Subsidieregeling instrumentaal en vocaal muziekonderwijs Drechterland 2014
Het college van burgemeester en Wethouders van de gemeente Drechterland;
overwegende dat het gewenst is om, conform de ‘startnotitie herijking muziekonderwijs gemeente Drechterland’, het volgen van actief instrumentaal en vocaal muziekonderwijs door de jeugd van de gemeente Drechterland te subsidiëren.
gelet op artikel 2, eerste lid en artikel 3, tweede lid, van de Algemene subsidieverordening Drechterland.
 
Besluit vast te stellen de volgende regeling:
 
Subsidieregeling instrumentaal en vocaal muziekonderwijs Drechterland 2014
 
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
  • a.
    Algemene subsidieverordening: Algemene subsidieverordening Drechterland, afgekort: ASV;
  • b.
    Tendersysteem: Een verdeelsysteem voor het verlenen van subsidies waarbij de ingediende aanvragen onderling met elkaar worden vergeleken en vervolgens gerangschikt op basis van een aantal (van tevoren opgestelde) criteria;
  • c.
    Muziekonderwijs: erkende muziekopleidingen die voldoen aan de richtlijnen en kwaliteitseisen voor instrumentale muziekopleidingen (KunstKeur), of zoals onder meer vastgelegd in het ‘Raamleerplan voor de HaFaBra-sector’, alsmede daarmee naar inhoud en kwaliteit vergelijkbare opleidingen voor niet-HaFaBra muziekinstrumenten (zoals gitaar, piano, viool, e.d.);
  • d.
    Gekwalificeerde docenten: docenten waarvan de kwalificatie voor het geven van muziekles blijkt uit het feit dat ze succesvol de eerste opleidingsfase (bachelor) van het conservatorium hebben afgerond, dan wel dat ze beschikken over een daarmee gelijk te stellen kwalificatie op tenminste HBO werk- en denkniveau;
  • e.
    Eigen bijdrage: Het percentage van de kosten voor het muziekonderwijs dat de aanbieder (muziekvereniging of muziekschool) zelf draagt, bijvoorbeeld door middel van een lesgeldbijdrage van de leerlingen zelf.
Artikel 2 Toepassingsbereik
Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college van burgemeester en wethouders voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten.
 
Artikel 3 Doel van deze regeling
Het doel van deze regeling is om zoveel mogelijk kinderen in de leeftijd van 8 tot en met 21 jaar kennis te laten maken met het bespelen van een muziekinstrument en ze daarnaast de mogelijkheid te bieden zich hierin verder te bekwamen.
 
Artikel 4 Activiteiten en doelgroep die voor subsidie in aanmerking komen
Op grond van deze regeling kan uitsluitend subsidie worden verstrekt voor het door gekwalificeerde docenten geven van instrumentaal en vocaal muziekonderwijs aan leerlingen in de leeftijd van 8 (peildatum 1 januari van het betreffende kalenderjaar) tot en met 21 jaar (peildatum 1 januari van het betreffende kalenderjaar) plus bijbehorende samenspelmogelijkheden en optredens.
 
Artikel 5 Doelgroep van deze subsidieregeling
  • 1.
    Subsidie op grond van deze regeling wordt uitsluitend verstrekt aan muziekverenigingen en -instellingen zonder winstoogmerk, waarvan het doel van de activiteiten is gelegen op het vlak van muziekbeoefening dan wel op het vlak van muzikale vorming.
  • 2.
    De door hen verzorgde muziekopleidingen dienen open te staan voor een ieder die behoort tot de doelgroep, zoals die in artikel 4 is gedefinieerd.
Artikel 6 Weigeringgronden
Onverminderd het bepaalde in artikel 12 ASV wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:
  • a.
    de activiteiten gericht zijn op leerlingen jonger dan 8 jaar of ouder dan 21 jaar;
  • b.
    de activiteiten niet (voldoende) bijdragen aan het doel van deze subsidieregeling;
  • c.
    de aanvrager een winstoogmerk heeft;
  • d.
    er reeds subsidie is verleend voor dezelfde activiteiten met uitzondering van het gestelde in artikel 8 en 11 van de subsidieregeling ‘instellingen op het terrein van kunst en cultuur Drechterland’.
Artikel 7 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
  • 1.
    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar ons oordeel noodzakelijk zijn voor het bieden van muziekonderwijs, samenspelmogelijkheden en optredens.
  • 2.
    Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten voor overhead (incl. huisvesting) en bedrijfsvoering.
Artikel 8 Berekening van de subsidie
De subsidie bedraagt een percentage (maximaal 40%) van de subsidiabele kosten bij het voldoen aan zoveel mogelijk voorwaarden, zoals gesteld onder artikel 9 lid 2. Bij het voldoen aan minder voorwaarden gaat het percentage aan subsidie naar beneden. De exacte percentages worden bepaald als alle subsidieaanvragen voor deze regeling ontvangen zijn en de tender is toegepast.
 
