Gemeenteblad van Utrecht (Utr)
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht (Utr) | Gemeenteblad 2013, 3086 | Beleidsregels |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht (Utr) | Gemeenteblad 2013, 3086 | Beleidsregels |
Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht;
Overwegende dat dit reglement op basis van medebewind is opgesteld. Gelet op het bepaalde in artikelen 16 en 16c, Boek I Burgerlijk Wetboek en de artikelen 1 tot en met 4 van het Besluit burgerlijke stand 1994:
Besluiten:
Het reglement Burgerlijke Stand 2013 vast te stellen. Dit reglement bevat bepalingen ten aanzien van ambtenaren van de burgerlijke stand, de buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand, de aanwijzing van locaties als huis der gemeente en de openstelling van het bureau van de burgerlijke stand. Daarmee komt het bestaande reglement te vervallen.
Het reglement verstaat onder:
a.de wet: Boek 1 Burgerlijk Wetboek;
b.het besluit: Besluit burgerlijke stand 1994;
c.ambtenaar van de burgerlijke stand: de ambtenaar in dienst van de gemeente of van een andere gemeente als zodanig benoemd door het college (artikel 16, lid 2 Boek I Burgerlijk Wetboek;
d.buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand: een persoon die als zodanig is benoemd door het college (artikel 16, lid 3, Boek I Burgerlijk Wetboek);
e.IRM: de integraal resultaatverantwoordelijk manager;
f.gemeentehuis: alle gebouwen en de daaraan verbonden omsloten (buiten)ruimten dan wel de daarvoor in aanmerking komende vaartuigen die een ligplaats hebben aan de wal welke is aangeduid met een adres en die bij besluit van de raad, bij besluit van het college van burgemeester en wethouders dan wel bij besluit van de daartoe gemandateerde ambtenaar als zodanig zijn aangewezen;
g.rechtsfeit: onder het begrip rechtsfeit wordt in dit reglement verstaan: een huwelijk, een geregistreerd partnerschap of een omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk.
De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt voor een bij het benoemingsbesluit te bepalen periode benoemd. Deze periode betreft maximaal het tijdvak waarin de ambtenaar werkzaam is in gemeentedienst;
De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt voor een in het benoemingsbesluit te bepalen periode benoemd;
Raadsleden kunnen maximaal voor de periode dat zij raadslid zijn van de gemeente Utrecht tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand worden benoemd;
Burgemeester en wethouders kunnen maximaal voor de periode dat zij hun functie als burgemeester of wethouder van de gemeente Utrecht vervullen, tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand worden benoemd;
Tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand kunnen voor de totstandkoming van één enkel rechtsfeit in de gemeente Utrecht worden benoemd: (buitengewoon) ambtenaren van de burgerlijke stand die reeds in een andere gemeente zijn benoemd en wier benoeming en beëdiging nog niet is verlopen. Verzocht kan worden om een recente verklaring te overleggen, waaruit (het voortduren van) de benoeming en beëdiging blijkt.
De benoeming van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand in de zin van lid 5 van dit artikel geschiedt eerst nadat het bruidspaar of de partners de betrokken persoon hebben gekozen als buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand. Het schriftelijk of elektronisch verzoek hiertoe geschiedt onder vermelding van de namen en het adres van het bruidspaar of de partners, de dag, het tijdstip en het adres van de locatie, uiterlijk zes weken vóór de totstandkoming van het rechtsfeit aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Utrecht. Bij aanvraag dienen afschriften van de benoeming en beëdiging te worden overgelegd.
Benoemingen die hebben plaatsgevonden vóór de totstandkoming van dit Besluit worden geëerbiedigd.
Onverminderd hetgeen daarover in de wet is bepaald, verrichten de ambtenaren van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand hun wettelijke taken in het gemeentehuis;
Het college wijst ten behoeve van de totstandkoming van een rechtsfeit, gemeentehuizen aan met een daarvoor permanente bestemming;
Welke gemeentehuizen met een permanente bestemming ten behoeve van de totstandkoming van een rechtsfeit zijn aangewezen, blijkt uit het geldende aanwijzingsbesluit van het college;
Andere locaties binnen de gemeente kunnen ten behoeve van de totstandkoming van één enkel rechtsfeit worden aangewezen als huis der gemeente.
