Mandaatbesluit Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (DMO) 2014(3B, 2014, 39)

Onderwerp

Mandaatbesluit Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (DMO) 2014

Burgemeester en wethouders van Amsterdam

Overwegende dat:

  • voor de publiekrechtelijke taken van de Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (DMO) een aanvulling op het Algemeen Mandaatbesluit van 11 januari 2005, gewijzigd op 28 juni 2011, noodzakelijk is;

  • het college op 8 mei 2012 het Mandaatbesluit DMO 2012 heeft vastgesteld;

  • een actualisering van het mandaatbesluit van 2012 nodig is omdat:

    • -verschillende bijzondere subsidieregelingen inmiddels zijn ingetrokken of

herzien of geheel nieuw zijn ingevoerd;

-de gemeenteraad op 3 juli 2013 heeft besloten om de gemeentelijke taken op

het gebied van onderwijs per 1 januari 2014 geheel te centraliseren;

-de gemeenteraad op 18 december 2013 heeft besloten om de Algemene

Subsidieverordening Amsterdam 2012 ingaande 1 januari 2014 te vervangen

door de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013;

Brengen ter algemene kennis dat zij in hun vergadering van 4 maart 2014 het als volgt herziene Mandaatbesluit Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling 2014 met de onderstaande toelichting en bijlage hebben vastgesteld:

I. B e grenzing van het mandaat in hoofdlijnen

  • 1.Dit besluit verleent mandaat tot het nemen van bepaalde besluiten inzake verlening of afwijzing, beheer en vaststelling van subsidies, specifieke onderwijsverstrekkingen en verstrekkingen in natura en tot het verrichten van bepaalde feitelijke handelingen;

  • 2.Besluiten kunnen alleen worden genomen en feitelijke handelingen kunnen alleen worden verricht in overeenstemming met en binnen de kaders van:

    • -de beleidskaders en regels die de gemeenteraad heeft vastgesteld;

    • -de gemeentebegroting voor zover de volgnummers onder beheer van DMO zijn gesteld;

    • -de specifieke bepalingen sub II en III;

II. Bevoegdheden inzake besluiten

Binnen het sub I gestelde kader zijn de volgende bevoegdheden gemandateerd aan de directeur c.q. plaatsvervangend directeur van DMO:

1. Subsidie s op grond van bestuurlijke besluitvorming

Het nemen van de besluiten als genoemd in titel 4.2 (Subsidies) en 4.4.

(Bestuursrechtelijke geldschulden) van de Algemene wet bestuursrecht

(Awb) op grond van de Algemene subsidieverordening Amsterdam 2013

(ASA 2013) en eventueel een bijzondere subsidieregeling in de gevallen

dat:

-de ontvanger van een subsidie met een subsidiebedrag is vermeld in de

gemeentebegroting of;

-het college tot verstrekking van een subsidie heeft besloten;

2. Verplichte weigering van subsidie op grond van de ASA

Het weigeren van een subsidie op grond van artikel 9, eerste lid sub a en b

van de ASA 2013;

3. B ijzondere subsidieregelingen buiten het onderwijsdomein

Het nemen van de besluiten als genoemd in titel 4.2 en 4.4 van de Awb op

grond van de ASA 2013 en de volgende bijzondere subsidieregelingen:

  • a.Bijzondere subsidieverordening voor (aanpassing van) verenigings-accommodaties;

  • b.Bijzondere subsidieverordening buitenschools sportgebruik van

gymnastiekaccommodaties;

  • c.Bijzondere subsidieverordening aangepast sporten;

  • d.Subsidieverordening Amateurkunst Amsterdam 2006;

  • e.Subsidieregeling burgerschap en diversiteit;

4. H uisvesting primair onderwijs

Het nemen van de volgende besluiten op grond van de Verordening

huisvestingsvoorzieningen primair onderwijs Amsterdam 2014:

1° Het niet in behandeling nemen van een aanvraag indien de

aanvraag niet tijdig is ingediend, volgens artikel 5 tweede lid van de

verordening;

