Gemeenteblad van Soest
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Soest | Gemeenteblad 2014, 40512 | Beleidsregels |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Soest | Gemeenteblad 2014, 40512 | Beleidsregels |
Datum: 08 april 2014
Opsteller: M.T. Spaude-Veldkamp
Beleidsregels voor de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest
(behorende bij de “verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest”)
Het gemeentebestuur van Soest;
Gelet op de “Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest” besluit vast te stellen de volgende:
- De “beleidsregels voor de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest”, ingangsdatum 1 juli 2014.
De “Algemene uitvoeringsregels voor grafbedekkingen op de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest, ingangsdatum 1 januari 2010” worden ingetrokken.
Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen
Voor de toepassing van deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a.begraafplaats(en): de gemeentelijke algemene begraafplaatsen in de woonkernen Soest en Soesterberg (respectievelijk Veldweg en Kampdwarsweg);
b.bestuursorgaan: college van burgemeester en wethouders;
c.beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaatsen. De beheerder is bevoegd namens het college de in óf krachtens de verordening bedoelde grafrechten te vestigen;
d.opzichter: de ambtenaar die op de begraafplaatsen toezicht houdt en de dagelijkse werkzaamheden op de begraafplaats coördineert en begeleidt;
e.rechthebbende: de natuurlijke persoon óf rechtspersoon, die het uitsluitend recht heeft verkregen tot het doen begraven of het doen bijzetten in een particulier (kind)graf of urnengraf. De natuurlijke persoon óf rechtspersoon, die het gebruikrecht heeft verkregen tot het doen bijzetten van asbussen in een urnennis;
f.belanghebbende: de natuurlijke óf rechtspersoon, aan wie het gebruik van een ruimte in een algemeen graf is verleend;
g.particulier graf: een graf, ten aanzien waarvan het uitsluitend recht is verleend aan een natuurlijk óf rechtspersoon (de rechthebbende), tot het daarin doen begraven en begraven houden van twee lijken, en/of het doen bijzetten van een asbus (met of zonder urn). Een particulier graf wordt uitgegeven voor een periode van 20 jaar, waarna telkenmale een verlenging mogelijk is van 10 jaar;
h.algemeen graf: algemene graven worden niet uitgegeven, het bestuursorgaan geeft alleen gelegenheid tot het doen begraven van een lijk voor een periode van 10 jaar. Er is geen verlenging van grafrecht mogelijk. Het bestuursorgaan bepaalt wie in het graf wordt begraven. Het graf blijft op naam staan van de gemeente;
i.urnengraf: een graf, ten aanzien waarvan het uitsluitend recht is verleend aan een natuurlijk óf rechtspersoon, tot het daarin doen bijzetten en bijgezet houden van vier asbussen, met of zonder urnen, bevattende de as van overledenen. Een urnengraf wordt uitgegeven voor een periode van 10 jaar, waarna telkenmale een verlenging mogelijk is van 10 jaar;
j.urnennis: een nis, ten aanzien waarvan het gebruikrecht is verleend aan een natuurlijk óf rechtspersoon, tot het daarin doen bijzetten en bijgezet houden van twee asbussen met of zonder urnen, bevattende de as van een overledene. Een urnennis wordt uitgegeven voor een periode van 10 jaar, waarna telkenmale een verlenging mogelijk is van 10 jaar;
k.Algemeen gedenkteken: een gedenkteken waar eenieder een overleden dierbare kan herdenken.