Een locatie die binnen een kalenderjaar ten minste vijf maal als huis der gemeente is aangewezen voor het voltrekken van één enkel rechtsfeit, kan worden aangewezen als permanente locatie.
Als gemeentehuis kunnen onder de volgende voorwaarden worden aangewezen:
a.gebouwen dan wel aan wal aangemeerde vaartuigen, waarvan de ligging is gerelateerd aan een formeel adres en waarvan het geheel geen strijd oplevert met de openbare orde of de goede zeden;
b.gebouwen en vaartuigen zoals onder a bedoeld, die voor de duur van de plechtigheid op eenvoudige wijze en openbaar toegankelijk zijn en;
c.gebouwen en vaartuigen zoals bedoeld onder a, die – mede gelet op de aanwezigheid van het aantal bruiloftsgasten - voldoen aan de bouwtechnische veiligheidseisen zoals onder meer gesteld door de brandweer.
a. aanwijzing van een locatie tot gemeentehuis voor eenmalig gebruik geschiedt eerst nadat de direct betrokkenen hebben gekozen voor de totstandkoming van een rechtsfeit in een locatie binnen de gemeentegrenzen anders dan bedoeld in artikel 3, tweede lid. Het schriftelijk of digitaal verzoek tot vastlegging van het rechtsfeit evenals de aanwijzing, geschiedt onder vermelding van de namen en het adres van het bruidspaar of de partners, de dag, het tijdstip en het adres van de locatie, uiterlijk zes weken vóór de totstandkoming van het rechtsfeit aan de ambtenaar van de burgerlijke stand.
De termijn van zes weken zoals genoemd in lid 2 kan, indien daar gewichtige redenen voor zijn, met inachtneming van de wet, worden verkort. De beslissing daarover ligt bij de ambtenaar van de burgerlijke stand;
De beheerder/eigenaar van de locatie stelt de locatie voor éénmalig gebruik voor de duur van de totstandkoming van het rechtsfeit om niet ter beschikking aan de gemeente. De wijze van gebruik tijdens de totstandkoming van het rechtsfeit wordt bepaald door de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand.
De ruimte van de aan te wijzen locatie dient naar behoren te zijn ingericht. Hieronder wordt ten minste verstaan:
a.de aanwezigheid van tafel en stoelen;
b.voldoende verlichting van de ceremonieruimte;
c.de aanwezigheid van een aparte ruimte voor de ambtenaar om zich te verkleden;
d.het voldoen aan de veiligheidsvereisten zoals bedoeld in de door de gemeente Utrecht gehanteerde "Overeenkomst Huwelijkslocatie";
Aanwijzing van een locatie tot gemeentehuis leidt niet tot enige gemeentelijke verantwoordelijkheid voor de inrichting, aankleding en verzorging van de locatie, noch voor schade aan derden;
Het niet voldoen aan de bepalingen van dit reglement kan een reden zijn om het rechtsfeit niet op de overeengekomen tijd en locatie tot stand te laten komen.
De IRM, is belast met de leiding en draagt zorg voor de verdeling van de werkzaamheden van de ambtenaren van de burgerlijke stand en van de buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand.