2° Het beslissen over het tijdstip van bekostiging, en over nieuwe feiten

en omstandigheden volgens artikel 12 derde lid van de verordening:

3° Het beslissen tot het verlengen van de termijn waarbinnen de

aanspraak op bekostiging kan worden behouden, volgens artikel 14

derde lid van de verordening;

4° Het beslissen tot het verlengen van de termijn waarbinnen de

aanspraak op bekostiging kan worden behouden, volgens artikel 20

tweede lid van de verordening;

5° Besluiten inzake aanvragen voor voorzieningen met een

spoedeisend karakter;

5. Hu isvesting voortgezet / speciaal onderwijs

A.Het nemen van de volgende besluiten op grond van de Verordening

huisvestingsvoorzieningen(voortgezet) speciaal onderwijs en voortgezet

onderwijs Amsterdam 2006:

1° het niet in behandeling nemen van een aanvraag indien de aanvraag

niet tijdig is ingediend als bedoeld in artikel 5 van die verordening;

2° de instemming met het bouwplan, de goedkeuring van de

desbetreffende begroting en het tijdstip waarop de bekostiging een

aanvang kan nemen als bedoeld in artikel 14, tweede lid van die

verordening;

3° het beslissen over het definitief beschikbaar te stellen bedrag voor

de uitvoering van de voorziening alsmede over het tijdstip waarop de

bekostiging een aanvang kan nemen als bedoeld in artikel 14,

zesde lid, en artikel 15 van die verordening;

4° het beslissen op het verzoek tot verlenging van de termijn als

bedoeld in artikel 16, derde lid en artikel 22, derde lid van die

verordening;

B.Het nemen van de volgende besluiten op grond van de Financiële

B. regeling huisvestingvoorzieningen (voortgezet) speciaal onderwijs en

B. voortgezet onderwijs 2008:

B. 1° de bevoorschotting van de door het college vastgestelde vergoeding

B. voor een huisvestingsvoorziening die geplaatst is op het door het

B. college vastgestelde huisvestingsprogramma, als bedoeld in artikelen

B. 4 en 5 van die regeling;

B. 2° het opschorten van de bevoorschotting van de vastgestelde

B. vergoeding als bedoeld in artikel 6 van die regeling;

B. 3° het vaststellen van de eindafrekening van de gerealiseerde

B. huisvestingsvoorziening, als bedoeld in artikel 8, vierde lid en artikel

B. 9, derde lid van die regeling;

B. 4° het terugvorderen van het onverschuldigd betaalde bedrag, als

B. bedoeld in artikel 8, vijfde lid en artikel 9 derde lid van die regeling;

6 . Lokaal Onderwijsbeleid

A.Het nemen van besluiten inzake voorzieningen zoals omschreven in

artikel 1 sub e en f van de Verordening op het Lokaal Onderwijsbeleid in

de gemeente Amsterdam met bijlagen en de overige specifieke regelingen

en beleidskaders op dat gebied, inbegrepen, voor zover het betreft

subsidies, de besluiten genoemd in titel 4.2. en 4.4 van de Awb, mede op

grond van de ASA 2013;

  • B.De sub A bedoelde regelingen en beleidskaders zijn:

  • -voorziening Kwaliteitsaanpak Basisonderwijs Amsterdam (KBA);

  • -Raadsbesluit nieuwe beoordelingskader inzake subsidieverlening

Kwaliteitsaanpak Basisonderwijs Amsterdam (KBA);

  • -voorziening Nieuwkomersonderwijs PO;

  • -voorziening Kwaliteitstrajecten Voortgezet Onderwijs (KVO);

  • -voorziening meer- en hoogbegaafdheid 2013-2014;

  • -Besluit Nadere Regels KVO bij de Verordening op het Lokaal

Onderwijsbeleid;

  • C.Het nemen van besluiten inzake voorzieningen zoals opgenomen in de

    Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid of de Verordening

    materiële en financiële gelijkstelling onderwijs van het desbetreffende

    stadsdeel als gespecificeerd in de bijlage die deel uitmaakt van dit

    mandaatbesluit;

