 'trb 2009 16').
U kunt termen combineren door EN te zetten tussen de termen (blg 32123 EN milieu).
U kunt zoeken op letterlijke tekst door '' om de term te zetten. ('appellabele toezeggingen').

Voor meer mogelijkheden en uitleg verwijzen wij u naar de help-pagina's van Officiële bekendmakingen op overheid.nl