l.solitaire urnennis: een vrijstaande natuurstenen urnennis;
m.columbarium: de ronde natuurstenen urnenmuren met daarin urnennissen in vak 5 op de begraafplaats aan de Veldweg te Soest;
n.particulier kindgraf: een graf, ten aanzien waarvan het uitsluitend recht is verleend aan een natuurlijk óf rechtspersoon, tot het doen begraven en begraven houden van levenloos geboren kinderen, alsmede van overleden kinderen tot 6 jaar of een asbus bevattende de as van levenloos geboren kinderen, alsmede van overleden kinderen tot 6 jaar;
o.grafbedekking: gedenktekens en/of grafbeplanting;
p.gedenkteken: voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren, ook wel monument genoemd;
q.grafbeplanting: beplanting welke door de rechthebbende of belanghebbende op een graf wordt aangebracht;
r.duurzame materialen: vaste, niet buigzame materialen van (vorstbestendig) natuursteen, standaard blank floatglas minimaal 15 mm dik, gefused artglas minimaal 15 mm dik, door en door gekleurd floatglas minimaal 10 mm dik, keramiek of metaal, welke van nature of middels een daartoe speciale behandeling weerbestendig zijn, niet breukgevoelig en welke bestaan uit één geheel en waarvan de praktische toepasbaarheid zoals opnemen, verplaatsen en dergelijke gewaarborgd is;
s.ornament: een compositie of versieringselement, dat tot doel heeft een voorwerp of delen daarvan te versieren. Een ornament dient bevestigd te zijn aan het monument. Een ornament van glas, dient gemaakt te zijn van gefused artglas, met een dikte van minimaal 9 mm;
t.asbus: een bus ter berging van de as van een overledene. Op de bus worden de naam en de voorletters van de overledene, alsmede een registratienummer, vermeld;
u.strooiveld: een permanent daartoe bestemde plaats waarop as wordt verstrooid;
Hoofdstuk 2 Indeling begraafplaats en onderscheid graven
1.Op de begraafplaats aan de Veldweg te Soest is in vak 5 een algemeen gedenkteken geplaatst met de tekst: “Groot is de leegte die zij achterlieten. Mooi zijn de herinneringen die blijven”. Hier kan eenieder een overleden dierbare herdenken en eventueel bloemen plaatsen.
2.Alle graven, behalve gereserveerde graven, worden uitgegeven slechts voor directe begraving en aansluitend op de reeds uitgegeven graven.
3.Het bestuursorgaan behoudt zich het recht voor een particulier graf toe te wijzen, anders dan voor directe begraving en aansluitend op de reeds uitgegeven graven, indien dit wegens de situatie op de begraafplaatsen niet bezwaarlijk is.
4.Het bestuursorgaan behoudt zich het recht voor de indeling van de begraafplaats, de bestemming van de urnenmuren, de gravenvelden en het onderscheid in graven vast te stellen en te wijzigen.
5.In een algemeen graf worden maximaal drie lijken begraven.
Hoofdstuk 3 Openstelling, plechtigheden, gebouwen en muziekinstallatie
1.Openstelling: de standaard tijd ter beschikking van een begrafenis, bijzetting van een asbus of verstrooiing van as is 60 minuten. De tijd gaat in vanaf het gereserveerde tijdstip. Bij overschrijding van die 60 minuten, wordt er een extra tarief in rekening gebracht per aangevangen uur.
2.Plechtigheden: Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaatsen moeten minimaal vijf dagen van tevoren schriftelijk worden gemeld aan de beheerder, onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden.
3.Gebouwen en muziekinstallatie (alléén Veldweg Soest): Het gebruik van de aula alsmede van de muziekinstallatie moet uiterlijk 48 uur voorafgaande aan de dag waarop van de aula gebruik zal worden gemaakt, worden aangevraagd bij de beheerder. Te draaien muziek, moet minimaal om 12:00 uur op de dag voorafgaande aan de dag waarop de begrafenis plaatsvindt, beschikbaar worden gesteld op de begraafplaats.
Hoofdstuk 4 Vereisten voor begraving of bijzetting
1.De rechthebbende of belanghebbende die wil doen begraven, een asbus wil doen bijzetten of wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk twee werkdagen voorafgaande aan de dag waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, uiterlijk om 12.00 uur schriftelijk (digitaal) kennis aan de beheerder. Zaterdag, zondag en officiële feestdagen gelden niet als werkdag.
2.Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen, mag uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de opzichter. De nabestaanden kunnen deze werkzaamheden op aanwijzingen en onder toezicht van de opzichter geheel of gedeeltelijk zelf verrichten, indien zij hun wens daartoe uiterlijk vóór 12.00 uur van de voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de beheerder kenbaar hebben gemaakt. Zaterdag, zondag en officiële feestdagen gelden niet als werkdag.
Hoofdstuk 5 Grafkelders
1.De vergunning voor de grafkelder wordt tegen het in de tariefsverordening vastgestelde bedrag afgegeven. Er wordt alleen toestemming gegeven voor het plaatsen van ondergrondse keldergraven.