Het bureau van de burgerlijke stand is geopend op maandag tot en met vrijdag tijdens de uren waarin de dienst voor het publiek is geopend. Dit geldt voor zover deze dagen geen algemeen erkende of daarmee gelijkgestelde feestdagen zijn in de zin van artikel 3, eerste lid van de Algemene termijnenwet of overige, door het college danwel de IRM aan te wijzen dagen en uren. In bijzondere gevallen kan het college of de IRM besluiten om van de openingstijden af te wijken;
Onverminderd de bepalingen van de wet, dit reglement en de geldende overeenkomsten, kan de totstandkoming van een rechtsfeit op ieder tijdstip van de week plaatsvinden, tenzij die mogelijkheid reeds door andere belanghebbenden is vastgelegd of indien - naar het oordeel van de IRM - andere belangen waaronder het belang van de gemeentelijke organisatie begrepen, voorrang genieten. Een verzoek om vastlegging van een datum en tijdstip wordt eveneens afgewezen indien er voor het moment waarop het verzoek is gericht, geen locatie is aangewezen als gemeentehuis of indien aanwijzing van een gewenste locatie als gemeentehuis redelijkerwijs niet mogelijk is of indien er geen (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand beschikbaar is;
Kosteloze totstandkoming van een rechtsfeit vindt plaats op maandagen ten kantore van Burgerzaken om 10.00 uur en om 10.15 uur;
In de tijd dat de dienst voor het publiek is geopend, vinden werkzaamheden van de ambtenaar van de burgerlijke stand tevens plaats op afspraak. Belanghebbenden kunnen hiervoor schriftelijk, digitaal of door middel van telefonische vastlegging afspraken maken. Belanghebbenden die de afspraak niet tijdig nakomen, dienen een nieuwe afspraak te maken of gebruik te maken van de algemene openstelling van het bureau;
Op tijdig verzoek van een belanghebbende, gedaan aan het college dan wel aan de IRM, zal het bureau waar de ambtenaar van de burgerlijke stand zijn werkzaamheden uitoefent, worden geopend op zaterdag, zondag of op andere dagen dat het bureau is gesloten, indien de belanghebbende genoegzaam aantoont dat met de te verrichten werkzaamheden niet kan worden gewacht tot de eerstvolgende reguliere openstelling van het bureau.
De vergoeding aan regulier benoemde buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand vindt - voor zover er geen sprake is van een uitzondering, waaronder begrepen honoraire ambtenaren - plaats op basis van een arbeidsrechtelijke overeenkomst;
Ten aanzien van buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand, anders dan in het eerste lid genoemde reguliere buitengewoon ambtenaren, geldt dat een door het college of door een gemandateerde ambtenaar voor de totstandkoming van één enkel rechtsfeit benoemde buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand, geen recht geeft op vergoeding van gemeentewege.
1.Dit reglement kan worden aangehaald als Reglement burgerlijke stand van Utrecht 2013;
2.Bij dit reglement behoort de "Toelichting op het reglement burgerlijke stand van Utrecht 2013";
3.Dit reglement treedt in werking op de dag nadat het is bekendgemaakt;
4.Het reglement houdende bepalingen ten aanzien van de burgerlijke stand en de toelichting daarop met kenmerk: DBG 6129 vervalt met ingang van de dag van inwerkingtreding van dit reglement.
Utrecht, 12 november 2013
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
Secretaris, Burgemeester,
Toelichting op het reglement burgerlijke stand van Utrecht 2013
Inleiding
Het reglement burgerlijke stand heeft betrekking op de openingstijden van het bureau van de burgerlijke stand en de momenten waarop een huwelijk kan worden gesloten een partnerschap kan worden geregistreerd of een geregistreerd partnerschap kan worden omgezet in een huwelijk. Voorts heeft het reglement betrekking op het aanwijzen van locaties als huis der gemeente, speciaal voor het sluiten van huwelijken en het registreren van partnerschappen of het omzetten van een partnerschap in een huwelijk. In het reglement is als begrip voor de trits huwelijk, geregistreerd partnerschap of omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, gekozen voor het begrip "rechtsfeit". Daarmee wordt de veelvuldige herhaling in de uitgebreide tekst voorkomen. Het aanwijzen van een locatie als gemeentehuis kan op verzoek van het bruidspaar of van partijen die hun partnerschap willen registreren dan wel hun geregistreerd partnerschap willen omzetten in de rechtsvorm huwelijk, plaatsvinden. Het aanwijzen is echter wél aan grenzen gebonden.
Voorts stelt het reglement voorwaarden aan de benoemingen en werkzaamheden van ambtenaren van de burgerlijke stand en buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand. Benoeming, schorsing en ontslag van ambtenaren van de burgerlijke stand is in handen gelegd van burgemeester en wethouders (Wet van 14 oktober 1993 (Stb. 1993, nr. 555). Tevens is het college van burgemeester en wethouders het aangewezen orgaan dat regelend optreedt ten aanzien van het bureau en de ambtenaren van de burgerlijke stand. De ambtenaar van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand blijven op grond van de wet echter zelfstandig verantwoordelijk voor de inhoud van hun werkzaamheden. De wet bepaalt voorts dat burgemeester en wethouders een reglement burgerlijke stand dienen vast te stellen.