    7 . V oor- en vroegschoolse educatie (VVE)

  • A.Het nemen van besluiten inzake subsidie als genoemd in titel 4.2 en 4.4

van de Awb op grond van de ASA 2013 en de bijzondere subsidieregelingen

VVE, voor zover deze besluiten zijn gericht op de uitvoering van de

beleidskaders VVE;

  • B.De sub A bedoelde subsidieregelingen en beleidskaders zijn:

  • -Subsidieregels VVE thuisprogramma’s en inzet hbo’ers;

  • -Subsidieregeling pilot peuterschool 2013 - 2014;

    . - Subsidieregeling individuele voorschoolplaatsen kindercentra 2014-2015;

  • -Kwaliteitskader Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) 2010-2014;

  • -Verordening kwaliteitseisen peuterspeelzalen en voorschoolse educatie 2014;

  • -Amsterdamse uitwerking van het bestuursakkoord VVE en extra leertijd jonge kinderen 2012-2015;

  • C.Het nemen van besluiten inzake subsidie als genoemd in titel 4.2 en 4.4

van de Awb op grond van de ASA 2013 en de bijzondere subsidieregelingen

VVE zoals opgenomen in de Verordening voorzieningen lokaal onderwijs-

beleid of de Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs van

het desbetreffende stadsdeel als gespecificeerd in de bijlage die deel

uitmaakt van dit mandaatbesluit;

D.Het nemen van besluiten inzake erkenning van een voor- of vroegschool of een intrekking daarvan, voor zover deze besluiten zijn gericht op de uitvoering van het Kwaliteitskader Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) 2010-2014 en de Verordening kwaliteitseisen peuterspeelzalen en voorschoolse educatie 2014;

8. Ontvangen subsidies en bijdragen

Het nemen van de besluiten als genoemd in titel 4.2 en 4.4 van de Awb

op grond van de ASA 2013 en eventueel een bijzondere subsidieregeling

in het geval DMO namens het college subsidie of een bijdrage heeft

ontvangen van een ander (internationaal) bestuursorgaan;

9. L eerling en vervoer

Het nemen van besluiten op grond van de Verordening

Leerlingenvervoer 2011;

1.Formulieren

Indien terzake sub II een mandaat is verleend, het vaststellen van een

formulier voor het indienen van een aanvraag en het verstrekken van

gegevens als bedoeld in artikel 4:4 van de Awb;

11. I ndieningsdatums

Indien terzake sub II een mandaat is verleend, het vaststellen van een

uiterste indieningsdatum voor zover deze datum niet is bepaald in de ASA

2013, een bijzondere verordening of een nadere regeling;

12. S ubsidieplafonds

Indien terzake sub II een mandaat is verleend, het vaststellen van een

subsidieplafond;

III. Bevoegdheden inzake f eitelijke handelingen

Binnen het sub I gestelde kader de directeur c.q. plaatsvervangend directeur van

DMO te machtigen tot het verrichten van feitelijke handelingen voor zover deze

voortvloeien uit de aan DMO opgedragen publiekrechtelijke taken en

werkzaamheden;

IV. Bevoegdheden inzake ondermandaat en ondermachtiging

D e directeur c.q. de plaatsvervangend directeur van DMO kan ten aanzien van

de bevoegdheden die hij krachtens dit mandaatbesluit kan uitoefenen,

ondermandaat of ondermachtiging verlenen aan door hem a an te wijzen

functionarissen van zijn dienst, met inachtneming van de door hem daarbij te

stellen voorwaarden;

V. Bevoegdheden inzake de o nderteken ing van stukken

In te stemmen met het voornemen van de burgemeester om het ondertekenen

van stukken die betrekking hebben op de sub II genoemde besluiten, of de sub

III genoemde feitelijke handelingen, op te dragen aan de directeur of de

plaatsvervangend directeur, of een door hem aangewezen ambtenaar;

VI. Slotbepalingen

1.Deze regeling kan worden aangehaald als het " Mandaatbesluit Dienst

Maatschappelijke Ontwikkeling 2014 ”;

  • 2.Dit besluit zal worden bekendgemaakt in afdeling 3B van het Gemeenteblad;

  • 3.Dit besluit treedt in werking op 1 maart 2014.