2.De rechthebbende moet hiervoor een schriftelijke aanvraag indienen. De aanvraag moet minimaal 8 weken voor plaatsing van de grafkelder aan de begraafplaatsadministratie gestuurd worden (gemeente Soest, afdeling dienstverlening, postbus 2000, 3760 CA te Soest of digitaal naar begraafplaatsadministratie@soest.nl).
3.Op de aanvraag dienen tenminste de navolgende gegevens vermeld te worden:
•het grafnummer en de naam van de rechthebbende;
•lengte, breedte en hoogte van de kelder;
•materiaal van de kelder.
4.De grafkelder moet ruim van te voren geplaatst worden, deze kan niet geplaatst worden tegelijkertijd met een bijzetting in het graf.
5.Toegestaan als grafkelder is een ZVB-beton kelder of een Prefab betonnen bak met of zonder bodem, waar maximaal 3 kisten - boven elkaar - in worden geplaatst. De kelder, biedt ruimte voor maximaal 3 overledenen. Grafkelders mogen uitsluitend worden geplaatst in particuliere graven.
6.De rechthebbende op het graf draagt zelf het risico van schade aan de kelder. Ook draagt de rechthebbende zelf het risico als de kelder niet deugdelijk is, maar ook als deze verkeerd is geplaatst.
7.De constructie van een grafkelder is zodanig, dat lucht tot de grafruimte kan toetreden en hieruit ook afgevoerd kan worden. De afvoer van lucht uit de grafruimte geschiedt op zodanige wijze, dat daarvan geen hinder kan worden ondervonden (conform artikel 7 van het besluit op de lijkbezorging).
8.De kelder dient een stukje boven het maaiveld uit te steken. De kelder mag niet volgestort worden met zand, omdat er voldoende zuurstof rondom de kist aanwezig moet zijn om lijkvertering binnen tien jaar mogelijk te maken. Met het plaatsen van de grafkelder moet er rekening gehouden worden met de grondwaterstand. Als de bodem van de grafkelder zich beneden de gemiddeld hoogste grondwaterstand bevindt moet de bodem vloeistofdicht worden uitgevoerd.
9.De maximale afmeting van de grafkelder: lengte 240 cm en breedte 100 cm. De hoogte is afhankelijk van het aantal inzetten.
10.Bij een kelder voor meer dan 1 persoon dienen de afsluitplaat/platen voor de tussenlaag/lagen te worden bijgeleverd om een volgende inzet te kunnen laten plaatsvinden.
11.Mocht de rechthebbende van een graf met grafkelder komen te overlijden, dan dient een nieuwe rechthebbende zich binnen een jaar te hebben aangemeld. Is aan deze voorwaarden niet voldaan, dan vervallen alle rechten aan het bestuursorgaan (zie artikel 19 3. en 4. van de verordening gemeentelijke begraafplaatsen Soest). Het bestuursorgaan is dan bevoegd om het graf te ruimen en de grafkelder opnieuw uit te geven mits de wettelijke grafrusttermijn van 10 jaar is verstreken.
12.Indien het grafrecht vervalt door het verlopen van de termijn waarvoor het recht is verleend of de rechthebbende afstand doet van het grafrecht, vindt geen vergoeding plaats van kosten van aanschaf of plaatsing van de grafkelder. Het bestuursorgaan is dan bevoegd om het graf te ruimen en de grafkelder opnieuw uit te geven mits de wettelijke grafrusttermijn van 10 jaar is verstreken.
Hoofdstuk 6 Tarieven
1.De toegepaste tarieven voor de rechten voor de uitgifte van (urnen-)graven en urnennissen, rechten voor het begraven, opgraven en herbegraven, rechten voor bijzetten en bijgezet houden van asbussen en verstrooiing van as, rechten voor het onderhoud van graven en overige rechten, worden jaarlijks vastgesteld door de gemeenteraad en openbaar gemaakt in de tarievenlijst behorende bij de “Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten”.
2.Daarbij wordt tevens aangegeven, wanneer of binnen welke termijn de betreffende kosten voldaan moeten zijn, met de daaraan gekoppelde consequenties.
3.De vastgestelde tarieven worden in rekening gebracht, ongeacht welke handelingen men zelf uitvoert ter zake het (urnen-)graf, de urnennis of de asverstrooiing.
