komgrenzenbesluit Zuidtangent

Inleiding

Langs de Zuidtangent moeten enkele grenzen van de bebouwde kom worden aangeduid op locaties waar de bebording momenteel ontbreekt (bebouwde komgrens Hoofddorp bij bushalte Beukenhorst Oost en het Spaarne Ziekenhuis). Langs de Zuidtangent in Hoofddorp moeten twee nabijgelegen grenzen van de bebouwde kom worden verwijderd. Doordat het begin en het einde van de komgrens van Hoofddorp op de Zuidtangent ligt, resteert een gedeelte van 500m tussen het station Hoofddorp en de Parellaan dat buiten de bebouwde kom. Dit is gezien de omgeving en wegligging onwenselijk.

Maatregelen

Langs de Zuidtangent moeten de volgende grenzen van de bebouwde kom worden aangeduid:

a)komgrens Hoofddorp langs de Zuidtangent bij bushalte Beukenhorst Oost

Het aanduiden van de grens van de bebouwde kom Hoofddorp langs de Zuidtangent, op een locatie 20 meter ten oosten van de bushalte Beukenhorst Oost (richting de A4). Het (bus) verkeer op de Zuidtangentbaan betreedt hiermee Hoofddorp. Door het ontbreken van de bebouwde komgrensop de Zuidtangentbaan, rijdt het (bus)verkeer feitelijk nooit Hoofddorp in of uit.Met het plaatsen van de borden H1 en H2 RVV 1990 langs de Zuidtangent is de bebouwde kom van Hoofddorp gesloten.

De bebording staat aangegeven op de tekening met het nummer 2013-100-094.

b)komgrens Hoofddorp langs de Zuidtangent bij het Spaarne ziekenhuis

Het aanduiden van de grens van de bebouwde kom Hoofddorp langs de Zuidtangent bij het Spaarne Ziekenhuis, zover mogelijk richting het viaduct van de Driemerenweg. Het (bus) verkeer op de Zuidtangentbaan betreedt hiermee Hoofddorp. Door het ontbreken van de bebouwde komgrensop de Zuidtangentbaan, rijdt het (bus)verkeer feitelijk nooit Hoofddorp in of uit.Met het plaatsen van de borden H1 en H2 RVV 1990 langs de Zuidtangent is de bebouwde kom van Hoofddorp gesloten.

De exacte locatie voorhet begin en einde bebouwde kombord Hoofddorp is afhankelijk van de constructie van het viaduct. De bebording staat aangegeven op de tekening met het nummer 2013-100-088.

Langs de Zuidtangent wordende volgende grenzen van de bebouwde komingetrokken:

c)komgrens Hoofddorp langs de Zuidtangent bij de Parellaan

Het verwijderen van de borden die de grens van de bebouwde kom Hoofddorpaanduiden, langs de Zuidtangent op een locatie 65 m ten zuidoosten van de Parellaan en ter hoogte van het tankstation langs de Van Heuven Goedhartlaan.

d)komgrens Hoofddorp langs de Zuidtangent bij het station

Het verwijderen van borden die de grens van de bebouwde kom Hoofddorpaanduiden, langs de Zuidtangent op een locatie 100 meter voor/ten zuidwesten van de halte bij het treinstation Hoofddorp.

Door de combinatie van beide bebouwde komgrenzen, ligt de Zuidtangent over een stuk van ca. 500m buiten de bebouwde kom. Dit past niet in de stedelijke omgeving rond het station. Daarbij geldt er buiten de bebouwde kom een maximale toegestane snelheid van 80km/h, wat in een bocht met tunnel onder het spoor verkeersonveilig is. Gezien de omgeving en wegligging is het logischer en veiliger om het gehele traject van de Zuidtangent in Hoofddorp binnen de bebouwde kom te laten vallen. Met het verwijderen van de borden H1 en H2 RVV 1990 langs de Zuidtangenttussen de Parellaan en het station, is de bebouwde kom van Hoofddorp gesloten.