Dit artikel beschrijft de basisbegrippen uit het reglement. Met name wordt het onderscheid tussen de ambtenaar van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand expliciet gemaakt (artikel 16, Boek 1 Burgerlijke Wetboek).
In het verleden zijn besluiten tot aanwijzing van een locatie als gemeentehuis genomen door de raad. Deze bevoegdheid is bij Raadsbesluit van 5 augustus 2000, Gemeenteblad 2000, nr. 208, overgedragen aan het college. Bepaalde bevoegdheden zijn ondergemandateerd. De bestaande aanwijzingen worden geëerbiedigd. Utrecht heeft in het verleden gekozen voor een liberaal aanwijzingsregime in verband met de wens van de burger om een locatie waar het rechtsfeit zal moeten plaatsvinden, naar eigen inzicht en buiten de permanent aangewezen locaties, te mogen kiezen.
In dit artikel wordt aangegeven voor welke periode ambtenaren van de burgerlijke stand of buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand kunnen worden benoemd. Utrecht kent de mogelijkheid om een (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand die reeds in een andere gemeente is benoemd en welke benoeming (en hun beëdiging) niet is verlopen, te benoemen voor het voltrekken van één enkel rechtsfeit. Het beleid biedt dus geen ruimte voor personen die wensen te worden benoemd voor één enkel rechtsfeit, maar niet (meer) zijn benoemd en ook niet (meer) zijn beëdigd. Daarmee kan de kwaliteit van de werkzaamheden van de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand beter worden bewaakt. De Commissie voor Advies betreffende de Burgerlijke Staat en de Nationaliteit heeft in een Officiële Mededeling (OM 1/2001) geadviseerd om "in situaties waarin de ambtenaar of buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand zijn functie neerlegt of waarin zijn benoeming door tijdsverloop eindigt en betrokkene eerst op een later tijdstip opnieuw in die hoedanigheid benoemd wordt, waardoor er sprake is van een onderbreking in de uitoefening van zijn taken, ter gelegenheid van de nieuwe benoeming betrokkene opnieuw de eed of de belofte te laten afleggen".
Is er sprake van het benoemen voor één enkel rechtsfeit, dan kán de buitengewoon ambtenaar tevens worden benoemd door een besluit van de daartoe gemandateerd ambtenaar. Voorts wordt aangegeven dat benoemingen van ambtenaren en buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand die vóór de totstandkoming van het reglement hebben plaatsgevonden, worden geëerbiedigd. Tot slot heeft het college in het recente verleden vastgesteld dat aan de benoeming van bestuurders tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand, een termijn dient te worden gesteld. Daarmee kan de kwaliteit van de werkzaamheden beter worden bewaakt en kunnen onduidelijkheden omtrent de benoeming worden voorkomen.
Dit artikel geeft aan waar de ambtenaren van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand wettelijk hun taken dienen uit te oefenen.
Een gemeentehuis waarin de totstandkoming van een rechtsfeit plaats vindt, moet een bestendig karakter dragen en bestemd zijn voor permanent gebruik. Een circustent of een kermisattractie is daarom niet geschikt om als gemeentehuis aan te wijzen, evenals een luchtballon. Algemeen wordt aangenomen dat een schip dat verankert ligt aan een kade en voor het overige voldoet aan de eisen van de wet- en regelgeving (openbaar toegankelijk, veilig, het hebben van een formeel adres etc.) als gemeentehuis kan worden aangewezen. Bijvoorbeeld het huwen in een ommuurde tuin van een (land)huis is algemeen toegestaan. Echter is het tot stand komen van een rechtsfeit op de openbare weg, in een bos, park of in het veld niet toegestaan. Het kan immers niet als een huis der gemeente worden aangewezen. Ook bestaat daarmee de mogelijkheid dat de bevoegdheid van de ambtenaar van de burgerlijke stand niet is te bepalen (denk daarbij aan gemeentegrensgebieden waarbij de vraag zich zou kunnen voordoen welke ambtenaar van welke gemeente bevoegd zou zijn). In dat kader gaat het om het tot stand komen van het rechtsfeit en niet om de ceremonie die daarbij doorgaans plaatsvindt. Dat betekent bijvoorbeeld dat het formele gedeelte van het tot stand komen van een rechtsfeit in een "gemeentehuis" dient plaats te vinden en het verdere, ceremoniële gedeelte van de plechtigheid op een andere locatie zoals een varende boot of in het bos kan plaatsvinden.