Hoofdstuk 7 Overgang grafrecht en verlenging grafrecht
1.Na het overlijden van de rechthebbende of belanghebbende kan het grafrecht of recht op urnennis worden overgeschreven op naam van de eerste belanghebbende van het graf die zich meldt, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen 1 jaar na overlijden van de rechthebbende of belanghebbende.
2.Indien de rechthebbende van een urnennis óf een urnengraf de uitgiftetermijn niet wenst te verlengen of voortijdig afstand doet, dan dient de rechthebbende de asbus(sen) (op afspraak) af te halen op de begraafplaats, binnen twee weken nadat de termijn is verlopen c.q. de bevestiging van afstand is verzonden. Indien de rechthebbende hier geen uitvoering aan geeft c.q. niets van zich laat horen, ook niet na een aangetekend schrijven, dan mag aangenomen worden dat hij/zij afstand doet van de asbus(sen). De beheerder is vervolgens gerechtigd de as te (laten) verstrooien op het strooiveld en de hiervoor vastgestelde leges aan de voormalige rechthebbende in rekening te brengen.
Hoofdstuk 8 Onderhoud
1.Het bestuursorgaan voorziet in het schoonhouden van de begraafplaatsen.
2.Iedere rechthebbende van een particulier graf, urnengraf of urnennis en iedere belanghebbende bij een algemeen graf, is jaarlijks een verplicht bedrag verschuldigd voor onderhoud, ongeacht de werkzaamheden die de rechthebbende of belanghebbende zelf uitvoert op of rondom het graf. De tarieven worden jaarlijks opnieuw vastgesteld door de gemeenteraad en vastgelegd in “de verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten”. Er is ook een mogelijkheid tot afkoop van het onderhoud: betaling ineens van 10 x het jaarlijkse onderhoudsbedrag. Dit moet schriftelijk aangegeven worden door de rechthebbende. De jaarlijks verplichte onderhoudsbijdrage wordt op de gemeentelijke begraafplaats te Soesterberg gefaseerd ingevoerd, namelijk in geval van de uitgifte van een nieuw (urnen)graf of nieuwe urnennis, zodra er een bijzetting plaatsvindt in een bestaand graf, in geval van verlenging van het grafrecht óf bij overschrijving van het grafrecht.
3.De minimale onderhoudswerkzaamheden op de begraafplaatsen bestaan uit: een jaarlijkse algenreiniging van de monumenten en afdekplaten, snoeiwerkzaamheden, vier maal per jaar een schoffelronde rondom de graven waarvan twee maal met uitharken (inclusief de graven) en het onderhoud van de paden en gebouwen.
Hoofdstuk 9 Tijdelijke grafbedekking
1.Tijdelijke grafbedekking voor kindergraf, algemeen graf, particulier graf en urnengraf;
•De lengte en breedte van een bordje mag maximaal 20 x 30 cm bedragen. Dit bordje dient te worden geplaatst op een paaltje, deze mag maximaal 30 cm boven het maaiveld uitsteken;
•Op het bordje mag naam, geboortedatum en overlijdensdatum vermeld worden;
•De materialen die zijn toegestaan zijn kunststof, metaal en hardhout;
•De dikte van het bordje met als materiaal kunststof of metaal moet een dikte hebben van minimaal 2 mm. Het bordje met als materiaal hardhout moet een dikte hebben van minimaal 2 cm en maximaal 3 cm;
2.Tevens is het toegestaan als tijdelijke grafbedekking een kunststofdoek met fotoprint te plaatsen;
•De afmeting van de kunststofdoek op een particulier graf mag maximaal 200 x 100 cm (lxb) bedragen;
•Voor een (particulier) kindergraf mag de afmeting van het kunststofdoek maximaal 150 x 100 cm (lxb) bedragen;
•Voor een algemeen graf mag de afmeting van de kunststofdoek maximaal 60 x 100 cm (lxb) bedragen;
•Voor een urnengraf mag de afmeting van het kunststofdoek:
•maximaal 100 x 100 cm bedragen (alléén voor de urnengraven op de begraafplaats te Soesterberg en voor de urnengraven te Soest in vak 8 nummer 1 tot 52 en de urnengraven in vak 1 nummer 1 tot 27);
•maximaal 80 x 80 cm bedragen voor alle overige urnengraven.