Burgemeester en wethouders voornoemd,

A.van Gils, secretaris E.E. van der Laan, burgemeester

Toelichting op het Mandaatbesluit Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling 2014

Inleiding

In het Algemeen Mandaatbesluit van 28 mei 2002 (laatstelijk gewijzigd op 28 juni 2011) is mandaat verleend aan alle directeuren van gemeentelijke diensten en bedrijven. De directeur krijgt daarmee een aantal bevoegdheden die nodig zijn om zijn taken zo goed mogelijk uit te voeren. DMO heeft echter een aantal bijzondere publiekrechtelijke taken, in het bijzonder op het gebied van subsidies en verstrekkingen in natura. Daarom is een specifiek mandaatbesluit voor DMO noodzakelijk.

Het Mandaatbesluit DMO regelt het mandaat voor uitsluitend uitvoeringsbesluiten. Dit zijn besluiten die binnen een bestuurlijk vastgesteld beleidskader worden genomen, waaronder het kader van de gemeentebegroting. Hiermee is tevens geborgd, dat het ambtelijk mandaat niet verder reikt dan de bevoegdheid tot subsidieverlening van het college, neergelegd in artikel 3 lid 1 van de Algemene Subsidieverordening Amsterdam ( ASA ).

Beleidskaders kennen verschillende verschijningsvormen, zoals een beleidsplan of

beleidsnota, een programma in de gemeentebegroting of een subsidieregeling van college of raad met uitgewerkte criteria voor het verlenen en afwijzen van subsidie. Ook een subsidieregeling zonder uitgewerkte criteria kan het benodigde beleidskader bieden, echter alleen in combinatie met bestuurlijke beleidslijnen die zijn bepaald in een programma, nota of plan. Bij twijfel of het vereiste beleidskader aanwezig is kan het voorgenomen besluit eerst worden voorgelegd aan de desbetreffende raadscommissie.

Er kunnen zich situaties voordoen waarin de gemandateerde geen gebruik zal maken van het verleende mandaat, bijvoorbeeld:

  • Bij besluiten die bestuurlijk gevoelig liggen of waarover onvoldoende eenduidigheid bestaat;

  • Als een schijn van persoonlijk belang van de gemandateerde bij het te nemen besluit kan ontstaan;

  • Als de besluitvorming ingewikkeld is, bijvoorbeeld omdat er afwijkende adviezen zijn van mede betrokken diensten;

  • Als er wordt voorgesteld om van de regels af te wijken, bijvoorbeeld door het toepassen van de hardheidsclausule.

In dergelijke gevallen zal de gemandateerde geen gebruik maken van het mandaat, maar zal het college zelf het besluit nemen.

Toelichting per artikel

Artikel I

Deze nieuwe bepalingen geven de begrenzing van het mandaat in hoofdlijn aan. Bij elk in mandaat te nemen besluit moet worden overwogen of het besluit binnen deze kaders kan worden genomen.

Artikel II lid 1

Uit artikel 4:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) volgt dat er een wettelijke grondslag moet bestaan voor het verstrekken van subsidies. In het derde lid van artikel 4:23 Awb wordt hierop een aantal uitzonderingen gemaakt. Een van de uitzonderingen is als de gemeentebegroting de subsidieontvanger vermeldt en het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden bepaald (artikel 4:23, derde lid, aanhef en onder c, van de Awb). Artikel II lid 1 van het mandaatbesluit heeft ondermeer betrekking op deze situatie. De raad kan in de begroting middelen reserveren ten behoeve van bepaalde (met naam genoemde of in categorieën aangeduide) subsidieontvangers. De gemeentebegroting bevat een overzicht van de begrote subsidies, de zogeheten subsidiestaat, maar mede bepaald door het beleidskader kunnen subsidies ook uit andere posten van de gemeentebegroting worden verleend.

