Inspraak Verordening Jeugdhulp

Het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen wil aan de gemeenteraad voorstellen een verordening jeugdhulp vast te stellen. Voordat dit gebeurt wordt gelegenheid gegeven tot het indienen van zienswijzen over de voorgenomen vaststelling.

Aanleidingen voor het opstellen van de verordening zijn:

  • 1.Deze verordening geeft uitvoering aan de Jeugdwet.

  • 2.Deze wet maakt onderdeel uit van de bestuurlijke en financiële decentralisatie naar gemeenten van de jeugdzorg, de jeugd-ggz, de zorg voor verstandelijk beperkte jeugdigen en de begeleiding en persoonlijke verzorging van jeugdigen.

  • 3.Daarnaast wordt met deze wet een omslag gemaakt van een stelsel gebaseerd op een wettelijk recht op zorg (aanspraak) naar een stelsel op basis van een voorzieningenplicht voor gemeenten (voorziening), op een wijze zoals eerder is gebeurd met de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

  • 4.Het wettelijke recht op jeugdzorg en individuele aanspraken op jeugdzorg worden hierbij vervangen door een voorzieningenplicht waarvan de aard en omvang in beginsel door de gemeente worden bepaald (maatwerk).

  • 5.Het doel van het jeugdzorgstelsel blijft echter onverminderd overeind: jeugdigen en ouders krijgen waar nodig tijdig bij hun situatie passende hulp, met als beoogd doel ervoor te zorgen de eigen kracht van de jongere en het zorgend en probleemoplossend vermogen van het gezin te versterken.

  • 6.De Jeugdwet schrijft in de artikelen 2.9, 2.10 en 2.12 voor dat de gemeenteraad per verordening in ieder geval regels opstelt:

    • over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige (jeugdhulp)voorzieningen;

    • met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning, de wijze van beoordeling van en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening;

    • over de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, werk en inkomen;

    • over de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld;

    • voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening of persoonsgebonden budget, alsmede van misbruik of oneigenlijke gebruik van de Jeugdwet;

    • over de wijze waarop ingezetenen worden betrokken bij de uitvoering van de Jeugdwet, en

    • ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit van jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, waar het college ten aanzien daarvan de uitvoering van de Jeugdwet door derden laat verrichten. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de toepasselijke arbeidsvoorwaarden.

Inzage en zienswijzen

Het ontwerp van verordening, met bijbehorende toelichting, is als bijlage bij deze bekendmaking digitaal in te zien. Ook kunt u van woensdag 2 juli tot en met dinsdag 12 augustus 2014 deze inzien bij de afdeling Publiek, Crackstraat 2 te Heerenveen.

In het kader van inspraak als bedoeld in de Inspraakverordening kan van 2 juli tot en met 12 augustus 2014 door ingezetenen en belanghebbenden naar keuze schriftelijk of mondeling een zienswijze op het ontwerp worden ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen, Postbus 15.000, 8440 GA Heerenveen.

Indien u een mondelinge zienswijze wilt geven kunt u gedurende voornoemde periode tot 19 juli en na 6 augustus 2014 contact opnemen met mevrouw E. Both, telefoon (0513) 617 528 of via gemeente@heerenveen.nl, onder vermelding van: bestemd voor mevrouw E. Both.

Vervolg op de inspraak

De gemeenteraad beoordeelt of de zienswijzen zullen leiden tot inhoudelijke aanpassing van de ontwerp verordening.

Van de inspraak zal een eindverslag worden opgemaakt. Het eindverslag bevat in elk geval een overzicht van de gevolgde inspraakprocedure, een weergave van de zienswijzen, die tijdens de inspraak mondeling of schriftelijk naar voren zijn gebracht en een reactie op deze zienswijzen, waarbij met redenen omkleed wordt aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van de verordening wordt overgegaan. De gemeenteraad en het college maken het eindverslag op de gebruikelijke wijze openbaar.

Na afloop van de inspraaktermijn zal de gemeenteraad de verordening vaststellen en bekendmaken.

Naar boven