•Het kunststofdoek dient bevestigd te worden door haringen op de hoeken van het doek.
3.Het vermelden van een firmanaam of enige andere reclame op een tijdelijk gedenkteken of een onderdeel daarvan is verboden.
4.Het plaatsen van een tijdelijk monument is voor rekening en risico van de belanghebbende c.q. de rechthebbende.
5.De tijdelijke grafbedekking mag voor een periode van maximaal 12 maanden aaneengesloten geplaatst worden. Na het verlopen van die periode kan het personeel van de begraafplaats het tijdelijke monument verwijderen. Van het verwijderen wordt u vooraf niet in kennis gesteld. Als de belanghebbende c.q. de rechthebbende het tijdelijke monument wil behouden, dient deze er zelf voor te zorgen, dat het tijdelijke monument vóór het verlopen van de periode van 12 maanden is verwijderd.
Hoofdstuk 10 Permanente grafbedekking
Procedure
1.De steenhouwer/ontwerper dient de ontwerptekening minimaal 4 weken voor plaatsing van het monument aan de begraafplaatsadministratie te sturen (gemeente Soest, afdeling Dienstverlening, postbus 2000, 3760 CA te Soest of digitaal naar begraafplaatsadministratie@soest.nl). Op de ontwerptekening dienen tenminste de navolgende gegevens vermeld te worden:
•het grafnummer en de naam van de rechthebbende;
•een boven-, voor en zijaanzicht met alle lengte-, breedte-, dikte- en hoogtematen;
•de soort, kleur en bewerking van het te gebruiken duurzame materiaal;
•het materiaal van de letters en de wijze van aanbrengen;
•de tekst en de plaats van de figuratie(s);
•de situering van het monument binnen de grafruimte;
•omschrijving van de fundering: gewapend beton, afmeting, aangebrachte openingen t.b.v. beplanting en wijze en plaats van bevestiging van het gedenkteken (door middel van doken of in geval van een glazen monument met behulp van bevestigingsklemmen met rubberringen).
2.Indien het ontwerp niet voldoet aan de gestelde regels, zal de administratie het originele ontwerp retour zenden, met op- en/of aanmerkingen;
3.Minimaal twee dagen voordat de steenhouwer/ontwerper daadwerkelijk tot plaatsing wenst over te gaan, maakt hij/zij (telefonisch) een afspraak met de opzichter (tel. 035-6026297 of 06-51988997). Het plaatsen van de gedenktekens dient plaats te vinden op werkdagen van maandag t/m vrijdag van 08.30 uur tot 15.00 uur.
4.Bij aanvang van de daadwerkelijke plaatsing dient de steenhouwer/ontwerper zich eerst te melden - met de ontwerptekening - bij de opzichter;
5.Nadat het monument geplaatst is, dient de steenhouwer zich weer af te melden bij de opzichter, zodat de opzichter een eindcontrole kan uitvoeren.
Fundering en maatvoering:
6.Alle delen van een gedenkteken, de liggende en de staande, door randen of banden omsloten, dienen te zijn aangebracht op - en bevestigd aan - een fundering van gewapend beton.
7.Hieronder worden de beleidsregels voor de grafbedekking van (urnen-)graven en de afdekplaat voor een urnennis, puntsgewijs weergegeven. Aan deze vereisten moet het plaatsen en de uitvoering van de grafbedekking c.q. de afdekplaat voldoen. Er is een meldingsplicht vóór dat het monument c.q. de afdekplaat geplaatst wordt én een afmeldingplicht zodra het monument daadwerkelijk geplaatst is.