Artikel 9 Verdeling van het subsidieplafond
De subsidie wordt verdeeld op basis van een tendersysteem:
  • 1.
    Indien honorering van alle aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen en die niet worden geweigerd op grond van artikel 12 ASV of artikel 6 van deze regeling, zou leiden tot een overschrijding van het subsidieplafond, rangschikken wij de aanvragen op basis van een prioriteitenlijst.
  • 2.
    De volgorde op deze lijst wordt in aflopend gewicht bepaald door de volgende criteria:
    • a.
      Er wordt samengewerkt tussen minimaal twee partners m.b.t. het muziekonderwijs met name op het gebied van samenspel en optredens;
    • b.
      Er worden, bijvoorbeeld via projecten, verbindingen gelegd met andere kunstdisciplines;
    • c.
      De subsidieaanvraag draagt bij aan het in stand houden van een breed en gevarieerd aanbod qua instrumentarium in het muzikale veld;
    • d.
      De hoeveelheid uitval (hoeveel deelnemers bij de start en aan het eind);
    • e.
      Er wordt innoverend, flexibel en ondernemend gewerkt (zie voor uitleg het invuldocument);
    • f.
      Een zo hoog mogelijke eigen bijdrage in de kosten van het muziekonderwijs en de samenspelmogelijkheden en optredens (prijs-kwaliteitverhouding).
  • 3.
    De aanvragen worden door ons gehonoreerd naar de volgorde op de prioriteitenlijst.
Artikel 10 Procedurebepalingen
  • 1.
    Voor de eerste twee jaren (2014 & 2015) waarin deze subsidieregeling in werking treedt geldt een afwijkende indieningtermijn;
  • 2.
    Er is sprake van de subsidiesoort ‘waarderingssubsidie’;
  • 3.
    Subsidieaanvragen op grond van deze subsidieregeling dienen voor het subsidiejaar 2014 vóór 1 oktober 2014 door ons te zijn ontvangen;
  • 4.
    Subsidieaanvragen op grond van deze subsidieregeling dienen voor het subsidiejaar 2015 vóór 1 oktober 2014 door ons te zijn ontvangen;
  • 5.
    Aanvragen tot vaststelling dienen te geschieden conform het gestelde in artikel 20 ASV.
Artikel 11 Beslistermijn
  • 1.
    Het college van burgemeester en wethouders beslist over de aanvragen voor het subsidiejaar 2014, in afwijking van artikel 18 lid 4 ASV, binnen 8 weken nadat de volledige aanvraag om subsidie in ingediend;
  • 2.
    Voor de subsidieaanvragen voor het jaar 2015 beslist het college conform artikel 18 lid 4 ASV.
Artikel 12 Slotbepalingen
  • 1.
    Deze regeling treedt in werking op 1 september 2014;
  • 2.
    Deze regeling vervalt op 31 december 2014;
  • 3.
    Anderhalf jaar na inwerkingtreding van deze regeling (ervan uitgaande dat deze voor het subsidiejaar 2015 verlengd wordt) wordt de werking van deze regeling geëvalueerd;
  • 4.
    Het subsidieplafond voor deze regeling in 2014 bedraagt € 12.838,-;
  • 5.
    De regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling instrumentaal en vocaal muziekonderwijs Drechterland 2014.
 
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Drechterland op 22 juli 2014.
 
Naar boven