De te verwijderen bebording staat aangegeven op de tekening met het nummer 2013-100-093.

De komgrens wordt aangeduid met borden H1 en H2 als bedoeld in bijlage 1van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990.

Motivatie

Door het plaatsen van komgrensborden wordt aangeduid wanneer het (bus)verkeer de grens van de bebouwde kom passeert. Hiermee wordt het snelheidsregime en de voorrangsregeling bij het verlaten van de bushalte bepaald, passend bij de functie van de weg. In de huidige situatie is het onduidelijk wanneer de Zuidtangent de komgrens passeert. Voor een eenduidig wegbeeld is het van belang dat de situatie wordt aangepast en dat de ontbrekende komborden worden geplaatst en de komborden in de nabijheid van het station Hoofddorp worden verwijderd.

Voorbereiding

Het besluit wordt gepubliceerd in het elektronisch Gemeenteblad en ligt gedurende zes weken ter inzage. Gedurende deze termijn is het mogelijk voor belanghebbenden om bezwaar te maken tegen het besluit.

Met de hulpdiensten (brandweer, Connexxion en de politie) vindt overleg plaats in de Werkgroep Verkeer. Deze deelnemers aan de Werkgroep Verkeer kunnen instemmen met het voorstel.

Belangenafweging

Door het aanduiden en verwijderen van de bebouwde komgrenzen van Hoofddorp en Nieuw-Vennep worden geen belangen van weggebruikers onevenredig geschaad. De enige toegestane gebruikers zijn namelijk het busverkeer en de nood- en hulpdiensten.

De al bestaande verkeerssituatie wordt eenduidiger, zodat duidelijker is wanneer de Zuidtangent de grens van de bebouwde kom passeert. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid van weggebruikers (waaronder het Openbaar Vervoer) en passagiers.

Wettelijke eisen

Voor het vaststellen van de grens van de bebouwde kom dient volgens artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994 een besluit te worden genomen door de gemeenteraad. De gemeenteraad heeft op 24 maart 2005 (raadsvoorstel 3835) besloten de bevoegdheid tot het nemen van besluiten tot het vaststellen van de grenzen van de bebouwde kom over te dragen aan het college van Burgemeester en Wethouders.

Volgens artikel 23 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) dient het openbaar lichaam dat het beheer heeft over de weg of, indien geen openbaar lichaam het beheer heeft over de weg, de eigenaar van de weg te worden gehoord. De genoemde wegen zijn in eigendom en beheer bij de provincie Noord-Holland. Met de provincie heeft afstemming plaatsgevonden over de aanpassing van de komgrenzen.

Tevens dient bij het vaststellen of verplaatsen van de bebouwde kom overeenkomstig artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) overleg te worden gevoerd met de korpschef van de Nationale Politie. Dit heeft plaatsgevonden door het voorstel op 4 februari 2014 in de Werkgroep Verkeer te bespreken, waarin de korpschef gemachtigde medewerker verkeersadvisering vertegenwoordigd is. De politie stemt in met het voorstel.

Op besluiten tot het plaatsen en verplaatsen van de bebouwde kom is de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing. De Awb vereist zorgvuldigheid en belangenafweging bij de totstandkoming van besluiten.

Richtlijnen vaststellen grenzen bebouwde kom

De ASVV geeft voor het aanduiden van komgrenzen de volgende richtlijnen:

  • -de functie van de bebouwing (woon- of centrumfunctie, gecombineerd met voorzieningen of kleine bedrijven);

  • -de dichtheid van de bebouwing (minimaal 30% bebouwd per 100 meter);

  • -de minimale lengte van de bebouwde kom (minimaal 400 meter)

  • -de afstand van de huizen tot aan wegas (niet meer dan drie keer de hoogte van de bebouwing);

Het uitgangspunt hierbij is dat de grens van de bebouwde kom herkenbaar moet zijn.