a.Algemeen graf (beschikbare oppervlakte, lengte x breedte: 60 x 80 cm):
•De lengte en breedte van een tegel/letterplaat op een algemeen graf, mag maximaal 60 cm x 50 cm bedragen met een dikte van minimaal 5 cm. Deze tegel of letterplaat dient te worden geplaatst op een zogenaamde “lessenaar”;
•Indien men een kei of beeldje wenst te plaatsen op een algemeen graf, mag die kei/het beeldje niet de afmetingen van 60 cm x 50 cm x 50 cm (lengte x breedte x hoogte) overschrijden. De kei/het beeldje moet geplaatst worden op een fundering van gewapend beton, afmeting 60 cm lang, 1 meter breed en 5 cm dik;
b.Particulier graf (beschikbare oppervlakte, lengte x breedte: 200 x 100 cm):
•De lengte, breedte en hoogte van een gedenkteken mag maximaal 200 x 100 x 100 cm bedragen;
•Ter zake de fundering van de grafbedekking: Er moet gewapend beton gebruikt worden met een dikte van 5 cm. Men kan kiezen voor een betonnen fundering onder de gehele oppervlakte van het graf, zodat men eventueel grind of split op het graf kan leggen. Het grind/split dient dan omrand te worden en die omranding van het graf dient ook weer aan de fundering bevestigd te worden. Men kan ook kiezen voor een raamwerk van gewapend beton (5 cm dik), zodat het eventueel mogelijk is om plantjes in de grond op het graf te plaatsen. Indien men uitsluitend een staand monument (letterplaat) wenst te plaatsen, moet er ook een fundering van gewapend beton onder dat monument geplaatst worden met de verplichte afmeting van minimaal 30 x 100 x 5 cm (lengte x breedte x dikte);
•Wil men een zuil plaatsen, dan moet deze ook geplaatst worden op een fundering van gewapend beton met de verplichte afmeting van minimaal 30 x 100 x 5 cm (lengte x breedte x dikte). Een zuil met daarop een ornament mag de hoogte van 125 cm niet overschrijden.
•De afmetingen van een staande letterplaat bedragen maximaal 100 x 100 cm (bxh).
•De dikte van een staand gedenkteken (letterplaat) moet tenminste 5 cm bedragen, tenzij het monument van blank float glas wordt gemaakt of gefused artglas, dan wordt de minimale dikte van 15 mm gehanteerd;
•Banden en/of randen dienen tenminste 5 cm dik te zijn. Afdekplaten dienen tenminste 3 cm dik te zijn.
•De dikte van een liggend gedenkteken (zerk) op een particulier graf moet tenminste 8 cm bedragen.
c.Urnengraf (beschikbare oppervlakte, lengte x breedte: 80 cm x 80 cm of 100 cm x 100 cm):
•De op de begraafplaats in Soest gelegen urnengraven in vak 8 nummer 1 tot 52 en de urnengraven in vak 1 nummer 1 tot 27 hebben een afmeting van 100 x 100 cm. De overige urnengraven hebben een afmeting van 80 x 80 cm.
•De op de begraafplaats in Soesterberg gelegen urnengraven hebben een afmeting van 100 x 100 cm.
•De lengte, breedte en hoogte van een gedenkteken op de urnengraven met een afmeting van 100 x 100 cm mogen ten hoogste 100 x 100 x 70 cm bedragen, gefundeerd op gewapend beton van 100 x 100 cm en 5 cm dik;
•De lengte, breedte en hoogte van een gedenkteken op de urnengraven met een afmeting van 80 x 80 cm mogen ten hoogste 80 x 80 x 50 cm bedragen, gefundeerd op gewapend beton van 80 x 80 cm en 5 cm dik;
•De dikte van een gedenkteken moet tenminste 5 cm bedragen, tenzij het monument van blank float glas wordt gemaakt óf gefused artglas, dan wordt de minimale dikte van 15 mm gehanteerd;
d.Kindergraf (beschikbare oppervlakte, lengte x breedte: 150 cm x 100 cm):
•De lengte, breedte en hoogte van een gedenkteken mogen maximaal 150 x 100 x 100 cm bedragen;
•De grafbedekking moet gefundeerd worden door gewapend beton met een dikte van minimaal 5 cm. Indien men uitsluitend een staand monument (letterplaat) plaatst, dan moet de minimale afmeting van de betonnen fundering 30 cm lang en 100 cm breed zijn.
•De dikte van een staand gedenkteken moet tenminste 5 cm bedragen, tenzij het monument van blank floatglas wordt gemaakt óf gefused artglas, dan wordt de minimale dikte van 15 mm gehanteerd;
•De dikte van een liggend gedenkteken (zerk) op een kindergraf moet tenminste 8 cm bedragen;
e.Urnennis (in de gemetselde urnenmuren):
De afdekplaat voor een urnennis moet voldoen aan de navolgende normen:
•Afmeting 40 x 40 x 2 cm (lengte x breedte x dikte);
•Materiaal uitsluitend van (vorstbestendig) natuursteen;
•De bevestigingsgaten die dienen voor de bevestiging van bouten, maat M 10, zitten op 4 cm vanaf de zijkanten (diagonaal ± 5,5 cm).
f.Urnennis (in columbaria of solitair):
•De gemeente levert uitsluitend voor deze urnennissen de afdekplaat. Het is niet toegestaan om een andere afdekplaat, dan de standaardexemplaren, te (laten) plaatsen. Deze afdekplaat dient bij een erkende steenhouwer te worden gegraveerd, binnen de vastgestelde kaders.