De uitvoeringsbesluiten van artikel II lid 1 betreffen niet alleen de verlening en (gedeeltelijke) afwijzing van subsidies, maar ook de besluiten in het kader van het beheer en de vaststelling en afrekening van de subsidies, bijvoorbeeld het opleggen van verplichtingen aan de subsidieontvanger, de voorschotverlening, en alle zaken die daar bij horen. Uiteraard zijn de bepalingen van de ASA en de Awb hierbij van toepassing.

Artikel II lid 2

Deze bepaling is bedoeld voor situaties waarin op een subsidieaanvraag op grond van de ASA afwijzend moet worden besloten. Het artikel 9 eerste lid sub a van de ASA heeft betrekking op situaties waarbij een termijn wordt gesteld waarbinnen de aanvraag moet worden ingediend. Het artikel verwijst ook naar artikel 9 eerste lid sub b van de ASA. Het gaat daarbij om gevallen waarinop de begroting geen budget is gereserveerd voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd of de gereserveerde middelen zijn uitgeput. Het mandaat tot subsidieweigering geldt uiteraard alleen voor besluiten binnen het kader van artikel I van dit mandaatsbesluit.

Artikel II lid 3

Deze bepaling verleent binnen het kader van artikel I mandaat voor uitvoerings-beslissingen zoals het verlenen en weigeren van subsidie op grond van bijzondere subsidieverordeningen en nadere subsidieregelingen. In deze regelingen zijn de formele en veelal ook ( een deel van ) de inhoudelijke vereisten voor subsidie-verlening omschreven, met de voorwaarden waaraan een subsidieaanvraag moet voldoen.

Artikel II lid 4 t/m 7

Het betreft hier het mandaat voor uitvoeringsbesluiten in het kader van een aantal regelingen op onderwijsgebied, inbegrepen onderwijshuisvesting en voor- en vroeg-schoolse educatie (VVE), uiteraard alleen binnen het kader van artikel I van dit mandaatsbesluit.

Op dit gebied is als overgangssituatie nog een aantal regelingen per stadsdeel van kracht. Het mandaat voor de uitvoering van deze regelingen is opgenomen in artikel II lid 6-C en 7-C en de daarbij behorende bijlage.

Artikel II lid 8

Dit artikel voorziet in een mandaat voor de verdeling van middelen die de gemeente

ontvangt van een ander (internationaal) publiekrechtelijke bestuursorgaan. Hierbij kan

worden gedacht aan het rijk, aan provincies, maar ook aan Europese bestuurs-organen. Meestal moeten deze gelden onder dezelfde voorwaarden en verplichtingen die de geldverstrekker aan de gemeente heeft opgelegd worden verdeeld onder stadsdelen, scholen en lokale rechtspersonen. Ook bij dit soort subsidieverleningen is dus sprake van minimale beleidsruimte en ook hier betreft het in feite uitvoerings-besluiten. De gelden worden vaak in de loop van het begrotingsjaar ter beschikking gesteld en moeten direct worden aangewend voor activiteiten. Zij vallen dus buiten de reguliere begrotingssystematiek.

Artikel II lid 10

Deze bepaling verleent mandaat tot het vaststellen van formulieren in de zin van

Awb artikel 4:4 en ASA artikel 5. Bedacht moet worden, dat de bevoegdheid van het college en het ambtelijk mandaat tot het vaststellen van formulieren geen vrijbrief bieden tot het bij de gesubsidieerden opvragen van gegevens; de gegevens die moeten worden ingezonden zijn bepaald in of krachtens de ASA ( de artikelen 5, 10, 14 en 15 ) en een bijzondere subsidieregeling als die van toepassing is.

Artikel II lid 11

Deze bepaling verleent mandaat tot het vaststellen van een uiterste indieningsdatum

In de situaties dat de datum niet reeds is bepaald in de ASA of een bijzondere subsidieregeling.