Artikel 3 bepaalt verder, dat een locatie als gemeentehuis kan worden aangewezen voor de totstandkoming van één enkel rechtsfeit. Dat betekent wél dat, indien een formele plechtigheid op de dag waarop het aanwijzingsbesluit doelt, niet door kan gaan of doorgaat, de aanwijzing van de locatie als gemeentehuis vervalt. Er zal dan een nieuwe afspraak moeten worden gemaakt en een nieuw aanwijzingsbesluit moeten worden genomen.
Een rechtsfeit kan in principe slechts plaatsvinden in een gemeentehuis. Uitzonderingen daarop zijn wettelijk geregeld (bijvoorbeeld de dreiging dat één van de partners komt te overlijden, biedt de mogelijkheid om ook in een ziekenhuis het huwelijk te voltrekken of het partnerschap te registreren).
De gemeente wijst een locatie aan als gemeentehuis om daar een rechtsfeit tot stand te laten komen indien de locatie voldoet aan de eisen van veiligheid en openbaarheid. De locatiebeheerder/eigenaar is verantwoordelijk voor de veiligheid. Deze verantwoordelijkheid kan niet worden afgewenteld op de gemeente vanwege het enkele feit dat de gemeente de locatie tot huis der gemeente heeft aangewezen.
Bij veiligheid moet in casu worden gedacht aan een veilige bouwconstructie, maar ook aan brandveiligheid en goede toegangs- en vluchtwegen. Deze eisen dienen te worden gezien in het licht van het aantal bruidsgasten en de samenstelling van de groep met bijvoorbeeld de aanwezigheid van kinderen, ouderen, rolstoelgebruikers etc.
De totstandkoming van een rechtsfeit moet volgens de wet openbaar bijgewoond kunnen worden. Dat betekent dat iedereen die dat wil in principe de plechtigheid moet kunnen bijwonen. Omdat invulling van het begrip openbaarheid tot praktische problemen kan leiden omdat onvoorzien veel personen de plechtigheid willen bijwonen of indien bezoekers mogelijk de openbare orde verstoren, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand of de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand bepalen wie tot de plechtigheid wordt toegelaten.
Aanwijzen van een locatie tot gemeentehuis mag niet in strijd zijn met de openbare orde en goede zeden. Men kan dan denken aan het aanwijzen van een lijkenhuis op een begraafplaats als huis der gemeente om daar middernachtelijk een huwelijk te voltrekken.
Huwelijken, partnerschappen of de omzetting daarvan in een huwelijk mogen kerkelijk niet eerder worden ingezegend dan dat zij civielrechtelijk tot stand zijn gekomen. Het is niet verboden om gebedshuizen aan te wijzen als huis der gemeente, Er mag echter geen strijd bestaan met artikel 68 Boek 1 Burgerlijk Wetboek ("geen godsdienstige plechtigheden zullen mogen plaats hebben, voordat de partijen aan de bedienaar van de eredienst, zullen hebben doen blijken, dat het huwelijk ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand is voltrokken"). Er is dus geen belemmering om gebedshuizen die al dan niet hun functie als gebedshuis hebben verloren, aan te wijzen als huis der gemeente.
Om logistieke en organisatorische redenen dient de aanwijzing van een locatie als gemeentehuis voor de voltrekking van één enkel rechtsfeit, in relatie tot de afspraak om de totstandkoming van een rechtsfeit te regelen, tijdig (ten minste zes weken) vóór de datum schriftelijk te worden vastgelegd. Naast de benoeming en het aanwijzen van een locatie als huis der gemeente dient aan alle vereisten voor het aangaan van het rechtsfeit te zijn voldaan (waaronder een door de eigenaar/beheerder van de locatie ondertekende "Overeenkomst huwelijkslocatie", de terugontvangst hiervan neemt in de regel veel tijd in beslag.