•Men kan een bloemenvaasje of lantaarntje bestellen bij het reserveren van een urnennis in de columbaria. Het is niet toegestaan andere dan het bij de gemeente te verkrijgen bloemenvaasje of lantaarntje te (laten) monteren.
•Men kan een lantaarntje bestellen bij het reserveren van een solitaire urnennis. Het is niet toegestaan andere dan het bij de gemeente te verkrijgen lantaarntje te (laten) monteren.
Nadere regels grafbedekking:
8.Staande gedenktekens moeten zijn verankerd op het voetstuk, de grondplaat, de rand of de fundering én van doken voorzien. Glazen monumenten dienen spanningsvrij gemonteerd te worden met behulp van bevestigingsklemmen met rubber;
9.Het maken en plaatsen van een gedenkteken moet op vakkundige wijze geschieden. Een glazen monument dient vervaardigd te worden door een daartoe gespecialiseerd bedrijf.
10.Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt. Uitsluitend het bestuursorgaan kan in uitzonderingsgevallen ontheffing verlenen voor de toepassing van andere materialen.
11.Direct na de bijzetting van een asbus in een urnennis, dient de nis afgesloten te worden door middel van plaatsing van de afdekplaat. Uitsluitend in het bijzijn van een medewerker van de begraafplaats wordt de afdekplaat bevestigd.
12.Het standaard gedenkplaatje (uitsluitend verkrijgbaar op het gemeentehuis) voor op de gedenkzuil op het strooiveld op de gemeentelijke begraafplaats te Soest, mag uitsluitend op de zuil bevestigd worden door een medewerker van de begraafplaats. Dit naamplaatje wordt na een periode van 10 jaar - zonder nadere kennisgeving vooraf - van de zuil verwijderd.
13.Achter op een grafmonument moet het grafnummer zichtbaar (categorie + vak + nummer) ter grootte van 4 cm gegraveerd worden.
14.Het vermelden van een firmanaam of enige andere reclame op een gedenkteken of een onderdeel daarvan is verboden.
15.Indien achteraf blijkt dat de geplaatste grafbedekking niet blijkt te voldoen aan de onderstaande regels, wordt de rechthebbende hierover middels een schrijven geïnformeerd en krijgt hij/zij een termijn van 3 maanden voor herstelwerkzaamheden. Indien hieraan uiteindelijk geen gehoor wordt gegeven, is de opzichter gerechtigd de grafbedekking te verwijderen en te vernietigen.
16.Het is niet toegestaan op een graf, óf voor óf naast de beplanting één of meerdere kantafzettingen aan te brengen, zonder fundering.
17.Een omranding van glas of een glazen dekplaat (de gehele oppervlakte van het graf bedekkend) moet met een flexibele lijmlaag direct op de fundering van gewapend beton te worden gelijmd.
18.Er mogen er geen losse voorwerpen op de graven worden geplaatst.
19.Het gebruik van voorwerpen en constructies die sterk onderhevig zijn aan weersinvloeden zijn niet toegestaan, als ook zaken die als kwetsend of aanstootgevend kunnen worden aangemerkt. Dit ter beoordeling door het bestuursorgaan.
20.Het is niet toegestaan om lampenolie te gebruiken voor een lampje op het graf.
21.Losse voorwerpen (bijv. vaasjes, bloemen, knuffelbeestjes) die zich op óf buiten de afmeting van het graf bevinden, worden, zonder mededeling vooraf, van gemeentewege verwijderd, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding of iets dergelijks verplicht is.
22.Zonder een fundering van gewapend beton is grind en split niet toegestaan.
23.Boomschors, houtsnippers en cacaodoppen zijn niet toegestaan.