Artikel II lid 12

Deze bepaling verleent mandaat tot het vaststellen van een subsidieplafond,

uiteraard alleen binnen het kader van artikel I van dit mandaatsbesluit.

Artikel III

De wet spreekt over handelingen van het bestuursorgaan die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn (art. 10:12 Awb). Het gaat in zijn algemeenheid om het uitvoeren en voorbereiden van besluiten en privaatrechtelijke rechtshandelingen. Te denken valt aan het aanvragen van een subsidie bij een internationaal bestuursorgaan, het sturen van brieven van informatieve aard aan burgers en instellingen (bijvoorbeeld een ontvangstbevestiging), het overleg voeren met instellingen en andere bestuursorganen, het afhandelen van klachten en het beheren van terreinen (Amsterdamse Bos); kortom alle handelingen die op een of andere wijze aan het college zijn toe te schrijven. Het betreft zaken die moeten worden afgehandeld door of voor het college, maar die geen rechtsgevolgen kennen.

bijlage

bij artikel II lid 6-C en lid 7-C van het Mandaatbesluit Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling 2014

PER STADSDEEL OP 31 DECEMBER 2013 GELDENDE REGELINGEN DIE VAN

1 JANUARI 2014 TOT 19 MAART 2014 IN MANDAAT WORDEN UITGEVOERD DOOR

DE STADSDELEN

  • -mandaatsbesluit onderwijs stadsdelen, B&W 17-12-2013

  • -intrekkingsbesluit verordeningen kwaliteitseisen speelzalen, gemeenteraad 22-1-2014

STADSDEEL CENTRUM

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs stadsdeel Amsterdam-Centrum 2007

Bijlage A.1

Basispakket cultuureducatie

Bijlage A2

Theoretisch verkeersexamen

Bijlage A3

Schoolzwemmen (basisonderwijs,

speciaal basisonderwijs en

speciaal onderwijs)

Bijlage A4

Schooltuinenwerk

Bijlage B I

Cultuurlessen op locatie

Bijlage B5

Extra personeel

Bijlage B6

Extra materieel

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs stadsdeel Amsterdam-Centrum 2007

Bijlage B5

Extra personeel

Beleidsregels Kwaliteit Peuterspeelzaalwerk

STADSDEEL NIEUW-WEST

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel Nieuw-West

Bijlage AI

Basispakket cultuureducatie

Bijlage AII

Theoretisch verkeersexamen

Bijlage AIII

Schoolzwemmen (basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs)

Bijlage AIV

Schooltuinenwerk

Bijlage AV

Maatregelen verbetering

energieverbruik en

binnenklimaat

Bijlage B II

Educatief Programma Natuur- en

Milieueducatie (NME)

Bijlage B VI

Ouderbetrokkenheid

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel Nieuw-West

Bijlage B VII

Coördinatieuren Vroegschoolse Educatie

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel Nieuw-West 2012

Nadere regels subsidieverlening 2014:

4 Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse educatie

STADSDEEL NOORD

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs stadsdeel Amsterdam-Noord 2007

Bijlage A1

Basispakket cultuureducatie

Bijlage A2

schooltuinwerk

Bijlage A3

Schoolzwemmen

(basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs)

Bijlage A5

Maatregelen verbetering

energieverbruik en

binnenklimaat

Bijlage B2

Vak leerkracht gymnastiek

Bijlage B3

Zelforganisatie schoolzwemmen

Bijlage B4

Minima zonder marge

Bijlage B4

Gewenningsbijdrage verzelfstandiging openbaar schoolbestuur

Bijlage B6

Geldexamen

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening Materiële en financiële gelijkstelling onderwijs stadsdeel Noord 2007

Bijlage B1

a& b

Faciliteren exploitatie en erkenning vroegschool (en vroegschoolvariant)

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel Noord 2012

Nadere regels subsidieverlening 2014:

4 Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse educatie

STADSDEEL OOST

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid Oost 2013

Bijlage AI

Basispakket cultuureducatie

Bijlage AII

Theoretisch verkeersexamen

Bijlage AIII

Schoolzwemmen

(basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs)

Bijlage AIV

Schooltuinenwerk

Bijlage BI

Natuur- en Milieueducatie

Bijlage BIII

Voorziening ondersteuning beleidskader JOOST / Uitvoeringsplan JOOST onderwijs:

•Cultuureducatie, flankerend aan basispakket cultuureducatie

•Vakleerkrachten Bewegingsonderwijs

Bijlage V

Tegemoetkoming exploitatiekosten schoolgebouwen

Bijlage VI

Maatregelen verbetering energieverbruik en binnenklimaat primair onderwijsgebouwen

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening, beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid Oost 2013

Bijlage IV

VVE/Voorschool: Ouderbetrokkenheid, exploitatiekosten ouderkamer (in het schoolgebouw gevestigde voorschool), coördinatie,scholing personeel.

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel Oost 2012

Nadere regels subsidies versterking Sociaal Domein (vastgesteld 11-6-2013):

Subsidieregeling Voor- en Vroegschoolse Educatie

STADSDEEL WEST

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel West 2013

Bijlage A1

Basispakket cultuureducatie

Bijlage A2

Schoolzwemmen

(basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs)

Bijlage A3

Schooltuinenwerk

Bijlage A5

Theoretisch verkeersexamen

Bijlage B2

Vakleerkrachten bewegingsonderwijs

Bijlage B5

Maatregelen frisse en energieke scholen

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening, beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel West 2013

Bijlage B6

Coördinatie VVE

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel West 2012

Nadere regels Subsidie Voor- en vroegschoolse educatie en ouderbetrokkenheid (VVE)

STADSDEEL ZUID

Onderwijs

Voorziening , beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel Zuid

Bijlage AI

Basispakket cultuureducatie

Bijlage AII

Theoretisch verkeersexamen

Bijlage AIII

Schoolzwemmen

(basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs)

Bijlage AIV

Schooltuinenwerk

Bijlage BIII

Coördinatie uren brede school en coördinatie uren Vroegschoolse Educatie

Bijlage BIIIa

Extra personeel bewegingsonderwijs (bewo), beeldende vorming (bevo) en een ondersteunend medewerker

Bijlage BIV

Extra materieel

Bijlage BV

Anne Frankkrant

Bijlage BVI

Minima zonder marge

Bijlage BVIII

Middelen in het kader van begeleiding van hoogbegaafde kinderen

Bijlage BIX

Eenmalige extra voorziening onderhoud schoolgebouwen

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel Oost 2012

Subsidieregeling Brede talentontwikkeling nieuwe stijl vastgesteld op 28-5-2013, voor zover het betreft artikel 3, aanhef en onder lid 5:

Activiteiten die bijdragen aan een succesvolle schoolloopbaan (in ieder geval huiswerkbegeleiding) voor de leeftijdsgroep 10-23 jaar.

Voor en vroegschoolse educatie

Voorziening, beleidsregel of nader regels

Verordening voorzieningen lokaal onderwijsbeleid stadsdeel West 2013

Bijlage BIII

Coördinatie uren brede school en coördinatie uren Vroegschoolse Educatie

Bijlage BVII

Bijscholing personeel Vroegschoolse Educatie en (onderwijs)materiaal Vroegschoolse Educatie

Algemene Subsidieverordening Amsterdam stadsdeel Zuid 2012

Nadere regels Subsidie Voor- en vroegschoolse educatie en ouderbetrokkenheid (VVE) vastgesteld 18-5-2013

STADSDEEL ZUID OOST

Verordening

Voorziening / taak

Beleidsregels of nadere regels

Verordening Materiële en Financiële gelijkstelling 2007

Basispakket Cultuureducatie

Theoretisch verkeersexamen

Schoolzwemmen – basisonderwijs

Schooltuinenwerk

Naar boven