Een aantal zaken behoort te worden geregeld die tijd en zorgvuldigheid vergen. Aan het vastleggen van een rechtsfeit ligt het onderzoek naar de juistheid van (persoons)gegevens ten grondslag. In bepaalde gevallen blijken aanstaande partners alsnog bepaalde (internationale) documenten te moeten aanleveren. De identiteit moet vaststaan en de personen moeten ook bevoegd zijn om een huwelijk aan te gaan of een partnerschap tot stand te laten komen. Bovendien moet een wettelijke wachttermijn van twee weken min een dag in acht worden genomen. Daarnaast dient een ambtenaar eventueel te worden benoemd en/ of te worden ingedeeld. Met name de indeling en de beschikbaarheid van (buitengewoon) ambtenaren van de burgerlijke stand vergt tijd vanwege vastgestelde inroostering en hun voorbereiding op het voltrekken van een rechtsfeit. In voorkomende gevallen dient een aanwijzingsbesluit te worden genomen. Tot slot moet duidelijk zijn dat de locatie geschikt dan wel beschikbaar is. In uitzonderlijke gevallen kan van de termijn worden afgeweken. De beoordeling ligt bij de ambtenaar van de burgerlijke stand omdat deze persoon het best inzicht heeft in de organisatorische situatie.
De gemeente heeft geen enkele verantwoordelijkheid voor eventuele schade of kosten die worden gemaakt vanwege het enkele feit dat de gemeente de locatie heeft aangewezen als huis der gemeente. De gemeente is ook niet verantwoordelijk voor de (kwaliteit, schade, schoonmaak of diefstal van de) inrichting van de locatie. Daarbij moet ook worden gedacht aan het strooien met rijst of bloemen en de aansprakelijkheidsvraag voor de gevolgen ervan als letselschade. Dat neemt echter niet weg dat de ambtenaar of buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand het formele gedeelte van de ceremonie naar eigen inzicht moet kunnen inrichten.
De verdeling van de werkzaamheden van de ambtenaren van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand is in handen van het college. Zij wijzen ingevolge artikel 2 van het Besluit burgerlijke stand 1994 de persoon aan die is belast met de leiding. Om praktische redenen en om adequaat te kunnen reageren op veranderingen, is de IRM aangewezen om de verdeling van de dagelijkse werkzaamheden van de burgerlijke stand te regelen.
In dit artikel wordt bepaald wanneer het bureau van de burgerlijke stand is geopend (een en ander is gebaseerd op het gestelde in artikel 16c, Boek 1 Burgerlijk Wetboek).
Het artikel geeft naast een bepaling voor de reguliere dagelijkse openingstijden mogelijkheden weer om het bureau op buitengewone tijden open te stellen of om de openstelling juist te beperken. De aanwijzing geschiedt door het college of door de IRM. Dit geldt ook voor de tijdstippen waarop rechtsfeiten plaatsvinden. De werkzaamheden van de burgerlijke stand vinden ook plaats op afspraak. De afspraakmomenten vinden binnen de reguliere openingstijden plaats en hoeven daarom geen aparte regeling.
Het is niet de bedoeling om personen die door partijen zelf worden aangebracht om hun huwelijk te voltrekken of hun partnerschap te laten registreren dan wel om te zetten, te betalen voor hun honoraire diensten. Om duidelijkheid te scheppen in de regeling is het noodzakelijk om dit vast te leggen.
De noodzaak tot vastlegging geldt ook voor de vraag of de kosten voor het tot stand komen van een rechtsfeit niet gereduceerd kunnen worden nu partijen zelf een buitengewoon ambtenaar aanbrengen die voorts geen vergoeding krijgt voor zijn of haar diensten. Opgemerkt zij hier dat de leges met betrekking tot de totstandkoming van het rechtsfeit zijn gebaseerd op een totaal aan kosten die zijn oorsprong vindt in (de organisatie van) het totale instituut.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2013-3086.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.