24.Alle sporen van afval, ontstaan ten gevolge van werkzaamheden op het graf óf aan het gedenkteken, dienen van de begraafplaatsen te worden meegenomen óf op het gronddepot te worden gestort.
25.Indien een steenhouwer in opdracht van de rechthebbende de grafbedekking tijdelijk verwijdert, omdat er een bijzetting in dat graf moet plaatsvinden, dient de steenhouwer het monument mee te nemen. Er is geen (tijdelijke) opslagruimte op de begraafplaats.
26.Beschadigingen, ontstaan tengevolge van werkzaamheden op óf aan de gedenktekens, moeten worden gemeld aan de beheerder en in overeenstemming met hem worden hersteld.
27.De gemeente Soest sluit haar aansprakelijkheid uit, voor zover er schade ontstaat, als gevolg van het niet voldoen aan gestelde voorschriften.
28.Losse elementen van grafbedekkingen kunnen zonder voorafgaande waarschuwing verwijderd worden.
29.Alle kosten voor het plaatsen of aanbrengen, herstellen of vernieuwen van monumenten, grafstenen, zerken of andere gedenktekens of afsluitplaten, komen voor rekening en verantwoordelijkheid van de rechthebbende of de belanghebbende. Hieronder valt ook het herstel (ophoging) in geval van verzakking.
Hoofdstuk 11 Beplanting/bloemen
1.De oppervlakte van een particulier (kind)graf of urnengraf kan door de rechthebbende van het graf worden beplant met beplanting, die de voor het graf beschikbare oppervlakte (zie hoofdstuk 10, lid 7 b, c en d) niet overschrijden óf door snoeien binnen de oppervlakte kunnen worden gehouden. De gewassen mogen derhalve – in volle wasdom - de maximale hoogte van 1 meter en de breedte van het graf niet overschrijden. Indien dit toch gebeurt, kan de gemeente zonder toestemming van de rechthebbende en zonder enige aansprakelijkheidsstelling, de beplanting terugsnoeien;
2.De oppervlakte van een algemeen graf kan door de belanghebbende van het graf worden beplant met beplanting, die de beschikbare oppervlakte van 60 cm x 100 cm (lengte x breedte) niet overschrijden óf door snoeien binnen de oppervlakte kunnen worden gehouden. De gewassen mogen derhalve – in volle wasdom - de maximale hoogte van 50 cm en de breedte van het graf niet overschrijden. Indien dit toch gebeurt, kan de gemeente zonder toestemming van de rechthebbende en zonder enige aansprakelijkheidsstelling, de beplanting terugsnoeien;
3.Gewassen die buiten de afmetingen van het graf geplant worden, kunnen zonder mededeling vooraf van gemeentewege verwijderd worden, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is. Dit geldt ook voor afgestorven beplanting.
4.Bloemstukken die verwelkt zijn – naar beoordeling van de opzichter - kunnen van gemeentewege worden verwijderd.
Hoofdstuk 12 Ruimen van graven
1.De bij de ruiming van een graf aanwezige overblijfselen van lijken, worden begraven in een door het bestuursorgaan aangewezen gedeelte van de begraafplaats of dieper weggezet onder het graf.
2.Het bestuursorgaan kan de rechthebbende op een particulier graf toestemming verlenen om de overblijfselen van de overledenen, die zich bevinden in het graf waarop het uitsluitend recht betrekking heeft, te doen verzamelen om deze opnieuw in dezelfde ruimte te doen plaatsen, met het doel om één of meerdere graflagen vrij te maken (schudden). Hiervoor dient de rechthebbende een schriftelijke aanvraag te sturen aan: Gemeente Soest, afdeling Dienstverlening, postbus 2000, 3760 CA te Soest of digitaal naar begraafplaatsadministratie@soest.nl.
Hoofdstuk 13
Een exemplaar van de verordening en de beleidsregels wordt éénmalig aan de rechthebbende of belanghebbende, verstrekt. Tevens zijn de verordening en de beleidsregels via de internetpagina van de gemeente Soest in te zien.
Aldus vastgesteld door het bestuursorgaan in zijn vergadering van 10 juli 2014, onder de bepaling dat deze voorschriften per 1 juli 2014 in werking treden.
Burgemeester en wethouders van Soest,
Namens dezen,
de secretaris,
A.Veenstra
de burgemeester,
R.Metz
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-40512.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.