Wanneer er een nieuwe weg wordt aangelegd, dient een eventuele locatie waar het verkeer de grens van de bebouwde kom passeert te worden aangegeven met een komgrensbord (bord H1 en H2), voorzien van een plaatsnaamaanduiding. Op bestaande wegen is het gewenst dat de grens van de kom wordt verplaatst indien de bebouwingsdichtheid of de functie van de weg zodanig gewijzigd is dat de weg het karakter heeft van een weg die binnen de bebouwde kom ligt. Bij het vaststellen van de grenzen van de bebouwde kom worden de richtlijnen van de ASVV zoveel mogelijk gehanteerd.

In het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990(RVV) en het Besluit Administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) zijn regels gesteld waaraan de bebouwde komgrens moet voldoen.

In de uitvoeringsvoorschriften BABW is het volgende vermeld:

“De grens van de bebouwde kom, aangegeven door bord H1 en H2, wordt gekenmerkt door het begin van een langs de weg gelegen aaneengesloten bebouwing van zodanige omvang en dichtheid,dat een voor de weggebruiker duidelijk herkenbaar verschil in karakter van de wegomgeving aanwezig is met een buiten de bebouwde kom gelegen weg. Ter plaatse van de komgrens moet een zodanige wijziging van wegkenmerken voorkomen dat het verschil in karakter van de weg voor en na bord H1 of H2 aldaar zoveel mogelijk benadrukt wordt.”

Het vaststellen van de grens van de bebouwde kom is direct van invloed op:

a. de maximumsnelheid op wegen (Wegenverkeerswet/RVV);

b. de inrichtingseisenvan wegen (Wegenverkeerswet/RVV);

c. de geluidgrenswaarden van het wegverkeer (Wet geluidhinder);

Besluiten

  • 1.De volgende grenzen van de bebouwde kom aan te duiden door het plaatsen van borden H1 en H2 als bedoeld in bijlage 1van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990:

    • a)De grens van de bebouwde kom Hoofddorp, langs de Zuidtangent, op een locatie 20 meter ten oosten van de bushalte Beukenhorst Oost (richting de A4);

    • b)De grens van de bebouwde kom Hoofddorp, langs de Zuidtangent bij het Spaarne Ziekenhuis, zover mogelijk richting het viaduct van de Driemerenweg;

  • 2.De volgende grenzen van de bebouwde kom in te trekken door het verwijderen van borden H1 en H2 als bedoeld in bijlage 1van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990:

    • c)De grens van de bebouwde kom Hoofddorp, langs de Zuidtangent op een locatie 65 meter ten zuidoosten van de Parellaan en ter hoogte van het tankstation langs de Van Heuven Goedhartlaan;

    • d)De grens van de bebouwde kom Hoofddorp, langs de Zuidtangent op een locatie 100 meter voor/ten zuidoosten van de bushalte bij het treinstation Hoofddorp;

  • 3.Dit besluit ter openbare kennis te brengen in het elektronisch Gemeenteblad.

Datum: 4 maart 2014

De raad der gemeente Haarlemmermeer,

Namens hen,

Het college van Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer,

de secretaris,

drs. C.H.J. Brugman

de burgemeester,

drs. Th.L.N. Weterings

Bezwaar

Dit besluit is gepubliceerd op 20 maart 2014. Binnen zes weken na publicatie van dit besluit kan hiertegen, schriftelijk en gemotiveerd, bezwaar worden gemaakt bij het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer, het cluster Juridische Zaken van het team Ondersteuning, Postbus 250, 2130 AG Hoofddorp. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. Gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank te Haarlem, p/a Arrondissementsrechtbank Haarlem, sector Bestuursrecht Postbus 1621, 2003 BR Haarlem.

Ter inzage

Gedurende voornoemde termijn ligt het besluit, alsmede de tekening waarop de maatregelen staan aangegeven, voor een ieder ter inzage op werkdagen van 9.00 tot 13.00 uur in het Informatiecentrum van het raadhuis, Raadhuisplein 1 in Hoofddorp.

Naar boven